Circulaire nr. AFZ/INTERN.IB/BANGLADESH 96-863 dd. 20.04.2000

CIRC 20.04.00/1

Circulaire nr. AFZ/INTERN.IB/BANGLADESH 96-863 dd. 20.04.2000


DUBBELBELASTINGVERDRAG
Bangladesh.


Onderrichtingen voor de toepassing van de Overeenkomst van 18 oktober 1990 tussen België en Bangladesh tot het vermijden van dubbele belastingen tot het voorkomen van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen.

Aan alle ambtenaren van de niveaus 1, 2 + en 2.

I. BELANGRIJKE DATA

Ondertekening van de Overeenkomst : 18 oktober 1990. Goedkeuring : Wet van 11 mei 1995. Publicatie : BS van 11 juni 1999 (V 2707- Bull. 796). Uitwisseling van de akten van bekrachtiging : 9 november 1997. Inwerkingtreding : 9 december 1997.

Toepassing in België : op alle belastingen met betrekking tot elk aanslagjaar dat aanvangt op of na 1 januari 1998.

II. ALGEMENE KENMERKEN

De Overeenkomst strekt voornamelijk ertoe dubbele belasting te vermijden terzake van bestaande en toekomstige belastingen naar het inkomen die voor rekening van elke overeenkomstsluitende Staat worden geheven.

Zij stelt daarnaast, volgens de gebruikelijke regels en met de gewone beperkingen, tussen de bevoegde autoriteiten van de beide Staten de uitwisseling in van inlichtingen die nodig zijn niet alleen voor de juiste toepassing van de bepalingen van de Overeenkomst, maar ook voor de toepassing van de bepalingen van de Belgische en de Bengaalse interne wetgeving met betrekking tot de in de Overeenkomst bedoelde belastingen (art. 26). De Overeenkomst voorziet evenwel niet in een wederzijdse administratieve bijstand voor de invordering van die belastingen.

De Overeenkomst vertoont een grote gelijkenis met de voorheen door België gesloten overeenkomsten. Bijgevolg worden alleen de voornaamste of specifieke bepalingen ervan hierna besproken.

III. VOORKOMING VAN DUBBELE BELASTING

1. Ondernemingswinst

A. Toewijzing van het recht van belastingheffing

Overeenkomstig de gebruikelijke regels mag winst van een onderneming van een overeenkomstsluitende Staat - niet zijnde een landbouw- of bosbedrijf (waarop art. 6 van toepassing is), noch een zeescheepvaart- of luchtvaartonderneming (waarop art. 8 van toepassing is) - in de andere Staat slechts worden belast in zoverre als zij aan een in die andere Staat gelegen vaste inrichting kan worden toegerekend (art. 7 § 1).

N.B. : In de Staat waar de vaste inrichting is gelegen, mogen enkel de kosten in mindering worden gebracht die de ondernemingen die inwoner zijn van die Staat, eveneens in mindering mogen brengen overeenkomstig het interne recht van die Staat (art. 7 § 3).

Winst uit de exploitatie van luchtvaartuigen in internationaal verkeer is slechts belastbaar in de overeenkomstsluitende Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen (art. 8 § 1). Winst afkomstig uit een overeenkomstsluitende Staat (bronstaat) en verkregen uit de exploitatie van schepen in internationaal verkeer door een onderneming die haar plaats van werkelijke leiding in de andere overeenkomstsluitende Staat heeft, mag in de bronstaat worden belast, maar de in die Staat geheven belasting wordt verminderd tot de helft (art. 8 § 2). Onder dergelijke "winst afkomstig uit een overeenkomstsluitende Staat" moet worden verstaan, winst uit het vervoer van passagiers, post, vee of goederen die in die Staat aan boord werden gebracht. Het voorafgaande stelsel is ook van toepassing op winst verkregen uit de deelneming in een pool, een gemeenschappelijk bedrijf of een internationaal bedrijfslichaam (art. 8 § 4).

B. Definitie van de vaste inrichting

De aandacht wordt gevestigd op de volgende gevallen waarin een vaste inrichting aanwezig wordt geacht :

  • een magazijn met betrekking tot een persoon die opslagruimte ter beschikking van derden stelt (art. 5 § 2, f));
  • een plaats van uitvoering van een bouwwerk, van constructie-, assemblage- of installatiewerkzaamheden, indien de duur daarvan 183 dagen overschrijdt (art. 5 § 3);
  • een persoon - niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger - die gewoonlijk een voorraad goederen aanhoudt waaruit hij regelmatig bestellingen uitvoert voor rekening van de onderneming waarvoor hij werkzaam is (art. 5 § 5, b));
  • een vaste bedrijfsinrichting gebruikt voor de aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen (art. 5 § 4 : de aflevering komt niet voor in de negatieve gevallen).


