Circulaire nr. Ci.RH.331/604.880 (AAFisc Nr. 1/2014) d.d. 07.01.2014

Algemene Administratie van de FISCALITEIT - Centrale diensten

Dienst Personenbelasting

Zie ook addendum: Circulaire 2022/C/113 over de belastingvermindering voor de verwerving van een elektrisch voertuig

Belastingvermindering

Elektrisch voertuig

Berekening van de belasting

Toekenningsvoorwaarden van de belastingvermindering

Bedrag van de vermindering

Oplaadstation voor elektrische voertuigen

Belastingvermindering voor:

- verwerving van een elektrisch voertuig

- installatie van een elektrisch oplaadpunt.

Aan alle ambtenaren

INHOUDSTAFEL

Nrs.

I. INLEIDING

1 tot 11

II. WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE BEPALINGEN

12 tot 29

III. BELASTINGVERMINDERING VOOR DE VERWERVING VAN EEN ELEKTRISCH VOERTUIG (ART. 145^28, §§ 1 EN 2, WIB 92):

A. Bedoelde belastingplichtige

30 tot 32

B. In aanmerking genomen uitgaven

33 tot 38

C. Soort voertuig

Wettelijke bepalingen

39

Personenauto, auto voor dubbel gebruik of minibus

40

Motorfiets, driewieler en vierwieler

41 tot 43

Verificatie van het soort voertuig

44 tot 50

Nieuwe staat

51 tot 53

Soort rijbewijs

54 tot 55

Onverenigbaarheid met de korting op factuur

56 tot 58

D. Te vervullen formaliteiten

Algemeen

59 tot 62

Gedrukte handtekening

63

E. Vermeldingen op de factuur of bijlage

64 tot 65

F. Berekening van de vermindering

Bedragen specifiek voor elektrische motorfietsen, driewielers en vierwielers

66 tot 67

Bedragen specifiek voor elektrische personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen

68 tot 69

Aanschaffingswaarde

70 tot 72

Verschillende eigenaars die afzonderlijk worden belast

73 tot 75

Echtgenoten die gezamenlijk worden belast

76 tot 84

Een belastingplichtige die geen belastingen betaalt, kan die toch een fiscaal voordeel krijgen?

85 tot 87

G. Voorbeelden

88 tot 94

IV. BELASTINGVERMINDERING VOOR DE INSTALLATIE VAN EEN AAN DE BUITENKANT VAN EEN WONING GEPLAATST OPLAADPUNT VOOR ELEKTRISCHE VOERTUIGEN

95

A. Bedoelde belastingplichtige

96 tot 98

B. Bedoelde woning

99 tot 103

C. In aanmerking genomen uitgaven

Algemeen

104 tot 105

Gemeenschappelijke aanslag

106

D. Uitgesloten uitgaven

107 tot 111

E. Te vervullen formaliteiten

Algemeen

112 tot 115

Gedrukte handtekening

116

F. Berekening van de vermindering

Bedragen

117 tot 119

Invullen van de belastingaangifte

120 tot 122

G. Voorbeelden

123 tot 128

V. INWERKINGTREDING

129 tot 131

VI. NUTTIG ADRES

132

I. INLEIDING

1. Deze circulaire geeft toelichting bij de wettelijke en reglementaire bepalingen die verband houden met de belastingvermindering voor de verwerving van een elektrisch voertuig als bedoeld in art. 145^28, § 1, WIB 92, en met de nieuwe belastingvermindering voor de installatie van een aan de buitenkant van een woning geplaatst oplaadpunt voor deze voertuigen als bedoeld in art. 145^28, § 3, WIB 92. Deze twee belastingverminderingen die in werking zijn getreden vanaf aanslagjaar 2011 (inkomstenjaar 2010), hebben nog niet het voorwerp uitgemaakt van een circulaire van de Algemene Administratie van de Fiscaliteit.

Oorsprong van de betrokken maatregelen

2. Men is er zich meer en meer van bewust dat het verkeer voor een aanzienlijk deel verantwoordelijk is voor de toenemende luchtvervuiling in onze steden, met kwalijke gevolgen zowel op lokaal niveau, waar de giftige uitstoot schadelijke gevolgen heeft voor onze gezondheid en omgeving, als op wereldniveau waar het broeikaseffect ons klimaat ongunstig beïnvloedt. Ondanks inspanningen om de uitstoot te verminderen, schaadt het verkeer ons milieu alle dagen meer.

3. Naast conventionele voertuigen, verbeterd om hun milieu-impact te reduceren, vormen voertuigen met alternatieve aandrijftechnologieën (elektrische voertuigen met batterij) een aantrekkelijke oplossing om een milieuvriendelijker Belgisch wagenpark te verkrijgen. Elektrische voertuigen hebben als voordeel dat ze vrijwel geruisloos en weinig vervuilend zijn.

4. Deze wagens zijn momenteel echter veel te duur in aankoop in vergelijking met de personenwagens in diesel-, benzine- of LPG-versie, met een technologie die zich in de ogen van de mensen nog niet bewezen heeft.

5. Omwille van deze twee redenen is er in België dus ondersteuning nodig voor de aankoop van deze voertuigen. Daarnaast moet ook worden gezorgd voor de nodige infrastructuur, die kan garanderen dat deze wagens optimaal kunnen worden gebruikt.

6. Zodoende werden twee nieuwe belastingverminderingen voorzien in art. 145^28, WIB 92, dat werd hersteld onder een nieuwe vorm:

- de belastingvermindering voor uitgaven met het oog op de verwerving in nieuwe staat van een personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus of een motorfiets, driewieler of vierwieler die uitsluitend worden aangedreven door een elektrische motor (art. 145^28, § 1, WIB 92);

- de belastingvermindering voor uitgaven met het oog op de installatie van een oplaadpunt voor elektrische voertuigen (art. 145^28, § 3, WIB 92).

Huidige situatie

7. De belastingvermindering voor uitgaven gedaan met het oog op de verwerving van een elektrische motorfiets, driewieler of vierwieler, bedoeld in artikel 145^28, § 1, WIB 92, is van toepassing op de uitgaven gedaan vanaf 1 januari 2010 en is niet begrensd in de tijd.

8. De belastingvermindering voor uitgaven met het oog op de verwerving van een elektrische personenauto, auto voor dubbel gebruik of minibus, bedoeld in artikel 145^28, § 1, WIB 92, is enkel van toepassing voor de uitgaven betaald in 2010 tot 2012.

De belastingvermindering voor uitgaven met het oog op de installatie van een oplaadpunt voor elektrische voertuigen bedoeld in artikel 145^28, § 3, WIB 92, is enkel van toepassing voor de uitgaven betaald in 2010 tot 2012.

Deze laatste twee verminderingen werden beperkt in de tijd teneinde ze later te kunnen evalueren. Zij werden niet verlengd om inmenging te vermijden in de bevoegdheden van de Gewesten die deze belastingverminderingen voortaan zullen beheren.

9. Deze circulaire heeft betrekking op de bepalingen van:

- de Wet van 22 december 2009 houdende fiscale en diverse bepalingen - art. 19, 20 en 35, voorlaatste lid (BS 31.12.2009, Ed. 2);

- de Programmawet van 23 december 2009 - art. 123, 125 en 126, vijfde lid (BS 30.12.2009, Ed. 1);

- het Koninklijk besluit van 8 maart 2010 tot wijziging van het KB/WIB 92 inzake de belastingvermindering voor de uitgaven met het oog op de verwerving in nieuwe staat van een elektrisch voertuig (BS 12.3.2010, Ed. 2);

- de Wet van 13 december 2012 houdende fiscale en financiële bepalingen - art. 21 en 39, achtste lid (BS 20.12.2012, Ed. 4).

De voornoemde wet van 22 december 2009 heeft in de eerste plaats een belastingvermindering ingevoerd voor de uitgaven gedaan met het oog op het in nieuwe staat verwerven van een elektrische motorfiets, een driewieler of een vierwieler. De voornoemde Programmawet van 23 december 2009 heeft vervolgens de maatregel uitgebreid naar de elektrische personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen en heeft een afzonderlijke belastingvermindering toegevoegd voor de installatie van een aan de buitenkant van een woning geplaatst elektrisch oplaadpunt. Het Koninklijk besluit van 8 maart 2010 heeft de toepassingsmodaliteiten van de belastingvermindering vastgesteld, evenals de wijze waarop het bewijs moet worden geleverd dat het voertuig beantwoordt aan de voorgeschreven voorwaarden. Ten slotte legt de wet van 13 december 2012 vanaf aanslagjaar 2013 de omdeling vast van de belastingvermindering voor de verwerving van een elektrisch voertuig tussen beide echtgenoten in geval van een gemeenschappelijke aanslag. Deze omdeling gebeurt evenredig in functie van het belastbaar inkomen van elk der echtgenoten ten opzichte van de som van de belastbare inkomsten van de beide echtgenoten (voorheen werd geen omdelingsregel voorzien).

10. De voormelde Programmawet van 23 december 2009 heeft eveneens andere fiscale stimuli ten voordele van ondernemingen ingevoerd om elektrische voertuigen te promoten. Aangezien deze circulaire enkel de natuurlijke personen beoogt worden die maatregelen hier niet verder besproken.

11. Er wordt aan herinnerd dat vanaf het aanslagjaar 2005 (inkomsten van het jaar 2004), voor de toepassing van het WIB 92, de wettelijk samenwonenden worden gelijkgesteld met gehuwden en een wettelijk samenwonende wordt gelijkgesteld met een echtgenoot. Voor een betere leesbaarheid van de circulaire wordt hierna enkel de term "echtgenoot" gebruikt voor zowel de gehuwden als de wettelijk samenwonenden.

II. WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE BEPALINGEN

Wet van 22 december 2009 houdende fiscale en diverse bepalingen (W 22.12.2009)

TITEL 2. - Inkomstenbelastingen

HOOFDSTUK 1: Wijzigingen met betrekking tot natuurlijke personen

Art. 19

12. Het opschrift van titel II, Hoofdstuk III, afdeling 1, onderafdeling IInonies, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 9 juli 2004 en gewijzigd bij de wet van 27 december 2006, wordt vervangen als volgt:

"Onderafdeling IInonies. Vermindering voor de uitgaven met het oog op de verwerving van een elektrisch voertuig"

Art. 20

13. Artikel 145^28 van hetzelfde Wetboek, opgeheven bij de wet van 27 april 2007, wordt hersteld als volgt:

"Art. 145^28. § 1. Er wordt een belastingvermindering verleend voor de uitgaven die werkelijk zijn betaald gedurende het belastbaar tijdperk met het oog op de verwerving in nieuwe staat van een motorfiets, driewieler of vierwieler zoals omschreven in de reglementering inzake inschrijving van motorvoertuigen op voorwaarde dat:

a) ze uitsluitend worden aangedreven door een elektrische motor;

b) ze geschikt zijn voor het vervoer van tenminste twee personen;

c) voor de besturing ervan het bezit van een Belgisch rijbewijs geldig voor voertuigen van categorie A of B of een gelijkwaardig Europees of buitenlands rijbewijs vereist is.

De belastingvermindering is niet van toepassing op de uitgaven die in aanmerking komen voor de toepassing van de korting op factuur bedoeld in artikel 147 van de programmawet van 27 april 2007.

De belastingvermindering is gelijk aan 15 pct. van de aanschaffingswaarde met een maximum van:

- 3.280 euro in geval van aanschaffing van een vierwieler;

- 2.000 euro in geval van aanschaffing van een motorfiets of een driewieler.

§ 2. De Koning bepaalt de toepassingsmodaliteiten van de belastingvermindering, evenals de wijze waarop het bewijs wordt geleverd dat het voertuig voldoet aan de hiervoor vermelde voorwaarden.

Art. 35, elfde lid

14. De artikelen 19 en 20 zijn vanaf 1 januari 2010 van toepassing in geval van verwerving van een elektrisch voertuig als bedoeld in artikel 145^28 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, zoals het is hersteld door artikel 20 van deze wet.

Programmawet van 23 december 2009 (W 23.12.2009)

TITEL 8. - Financiën

HOOFDSTUK 1: Inkomstenbelastingen

Afdeling 1. - Wijzigingen met betrekking tot natuurlijke personen

Art. 122

15. Het opschrift van titel II, hoofdstuk III, afdeling 1, onderafdeling IInonies, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 9 juli 2004 en gewijzigd bij de wet van 27 december 2006 en de wet van 22 december 2009 houdende fiscale en diverse bepalingen, wordt vervangen als volgt:

"Onderafdeling IInonies. Vermindering voor de uitgaven met het oog op de verwerving van een elektrisch voertuig of met het oog op de installatie van een oplaadpunt voor elektrische voertuigen".

Art. 123

16. In artikel 145^28 van hetzelfde Wetboek, hersteld bij de wet van 22 december 2009 houdende fiscale en diverse bepalingen, worden de volgende wijzigingen aangebracht:

1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden "een personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus of" ingevoegd tussen de woorden "in nieuwe staat van" en de woorden "een motorfiets, ";

2° de inleidende zin van paragraaf 1, derde lid, wordt vervangen als volgt :

"De belastingvermindering is gelijk aan 15 pct. van de aanschaffingswaarde bij de aankoop van een motorfiets, een driewieler of een vierwieler met een maximum van:";

3° paragraaf 1 wordt aangevuld met het volgende lid:

"Voor de uitgaven betaald in de jaren 2010 tot 2012, is de belastingvermindering gelijk aan 30 pct. van de aanschaffingswaarde met een maximum van 6.500 euro bij de aankoop van een uitsluitend door een elektrische motor aangedreven personenwagen, wagen dubbel gebruik of minibus.";

4° het wordt aangevuld met een paragraaf 3 die luidt als volgt:

"§ 3. Er wordt een belastingvermindering verleend voor de uitgaven die werkelijk zijn betaald gedurende de belastbare tijdperken 2010 tot 2012 met het oog op de installatie van een aan de buitenkant van een woning geplaatst oplaadpunt voor elektrische voertuigen.

De belastingvermindering is gelijk aan 40 pct. van de werkelijk gedane uitgaven bedoeld in het eerste lid met een maximum van 180 euro.

De belastingvermindering is niet van toepassing op uitgaven die:

a) in aanmerking genomen zijn als werkelijke beroepskosten;

b) recht geven op de in artikel 69 vermelde investeringsaftrek;

c) in aanmerking komen voor de toepassing van de artikelen 104, 8°, 145^24, 145^25, 145^30 en 145^31.

Wanneer een gemeenschappelijke aanslag wordt gevestigd, wordt de belastingvermindering voor de in het eerste lid bedoelde uitgaven evenredig omgedeeld in functie van het belastbaar inkomen van elk der echtgenoten ten opzichte van de som van de belastbare inkomsten van de beide echtgenoten.".

Art. 125

17. Artikel 147 van de programmawet van 27 april 2007 wordt aangevuld met een paragraaf 6, luidende:

"§ 6. Dit artikel is niet van toepassing op de uitgaven die werkelijk zijn betaald om een personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus in nieuwe staat te verwerven die uitsluitend wordt aangedreven door een elektrische motor.".

Art. 126, vijfde lid

18. De artikelen 122, 123 en 125 zijn van toepassing op de uitgaven die zijn betaald in de jaren 2010 tot 2012.

Tekst van art. 145^28, WIB 92 zoals hersteld en gewijzigd

(ingevolge de W 22.12.2009 en W 23.12.2009)

19. § 1. Er wordt een belastingvermindering verleend voor de uitgaven die werkelijk zijn betaald gedurende het belastbaar tijdperk met het oog op de verwerving in nieuwe staat van een personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus of een motorfiets, driewieler of vierwieler zoals omschreven in de reglementering inzake inschrijving van motorvoertuigen op voorwaarde dat:

a) ze uitsluitend worden aangedreven door een elektrische motor;

b) ze geschikt zijn voor het vervoer van tenminste twee personen;

c) voor de besturing ervan het bezit van een Belgisch rijbewijs geldig voor voertuigen van categorie A of B of een gelijkwaardig Europees of buitenlands rijbewijs vereist is.

De belastingvermindering is niet van toepassing op de uitgaven die in aanmerking komen voor de toepassing van de korting op factuur bedoeld in artikel 147 van de programmawet van 27 april 2007.

De belastingvermindering is gelijk aan 15 pct. van de aanschaffingswaarde bij de aankoop van een motorfiets, een driewieler of een vierwieler met een maximum van:

- 3.280 euro (te indexeren basisbedrag) in geval van aanschaffing van een vierwieler;

- 2.000 euro (te indexeren basisbedrag) in geval van aanschaffing van een motorfiets of een driewieler.

Voor de uitgaven betaald in de jaren 2010 tot 2012, is de belastingvermindering gelijk aan 30 pct. van de aanschaffingswaarde met een maximum van 6.500 euro (te indexeren basisbedrag) bij de aankoop van een uitsluitend door een elektrische motor aangedreven personenwagen, wagen dubbel gebruik of minibus.

§ 2. De Koning bepaalt de toepassingsmodaliteiten van de belastingvermindering, evenals de wijze waarop het bewijs wordt geleverd dat het voertuig voldoet aan de hiervoor vermelde voorwaarden.

§ 3. Er wordt een belastingvermindering verleend voor de uitgaven die werkelijk zijn betaald gedurende de belastbare tijdperken 2010 tot 2012 met het oog op de installatie van een aan de buitenkant van een woning geplaatst oplaadpunt voor elektrische voertuigen.

De belastingvermindering is gelijk aan 40 pct. van de werkelijk gedane uitgaven bedoeld in het eerste lid met een maximum van 180 euro (te indexeren basisbedrag).

De belastingvermindering is niet van toepassing op uitgaven die:

a) in aanmerking genomen zijn als werkelijke beroepskosten;

b) recht geven op de in artikel 69 vermelde investeringsaftrek;

c) in aanmerking komen voor de toepassing van de artikelen 104, 8°, 145^24, 145^25, 145^30 en 145^31.

Wanneer een gemeenschappelijke aanslag wordt gevestigd, wordt de belastingvermindering voor de in het eerste lid bedoelde uitgaven evenredig omgedeeld in functie van het belastbaar inkomen van elk der echtgenoten ten opzichte van de som van de belastbare inkomsten van de beide echtgenoten.

Tekst van art. 147 van de Programmawet van 27 april 2007 zoals gewijzigd

(ingevolge W 23.12.2009; de wijzigingen worden in vet weergegeven)

Art. 147

20. § 1. Er wordt een korting op factuur verleend voor alle uitgaven die werkelijk zijn betaald om een personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus in nieuwe staat te verwerven met een maximale uitstoot van 115 gram CO2 per kilometer.

De korting is gelijk aan 15% van de aanschaffingswaarde met een maximum van 3 280 euro wanneer de CO2-uitstoot minder dan 105 gram per kilometer bedraagt.

De korting is gelijk aan 3% van de aanschaffingswaarde met een maximum van 615 euro wanneer de CO2-uitstoot 105 tot maximaal 115 gram per kilometer bedraagt.

De kortingen worden toegekend aan de rechthebbende door tussenkomst van de leverancier van de in het eerste lid bedoelde voertuigen.

