Aanschrijving nr. 27 dd. 19.11.1975
AANSCHRIJVING 75/027
Aanschrijving nr. 27 dd. 19.11.1975
Facturering
Betaling van de belasting
Verplichtingen door de klant op zich genomen
Inleiding.
1. Bij verschillende aanschrijvingen en beslissingen werd, in bepaalde omstandigheden, aanvaard dat de factuur die de leverancier van het goed of de dienstverrichter in de regel aan zijn klant moet uitreiken (z. art. 1 van het kon. besl. nr. 1, van 23 juli 1969) wordt vervangen door een stuk opgemaakt door de koper van het goed of de afnemer van de dienst.
2. In enkele van die omstandigheden werd geen wijziging aangebracht aan de verplichting van de leverancier of dienstverrichter de belasting te betalen. Dit is onder meer het geval voor de belasting verschuldigd op de diensten van makelaars (z. aanschr. 89/1970 (Z. Revue nr. 1, blz. 30.) en 75/1972 (Z. Revue nr. 9, blz. 526.)), op de inkopen van bieten door suikerfabrieken bij landbouwers onderworpen aan de normale regeling van de belasting (z. aanschr. 123/1971) en op de inkopen van dierenhuiden bij slagers, na consignatie (verscheidene bijzondere beslissingen).
3. In andere omstandigheden brengt de op het stuk van de facturering toegestane afwijking eveneens een overdracht mee van de verplichting de belasting te betalen naar de koper van het goed of de afnemer van de dienst. Dit is zo voor de belasting verschuldigd op de inkopen van afval met ophaaldienst (z. aanschr. 86/1971 (Z. Revue nr. 3, blz. 348.), punt III), op het vervoer verricht door kleine schippers (z. aanschr. 109/1970 (Z. Revue nr. 1, blz. 67.) ) en op de aankopen van tweedehandse wagens door belastingplichtigen bij particulieren (z. aanschr 49/1971).
4. De ervaring opgedaan in dat domein sinds het begin van de toepassing van de BTW, heeft de administratie ertoe gebracht de toegestane afwijkingen te herzien en de toepassingsmodaliteiten ervan eenvormig te maken.
Onderwerp van de aanschrijving.
5. Deze aanschrijving bepaalt in welke omstandigheden en onder welke voorwaarden de koper van het goed of de afnemer van de dienst, ter ontlasting van de leverancier of dienstverrichter, wordt gemachtigd zelf het stuk op te maken dat de handeling vaststelt en somtijds de belasting te betalen.
6. Twee afwijkingen worden ingesteld.
Het eerste stelsel (z. nrs. 8 tot 11) laat alleen toe dat het stuk door de koper of afnemer wordt opgemaakt, en handhaaft de betaling van de belasting door de leverancier of dienstverrichter; het onderstelt dat die leverancier of dienstverrichter een belastingplichtige is gehouden tot het indienen van periodieke BTW-aangiften.
Het tweede stelsel (z. nrs. 12 tot 15), belast de koper of afnemer tegelijk met het opmaken van het stuk en met de betaling van de belasting aan de Staat.
7. De op het stuk van de facturering in beide stelsels toegestane afwijkingen hebben uiteraard tot doel de last van het opmaken van het stuk over te dragen op de klant, in toestanden waarin deze, beter dan zijn leverancier of dienstverrichter, in staat is om deze verplichting na te komen inzonderheid omdat hij in het algemeen eerder over de nodige elementen beschikt voor het opmaken van dat stuk.
De afwijkingen aan de wijze van betaling welke in het tweede stelsel zijn opgenomen hebben slechts betrekking op een gedeelte van de in het voorgaand lid bedoelde toestanden, met name op deze waarbij de betaling van de belasting door de leverancier of dienstverrichter op ernstige moeilijkheden stuit, in het bijzonder te wijten aan de occasionele aard van de bedoelde handelingen of aan het bestaan van een bijzondere regeling voor de leverancier of de dienstverrichter.
A. Eerste afwijkend stelsel : opmaken van het stuk door de koper of de afnemer, maar betaling van de belasting aan de Staat door de leverancier of de dienstverrichter.
