Circulaire nr. Ci.RH.624/264.889 dd. 13.05.1975
Circulaire nr. Ci.RH.624/264.889 dd. 13.05.1975
Bull. nr. 530, pag. 960
BEDRIJFSUITGAVEN
Loontrekkers
BUITENLAND
Buitenlandse vorsers
Buitenlandse leiders en bedienden
I. Inleiding.
1. De Ministerraad heeft in zijn vergadering van 11.4.1975 de volgende beslissingen genomen in verband met het bovenbedoelde aanslagstelsel :
- de tijdsbeperking wordt van ambtswege van vijf op acht jaar gebracht wat betreft de toekenning van het afwijkend stelsel aan het kaderpersoneel van de in België gevestigde buitenlandse coördinatiekantoren en onderzoekscentra (de grens van vijf jaar wordt behouden voor het ondergeschikt personeel);
- voor de buitenlandse kaderleden waarvoor de coördinatiekantoren en onderzoekscentra kunnen aantonen dat hun behoud in België boven de acht jaar onontbeerlijk is, zal geval per geval, een afwijking worden verleend zonder beperking in de tijd; die afwijkingen zullen nochtans de uitzondering blijven;
- alle tijdsbeperkingen worden slechts berekend vanaf 1.1.1975.
2. Hierna volgen de administratieve richtlijnen voor de uitvoering van deze beslissingen.
II. Tijdperk waarin het bijzonder aanslagstelsel kan worden verleend.
1° Algemene regel (5 jaar).
3. Het gunstig aanslagstelsel mag slechts worden toegekend tijdens een tijdperk van vijf jaar te rekenen vanaf het begin van de tewerkstelling in België.
4. Indien de tewerkstelling niet bij het begin van een jaar is aangevangen, wordt het gunstig aanslagstelsel nochtans, om praktische redenen, toegestaan voor het ganse belastbaar tijdperk waarin de termijn van 5 jaar verstrijkt (b.v. tewerkstelling in België vanaf 1.8.1975 : einde van de termijn 31.12.1980).
5. Personen die reeds vóór 1.1.1975 in België waren tewerkgesteld mogen evenwel, in afwijking van het bepaalde in de nrs. 3 en 4, van het bijzondere aanslagstelsel genieten vanaf die tewerkstelling tot 31.12.1979, indien aan de in Com.I.B., 139/6 tot 9, gestelde basisvoorwaarden is voldaan.
2° Kaderpersoneel van controle- of coördinatiekantoren en onderzoekscentra (8 jaar).
6. Voor kaderleden, d.w.z. personeelsleden met een leidende functie (in tegenstelling tot een uitvoerende of ondergeschikte functie) in controle- of coördinatiekantoren en onderzoekscentra wordt de termijn waarin het bijzondere aanslagstelsel mag worden toegestaan in algemene zin van vijf op acht jaar gebracht.
7. Het bepaalde in nrs. 3 tot 5 is mutatis mutandis van toepassing voor de berekening van deze termijn. Voor wat betreft de hier bedoelde kaderleden die reeds vóór 1.1.1975 in België waren tewerkgesteld eindigt de termijn van 8 jaar derhalve op 31.12.1982.
8. Het hoofdbestuur zal te gelegenertijd de gewestelijke directeurs in kennis stellen van :
- de inrichtingen die als onderzoekscentrum, coördinatiekantoor of controlekantoor worden aangemerkt;
- de omschrijving van de functies van de kaderleden die gedurende 8 jaar aanspraak kunnen maken op het bijzondere aanslagstelsel.
3° Verlengingen.
a) Van de termijn van 5 jaar.
Oprichting van nieuwe fabrieken en bedrijfsafdelingen (of nieuwe controle- of coördinatiekantoren en onderzoekscentra als het gaat om ondergeschikt personeel ervan).
9. Wanneer buitenlandse leiders of bedienden in België tewerkgesteld worden om er een nieuwe fabriek of een nieuwe bedrijfsafdeling, op te richten of in werking te stellen en wanneer wegens buitengewone omstandigheden welke toe te schrijven zijn aan de omvangrijkheid van de opdracht, deze nog niet volledig kan worden uitgevoerd, kan de termijn bepaald overeenkomstig de nrs. 3 tot 5, uitzonderlijk, met maximum drie jaar worden verlengd.
Hetzelfde geldt voor het ondergeschikt personeel (bedienden en vorsers) van nieuwe controle- of coördinatiekantoren en van nieuwe onderzoekscentra.
10. In deze gevallen behoort het aan de betrokkenen een verlenging van de aanvankelijke termijn aan de taxatieambtenaar te vragen en alle bewijskrachtige gegevens te verstrekken die de administratie in staat moeten stellen in klaarheid en objectiviteit te oordelen over de noodzaak en de duur van de aanvullende termijn. De Insp. A beslist na het advies te hebben ingewonnen van zijn collega Venn.
11. Indien de duur van de verlenging niet met zekerheid kan worden bepaald, zal telkenjare de aanvraag worden hernieuwd.
b) Van de termijn van 8 jaar.
12. De buitenlandse kaderleden die in een onderzoekscentrum, een controlekantoor of een coördinatiekantoor een dermate belangrijke functie bekleden, dat het behoud van hun tewerkstelling in België werkelijk onontbeerlijk is om de goede werking ervan te verzekeren, kunnen een afwijking op de termijn van 8 jaar bekomen.
Daartoe is een aanvraag bij het hoofdbestuur nodig. Een beslissing zal, geval per geval, worden genomen.
III. Opheffingsbepalingen.
13. De circ. 27.9.1974, nr. Ci.RH.624/264.889, gewijzigd door die van 4.12.1974, zelfde nummer, wordt opgeheven, behalve de nrs. 3 tot 5 (Berekening van het aanvullend forfait van 30 pct. voor bedrijfsuitgaven).
...
--------------------------------------------------------------------------------