C. Berekening van de BNI/Ven.

De bepalingen van art. 24 § 5 a) en b) van de Overeenkomst hebben ingevolge de wet van 30 januari 1996 tot wijziging van diverse bepalingen inzake de belasting van niet-inwoners hun reden van bestaan verloren (cf. Circulaire AFZ/96-222 van 30.4.1996 nrs. 38 tot 61).

2. Belastingheffing van roerende inkomsten in de bronstaat

Dividenden, interest en royalty's genieten in de bronstaat een beperking van de belasting op voorwaarde dat :

  • de uiteindelijk gerechtigde tot die inkomsten inwoner is van de andere Staat, en
  • het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald, de schuldvordering uit hoofde waarvan de interest is verschuldigd of het recht of het goed uit hoofde waarvan de royalty's verschuldigd zijn, niet wezenlijk is verbonden met een vaste inrichting of een vaste basis waarover de gerechtigde beschikt in de bronstaat.


N.B. : Indien er een bijzondere verhouding bestaat tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde tot de interest of de royalty's, is de beperking van de belasting slechts van toepassing op het normale bedrag van de interest of de royalty's (art. 11 § 7 en art. 12 § 6).

A. Dividenden (art. 10)

De Belgische RV of de Bengaalse belasting, naar het geval, wordt beperkt tot 15 % van het brutobedrag van de dividenden.

B. Interest (art. 11)

De Belgische belasting of de Bengaalse belasting, naar het geval, mag niet hoger zijn dan 15 % van het brutobedrag van de interest.

Er is evenwel vrijstelling van belasting in de bronstaat voor interest van handelsschuldvorderingen - met inbegrip van vorderingen vertegenwoordigd door handelspapier - wegens termijnbetaling van levering van koopwaar, goederen of diensten door een onderneming van een overeenkomstsluitende Staat aan een inwoner van de andere overeenkomstsluitende Staat.

C. Royalty's (art. 12)

De Belgische belasting of de Bengaalse belasting, naar het geval, mag niet hoger zijn dan 10 % van het brutobedrag van de royalty's.

Roerende inkomsten uit bronnen in België verkregen door inwoners van Bangladesh

De vermindering of vrijstelling van Belgische belasting wordt op de gebruikelijke wijze verleend, na aanvraag door middel van een formulier 276 Div.-Aut., 276 Int.-Aut. of 276 R, naar het geval.

N.B. : Met betrekking tot interest komt het door de Overeenkomst bepaalde tarief overeen met het tarief waarin het interne recht voorziet. De Overeenkomst leidt dus niet tot een vermindering van de RV behalve in twee gevallen :

  • interest betaald ter uitvoering van voor 1 maart 1990 gesloten overeen- komsten;
  • interest van handelsschuldvorderingen wegens termijnbetaling van levering van koopwaar voor zover het gaat om interest bedoeld in artikel 19 § 1, 1° WIB 92 (zie hiervoor Com.PB 19/26 tot 19/29).


Roerende inkomsten uit bronnen in Bangladesh verkregen door inwoners van België

Aangezien de wijze waarop de beperking van de Bengaalse belasting wordt toegepast, nog niet door de Bengaalse administratie is meegedeeld, worden inwoners van België die dividenden, interest of royalty's uit Bangladesh verkrijgen, aangeraden een verzoek tot beperking in te dienen bij het Bengaalse belastingkantoor waarvan de schuldenaar van de inkomsten afhangt.

Zij moeten bij dit verzoek elk bewijs tot staving van hun recht op vermindering ingevolge de Overeenkomst voegen. Zij kunnen met name hun hoedanigheid van inwoner van België bewijzen door middel van een woonplaatsattest 276 Conv. dat door de Belgische belastingdienst waarvan zij afhangen wordt uitgereikt. Om dit attest te bekomen dient de verkrijger van de inkomsten de juiste aard en het bedrag van de inkomsten waarvoor hij de toepassing van de Overeenkomst vraagt, aan te duiden.

3. Zelfstandige beroepen (art. 14)

Inkomsten uit vrije beroepen of andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in de woonstaat van de verkrijger belastbaar. Die inkomsten mogen echter in de andere overeenkomstsluitende Staat worden belast, indien ze zijn verkregen door tussenkomst van een in die andere Staat gelegen vaste basis of indien de belastingplichtige in die andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken van ten minste 183 dagen in totaal gedurende het desbetreffende belastbaar tijdperk. In dat geval mag slechts het deel van de inkomsten dat kan worden toegerekend aan die vaste basis of dat afkomstig is van de in die andere Staat verrichte werkzaamheden, in die andere Staat worden belast.

4. Particuliere pensioenen (art. 18)

Pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een inwoner van een overeenkomstsluitende Staat terzake van een vroegere dienstbe- trekking, zijn slechts in die Staat belastbaar.

In afwijking van die regel mogen alle sociale zekerheidspensioenen evenwel worden belast in de Staat waaruit zij afkomstig zijn.

