Circulaire nr. Ci.RH.242/561.044 (AOIF 31/2004) dd. 03.08.2004
CIRC 03.08.04/1
Circulaire nr. Ci.RH.242/561.044 (AOIF 31/2004) dd. 03.08.2004
VERGOEDING VOOR CESSIE VAN MELKQUOTA
Vrijstelling van de vergoeding voor cessie van melkquota
Melkquota - Vrijstelling van de vergoeding voor de definitieve overdracht van referentiehoeveelheden aan het melkquotumfonds - Weerslag van het Besluit van de Vlaamse regering van 13 juni 2003 (BS 16.9.2003) en van het Besluit van de Waalse regering van 19 december 2002 (BS 07.04.2003).
Afschrift van onderstaande brief wordt aan alle ambtenaren van de niveaus 1, B en C tot kennisgeving en naricht toegezonden.
NAMENS DE MINISTER :
Voor de Administrateur-generaal
van de Belastingen en de Invordering :
De Auditeur-generaal van financiën,
G. DELSOIR
Circulaire nr. Ci.RH.242/561.044 (AOIF 31/2004) dd. 03.08.2004
VERGOEDING VOOR CESSIE VAN MELKQUOTA
Vrijstelling van de vergoeding voor cessie van melkquota
Melkquota - Vrijstelling van de vergoeding voor de definitieve overdracht van referentiehoeveelheden aan het melkquotumfonds - Weerslag van het Besluit van de Vlaamse regering van 13 juni 2003 (BS 16.9.2003) en van het Besluit van de Waalse regering van 19 december 2002 (BS 07.04.2003).
Afschrift van onderstaande brief wordt aan alle ambtenaren van de niveaus 1, B en C tot kennisgeving en naricht toegezonden.
NAMENS DE MINISTER :
Voor de Administrateur-generaal
van de Belastingen en de Invordering :
De Auditeur-generaal van financiën,
G. DELSOIR
| Federale Overheidsdienst FINANCIEN | Brussel, 5 juli 2004 |
| DE MINISTER | correspondentieadres Wetstraat 12, 1000 BRUSSEL Tel. 02 233 81 11 |
| De heer Jef TAVERNIER Vlaams minister van Leefmilieu, Landbouw en Ontwikkelingssamenwerking WTC III - 14de verdieping S. Bolivarlaan 30 1000 BRUSSEL |
| ons kenmerk Directie I/3 Ci.RH.242/561.044 |
| Inkomstenbelastingen. Vrijstelling van de vergoeding voor de definitieve overdracht van referentiehoeveelheden aan het melkquotumfonds Mijnheer de minister, Geachte collega, Naar aanleiding van de brief d.d. 12.11.2003, referte ME/LE/613/6/2534b, van uw voorganger, kan ik u mededelen dat de artikelen 25, 6°, a en 28, eerste lid, 3°, a, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) in een belastingvrijstelling voorzien voor de vergoedingen ontvangen naar aanleiding van het vrijmaken van referentiehoeveelheden overeenkomstig artikel 15 van het koninklijk besluit van 2 oktober 1996 betreffende de toepassing van de extra heffing in de sector melk en zuivelproducten. Ingevolge de regionalisering van het landbouwbeleid door de Bijzondere wet van 13 juli 2001 houdende overdracht van diverse bevoegdheden aan de gewesten en de gemeenschappen (BS 3.8.2001), werden de bepalingen van het voormelde koninklijk besluit vervangen door deze vervat in : - het Besluit van de Vlaamse regering van 13 juni 2003 betreffende de toepassing van de extra heffing in de sector melk en zuivelproducten (BS 16.9.2003); - het Besluit van de Waalse regering van 19 december 2002 betreffende de toepassing van de extra heffing in de sector melk en zuivelproducten (BS 7.4.2003). De voormelde besluiten hebben de reglementering betreffende de definitieve overdracht van melkquota evenwel niet substantieel gewijzigd. De bepalingen van artikel 15 van het koninklijk besluit van 2 oktober 1996 werden immers bijna letterlijk hernomen in artikel 15 van het Besluit van de Vlaamse regering van 13 juni 2003 en in artikel 15 van het Besluit van de Waalse regering van 19 december 2002. In die omstandigheden ben ik van mening dat de vrijstelling in kwestie verder toepasselijk is in afwachting van de noodzakelijke wetswijzigingen aan de artikelen 25, 6°, a en 28, eerste lid, 3°, a, WIB 92. Ik heb mijn administratie verzocht deze zienswijze door middel van een circulaire kenbaar te maken en de desbetreffende wetsontwerpen voor te bereiden. Met collegiale groeten, (w.g.) Didier Reynders |
| .be |
Bron: FisconetPlus
