Circulaire nr. Ci.RH.81/488.797 van 20.06.1997

CIRC 20.06.97/1
Bull. nr. 774, pag. 1742
ALGEMEENHEID VAN GOEDEREN
Overdracht van een algemeenheid van goederen.

BELASTINGONTDUIKING
Bestrijding van de belastingontduiking.

INVORDERING
Aansprakelijkheid van de overnemer van een algemeenheid van goederen.
Aansprakelijkheid van de overnemer van een tak van werkzaamheid.
Hypothecaire inschrijving.
Inning van de belasting.
Voorrecht van de Schatkist.
Wettelijke hypotheek.

TAK VAN WERKZAAMHEID
Overdracht van een tak van werkzaamheid.
Aan alle ambtenaren van de niveaus 1, 2+ en 2.
INHOUDSTAFEL Nr I. INLEIDING .....................................................1 II. GECOORDINEERDE WETTEKSTEN .....................................2 III. BESPREKING Hoofdstuk I : BEHOUD VAN HET VOORRECHT I. Opheffing van de beperking in de tijd van de uitoefening van het voorrecht .........................................3 II. Overgangsrecht A. Inwerkingtreding .......................................4 B. Toepassing van de wet in de tijd 1. Principe van de onmiddellijke toepassing ............5 2. Toepassing van het principe .........................6 Hoofdstuk II : INSCHRIJVING VAN DE WETTELIJKE HYPOTHEEK I. Algemeen ..................................................7 II. Overgangsrecht A. Inwerkingtreding .......................................8 B. Toepassing in de tijd van de wet .......................9 Hoofdstuk III : OVERDRACHT VAN HANDELSZAAK I. Doel van de wetgeving ................................... 10 II. Beschrijving van het systeem A. Registratieplicht .....................................11 B. Inlichten van de invorderingsdiensten .................12 C. Invordering van de door de overdrager verschuldigde aanslagen .............................................13 III. Grondige bespreking A. Toepassingsgebied 1. Algemeen ..........................................14 2. Definities ........................................15 B. Uitgestelde tegenstelbaarheid van de overdracht ......16 C. Hoofdelijke aansprakelijkheid van de overnemer 1. Principe ..........................................17 2. Beperkingen .......................................18 3. Vervolgingen ......................................19 D. Certificaat 1. Aanvraag ..........................................20 2. Weigering van het certificaat a) Termijn ........................................21 b) Voorwaarden ....................................22 1° De overdrager heeft fiscale schulden ........23 2° De overdrager dient zijn aanvraag om een certificaat in na de aankondiging of in de loop van een fiscaal controleonderzoek of na de verzending van een vraag om inlichtingen met betrekking tot zijn fiscale toestand ............................24 3. Afleveren van het certificaat a) Termijn ........................................25 b) Voorwaarden ....................................26 c) Geldigheidsduur van het certificaat ............27 IV. Bijzondere gevallen A. Faillissement en gerechtelijk akkoord met boedelafstand .........................................28 B. Vereffening van handelsvennootschappen ................29 V. Toepassing in de tijd van de wet ..........................30 VI. Praktische richtlijnen A. Algemeen ..............................................31 B. Ontvangst van de aanvragen tot het bekomen van een certificaat 1. Taken uit te voeren door de Ontv. ..................32 2. Taken te vervullen door de taxatiediensten a) Consultatie van het fiscaal dossier van de aanvrager ...................................... 33 b) Onderzoek van het aanslagdossier van de aanvrager en dringende inkohieringen ............34 3. Vervolgingen en bewarende maatregelen ..............35 4. Beslissing om de aflevering van een certificaat te weigeren ...........................................36 5. Beslissing tot aflevering van het certificaat ......37 C. Ontvangst van de kopieën van de akten of van de verklaringen van overdracht die zijn onderworpen aan de formaliteit van de registratie 1. Taken uit te voeren door de diensten van de Gew.dir.inv ........................................38 2. Taken uit te voeren door de Ontv. a) De akte of de verklaring van overdracht is gelijktijdig met een certificaat aan de formaliteit van de registratie onderworpen ......39 b) De akte of de verklaring van overdracht is geregistreerd zonder certificaat 1. Samenstellen van het dossier .................40 2. In te stellen vervolgingen en te nemen bewarende maatregelen ........................41 1° Maatregelen ten aanzien van de overdrager .42 2° Maatregelen ten aanzien van d e overnemer (art. 442bis, 2de lid) ....................43 D. De Ontv. wordt toevallig in kennis gesteld van het bestaan van een overdracht die niet geregistreerd is ..44
I.
INLEIDING
1. Het KB 12.12.1996 houdende maatregelen inzake strijd tegen fiscale fraude en met het oog op een betere inning van de belasting, genomen ter uitvoering van art. 2, § 1 en 3, § 1, 2° en 3° van de W 26.7.1996 strekkende tot realisatie van de budgettaire voorwaarden tot deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie (BS 31.12.1996, Ed. 2.- V 2480), bevat een aantal bepalingen inzake invordering van belastingen en voorheffingen. Die bepalingen zijn hierna weergegeven.
Deze circulaire bespreekt die bepalingen (voor een eerste bespreking van voornoemde bepalingen, zie circ. 23.1.1997, AFZ/97-17).
II.
GECOORDINEERDE WETTEKSTEN
2.
Art. 423 (nieuw), WIB 92 (gewijzigd door art. 3, KB 12.12.1996)
Het voorrecht vermeld in artikel 422, neemt rang onmiddellijk na dat vermeld in artikel 19, 5 °, van de Wet van 16 december 1851.
In afwijking van het eerste lid, heeft het voorrecht inzake bedrijfsvoorheffing dezelfde rang als dat vermeld in artikel 19, 4°ter, van de Wet van 16 december 1851.
De aanwending bij voorrang, vermeld in artikel 19 in fine van de Wet van 16 december 1851, is van toepassing op de belastingen en op de voorheffingen vermeld in dit Wetboek.
Art.
424, WIB 92 (opgeheven door art. 4, KB 12.12.1996)
Art.
427 (nieuw), WIB 92 (gewijzigd door art. 5, KB 12.12.1996)
De hypotheek wordt ingeschreven op verzoek van de met de invordering belaste ontvanger.
Behalve in het geval dat de rechten van de Schatkist in gevaar verkeren en onverminderd de artikelen 433 tot 442, mag de inschrijving slechts gevorderd worden vanaf de datum van de eisbaarheid van de gewaarborgde belastingen.
In afwijking van het tweede lid kan op de roerende voorheffing en de bedrijfsvoorheffing een hypothecaire inschrijving worden genomen vanaf de datum van de uitvoerbaarverklaring van het kohier.
Artikel 447 van de Wet van 18 april 1851 betreffende het faillissement, de bankbreuk en het uitstel van betaling, is niet van toepassing op de wettelijke hypotheek wat betreft de belastingen opgenomen in kohieren die vóór het vonnis van faillietverklaring uitvoerbaar werden verklaard.
Art.
