Circulaire nr. 7/2010 d.d. 06.05.2010
(Circulaire AFZ nr. 5/2010)
Vlaams Gewest – Registratierechten – art. 140nonies, Vl.W.Reg. – Successierechten – art. 55 en 60bis, Vl.W.Succ.
Federale Overheidsdienst FINANCIEN
Patrimoniumdocumentatie
Kadaster, registratie en domeinen
Dienst I
Administratie van Fiscale Zaken
4de dienst - 2de directie
Bijlagen: 4
1. Decreet van 18 december 2009 houdende bepalingen tot begeleiding van de derde aanpassing van de begroting 2009;
2. Decreet van 18 december 2009 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2010.
In de 1ste editie van 30.12.2009 en in de 2de editie van 29.01.2010 van het Belgisch Staatsblad werden respectievelijk bekendgemaakt:
het decreet van 18 december 2009 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2010;
het decreet van 18 december 2009 houdende bepalingen tot begeleiding van de derde aanpassing van de begroting 2009.
Bij deze circulaire wordt een eerste commentaar bij deze decreten verstrekt in zoverre zij de Vlaamse registratie- en successierechten betreffen.
Van elk decreet wordt in bijlage (bijlagen 1 en 2) een uittreksel opgenomen met de teksten die het Vl.W.Reg. en/of het Vl.W.Succ. hebben gewijzigd. Bijlagen 3 en 4 bevatten de gecoördineerde artikelen van de in de respectieve wetboeken gewijzigde teksten.
Commentaar
1. Decreet van 18 december 2009 houdende bepalingen tot begeleiding van de derde aanpassing van de begroting 2009
Dit decreet wijzigt bij de artikelen 17 en 18 (1° en 2°) enkel artikel 60bis, Vl.W.Succ. Vermits de toepassing van de gewijzigde onderdelen van dat artikel door de diensten van het Vlaams Gewest wordt verzekerd, wordt voor de draagwijdte van de wijzigende bepalingen verwezen naar de omzendbrief die het Vlaams Gewest zal verspreiden. Bondig samengevat komen de wijzigingen respectievelijk neer op een verduidelijking van de participatievoorwaarde en (als crisismaatregel) op een tijdelijke schrapping van de tewerkstellingsvoorwaarde/loonlastenvoorwaarde.
Hier volstaat het nog op te merken dat het decreet ook een bepaling bevat die buiten het Vlaams Wetboek der successierechten werd gehouden (1). Het betreft de bepaling in artikel 18,3° van het decreet. Krachtens deze bepaling worden de vormelijke voorwaarden in § 10, 1° en 3° van artikel 60bis, Vl.W.Succ. tijdelijk buiten toepassing verklaard voor de overlijdens die plaatsvinden in de periode vanaf 01.04.2009 tot de datum van publicatie in het Belgisch Staatsblad (29.01.2010) van het decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de derde aanpassing van de begroting 2009.
----------
(1) Vlaams Parlement – stuk 233 (2009-2010) –Amendement Nr. 6, voorgesteld door de heren Jan Peumans, Koen Van den Heuvel en John Crombez, mevrouw Griet Smaers en de heren Kris Van Dijck en Dirk de Kort
Ter herinnering: de vormvoorwaarden (2) bepaald in de bedoelde § 10 zijn:
1° in de aangifte wordt uitdrukkelijk om de toepassing van artikel 60bis verzocht;
...
3° in de aangifte wordt in een afzonderlijke rubriek vermeld voor welke activa of aandelen de toepassing van artikel 60bis wordt gevraagd.
De verantwoording van de bepaling luidt als volgt (3):
De tijdelijke schrapping van de voorwaarde van loonlasten tijdens de constitutieve periode voor het overlijden treedt retroactief in werking op 1 januari 2009 (artikel 52, eerste lid van het ontwerp van decreet).