De in het tweede en derde lid vermelde maximale bedragen van de korting kunnen door de Koning worden herzien bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.

§ 2. Er wordt een korting op factuur verleend voor alle uitgaven die werkelijk zijn betaald om een personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus met dieselmotor in nieuwe staat te verwerven voorzover die motor standaard is uitgerust met een roetfilter en met een uitstoot van minder dan 130 gram CO2 per kilometer.

De korting is gelijk aan 150 euro en wordt toegekend aan de rechthebbende door tussenkomst van de leverancier van de in het eerste lid bedoelde voertuigen.

Voor de toepassing van deze paragraaf mag de roetfilter maximaal 5 mg deeltjes per kilometer uitstoten.

§ 3. De voertuigen bedoeld in de §§ 1 en 2 zijn de voertuigen waarvoor het bezit van een Belgisch rijbewijs geldig voor voertuigen van categorie B of een gelijkwaardig Europees of buitenlands rijbewijs vereist is voor de besturing ervan.

§ 4. Deze toegestane kortingen worden door de Staat als een element van de prijs van de in §§ 1 en 2 gedane bedoelde uitgaven aan de leverancier betaald.

§ 5. De bedragen bedoeld in de §§ 1 en 2 worden geïndexeerd overeenkomstig artikel 178, §§ 1 en 3, 2°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

§ 6. Dit artikel is niet van toepassing op de uitgaven die werkelijk zijn betaald om een personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus in nieuwe staat te verwerven die uitsluitend wordt aangedreven door een elektrische motor.

Koninklijk besluit van 8 maart 2010 tot wijziging van het KB/WIB 92

inzake de belastingvermindering voor de uitgaven met het oog op de verwerving

in nieuwe staat van een elektrisch voertuig (KB 8.3.2010)

Artikel 1

21. In hoofdstuk I van het KB/WIB 92, wordt afdeling XXVnonies, dat het artikel 63^13 bevat, opgeheven bij koninklijk besluit van 27 januari 2009, hersteld als volgt:

"Afdeling XXVnonies. - Vermindering voor de uitgaven met het oog op het verwerven in nieuwe staat van een elektrisch voertuig (Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel 145^28)

Art. 63^13. § 1. Onder een in nieuwe staat verworven elektrische voertuig als bedoeld in artikel 145^28, § 1, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, moet worden verstaan, het voertuig dat nog niet het voorwerp heeft uitgemaakt van een inschrijving in België of in het buitenland op de datum die is vermeld op de aankoopfaktuur van het voertuig.

§ 2. De uitgaven beoogd in artikel 145^28 van hetzelfde Wetboek worden slechts in aanmerking genomen voor de in dat artikel bedoelde belastingvermindering wanneer de factuur afgeleverd door de verkoper de volgende formule bevat:

"Verklaring in toepassing van artikel 63^13 van het KB/WIB 92 betreffende een elektrisch voertuig beoogd in artikel 145^28 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

Ik ondergetekende …... bevestig dat het voertuig beschreven in deze factuur nog niet het voorwerp heeft uitgemaakt van een inschrijving in België of in het buitenland, en dat het beantwoordt aan de voorwaarden als bedoeld in artikel 145^28 van het genoemde Wetboek."

§ 3. De belastingplichtige die de in artikel 145^28 van hetzelfde Wetboek beoogde belastingvermindering vraagt, moet de volgende documenten ter beschikking van de Federale Overheidsdienst Financiën houden:

- de aankoopfactuur van het voertuig waarvoor de belastingvermindering wordt gevraagd;

- het bewijs van betaling van het bedrag voorkomend op die factuur."

Art. 2

22. Dit besluit is van toepassing in geval van verwerving van een elektrisch voertuig in nieuwe staat beoogd in artikel 1 vanaf 1 januari 2010.

Evenwel mag, voor de uitgaven bedoeld in artikel 63^13, § 2, van het KB/WIB 92, gedaan sinds 1 januari 2010 en tot de bekendmaking van dit koninklijk besluit, de beoogde formule worden opgenomen in een door de verkoper ondertekend afzonderlijk attest.

Art. 3

23. Onze Minister die bevoegd is voor Financiën, is belast met uitvoering van dit besluit.

Wet van 13 december 2012 houdende fiscale en financiële bepalingen - art. 21 en 39,

achtste lid (BS 20.12.2012, Ed. 4)

HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen

HOOFDSTUK 2. - Inkomstenbelastingen

Afdeling 1. - Wijzigingen met betrekking tot natuurlijke personen

Art. 21

24. In artikel 145^28 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 22 december 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:

1° paragraaf 1, tweede lid, wordt vervangen als volgt:

"De belastingvermindering is niet van toepassing op de uitgaven die in aanmerking komen voor de toepassing van de korting op factuur bedoeld in artikel 147 van de programmawet van 27 april 2007 zoals het bestond voor het is opgeheven door artikel 70 van de wet van 28 december 2011.";

2° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, dat luidt als volgt:

"In geval van een gemeenschappelijke aanslag wordt de belastingvermindering evenredig omgedeeld in functie van het belastbaar inkomen van elk der echtgenoten ten opzichte van de som van de belastbare inkomsten van beide echtgenoten.";

3° in paragraaf 3, derde lid, c, worden de woorden "104, 8°, " opgeheven.

… /p>

Art. 39

25. …

De artikelen 2, 4, 6, 8 tot 23, 1°, 24 tot 32, 34, 37 en 38 treden in werking vanaf aanslagjaar 2013.

De tekst van artikel 145^28, WIB 92, zoals gewijzigd door W 13.12.2012 is dus als volgt opgesteld (wijzigingen aangebracht door W 13.12.2012 worden vet weergegeven).

26. § 1. Er wordt een belastingvermindering verleend voor de uitgaven die werkelijk zijn betaald gedurende het belastbaar tijdperk met het oog op de verwerving in nieuwe staat van een personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus of een motorfiets, driewieler of vierwieler zoals omschreven in de reglementering inzake inschrijving van motorvoertuigen op voorwaarde dat:

a) ze uitsluitend worden aangedreven door een elektrische motor;

b) ze geschikt zijn voor het vervoer van tenminste twee personen;

c) voor de besturing ervan het bezit van een Belgisch rijbewijs geldig voor voertuigen van categorie A of B of een gelijkwaardig Europees of buitenlands rijbewijs vereist is.

De belastingvermindering is niet van toepassing op de uitgaven die in aanmerking komen voor de toepassing van de korting op factuur bedoeld in artikel 147 van de programmawet van 27 april 2007 zoals het bestond voor het is opgeheven door artikel 70 van de wet van 28 december 2011.

De belastingvermindering is gelijk aan 15 pct. van de aanschaffingswaarde bij de aankoop van een motorfiets, een driewieler of een vierwieler met een maximum van:

- 3.280 euro (te indexeren basisbedrag) in geval van aanschaffing van een vierwieler;

- 2.000 euro (te indexeren basisbedrag) in geval van aanschaffing van een motorfiets of een driewieler.

Voor de uitgaven betaald in de jaren 2010 tot 2012 (1), is de belastingvermindering gelijk aan 30 pct. van de aanschaffingswaarde met een maximum van 6.500 euro (te indexeren basisbedrag) bij de aankoop van een uitsluitend door een elektrische motor aangedreven personenwagen, wagen dubbel gebruik of minibus.

In geval van een gemeenschappelijke aanslag wordt de belastingvermindering evenredig omgedeeld in functie van het belastbaar inkomen van elk der echtgenoten ten opzichte van de som van de belastbare inkomsten van de beide echtgenoten.

§ 2. De Koning bepaalt de toepassingsmodaliteiten van de belastingvermindering, evenals de wijze waarop het bewijs wordt geleverd dat het voertuig voldoet aan de hiervoor vermelde voorwaarden.

§ 3. Er wordt een belastingvermindering verleend voor de uitgaven die werkelijk zijn betaald gedurende de belastbare tijdperken 2010 tot 2012 (1) met het oog op de installatie van een aan de buitenkant van een woning geplaatst oplaadpunt voor elektrische voertuigen.

----------

[(1) Hierbij wordt opgemerkt dat de belastingvermindering voor de verwerving van een elektrische personenauto, auto voor dubbel gebruik of minibus en voor de installatie van een oplaadpunt voor elektrische voertuigen enkel van toepassing is op de uitgaven betaald in 2010 tot 2012.]

----------

De belastingvermindering is gelijk aan 40 pct. van de werkelijk gedane uitgaven bedoeld in het eerste lid met een maximum van 180 euro (te indexeren basisbedrag).

De belastingvermindering is niet van toepassing op uitgaven die:

a) in aanmerking genomen zijn als werkelijke beroepskosten;

b) recht geven op de in artikel 69 vermelde investeringsaftrek;

c) in aanmerking komen voor de toepassing van de artikelen 145^24, 145^25, 145^30 en 145^31.

Wanneer een gemeenschappelijke aanslag wordt gevestigd, wordt de belastingvermindering voor de in het eerste lid bedoelde uitgaven evenredig omgedeeld in functie van het belastbaar inkomen van elk der echtgenoten ten opzichte van de som van de belastbare inkomsten van de beide echtgenoten.

Koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen (BS 8.8.2001)

HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen

Afdeling 1. - Definities

27. Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit, wordt verstaan onder:

6° voertuig:

a) elk voertuig dat beantwoordt aan de begripsomschrijvingen vermeld in artikel 1, § 2, van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen;

b) elk voertuig dat beantwoordt aan volgende begripsomschrijvingen:

- motorfietsen, dat wil zeggen tweewielige voertuigen, al dan niet met zijspanwagen, met een motor waarvan de cilinderinhoud meer dan 50 cm3 bedraagt, indien het een motor met inwendige verbranding is, en/of met een door de constructie bepaalde maximumsnelheid van meer dan 45 km/u;

- driewielers, dat wil zeggen voertuigen op drie symmetrisch geplaatste wielen, met een motor waarvan de cilinderinhoud meer dan 50 cm3 bedraagt, indien het een motor met inwendige verbranding is, en/of met een door de constructie bepaalde maximumsnelheid van meer dan 45 km/u;

- vierwielers, dat wil zeggen voertuigen met een lege massa van ten hoogste 400 kg (550 kg voor voertuigen gebruikt in het goederenvervoer), exclusief de massa van de batterijen in elektrische voertuigen, met een motor met een netto-maximumvermogen van ten hoogste 15 kW.

Koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de

technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagen, hun onderdelen en

hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen (BS 28.3.1968)

Hoofdstuk 1 - Begripsomschrijving en toepassingssfeer

Artikel 1

28. § 1. Classificatie volgens de internationale voertuigcategorieën:

Categorie M1: Voor het vervoer van passagiers ontworpen en gebouwde voertuigen met ten hoogste acht zitplaatsen, die van de bestuurder niet meegerekend.

Voertuigen van categorie M1 worden onderverdeeld volgens type en code van het koetswerk op volgende wijze:

AA - Sedan

ISO norm 3833 - 1977, punt 3.1.1.1, met inbegrip van voertuigen met meer dan vier zijramen.

AB - Voertuig met achterklep

Sedan (AA) met een klep aan de achterzijde van het voertuig.

AC - Stationwagen

ISO norm 333 - 1977, punt 3.1.1.4.

AD - Coupé

ISO norm 3833 - 1977, punt 3.1.1.5.

AE - Cabriolet

ISO norm 3833 - 1977, punt 3.1.1.6.

AF - Voertuig voor meerdere doeleinden

§ 2. Definities:

Voor de toepassing van dit koninklijk besluit wordt, behoudens andersluidende bepalingen, verstaan onder:

44. "personenwagen": elk voertuig van de categorie M1 waarvan de passagiersruimte uitsluitend is ontworpen en gebouwd voor het vervoer van personen en dat, bij gebruik voor het bezoldigde vervoer van personen, ten hoogste acht plaatsen mag bevatten, die van de bestuurder niet meegerekend;

47. "wagen voor dubbel gebruik": elk voertuig van de categorie M1 ontworpen en gebouwd voor het vervoer van personen en zaken dat, bij het gebruik voor het bezoldigde vervoer van personen, ten hoogste acht plaatsen mag bevatten, die van de bestuurder niet meegerekend;

48. "minibus": elk voertuig van de categorie M1 ontworpen en gebouwd voor het vervoer van personen, dat bij gebruik voor het bezoldigde vervoer van personen, ten hoogste acht plaatsen mag bevatten, die van de bestuurder niet meegerekend, en dat is voorzien van een koetswerk van hetzelfde type als dat van bestelwagens of autobussen;

79. "aanhangwagen": een niet-zelfaangedreven voertuig op wielen dat is ontworpen en gebouwd om door een motorvoertuig te worden getrokken;

Koninklijk Besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs (BS 30.4.1998)

...

TITEL II. - Indeling van de motorvoertuigen in categorieën voor de toepassing

van de bepalingen betreffende het recht tot sturen

29. Art. 2. § 1. Voor de toepassing van de wets- en verordeningsbepalingen betreffende het recht tot sturen, worden de motorvoertuigen ingedeeld in categorieën:

2° Categorie A: motorfietsen met of zonder zijspan.

Aan de voertuigen van deze categorie mag een aanhangwagen gekoppeld worden, behalve aan een motorfiets met zijspan waarvan het zijspanwiel niet is uitgerust met een rem;

3° Categorie B:

- auto's met een maximale toegelaten massa van ten hoogste 3.500 kg en met ten hoogste acht zitplaatsen, die van de bestuurder niet meegerekend; aan de auto's van deze categorie kan een aanhangwagen worden gekoppeld met een maximale toegelaten massa van ten hoogste 750 kg;

- samenstellen bestaande uit een trekkend voertuig van categorie B en een aanhangwagen, waarbij de maximale toegelaten massa van het samenstel niet meer dat 3.500 kg bedraagt en de maximale toegelaten massa van de aanhangwagen niet groter is dan de ledige massa van het trekkende voertuig.

De drie- en vierwielers met motor behoren eveneens tot deze categorie;

III. BELASTINGVERMINDERING VOOR DE VERWERVING VAN EEN ELEKTRISCH VOERTUIG (ART. 14528, §§ 1 EN 2, WIB 92)

A. Bedoelde belastingplichtige

30. Worden bedoeld, de rijksinwoners (onderworpen aan de personenbelasting) evenals de niet-inwoners (onderworpen aan en geregulariseerd in de belasting van niet-inwoners/natuurlijke personen) die een voertuig zoals bedoeld door de onderhavige belastingvermindering in nieuwe staat verwerven.

De rechtspersonen kunnen bijgevolg niet genieten van deze belastingvermindering. Daarvoor bestaan specifieke maatregelen die in een andere circulaire worden besproken. (zie circ. Ci.RH.243/603.387, AAFisc 15/2011 van 21.3.2011).

31. De vermindering kan dus aan de belastingplichtige worden verleend voor zover hij geheel of gedeeltelijk eigenaar is van het verworven voertuig.

32. Het feit dat het voertuig niet is ingeschreven op naam van zijn eigenaar of dat het gebruikt wordt door andere personen dan de eigenaar heeft geen invloed op de toekenning van de belastingvermindering.

B. In aanmerking genomen uitgaven

33. De belastingvermindering wordt verleend voor de uitgaven (gefactureerd bedrag, BTW inbegrepen) die door de belastingplichtige tijdens het belastbare tijdperk werkelijk zijn betaald voor het verwerven van het voertuig, waarvan hij geheel of gedeeltelijk eigenaar is, en dit onafhankelijk van het tijdstip van de bestelling of van de levering van het voertuig. De datum van effectieve betaling is bijgevolg bepalend.

34. Bepaalde omstandigheden (voorschot, financieringen) kunnen het vaststellen van het werkelijke tijdstip van betaling bemoeilijken. Aangezien de belastingvermindering wordt berekend per voertuig op basis van de totale aankoopprijs, mag, bij ontstentenis van gegevens omtrent de exacte datum van betaling, om praktische redenen en om redenen van vereenvoudiging worden aangenomen dat de datum van de factuur van het voertuig als tijdstip van betaling geldt en dit voor zover de factuur geheel werd betaald.

35. Als betaald worden ter zake niet alleen de contante betaling aangemerkt, maar ook de voertuigen waarvoor een financiering is aangegaan.

36. Aangezien de vermindering per voertuig wordt berekend verzet niets er zich tegen dat een belastingplichtige, eventueel in hetzelfde belastbare tijdperk, meerdere elektrische voertuigen verwerft en de vermindering voor elk voertuig verkrijgt.

37. Het feit dat de uitgaven aanleiding hebben gegeven tot een financiële tussenkomst (premie, subsidie, terugbetaling, …) door andere publieke overheden, heeft geen enkele invloed op de toepassing van de belastingvermindering.

38. De huur van de batterij van een elektrisch voertuig kan niet als de aankoop van een elektrisch voertuig worden aangemerkt en komt bijgevolg niet in aanmerking voor de belastingvermindering.

C. Soort voertuig

Wettelijke bepalingen

39. Het moet gaan om:

- een personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus of een motorfiets, een driewieler of een vierwieler zoals omschreven in de reglementering inzake inschrijving van motorvoertuigen;

- in nieuwe staat;

- uitsluitend worden aangedreven door een elektrische motor;

- geschikt zijn voor het vervoer van ten minste twee personen;

- waarvan de besturing het bezit van een Belgisch rijbewijs geldig voor voertuigen van categorie A of B of een gelijkwaardig Europees of buitenlands rijbewijs vereist.

Personenauto, auto voor dubbel gebruik of minibus (enkel voor uitgaven gedaan in 2010 tot 2012)

40. De desbetreffende personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en de minibussen worden gedefinieerd in het hiervoor vermelde nr. 28.

Motorfiets, driewieler en vierwieler

41. De desbetreffende motorfietsen, driewielers en vierwielers worden gedefinieerd in het hiervoor vermelde nr. 27.

42. Het feit dat een motorfiets al dan niet beschikt over een "zijspanwagen", heeft geen invloed op de toekenning van de belastingvermindering.

43. Er wordt in de parlementaire werkzaamheden van de W 22.12.2009 verduidelijkt dat de vierwielers die worden beoogd door de belastingvermindering stadswagentjes zijn met een niet afneembare afgesloten cabine, geschikt voor het vervoer van ten minste twee personen, de bestuurder inbegrepen, die bij de Directie voor de Inschrijving van de Voertuigen worden ingeschreven als vierwielige motorfietsen. (DOC 52/2170/001, p. 105).

De vierwielige motorfietsen van het type "Buggy" die niet aan deze omschrijving voldoen en bijgevolg niet het uitzicht hebben van een personenauto worden uitgesloten van deze vermindering.

Verificatie van het soort voertuig

44. Indien er twijfel bestaat betreffende het soort voertuig, kunnen de taxatiediensten de technische karakteristieken van de voertuigen op verschillende manieren verifiëren.

a. "Consultatie verkeersbelasting" van Belconet-on-Web

45. Indien er twijfel bestaat betreffende het soort voertuig kunnen de taxatiediensten de toepassing Belconet-on-Web, onderdeel "verkeersbelasting" raadplegen. Deze toepassing is beschikbaar op de intranetsite van de Algemene Administratie van de Fiscaliteit.