442bis, WIB 92 (art. 6, KB 12.12.1996)
De overdracht van een algemeenheid van goederen of van een tak van werkzaamheid is slechts tegenstelbaar aan de Staat, Administratie der directe belastingen, na afloop van de tweede maand die volgt op die waarin de akte tot overdracht of aanwijzing, waarvan deze overdracht geheel of gedeeltelijk het voorwerp uitmaakt, onderworpen werd aan de formaliteit van de registratie die vereist is door artikel 19, eerste lid, 1° of 7°, of door artikel 31, eerste lid, 1°ter, van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten onverminderd de toepassing van de artikelen 433 tot 440 van het Wetboek.
De overnemer is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de fiscale schulden verschuldigd door de overdrager bij de afloop van de in de eerste alinea bedoelde termijn, ten belope van het bedrag dat reeds door hem gestort of door de kredietinstelling of het kredietorganisme die in de financiering van de verrichting tussenkomen, overgemaakt is, of ten belope van het bedrag dat overeenstemt met de nominale waarde van de aandelen die in ruil voor de overdracht zijn toegekend voor de afloop van de voornoemde termijn.
De bepalingen van de alinea's 1 en 2 zijn niet van toepassing indien, gelijktijdig met de akte, een certificaat geregistreerd wordt, uitsluitend voor dit doel door de ontvanger van de directe belastingen van de verblijfplaats of van de maatschappelijke zetel van de overdrager opgesteld binnen de 20 dagen voorafgaand aan de formaliteit, waarin geattesteerd wordt dat geen enkele fiscale schuld op die datum verschuldigd is door de overdrager.
De aflevering van dit certificaat is afhankelijk van de indiening van een aanvraag in dubbel door de overdrager bij de bevoegde ontvanger van de directe belastingen.
Het certificaat zal geweigerd worden door de bevoegde ontvanger indien de overdrager fiscale schulden heeft of indien de aanvraag van de overdrager ingediend is na de aankondiging van een fiscale controle of wanneer een fiscale controle loopt of na de verzending van een vraag om inlichtingen met betrekking tot zijn fiscale toestand.
Het certificaat wordt ofwel afgeleverd ofwel geweigerd binnen de termijn van één maand na de indiening van de aanvraag van de overdrager.
III.
BESPREKING
Hoofdstuk I : Behoud van het voorrecht
I. Opheffing van de beperking in de tijd van de uitoefening van het voorrecht
3. Tot nog toe werd het voorrecht van de Schatkist uitgeoefend gedurende twee jaar te rekenen vanaf de datum van de uitvoerbaarverklaring van het kohier of, voor de BV, gedurende drie jaar te rekenen vanaf de datum van eisbaarheid. Het voorrecht kon, na die periode, worden gehandhaafd op voorheen in beslag genomen goederen tot aan de tegeldemaking ervan.
Art. 423 (nieuw), WIB 92 heeft tot doel de beperkingen in de tijd van de uitoefening van het voorrecht op te heffen. Vermits de handhaving van het voorrecht overbodig is geworden, wordt art. 424, WIB 92 opgeheven.
II.
Overgangsrecht
A.
Inwerkingtreding
4. Het KB 12.12.1996 bevat geen bijzondere bepaling over de inwerkingtreding van de hiervoor besproken wijzigingen inzake het voorrecht. Die wijzigingen zijn derhalve in werking getreden op 10.1.1997, 10 dagen na de publikatie van voormeld KB.
B.
Toepassing van de wet in de tijd
1.
Principe van de onmiddellijke toepassing
5. Het algemeen aanvaarde principe is dat de nieuwe wet onmiddellijk van toepassing is op nieuwe toestanden en ook op de toekomstige gevolgen van vroeger ontstane toestanden die nog bestaan op het ogenblik van de inwerkingtreding.
2.
Toepassing van het principe
6. 1e hypothese : Op de dag van de inwerkingtreding van het KB 12.12.1996 (10.1.1997) is de periode gedurende dewelke het voorrecht wordt uitgeoefend (2 jaar of 3 jaar) nog niet verstreken.
In dit geval is de uitoefening van het voorrecht van de Schatkist aan geen enkele beperking in de tijd onderworpen.
2e hypothese : Op de dag van de inwerkingtreding van het KB 12.12.1996 (10.1.1997) is het voorrecht van de Schatkist uitgedoofd zonder dat het door beslaglegging werd gehandhaafd.
In dit geval zijn de aanslagen in kwestie onherroepelijk chirografaire vorderingen geworden. De nieuwe wet kan een definitief uitgedoofd voorrecht immers niet doen herleven.
3e hypothese : Op de dag van de inwerkingtreding van het KB 12.12.1996 (10.1.1997) is de periode voor de uitoefening van het voorrecht (2 jaar of 3 jaar) verstreken maar het voorrecht is tijdig gehandhaafd door een beroep te doen op een rechtspleging als bedoeld in art. 424, WIB 92.
In dit geval blijft het voorrecht enkel gehandhaafd op de inbeslaggenomen goederen tot de verdeling van de opbrengst van hun realisatie.
Hoofdstuk II : Inschrijving van de wettelijke hypotheek
I.
Algemeen
7. Tot nog toe kon de wettelijke hypotheek slechts worden ingeschreven vanaf het verstrijken van een termijn van 6 maanden, ingaande op de datum van de uitvoerbaarverklaring van het kohier waarin de gewaarborgde belastingen zijn opgenomen.
Artikel 427 (nieuw), WIB 92, beoogt de inschrijving van de wettelijke hypotheek van de Schatkist mogelijk te maken vanaf de datum van de eisbaarheid (d.w.z. vanaf de vervaldag) van de belastingen en, voor de RV, de BV, en naar analogie, de met de IB gelijkgestelde belastingen, vanaf de datum van de uitvoerbaarverklaring van het kohier.
II.
Overgangsrecht
A.
Inwerkingtreding
8. Bij gebrek aan overgangsbepaling is art. 427 (nieuw), WIB 92 in werking getreden op 10.1.1997.
B.
Toepassing in de tijd van de wet
9. Het principe van de onmiddellijke toepassing van de nieuwe wet (zie nr 5) stelt geen enkel toepassingsprobleem voor de hier besproken bepaling.
Hoofdstuk III : Overdracht van handelszaak
I.
Doel van de wetgeving
10. Het is de bedoeling een volledig systeem uit te bouwen ter bestrijding van bepaalde frauduleuze praktijken die grenzen aan de organisatie van het onvermogen. Die praktijken bestaan erin dat een natuurlijke of rechtspersoon zijn handelszaak (bij wege van overdracht of van inbreng in vennootschap) overdraagt zonder dat hij zijn vervallen fiscale schulden betaalt of de overdracht doet op een ogenblik dat een ingestelde controleprocedure van zijn fiscale toestand dreigt uit te monden in de inkohiering van belastingsupplementen.
II.
Beschrijving van het systeem
A.
Registratieplicht
11. Krachtens de art. 19, 1ste lid, 1° of 7° of 31, 1ste lid, 1°ter van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, moeten de overeenkomsten die de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een tak van werkzaamheid tot voorwerp hebben, worden geregistreerd.
