Circulaire nr. AFZ/1997-0066 (AFZ 8/2008) dd. 22.04.2008

CIRC 22.04.08/2

Circulaire nr. AFZ/1997-0066 (AFZ 8/2008) dd. 22.04.2008


DUBBELBELASTINGVERDRAG
Clausule van meest begunstigde natie
Dividend
Ecuador


Aan alle ambtenaren van niveau A, B en C van de Administratie van fiscale zaken, van de Administratie van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit (sector directe belastingen), van de Administratie van de invordering (sector directe belastingen) en van de Administratie van de bijzondere belastinginspectie.
I. DOEL EN CONTEXT
Deze circulaire beoogt duiding te geven bij de uitwerking van de clausule van meest begunstigde natie die is opgenomen in het nummer 3 van het Protocol bij de Overeenkomst België-Ecuador, ondertekend op 18 december 1996. De uitwerking van deze clausule werd beoordeeld op datum van 1 januari 2008.
Een "clausule van meest begunstigde natie" (hierna genaamd "MBN-clausule") bepaalt doorgaans dat, indien de partnerstaat in een (latere) overeenkomst met een derde land betere voorwaarden overeenkomt dan diegene die zijn voorzien in de overeenkomst met België, deze voorwaarden automatisch toepassing vinden in de verhouding tussen België en de partnerstaat. Een MBN-clausule kan ook een verbodsbepaling bevatten, bijvoorbeeld in de zin dat de partnerstaat een bepaalde belasting in hoofde van Belgische ondernemingen niet mag heffen zolang er tussen deze partnerstaat en een derde land een overeenkomst in werking is die geen bepaling voorziet waardoor de heffing is toegelaten.

II. MBN-CLAUSULE
Belastingheffing van dividenden
De Overeenkomst België-Ecuador bevat een MBN-clausule, namelijk in het Protocol nr. 3 bij de Overeenkomst (cf. bijlage 1).

Deze clausule verwijst naar de belastingheffing van de inkomsten bedoeld in artikel 10, paragraaf 2 van de Overeenkomst. Daarin wordt bepaald dat de bronstaat een belasting mag heffen op de dividenden die worden uitgekeerd door vennootschappen die inwoner zijn van de bronstaat, maar indien de uiteindelijke gerechtigde tot de dividenden een inwoner is van de andere staat mag de bronheffing niet meer bedragen dan 15% van het brutobedrag van de dividenden.

De MBN-clausule zelf bepaalt dat, indien Ecuador, na de ondertekening van de overeenkomst met België, een overeenkomst afsluit met een derde staat, waarin Ecuador (als bronstaat) ter zake van dividenden een lager tarief van bronheffing of een vrijstelling toestaat, dit lager tarief of deze vrijstelling automatisch zal gelden in de verhouding tussen België en Ecuador, en dit vanaf de datum waarop de overeenkomst tussen Ecuador en de betrokken derde staat uitwerking heeft.

Uit de analyse van de relevante bepalingen in latere door Ecuador afgesloten overeenkomsten is het volgende gebleken. In de Overeenkomst afgesloten tussen Ecuador en Chili, ondertekend op 26 augustus 1999, bepaalt artikel 10, §2, a) dat de bronstaat heffingsbevoegd is inzake dividenden doch dat de bronheffing dient beperkt te worden tot 5% van het brutobedrag van het dividend indien de uiteindelijke gerechtigde tot het dividend een vennootschap is die inwoner is van de andere Overeenkomstsluitende staat en die middellijk of onmiddellijk minstens 25% van de aandelen met stemrecht bezit van de uitkerende vennootschap (zie bijlage 2).

Uit het voorgaande volgt dat vanaf 1 januari 2004 (dit is de datum van uitwerking van de Overeenkomst tussen Ecuador en Chili) de bepaling van artikel 10, §2, a) van de overeenkomst Ecuador - Chili automatisch van toepassing is in de verhouding tussen Ecuador en België.

Dit betekent dat Ecuador de dividenden uitgekeerd door een vennootschap/inwoner van Ecuador vanaf 1 januari 2004 slechts aan een bronheffing van maximaal 5% (i.p.v. voorheen 15%) mag onderwerpen indien:

  • de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden een Belgische vennootschap is,
  • die middellijk of onmiddellijk minstens 25% van de aandelen met stemrecht van de uitbetalende vennootschap controleert.
NAMENS DE MINISTER:
De adjunct-administrateur-generaal,

Paul NECKEBROECK

Bijlage 1

Protocol punt 3 bij de Overeenkomst België-Ecuador, ondertekend op 18 december 1996

" Indien ingevolge een overeenkomst tot voorkoming van dubbele belasting gesloten tussen Ecuador en een derde Staat na de datum van ondertekening van deze Overeenkomst, Ecuador, in de hoedanigheid van bronstaat, zijn belastingheffing van dividenden beperkt tot een lager tarief dan het tarief voorzien in artikel 10, paragraaf 2 van deze Overeenkomst of deze dividenden van belasting vrijstelt, dan zal dat lager tarief of die vrijstelling voor de doeleinden van deze Overeenkomst automatisch toepassing vinden vanaf de datum waarop de overeenkomst tussen Ecuador en de betrokken derde Staat uitwerking heeft."

Bijlage 2

Artikel 10, § 2 Overeenkomst Ecuador-Chili, ondertekend op 26 augustus 1999 (officieuze vertaling)

"Zulke dividenden mogen ook in de overeenkomstsluitende Staat waarvan de vennootschap die de dividenden betaalt inwoner is worden belast overeenkomstig de wetgeving van die Staat. Indien echter de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden inwoner is van de andere overeenkomstsluitende Staat, mag de aldus geheven belasting niet hoger zijn dan :
(a) 5 percent van het brutobedrag van de dividenden indien de uiteindelijk gerechtigde een vennootschap is die onmiddellijk of middellijk tenminste 25 percent controleert van de aandelen met stemrecht van de vennootschap die de dividenden betaalt;
(b) 15 percent van het brutobedrag van de dividenden in alle andere gevallen."