Circulaire 2018/C/117 betreffende e-commerce (opgeheven)
FOD Financiën, 24.10.2018
Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen
Inhoudstafel
4.1. Te verstrekken gegevensvereisten
4.3.1. Aangifte voor het in het vrije verkeer brengen
a) Goederen waarvan de intrinsieke waarde niet meer dan 22 EUR bedraagt
b) Goederen waarvan de intrinsieke waarde meer dan 22 EUR bedraagt
5. Goederen in een postzending
5.1. Handelingen die worden geacht een douaneaangifte te vormen
5.2. Douaneaangifte voor goederen in postzendingen
5.3. Ontheffing van de verplichting tot indiening van een summiere aangifte bij binnenbrengen
1. Gebruikte letterwoorden
§ 1. Voor de toepassing van deze circulaire worden de volgende letterwoorden gebruikt:
a) DWU: douanewetboek van de Unie, gepubliceerd in Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en van de Raad van 9 oktober 2013 tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie (PBEU L 269 van 10 oktober 2013);
b) DWU DA: gedelegeerde handelingen van het DWU, opgenomen in de Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 2015/2446 van de Commissie van 28 juli 2015 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad met nadere regels betreffende een aantal bepalingen van het douanewetboek van de Unie (PBEU L 343 van 29 december 2015);
c) DWU IA: uitvoeringshandelingen van het DWU, opgenomen in de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 2015/2447 van de Commissie van 24 november 2015 houdende nadere uitvoeringsvoorschriften voor enkele bepalingen van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie (PBEU L 343 van 29 december 2015);
d) DWU TDA: gedelegeerde handelingen tijdens de overgangsperiode van het DWU, opgenomen in de Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 2016/341 van de Commissie van 17 december 2015 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en van de Raad met overgangsregels voor enkele bepalingen van het douanewetboek van de Unie voor de gevallen waarin de relevante elektronische systemen nog niet operationeel zijn, en tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 2015/2446 (PBEU L 69 van 15 maart 2016);
2. Definities
§ 2. Voor de toepassing van deze circulaire verstaat men onder:
a) e-commerce: alle transacties die door tussenkomst van een computernetwerk, bijvoorbeeld het internet, tot stand komen en die fysieke goederenstromen tot gevolg hebben die aan douaneformaliteiten onderworpen zijn;
b) douaneformaliteiten: alle handelingen die door een persoon en door de douaneautoriteiten moeten worden verricht om aan de douanewetgeving te voldoen;
c) douaneautoriteiten: de douanediensten van de lidstaten die bevoegd zijn voor de toepassing van de douanewetgeving, en alle overige autoriteiten die krachtens het nationale recht belast zijn met de toepassing van bepaalde onderdelen van de douanewetgeving;
d) douanewetgeving: het geheel van wetgeving bestaande uit de volgende elementen:
- het DWU en de op niveau van de Unie of op nationaal niveau vastgestelde bepalingen ter aanvulling of uitvoering ervan;
- het gemeenschappelijk douanetarief;
- de wetgeving betreffende de instelling van een Unieregeling inzake douanevrijstellingen;
- internationale overeenkomsten houdende douanevoorschriften, voor zover deze van toepassing zijn in de Unie;
e) douaneaangifte: de handeling waarbij een persoon in de voorgeschreven vorm en op de voorgeschreven wijze het voornemen kenbaar maakt om goederen onder een bepaalde douaneregeling te plaatsen, in voorkomend geval met opgave van eventuele specifieke procedures die moeten worden toegepast;
f) summiere aangifte bij binnenbrengen: de handeling waarbij een persoon de douaneautoriteiten in de voorgeschreven vorm en op de voorgeschreven wijze, en binnen een specifieke termijn, meedeelt dat goederen het douanegebied van de Unie zullen binnenkomen;
g) marktdeelnemer: de persoon die zich in het kader van zijn bedrijfsvoering bezighoudt met activiteiten die onder de douanewetgeving vallen;