In artikel 60bis, §10, wordt echter een bijkomende voorwaarde gesteld voor het bekomen van de vrijstelling:
1° in de aangifte moet uitdrukkelijk om de toepassing van artikel 60bis worden verzocht;
2° het door de Vlaamse belastingdienst uitgereikte attest tewerkstelling en kapitaal moet bij de aangifte worden gevoegd;
3° in de aangifte wordt in een afzonderlijke rubriek vermeld voor welke activa of aandelen de toepassing van artikel 60bis wordt gevraagd.
Het spreekt voor zich dat de belastingplichtige erfgenamen van een familiale ondernemer - die is komen te overlijden in de periode vanaf 1 april 2009 tot de datum van publicatie van de maatregel in het Belgisch Staatsblad - nog geen kennis hadden van de gunstmaatregel en bijgevolg niet in de mogelijkheid waren om de toepassing van de vrijstelling in artikel 60bis, Vl.W.Succ. te vragen in de aangifte, terwijl ze er misschien wel recht op hadden. Rekening houdend met de termijnen in artikel 40, eerste lid, W.Succ. zal voor bepaalde overlijdens de aangiftetermijn al verstreken zijn.
Om de gelijkheid te garanderen tussen alle belastingplichtige erfgenamen van de eigenaar of de aandeelhouder van een familiebedrijf - die is komen te overlijden in de periode vanaf 1 april 2009 tot de datum van publicatie in het Belgisch Staatsblad van de maatregel – moet de formele voorwaarde in §10, 1° en 3°, gedurende die periode buiten toepassing worden verklaard.
De inwerkingtreding van deze maatregel volgt de inwerkingtreding van artikel 17 (4) zelf, namelijk op 1 januari 2009.
----------
(2) Op straffe van verval van de toepasselijkheid van artikel 60bis, Vl.W.Succ.
(3) Zie voetnoot 1.
(4) In de door het parlement aangenomen tekst is dat artikel 18 van het decreet geworden
2. Decreet van 18 december 2009 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2010
2.1. Wijziging artikel 55, Vl.W.Succ.
Het nieuwe tweede lid van het artikel breidt, naar analogie met wat reeds was geschied op het vlak van de Vlaamse schenkingsrechten (5), het toepassings-gebied van de vrijstelling uit tot de vergelijkbare publieke organen en instellingen die binnen de Europees Economische Ruimte gelokaliseerd worden.
----------
(5) zie circulaire 5/2004 van 07.04.2004 (nr. 8.4.3.) en circulaire nr. 6 /2009 van 07.04.2009 (punt 1.2)
----------
De E.E.R.-landen zijn: België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, IJsland, Letland, Liechtenstein, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Slovakije, Spanje, de Tsjechische Republiek, het Verenigd Koninkrijk en Zweden.
Ook in deze context (6) heeft de Vlaamse decreetgever niet gespecificeerd wat onder "vergelijkbare rechtspersonen en instellingen" moet worden verstaan.
----------
(6) Vgl. "gelijkaardige rechtspersonen" in artikel 140, tweede lid, Vl.W.Reg. – circulaires onder voetnoot 4.
----------
In ieder geval vallen binnen de Belgische federale staatsstructuur de Gemeenschappen en Gewesten (7) en hun instellingen, andere dan de Vlaamse, niet binnen het verruimde toepassingsgebied, omdat het niet gaat om "... die opgericht zijn volgens de wetgeving van een andere lidstaat (8) van de Europees Economische Ruimte en aan die wetgeving onderworpen zijn".
----------
(7) Bedoeld worden de Duitstalige gemeenschap, de Franse Gemeenschap, het Waals Gewest, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Gemeenschapscommissies ((VGC, COCOF, GGC)
(8) Vgl. met de formulering in artikel 140, tweede lid, Vl.W.Reg.: " gelijkaardige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte, ..." en de commentaar in Circulaire 6/2009 van 07.04.2009, punt 1.2.1. in fine.
Eigenlijk komen enkel de gefedereerde entiteiten of deelstaten van de andere lidstaten (9) van de E.E.R. (vb. de Bundesländer in Duitsland; de Bundesländer in Oostenrijk) en hun instellingen in aanmerking. De E.E.R-lidstaten (10) zelf (vb. de Bondsrepubliek Duitsland; de Republiek Oostenrijk) komen uiteraard niet in aanmerking voor de vrijstelling.
