Circulaire 2019/C/82 betreffende de gezinssituatie van de belastingplichtigen
Deze circulaire bevat een FAQ betreffende de gezinssituatie van de belastingplichtigen – Nieuwe versie
FOD Financiën, 30.08.2019
Algemene Administratie van de Fiscaliteit – Personenbelasting
1.1. Wij wonen samen. Hoe zullen wij belast worden?
1.2. Wat is wettelijke samenwoning?
1.3. Is het fiscaal interessanter om feitelijk of wettelijk samen te wonen?
1.4. Wij hebben in 2018 een verklaring van wettelijke samenwoning afgelegd. Hoe moeten wij onze belastingaangifte invullen?
1.5. Wij zijn wettelijk samenwonenden. Moeten wij een gezamenlijke aangifte indienen?
1.6. Mijn wettelijk samenwonende partner werkt niet. Kan ik hem/haar ten laste nemen?
1.7. Wij hebben in 2018 onze wettelijke samenwoning beëindigd. Hoe moeten wij onze belastingaangifte invullen?
2.1. Ik ben gehuwd. Moet ik met mijn echtgeno(o)t(e) een gezamenlijke belastingaangifte invullen? Hoe worden wij belast?
2.2. Wij zijn in 2018 gehuwd. Hoe moeten wij onze belastingaangifte invullen?
2.3. Wij zijn in 2018 gehuwd, maar woonden voordien wettelijk samen. Hoe moeten wij onze belastingaangifte invullen?
2.4. Mijn echtgeno(o)t(e) gaat niet werken. Kan ik hem/haar ten laste nemen?
3.1. Ik ben in 2018 uit de echt gescheiden. Hoe moet ik mijn belastingaangifte in 2019 invullen?
3.2. Wat is het gevolg van de echtscheiding voor de betaling van mijn belastingen?
3.3. Wat gebeurt er met de belastingen van mijn ex-echtgenoot voor het jaar van de echtscheiding?
4.1. Wat is een feitelijke scheiding?
4.2. Is er sprake van een feitelijke scheiding bij een tijdelijke verwijdering van de woonplaats?
4.3. Wat is het verschil tussen een feitelijke scheiding en een scheiding van tafel en bed?
4.4. Wij zijn feitelijk gescheiden. Hoe moeten wij onze belastingaangifte indienen?
4.5. Wat is het gevolg voor de betaling van mijn belastingen?
4.6. Wat moet ik doen als de ontvanger eist dat ik de belastingen van mijn echtgenoot betaal?
5.1. Ik ben gescheiden van mijn echtgenoot of partner. Wie krijgt het belastingvoordeel voor kinderen ten laste?
5.2. Welke belastingverminderingen (supplementen op de belastingvrije som) voor kinderen ten laste kunnen onder de ouders worden verdeeld?
5.3. Voor welke kinderen is de verdeling van het belastingvoordeel van toepassing?
5.4. Hoe moet ik mijn aangifte invullen wanneer het belastingvoordeel voor kinderen ten laste moet worden verdeeld?
5.5. Is de verdeling van het belastingvoordeel voor kinderen ten laste alleen van toepassing op uit de echt gescheiden personen?
5.6. Kan ik tegelijkertijd genieten van de belastingvermindering voor kinderopvang en van de verdeling van het belastingvoordeel voor éénzelfde kind?
5.7. Kan ik tegelijkertijd genieten van de fiscale aftrek voor onderhoudsuitkeringen en van de verdeling van het belastingvoordeel voor éénzelfde kind?
6.1. Kan ik als alleenstaande ouder een extra belastingvoordeel voor kinderen ten laste krijgen?
6.2. Kan ik het belastingvoordeel voor kinderen ten laste met mijn ex-partner delen?
1. Samenwonen
1.1. Wij wonen samen. Hoe zullen wij belast worden?
Dat is afhankelijk van uw situatie.
Er zijn twee types van samenwoning:
- de wettelijke samenwoning (zie hieronder)
- de feitelijke samenwoning: u woont samen met een persoon zonder getrouwd te zijn en zonder een verklaring van wettelijke samenwoning gedaan te hebben.
