Circulaire 2018/C/1 betreffende de afschaffing van de aangetekende brief voor de verzending van de aanmaning tot betaling en de harmonisering van de moratoire interesten inzake niet-fiscale schuldvorderingen
Circulaire 2018/C/1 betreffende de afschaffing van de aangetekende brief voor de verzending van de aanmaning tot betaling en de harmonisering van de moratoire interesten inzake niet-fiscale schuldvorderingen
Programmawet van 25 december 2017 – Wijziging van de domaniale wet van 22 december 1949 inzake niet-fiscale schuldvorderingen – Afschaffing van de aangetekende brief voor de verzending van de aanmaning tot betaling voorafgaand aan de vervolgingen – Harmonisatie van de regels inzake moratoire interesten
niet-fiscale schuldvorderingen; aanmaning tot betaling; aangetekende brief; tenuitvoerlegging; vervolgingen; verjaring; stuiting; ingebrekestelling; moratoire interest; nalatigheidsinterest; rentevoet; berekening
FOD Financiën, 11.01.2018
Algemene administratie van de inning en invordering
II. De aanmaning tot betaling voorafgaand aan de vervolgingen
Verzending van de aanmaning tot betaling per gewone brief
Verlenging van de wachttermijn voor vervolgingen
Gevolgen van de aanmaning tot betaling verzonden aan de schuldenaar
III. Harmonisatie van de rentevoet en de berekening van de moratoire interesten
I. Programmawet van 25 december 2017: wijziging van de invorderingsprocedure van niet-fiscale schuldvorderingen
De programmawet van 25 december 2017 (1) wijzigt de domaniale wet van 22 december 1949 (afgekort “domaniale wet”) teneinde de invorderingsprocedure van niet-fiscale schuldvorderingen te vereenvoudigen en te harmoniseren.
__________
(1) B.S. van 29 december 2017, 1ste ed.
Enerzijds regelt zij de procedure van de verzending van de aanmaning tot betaling voorafgaand aan de vervolgingen: afschaffing van de aangetekende brief, verlenging van de wachttermijn voor vervolgingen en afschaffing van het verjaringsstuitend gevolg.
Anderzijds wijzigt zij de rentevoet en de berekeningswijze van de van toepassing zijnde moratoire interesten (of nalatigheidsinteresten) in geval van niet-betaling van niet-fiscale schuldvorderingen.
II. De aanmaning tot betaling voorafgaand aan de vervolgingen
Verzending van de aanmaning tot betaling per gewone brief
De aanmaning tot betaling voorafgaand aan de vervolgingen (2) wordt voortaan verzonden – zowel aan de schuldenaar (artikel 4, § 1, nieuw, van de domaniale wet) als aan de medeschuldenaar (artikel 5, § 3, 3de lid, nieuw, van de domaniale wet) – per gewone brief, en niet meer per aangetekende brief.
__________
(2) Ter herinnering, deze aanmaning tot betaling bevat een uittreksel uit het bijzonder kohier of uit de administratieve uitvoerbare titel met vermelding van de datum van uitvoerbaarverklaring van dit bijzonder kohier of van deze administratieve uitvoerbare titel, of een afschrift van de uitgifte van de rechterlijke beslissing.
Deze aanmaning tot betaling heeft uitwerking vanaf de derde werkdag volgend op haar verzending (3).
__________
(3) Voortaan kan in de regel eveneens te rekenen vanaf deze uitwerkingsdatum de inschrijving van de wettelijke hypotheek worden gevorderd (artikel 9, § 2, 1ste lid van de domaniale wet).
Zij wordt eveneens per gewone brief verstuurd aan de procureur des Konings te Brussel indien de schuldenaar of de medeschuldenaar geen gekende woonplaats in België of in het buitenland heeft.
Verlenging van de wachttermijn voor vervolgingen
De termijn waarna middelen van tenuitvoerlegging kunnen worden aangewend tegen de schuldenaar (artikel 4, § 2, nieuw, van de domaniale wet) of de medeschuldenaar (artikel 5, § 3, 3de lid, nieuw, van de domaniale wet), die tot op heden acht dagen bedraagt, wordt verlengd tot een maand te rekenen vanaf de uitwerkingsdatum van de aanmaning tot betaling.