Het doel van voormelde bepalingen is de Administratie van de registratie in staat te stellen de Adm. DB in te lichten over de aldus geregistreerde overeenkomsten.
B.
Inlichten van de invorderingsdiensten
12. De registratiekantoren zenden onmiddellijk een kopie van de akten (instrumentum) of van de verklaringen (in geval van mondelinge overeenkomsten) toe aan de Gew.dir.inv. van de Adm. DB van de verblijfplaats of van de maatschappelijke zetel van de overdrager, die ze onverwijld bezorgt aan de bevoegde Ontv. (cf. nr 20).
C.
Invordering van de door de overdrager verschuldigde aanslagen
13. De bepalingen van art. 442bis, WIB 92, strekken ertoe de Ontv. die wordt ingelicht over de overdracht, de mogelijkheid te geven om alle maatregelen te nemen die nodig zijn om de invordering te waarborgen of te verzekeren van de aanslagen die verschuldigd zijn door de overdrager.
Het is immers zo dat, krachtens die bepalingen,
1. De overdracht slechts tegenstelbaar is aan de administratie na afloop van de tweede maand die volgt op die waarin de akte tot overdracht is geregistreerd.
Bijgevolg wordt de algemeenheid van goederen of de tak van werkzaamheid die het voorwerp van de overdracht heeft uitgemaakt gedurende die periode, ten aanzien van de administratie, geacht nog steeds deel uit te maken van het patrimonium van de overdrager zodat de Ontv. ten aanzien van de overgedragen goederen alle maatregelen van tenuitvoerlegging en alle bewarende maatregelen kan nemen die hij nodig acht ter vrijwaring van de rechten die de Schatkist heeft ten overstaan van de overdrager.
2. De overnemer hoofdelijk aansprakelijk is voor de betaling van de fiscale schulden verschuldigd door de overdrager bij de afloop van de voormelde periode. Zijn aansprakelijkheid is nochtans beperkt, in geval van inbreng in vennootschap tot het bedrag dat overeenstemt met de nominale waarde van de aandelen die in ruil voor de overdracht zijn toegekend of, in de andere gevallen, tot het bedrag dat voor het verstrijken van dezelfde termijn door hemzelf of door tussenkomst van zijn kredietinstelling is betaald.
3. De uitgestelde tegenstelbaarheid aan de Staat (Adm. DB) van de overdracht en de hoofdelijke aansprakelijkheid van de overnemer geen toepassing vinden indien de overdrager bij de bevoegde Ontv. een certificaat (aanvraagt en) bekomt dat samen met de overeenkomst van overdracht wordt geregistreerd.
4. De betrokken Ontv. de aflevering van het certificaat weigert indien de overdrager fiscale schulden heeft of indien de aanvraag is ingediend na de aankondiging of in de loop van een fiscale controle of na de verzending van een vraag om inlichtingen met betrekking tot de fiscale toestand van de aanvrager.
III.
Grondige bespreking
A.
Toepassingsgebied
1.
Algemeen
14. De bepalingen van art. 442bis, WIB 92, zijn van toepassing op de overdrachten van een algemeenheid van goederen of van een tak van werkzaamheid die zijn onderworpen aan de verplichting tot registratie krachtens art. 19, 1ste lid, 1° of 7° of krachtens art. 31, 1ste lid, 1°ter van het Wetboek der registratierechten.
2.
Definities
15. 1. Onder overdracht van een algemeenheid van goederen of van een tak van werkzaamheid wordt iedere overdracht, bij wege van inbreng in vennootschap of anderszins, om niet of onder bezwarende titel verstaan. Het maakt bovendien niet uit of de overdracht een aanwijzende dan wel een eigendomsoverdragende uitwerking heeft.
Bij wijze van voorbeeld kunnen als overdracht van algemeenheid van goederen of van tak van werkzaamheid worden geciteerd :
  • de verkoop van een handelszaak in zijn geheel;
  • de schenking van een handelszaak;
  • de inbreng van een handelszaak door een natuurlijke persoon in een bestaande vennootschap of in een voor dat doel opgerichte vennootschap.
2. De algemeenheid van goederen is een verzameling of samenvoeging van goederen (roerende of onroerende) die door de eigenaar zijn samengebracht om een geheel te vormen.
De handelszaak, opgevat in de zin van "geheel van lichamelijke en onlichamelijke goederen, verenigd door een gemeenschappelijke bestemming : de uitbating van een handel", vormt het typevoorbeeld van een algemeenheid van goederen.
Er is nochtans geen volledige overeenstemming tussen deze beide begrippen want een algemeenheid van goederen kan meerdere handelszaken omvatten.
3. Onder tak van werkzaamheid wordt het geheel van elementen verstaan dat in een bedrijfsafdeling of in een beroepstak geïnvesteerd is en dat technisch op afzonderlijke wijze als een onderneming of als een afzonderlijk beroep kan functioneren.
B.
Uitgestelde tegenstelbaarheid van de overdracht
16. 1. De overdracht is slechts tegenstelbaar aan de Adm. DB na afloop van de tweede maand die volgt op die waarin de overeenkomst van overdracht werd onderworpen aan de vereiste formaliteit van de registratie.
2. De formaliteit van de registratie is het vertrekpunt van de termijn. Daaruit volgt dat bij gebrek aan registratie van de overdracht de voormelde termijn niet is kunnen beginnen te lopen en de overeenkomst niet tegenstelbaar is aan de administratie.
3. Zolang de termijn niet verstreken is, kan de Ontv. ten aanzien van de overgedragen goederen alle bewarende maatregelen of maatregelen van tenuitvoerlegging nemen die hij nodig acht om de rechten van de Schatkist te bewaren of uit te oefenen. De vervolgingen en de bewarende maatregelen worden ingesteld of genomen tegen de overdrager, op de overgedragen goederen, niettegenstaande de overdracht.
C.
Hoofdelijke aansprakelijkheid van de overnemer
1.
Principe
17. De overnemer kan hoofdelijk worden aangesproken voor de fiscale schulden van de overdrager bij de afloop van de tweede maand die volgt op die waarin de overeenkomst van overdracht werd onderworpen aan de verplichte formaliteit van de registratie.
Onder verschuldigde fiscale schulden wordt verstaan : de inkomstenbelastingen (PB, Ven.B, BNI), de voorheffingen (OV, RV, BV), de belastingverhogingen en de administratieve boeten die er betrekking op hebben, de met de inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen en de provinciale belastingen die in hoofde van de overdrager vervallen zijn.
2.
Beperkingen
18. De hoofdelijke aansprakelijkheid van de overnemer is evenwel onderworpen aan een dubbele beperking.
Aan de ene kant is ze beperkt :
1. in geval van inbreng in vennootschap, tot het bedrag dat overeenstemt met de nominale waarde van de aandelen die in ruil voor de overdracht zijn ontvangen;
2. in de andere gevallen, tot het bedrag dat overeenstemt met de prijs van de overdracht.
