Filippijnen - Circulaire Ci.R.9 Fil/328.958 d.d 12.01.1982
Onderrichtingen voor de toepassing van de Belgisch-Filippijnse overeenkomst van 2 oktober 1976 tot het vermijden van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen, en van het protocol.
Circ. 12.1.1982, nr. Ci.R.9.Fil./328.958.
I. BELANGRIJKE DATA.
1. Ondertekening van de Overeenkomst : 2 oktober 1976.
Goedkeuring: W. 20 juli 1979.
Publicatie: B.S. 24 juni 1980 (V. 1532 - B. 587).
Uitwisseling van de akten van bekrachtiging : 9 juni 1980.
Inwerkingtreding : 9 juli 1980.
Toepassing in België :
- op alle bij de bron verschuldigde belastingen op inkomsten die met ingang van 1 januari 1981 zijn toegekend of betaalbaar zijn gesteld ;
- op alle andere dan bij de bron verschuldigde belastingen geheven naar inkomsten van boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 1981 (aanslagjaar 1982 en volgende aj.).
II. ALGEMENE KENMERKEN.
2. Naast haar voornaamste oogmerk dat bestaat in het voorkomen van dubbele belasting inzake bestaande en toekomstige belasting naar het inkomen, stelt de overeenkomst volgens de gebruikelijke regels en met de gewone voorzorgsmaatregelen de uitwisseling van inlichtingen in, die nodig zijn niet alleen om uitvoering te geven aan de bepalingen van de overeenkomst maar ook aan die van de nationale wetten met betrekking tot de belastingen waarop de overeenkomst van toepassing is, zulks in het bijzonder om fraude en ontwijking van die belastingen te voorkomen (art. 26). Zij voorziet eveneens in een wederzijdse administratieve bijstand voor de betekening en de invordering van de in artikel 2 bedoelde belastingen (art. 27).
De Belgisch-Filippijnse overeenkomst is aangevuld met een Protocol dat de draagwijdte van artikel 7, § 1 van de overeenkomst nader toelicht. Aangezien de overeenkomst voor het overige grotendeels is opgemaakt volgens de andere door België gesloten overeenkomsten. worden hierna slechts de voornaamste bepalingen en hijzonderheden toegelicht.
III WERKINGSSFEER VAN DE OVEREENKOMST TEN AANZIEN VAN DE PERSONEN.
3. De overeenkomst geldt voor alle natuurlijke personen en rechtspersonen die, ongeacht hun nationaliteit, inwoner zijn van één Staat of van beide Staten (art. 1). Art. 28. 2, a) brengt evenwel aan de aldus omschreven personele werkingssfeer een inperking ten nadele van de Filippijnse staatsburgers die, ingevolge een bijzonderheid van de Filippijnse wetgeving en ondanks alle andere bepalingen van de overeenkomst, in de Filippijnen aan een belasting (op dit ogenblik gaande van 1 tot 3 pct.) mogen worden onderworpen uit hoofde van hun staatsburger schap, d.w.z. zelfs indien zij geen inwoner van dat land zijn.
lV. HET VOORKOMEN VAN DUBBELE BELASTING.
A. ONDERNEMINGSWINST.
1° Toewijzing van het recht van belastingheffing.
a) Algemene regel.
4. Winsten van een onderneming van een overeenkomstsluitende Staat mogen in de andere overeenkomstsluitende Staat slechts worden belast in zoverre als zij aan een in die andere Staat gelegen vaste inrichting kunnen worden toegerekend (art. 7, 8 1 ),
b) Bijzondere regel.
5. Winsten die door een onderneming van een overeenkomstsluitende Staat in de andere overeenkomstsluitende Staat worden verkregen uit de verkoop van goederen van dezelfde aard als die welke door haar aldaar gelegen vaste inrichting worden verkocht, of uit andere handelsverrichtingen van dezelfde aard als die welke door die vaste inrichting worden uitgevoerd, mogen eveneens in die andere Staat worden belast (en dit voor hun totaal bedrag), op voorwaarde dat :
- hetzij die vaste inrichting bij die verkoop of die verrichtingen is opgetreden (de tussenkomst van de inrichting moet op zijn minst klaarblijkelijk zijn) ;
- hetzij die verkopen of verrichtingen regelmatig voorkomen (art. 7, 1 en Protocol).
2° Definitie van de vaste inrichting.