Als u feitelijk samenwoont wordt u fiscaal beschouwd als alleenstaanden. U krijgt dus elk apart uw aangifte en u wordt elk afzonderlijk belast.
1.2. Wat is wettelijke samenwoning?
Onder 'wettelijke samenwoning' wordt verstaan de toestand van samenleven van twee personen die een verklaring van wettelijke samenwoning hebben afgelegd bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeenschappelijke woonplaats.
Het doel is personen die samenwonen een bepaalde wettelijke bescherming te geven buiten het juridisch kader van het huwelijk.
Om hun wettelijke samenwoning tot stand te brengen, moeten de twee personen zich aanbieden bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeenschappelijke woonplaats om een schriftelijke verklaring af te leggen die tegen ontvangstbewijs wordt overhandigd. De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt melding van de verklaring van wettelijke samenwoning in het bevolkingsregister.
Op het vlak van de personenbelasting zijn wettelijk samenwonenden volledig gelijkgesteld met gehuwden.
Opgelet!
Het is niet omdat u sinds vele jaren met een persoon samenwoont, dat u wettelijk samenwonenden bent! Om als wettelijk samenwonenden te worden beschouwd, moeten u en uw partner een verklaring van wettelijke samenwoning hebben afgelegd bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van uw gemeenschappelijke woonplaats.
1.3. Is het fiscaal interessanter om feitelijk of wettelijk samen te wonen?
Voor de personenbelasting worden wettelijk samenwonenden volledig gelijkgesteld met gehuwden.
Ook al kan een wettelijk samenwonende partner nooit ten laste zijn, kan het fiscaal toch interessanter zijn om wettelijk samen te wonen. Dat is vooral het geval als één van de partners geen of heel weinig inkomsten heeft.
Zo heeft u voor het jaar waarin u de verklaring van wettelijke samenwoning doet, en als het bedrag van de nettobestaansmiddelen van uw partner niet hoger is dan 3.270 euro (aanslagjaar 2019, inkomsten 2018), recht op een belastingvoordeel toegekend in de vorm van een toeslag op de belastingvrije som. Heeft u recht op dat voordeel, kruis dan in uw aangifte het vakje bij code 1004 (vak II) aan.
Voor de volgende jaren wordt voor u, als u aan de voorwaarden voldoet, automatisch het 'huwelijksquotiënt' toegepast. Dat zorgt ervoor dat tijdens de berekening van de belasting een deel van de beroepsinkomsten van de partner met het grootste inkomen overgeheveld wordt naar de andere partner. Dat deel wordt aan een lager tarief belast waardoor in principe uw verschuldigde belasting daalt.
Voorwaarden:
- u moet een gezamenlijke aangifte indienen (het huwelijksquotiënt wordt dus niet toegekend voor het jaar van de verklaring van wettelijke samenwoning)
- de beroepsinkomsten van de partner met het laagste inkomen moeten minder zijn dan 30 % van de totale beroepsinkomsten van beide partners samen.
Het huwelijksquotiënt wordt dus toegevoegd aan de beroepsinkomsten van de partner met het laagste inkomen totdat zijn inkomen 30 % bereikt van de totale beroepsinkomsten van beide partners samen. Het huwelijksquotiënt bedraagt maximum 10.720 euro (aanslagjaar 2019, inkomsten 2018).
Het huwelijksquotiënt wordt niet toegepast als het een verhoging van de verschuldigde belasting zou veroorzaken.
1.4. Wij hebben in 2018 een verklaring van wettelijke samenwoning afgelegd. Hoe moeten wij onze belastingaangifte invullen?
Als u in 2018 een verklaring van wettelijke samenwoning hebt afgelegd moet u in 2019 nog elk apart uw belastingaangifte invullen, waarin u uw eigen inkomsten en de inkomsten van de kinderen waarvan u het wettelijk genot van de inkomsten heeft (in principe de inkomsten van uw niet-ontvoogde minderjarige kinderen behalve het onderhoudsgeld en de beroepsinkomsten) vermeldt.