Aan de andere kant is ze beperkt tot de bedragen die de overnemer reeds voor de afloop van de voornoemde termijn van twee maand heeft toegekend of gestort.
3.
Vervolgingen
19. De vervolgingen worden tegen de overnemer ingesteld krachtens de kohieren die zijn uitvoerbaar verklaard tegen de overdrager.
De Schatkist heeft geen voorrecht en geen wettelijke hypotheek op de goederen van de overnemer die hoofdelijk aansprakelijk is met de overdrager (voor de motivering, zie Handl.Inv., Deel V - Titel X, nr 1266).
D.
Certificaat
1.
Aanvraag
20. Het certificaat moet worden aangevraagd door de overdrager of door zijn uitdrukkelijk daartoe gemachtigde vertegenwoordiger. Deze laatste moet houder zijn van een volmacht tenzij hij advocaat, notaris of gerechtsdeurwaarder is.
De aanvraag moet worden ingediend bij de Ontv. van de verblijfplaats of van de maatschappelijke zetel van de overdrager, bevoegd op de datum van de aanvraag.
Voor de natuurlijke personen betreft het de Ontv. die is aangewezen voor de inning van de PB; voor de rechtspersonen is het de Ontv, die is aangewezen voor de inning van de Ven.B. Bij ontstentenis van verblijfplaats of maatschappelijke zetel in België, is de Ontv. die is aangewezen voor de inning van de BNI bevoegd.
De aanvraag van het certificaat is aan geen enkele bijzondere vormvoorwaarde onderworpen. Ze moet wel in dubbel worden ingediend.
De administratie heeft een modelaanvraag opgesteld (formulier 442bis.1 waarvan een voorlopige versie als bijlage 1 bij deze circulaire is gevoegd), die ter beschikking is van de belangstellenden. Het gebruik van dit formulier is niet verplicht.
2.
Weigering van het certificaat
a)
Termijn
21. De bevoegde Ontv. moet binnen één maand na de indiening van de aanvraag beslissen. De Ontv. moet aan de aanvrager de reden van de weigering meedelen.
b)
Voorwaarden
22. De bevoegde Ontv. levert geen certificaat af indien de overdrager fiscale schulden heeft of indien de aanvraag van de overdrager is ingediend na de aankondiging of in de loop van een fiscale controle of na de verzending van een vraag om inlichtingen met betrekking tot de fiscale toestand van de overdrager.
De overdrager heeft fiscale schulden
23. Enkel de inkomstenbelastingen (PB, Ven.B, BNI), de voorheffingen (OV, RV, BV), de belastingverhogingen en administratieve boeten die er betrekking op hebben, de gelijkgestelde belastingen en de provinciale belastingen die in hoofde van de aanvrager vervallen zijn, mogen in aanmerking worden genomen (zie nr 32).
Om de aflevering van het certificaat te weigeren, volstaat het dat de bedoelde belastingen eisbaar zijn op de laatste dag van de termijn waarover de Ontv. beschikt om zijn beslissing te nemen.
Daarbij komt dat, in het merendeel van de gevallen, de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een tak van werkzaamheid de rechten van de Schatkist in gevaar kan brengen en dus de toepassing rechtvaardigt van de bepalingen van art. 413, 2de lid, 2°, WIB 92, voor de inkomstenbelastingen die niet vervallen binnen de in vorige alinea bedoelde termijn.
De aflevering van het certificaat wordt in de volgende gevallen geweigerd.
1.
Afbetalingsplan
De aanslagen waarvoor een afbetalingsplan is toegestaan, moeten in aanmerking worden genomen om de aflevering van het certificaat te weigeren.
2.
Bezwaarschriften en verhalen
De belastingen die het voorwerp uitmaken van een bezwaarschrift of van een voorziening in beroep moeten worden aanzien als eisbare schulden en moeten dan ook in aanmerking worden genomen, zelfs indien het overeenkomstig art. 410, WIB 92 vastgestelde zekere en vaststaande gedeelte (doorgaans "onbetwistbaar verschuldigd gedeelte" genoemd) nihil bedraagt of betaald is. Er dient immers te worden vermeden dat een bezwaarschrift wordt ingediend met als enig doel een certificaat te bekomen.
2° De overdrager dient zijn aanvraag om een certificaat in na de aankondiging of in de loop van een fiscaal controleonderzoek of na de verzending van een vraag om inlichtingen met betrekking tot zijn fiscale toestand
24. De aflevering van het certificaat wordt geweigerd indien, op de dag van de aanvraag,
1. de overdrager in kennis is gesteld of het voorwerp uitmaakt van een onderzoek ter plaatse van zijn boeken en bescheiden (art. 315 en 315bis, WIB 92);
2. de overdrager mondeling of schriftelijk omtrent zijn belastingtoestand werd ondervraagd (art. 316, WIB 92);
3. de overdrager het voorwerp uitmaakt van een volgens de voorgeschreven regels verricht bankonderzoek (art. 318, 2de lid WIB 92);
4. ten name van de overdrager het recht van toegang tot de beroepslokalen en alle andere lokalen, werkplaatsen of terreinen waar werkzaamheden worden verricht of vermoedelijk worden verricht, werd uitgeoefend (art. 319, WIB 92);
5. een vraag om inlichtingen betreffende de belastingtoestand van de overdrager werd gericht aan (een) derde(n) (art. 322, 1ste lid tot 323bis, WIB 92), aan (een) openbare dienst(en), instelling(en), of inrichting(en) (art. 327, § 1, WIB 92) of aan (een) land(en) waarmee België een dubbelbelastingverdrag heeft gesloten;
6. met het oog op het getuigenbewijs in het kader van de verificatie van de belastingtoestand van de overdrager een procedure van getuigenverhoor en onderzoek is aangevat (art. 322, 2de lid, 325 en 326, WIB 92);
7. de overdrager een bericht van wijziging (art. 346, WIB 92) of van aanslag van ambtswege (art. 351, WIB 92) heeft ontvangen.
De fiscale controle eindigt :
  • hetzij op de dag waarop de Hfd.cr. de controleverrichtingen beëindigt omdat hij niet de nodige bewijskrachtige elementen heeft kunnen verzamelen;
  • hetzij op de datum van de uitvoerbaarverklaring van het kohier waarin de aanslag is opgenomen die is gevestigd ingevolge de fiscale controle.
3.
Afleveren van het certificaat
a)
Termijn
25. De bevoegde Ontv. moet het certificaat binnen de maand na de indiening van de aanvraag afleveren (zie nochtans nr 37).
b)
Voorwaarden
26. Het certificaat wordt afgeleverd indien de aanvrager geen fiscale schulden heeft en er in zijnen hoofde, op de dag van de aanvraag, geen fiscaal controleonderzoek is.
c)
Geldigheidsduur van het certificaat
27. Het certificaat dat de Ontv. aflevert is twintig dagen geldig. Nadien is het certificaat vervallen en kan de registratie ervan samen met de overdrachtsakte de nadelige gevolgen die verbonden zijn aan de uitgestelde tegenstelbaarheid van de akte en aan de hoofdelijke aansprakelijkheid van de overnemer, niet vermijden.