46. Naast gegevens die verband houden met de betaling van de verkeersbelasting en de inverkeersstelling geeft deze toepassing de technische kenmerken weer van de voertuigen, aangeleverd door de DIV. Het toezicht op de technische kenmerken eigen aan het voertuig wordt uitgevoerd in de stations voor de technische keuring van de voertuigen. Deze gegevens worden doorgestuurd naar de DIV die ze op haar beurt overmaakt aan de FOD Financiën.

47. Voor alle vragen betreffende het gebruik van deze toepassing wordt verwezen naar de "Handleiding consultatieschermen geautomatiseerde verkeersbelasting". Deze handleiding kan worden gedownload vanaf de ontvangstpagina van Belconet-on-Web (rubriek "Documentatie", "Handleidingen", "Verkeersbelasting", "VBDIS - Consultatie verkeersbelasting").

48. De toepassing "Consultatie verkeersbelasting" van Belconet-on-Web voorziet met name in de volgende inlichtingen betreffende de technische gegevens van het voertuig, in het scherm "VBDIS 2":

- tegenover de titel "Soort" kunnen de volgende codes toegekend aan de voertuigen recht geven op de belastingvermindering:

* "VP": personenwagen;

* "SW": auto dubbel gebruik;

* "OM": minibus;

* "AA": sedan;

* "AB": hatchback;

* "AC": stationwagen;

* "AD": coupe;

* "AE": cabriolet;

* "AF": voertuig meerdere doeleinden (personenvervoer);

* "L3 en M2": motorfiets;

* "L4": motorfiets met zijspan;

* "L5": driewieler;

* "L6": vierwieler.

- tegenover de titel "BR (BRANDSTOF), kunnen de volgende codes worden vermeld:

CODE

BETEKENIS

1

Benzine

2

Diesel

3

LPG

4

Elektriciteit

5

Andere

6

Aardgas

7

Benzine + elektriciteit

8

Diesel + elektriciteit

9

Waterstof

10

Mengsmering

11

Diesel + gas

12

Elektriciteit + LPG

13

Bio-ethanol

Ter herinnering: de huidige belastingvermindering betreft enkel de voertuigen die uitsluitend worden aangedreven door een elektrische motor.

b. Inschrijvingsbewijs

49. Daarnaast wordt de aard van het voertuig (bvb. elektrische vierwieler) in principe vermeld op het inschrijvingsbewijs.

c. DIV

50. Ten slotte worden, indien nodig, de coördinaten van de DIV vermeld in nr. 132 op het einde van deze circulaire.

Nieuwe staat

51. Onder een in nieuwe staat verworven elektrisch voertuig, moet worden verstaan het voertuig dat nog niet het voorwerp heeft uitgemaakt van een inschrijving in België of in het buitenland op de datum die is vermeld op de aankoopfactuur van het voertuig (art. 63^13, § 1, KB/WIB 92). De toepassing Belconet-on-Web (gedeelte "Verkeersbelasting", hiervoor beschreven), laat toe om de datum waarop het voertuig voor de eerste keer in het verkeer werd gebracht te

verifiëren. Deze datum is inderdaad vermeld bij de gegevens van het voertuig tegenover de titel "1e GEBR" (scherm VBDIS2).

52. Aangezien de vermindering wordt verleend in geval van verwerving van een nieuw voertuig, worden de voertuigen verworven in het kader van een leasing niet bedoeld.

53. De maatregel beoogt uitsluitend de voertuigen die moeten worden ingeschreven. Voertuigen waarvoor geen verplichting tot inschrijving geldt, vallen bijgevolg buiten het toepassingsgebied van de beoogde belastingvermindering.

Soort rijbewijs

54. Voor de besturing van de bedoelde voertuigen is het bezit van een Belgisch rijbewijs geldig voor voertuigen van categorie A of B of een gelijkwaardig Europees of buitenlands rijbewijs vereist.

55. De voertuigen van de categorie A of B worden gedefinieerd onder het hiervoor vermelde nr. 29.

Onverenigbaarheid met de korting op factuur

56. Om elk dubbel gebruik met de korting op factuur zoals bedoeld in artikel 147 van de programmawet van 27 april 2007 (zie nr. 21 hiervoor) te vermijden, kunnen de voertuigen bedoeld door de huidige belastingvermindering geen recht geven op de korting op factuur.

57. Uit wat voorafgaat blijkt dat de hybride voertuigen (personenauto's, auto's voor dubbel gebruik of minibussen) in principe recht konden geven op de voornoemde korting op factuur, maar niet op de huidige belastingvermindering die enkel voertuigen betreft die uitsluitend worden aangedreven door een elektrische motor.

58. De korting op factuur werd beëindigd op 1 januari 2012, behoudens toepassing van een overgangsmaatregel onder bepaalde voorwaarden (art. 70, W 28.12.2011 houdende diverse bepalingen, BS 30.12.2011, Ed. 4). De tekst van art. 145^28, § 1, WIB 92, werd in die zin aangepast door de Wet van 13 december 2012 houdende fiscale en financiële bepalingen (zie nr. 26 hiervoor).

D. Te vervullen formaliteiten

Algemeen

59. De belastingplichtige die de in artikel 145^28, WIB 92, beoogde belastingvermindering vraagt, moet de volgende documenten ter beschikking van de Federale Overheidsdienst Financiën houden:

- de aankoopfactuur van het voertuig waarvoor de belastingvermindering wordt gevraagd;

- het bewijs van betaling van het bedrag voorkomend op die factuur.

Die documenten moeten dus niet noodzakelijk bij de belastingaangifte worden gevoegd, maar moeten op ieder verzoek van het bevoegde taxatiekantoor worden overgelegd.

60. Wat een financiering betreft, kan het betalingsbewijs van de factuur worden geleverd door middel van een afschrift van het financieringscontract.

61. Alleen schriftelijke bewijzen worden als bewijs van betaling aanvaard.

62. Een controle door het bevoegde taxatiekantoor is steeds mogelijk.

Gedrukte handtekening

63. Om praktische redenen wordt aanvaard dat de handtekening, die voorkomt op factuur of op de bijlage, wordt gedrukt. Wanneer een bijlage wordt gebruikt, moeten daarop al de vermeldingen m.b.t. de identificatie van de factuur (factuurnr., BTW nr., datum) worden overgenomen.

E. Vermeldingen op de factuur of bijlage

64. Het KB 8.3.2010 bepaalt dat de bedoelde uitgaven slechts in aanmerking worden genomen voor de belastingvermindering wanneer de factuur afgeleverd door de verkoper de volgende formule bevat (art. 63^13, § 2, KB/WIB 92):

"Verklaring in toepassing van artikel 63^13 van het KB/WIB 92 betreffende een elektrisch voertuig beoogd in artikel 145^28 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

Ik ondergetekende ...... bevestig dat het voertuig beschreven in deze factuur nog niet het voorwerp heeft uitgemaakt van een inschrijving in België of in het buitenland, en dat het beantwoordt aan de voorwaarden als bedoeld in artikel 145^28 van het genoemde Wetboek."

65. Evenwel mocht, voor de uitgaven gedaan sinds 1 januari 2010 en tot de bekendmaking van het KB 8.3.2010, namelijk 12 maart 2010 de beoogde formule worden opgenomen in een door de verkoper ondertekend afzonderlijk attest.

F. Berekening van de vermindering

Bedragen specifiek voor elektrische motorfietsen, driewielers en vierwielers

66. De belastingvermindering is gelijk aan 15 pct. van de aanschaffingswaarde met een maximum van:

2.770 EUR (basisbedrag 2.000 EUR)

Aanslagjaar 2011

In geval van aanschaffing van een elektrische motorfiets of driewieler

2.830 EUR

Aanslagjaar 2012

2.930 EUR

Aanslagjaar 2013

3.010 EUR

Aanslagjaar 2014

4.540 EUR (basisbedrag 3.280 EUR)

Aanslagjaar 2011

In geval van aanschaffing van een elektrische vierwieler

4.640 EUR

Aanslagjaar 2012

4.800 EUR

Aanslagjaar 2013

4.940 EUR

Aanslagjaar 2014

67. Deze vermindering is niet beperkt in de tijd.

Bedragen specifiek voor elektrische personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen

68. De belastingvermindering is gelijk aan 30 pct. van de aanschaffingswaarde met een maximum van:

9.000 EUR (basisbedrag 6.500 EUR)

Aanslagjaar 2011

In geval van aanschaffing van een elektrische personenauto, auto voor dubbel gebruik of minibus

9.190 EUR

Aanslagjaar 2012

9.510 EUR

Aanslagjaar 2013

69. Deze belastingvermindering is enkel van toepassing op de uitgaven betaald tijdens de jaren 2010 tot 2012.

Aanschaffingswaarde

70. Onder aanschaffingswaarde wordt verstaan, de door de verkoper gefactureerde prijs (inclusief BTW) van het voertuig, opties en accessoires inbegrepen (na aftrek van een eventuele korting).

71. Alleen die opties en die accessoires worden in aanmerking genomen die door de constructeur voor het model van het voertuig zijn voorzien en voor zover het voertuig er op het ogenblik van de levering mee is uitgerust.

72. De aanverwante diensten, zoals een onderhoudscontract, een bijstandscontract, een uitbreiding van de garantie, waarvan de prijs wordt gefactureerd, zijn evenwel niet in de aanschaffingswaarde begrepen. De financieringskosten zijn ook niet inbegrepen.