Omdat u afzonderlijk belast wordt in 2019 mogen uw gemeenschappelijke kinderen maar door één van u beiden ten laste worden genomen (als aan alle voorwaarden voldaan zijn).
Opgelet: Uw wettelijk samenwonende partner mag nooit als persoon ten laste worden aangemerkt. Als voor het jaar van de verklaring van de wettelijke samenwoning, het bedrag van zijn nettobestaansmiddelen niet hoger is dan 3.270 euro (aanslagjaar 2019, inkomsten 2018) heeft u recht op een belastingvoordeel toegekend in de vorm van een toeslag op de belastingvrije som. Heeft u recht op dat voordeel, kruis dan in uw aangifte het vakje bij code 1004 (vak II) aan.
1.5. Wij zijn wettelijk samenwonenden. Moeten wij een gezamenlijke aangifte indienen?
Als wettelijk samenwonenden worden jullie gelijkgesteld met gehuwde personen. Jullie moeten dus in principe een gezamenlijke aangifte indienen en worden samen belast.
Op die regel bestaan een aantal uitzonderingen:
- voor het jaar van de verklaring van de wettelijke samenwoning
- voor het jaar van overlijden van één van de partners
- ingeval van feitelijke scheiding
- voor het jaar waarin de wettelijke samenwoning eindigt om een andere reden dan het overlijden van één van de partners
- indien één van de partners ambtenaar, ander personeelslid of gepensioneerde is van een internationale organisatie en beroepsinkomsten heeft verkregen die bij overeenkomst zijn vrijgesteld en niet in aanmerking komen voor de berekening van de belasting op zijn andere inkomsten en die een bepaald bedrag overschrijden (dat bedrag is gelijk aan 10.720 euro voor aanslagjaar 2019, inkomsten 2018).
1.6. Mijn wettelijk samenwonende partner werkt niet. Kan ik hem/haar ten laste nemen?
U kunt uw wettelijk samenwonende partner nooit ten laste nemen.
Als u of uw wettelijk samenwonende partner geen of weinig beroepsinkomsten (loon, werkloosheidsuitkering, pensioen, …) heeft, dan geniet u echter wel automatisch van het 'huwelijksquotiënt'. Dat zorgt ervoor dat tijdens de berekening van de belasting een deel van de beroepsinkomsten van de partner met het grootste inkomen overgeheveld wordt naar de andere partner. Dat deel wordt dan aan een lager tarief belast waardoor in principe uw verschuldigde belasting daalt.
Voorwaarden:
- u moet een gezamenlijke aangifte indienen (het huwelijksquotiënt wordt dus niet toegekend voor het jaar van de verklaring van de wettelijke samenwoning)
- de beroepsinkomsten van de partner met het laagste inkomen moeten minder zijn dan 30 % van de totale beroepsinkomsten van beide partners samen.
Het huwelijksquotiënt wordt dus toegevoegd aan de beroepsinkomsten van de partner met het laagste inkomen totdat zijn/haar inkomen 30 % bereikt van de totale beroepsinkomsten van beide partners samen. Het huwelijksquotiënt bedraagt maximum 10.720 euro (aanslagjaar 2019, inkomsten 2018).
Het huwelijksquotiënt wordt niet toegepast als het een verhoging van de verschuldigde belasting zou veroorzaken.
1.7. Wij hebben in 2018 onze wettelijke samenwoning beëindigd. Hoe moeten wij onze belastingaangifte invullen?
Als u in 2018 voor de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeenschappelijke woonplaats een verklaring hebt afgelegd om uw wettelijke samenwoning te beëindigen, krijgt u in 2019 elk uw eigen aangifte waarin u uw eigen inkomsten en de inkomsten van de kinderen waarover u het wettelijk genot van de inkomsten heeft (in principe de inkomsten van uw niet-ontvoogde minderjarige kinderen, behalve het onderhoudsgeld en de beroepsinkomsten) vermeldt. De administratie vestigt twee afzonderlijke aanslagen.