IV.
Bijzondere gevallen
A.
Faillissement en gerechtelijk akkoord met boedelafstand
28. Enerzijds zijn de hypothesen waarin de curator (de concordataire vereffenaar) in het kader van zijn mandaat een algemeenheid van goederen of een tak van werkzaamheid overdraagt, duidelijk vreemd aan het doel van de hier besproken wetgeving (cf. nr 10).
Anderzijds bieden de procedures van het faillissement en van het gerechtelijk akkoord met boedelafstand voldoende garanties aan de Staat als schuldeiser.
De administratie meent dan ook dat de bepalingen van art. 442bis, WIB 92, niet moeten worden toegepast ten aanzien van voormelde procedures.
Daaruit volgt dat, wanneer de curator (de concordataire vereffenaar) in het kader van de vereffeningsverrichtingen overgaat tot de overdracht, de overnemer niet aansprakelijk kan worden. Bijgevolg dient er in die hypothesen geen certificaat te worden afgeleverd.
B.
Vereffening van handelsvennootschappen
29. Het door art. 442bis, WIB 92 ingevoerde stelsel is daarentegen integraal van toepassing wanneer de vereffenaar van een handelvennootschap de overdracht doet.
De Ontv. passen de hierna weergegeven praktische richtlijnen toe, zowel voor de aflevering van de certificaten als voor het nemen van waarborgmaatregelen en het instellen van vervolgingen ten aanzien van de overdrager en de overnemer.
Indien evenwel onomstotelijk is aangetoond dat de vereffening "deficitair" is, kan geen enkele rechtstreekse of onrechtstreekse vervolging worden ingesteld ten laste van de vennootschap in vereffening.
V.
Toepassing in de tijd van de wet
30. De bepalingen van art. 442bis, WIB 92, zijn in werking getreden op 10.1.1997.
Daaruit volgt dat de bepalingen van toepassing zijn op alle overeenkomsten tot overdracht van een algemeenheid van goederen of van een tak van werkzaamheid die zijn gesloten vanaf die datum.
De bepalingen van art. 442bis, WIB 92, zijn niet van toepassing op de overeenkomsten tot overdracht die zijn afgesloten vóór 10.1.1997, zelfs al zou de opschortende voorwaarde die eraan verbonden is slechts na die datum vervuld worden.
VI.
Praktische richtlijnen
A.
Algemeen
31.
De Ontv. kan op verschillende tijdstippen ingelicht worden.
1. Wanneer de Ontv. een aanvraag tot het bekomen van een certificaat ontvangt, wordt hij ingelicht over een voornemen tot overdracht of tot inbreng. Deze informatie ontvangt hij evenwel niet systematisch. Er bestaat immers geen enkele verplichting voor de overdrager om dergelijke aanvraag in te dienen.
2. Wanneer de Ontv. een kopie ontvangt van een akte (of verklaring) van overdracht die werd onderworpen aan de formaliteit van de registratie, wordt hij ingelicht over de verwezenlijking van een overdracht of een inbreng.
3. De Ontv. kan ook toevallig (bv. via de Hfd.cr. bij de ontvangst van een antwoord op een vraag om inlichtingen, bij de analyse van de neergelegde jaarlijkse balansen, door een mededeling van de instrumenterende gerechtsdeurwaarder, ...) worden ingelicht over de verwezenlijking van de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een tak van werkzaamheid, wanneer de operatie niet werd onderworpen aan de formaliteit van de registratie, niettegenstaande de dwingende bepalingen van het Wetboek der registratierechten.
B.
Ontvangst van de aanvragen tot het bekomen van een certificaat
1.
Taken uit te voeren door de Ontv.
32. Ieder ontvangkantoor moet een bijzonder brievenregister openen om er de stukken in te schrijven die verband houden met de toepassing van art. 442bis, WIB 92.
Bij de ontvangst van een aanvraag, in dubbel exemplaar, tot het bekomen van een certificaat, zal de Ontv. :
1. nagaan of de aanvraag hem betreft (cf. nr 20). Is dat niet het geval dan moet hij de aanvraag onmiddellijk toezenden aan de bevoegde Ontv. en hem middels een bij het document gevoegde brief ofwel in detail mededelen welke eisbare belastingen en toebehoren de overdrager op zijn kantoor verschuldigd is ofwel hem mededelen dat er op zijn kantoor geen belasting of toebehoren eisbaar is.
2. de aanvraag inschrijven in het bijzondere brievenregister.

3. een farde openen om een dossier samen te stellen waarin alle documenten worden gerangschikt die verband houden met de zaak. Op deze farde wordt het volgnummer vermeld dat aan de aanvraag is toegekend alsook alle andere nuttige referten. De farde kan worden gerangschikt in het invorderingsdossier dat is geopend op naam van de overdrager.
4. onmiddellijk één exemplaar van de aanvraag toezenden aan de bevoegde Hfd.cr., samen met een formulier 442bis.2 (een voorlopige versie van dat formulier is als bijlage 2 bij deze circulaire gevoegd). Met dit formulier nodigt de Ontv. de Hfd.cr. uit om hem binnen vijftien werkdagen mede te delen of de aanvraag is ingediend na de aankondiging of in de loop van een fiscale controle of na de verzending van een vraag om inlichtingen betreffende de fiscale toestand van de overdrager.
5. na consultatie van het geautomatiseerde schuldenbestand (scherm IC 242 : posten 180 B en memofiches inbegrepen) en van de fiches 174.1, aan alle betrokken collega's een kopie van de aanvraag toezenden onder briefomslag 331C - "DRINGEND", samen met het formulier 442bis.3 (waarvan een voorlopige versie als bijlage 3 bij deze circulaire is gevoegd). De Ontv. wijst zijn collega's op de uiterste datum waarop de beslissing moet worden genomen om al of niet een certificaat af te leveren.
De vermelding "Art. 433 tot 442" op de omslag moet worden vervangen door "Art. 442bis".
Elke aldus verwittigde Ontv. gaat onmiddellijk na of de overdrager op zijn kantoor nog schulden heeft en, zo ja, zendt hij (onder briefomslag 331C - "DRINGEND") een juiste lijst van de schulden van de overdrager aan de bevoegde Ontv.
6. zo nodig, doen overgaan tot dringende inkohiering inzake RV, BV en de met de inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen.
Inzake BV laat de Ontv. niet na om de nodige gegevens in te brengen in het scherm "BVINK" bij de ontvangst van het kohier dat is opgesteld door het Doc.C-BV.
7. een lijst opstellen van de schulden die op zijn kantoor eisbaar zijn lastens de overdrager. Wanneer de Ontv. oordeelt dat de rechten van de Schatkist in gevaar zijn, verklaart hij, in voorkomend geval, de aanslagen die nog niet eisbaar zijn met toepassing van art. 413, 2de lid, 2° WIB 92, onmiddellijk eisbaar.