----------
(9) De E.E.R.-lidstaat moet dus een federale staatsstructuur hebben opdat het "deelgebied" de vrijstelling zou kunnen genieten. Van de E.E.R.-lidstaten hebben enkel België, Duitsland en Oostenrijk formeel een federale staatsstructuur. [Hoewel Spanje en het Verenigd Koninkrijk formeel nog éénheidsstaten zijn, neemt de administratie aan dat in de context van deze vrijstelling ze ook geldt voor de Spaanse autonome gemeenschappen of regio's (Comunidades Autónomas) Catalonië en Baskenland en voor Schotland, gelet op de mate van autonomie van deze deelgebieden ten opzichte van de overige deelgebieden in Spanje en het Verenigd Koninkrijk].
(10) Ongeacht of de lidstaat al dan niet een federale staat is. Dat geldt ook voor de Belgische Federale Staat.
2.2. Wijziging artikel 140nonies, Vl.W.Reg.
De toepassing van het tijdelijke voordeeltarief (11) voor de schenking van een voor woningbouw bestemde grond, wordt verlengd (12) tot 31.12.2011. Deze wijziging behoeft geen bijzondere toelichting.
----------
(11) De oorspronkelijke tijdelijke maatregel (einde 31.12.2005) was opgenomen in het decreet van het Vlaams Parlement van 20 december 2003 "houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2003" (B.S., 31.12.2002).
(12) Dit is de tweede maal dat de maatregel wordt verlengd. De eerste verlenging (tot 31.12.2009) werd gedaan in het decreet van het Vlaams Parlement van 23 december 2005 "houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2006" (B.S., 30.12.2005).
Voor de toelichting bij de gunstmaatregel in zijn geheel, wordt verwezen naar de circulaires (PATDOC) 3/2003 van 20.02.2003 (randnr. 1 van de commentaar) en 10/2006 van 15.05.2006 (randnr. 3 van de commentaar).
3. Inwerkingtreding
3.1. Decreet van 18 december 2009 houdende bepalingen tot begeleiding van de derde aanpassing van de begroting 2009
art. 17 van het decreet (verduidelijking van de participatievoorwaarde) treedt in werking op 01.01.2010;
art. 18 van het decreet (tijdelijke schrapping van de tewerkstellingsvoorwaarde/loonlastenvoorwaarde) heeft uitwerking gekregen op 01.01.2009.
Voor de praktische gevolgen van deze data van inwerkingtreding wordt verwezen naar de Omzendbrief die de Vlaamse Administratie zal opstellen. In bepaalde gevallen zal er aanleiding zijn tot teruggave (op verzoek) van op familiale ondernemingen geheven successierechten.
De tijdelijke niet toepassing van de vormelijke voorwaarden in § 10, 1° en 3° van artikel 60bis, Vl.W.Succ. (artikel 18, 3° van het decreet), volgt de inwerkingtreding van artikel 18 in zijn geheel, van het decreet. Ze geldt voor de overlijdens die hebben plaatsgevonden in de periode vanaf 01.04.2009 tot 29.01.2010.
3.2. Decreet van 18 december 2009 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2010
De artikelen 89 (wijziging artikel 55, Vl.W.Succ. en 93 (artikel 140nonies, Vl.W.Reg. – verlenging bijzonder tarief schenking bouwgronden) van het decreet zijn in werking getreden op 01.01.2010. De uitbreiding van het toepassingsgebied van artikel 55, Vl.W.Succ. geldt dus voor nalatenschappen opengevallen vanaf 01.01.2010. Het voordeeltarief van artikel 140nonies blijft ononderbroken van kracht tot 31.12.2011.
Zie Bijlage 1
Zie Bijlage 2
Zie Bijlage 3
Zie Bijlage 4
Interne ref.: AFZ: Dossier nr. 445 / Kad., reg. en domeinen: E.E./E.L. 198V