Deze termijn van een maand moet echter niet worden nageleefd in situaties waar de rechten van de Schatkist in het gedrang komen.
Gevolgen van de aanmaning tot betaling verzonden aan de schuldenaar
De per gewone brief aan de schuldenaar verzonden aanmaning tot betaling voorafgaand aan de vervolgingen stuit voortaan de verjaringstermijn voor de invordering van een niet-fiscale schuldvordering niet meer.
De ontvanger heeft uiteraard steeds de mogelijkheid om de verjaring later te stuiten door de verzending, ditmaal per aangetekende brief, van een verjaringsstuitende aanmaning tot betaling (artikel 8, § 1, 3° van de domaniale wet).
Anderzijds behoudt de aanmaning tot betaling haar geldigheid als ingebrekestelling en doet zij dus de moratoire interesten lopen, te rekenen vanaf haar uitwerkingsdatum (d.w.z. de derde werkdag die volgt op de datum van haar verzending).
III. Harmonisatie van de rentevoet en de berekening van de moratoire interesten
Tot op heden doet de aan de schuldenaar verzonden aanmaning tot betaling de moratoire interesten (of nalatigheidsinteresten) verschuldigd aan de wettelijke rentevoet in burgerlijke zaken (momenteel 2 % per jaar) lopen, volgens de regels vastgelegd in deze materie. Uitzondering wordt gemaakt wanneer deze interesten reeds lopen vóór de aanmaning tot betaling (4). Dan blijven deze interesten daarna lopen aan de rentevoet en volgens de bijzondere regels die er op van toepassing zijn.
__________
(4) Ingevolge een specifieke wettelijke of reglementaire bepaling of de in kracht van gewijsde getreden rechterlijke beslissing houdende veroordeling tot betaling van de niet-fiscale schuldvordering.
Met het oog op de harmonisering met de fiscale schuldvorderingen, worden voormelde regels gewijzigd (artikel 4, § 3, nieuw, van de domaniale wet):
1° de moratoire interesten te rekenen vanaf de aan de schuldenaar verzonden aanmaning tot betaling zijn voortaan verschuldigd aan de wettelijke rentevoet in fiscale zaken (5) (momenteel 7 % per jaar), en niet meer aan de wettelijke rentevoet in burgerlijke zaken;
__________
(5) Zie artikel 2, § 2 van de wet van 5 mei 1865 betreffende de lening tegen interest
2° deze interesten worden berekend per maand (en niet per dag) op het resterende bedrag van de niet-fiscale schuldvordering in hoofdsom, afgerond op het lagere veelvoud van 10 euro. De maand waarin de uitwerkingsdatum van de aanmaning tot betaling valt, wordt niet meegerekend, maar de maand waarin de betaling plaatsvindt, wordt voor een hele maand gerekend. Bovendien worden de interesten van een maand niet aangerekend wanneer zij geen 5 euro bedragen;
3° de moratoire interesten – ongeacht hun rentevoet of berekeningswijze – die liepen vóór (6) de aan de schuldenaar verzonden aanmaning tot betaling stoppen met lopen op de uitwerkingsdatum van de aanmaning tot betaling, en worden vanaf deze datum vervangen door de moratoire interesten verschuldigd aan de wettelijke rentevoet in fiscale zaken (zie 1° en 2°, hiervoor).
__________
(6) Ingevolge een specifieke wettelijke of reglementaire bepaling of de in kracht van gewijsde getreden rechterlijke beslissing houdende veroordeling tot betaling van de niet-fiscale schuldvordering.
IV. Inwerkingtreding
De hierboven uiteengezette wijzigingen aan de domaniale wet treden in werking op 8 januari 2018 (10 dagen na de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad).
Zij zijn van toepassing op de aanmaningen tot betaling voorafgaand aan de vervolgingen die vanaf deze datum worden verzonden aan de schuldenaar of de medeschuldenaar.