8. erover waken code 50 ("functie ICBER") in te brengen bij de op zijn kantoor openstaande ICPC-aanslagen.
2 Taken te vervullen door de taxatiediensten
a)
Consultatie van het fiscaal dossier van de aanvrager
33. Zodra hij het exemplaar van de aanvraag van een certificaat ontvangt dat de Ontv. hem heeft toegezonden, gaat de Hfd.cr. na of één van de weigeringsgronden die zijn vermeld in nr 24, aanwezig is ten aanzien van de overdrager.
Indien zulks het geval is, verwittigt de Hfd.cr. onmiddellijk de Ontv. door het ingevulde formulier 442bis.2, samen met de kopieën van de rechtvaardigingsstukken (bericht in verband met een controle ter plaatse, vraag om inlichtingen, bericht van wijziging, bericht van aanslag van ambtswege, ...), terug te zenden, onder omslag 331C - "DRINGEND".
b) Onderzoek van het aanslagdossier van de aanvrager en dringende inkohieringen
34. Voor dit punt wordt, mutatis mutandis, verwezen naar de COM.IB, 434/23 tot 434/42.
Opdat de hier besproken bepaling volledige uitwerking heeft, waakt de Hfd.cr. er in het bijzonder over dat de dringende inkohieringen gebeuren binnen de termijn gedurende de welke de overdracht niet tegenstelbaar is. In de hypothesen die niet bedoeld zijn in nr 24 hiervoor, dient de dringende inkohiering te gebeuren binnen de termijn waarover de Ontv. beschikt om de aflevering van het certificaat te weigeren (zie ook nr 32., 6. hiervoor inzake het opmaken van de kohieren RV).
3.
Vervolgingen en bewarende maatregelen
35. De Ontv. die door de indiening van een aanvraag tot het bekomen van een certificaat op de hoogte zijn gebracht van een voorgenomen overdracht en die vaststellen dat de aanvrager op hun kantoor schulden heeft, moeten vanzelfsprekend alle bewarende maatregelen of maatregelen van tenuitvoerlegging nemen die de rechten van de Schatkist kunnen vrijwaren.
Zo nodig zorgen zij ervoor onrechtstreekse vervolgingen in te stellen tegen de overdrager :
  • hetzij door de berekening van een bewarend beslag onder derden in handen van de overnemer wanneer het gaat om betwiste aanslagen waarvoor het onbetwistbaar verschuldigde gedeelte is betaald of op nihil is vastgesteld.
  • hetzij door aan de overnemer een notificatie 247.7 toe te zenden voor alle andere verschuldigde aanslagen van de overdrager.
4.
Beslissing om de aflevering van een certificaat te weigeren
36. De beslissing om de aflevering van het certificaat te weigeren moet schriftelijk ter kennis van de aanvrager worden gebracht binnen de maand na de indiening van de aanvraag (cf. nr 37). De beslissing moet de wettelijke basis (art. 442bis, 5de lid, WIB 92) vermelden en de feitelijke omstandigheden die de Ontv. tot zijn beslissing hebben genoopt (bestaan van eisbare schulden van de aanvrager - bestaan van een fiscale controleprocedure die is aangevat tegen de aanvrager).
5.
Beslissing tot aflevering van het certificaat
37. De Ontv. gebruikt het formulier 442bis.4 (een voorlopige versie ervan is als bijlage 4 bij deze circulaire gevoegd) om het gevraagde certificaat af te leveren.
Om volstrekte zekerheid te hebben dat er geen eisbare inkomstenbelastingen verschuldigd zijn door de aanvrager, mag het certificaat in geen geval worden afgeleverd voor de vijfentwintigste dag van de termijn van een maand waarover de Ontv. beschikt om zijn beslissing te nemen.
C. Ontvangst van de kopieën van de akten of van de verklaringen van overdracht die zijn onderworpen aan de formaliteit van de registratie
1.
Taken uit te voeren door de diensten van de Gew.dir.inv.
38. De diensten van de Gew.dir.inv. zenden de kopieën van de akten of van de verklaringen van overdracht die de ontvangers van de registratie hebben toegezonden, onverwijld toe aan de bevoegde Ontv., m.a.w. de Ontv. van de verblijfplaats of van de maatschappelijke zetel van de overdrager (cf. nr 20).
2.
Taken uit te voeren door de Ontv.
a) De akte of de verklaring van overdracht is gelijktijdig met een certificaat aan de formaliteit van de registratie onderworpen
39. Men zal zich herinneren dat de "overdracht van de algemeenheid van goederen of van de tak van werkzaamheid" in dat geval gebeurt zonder dat de overnemer de nadelige gevolgen moet ondergaan die verbonden zijn aan de uitgestelde tegenstelbaarheid van de overdracht en aan de beperkte hoofdelijke aansprakelijkheid.
De taak van de Ontv. is in dit geval beperkt tot het nakijken of er sinds de aflevering van het certificaat geen belastingen (IB of gelijkgestelde belastingen) zijn vervallen teneinde, zo nodig, een notificatie 247.7 toe te zenden aan de overnemer (of een bewarend beslag onder derden te doen leggen voor betwiste aanslagen).
b) De akte of de verklaring van overdracht is geregistreerd zonder certificaat
1.
Samenstellen van het dossier
40. Bij de ontvangst van de kopieën van de akten of de verklaringen van overdracht zonder certificaat, gaat de Ontv. na of voor de operatie een aanvraag tot het bekomen van een certificaat is ingediend die werd afgewezen.
Zo ja, moet het dossier dat is aangelegd bij de behandeling van de aanvraag, worden aangevuld in het licht van de nieuwe elementen die zich hebben voorgedaan sinds de beslissing om de afgifte van het certificaat te weigeren.
Zo neen,
1. opent de Ontv. een farde om een dossier aan te leggen waarin alle documenten in verband met de zaak zullen worden geklasseerd. Deze farde kan worden toegevoegd aan het invorderingsdossier dat is geopend op naam van de overdrager;
2. licht de Ontv., d.m.v. een bulletin, de bevoegde Hfd.cr. onmiddellijk in over het bestaan van de overdracht en nodigt hij hem uit om het dossier van de overdrager bij voorrang te onderzoeken en om eventueel tot de nodige dringende inkohieringen over te gaan;
3. licht de Ontv., na consultatie van het geautomatiseerde schuldenbestand (scherm IC242 : posten 180 B en memofiches inbegrepen) en van de fiches 174.1, al zijn betrokken collega's in over het bestaan van de overdracht;
4. stelt de Ontv. een lijst op van de eisbare schulden van de overdrager en, indien blijkt dat de rechten van de Schatkist in gevaar zijn, verklaart hij, in voorkomend geval, de aanslagen die nog niet eisbaar zijn onmiddellijk eisbaar met toepassing van art. 41 3, 2de lid, 2°, WIB 92.
5. waakt de Ontv. erover dat code 50 ("functie ICBSR") wordt ingebracht bij de openstaande ICPC-aanslagen van zijn kantoor.
2.