Toepassingsvoorwaarden.
8. De koper of de afnemer die het eerste stelsel toepast moet :
a. een stuk (aankoopborderel, creditnota, commissienota, verkoop-afrekening, ...) opmaken in tweevoud, met de volgende vermeldingen: de datum waarop het stuk is opgemaakt, de benaming en het adres van de koper of afnemer en, eventueel, zijn BTW-registratienummer, de benaming en het adres van de leverancier of dienstverrichter, de maand waarin de belasting opeisbaar is geworden, de gebruikelijke benaming en de hoeveelheid van de goederen of de omschrijving van de dienst, de prijs, het tarief en het bedrag van de verschuldigde BTW of eventueel de oorzaak van vrijstelling;
b. op de twee exemplaren van het stuk de volgende vermelding plaatsen: "BTW te storten aan de Staat door de leverancier (of dienstverrichter)";
c. de twee exemplaren van het stuk aan de leverancier of de dienstverrichter overhandigen of sturen, met het verzoek hem een exemplaar terug te zenden na het te hebben aangevuld zoals bepaald onder nr. 9.
9. De leverancier van het goed of de dienstverrichter welke de twee exemplaren van het in nr. 8 bedoeld stuk ontvangt moet:
a. dat stuk inschrijven in zijn boek voor uitgaande facturen;
b. het bedrag van de handeling en dat van de verschuldigde belasting opnemen in zijn BTW-aangifte met betrekking tot de periode waarin de belasting opeisbaar is geworden (maatstaf van heffing: een van de vakken 01 tot 04; verschuldigde BTW: vak 11);
c. een exemplaar van het stuk bewaren, na het inschrijvingsnummer in zijn boek voor uitgaande facturen erop te hebben aangetekend;
d. het andere exemplaar voor akkoord ondertekenen, er de volgende vermelding, behoorlijk aangevuld, op aanbrengen : "Belastingplichtige onderworpen aan periodieke aangiften - BTW-registratienummer : ... Boek voor uitgaande facturen, inschrijvingsnr. " en het terug zenden naar de koper of afnemer.
10. De koper of afnemer moet het bovenbedoeld stuk inschrijven in zijn boek voor inkomende facturen. Hij mag de erin opgenomen BTW slechts aftrekken indien hij in het bezit is van het door de leverancier of dienstverrichter behoorlijk aangevuld exemplaar van het stuk.
Toepassingsgevallen.
11. Het eerste stelsel beschreven in de nrs. 8, 9 en 10, mag in de hierna aangeduide toestanden worden toegepast, voor zover de leverancier van het goed of de dienstverrichter een belastingplichtige is die een BTW-aangifteplichtige is :
a. in de betrekkingen tussen een commissionair-verkoper en zijn lastgever;
b. in de betrekkingen tussen een consignataris van goederen, die al dan niet commissionair is, en de consignant (z. ook het nr. 15, d, dat, voor de inkopen van ruwe dierenhuiden bij slagers in bepaalde gevallen eveneens toestaat een beroep te doen op het tweede afwijkend stelsel);
c. in de betrekkingen tussen de suikerfabrieken of de zuivelfabrieken en hun bieten- of melkleveranciers, wanneer deze laatsten onderworpen zijn aan de normale regeling van de belasting;
d. in de betrekkingen tussen een makelaar of lasthebber en de opdracht- of lastgever (z. ook het nr. 15, a, dat ook in dit geval toestaat een beroep te doen op het tweede afwijkend stelsel);
e. mits een bijzondere vergunning van de administratie werd bekomen, in andere gevallen waarin de naleving van de gewone factureringsmodaliteiten op ernstige moeilijkheden stuit.
B. Tweede afwijkend stelsel : opstelling van het stuk en betaling van de belasting door de koper of afnemer.
Toepassingsvoorwaarden.
