Circulaire nr. Ci.RH.82/605.619 (AOIF Nr. 58/2010) dd 19.08.2010
Circulaire nr. Ci.RH.82/605.619 (AOIF Nr. 58/2010) dd 19.08.2010
Belasting van niet-inwoners natuurlijke personen
Aangifte in de BNI/nat.pers
Invulling van de aangifte
Aangifteformulier
Circulaire betreffende de wijzigingen aan de aangifte van de BNI/nat.pers. - Aanslagjaar 2010.
Aan alle ambtenaren.
1. Het aantal bladzijden van deel 1 van de aangifte in de belasting van niet- inwoners/natuurlijke personen (BNI/nat.pers.) werd uitgebreid van 10 naar 11. Het aantal bladzijden van deel 2 bleef ongewijzigd (4). In deel 1 is een nieuw vak (vak XI: “Belasting- krediet voor de aankoop van een erkend pakket “Internet voor iedereen II” (Start2surf@home)”) ingevoegd.
2. Naast de indexeringen van de meeste in de aangifte en de toelichting vermelde bedragen overeenkomstig art. 178, § 2, § 3, 2°, of § 6, WIB 92, is de aangifte van aj. 2010 inhoudelijk op de hierna vermelde punten gewijzigd. Wijzigingen die zich ook in de aangifte in de personenbelasting aj. 2010 hebben voorgedaan, maar die geen mogelijke implicaties, specifiek voor de BNI/nat.pers., bevatten, worden echter niet besproken. Hiervoor wordt verwezen naar de circulaire nr. Ci.RH.82/604.541 (AOIF 40/2010) van 7.5.2010.
Deel 1
a) Vak I, 1: de mogelijkheid werd voorzien om voortaan een bankrekening te vermelden op naam van de werkgever of een mandataris. Door een rekening te vermelden op naam van zijn werkgever of van een mandataris, machtigt de belastingplichtige de administratie om eventuele teruggaven van inkomstenbelastingen, voorheffingen, voorafbetalingen en verkeersbelasting op diens rekening over te schrijven.
b) Vak II: het vak waarin de belastingplichtige zijn keuze voor een “optionele regularisatie” bevestigt, werd aangepast. Persoonlijke vergoedingen uit de exploitatie van een uitvinding die aan niet-rijksinwoners als onderzoeker vanaf 1.1.2009 zijn betaald of toegekend vanwege een Belgische universiteit of hogeschool, het “Federaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek” – “Fonds fédéral de la Recherche scientifique – FFWO/FFRS”, het “Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen - FWO”, het “Fonds de la Recherche Scientifique – FNRS – FRS - FNRS” of een andere erkende onderzoeksinstelling op grond van een door die universiteit, hogeschool of onderzoeksinstelling uitgevaardigd valorisatiereglement, zijn immers niet meer verplicht aan te geven. Zij kunnen echter wel het voorwerp uitmaken van een vrijwillige aangifte (art. 163, 1°, en 169, W 22.12.2008 houdende diverse bepalingen (I) – BS 29.12.2008, Ed. 4).
c) Vak III, 3.1. en 3.2: het vak waarin de naam, voornaam, geboortedatum en het beroep werd vermeld, en waarin werd aangeduid of er al dan niet sprake was van onderworpenheid aan de Belgische sociale zekerheid, werd ontdubbeld naargelang:
- het een belastingplichtige (man of vrouw) betreft die als alleenstaande wordt belast of, ingeval van een gemeenschappelijke aanslag, de man (of, bij partners van het- zelfde geslacht, de oudste echtgenoot of partner),
- het de gehuwde of wettelijk samenwonende vrouw (of, bij partners van hetzelfde geslacht, de jongste echtgenoot of partner) betreft ingeval van een gemeenschappelijke aanslag.
d) Vak V, A, 9: de afzonderlijke aanslagvoet (de gemiddelde aanslagvoet m.b.t. het geheel van de gezamenlijk belastbare inkomsten van het belastbare tijdperk, tenzij de volledige globalisatie voordeliger is) voor door een openbare overheid betaalde bezoldigingen van de maand december die in 2009 voor de eerste maal tijdens diezelfde maand december zijn betaald in plaats van tijdens de maand januari van het volgende jaar (cf. W 22.12.2008 houdende diverse bepalingen (I) – BS 29.12.2008, Ed. 4), kan in principe voor alle categorieën van niet-inwoners van toepassing zijn.