In te stellen vervolgingen en te nemen bewarende maatregelen
41. Wanneer de Ontv., die aldus zijn ingelicht over het bestaan van de overdracht, vaststellen dat de overdrager schulden heeft op hun kantoor, nemen zij alle nodige bewarende en invorderingsmaatregelen die de wet hen toelaat te nemen.
Maatregelen ten aanzien van de overdrager
42. Indien het gaat om een rechtshandeling om niet nemen de Ontv. bewarende of uitvoeringsmaatregelen ten aanzien van de overgedragen goederen.
Indien het gaat om een rechtshandeling onder bezwarende titel stellen de Ontv. bij voorrang onrechtstreekse vervolgingen in : verzending van een notificatie 247.7 aan de overnemer (zie instr. 17.4.1997, Ci.R.14/496.002) of berekening van een bewarend beslag onder derden.
Na de ontvangst van de verklaring van derde-houder, onderzoeken de Ontv. of het nodig is om bewarende of uitvoeringsmaatregelen te nemen ten aanzien van de goederen die het voorwerp uitmaken van de overdracht.
Niettegenstaande de inbeslagneming van de overdrachtsprijs door middel van onrechtstreekse vervolgingen, mogen de Ontv. rechtstreekse vervolgingen instellen op de overgedragen elementen. Beide types van maatregelen worden nochtans slechts gecumuleerd ingeval de overdracht is gebeurd tegen een heel lage prijs.
Maatregelen ten aanzien van de overnemer (art. 442bis, 2de lid)
43. Er wordt aan herinnerd dat de overnemer slechts hoofdelijk kan worden aangesproken ten belope van de bedragen die hij gestort of toegekend heeft vóór de afloop van de termijn gedurende welke de overdracht niet tegenstelbaar is aan de Staat.
Behoudens in geval van bedrieglijke handelingen, spreken de Ontv. de overnemer ook niet hoofdelijk aan indien uit zijn verklaring van derde-houder blijkt dat de als prijs verschuldigde bedragen zijn gestort of moeten worden gestort aan een derde waarvan de rechten ten volle tegenstelbaar zijn aan de Staat. Hetzelfde geldt wanneer de overnemer de Ontv. meedeelt dat de bedragen bij een notaris of bij een gerechtsdeurwaarder zijn geconsigneerd "voor rekening van wie er recht zal op blijken te hebben". In dat laatste geval wordt een notificatie 247.7 toegezonden aan de derde-houder van de geconsigneerde bedragen (zie instr. 17.4.1997, Ci.R.14/496.002).
In de hierboven bedoelde gevallen verzoeken de Ontv., zo nodig, om bijstand van de juridische cel.
In de overige gevallen moeten de Ontv. die de overnemer hoofdelijk willen aanspreken, alvorens tot gedwongen tenuitvoerlegging over te gaan, de overnemer bij aangetekende brief uitnodigen om de fiscale schulden van de overdrager spontaan binnen dertig dagen te betalen.
De aangetekende brief moet alle gekende bruikbare elementen bevatten zoals :
  • de identiteit van de belastingschuldige (overdrager);
  • de datum van de afsluiting en van de registratie van de overeenkomst;
  • het bedrag waarvoor de hoofdelijke aansprakelijkheid wordt ingeroepen.
In de brief wijst de Ontv. er ook op dat hij verplicht zal zijn de bedragen in kwestie met alle wettelijke middelen in te vorderen bij gebrek aan betaling of aan reactie binnen de termijn van één maand.
Bij gebrek aan spontane betaling, stellen de Ontv. op grond van het kohier op naam van de overdrager een dwangschrift op lastens de hoofdelijke medeschuldenaar.
Buiten de gebruikelijke vermeldingen, moet het dwangschrift volgende elementen bevatten :
  • de datum waarop de aangetekende uitnodiging om te betalen is verzonden;
  • de vermelding dat de betrokkene niet (volledig) aan deze uitnodiging heeft voldaan;
  • de vermelding dat de vervolgingen worden ingesteld op grond van het kohier op naam van de overdrager en van de bepalingen van art. 442bis, 2de lid, WIB 92.
De aandacht van de instrumenterende deurwaarder moet in het bijzonder worden gevestigd op het feit dat deze vermeldingen dwingend in de tekst van het te betekenen exploot moeten worden opgenomen en dat het niet gaat om een procedure die wordt aangevat op grond van art. 164, KB/WIB 92.
D. De Ontv. wordt toevallig in kennis gesteld van het bestaan van een overdracht die niet geregistreerd is
44. In deze hypothese bevraagt de Ontv. zich in de eerste plaats bij zijn collega van de registratie om te weten te komen of de overeenkomst, waarvan hij in kennis is gesteld, moest geregistreerd worden.
Zo ja, zal de Ontv. mutatis mutandis de hiervoor onder nr 40 tot 43 weergegeven richtlijnen toepassen om het dossier samen te stellen en vervolgingsmaatregelen te nemen.
Men mag trouwens niet uit het oog verliezen dat de formaliteit van de registratie het vertrekpunt is van de termijn en dat, bij gebrek een registratie, de termijn nooit is beginnen te lopen, zodat de overeenkomst niet tegenstelbaar is aan de administratie (zie nr 16 hiervoor).