h) persoon: een natuurlijk persoon, een rechtspersoon of een vereniging van personen die geen rechtspersoonlijkheid bezit maar krachtens het Unierecht of het nationale recht wel als handelingsbekwaam is erkend;
i) Uniegoederen: goederen behorende tot een van de volgende categorieën:
- goederen die geheel zijn verkregen in het douanegebied van de Unie zonder toevoeging van goederen die zijn ingevoerd uit landen of gebieden buiten het douanegebied van de Unie,
- goederen die in het douanegebied van de Unie zijn binnengebracht uit landen of gebieden buiten dat gebied en die in het vrije verkeer zijn gebracht,
- goederen die in het douanegebied van de Unie zijn verkregen of vervaardigd, hetzij uitsluitend uit goederen als bedoeld onder het tweede deelstreepje, hetzij uit goederen als bedoeld onder het eerste en tweede deelstreepje;
j) niet-Uniegoederen: andere dan de onder i) bedoelde goederen of goederen die de douanestatus van Uniegoederen hebben verloren;
k) douanestatus: de status van goederen, zijnde hetzij Unie-, hetzij niet-Uniegoederen;
l) aanbrengen bij de douane: mededeling aan de douaneautoriteiten dat de goederen bij het douanekantoor of op enige andere, door de douaneautoriteiten aangewezen of goedgekeurde plaats zijn aangekomen en beschikbaar zijn voor douanecontrole;
m) douanecontroles: door de douaneautoriteiten verrichte specifieke handelingen voor het waarborgen van de naleving van de douanewetgeving en andere wetgeving betreffende het binnenbrengen, het uitgaan, de doorvoer, het overbrengen, de opslag en de bijzondere bestemming van goederen die tussen het douanegebied van de Unie en landen of gebieden daarbuiten worden vervoerd, en betreffende de aanwezigheid en het verkeer binnen het douanegebied van de Unie van niet-Uniegoederen en goederen die onder de regeling bijzondere bestemming zijn geplaatst;
n) douaneregeling: een van de onderstaande regelingen waaronder goederen overeenkomstig het DWU kunnen worden geplaatst:
- in het vrije verkeer brengen,
- bijzondere regelingen,
- uitvoer;
o) goederen in postzendingen: andere goederen dan brievenpost, die deel uitmaken van een postpakket of collo en door of onder de verantwoordelijkheid van een postaanbieder worden vervoerd overeenkomstig de bepalingen van het Wereldpostverdrag, dat op 10 juli 1984 onder auspiciën van de Verenigde Naties tot stand is gekomen;
p) postaanbieder: een exploitant die is gevestigd in en aangewezen door een lidstaat om de onder het Wereldpostverdrag vallende internationale diensten te verlenen;
q) invoerrecht: het douanerecht dat bij de invoer van goederen verschuldigd is;
r) uitvoerrecht: het douanerecht dat bij de uitvoer van goederen verschuldigd is;
s) masterreferentienummer (MRN): het door de bevoegde douaneautoriteit toegekende registratienummer aan aangiften of kennisgevingen zoals bedoeld in artikel 5, punten 9 tot en met 14, van het DWU, aan TIR-operaties of aan bewijzen van de douanestatus van Uniegoederen;
t) overgangsperiode: overgangsperiode voor de ontwikkeling en de implementatie van de elektronische systemen van het DWU.
3. Wettelijke bepalingen
Voorafgaande opmerkingen
§ 3. Overeenkomstig artikel 117, onder a) van de DWU DA mag een ruimte voor tijdelijke opslag (RTO) niet gebruikt worden voor de detailhandel: verkoop op afstand, daaronder begrepen via het internet, is bijgevolg niet mogelijk vanuit een RTO.
Artikel 201, onder e) van de DWU DA bepaalt dat een douane-entrepot niet gebruikt mag worden voor de detailhandel, tenzij goederen in het klein worden verkocht op afstand, daaronder begrepen via het internet.
Overeenkomstig artikel 13 van het Koninklijk besluit van 5 februari 2016 betreffende het fabriceren en in de handel brengen van tabaksproducten is de verkoop en aankoop van tabaksproducten en soortelijke producten op afstand verboden.
Wettelijke bepalingen
§ 4. Inzake e-commerce zijn er geen specifieke wettelijke bepalingen opgenomen in het DWU, noch in de DWU DA, DWU IA of DWU TDA.