e) Vak V, A, 12: voor het belastingstelsel aangaande de werkgeverstussenkomsten m.b.t. een privé-pc (cf. W 6.5.2009 houdende diverse bepalingen – BS 19.5.2009) komen alle categorieën van niet-inwoners in aanmerking.
f) Vak VII, 1: persoonlijke vergoedingen uit de exploitatie van uitvindingen, toegekend aan onderzoekers die niet-rijksinwoner zijn, moeten vanaf 1.1.2009 alleen nog worden aangegeven in het kader van een optionele regularisatie (cf. supra sub 2.b). Een nieuwe ru briek werd ingelast om de bedrijfsvoorheffing te vermelden die daarop betrekking heeft, aangezien die inkomsten tegelijkertijd aan de bedrijfsvoorheffing werden onderworpen
(toepassingsregel 78bis van Bijlage III van het KB/WIB 92, ingevoegd door het KB van 14.4.2009 tot wijziging van het KB/WIB 92, op het stuk van de bedrijfsvoorheffing – BS 20.4.2009, Ed. 4 – zoals dat van toepassing is op de inkomsten die van 1.1.2009 tot en met 31.12.2009 zijn betaald of toegekend).
g) Vak VII, 2: meerwaarden die vanaf 12.1.2009, buiten het normale beheer van een privé-vermogen, op aandelen in binnenlandse vennootschappen worden verwezenlijkt, moeten verplicht worden aangegeven (cf. het nieuwe belastingregime dat van toepassing is op meerwaarden die buiten de uitoefening van een beroepswerkzaamheid worden verwezenlijkt – W 11.12.2008 houdende wijziging van het WIB 92 teneinde het in overeenstemming te brengen met de Richtlijn 90/434/EEG van de Raad van 23.7.1990 betreffende de gemeenschappelijke fiscale regeling voor fusies, splitsingen, gedeeltelijke splitsingen, inbreng van activa en aandelenruil met betrekking tot vennootschappen uit verschillende lidstaten en voor de verplaatsing van de statutaire zetel van een SE of een SCE van een lidstaat naar een andere lidstaat, gewijzigd bij de Richtlijn 2005/19/EEG van de Raad van 17.2.2005 – BS 12.1.2009).
h) Vak IX, C, 2: voor de belastingvermindering voor interesten van leningen ter financiering van energiebesparende uitgaven (cf. Economische Herstelwet van 27.3.2009 – BS 7.4.2009) kunnen in principe alle categorieën van niet-inwoners in aanmerking komen. Evenwel is vereist dat de belastingplichtige op het ogenblik van het sluiten van het leningcontract, zijn gewone verblijfplaats in België had.
i) Vak X, E, 3: voor de toepassing van de omzetting in een terugbetaalbaar belastingkrediet van een deel van de belastingvermindering voor energiebesparende uitgaven, in de mate dat het betrekking heeft op uitgaven voor de isolatie van daken, muren en vloeren (cf. Economische Herstelwet van 27.3.2009 – BS 7.4.2009), wordt een vraag ingevoegd ter identificatie van de belastingplichtigen met beroepsinkomsten die bij overeenkomst zijn vrijgesteld. Die belastingplichtigen komen immers niet voor de voormelde omzetting in aanmerking. Voor het overige komen alle categorieën van niet-inwoners voor deze maatregel in aanmerking.
j) Vak X, J: voor de belastingvermindering voor de verwerving van obligaties uitgegeven door het Startersfonds komen alle categorieën van niet-inwoners in aanmerking. Deze rubriek wordt opnieuw in de aangifte opgenomen als gevolg van de uitgifte van een nieuwe obligatielening van het Startersfonds in 2009.
k) Vak XI: voor het belastingkrediet voor de aankoop van een erkend pakket “Internet voor iedereen II” (ook “Start2surf@home” genoemd) (cf. W 6.5.2009 houdende diverse bepalingen – BS 19.5.2009) komen alle categorieën van niet-inwoners in aanmerking.
l) Vak XIII: omwille van technische overwegingen moeten de inkomsten van buitenlandse oorsprong en bij dubbelbelastingverdrag vrijgestelde inkomsten in de aangifte worden vermeld volgens het onderscheid beroepsinkomsten “zonder vermeerdering” / beroeps- inkomsten “met vermeerdering” / andere inkomsten (A. ALGEMEEN) en beroepsinkomsten “zonder vermeerdering” / beroepsinkomsten “met vermeerdering” (B. SPORTGERELATEERDE INKOMSTEN). Dit onderscheid werd voorheen reeds in het kader van de geautomatiseerde inkohiering van de aangiften door de taxatieagenten in aanmerking genomen.