5. Hoogleraren en leraren (art. 20)

De hoogleraren en leraren die tijdelijk in een overeenkomstsluitende Staat verblijven gedurende een tijdvak van ten hoogste twee jaar om aldaar onderwijs te geven en die inwoner zijn, of onmiddellijk voor dat verblijf inwoner waren, van de andere overeenkomstsluitende Staat, worden in de Staat waar ze verblijven vrijgesteld van belasting terzake van de beloningen die ze voor dat onderwijs verkrijgen, op voorwaarde dat ze ter zake van die beloningen in de andere Staat aan belasting zijn onderworpen.

6. Inkomsten van studenten, in opleiding ziende personen en leerlingen (art. 21)

Studenten, leerlingen, in opleiding zijnde personen en beursstudenten zijn in de Staat waar ze tijdelijk verblijven, vrijgesteld terzake van :



a)alle overmakingen uit het buitenland ten behoeve van hun onderhoud, opvoeding, studie of opleiding,
b)het bedrag van de toelage, vergoeding of prijs die ze verkrijgen van een instelling op het gebied van wetenschap, onderwijs, godsdienst of liefdadigheid of in het kader van een programma van technische bijstand, en
c)de beloningen uit een dienstbetrekking uitgeoefend in de Staat van tijdelijk verblijf, op voorwaarde dat die beloningen in enig belastbaar tijdperk niet meer bedragen dan 120.000 BF of de tegenwaarde daarvan in Bengaalse taka.
Zulke beloningen zijn daarenboven slechts vrijgesteld gedurende een tijdvak dat redelijkerwijze of gewoonlijk is vereist om de opvoeding, studie of opleiding te voltooien, met een maximum van 5 opeenvolgende jaren.

7. Andere inkomsten (art. 22)

België zal al de inkomstenbestanddelen van een inwoner van Bangladesh die niet vermeld zijn in de andere artikelen van de Overeenkomst, kunnen belasten op voorwaarde dat ze van Belgische oorsprong zijn.

8. Vermindering van dubbele belasting in België, (art. 23)

A. Algemene regel: vrijstelling met progressievoorbehoud

De inkomsten die in Bangladesh mogen worden belast, zijn in België vrijgesteld van belasting, maar worden in aanmerking genomen voor het bepalen van het tarief dat van toepassing is op de andere belastbare inkomsten van de genieters (art. 23, § 1 a)).

B. Roerende goederen



Met betrekking tot interest en royalty's afkomstig uit Bangladesh die deel uitmaken van het samengeteld inkomen dat aan de Belgische belasting is onderworpen, wordt verrekening van het FBB verleend op de voorwaarden en tegen het tarief waarin de Belgische wetgeving voorziet (art. 23, § 1, b), 1ste zin).
Met betrekking tot dividenden die worden betaald aan een Belgische vennootschap door een vennootschap die inwoner is van Bangladesh en die aldaar aan belasting is onderworpen, wordt het DBI-stelsel toegepast voor zover dit stelsel zou worden verleend indien beide vennootschappen inwoner zouden zijn van België (art. 23, § 1, c)).
Tax sparing clausule : België verleent eveneens verrekening van het FBB met betrekking tot de belasting die in Bangladesh ingevolge de Overeenkomst en de Bengaalse wetgeving op interest en royalty's is verschuldigd, maar waarvan tijdelijke vrijstelling of vermindering wordt verleend ingevolge speciale maatregelen ter bevordering van de economische ontwikkeling van Bangladesh. Deze tax sparing clausule is eveneens van toepassing op de dividenden verkregen door vennootschappen die inwoner zijn van België wanneer de DBI-aftrek niet kon worden verleend in België wegens de belastingvrijstelling of -vermindering die de vennootschap inwoner van Bangladesh heeft genoten overeenkomstig de bovengenoemde speciale maatregelen (art. 23, § 1, b), 2de zin).
Voor dividenden, interest en royalty's wordt het FBB berekend tegen het tarief van 15/85. Voor interest wordt het bedrag van de FBB vervolgens beperkt overeenkomstig de formule bepaald in art. 287, 1ste lid, b) WIB 92.

C. Dubbele aftrek van verliezen

De Overeenkomst bevat de gebruikelijke bepaling ter voorkoming van dubbele aftrek van verliezen (art. 23, § 1, d)).

IV. SPECIALE BEPALINGEN

Beperkingen van de uitwerking van de Overeenkomst (art. 28)

Deze Overeenkomst beperkt niet de belastingheffing volgens de Belgische wet van een vennootschap die inwoner is van België, in geval van inkoop van haar eigen aandelen of naar aanleiding van de verdeling van haar maatschappelijk vermogen.

Aangezien het Belgische interne recht op dit vlak werd gewijzigd, heeft deze bepaling geen betekenis meer.

SAMENVATTENDE TABELLEN

Model verkrijgbaar op aanvraag.