Meerdere eigenaars die afzonderlijk worden belast

73. Indien een voertuig is verworven door meerdere belastingplichtigen die afzonderlijk worden belast, heeft elke belastingplichtige recht op de belastingvermindering ten belope van de uitgave die hij werkelijk voor de verwerving van het voertuig heeft gedragen en is die belastingvermindering onderworpen aan een grens in verhouding tot het eigendomsaandeel in het voertuig:

Bedrag betaald door de alleenstaande belastingplichtige

x 15% of 30%

Resultaat te begrenzen tot [2.930, 4.800 of 9.510 EUR (bedragen voor aanslagjaar 2013) naargelang het type voertuig x eigendomsaandeel van de alleenstaande belastingplichtige in het voertuig]

= Belastingvermindering

Bij gebrek aan bewijskrachtige elementen om uit te maken in welke mate de mede-eigenaars de betalingen werkelijk hebben gedragen, wordt de aanschaffingswaarde van het voertuig tussen de belastingplichtigen verdeeld in functie van hun aandeel in de eigendom van het voertuig. Concreet zal de belastingvermindering van elke eigenaar als volgt worden berekend:

Aanschaffingswaarde van het voertuig

x eigendomsaandeel van de alleenstaande belastingplichtige in het voertuig

x 15% of 30%

Resultaat te begrenzen tot [2.930, 4.800 of 9.510 EUR (bedragen voor aanslagjaar 2013) naargelang het type voertuig x eigendomsaandeel van de alleenstaande belastingplichtige in het voertuig]

= Belastingvermindering

74. In geval van verwerving van een voertuig door middel van een financiering, wordt de uitgave echter geacht te zijn gedragen door de titularis van het leningscontract.

75. De eigendom moet worden vastgesteld op grond van de regels van het gemeen recht. De eigenaar van een voertuig is in principe en bij ontstentenis van enig ander bewijs diegene op wiens naam de factuur is opgesteld.

Wanneer de factuur op naam van meerdere belastingplichtigen is opgesteld, worden zij, bij gebrek aan andere elementen, elk geacht mede-eigenaar te zijn ten belope van hun hoofdelijk aandeel in de eigendom van het voertuig.

Echtgenoten die gezamenlijk worden belast

Vóór aanslagjaar 2013 (inkomstenjaar 2012)

76. De wettekst preciseerde niet op welke manier de belastingvermindering tussen echtgenoten moest worden verdeeld.

77. In die context werd beslist dat het in geval van een gemeenschappelijke aanslag geen rol speelde welke belastingplichtige de betaling heeft verricht en dat de betaling altijd over hen wordt omgedeeld in functie van hun aandeel in de eigendom (ongeacht het huwelijksvermogensstelsel).

78. Wanneer gehuwden onder het wettelijk huwelijksstelsel een voertuig verwerven, maakt dit deel uit van hun gemeenschappelijk vermogen. Zij worden elk voor de helft als eigenaar van het voertuig aangemerkt en worden geacht ieder voor de helft de uitgave te hebben betaald.

Praktisch kan, wanneer het voertuig uitsluitend eigendom is van de gehuwden, en zij gehuwd zijn onder het wettelijk huwelijksstelsel, de belastingvermindering globaal worden berekend voor het voertuig, te begrenzen tot het bedrag overeenstemmend met het type voertuig en vervolgens in gelijke delen worden omgedeeld onder de echtgenoten:

Aanschaffingswaarde van het voertuig

x 15% of 30%

Resultaat te begrenzen tot 2.930, 4.800 of 9.510 EUR (bedragen voor aanslagjaar 2013) naargelang het type voertuig en de helft ervan wordt toegewezen aan elke echtgenoot

79. In geval de echtgenoten vallen onder het stelsel van scheiding van goederen, gebeurt de omdeling van de aanschaffingswaarde van het voertuig tussen de belastingplichtigen in functie van hun aandeel in de eigendom van het voertuig:

Aanschaffingswaarde van het voertuig

x eigendomsaandeel van de echtgenoot in het voertuig

x 15% of 30%

Resultaat te begrenzen tot [2.930, 4.800 of 9.510 EUR (bedragen voor aanslagjaar 2013) naargelang het geval x eigendomsaandeel van de echtgenoot in het voertuig]

= Belastingvermindering

80. Bij het invullen van de belastingaangifte, moesten de belastingplichtigen het totale bedrag van de belastingvermindering volgens voorgaande principes berekenen en het resultaat van de omdeling in de betreffende codes vermelden.

Vanaf aanslagjaar 2013 (inkomstenjaar 2012)

81. Zoals reeds vermeld onder nr. 9 hiervoor, wordt de belastingvermindering in geval van een gemeenschappelijke aanval vanaf aanslagjaar 2013 evenredig omgedeeld in functie van het belastbaar inkomen van elk der echtgenoten ten opzichte van de som van de belastbare inkomsten van de beide echtgenoten (ongeacht het huwelijksvermogensstelsel).

82. Dit betekent dat de belastingvermindering zal omgedeeld worden tussen de twee echtgenoten, zelfs indien enkel één van de echtgenoten eigenaar van het voertuig is. Het volstaat dus dat één van beide gezamenlijk belastbare echtgenoten eigenaar is van het elektrisch voertuig opdat de belastingvermindering onder hen wordt omgedeeld in functie van het belastbaar inkomen van elk der echtgenoten ten opzichte van de som van de belastbare inkomsten van de beide echtgenoten.

83. Het feit dat de factuur werd opgesteld op naam van één van beide echtgenoten (of van beide), of dat de betaling werd gedaan door één van beide echtgenoten, is zonder belang.

84. Bij het invullen van de belastingaangifte moeten de belastingplichtigen het totaal bedrag van de belastingvermindering berekenen, zonder het resultaat om te delen tussen de echtgenoten. Er is slechts één code voorzien, per type voertuig, voor beide echtgenoten. De omdeling wordt automatisch uitgevoerd bij de berekening van de belasting.

Praktisch kan, wanneer het voertuig uitsluitend eigendom is van de gehuwden, de belastingvermindering dus globaal worden berekend voor het voertuig, en begrensd tot het bedrag overeenstemmend met het type voertuig:

Aanschaffingswaarde van het voertuig

x 15% of 30%

Resultaat te begrenzen tot 2.930, 4.800 of 9.510 EUR (bedragen voor aanslagjaar 2013) naargelang het geval

Een belastingplichtige die geen belastingen betaalt, kan die toch een fiscaal voordeel krijgen?

85. Een belastingplichtige die, gezien zijn persoonlijke of familiale situatie of gezien zijn beperkte belastbare inkomsten, niet effectief aan de belasting is onderworpen, kan het fiscaal voordeel niet krijgen. De maatregel heeft als doel een belastingvermindering toe te kennen. Het spreekt voor zich dat deze vermindering beperkt is tot de verschuldigde belasting.

86. De belastingplichtige die onderworpen is aan de belasting en een teruggave krijgt, kan zijn teruggave zien verhogen. De belasting wordt namelijk verminderd met deze belastingvermindering. In geval er voldoende terugbetaalbare bestanddelen (zoals bedrijfsvoorheffing en voorafbetalingen) zijn, kan de desbetreffende maatregel inderdaad tot een grotere teruggave leiden.

87. Indien de vermindering bij gebrek aan voldoende belasting niet volledig kan worden verleend, is het saldo noch terugbetaalbaar, noch verrekenbaar in een ander aanslagjaar. Het saldo kan evenmin worden overgedragen naar de andere echtgenoot. Er is geen belastingkrediet voorzien voor deze maatregel.

G. Voorbeelden

Voorbeeld 1

Gegevens

88. De heer FRANCOIS en Mevrouw HENRI zijn wettelijk samenwonenden en worden gezamenlijk belast. Zij kopen samen een elektrisch voertuig. Het betreft een motorfiets besteld op 20 december 2009. Op die datum wordt een voorschot van 3.000 EUR betaald. De gefactureerde prijs van het voertuig (inclusief BTW) bedraagt 6.000 EUR. De factuur is gedateerd op 15 maart 2010 en is op die datum volledig betaald. Betrokkenen zijn in gelijke mate mede-eigenaar van het voertuig. De betaling wordt door elk voor de helft gedragen. Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2011

6.000 EUR x 15% = 900 EUR, voor de helft toegekend aan elk van de wettelijk samenwonenden.

Voorbeeld 2

Gegevens

89. Het echtpaar FRANCOIS-HENRI is gehuwd onder het wettelijk stelsel en worden gezamenlijk belast. Zij kopen samen een nieuw voertuig. Het betreft een elektrische personenauto besteld op 20 december 2009. De gefactureerde prijs van het voertuig (inclusief BTW) bedraagt 40.000 EUR. De factuurdatum is 15 maart 2010. De factuur, die volledig op die datum is betaald, is opgesteld op naam van mijnheer. Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2011

40.000 EUR x 30% = 12.000 EUR, begrensd tot 9.000 EUR, voor de helft toegekend aan elk van gehuwden.

Opmerking

Alhoewel de factuur op naam staat van mijnheer, valt de auto in het gemeenschappelijk vermogen van de echtgenoten (wettelijk stelsel), die dus elk voor de helft mede-eigenaar zijn van het voertuig (cfr. nr. 78).

Voorbeeld 3

Gegevens

90. Het echtpaar FRANCOIS-HENRI is gehuwd onder het stelsel van scheiding van goederen. Mevrouw koopt een nieuw voertuig door middel van een financiering gespreid over 5 jaar. Het betreft een elektrische wagen besteld op 20 december 2009. De gefactureerde prijs van het voertuig (inclusief BTW) bedraagt 40.000 EUR. De factuurdatum is 15 maart 2010. De factuur is alleen op haar naam opgesteld en zij is alleen eigenaar van het voertuig. De uitgave wordt volledig door mijnheer gedragen. Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2011

Mevrouw: 40.000 EUR x 30% = 12.000 EUR begrensd tot 9.000 EUR

Mijnheer: 0 EUR

Opmerking

Alhoewel de uitgave wordt gedragen door mijnheer, heeft hij geen recht op de belastingvermindering aangezien het gaat om het stelsel van scheiding van goederen en hij niet de eigenaar is van het voertuig (zie nr. 79).