Wat de aangifteprocedure inzake e-commerce betreft, zijn bijgevolg de algemene bepalingen van de douanewetgeving van toepassing.
Overeenkomstig artikel 158, lid 2 van het DWU wordt een douaneaangifte in principe altijd elektronisch gedaan.
In bepaalde gevallen is het mogelijk om een mondelinge aangifte te doen of een aangifte door een andere handeling. Deze gevallen zijn opgesomd in de artikelen 135 t/m 144 van de DWU DA en de artikelen 217 t/m 220 van de DWU IA.
§ 5. Het DWU kent drie hoofdvormen van schriftelijke douaneaangiften:
- de standaard douaneaangifte,
- de vereenvoudigde douaneaangifte en
- de douaneaangifte door inschrijving in de administratie van de aangever.
De artikelen 170 t/m 176 van het DWU, het artikel 148 van de DWU DA en de artikelen 226 en 227 van de DWU IA bevatten de bepalingen die op alle douaneaangiften van toepassing zijn.
De bepalingen inzake de standaard douaneaangifte zijn opgenomen in de artikelen 162 t/m 165 van het DWU en het artikel 222 van het DWU.
De bepalingen inzake de vereenvoudigde douaneaangifte worden uiteengezet in de artikelen 166 t/m 169 van het DWU, de artikelen 145 t/m 147 van de DWU DA en de artikelen 223 en 224 van de DWU IA.
De douaneaangifte door inschrijving in de administratie van de aangever wordt behandeld in de artikelen 182 t/m 184 van het DWU, het artikel 150 van de DWU DA en de artikelen 233 t/m 236 van de DWU IA.
4. Aangiftemodaliteiten
4.1. Te verstrekken gegevensvereisten
§ 6. Artikel 2, lid 2 van de DWU DA bepaalt dat voor de uitwisseling en de opslag van informatie die voor douaneaangiften vereist is, de in bijlage B van de DWU DA (1) vastgestelde gemeenschappelijke gegevensvereisten gelden.
Overeenkomstig artikel 2, lid 4 van de DWU DA zijn de in bijlage B van de DWU DA vastgestelde gemeenschappelijke gegevensvereisten echter niet van toepassing tot de respectieve data van de uitrol of de upgrade van de relevante IT-systemen zoals bedoeld in de bijlage van het werkprogramma voor de ontwikkeling en de uitrol van elektronische systemen (2).
Tijdens de overgangsperiode zijn de in bijlage 9 van de DWU TDA vastgestelde gegevensvereisten van toepassing.
4.2. Te vermelden codes
§ 7. Artikel 2, lid 2 van de DWU IA bepaalt dat de codes voor de gemeenschappelijke gegevensvereisten zijn opgenomen in bijlage B van de DWU IA (3).
Overeenkomstig artikel 2, lid 4 van de DWU IA zijn de in bijlage B van de DWU IA vastgestelde codes echter niet van toepassing tot de respectieve data van de uitrol of de upgrade van de relevante IT-systemen zoals bedoeld in de bijlage van het werkprogramma voor de ontwikkeling en de uitrol van elektronische systemen.
Tijdens de overgangsperiode zijn de in bijlage 9 van de DWU TDA vastgestelde codes van toepassing.
4.3. Soorten aangiften
§ 8. Voor de in- en uitvoer inzake e-commerce worden hieronder de bepalingen voor de aangifte voor het vrije verkeer en de aangifte ten uitvoer uiteengezet.
4.3.1. Aangifte voor het in het vrije verkeer brengen
§ 9. Zendingen bestaande uit goederen met een te verwaarlozen waarde die rechtstreeks uit een derde land aan een geadresseerde in de Europese Unie worden verzonden, mogen met vrijstelling van invoerrechten en btw worden toegelaten.
Onder "zendingen met te verwaarlozen waarde" wordt verstaan goederen waarvan de intrinsieke waarde (4) per zending niet meer bedraagt dan:
- 22 EUR inzake btw;
- 150 EUR inzake rechten bij invoer.