12. De koper of de afnemer die het tweede stelsel toepast moet:
a. een stuk (aankoopborderel, creditnota, commissienota...) opmaken in tweevoud, met de volgende vermeldingen : de datum waarop het is opgemaakt, het inschrijvingsnummer in het boek voor inkomende facturen van de koper of afnemer, indien deze dat factuurboek moet houden, de benaming en het adres van de koper of afnemer en, eventueel, zijn BTW-registratienummer, de benaming en het adres van de leverancier of dienstverrichter, de maand waarin de belasting opeisbaar is geworden, de gebruikelijke benaming en de hoeveelheid van de goederen of de omschrijving van de dienst en de prijs;
b. op de twee exemplaren van het stuk de volgende vermelding plaatsen : "BTW voldaan door de koper (of afnemer)", en met een verwijzing naar deze aanschrijving of naar de in nr. 15, g, bedoelde bijzondere beslissing;
c. dat stuk eventueel inschrijven in zijn boekhouding (boeL; voor inkomende facturen);
d. de belasting voldoen op de volgende wijze:
e. een exemplaar van het stuk overhandigen aan de leverancier van het goed of de dienstverrichter.
13. Wanneer hij een belastingplichtige is gehouden tot het indienen van periodieke BTW-aangiften, mag de koper of afnemer de BTW die verschuldigd is op de handeling slechts aftrekken indien hij de verschuldigde belasting heeft opgenomen in zijn periodieke aangifte, maar hij mag de aftrek reeds uitoefenen in de aangifte zelf waarin hij die belasting heeft opgenomen.
14. De leverancier van het goed of de dienstverrichter die een exemplaar van het in nr. 12 bedoeld stuk ontvangt moet, wanneer hij een belastingplichtige is die een boekhouding moet voeren, dat stuk inschrijven in zijn boek voor uitgaande facturen. Wanneer hij een aangifteplichtige is moet hij evenwel de handelingen waarover het gaat niet opnemen in zijn aangiften
Toepassingsgevallen.
15. Het tweede stelsel, beschreven in de nrs. 12, 13 en 14, mag in de volgende toestanden worden toegepast:
a. in de betrekkingen tussen een makelaar of lasthebber en zijn opdracht- of lastgever;
b. in de betrekkingen tussen de wasserijen, ververijen, stomerijen of stoppage-inrichtingen, met hun depothouders die de regeling bedoeld bij de aanschrijvingen 31 (Z. Revue nr. 3, blz. 373.) en 45/1971 (Z. Revue nr. 3, blz. 375.) (z. ook de aanschr. nr. 28 (Z. deze Revue, blz. 71.) van heden) kunnen toepassen;
c. voor de aankopen van afval met ophaaldiensten bij slagers, restauranthouders en andere gelijkaardige leveranciers;
d. voor de aankopen van ruwe dierenhuiden bij slagers, door slagersverenigingen of andere kopers, na consignatie bij deze laatsten;
e. voor het vervoer door schippers die niet meer dan vijf boten exploiteren;
f. voor de aankopen van automobielen, jachten, plezierboten, privé-vliegtuigen, kampeerwagens en motorrijwielen, in gebruikte staat, door een belastingplichtige bij een niet belastingplichtige of bij een belastingplichtige die geen aangifteplichtige is;
g. mits een bijzondere vergunning van de administratie werd bekomen, in andere gevallen waarin de betaling van de belasting door de leverancier of dienstverrichter op ernstige moeilijkheden stuit.
C. Verscheidene bepalingen.
16. De koper of de afnemer die, bij toepassing van hetgeen voorafgaat, de keuze heeft tussen de twee stelsels voor de facturering en de betaling van de belasting met betrekking tot een bepaald type van handelingen (z. nrs. 11, b en d, en 15, a en d) mag slechts een enkel stelsel gebruiken voor al zijn handelingen van hetzelfde type.
17. Rekening houdend met de bij deze aanschrijving aangenomen oplossing voor de betaling van de belasting verschuldigd op de diensten van makelaars en lasthebbers (z. nrs. 11, d, en 15, a), worden de aanschrijvingen nr. 89 van 17 december 1970 (Z. Revue nr. 1, blz. 30.) en nr. 75 van 11 juli 1972 (Z. Revue nr. 9, blz. 526.), vanaf 1 januari 1976 opgeheven.