6. De bijzondere aandacht wordt gevestigd op de volgende gevallen waarin een vaste inrichting in de zin van de Belgisch Filippijnse overeenkomst aanwezig wordt geacht :
- gebouwen gebruikt als verkooppunt (art. 5, 2, f)-) ;
- uitvoering van bouwwerken of van constructie- of montage werkzaamheden of werkzaamheden van toezicht daarop, indien de duur van die bouwwerken of werkzaamheden zes maanden overschrijdt (art. 5, 8 2, h)-) ;
- verstrekken van diensten, daaronder begrepen adviezen, door een onderneming door middel van eigen personeel, indien de duur van deze werkzaamheden in enig tijdvak van 12 maanden 183 dagen te boven gaat (art. 5, 2, i)-);
- opslagplaatsen aangehouden voor de aflevering van goede ren (cfr. de negatieve bepaling van art. 5, 3, a en b, die, in tegenstelling tot de soortgelijke bepalingen van vele andere overeenkomsten de uitdrukking « aflevering » niet omvat) ;
- niet-onafhankelijke vertegenwoordigers die over een voorraad goederen beschikken waaruit zij regelmatig bestellingen uitvoeren voor rekening van de onderneming (art. 5, 4, b)-) ;
- onafhankelijke vertegenwoordigers die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend voor rekening van één onderneming optreden (art. 5, 6, 2de zin) ;
- verzekeringsondernemingen (behalve met betrekking tot herverzekering) die premies innen of risico's verzekeren door middel van een niet-onafhankelijke vertegenwoordiger (art. 5, 5).
3° Kosten welke in mindering mogen worden gebracht van de aan de vaste inrichting toe te rekenen winst.
7. Alle voor de eigen behoeften van de vaste inrichting gemaakte kosten, ongeacht de plaats waar zij worden gemaakt, alsmede een passend aandeel in de kosten van leiding en de algemene beheerskosten mogen in mindering van de winsten van die vaste inrichting worden gebracht (art. 7, 3).
In dit verband worde evenwel opgemerkt dat bedragen - niet zijnde bedragen die terugbetalingen van werkelijke kosten vertegenwoordigen - die door de vaste inrichting worden betaald ter vergoeding van diensten in ruime zin, die haar worden bewezen door de hoofdzetel of door andere zetels van de onderneming, niet in aftrek van de winsten van die vaste inrichting mogen worden gebracht (art. 7, § 4).
4° Regeling voor Belgische vaste inrichtingen van Filippijnse vennootschappen of verenigingen.
8. Het tarief van de B.N.V./Ven. wordt beperkt tot het maximumtarief van de Ven.B. (art. 24, 5, a)-), d.i. op dit ogenblik 48 pct. ; de solidariteitsbijdragen (Sol. 1 en Sol. 2) zijn verschuldigd, volgens de regeling van het interne recht.
9. De regeling van het interne recht is van toepassing met betrekking tot de heffing van de R.V. op dividenden die door Belgische vaste inrichtingen worden verkregen en tot de niet verrekening van die R.V. - indien het om inkomsten van vaste deelnemingen gaat - met de B.N.Y./Ven. (art. 24, 5, b)-).
5° Zeevaart en luchtvaart.
10. Winsten die een onderneming van een overeenkomstsluitende Staat behaalt uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen, mogen in principe slechts worden belast in de overeenkomstsluitende Staat waarvan de onderneming inwoner is (art. 8, 1).
De Belgisch-Filippijnse overeenkomst wijkt aldus af van de bepalingen van de meeste andere overeenkomsten doordat het criterium van de plaats van de werkelijke leiding is vervangen door het criterium van de woonplaats.
11. Anderzijds mogen de winsten en voornamelijk die uit de exploitatie van schepen en luchtvaartuigen in internationaal verkeer (die uitdrukking is gedefinieerd in art. 3, 1, (h)-) worden belast in de overeenkomstsluitende Staat waaruit zij afkomstig zijn, maar de in die Staat geheven belasting mag niet hoger zijn dan 1,5 pct. van de aldaar door de onderneming verkregen bruto-ontvangsten. Indien de Filippijnen echter een lager tarief dan 1,5 pct. op de bruto-ontvangsten van een zee- of luchtvaart onderneming van een derde Staat mochten toepassen, zou dat lagere tarief automatisch in de Belgisch-Filippijnse betrekkingen toepassing vinden in plaats van het tarief van 1,5 pct. (art. 8, 2).