In de volgende gevallen zijn er andere regels:
Feitelijke scheiding (u woont niet meer samen maar u hebt geen verklaring van beëindiging afgelegd)
Huwelijk
Overlijden
2. Huwelijk
2.1. Ik ben gehuwd. Moet ik met mijn echtgeno(o)t(e) een gezamenlijke belastingaangifte invullen? Hoe worden wij belast?
Echtgenoten moeten in principe een gezamenlijke aangifte indienen waarin zij hun eigen inkomsten en de inkomsten van hun kinderen waarvan zij het wettelijk genot van de inkomsten hebben (in principe de inkomsten van hun niet-ontvoogde minderjarige kinderen behalve het onderhoudsgeld en de beroepsinkomsten) vermelden. Die belasting wordt gevestigd op naam van beide echtgenoten.
Er zijn echter bijzondere regels van toepassing:
- voor het jaar van huwelijk
- voor het jaar van overlijden van één van de echtgenoten
- voor het jaar van de echtscheiding
- ingeval van feitelijke scheiding
- voor het jaar van de scheiding van tafel en bed (en voor de volgende jaren zolang er geen verzoening is tussen de echtgenoten)
- indien één van de echtgenoten ambtenaar, ander personeelslid of gepensioneerde is van een internationale organisatie en beroepsinkomsten heeft verkregen die bij overeenkomst zijn vrijgesteld en niet in aanmerking komen voor de berekening van de belasting op zijn andere inkomsten en die een bepaald bedrag overschrijden (dat bedrag is gelijk aan 10.720 euro voor aanslagjaar 2019, inkomsten 2018).
2.2. Wij zijn in 2018 gehuwd. Hoe moeten wij onze belastingaangifte invullen?
Als u gehuwd bent in 2018 (en u niet al wettelijk samenwoonde in 2017) moet u in 2019 nog elk apart een belastingaangifte invullen, waarin u uw eigen inkomsten en de inkomsten van de kinderen waarvan u het wettelijk genot van de inkomsten heeft (in principe de inkomsten van uw niet-ontvoogde minderjarige kinderen behalve het onderhoudsgeld en de beroepsinkomsten) vermeldt.
Omdat u afzonderlijk belast wordt in 2019 mogen uw gemeenschappelijke kinderen maar door één van u beiden ten laste worden genomen (als aan alle voorwaarden voldaan zijn).
Opgelet: Uw echtgenoot mag nooit als persoon ten laste worden aangemerkt. Als voor het jaar van het huwelijk het bedrag van zijn nettobestaansmiddelen niet hoger is dan 3.270 euro (aanslagjaar 2019, inkomsten 2018) heeft u recht op een belastingvoordeel toegekend in de vorm van een toeslag op de belastingvrije som. Heeft u recht op dat voordeel, kruis dan in uw aangifte het vakje bij code 1004 (vak II) aan.
2.3. Wij zijn in 2018 gehuwd, maar woonden voordien wettelijk samen. Hoe moeten wij onze belastingaangifte invullen?
Als u in 2017 wettelijk samenwoonde en u in 2018 bent gehuwd, dan moet u in 2019 in principe een gezamenlijke aangifte indienen en zal u gezamenlijk belast worden.
Als u een verklaring van wettelijke samenwoning ingediend heeft in 2018 moeten u en uw echtgenoot elk een afzonderlijke aangifte indienen in 2019.
2.4. Mijn echtgeno(o)t(e) gaat niet werken. Kan ik hem/haar ten laste nemen?
U kunt uw echtgeno(o)t(e) nooit ten laste nemen.
Als u of uw echtgeno(o)t(e) geen of weinig beroepsinkomsten (loon, werkloosheidsuitkering, pensioen, …) heeft, dan geniet u echter wel automatisch van het 'huwelijksquotiënt'. Dat zorgt ervoor dat tijdens de berekening van de belasting een deel van de beroepsinkomsten van de echtgenoot met het grootste inkomen overgeheveld wordt naar de andere echtgenoot. Dat deel wordt dan aan een lager tarief belast waardoor in principe uw verschuldigde belasting daalt.
Voorwaarden:
- u moet een gezamenlijke aangifte indienen (het huwelijksquotiënt wordt dus niet toegekend voor het jaar van het huwelijk, tenzij u het voorgaande jaar al wettelijk samenwoonde)
- de beroepsinkomsten van de echtgenoot met het laagste inkomen moeten minder zijn dan 30 % van de totale beroepsinkomsten van beide echtgenoten samen.