Ten aanzien van de belastingplichtigen die voor hun gewone beroepswerkzaamheid onder de regeling van de egalisatiebelasting (Wetboek, art. 56, § 2), of onder de bijzondere landbouwregeling (Wetboek, art. 57) vallen blijft aangenomen dat die bijzondere regelingen toepasselijk blijven wanneer zij bijkomend makelaarsverrichtingen uitvoeren voor rekening van een gewone belastingplichtige. De op het makelaarsloon verschuldigde belasting moet dan echter worden betaald; indien de opdrachtgever de werkwijze beschreven in het tweede stelsel hiervoor (z. nrs. 12, 13 en 14) niet toepast, moet de makelaar (kleine detaillist of landbouwondernemer) de belasting voldoen door het aanbrengen en onbruikbaar maken van gesplitste fiscale zegels, het bovendeel op een factuur, een debetnota of een kwitantie die aan de opdrachtgever wordt overhandigd, en het benedendeel op het dubbel van dat stuk dat door de belanghebbende wordt bewaard (z. voor de landbouwondernemers de aanschr. nr. 132/1971) (Z. Revue nr. 4, blz. 452.).
18. In de mate dat deze aanschrijving de toepassingsmodaliteiten van vroeger toegestane afwijkingen wijzigt is zij toepasselijk vanaf 1 januari 1976. Dit is het geval:
19. De aanschrijving nr. 49, van 1 april 1971, waarvan het laatste deel reeds werd vervangen door de aanschrijving nr. 114, van 6 december 1972 (Z. Revue nr. 11, blz. 149.), is ingetrokken.
Aanschrijving nr. 27 dd. 19.11.1975
Facturering
Betaling van de belasting
Verplichtingen door de klant op zich genomen
Inleiding.
1. Bij verschillende aanschrijvingen en beslissingen werd, in bepaalde omstandigheden, aanvaard dat de factuur die de leverancier van het goed of de dienstverrichter in de regel aan zijn klant moet uitreiken (z. art. 1 van het kon. besl. nr. 1, van 23 juli 1969) wordt vervangen door een stuk opgemaakt door de koper van het goed of de afnemer van de dienst.
2. In enkele van die omstandigheden werd geen wijziging aangebracht aan de verplichting van de leverancier of dienstverrichter de belasting te betalen. Dit is onder meer het geval voor de belasting verschuldigd op de diensten van makelaars (z. aanschr. 89/1970 (Z. Revue nr. 1, blz. 30.) en 75/1972 (Z. Revue nr. 9, blz. 526.)), op de inkopen van bieten door suikerfabrieken bij landbouwers onderworpen aan de normale regeling van de belasting (z. aanschr. 123/1971) en op de inkopen van dierenhuiden bij slagers, na consignatie (verscheidene bijzondere beslissingen).
3. In andere omstandigheden brengt de op het stuk van de facturering toegestane afwijking eveneens een overdracht mee van de verplichting de belasting te betalen naar de koper van het goed of de afnemer van de dienst. Dit is zo voor de belasting verschuldigd op de inkopen van afval met ophaaldienst (z. aanschr. 86/1971 (Z. Revue nr. 3, blz. 348.), punt III), op het vervoer verricht door kleine schippers (z. aanschr. 109/1970 (Z. Revue nr. 1, blz. 67.) ) en op de aankopen van tweedehandse wagens door belastingplichtigen bij particulieren (z. aanschr 49/1971).
4. De ervaring opgedaan in dat domein sinds het begin van de toepassing van de BTW, heeft de administratie ertoe gebracht de toegestane afwijkingen te herzien en de toepassingsmodaliteiten ervan eenvormig te maken.
Onderwerp van de aanschrijving.
5. Deze aanschrijving bepaalt in welke omstandigheden en onder welke voorwaarden de koper van het goed of de afnemer van de dienst, ter ontlasting van de leverancier of dienstverrichter, wordt gemachtigd zelf het stuk op te maken dat de handeling vaststelt en somtijds de belasting te betalen.
6. Twee afwijkingen worden ingesteld.
Het eerste stelsel (z. nrs. 8 tot 11) laat alleen toe dat het stuk door de koper of afnemer wordt opgemaakt, en handhaaft de betaling van de belasting door de leverancier of dienstverrichter; het onderstelt dat die leverancier of dienstverrichter een belastingplichtige is gehouden tot het indienen van periodieke BTW-aangiften.