12. Anderdeels hebben de Filippijnen de verbintenis aangegaan om met betrekking tot de « business tax », zijnde nochtans een belasting waarop de overeenkomst niet van toepassing is, de Belgische zee- en luchtvaartondernemingen niet ongunstiger te behandelen dan gelijkaardige ondernemingen van een Europees of Noord-Amerikaans land.
Met betrekking tot Filippijnse zee- en luchtvaartondernemingen worde evenwel opgemerkt dat het recht van belastingheffing, dat ingevolge art. 8. 2 aan België is toegekend, slechts daadwerkelijk kan worden uitgeoefend indien de desbetreffende ondernemingen in België over een Belgische inrichting in de zin van art. 140, § 3, W.I.B. beschikken.
B. BELASTINGHEFFING VAN ROERENDE INKOMSTEN IN DE BRONSTAAT.
1° Algemeen.
13. De artikelen 10, 11 en 12 bepalen als volgt en onder de gewone voorwaarden de belastingregeling die in de bronstaat van toepassing is op roerende inkomsten die door inwoners van de andere Staat worden verkregen.
a) Dividenden (daaronder begrepen inkomsten van in Belgische personenvennootschappen belegde kapitalen).
De Belgische of de Filippijnse belasting, naar het geval, wordt beperkt tot :
- 15 pct. van het brutobedrag van de inkomsten indien dit bedrag in de woonstaat van de genieter van belasting is vrijgesteld (de beperking tot 15 pct. zal onder meer van toepassing zijn op dividenden die Belgische vennootschappen verkrijgen uit vaste deelnemingen in Filippijnse vennootschappen) ;
- 20 pct. van het brutobedrag van de inkomsten in de andere gevallen.
Voor dividenden leiden de bepalingen van de overeenkomst dus voor België slecht tot een werkelijke inperking van het recht van belastingheffing indien die inkomsten in de Filippijnen bij de genieter van belasting zijn vrijgesteld.
b) Interest.
De Belgische of de Filippijnse belasting, naar het geval wordt in de regel beperkt tot 15 pct. van het normale brutobedrag van de interest.
Afwijkende regelingen:
- de Filippijnse belasting wordt evenwel beperkt tot 10 pct. van het normale brutobedrag voor interest, door vennootschappen die inwoner zijn van de Filippijnen betaald aan inwoners van België ter zake van openbaar uitgegeven obligaties of gelijkaardige titels van schuldvorderingen (art. 11, § 3, c)-) ;
- vrijstelling van belasting geldt in de bronstaat voor interest die door een Staat, een staatkundig onderdeel of plaatselijke gemeenschap daarvan wordt betaald aan een inwoner van de andere Staat ter zake van obligaties of andere gelijkaardige titels van schuldvorderingen en voor interest van leningen die door bepaalde in gemeen overleg aangeduide instellingen worden toegestaan en gewaarborgd (art. 11, § 3, a) en b)-) (1).
------
(1) Omtrent de bedoelde instellingen is tot op dit ogenblik tussen België en de Filippijnen geen akkoord gesloten. Daaruit volgt dat de hier bedoelde vrijstelling van belasting nog geen toepassing kan vinden.
c) Royalty's.
De bronstaat moet het tarief zijn belasting beperken tot 25 pct. van het normale brutobedrag van de inkomsten.
Dit tarief wordt evenwel voor bepaalde royalty's uit bronnen in de Filippijnen teruggebracht tot 15 pct. ;
- royalty's voor films of banden voor televisie of radio ;
- royalty's die worden betaald door ondernemingen die bij de Filippijnse Dienst voor Investeringen zijn ingeschreven en hun werkzaamheden in begunstigde takken van bedrijf uitoefenen (art. 12, 2).
In de huidige stand van zaken leidt de overeenkomst dus niet, ten minste wat de R. V. betreft. tot een vermindering van de Belgische belasting op royalty's uit bronnen in België.
2° Roerende inkomsten uit bronnen in België verkregen door inwoners van de Filippijnen.
14. Voorlopig mag de vermindering of de vrijstelling van Belgische belasting worden verleend nadat de Filippijnse genieter van de inkomsten een woonplaatsattest heeft overgelegd dat door de Filippijnse belastingadministratie is afgeleverd. Het spreekt van zelf dat eveneens moet worden nagegaan of aan de andere in de overeenkomst gestelde voorwaarden tot het bekomen van die vermindering of vrijstelling eveneens is voldaan.