Wat de rechten bij invoer betreft, wordt de aandacht gevestigd op het feit dat de vrijstelling enkel van toepassing is op zendingen die rechtstreeks worden verstuurd vanuit een derde land ter bestemming van een fysieke of rechtspersoon die zich in de Europese Unie bevindt. De zendingen die, voorafgaand aan hun in het vrije verkeer brengen, geplaatst zijn geweest onder een andere douaneregeling zijn bijgevolg uitgesloten.
Alcoholische producten, parfum, toiletwater, tabak en tabaksproducten zijn uitgesloten van de vrijstelling.
a) Goederen waarvan de intrinsieke waarde niet meer dan 22 EUR bedraagt
§ 10. Wanneer de intrinsieke waarde van de zending niet meer bedraagt dan 22 EUR wordt er in alle gevallen volledige vrijstelling van invoerrechten en btw verleend en worden deze zendingen zonder douaneformaliteiten toegelaten.
§ 11. Tot de datum van de upgrade van het nationale invoersysteem voor de lidstaat waar de goederen geacht worden te zijn aangegeven, worden goederen waarvan de intrinsieke waarde niet meer dan 22 EUR bedraagt, geacht te zijn aangegeven voor het vrije verkeer door het aanbrengen van deze goederen bij de douane overeenkomstig artikel 139 van het DWU, mits de vereiste gegevens door de douaneautoriteiten zijn aanvaard.
§ 12. Tot de datum van de upgrade van het invoercontrolesysteem wordt ontheffing verleend van de verplichting om een summiere aangifte bij binnenbrengen in te dienen voor goederen in een zending waarvan de intrinsieke waarde niet meer dan 22 EUR bedraagt, mits de douaneautoriteiten ermee instemmen dat, met goedkeuring van de marktdeelnemer, een risicoanalyse wordt verricht aan de hand van de informatie die aanwezig is in of wordt geleverd door het door de marktdeelnemer gebruikte systeem.
b) Goederen waarvan de intrinsieke waarde meer dan 22 EUR bedraagt
§ 13. Indien de intrinsieke waarde van de zending meer bedraagt dan 22 EUR maar minder dan 150 EUR, wordt er vrijstelling verleend van invoerrechten maar dient de btw te worden geïnd op de totale waarde van de zending, onverminderd de eventuele toepassing van andere vrijstellingsbepalingen.
Wanneer de intrinsieke waarde van de zending meer bedraagt dan 150 EUR dienen de invoerrechten en de btw te worden geïnd op de totale waarde van de zending, onverminderd de eventuele toepassing van andere vrijstellings-bepalingen.
§ 14. Overeenkomstig artikel 16, lid 2 van de DWU TDA kunnen de douane- autoriteiten tot de datum van de upgrade van het nationale invoersysteem, wanneer een persoon toestemming heeft gekregen voor het regelmatige gebruik van een vereenvoudigde aangifte zoals bedoeld in artikel 166, lid 2, van het DWU, een handels- of administratief document aanvaarden als een vereenvoudigde aangifte op voorwaarde dat dat document ten minste de gegevens bevat die nodig zijn voor de identificatie van de goederen, en het vergezeld gaat van een aanvraag om de goederen onder de desbetreffende douaneregeling te plaatsen.
Voor de aanvraag voor het plaatsen van de goederen onder de betrokken douaneregeling kan een bericht gegenereerd worden dat de Uniecode voor de gevraagde en de voorafgaande douaneregeling bevat.
§ 15. Het handels- of administratief document doet dienst als vereenvoudigde aangifte en moet ter beschikking worden gehouden door de marktdeelnemer. Er moet tevens een aanvullende aangifte ingediend worden waarop alle gegevens (met uitzondering van de gegevens voor vak 31) voor de betrokken douaneregeling vermeld dienen te worden.
§ 16. Voor de aansluiting tussen de vereenvoudigde aangifte en de aanvullende aangifte zal in vak 40 van de aanvullende aangifte IM Y (of EU Y OF CO Y) verwezen moeten worden naar de vereenvoudigde aangifte d.m.v. een code die bestaat uit 3 elementen:
- eerste element: code Y (verwijst naar de oorspronkelijke aangifte, in casu de vereenvoudigde aangifte);
- tweede element: de code die wordt gebruikt voor het betrokken handels- of administratief document (deze codes zijn opgenomen in aanhangsel D1 van bijlage 9 van de DWU TDA, alsook in bijvoegsel 5 van de toelichting van het Enig document);
- derde element: nummer en datum van het betrokken handels- of administratief document.