Het tweede stelsel (z. nrs. 12 tot 15), belast de koper of afnemer tegelijk met het opmaken van het stuk en met de betaling van de belasting aan de Staat.
7. De op het stuk van de facturering in beide stelsels toegestane afwijkingen hebben uiteraard tot doel de last van het opmaken van het stuk over te dragen op de klant, in toestanden waarin deze, beter dan zijn leverancier of dienstverrichter, in staat is om deze verplichting na te komen inzonderheid omdat hij in het algemeen eerder over de nodige elementen beschikt voor het opmaken van dat stuk.
De afwijkingen aan de wijze van betaling welke in het tweede stelsel zijn opgenomen hebben slechts betrekking op een gedeelte van de in het voorgaand lid bedoelde toestanden, met name op deze waarbij de betaling van de belasting door de leverancier of dienstverrichter op ernstige moeilijkheden stuit, in het bijzonder te wijten aan de occasionele aard van de bedoelde handelingen of aan het bestaan van een bijzondere regeling voor de leverancier of de dienstverrichter.
A. Eerste afwijkend stelsel : opmaken van het stuk door de koper of de afnemer, maar betaling van de belasting aan de Staat door de leverancier of de dienstverrichter.
Toepassingsvoorwaarden.
8. De koper of de afnemer die het eerste stelsel toepast moet :
a. een stuk (aankoopborderel, creditnota, commissienota, verkoop-afrekening, ...) opmaken in tweevoud, met de volgende vermeldingen: de datum waarop het stuk is opgemaakt, de benaming en het adres van de koper of afnemer en, eventueel, zijn BTW-registratienummer, de benaming en het adres van de leverancier of dienstverrichter, de maand waarin de belasting opeisbaar is geworden, de gebruikelijke benaming en de hoeveelheid van de goederen of de omschrijving van de dienst, de prijs, het tarief en het bedrag van de verschuldigde BTW of eventueel de oorzaak van vrijstelling;
b. op de twee exemplaren van het stuk de volgende vermelding plaatsen: "BTW te storten aan de Staat door de leverancier (of dienstverrichter)";
c. de twee exemplaren van het stuk aan de leverancier of de dienstverrichter overhandigen of sturen, met het verzoek hem een exemplaar terug te zenden na het te hebben aangevuld zoals bepaald onder nr. 9.
9. De leverancier van het goed of de dienstverrichter welke de twee exemplaren van het in nr. 8 bedoeld stuk ontvangt moet:
a. dat stuk inschrijven in zijn boek voor uitgaande facturen;
b. het bedrag van de handeling en dat van de verschuldigde belasting opnemen in zijn BTW-aangifte met betrekking tot de periode waarin de belasting opeisbaar is geworden (maatstaf van heffing: een van de vakken 01 tot 04; verschuldigde BTW: vak 11);
c. een exemplaar van het stuk bewaren, na het inschrijvingsnummer in zijn boek voor uitgaande facturen erop te hebben aangetekend;
d. het andere exemplaar voor akkoord ondertekenen, er de volgende vermelding, behoorlijk aangevuld, op aanbrengen : "Belastingplichtige onderworpen aan periodieke aangiften - BTW-registratienummer : ... Boek voor uitgaande facturen, inschrijvingsnr. " en het terug zenden naar de koper of afnemer.
10. De koper of afnemer moet het bovenbedoeld stuk inschrijven in zijn boek voor inkomende facturen. Hij mag de erin opgenomen BTW slechts aftrekken indien hij in het bezit is van het door de leverancier of dienstverrichter behoorlijk aangevuld exemplaar van het stuk.
Toepassingsgevallen.