Het huwelijksquotiënt wordt dus toegevoegd aan de beroepsinkomsten van de echtgenoot met het laagste inkomen totdat zijn/haar inkomen 30 % bereikt van de totale beroepsinkomsten van beide echtgenoten samen. Het huwelijksquotiënt bedraagt maximum 10.720 euro (aanslagjaar 2019, inkomsten 2018).
Het huwelijksquotiënt wordt niet toegepast als het een verhoging van de verschuldigde belasting zou veroorzaken.
3. Echtscheiding
3.1. Ik ben in 2018 uit de echt gescheiden. Hoe moet ik mijn belastingaangifte in 2019 invullen?
Als u uit de echt gescheiden bent in 2018 (opgelet: de datum waarmee u rekening moet houden is de datum waarop de echtscheiding ingeschreven is in het rijksregister en niet de datum van de uitspraak) moet u in 2019 elk een afzonderlijke aangifte indienen. Als u uit de echt bent gescheiden, dan geldt het vonnis of het arrest, zodra het is overgeschreven in de registers van de burgerlijke stand, ook ten aanzien van derden.
In die aangifte vermeldt u uw eigen inkomsten en de inkomsten van de kinderen waarvan u het wettelijk genot van de inkomsten heeft (in principe de inkomsten van uw niet-ontvoogde minderjarige kinderen behalve het onderhoudsgeld en de beroepsinkomsten).
De administratie zal een individuele aanslag vestigen op naam van elke ex-echtgenoot.
U kunt uw aangifte indienen via Tax-on-web of op papier.
3.2. Wat is het gevolg van de echtscheiding voor de betaling van mijn belastingen?
Als u uit de echt bent gescheiden, dan geldt het vonnis of het arrest, zodra het is overgeschreven in de registers van de burgerlijke stand, ook ten aanzien van derden.
Na de inschrijving van de echtscheiding, moet u niet langer de belastingen van uw ex-echtgenoot betalen.
Opgelet: de ontvanger kan u wel nog altijd dwingen om de belastingen voor de periode van uw huwelijk te betalen.
3.3. Wat gebeurt er met de belastingen van mijn ex-echtgenoot voor het jaar van de echtscheiding?
De ontvanger mag u enkel vragen om het deel van de belastingen te betalen voor de periode van uw huwelijk en in functie van uw huwelijksstelsel en de aard van die belasting. Hiervoor moet u de opdeling van de belastingen vragen.
Die belasting moet worden opgedeeld in:
- het deel voor de periode van het huwelijk (vóór de inschrijving van de scheiding in de registers van de burgerlijke stand)
- en het deel van de periode die volgt op de ontbinding van het huwelijk.
U kunt de berekening van de opdeling van uw belastingen aan uw ontvanger vragen.
4. Feitelijke scheiding
4.1. Wat is een feitelijke scheiding?
Een 'feitelijke scheiding' is:
- De toestand van gehuwden die apart wonen zonder gescheiden te zijn van tafel en bed.
- De toestand van wettelijk samenwonenden die apart wonen en voor wie de wettelijke samenwoning niet is beëindigd.
Er is ook sprake van feitelijke scheiding wanneer de rechter afzonderlijk wonen toestaat (of oplegt).
De feitelijke scheiding vereist zowel:
- een materieel element: het apart wonen van de echtgenoten of wettelijk samenwonenden
als
- een intentioneel element: de wil in hoofde van ten minste één van beiden om geen levensgemeenschap meer te vormen met zijn mede-echtgenoot of wettelijk samenwonende partner.
De feitelijke scheiding beëindigt het huwelijk niet: het is noch een scheiding van tafel en bed, noch een echtscheiding.
4.2. Is er sprake van een feitelijke scheiding bij een tijdelijke verwijdering van de woonplaats?
Normaal is er geen sprake van een feitelijke scheiding ingeval van een tijdelijke verwijdering van de woonplaats, zelfs niet wanneer zij langere tijd duurt zoals bij een verwijdering als gevolg van de beroepswerkzaamheid, ziekte, verblijf in de gevangenis, verblijf in het ziekenhuis of in een psychiatrische inrichting of in andere gelijkaardige omstandigheden.