Voorbeeld 4

Gegevens

91. De heer FRANCOIS en mevrouw HENRI zijn feitelijk samenwonenden. Zij kopen samen een elektrisch voertuig. Het gaat om een vierwieler besteld op 20 december 2009. De gefactureerde prijs van het voertuig (inclusief BTW) bedraagt 30.000 EUR. De factuurdatum is 15 maart 2010. De factuur die volledig op die datum is betaald, is opgesteld op hun beider namen en zij zijn in gelijke mate mede-eigenaars. De betaling wordt door mijnheer voor 60% gedragen en door mevrouw voor 40%. Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2011

Mijnheer: 30.000 EUR x 60% x 15% = 2.700 EUR begrensd tot 2.270 EUR (4.540 EUR x 50%)

Mevrouw: 30.000 EUR x 40% x 15% = 1.800 EUR

Voorbeeld 5

Gegevens

92. De heer FRANCOIS en mevrouw HENRI zijn feitelijk samenwonenden. Zij kopen samen een elektrisch voertuig. Het gaat om een driewieler besteld op 20 december 2009. De gefactureerde prijs van het voertuig (inclusief BTW) bedraagt 10.000 EUR. De factuurdatum is 15 maart 2010. De factuur die volledig op die datum is betaald, is opgesteld op hun beider namen en zij zijn in gelijke mate mede-eigenaars. De betaling wordt volledig door mijnheer gedragen. Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2011

Mijnheer: 10.000 EUR x 15% = 1.500 EUR begrensd tot 1.385 EUR (2.770 EUR x 50%)

Mevrouw: 0 EUR

Voorbeeld 6

Gegevens

93. De heer FRANCOIS en mevrouw HENRI zijn feitelijk samenwonenden. Mijnheer koopt een nieuw voertuig. Het gaat om een elektrische wagen besteld op 20 december 2009. De gefactureerde prijs van het voertuig (inclusief BTW) bedraagt 30.000 EUR. De factuurdatum is 15 maart 2010. De factuur die volledig op die datum is betaald, is opgesteld op zijn naam en hij is alleen eigenaar. De betaling wordt voor 60% door mijnheer gedragen en voor 40% door mevrouw. Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2011

Mijnheer: 30.000 EUR x 60% x 30% = 5.400 EUR

Mevrouw: 0 EUR

Voorbeeld 7

Gegevens

94. Het echtpaar FRANCOIS-HENRI is gehuwd onder het stelsel van scheiding van goederen. Mevrouw koopt een nieuw voertuig door middel van een financiering gespreid over 5 jaar. Het betreft een elektrische wagen besteld op 20 december 2011. De gefactureerde prijs van het voertuig (inclusief BTW) bedraagt 40.000 EUR. De factuurdatum is 15 maart 2012, de factuur wordt ook op die datum betaald. De factuur is alleen op haar naam opgesteld en zij is alleen eigenaar van het voertuig. De uitgave wordt volledig door mijnheer gedragen. Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2012

40.000 EUR x 30% = 12.000 EUR, beperkt tot 9.510 EUR, te vermelden onder code 1324-34 van de belastingplichtige.

Opmerking

Vanaf aanslagjaar 2013 bekomt mijnheer, hoewel hij geen eigenaar is van het voertuig, een deel van de belastingvermindering, die automatisch wordt omgedeeld tussen de echtgenoten via de berekening van de belasting (zie nrs. 81 tot 84 hiervoor).

IV. BELASTINGVERMINDERING VOOR DE INSTALLATIE VAN EEN AAN DE BUITENKANT VAN EEN WONING GEPLAATST OPLAADPUNT VOOR ELEKTRISCHE VOERTUIGEN

95. Deze belastingvermindering is enkel van toepassing voor de uitgaven betaald in 2010 tot 2012 (zie nr. 8 hiervoor).

A. Bedoelde belastingplichtige

96. Worden bedoeld, de rijksinwoners (onderworpen aan de personenbelasting) evenals de niet-inwoners (onderworpen aan en geregulariseerd in de belasting van niet-inwoners/natuurlijke personen).

De rechtspersonen kunnen bijgevolg niet genieten van deze belastingvermindering. Daarvoor bestaan specifieke maatregelen die in een andere circulaire worden besproken (zie circ. Ci.RH.243/603.387, AAFisc 15/2011 van 21.3.2011).

97. De wetgever heeft niet gespecificeerd dat de belastingvermindering voorbehouden is aan de eigenaar(s) van de woning waarvan aan de buitenkant een oplaadpunt wordt geplaatst. Bijgevolg kan in principe elke natuurlijke persoon, zoals bedoeld in het vorige nummer, de belastingvermindering aanvragen, op voorwaarde dat hij de desbetreffende uitgaven heeft betaald, zelfs indien hij niet de eigenaar van de woning is.

98. Een persoon die geen enkele van de bedoelde uitgaven heeft gedragen, heeft geen recht op de belastingvermindering, zelfs niet indien de factuur op zijn naam werd opgesteld, behalve in het geval van een gemeenschappelijke aanslag (zie nrs. 106 en 121 hierna) wanneer de andere echtgenoot de uitgave heeft betaald.

B. Bedoelde woning

99. De installatie van een oplaadpunt voor elektrische voertuigen moet gebeuren aan de buitenkant van woningen.

100. Het moet gaan over een "woning" en niet over een gebouw van een andere aard. Onder "woning" moet worden verstaan een gebouw (of een deel van een gebouw), zoals inzonderheid een eengezinswoning, een appartement, een studio, dat wegens zijn aard normaliter bestemd is voor bewoning door een of meerdere personen.

Een pand waarin een handelszaak wordt uitgebaat, maar waarvan blijkt dat het nog steeds kan worden beschouwd als een gebouw dat door zijn aard normaal bestemd is om te worden bewoond, wordt beschouwd als een woning.

101. De woning mag gelegen zijn in België of in het buitenland.

102. De tweede verblijven worden in principe bedoeld.

103. Het is niet vereist dat de belastingplichtige de woning zelf betrekt. Die woning mag dus worden verhuurd aan een derde - ongeacht of deze laatste ze gebruikt voor privé- of beroepsdoeleinden - voor zover het onroerend goed (of een deel van het onroerend goed) de aard van een woning blijft behouden (b.v. een onroerend goed verhuurd aan een vennootschap om te worden bewoond door een zaakvoerder; een "eengezins"woning die, zonder omvorming, door de huurder wordt gebruikt voor beroepsdoeleinden, enz.).

C. In aanmerking genomen uitgaven

Algemeen

104. De belastingvermindering wordt verleend voor de uitgaven (gefactureerde bedragen inclusief BTW) die effectief door de belastingplichtige zijn betaald tijdens de belastbare tijdperken 2010 tot 2012 met het oog op de installatie van een aan de buitenkant van een woning geplaatst oplaadpunt voor elektrische voertuigen en dit onafhankelijk van het ogenblik van de uitvoering van de installatie.

105. Per belastbaar tijdperk wordt de belastingvermindering één keer toegekend per belastingplichtige of per koppel, ongeacht het aantal geïnstalleerde oplaadpunten.

Gemeenschappelijke aanslag

106. In geval de echtgenoten gezamenlijk worden belast, is het feit dat de factuur is opgesteld op naam van één van beide echtgenoten (of van beide) of nog dat de betaling is gedaan door één van beide echtgenoten (of door de beide) zonder belang (zie nr. 121 hierna).

D. Uitgesloten uitgaven

107. Deze belastingvermindering kan niet worden gecumuleerd met de uitgaven:

- die aftrekbaar zijn als beroepskosten;

- die recht geven op de investeringsaftrek (art. 69, WIB 92);

- die in aanmerking komen voor het onderhoud en de restauratie van beschermde onroerende goederen (deze aftrekbare besteding bedoeld in art. 104, 8°, WIB 92, tot en met aanslagjaar 2012, werd met art. 31 W 13.12.2012 vanaf aanslagjaar 2013 hervormd tot belastingvermindering en is momenteel beoogd in art. 145^36, WIB 92);

- die in aanmerking komen voor de belastingvermindering voor energiebesparende uitgaven (art. 145^24, WIB 92);

- die in aanmerking komen voor de belastingvermindering voor uitgaven voor vernieuwing van woningen gelegen in een zone voor positief grootstedelijk beleid (art. 145^25, WIB 92);

- die in aanmerking komen voor de belastingvermindering voor uitgaven voor vernieuwing van tegen een redelijke huurprijs in huur gegeven woningen (art. 145^30, WIB 92);

- die in aanmerking komen voor de belastingvermindering voor uitgaven ter beveiliging van woningen tegen inbraak of brand (art. 145^31, WIB 92).

108. Dat het onmogelijk is om de belastingvermindering voor de installatie van een aan de buitenkant van een woning geplaatst oplaadpunt voor elektrische voertuigen bedoeld in art. 145^28, § 3, WIB 92, te combineren met de belastingvermindering voor onderhoud en restauratie van beschermde monumenten en landschappen bedoeld in art. 145^36, WIB 92, wordt sinds aanslagjaar 2013 enkel in dit laatste artikel gespecificeerd.

109. In geval van gemeenschappelijke aanslag worden voor deze belastingvermindering dus enkel de uitgaven in aanmerking genomen die geen recht hebben gegeven op de voormelde fiscale voordelen in hoofde van één van beide echtgenoten (of wettelijk samenwonenden) of nog van beide.