15. De Administratie is op dit ogenblik bezig met het uitwerken van formulieren 276 Div., 276 Int. en 276 R. die binnenkort door inwoners van alle landen waarmede België een overeenkomst heeft gesloten zullen moeten worden gebruikt om de verminderingen of vrijstellingen van Belgische belastingen bij de bron op hun roerende inkomsten uit bronnen in België te bekomen. De nodige onderrichtingen met betrekking tot die formulieren zullen eerlang worden verstrekt.
3° Roerende inkomsten uit bronnen in de Filippijnen verkregen door inwoners van België.
16. lnwoners van België die roerende inkomsten uit bronnen in de Filippijnen verkrijgen worden aangeraden, in afwachting dat de Filippijnse autoriteiten mededelen op welke wijze de vermindering of vrijstelling van Filippijnse belasting ingevolge de overeenkomst wordt verleend, een aanvraag tot het bekomen van de voordelen van de overeenkomst in te dienen. hetzij bij de schuldenaar van die inkomsten op het ogenblik van de betaalbaarstelling ervan, hetzij zo spoedig mogelijk na de betaling van de inkomsten bij de Filippijnse belastingadministratie.
Bij deze aanvraag moeten alle bewijsstukken worden gevoegd en in het bijzonder een woonplaatsattest, door de Belgische belastingdienst waarvan de genieter van de inkomsten afhangt afgeleverd door middel van een formulier 276 Conv. (cf. circ. nr Ci.R.9 Div./299.143 van 15 juni 1978).
C. VERMOGENSWINSTEN (art. 13).
17. Ter zake moet één bijzonderheid worden vermeld.
Meerwaarden verkregen uit de vervreemding van aandelen of delen uitgegeven door een vennootschap die inwoner is van een overeenkomstsluitende Staat, zijn ingevolge art. 13, § 3 van de Belgisch-Filippijnse overeenkomst in die Staat belastbaar.
Meerwaarden door een inwoner van de Filippijnen verkregen uit de vervreemding van aandelen of delen van een Belgische vennootschap zullen evenwel slechts daadwerkelijk aan een belasting kunnen worden onderworpen in de eerder zeldzame gevallen waarin de Belgische interne wetgeving in een belasting voorziet.
D. INKOMSTEN UIT ZELFSTANDIGE ARBEID (art. 14).
18. Inkomsten uit vrije beroepen of andere zelfstandige werkzaamheden van soortgelijke aard mogen in de bronstaat worden belast, indien :
- hetzij de genieter in die Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vaste basis beschikt ;
- hetzij de genieter in die Staat verblijft gedurende een tijdvak of meerdere tijdvakken die in het desbetreffende kalenderjaar een totaal van ten minste 120 dagen bereiken.
E. ARTIESTEN EN SPORTBEOEFENAARS (art. 17).
Algemene regel.
19. Inkomsten ter vergoeding van zelfstandige of van nietzelfstandige werkzaamheden die in een Staat worden uitgeoefend door artiesten of sportbeoefenaars die inwoner zijn van de andere Staat, mogen in principe in de eerstbedoelde Staat (de werkstaat) worden belast, zelfs indien die inkomsten aan een andere persoon dan de artiest of de sportbeoefenaar worden toegekend. Aldus mag België de inkomsten belasten die worden toegekend uit hoofde van artistieke of sportieve prestaties die door een inwoner van de Filippijnen in België worden verstrekt, zelfs indien die inkomsten zouden worden betaald bv. aan een vennootschap die inwoner is van de Filippijnen of van een derde Staat (in het laatste geval onder voorbehoud van de toepassing van de overeenkomst die België eventueel met die derde Staat zou hebben gesloten).
Uitzondering
20. De werkstaat moet evenwel vrijstelling verlenen (art. 17, § 3) :
- indien het bezoek van de artiesten of sportbeoefenaars in hoofdzaak wordt bekostigd uit de openbare middelen van hun woonstaat ; of
- indien de werkzaamheden van de artiesten of sportbeoefenaars worden verricht voor een lichaam zonder winstoogmerk waarvan de inkomsten in genendele worden betaald aan, of op een andere wijze ten eigen behoeve ter beschikking worden gesteld van, een eigenaar, een lid of aandeelhouder daarvan.