4.3. Wat is het verschil tussen een feitelijke scheiding en een scheiding van tafel en bed?
De scheiding van tafel en bed is een hybride toestand tussen de feitelijke scheiding en de echtscheiding. De procedure is bijna dezelfde als bij een echtscheiding. Ze werd dikwijls gebruikt door echtgenoten voor wie een echtscheiding onmogelijk was. Vandaag is zij in België eerder zeldzaam geworden.
Voor het jaar van de scheiding van tafel en bed en zolang er geen verzoening is opgetreden, vullen de echtgenoten elk hun eigen aangifte in. Zij vermelden hun eigen inkomsten en de inkomsten van de kinderen waarvan zij wettelijk genot van de inkomsten hebben (in principe de inkomsten van hun niet-ontvoogde minderjarige kinderen behalve het onderhoudsgeld en beroepsinkomsten). De administratie zal twee afzonderlijke aanslagen vestigen.
4.4. Wij zijn feitelijk gescheiden. Hoe moeten wij onze belastingaangifte indienen?
Als u in 2018 feitelijk gescheiden bent, moet u in principe nog in 2019 een gezamenlijke aangifte indienen.
Om praktische redenen aanvaardt de administratie echter twee afzonderlijk ingediende aangiften. In dat geval zal zij de gegevens van de twee aangiften zelf samenbrengen om één enkele gemeenschappelijke aanslag te kunnen vestigen.
Opgelet: via Tax-on-web kunt u voor het jaar van feitelijke scheiding alleen een gezamenlijke aangifte indienen. Als u twee afzonderlijke aangiften wilt indienen moet u elk een blanco papieren aangifte vragen aan uw belastingkantoor.
Als de feitelijke scheiding plaatsvond in 2017 of voorheen ontvangt u in 2019 elk uw eigen aangifte. U moet elk uw eigen inkomsten en de inkomsten van de kinderen waarvan u het wettelijk genot van de inkomsten hebt (in principe de inkomsten van uw niet-ontvoogde minderjarige kinderen behalve het onderhoudsgeld en beroepsinkomsten) vermelden. De administratie vestigt dan twee afzonderlijke aanslagen.
Hetzelfde geldt als de feitelijke scheiding plaatsvond in 2018 en u in datzelfde jaar gehuwd bent of een verklaring van wettelijke samenwoning heeft afgelegd.
Indien er een verzoening optreedt, zullen jullie opnieuw een gezamenlijke aangifte moeten invullen.
4.5. Wat is het gevolg voor de betaling van mijn belastingen?
De feitelijke scheiding beëindigt uw huwelijk niet: het is noch een scheiding van tafel en bed, noch een echtscheiding.
Zelfs als u feitelijk gescheiden bent, kan men eisen dat u bijdraagt in de betaling van de belastingen van uw echtgenoot, dit volgens uw huwelijksstelsel en de aard van die belasting.
4.6. Wat moet ik doen als de ontvanger eist dat ik de belastingen van mijn echtgenoot betaal?
Neem onmiddellijk contact op met uw ontvanger (zijn contactgegevens vindt u terug op uw belastingbrief). Hij zal uw fiscale situatie onderzoeken en u nuttige uitleg kunnen geven.
Zelfs als u en uw echtgenoot afzonderlijk een belastingaangifte indienden, kan de ontvanger van u eisen de belasting op basis van de aangifte van uw echtgenoot te betalen.
5. Co-ouderschap
5.1. Ik ben gescheiden van mijn echtgenoot of partner. Wie krijgt het belastingvoordeel voor kinderen ten laste?
Indien u uw kinderen ten laste heeft, heeft u recht op een belastingvoordeel in de vorm van een verhoging van de belastingvrije som. In principe kan dat voordeel enkel worden toegekend aan de ouder bij wie de kinderen hun fiscale woonplaatshebben.