Deel 2
m) Vak XVI, 6, a en XX, 3, a: voor de afzonderlijke belastbaarheid tegen een aanslagvoet van 12,5 pct. voor door de Europese Gemeenschappen als steunregeling voor de landbouwsector ingestelde zoogkoeienpremies en premies in het kader van de bedrijfstoeslagrechten (cf. Programmawet 23.12.2009 – BS 30.12.2009, Ed. 1) komen alle categorieën van niet-inwoners in aanmerking.
n) Vak XVI, 9: voor de vrijstelling van de opbrengsten geboekt ingevolge de homologatie van een reorganisatieplan of de vaststelling van een minnelijk akkoord door de rechtbank (cf. W 31.1.2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen – BS 9.2.2009) komen alle categorieën van niet-inwoners in aanmerking.
3. In de toelichting zijn de passages die wezenlijke wijzigingen hebben ondergaan, in de rand met een rode verticale stippellijn gemerkt; zij hebben hoofdzakelijk betrekking op de hierboven besproken aanpassingen.
Daarnaast wordt de aandacht nog gevestigd op de volgende punten:
a) ingevolge een wijziging, aangebracht aan art. 228, § 2, 7°, WIB 92 door art. 161 van de Wet van 22.12.2008 houdende diverse bepalingen (I) – BS 29.12.2008, Ed. 4 (inwerkingtreding: inkomsten die vanaf 1.1.2009 worden behaald of verkregen), worden voortaan aan de belasting van niet-inwoners onderworpen, de bezoldigingen ten laste van een niet-inwoner uit hoofde van een in België uitgeoefende werkzaamheid door een verkrijger die er voor die werkzaamheid tijdens enig tijdperk van 12 maanden gedurende meer dan 183 dagen verblijft (voorheen: “door een verkrijger die er in een belastbaar tijdperk gedurende meer dan 183 dagen verblijft”);
b) bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 1.1.2009 uit hoofde van een werkzaamheid uitgeoefend aan boord van een Belgisch koopvaardijschip door een zeeman die niet is ingeschreven op de lijst bedoeld in artikel 1°bis, eerste lid, 1°, van de besluitwet van 7.2.1945 betreffende de maatschappelijke veiligheid van de zeelieden ter koopvaardij, maken niet langer het voorwerp uit van een aangifte in de BNI/nat.pers. (art. 34.A en 34.B, Wet van 22.12.2009 houdende fiscale en diverse bepalingen – BS 31.12.2009, Ed. 2; let wel: voor de periode van 1.1.2009 tot 30.6.2009 is er in deze wet sprake van “bezoldigingen verkregen uit hoofde van een werkzaamheid uitgeoefend aan boord van een Belgisch koopvaardijschip door een zeeman die niet is ingeschreven in de Pool van de zeelieden ter koopvaardij”). De belasting op zulke bezoldigingen is dan gelijk aan de erop betrekking hebbende bedrijfsvoorheffing;
c) naast pensioenen, renten en als zodanig geldende toelagen betaald of toegekend door een rijksinwoner, een in België gevestigde publieke of privaatrechtelijke instelling of vennootschap, de Belgische Staat, gemeenschappen, gewesten, provincies, agglomeraties, federaties van gemeenten of gemeenten, of nog een Belgische inrichting van een niet-inwoner, moeten voortaan ook pensioenen, renten en als zodanig geldende toelagen betaald of toegekend door een niet-inwoner worden aangegeven wanneer de toekenning plaatsvindt onder één van de volgende omstandigheden (art. 31, 1° en 2°, Wet van 22.12.2009 houdende fiscale en diverse bepalingen – BS 31.12.2009, Ed. 2 – inwerkingtreding: inkomsten vanaf 1.1.2009 betaald of toegekend):
- de bijdragen of premies voor het pensioen, de rente of de toelage hebben aanleiding gegeven tot enig fiscaal voordeel in de inkomstenbelasting in hoofde van de schuldenaar van die bijdragen of premies (bv. een aftrek als beroepskost, een aftrekbare besteding of een belastingvermindering);
- de beroepsactiviteit uit hoofde waarvan het pensioen, de rente of de toelage wordt betaald of toegekend, werd geheel of gedeeltelijk in België uitgeoefend.
NAMENS DE MINISTER:
Voor de Administrateur-generaal van de fiscaliteit:
De Directeur,
S. QUINTENS