11. Het eerste stelsel beschreven in de nrs. 8, 9 en 10, mag in de hierna aangeduide toestanden worden toegepast, voor zover de leverancier van het goed of de dienstverrichter een belastingplichtige is die een BTW-aangifteplichtige is :
a. in de betrekkingen tussen een commissionair-verkoper en zijn lastgever;
b. in de betrekkingen tussen een consignataris van goederen, die al dan niet commissionair is, en de consignant (z. ook het nr. 15, d, dat, voor de inkopen van ruwe dierenhuiden bij slagers in bepaalde gevallen eveneens toestaat een beroep te doen op het tweede afwijkend stelsel);
c. in de betrekkingen tussen de suikerfabrieken of de zuivelfabrieken en hun bieten- of melkleveranciers, wanneer deze laatsten onderworpen zijn aan de normale regeling van de belasting;
d. in de betrekkingen tussen een makelaar of lasthebber en de opdracht- of lastgever (z. ook het nr. 15, a, dat ook in dit geval toestaat een beroep te doen op het tweede afwijkend stelsel);
e. mits een bijzondere vergunning van de administratie werd bekomen, in andere gevallen waarin de naleving van de gewone factureringsmodaliteiten op ernstige moeilijkheden stuit.
B. Tweede afwijkend stelsel : opstelling van het stuk en betaling van de belasting door de koper of afnemer.
Toepassingsvoorwaarden.
12. De koper of de afnemer die het tweede stelsel toepast moet:
a. een stuk (aankoopborderel, creditnota, commissienota...) opmaken in tweevoud, met de volgende vermeldingen : de datum waarop het is opgemaakt, het inschrijvingsnummer in het boek voor inkomende facturen van de koper of afnemer, indien deze dat factuurboek moet houden, de benaming en het adres van de koper of afnemer en, eventueel, zijn BTW-registratienummer, de benaming en het adres van de leverancier of dienstverrichter, de maand waarin de belasting opeisbaar is geworden, de gebruikelijke benaming en de hoeveelheid van de goederen of de omschrijving van de dienst en de prijs;
b. op de twee exemplaren van het stuk de volgende vermelding plaatsen : "BTW voldaan door de koper (of afnemer)", en met een verwijzing naar deze aanschrijving of naar de in nr. 15, g, bedoelde bijzondere beslissing;
c. dat stuk eventueel inschrijven in zijn boekhouding (boeL; voor inkomende facturen);
d. de belasting voldoen op de volgende wijze:
| 1° | indien hij een belastingplichtige is die een BTW-aangifteplichtige is : door deze belasting als verschuldigde belasting op te nemen in de herzieningen (kader V, a, van de maandaangifte of rubriek V van de kwartaalaangifte) van zijn BTW-aangifte met betrekking tot de periode waarin de belasting opeisbaar is geworden; |
| 2° | in het andere geval (koper of afnemer die niet aangifteplichtige is) door het aanbrengen en onbruikbaar maken van gesplitste fiscale zegels, het bovendeel op het stuk dat aan de leverancier of dienstverrichter wordt uitgereikt en het benedendeel op het exemplaar dat hij bewaart; |
13. Wanneer hij een belastingplichtige is gehouden tot het indienen van periodieke BTW-aangiften, mag de koper of afnemer de BTW die verschuldigd is op de handeling slechts aftrekken indien hij de verschuldigde belasting heeft opgenomen in zijn periodieke aangifte, maar hij mag de aftrek reeds uitoefenen in de aangifte zelf waarin hij die belasting heeft opgenomen.
14. De leverancier van het goed of de dienstverrichter die een exemplaar van het in nr. 12 bedoeld stuk ontvangt moet, wanneer hij een belastingplichtige is die een boekhouding moet voeren, dat stuk inschrijven in zijn boek voor uitgaande facturen. Wanneer hij een aangifteplichtige is moet hij evenwel de handelingen waarover het gaat niet opnemen in zijn aangiften
Toepassingsgevallen.