Onder bepaalde voorwaarden kunnen de belastingvoordelen voor de kinderen in kwestie worden verdeeld onder de ouders. Dat is de zogenaamde fiscale co-ouderschapsregeling. De volgende 4 voorwaarden moeten samen vervuld zijn:
1. De andere ouder en u maken geen deel uit van hetzelfde gezin.
2. De andere ouder en u voldoen aan de onderhoudsplicht van uw gemeenschappelijke kinderen.
3. De huisvesting van de kinderen is gelijkmatig verdeeld over de andere ouder en u op grond van
- een – uiterlijk op 1 januari van het aanslagjaar uitgesproken – rechterlijke beslissing waarin uitdrukkelijk vermeld is dat de huisvesting van de kinderen gelijkmatig verdeeld is over beide ouders of
- een overeenkomst (onder vorm van een onderhandse overeenkomst of verleden voor een notaris) die ofwel geregistreerd wordt bij een bevoegd registratiekantoor ofwel gehomologeerd wordt door een rechterlijke beslissing. Dat moet uiterlijk gebeurd zijn op 1 januari van het aanslagjaar. In deze overeenkomst staat uitdrukkelijk vermeld dat:
* de huisvesting van de kinderen gelijkmatig verdeeld is over beide ouders
en
* zij bereid zijn om de toeslagen op de belastingvrije som voor de betrokken kinderen te verdelen.
4. Noch de andere ouder, noch u trekken voor die kinderen onderhoudsuitkeringen af.
5.2. Welke belastingverminderingen (supplementen op de belastingvrije som) voor kinderen ten laste kunnen onder de ouders worden verdeeld?
Wanneer de belastingvoordelen worden verdeeld, worden de toeslagen op de belastingvrije som voor kinderen ten laste voor de helft aan elke ouder toegekend. Deze toeslagen worden vastgesteld zonder rekening te houden met de eventuele andere kinderen in het gezin waarvan zij deel uitmaken.
Onderstaande tabel vermeldt de bedragen van het belastingvoordeel voor aanslagjaar 2019 (inkomsten 2018) op basis van het aantal kinderen dat ten laste is:
Toeslag op de belastingvrije som | Bedrag |
1.580 euro | |
voor 2 kinderen ten laste | 4.060 euro |
voor 3 kinderen ten laste | 9.110 euro |
voor 4 kinderen ten laste | 14.730 euro |
|
voor meer dan 4 kinderen ten laste toeslag per kind boven het 4de |
14.730 euro 5.620 euro |
Een toeslag van 590 euro (aanslagjaar 2019, inkomsten 2018) voor elk kind jonger dan 3 jaar wordt voor de helft toegekend aan de ouder die geen uitgaven voor de opvang van de kinderen in kwestie aangeeft.
Een toeslag van 1.580 euro (aanslagjaar 2019, inkomsten 2018) wordt ook toegekend aan de ouder die de helft van het belastingvoordeel voor kinderen ten laste krijgt, op voorwaarde dat hij alleen wordt belast.
Opgelet: gehandicapte kinderen tellen voor twee voor de bepaling van de toeslag op de belastingvrije som.
5.3. Voor welke kinderen is de verdeling van het belastingvoordeel van toepassing?
De verdeling van het belastingvoordeel is mogelijk voor de gemeenschappelijke niet-ontvoogde minderjarige kinderen, voor de ontvoogde minderjarige kinderen of de meerderjarigen nog in opleiding d.w.z. kinderen die u heeft met uw vroegere echtgenoot of ex-partner.
Dit stelsel is dus niet van toepassing voor kinderen die u gekregen of geadopteerd heeft met een andere persoon dan uw ex-echtgenoot of ex-partner.
Opgelet!
Zijn eveneens uitgesloten van de verdeling van het belastingvoordeel:
- uw kleinkinderen en achterkleinkinderen
- de kinderen die u had opgevangen toen u nog een koppel vormde met uw ex-echtgenoot of ex-partner.
5.4. Hoe moet ik mijn aangifte invullen wanneer het belastingvoordeel voor kinderen ten laste moet worden verdeeld?
- Als de kinderen fiscaal te uwen laste zijn en de helft van het belastingvoordeel moet toegekend worden aan de andere ouder, vul de code 1034 in (vak II, rubriek B 2).