110. De aandacht wordt gevestigd op het feit dat de voornoemde uitsluitingen op proportionele basis gebeuren. De uitsluiting gebeurt in de mate dat een van de voornoemde voordelen werkelijk is verkregen. Niets belet derhalve dat de uitgaven die het voorwerp uitmaken van eenzelfde factuur, voor een deel recht geven op de vermindering voor de installatie van een oplaadpunt en voor een ander deel op één van de voornoemde voordelen.

111. Er wordt herhaald dat de voornoemde uitsluitingen enkel de belastingvermindering voor de uitgaven met het oog op de installatie van een oplaadpunt voor elektrische voertuigen betreffen. Het is bijgevolg wel theoretisch mogelijk om de belastingvermindering voor uitgaven met het oog op de verwerving van een elektrisch voertuig te verkrijgen en de kosten die verband houden met dit voertuig af te trekken als werkelijke beroepskosten.

E. Te vervullen formaliteiten

Algemeen

112. De belastingplichtige die de in artikel 145^28, WIB 92, beoogde belastingvermindering vraagt, moet de volgende documenten ter beschikking van de Federale Overheidsdienst Financiën houden:

- de factuur die verband houdt met de aankoop en de installatie van het oplaadpunt;

- het bewijs van betaling van het bedrag voorkomend op die factuur.

Die documenten moeten dus niet noodzakelijk bij de belastingaangifte worden gevoegd, maar moeten op ieder verzoek van het bevoegde taxatiekantoor worden overgelegd.

113. De wettelijke bepalingen ter zake vereisen niet dat de installatie wordt uitgevoerd door een geregistreerd aannemer. Theoretisch zou de installatie kunnen worden uitgevoerd door de belastingplichtige zelf. In dat geval zal de te bewaren factuur enkel betrekking hebben op de aankoop van het vereiste materiaal.

114. Alleen schriftelijke bewijzen worden als bewijs van betaling aanvaard.

115. Een controle door het bevoegde taxatiekantoor is steeds mogelijk.

Gedrukte handtekening

116. Om praktische redenen wordt aanvaard dat de handtekening, die voorkomt op factuur of op de bijlage, wordt gedrukt. Wanneer een bijlage wordt gebruikt, moeten daarop al de vermeldingen m.b.t. de identificatie van de factuur (factuurnr., BTW nr., datum) worden overgenomen.

F. Berekening van de vermindering

Bedragen

117. De belastingvermindering is gelijk aan 40 pct. van de werkelijk gedane uitgaven (BTW inbegrepen) met een maximum van:

250 EUR (basisbedrag 180 EUR)

Aanslagjaar 2011

250 EUR

Aanslagjaar 2012

260 EUR

Aanslagjaar 2013

118. Het grensbedrag van 250 EUR of 260 EUR is één keer van toepassing per belastingplichtige of per gezamenlijk belastbaar echtpaar.

119. Deze belastingvermindering is enkel geldig voor de uitgaven betaald tijdens de jaren 2010 tot 2012.

Invullen van de belastingaangifte

120. De belastingplichtige moet het totaalbedrag van de belastingvermindering berekenen volgens de hiervoor uiteengezette principes en het resultaat vermelden tegenover de gepaste code.

121. Wanneer een gemeenschappelijke aanslag wordt gevestigd ten name van de twee echtgenoten, zal de belastingvermindering evenredig worden omgedeeld in functie van het belastbaar inkomen van elk der echtgenoten ten opzichte van de som van de belastbare inkomsten van de beide echtgenoten.

Deze omdeling zal automatisch gebeuren bij de berekening van de belasting. De gezamenlijk belastbare echtgenoten moeten deze belastingvermindering dus niet zelf omdelen wanneer zij hun belastingaangifte invullen. Eén enkele code is dus voorzien voor beide echtgenoten.

De belastingvermindering zal zelfs worden omgedeeld tussen beide echtgenoten wanneer enkel één van de twee de uitgave heeft gedragen. Het volstaat dus dat één van beide gezamenlijk belaste echtgenoten de uitgave heeft gedragen opdat de belastingvermindering onder hen zou worden verdeeld in functie van hun respectievelijk belastbaar inkomen ten opzichte van de som van de belastbare inkomsten van beide echtgenoten.

122. De wijze waarop deze rubriek dient te worden ingevuld wordt duidelijk uiteengezet in de toelichting bij de aangifte.

G. Voorbeelden

Voorbeeld 1

Gegevens

123. De heer DUPONT laat een elektrisch oplaadpunt installeren aan de buitenkant van zijn woning. De uitgave bedraagt 400 EUR (inclusief BTW). Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2013

400 EUR x 40% = 160 EUR

Voorbeeld 2

Gegevens

124. De heer DURAND en mevrouw DUPONT zijn feitelijk samenwonenden en worden bijgevolg afzonderlijk belast. Zij laten een elektrisch oplaadpunt installeren aan de buitenkant van de woning. De factuur van 800 EUR wordt door elk in gelijke mate gedragen (elk 400 EUR). Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2013

Mijnheer: 400 EUR x 40% = 160 EUR

Mevrouw: 400 EUR x 40% = 160 EUR

Voorbeeld 3

Gegevens

125. De heer DURAND en mevrouw DUPONT zijn gehuwd en worden gezamenlijk belast. Zij laten twee elektrische oplaadpunten installeren. Het ene oplaadpunt wordt geplaatst aan de buitenkant van hun woning en het andere wordt geïnstalleerd aan de buitenkant van de woning van hun dochter. De factuur voor de twee oplaadpunten (1.200 EUR) wordt volledig betaald door de heer DURAND. Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2013

1.200 EUR x 40% = 480 EUR te beperken tot 260 EUR

Opmerkingen

- het feit dat de factuur volledig wordt betaald door mijnheer heeft geen invloed op de berekening; de echtgenoten worden gezamenlijk belast (zie nrs. 106 en 121 hiervoor);

- het is niet nodig om een omdeling tussen de echtgenoten te voorzien om de belastingaangifte te vervolledigen (zie nr. 121 hiervoor);

- het feit dat één van de twee oplaadpunten wordt geïnstalleerd bij de dochter van de belastingplichtigen stelt geen probleem (zie nr. 97 hiervoor).

Voorbeeld 4

Gegevens

126. De heer DURAND en mevrouw DUPONT zijn gehuwd en worden gezamenlijk belast. Zij laten een elektrisch oplaadpunt installeren aan de buitenkant van hun woning. De factuur bedraagt 600 EUR (inclusief BTW) en wordt volledig betaald door de echtgenoten. De heer DURAND trekt een derde van de kost van de installatie af als beroepskost (200 EUR). Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2013

600 EUR - 200 EUR = 400 EUR x 40 % = 160 EUR

Voorbeeld 5

Gegevens

127. De heer DURAND en mevrouw DUPONT zijn gehuwd en worden gezamenlijk belast. Zij laten een elektrisch oplaadpunt installeren aan de buitenkant van de woning van hun dochter. De factuur bedraagt 800 EUR en is opgesteld op naam van de dochter maar volledig betaald door de heer DURAND. Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2013 voor de echtgenoten DURAND/DUPONT

800 EUR x 40% = 320 EUR te beperken tot 260 EUR

Opmerking

Alhoewel de factuur werd opgesteld op haar naam, heeft de dochter van de echtgenoten geen recht op de belastingvermindering aangezien zij de uitgave niet zelf heeft betaald.

Voorbeeld 6

Gegevens

128. Drie broers, Pierre, Pol en Jacques laten twee elektrische oplaadpunten installeren aan de buitenkant van de woning van hun ouders. De factuur die 1.500 EUR bedraagt is opgesteld op naam van de drie broers maar wordt enkel betaald door Pierre en Pol (elk 750 EUR). Alle wettelijke voorwaarden zijn vervuld.

Berekening van de vermindering voor aanslagjaar 2013

Pierre: 750 EUR x 40% = 300 EUR te beperken tot 260 EUR

Pol: 750 EUR x 40% = 300 EUR te beperken tot 260 EUR

Jacques: 0 EUR

Opmerking

Jacques heeft geen recht op de belastingvermindering aangezien hij geen enkele uitgave heeft betaald.

V. INWERKINGTREDING

129. De belastingvermindering voor de uitgaven met het oog op de verwerving van een elektrische motorfiets, driewieler of vierwieler zoals bedoeld in art. 145^28, § 1, WIB 92, is van toepassing vanaf 1 januari 2010 en is niet beperkt in de tijd.

130. De belastingvermindering voor de uitgaven met het oog op de verwerving van een elektrische personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus zoals bedoeld in art. 145^28, § 1, WIB 92, is enkel van toepassing voor de uitgaven betaald tijdens de jaren 2010 tot 2012.

131. De belastingvermindering voor de uitgaven met het oog op de installatie van een elektrisch oplaadpunt zoals bedoeld in art. 145^28, § 3, WIB 92, is enkel van toepassing voor de uitgaven betaald tijdens de jaren 2010 tot 2012.

VI. NUTTIG ADRES

132. Dienst voor inschrijving van de voertuigen (DIV) van de FOD Mobiliteit en Vervoer:

FOD MOBILITEIT EN VERVOER

Mobiliteit en Verkeersveiligheid

Directie Wegverkeer - DIV

City Atrium

Vooruitgangstraat 56

1210 Brussel (Sint-Joost-ten-node)

Tel.: 02/277.30.50 (infokiosk)

Website: www.mobilit.belgium.be

Mail: web.div@mobilit.fgov.be of help.div@mobilit.fgov.be.

Voor de Administrateur-generaal van de Fiscaliteit:

De Adviseur-generaal - Auditeur-generaal van financiën,

S. QUINTENS