15. Het tweede stelsel, beschreven in de nrs. 12, 13 en 14, mag in de volgende toestanden worden toegepast:
a. in de betrekkingen tussen een makelaar of lasthebber en zijn opdracht- of lastgever;
b. in de betrekkingen tussen de wasserijen, ververijen, stomerijen of stoppage-inrichtingen, met hun depothouders die de regeling bedoeld bij de aanschrijvingen 31 (Z. Revue nr. 3, blz. 373.) en 45/1971 (Z. Revue nr. 3, blz. 375.) (z. ook de aanschr. nr. 28 (Z. deze Revue, blz. 71.) van heden) kunnen toepassen;
c. voor de aankopen van afval met ophaaldiensten bij slagers, restauranthouders en andere gelijkaardige leveranciers;
d. voor de aankopen van ruwe dierenhuiden bij slagers, door slagersverenigingen of andere kopers, na consignatie bij deze laatsten;
e. voor het vervoer door schippers die niet meer dan vijf boten exploiteren;
f. voor de aankopen van automobielen, jachten, plezierboten, privé-vliegtuigen, kampeerwagens en motorrijwielen, in gebruikte staat, door een belastingplichtige bij een niet belastingplichtige of bij een belastingplichtige die geen aangifteplichtige is;
g. mits een bijzondere vergunning van de administratie werd bekomen, in andere gevallen waarin de betaling van de belasting door de leverancier of dienstverrichter op ernstige moeilijkheden stuit.
C. Verscheidene bepalingen.
16. De koper of de afnemer die, bij toepassing van hetgeen voorafgaat, de keuze heeft tussen de twee stelsels voor de facturering en de betaling van de belasting met betrekking tot een bepaald type van handelingen (z. nrs. 11, b en d, en 15, a en d) mag slechts een enkel stelsel gebruiken voor al zijn handelingen van hetzelfde type.
17. Rekening houdend met de bij deze aanschrijving aangenomen oplossing voor de betaling van de belasting verschuldigd op de diensten van makelaars en lasthebbers (z. nrs. 11, d, en 15, a), worden de aanschrijvingen nr. 89 van 17 december 1970 (Z. Revue nr. 1, blz. 30.) en nr. 75 van 11 juli 1972 (Z. Revue nr. 9, blz. 526.), vanaf 1 januari 1976 opgeheven.
Ten aanzien van de belastingplichtigen die voor hun gewone beroepswerkzaamheid onder de regeling van de egalisatiebelasting (Wetboek, art. 56, § 2), of onder de bijzondere landbouwregeling (Wetboek, art. 57) vallen blijft aangenomen dat die bijzondere regelingen toepasselijk blijven wanneer zij bijkomend makelaarsverrichtingen uitvoeren voor rekening van een gewone belastingplichtige. De op het makelaarsloon verschuldigde belasting moet dan echter worden betaald; indien de opdrachtgever de werkwijze beschreven in het tweede stelsel hiervoor (z. nrs. 12, 13 en 14) niet toepast, moet de makelaar (kleine detaillist of landbouwondernemer) de belasting voldoen door het aanbrengen en onbruikbaar maken van gesplitste fiscale zegels, het bovendeel op een factuur, een debetnota of een kwitantie die aan de opdrachtgever wordt overhandigd, en het benedendeel op het dubbel van dat stuk dat door de belanghebbende wordt bewaard (z. voor de landbouwondernemers de aanschr. nr. 132/1971) (Z. Revue nr. 4, blz. 452.).
18. In de mate dat deze aanschrijving de toepassingsmodaliteiten van vroeger toegestane afwijkingen wijzigt is zij toepasselijk vanaf 1 januari 1976. Dit is het geval:
- ten aanzien van de aanschrijving 109/1970 (Z. Revue nr. 1, blz. 67.) (klanten van kleine schippers) voor het aanbrengen van gesplitste fiscale zegels (z. nr. 12, d, 2°, van deze aanschrijving) op het stuk dat aan de schipper wordt uitgereikt door zijn klant, wanneer deze laatste geen belastingplichtige is die BTW-aangifteplichtige is;
- wat punt 2 van de aanschrijving 123/1971 (aankopen door suikerfabrieken bij bietenplanters onderworpen aan de normale regeling van de belasting) betreft, voor de vermeldingen welke de suikerfabriek en de leveranciers op het stuk moeten aanbrengen (z. nrs. 8, b, en 9, d, van deze aanschrijving).
19. De aanschrijving nr. 49, van 1 april 1971, waarvan het laatste deel reeds werd vervangen door de aanschrijving nr. 114, van 6 december 1972 (Z. Revue nr. 11, blz. 149.), is ingetrokken.
Bron: FisconetPlus