F. PARTICULIERE PENSIOENEN (art. 18).
21. Zoals in het merendeel van de door België gesloten overeenkomsten is bedongen, mogen pensioenen ter zake van een vroegere dienstbetrekking (niet zijnde pensioenen toegekend in de openbare sektor als bedoeld in art. 19) slechts worden belast in de woonstaat van de genieter.
Deze regel is evenwel niet van toepassing op pensioenen die worden betaald op grond van pensioenregelingen van Filippijnse ondernemingen die niet volgens de Filippijnse wetgeving zijn geregistreerd : die pensioenen mogen in de Filippijnen belast worden.
G. HOOGLERAREN EN LERAREN (art. 20).
22. Beloningen van hoogleraren en leraren die inwoner van België zijn of onmiddellijk tevoren waren en in de Filippijnen verblijven om gedurende een tijdvak van ten hoogste twee par aan een erkende onderwijsinrichting hogere studies voort te zetten, wetenschappelijk onderzoek te verrichten of onderwijs te geven, mogen slechts in België belast worden.
In het omgekeerde geval moet België vrijstelling verlenen voor beloningen van hoogleraren en leraren die inwoner zijn van de Filippijnen en die met dezelfde oogmerken in België verblijven gedurende een tijdvak van ten hoogste twee jaar.
H. STUDENTEN EN STAGIAIRS (art. 21).
23. Onder de in art. 21 bepaalde voorwaarden zijn studenten, stagiairs, bursalen, enz. vrijgesteld van belasting in de Staat waar zij tijdelijk verblijven ter zake van alle bedragen die zij uit het buitenland ontvangen ten behoeve van hun onderhoud, studie of opleiding alsmede ter zake van de hun toegekende toelagen, vergoedingen of prijzen.
Studenten en stagiairs zijn bovendien gedurende een periode van ten hoogste 3 jaar vrijgesteld van belasting in de Staat waar zij verblijven ter zake van beloningen, die per jaar 200.000 B.F. niet te boven gaan, voor persoonlijke diensten bewezen om zich bijkomende geldmiddelen ten behoeve van hun onderhoud, studie of opleiding te verschaffen.
J. BESTANDDELEN VAN HET INKOMEN DIE NIET UITDRUKKELIJK ZIJN VERMELD (art. 22).
24. Bestanddelen van het inkomen die niet uitdrukkelijk in de art. 6 tot 21 van de overeenkomst zijn vermeld mogen in de regel slechts worden belast in de Staat waarvan de genieter een inwoner is. Indien die bestanddelen van het inkomen evenwel u bronnen in. de andere overeenkomstsluitende Staat afkomstig zijn, mogen zij ook in die andere Staat worden belast.
K. HET VOORKOMEN VAN DUBBELE BELASTING IN BELGIE (art. 23, § 1).
25. De dubbele belasting van inkomsten die inwoners van België uit bronnen in de Filippijnen verkrijgen en die ingevolge de overeenkomst in de Filippijnen onbeperkt of beperkt mogen worden belast, wordt in de regel op de gewone wijze vermeden.
Er wordt in het bijzonder opgemerkt dat de in art. 22 bedoelde inkomsten (cf. nr. 24 hiervoren) die uit bronnen in de Filippijnen door een inwoner van België worden behaald van Belgische belastingen moeten worden vrijgesteld met inachtneming van de regel van het progressiebehoud (art. 23, § 1, a, ov.).
Bijzonderheden inzake de verrekening van het F.B.B. :
26. Met betrekking tot dividenden (andere clan dividenden die door een vennootschap uit een vaste deelneming worden verkregen), interest en royalty's die ingevolge de overeenkomst in de Filippijnen mogen worden belast, wordt het F.B.B. tegen het tarief van 15 pct. verrekend.
Het F.B.B. moet evenwel tegen het tarief van 20 pct. worden verrekend indien de bovenbedoelde inkomsten worden betaald door een onderneming die bij de Filippijnse Dienst voor Investeringen is ingeschreven en die haar werkzaamheden in begunstigde takken van bedrijf uitoefent.
V. WEDERZIJDSE BIJSTAND VOOR DE INVORDERING.
27. De wijze waarop die bijstand zal worden uitgevoerd, zal worden medegedeeld zodra daarover tussen de twee Administraties een akkoord is gesloten.