NAMENS DE MINISTER :
De Directeur-generaal,
J.-C. TILLIET
BIJLAGE 1
MINISTERIE VAN FINANCIEN ADMINISTRATIE DER DIRECTE BELASTINGEN TOEPASSING VAN ARTIKEL 442bis VAN HET WETBOEK VAN DE INKOMSTENBELASTINGEN 1992 AANVRAAG TOT HET BEKOMEN VAN EEN CERTIFICAAT I. IDENTITEIT VAN DE OVERDRAGER (1)......................................................... ............................................................ ............................................................ ............................................................ II. IDENTITEIT VAN DE OVERNEMER (*) (2)......................................................... ............................................................ ............................................................ ............................................................ ............................................................ III. VOORWERP VAN DE OVERDRACHT (*) (3)......................................................... ............................................................ ............................................................ ............................................................ ............................................................ IV. AARD VAN DE VOORGENOMEN AKTE (*) (4)......................................................... ............................................................ V. PRIJS VAN DE OVERDRACHT (*) (5)......................................................... Datum : .................... Handtekening : (1) Naam, voornaam of benaming en juridische vorm en adres van de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die het certificaat aanvraagt. (2) Naam, voornaam of benaming en juridische vorm, en adres van de natuurlijke persoon of de rechtspersoon. (3) Situering en korte beschrijving van de samenstellende elementen van de algemeenheid van goederen of van de tak van werkzaamheid waarvan de overdracht wordt gepland. (4) Verkoop, schenking, ruil, inbreng in vennootschap, ... (5) Prijs, waarde van de aandelen die zijn toegekend als tegenprestatie voor de overdracht ------------------------------ (*) Facultatieve vermeldingen. 442bis.1
BIJLAGE 2
AANVRAAG VAN CERTIFICAAT Art. 442bis WIB 92 Beslissing te nemen uiterlijk op ............. 19.. Nr van het bijzondere register : MINISTERIE VAN FINANCIEN ADMINISTRATIE DER DIRECTE BELASTINGEN BIJLAGE(N) : ............ ............ Ik heb de eer bijgaande aanvraag toe te zenden aan de Hoofdcontroleur te ...................................... Gelieve mij : 1 . uiterlijk op ............ mede te delen of de aanvraag is ingediend na de aankondiging van een fiscale controle of wanneer een fiscale controle liep of na de verzending van een vraag om inlichtingen met betrekking tot de fiscale toestand van de aanvrager; 2. een lijst toe te zenden met de nog niet-gevestigde aanslagen die (dringend) kunnen worden ingekohierd. ........................., .............. De Ontvanger, ------------------------------------------------------------------------- STEMPEL van de controle Overgezonden aan de Collega te .................... met verzoek aan bovenstaand bulletin van de Ontvanger te voldoen ? .................., ........... De Hoofdcontroleur, ------------------------------------------------------------------------- STEMPEL van de controle Ingevolge bovenstaand bulletin, breng ik de Ontvanger te........ ................ ter kennis dat : 1. op de dag van de aanvraag : - de overdrager in kennis is gesteld of het voorwerp uitmaakt van een onderzoek ter plaatse van zijn boeken en bescheiden (art. 315 en 315bis, WIB 92) (*); - de overdrager mondeling of schriftelijk omtrent zijn belastingtoestand werd ondervraagd (art. 316, WIB 92) (*); - de overdrager het voorwerp uitmaakt van een volgens de voorgeschreven regels verricht bankonderzoek (art. 318, 2e lid, WIB 92) (*); - ten name van de overdrager het recht van toegang tot de beroepslokalen en alle andere lokalen, werkplaatsen of terreinen waar werkzaamheden worden verricht of vermoedelijk worden verricht, werd uitgeoefend (art. 319, WIB 92) (*); - een vraag om inlichtingen betreffende de belastingtoestand van de overdrager werd gericht aan (een) derde(n) (art. 322, 1ste lid tot 323bis, WIB 92), aan een openbare dienst, instelling of inrichting (art. 327, § 1, WIB 92) of aan (een) land(en) waarmee België een dubbelbelastingverdrag heeft gesloten (*); - met het oog op het getuigenbewijs in het kader van de verifi- catie van de belastingtoestand van de overdrager een procedure van getuigenverhoor en onderzoek is aangevat (art. 322, 2e lid, 325 en 326, WIB 92) (*); - de overdrager een bericht van wijziging (art. 346, WIB 92) of van aanslag van ambtswege (art. 351, WIB 92) heeft ontvangen (*); 2. dat de betrokkene ook de belastingen in de hiernavolgende tabel zal verschuldigd zijn, die dringend zullen worden ingekohierd (*). BIJLAGE : ............ ............ ------------------------------------------------------------------------- GEMEENTE AANSLAGJAAR KOHIERARTIKEL AARD VAN DE BEDRAG VAN DE BELASTINGEN BELASTINGEN ------------------------------------------------------------------------- ........ ........... ............. ........... ............. ........ ........... ............. ........... ............. ........ ........... ............. ........... ............. ........ ........... ............. ........... .............. ------------------------------------------------------------------------- ------------------------------------------------------------------------- Aanvullende inlichtingen in verband met de voor de LAATSTE DRIE AANSLAGJAREN REEDS INGEKOHIERDE aanslagen ------------------------------------------------------------------------- Gemeente ............ ............ ............ Aanslagjaar ............ ............ ............ Kohierartikel ............ ............ ............ Aard van de belasting ............ ............ ............ Bedrag van de belasting ............ ............ ............ ------------------------------------------------------------------------- ..................., ............. De Hoofdcontroleur, --------------------------------------- (*) Overbodige vermelding(en) doorhalen.
BIJLAGE 3
AANVRAAG VAN CERTIFICAAT Art. 442bis, WIB 92 Beslissing te nemen uiterlijk op .......... 19.. Nr van de speciale aanwijzer : ................ MINISTERIE VAN FINANCIEN ADMINISTRATIE DER DIRECTE BELASTINGEN .................., .......... De Collega te ...................... wordt verzocht mij per omgaande de opgave te doen geworden van de aanslagen die eventueel op zijn kantoor verschuldigd zijn door : ........................................................................ waarvan de vroegere verblijfplaats (*), maatschappelijke zetel (*) was gelegen te : ........................................................... ........................................................................ Eventueel dient mij onmiddellijk een nihil-attest overgezonden te worden. De Ontvanger, ------------------------------------------------------------------------- STEMPEL van het kantoor ................, .......... Ingevolge zijn bovenstaand bulletin, deel ik de Collega te ........ ....... mee, dat de bedoelde belastingplichtige op mijn kantoor : - geen belastingen verschuldigd is (*); - de onderstaande aanslagen verschuldigd blijft (*). Nr ....... ------------------------------------------------------------------------- Volg-¦Aan- ¦Kohier-¦Aard van ¦Bedrag van¦Nalatig- ¦Vervolgings- ¦ nr. ¦slag-¦arti- ¦de be- ¦de belas- ¦heidsin- ¦kosten ¦TOTAAL ¦jaar ¦kel ¦lastingen¦tingen ¦teresten ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦tot ..... ¦ ¦ -----+-----+-------+---------+----------+----------+-------------+------- .... ¦.... ¦.......¦.........¦..........¦..........¦............ ¦...... .... ¦.... ¦.......¦.........¦..........¦..........¦............ ¦...... .... ¦.... ¦.......¦.........¦..........¦..........¦............ ¦...... .... ¦.... ¦.......¦.........¦..........¦..........¦............ ¦...... .... ¦.... ¦.......¦.........¦..........¦..........¦............ ¦...... .... ¦.... ¦.......¦.........¦..........¦..........¦............ ¦...... ------------------------------------------------------------------------- De Ontvanger, ---------------------------------------- (*) Overbodige vermelding(en) doorhalen.
BIJLAGE 4
MINISTERIE VAN FINANCIEN ADMINISTRATIE DER DIRECTE BELASTINGEN CERTIFICAAT AFGELEVERD MET TOEPASSING VAN ARTIKEL 442bis, WIB 92BETREFT : (1) .............................................. ............................................................ ............................................................ ............................................................ ............................................................ Ondergetekende, ............................................ Ontvanger der directe belastingen te ........................... 1. bevestigt dat de hierboven vermelde natuurlijke persoon of rechtspersoon op vandaag geen inkomstenbelastingen - en toebehoren - verschuldigd is die eisbaar zijn in de zin van artikel 413, WIB 92; 2. en dat er in hoofde van dezelfde persoon geen fiscaal controleonderzoek is als bedoeld in artikel 442bis, 5de lid, WIB 92. Te ......................... 19.. De Ontvanger, NB : Dit certificaat is geldig gedurende twintig dagen vanaf boven- vermelde datum voor de registratie (art. 442bis, 3de lid, WIB 92). --------------------------------------------------------- (1) Juiste identiteit van de natuurlijke of rechtspersoon.