Voorbeelden:
1) als vereenvoudigde aangifte wordt een handelsfactuur gebruikt; in vak 40 van de aanvullende aangifte dient dan de code 'Y-380-nr. en datum van de handelsfactuur' vermeld te worden;
2) als vereenvoudigde aangifte wordt een luchtvrachtbrief gebruikt; in vak 40 van de aanvullende aangifte dient dan de code 'Y-740-nr. en datum van de luchtvrachtbrief' vermeld te worden;
3) als vereenvoudigde aangifte wordt een goederenmanifest gebruikt; in vak 40 van de aanvullende aangifte dient dan de code 'Y-785-nr. en datum van het goederenmanifest' vermeld te worden.
4.3.2. Aangifte ten uitvoer
a) Mondelinge aangifte ten uitvoer
§ 17. De aangifte ten uitvoer kan mondeling worden gedaan voor goederen met een handelskarakter, mits de waarde ervan niet meer dan 1.000 EUR bedraagt of de nettomassa ervan niet hoger is dan 1.000 kg.
De mondelinge aangifte ten uitvoer wordt gedaan door een mondelinge mededeling aan de douane dat de aangever van plan is om Uniegoederen buiten het grondgebied van de Unie te (laten) voeren. Op een mondelinge aangifte ten uitvoer zijn dezelfde controlebepalingen van toepassing als op een elektronische aangifte ten uitvoer. Dat betekent dus dat bij een mondelinge aangifte bescheiden gevraagd kunnen worden, de goederen onderzocht kunnen worden en monstername mogelijk is.
Een mondelinge aangifte ten uitvoer wordt gedaan op het douanekantoor dat bevoegd is voor de plaats van uitgang van de goederen. Voor deze vorm van aangifte doen geldt geen wettelijke termijn.
b) Elektronische aangifte ten uitvoer
§ 18. De aangifte ten uitvoer moet verplicht elektronisch worden ingediend voor goederen met een handelskarakter:
- waarvan de waarde meer dan 1.000 EUR bedraagt (zelfs als hun nettomassa niet hoger is dan 1.000 kg)
of
- waarvan de nettomassa hoger is dan 1.000 kg (zelfs als hun waarde niet meer dan 1.000 EUR bedraagt).
Er kan gebruik worden gemaakt van een vereenvoudigde aangifte.
Bij het indienen van deze aangifte in PLDA zijn tijdens de overgangsperiode de gegevensvereisten van tabel 7 van aanhangsel A van bijlage 9 van de DWU TDA van toepassing. In deze tabel zijn de gegevensvereisten voor de vereenvoudigde aangiften opgenomen, van toepassing vanaf 1 mei 2016 tijdens de overgangsperiode.
Er moet tevens een aanvullende aangifte ingediend worden waarop alle gegevens voor de betrokken douaneregeling vermeld dienen te worden.
Voor de aansluiting tussen de vereenvoudigde aangifte en de aanvullende aangifte dient in vak 40 van de aanvullende aangifte EX Y (of EU Y OF CO Y) verwezen te worden naar de vereenvoudigde aangifte d.m.v. een code die bestaat uit 3 elementen:
- eerste element: code Y (verwijst naar de oorspronkelijke aangifte, in casu de vereenvoudigde aangifte);
- tweede element: de code EX (of EU of CO) die aanduidt dat de vereenvoudigde aangifte is opgesteld op basis van het Enig document (in casu een aangifte ten uitvoer);
- derde element: het MRN van de vereenvoudigde aangifte.
Voorbeeld
Indien het MRN van de vereenvoudigde aangifte 15BEE0000012345678 is en de goederen worden uitgevoerd naar Japan, dient in vak 40 van de aanvullende aangifte de volgende code vermeld te worden:
Y-EX-15BEE0000012345678
5. Goederen in een postzending
5.1. Handelingen die worden geacht een douaneaangifte te vormen
§ 19. Door aanbrenging bij de douane overeenkomstig artikel 139 van het DWU worden goederen in een postzending, die in aanmerking komen voor vrijstelling van invoerrechten krachtens de artikelen 23 tot en met 27 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 betreffende de instelling van een communautaire regeling inzake douanevrijstellingen, geacht te zijn aangegeven voor het vrije verkeer, mits de vereiste gegevens door de douaneautoriteiten zijn aanvaard.