- Als de kinderen fiscaal niet te uwen laste zijn en de helft van het belastingvoordeel aan u moet toegekend worden, vul de code 1036 in (vak II, rubriek B 3).
Opgelet!
U moet een afschrift van de overeenkomst of van de rechterlijke beslissing ter beschikking houden van de administratie.
5.5. Is de verdeling van het belastingvoordeel voor kinderen ten laste alleen van toepassing op uit de echt gescheiden personen?
Neen.
De maatregel heeft betrekking op ouders die geen deel uitmaken van hetzelfde gezin. Het gaat dus niet alleen om uit de echt gescheiden ouders.
Ouders die een feitelijk gezin vormden, wettelijk samenwonenden of getrouwde ouders die feitelijk gescheiden zijn en ouders die van tafel en bed gescheiden zijn, hebben ook recht op de verdeling.
Het is dus ook mogelijk om het belastingvoordeel tussen ex-echtgenoten of ex-partners te verdelen, indien één van de ouders of zelfs beide ouders een nieuw huwelijk aangaan of een ander feitelijk gezin vormen.
Voorbeeld:
Mevrouw A en Meneer B zijn uit de echt gescheiden en hebben een zoon C.
Mevrouw A hertrouwt met Meneer D.
Een tussen A en B gesloten overeenkomst die op 15.12.2018 geregistreerd is, verduidelijkt onder meer dat de huisvesting van C gelijkmatig verdeeld is over A en B en dat A en B bereid zijn de toeslagen op de belastingvrije som voor C te verdelen. Noch A, noch B, trekken onderhoudsuitkeringen af voor C.
In dat geval zal het stelsel van de verdeling van het belastingvoordeel van toepassing zijn voor aanslagjaar 2019 (inkomsten 2018).
5.6. Kan ik tegelijkertijd genieten van de belastingvermindering voor kinderopvang en van de verdeling van het belastingvoordeel voor éénzelfde kind?
Ja.
Bij fiscaal co-ouderschap mag elke ouder, onder bepaalde voorwaarden, zijn kosten voor kinderopvang voor kinderen jonger dan 12 jaar (of 18 jaar indien het kind een zware handicap heeft), aftrekken. Voor aanslagjaar 2019, inkomsten 2018, bedraagt het maximum af te trekken bedrag 11,20 euro per opvangdag en per kind. Is dat kind jonger dan 3 jaar, dan heeft (hebben) de ouder(s) die zijn kosten voor kinderopvang niet aftrekt (aftrekken), recht op een verhoging van de belastingvrije som.
5.7. Kan ik tegelijkertijd genieten van de fiscale aftrek voor onderhoudsuitkeringen en van de verdeling van het belastingvoordeel voor éénzelfde kind?
Neen.
Indien de andere ouder of u onderhoudsuitkeringen aftrekt voor een kind, kan het belastingvoordeel voor dat kind niet onder jullie verdeeld worden.
6. Alleenstaande ouder
6.1. Kan ik als alleenstaande ouder een extra belastingvoordeel voor kinderen ten laste krijgen?
Ja.
De belastingvrije som wordt verhoogd voor elk kind dat u ten laste heeft.
Als alleenstaande met één of meerdere kinderen ten laste, krijgt u er daar nog een extra voordeel bovenop.
Voor aanslagjaar 2019 (inkomsten 2018) bedraagt die extra toeslag 1.580 euro.
6.2. Kan ik het belastingvoordeel voor kinderen ten laste met mijn ex-partner delen?
Indien u kinderen ten laste heeft, heeft u recht op een belastingvoordeel in de vorm van een verhoging van de belastingvrije som. In principe kan dat voordeel enkel worden toegekend aan de ouder bij wie de kinderen hun fiscale woonplaats hebben.
Onder bepaalde voorwaarden kan het belastingvoordeel voor kinderen ten laste echter worden verdeeld onder jullie. Dat is de zogenaamde fiscale co-ouderschapsregeling.
Zie ook: Co-ouderschap.
Interne ref. : 722.035
