Circulaire nr. Ci.RH.241/542.243 dd. 12.07.2001

CIRC 12.07.01/1

Circulaire nr. Ci.RH.241/542.243 dd. 12.07.2001


Bull. nr. 818, pag. 1702

BEROEPSKOSTEN
Beroepswerkzaamheid in het buitenland
Forfait voor bijkomende beroepskosten
Forfaitaire beroepskosten
Loontrekker die in het buitenland werkt

BEZOLDIGING
Bezoldiging wegens een werkzaamheid in een land buiten Europa

BUITENLAND
Niet-rijksinwoner die in het buitenland werkt
Rijksinwoner die in het buitenland werkt


Richtlijnen i.v.m. het belastingstelsel van bezoldigingen voor een werkzaamheid in een land buiten Europa. Wijziging van de vaststelling van het bijkomend forfait voor bijzondere beroepskosten.

Aan alle ambtenaren van de niveaus 1, 2+, 2 en 3

I. ALGEMEEN

Deze circulaire heeft als doel de circulaire van 5 maart 1992, nr. Ci.RH.241/424.903, met betrekking tot het belastingstelsel van bezoldigingen voor een werkzaamheid in een land buiten Europa te wijzigen. Die wijzigingen hebben meer bepaald betrekking op de vaststelling van het bijkomend forfait voor bijzondere beroepskosten veroorzaakt door de tewerkstelling in het buitenland.

Het forfait dat momenteel op lineaire wijze wordt toegekend ten belope van 30 % van de bezoldiging (met een maximum van 450.000 BEF dat wordt bereikt wanneer de bezoldiging 1.500.000 BEF bedraagt) zal worden berekend aan de hand van 3 tarieven (45 %, 30 % en 15 %) die respectievelijk van toepassing zijn op de eerste drie schijven van 500.000 BEF van het bedrag van de bezoldiging.

II. WIJZIGINGEN

De nummers 30 en 34 (titel VI, A, 2 en 4) van de circulaire worden bijgevolg als volgt vervangen:

"30. 2. Vaststelling van de forfaitaire beroepskosten

a) het brutobedrag van de in nr. 29 bedoelde belastbare brutobezoldigingen verminderen met de verplichte Belgische en/of buitenlandse sociale lasten, zomede met de eventueel in het buitenland op de bezoldigingen betaalde belastingen;

b) op het sub a verkregen verschil vervolgens de gewone forfaitaire beroepskosten vermeld in art. 51, WIB 92 berekenen;

c) op datzelfde verschil een bijkomende aftrek toestaan voor bijzondere beroepskosten veroorzaakt door de tewerkstelling in het buitenland, berekend op de volgende manier:

45% op de eerste schijf van 500.000 BEF;
30% op de tweede schijf van 500.000 BEF;
15 % op de derde schijf van 500.000 BEF.



34.



Voor de toepassing van de bijkomende aftrek voor de bijzondere beroepskosten veroorzaakt door de tewerkstelling in het buitenland, zoals bepaald in nummer 30, c, moeten de belastbare vergoedingen voor uitzonderlijke kosten van verblijf en levensonderhoud in het buitenland (de eigenlijke huisvestingsvergoeding (1) uitgezonderd), die de werkgever - forfaitair of anders - aan de betrokkenen betaalt, in de belastbare grondslag worden opgenomen".

Zoals men kan vaststellen, blijft het maximumbedrag van 450.000 BEF, dat bereikt wordt wanneer de bezoldiging 1.500.000 BEF bedraagt, behouden.

III. INWERKINGTREDING

De nieuwe berekeningswijze is van toepassing vanaf het aanslagjaar 2001.

IV. AFWIJKINGEN

Sommige taxatiediensten hebben, in bepaalde dossiers, reeds afwijkingen toegestaan op de richtlijnen van de administratieve circulaire Ci.RH.241/424.903 van 5 maart 1992.

Indien aan een belastingplichtige reeds een dergelijke afwijking werd toegestaan die gunstiger is dan het nieuwe stelsel bepaald in deze circulaire, past het in het kader van behoorlijk bestuur, die afwijking voor het aanslagjaar 2001 te behouden, indien betrokkene er schriftelijk of mondeling om verzoekt.

V. OVERGANG NAAR DE EURO

Vanaf aanslagjaar 2002 zal het bedrag van iedere schijf van 500.000 BEF vervangen worden door 12.500 EUR.

Voor de Directeur-generaal:
De Directeur,

P.LEROY