§ 20. Door uitgang uit het douanegebied van de Unie worden goederen in een postzending, waarvan de waarde niet meer dan 1.000 EUR bedraagt en waarvoor geen uitvoerrechten verschuldigd zijn, geacht te zijn aangegeven voor uitvoer.
5.2. Douaneaangifte voor goederen in postzendingen
§ 21. Een postaanbieder kan voor goederen in een postzending een douaneaangifte voor het vrije verkeer met de beperkte gegevensset zoals bedoeld in bijlage B van de DWU DA indienen, wanneer deze goederen aan alle volgende voorwaarden voldoen:
a) de waarde ervan is niet hoger dan 1.000 EUR;
b) er is geen aanvraag tot terugbetaling of kwijtschelding voor deze goederen gedaan;
c) zij zijn niet onderworpen aan verboden en beperkingen.
§ 22. Tot de datum van de upgrade van het nationale invoersystemen voor het indienen van kennisgevingen van aanbrengen wordt de douaneaangifte voor het in het vrije verkeer brengen van goederen in postzendingen zoals bedoeld in § 21 geacht te zijn ingediend en aanvaard door de handeling waarbij de goederen bij de douane zijn aangebracht, mits zij vergezeld gaan van een CN22-verklaring of een CN23-verklaring of beide.
5.3. Ontheffing van de verplichting tot indiening van een summiere aangifte bij binnenbrengen
§ 23. Tot 31 december 2020 moet geen summiere aangifte bij binnenbrengen worden ingediend voor goederen in postzendingen waarvan het gewicht niet meer dan 250 g bedraagt.
Wanneer goederen in postzendingen waarvan het gewicht meer dan 250 g bedraagt, het douanegebied van de Unie worden binnengebracht zonder dat zij door een summiere aangifte bij binnenbrengen gedekt zijn, worden geen sancties opgelegd. Bij het aanbrengen van de goederen wordt een risicoanalyse verricht, indien mogelijk op basis van de aangifte voor tijdelijke opslag of de douaneaangifte voor die goederen.
Uiterlijk 31 december 2020 evalueert de Commissie de situatie van goederen in postzendingen overeenkomstig deze paragraaf om eventueel noodzakelijke wijzigingen aan te brengen rekening houdende met het gebruik van elektronische middelen door postaanbieders ter dekking van het vervoer van goederen.
§ 24. Tot de datum van de upgrade van het invoercontrolesysteem is § 23 niet van toepassing en wordt ontheffing verleend van de verplichting om een summiere aangifte bij binnenbrengen in te dienen voor goederen in postzendingen.
Voor de Administrateur-generaal van de douane en accijnzen:
De Adviseur-generaal,
Jo LEMAIRE
(1) De bijlage B van de DWU DA bevat de gemeenschappelijke gegevensvereisten voor aangiften, kennisgevingen en bewijs van de douanestatus van Uniegoederen.
(2) Het eerste werkprogramma werd vastgesteld bij Uitvoeringsbesluit 2014/255/EU van de Commissie van 29 april 2014 en werd geactualiseerd door Uitvoeringsbesluit (EU) 2016/578 van de Commissie van 11 april 2016 tot vaststelling van het werkprogramma voor de ontwikkeling en de uitrol van de elektronische systemen waarin het douanewetboek van de Unie voorziet (PBEU L 99 van 15 april 2016).
(3) De bijlage B van de DWU IA bevat de formaten en codes van de gemeenschappelijke gegevensvereisten voor aangiften, kennisgevingen en bewijs van de douanestatus van Uniegoederen.
(4) Onder "intrinsieke waarde" dient te worden verstaan de waarde van de goederen alleen (zonder de transport- en verzekeringskosten).
———
Interne ref.: D.I. 530.9 - OEO D.D. 014.454
