Circulaire 2018/C/107 over de belastingvermindering voor minderwaarden geleden naar aanleiding van de gehele verdeling van het maatschappelijk vermogen van een private privak
Eerste commentaar over de nieuwe belastingvermindering voor minderwaarden geleden naar aanleiding van de gehele verdeling van het maatschappelijk vermogen van een private privak (nieuw art. 145^26/1, WIB 92).
inkomstenbelastingen ; belastingvermindering ; private privak ; kleine en middelgrote onderneming ; instellingen voor collectieve belegging
FOD Financiën, 04.09.2018
Algemene Administratie van de Fiscaliteit – Personenbelasting
Welke maatregel?
Voor wie?
Welke private privaks worden beoogd?
Hoe wordt de minderwaarde berekend?
Hoe wordt de vermindering berekend?
Vanaf wanneer?
Wat zijn de wettelijke referenties?
Welke maatregel?
1. Het gaat om een nieuwe belastingvermindering ingevoerd door de wet van 26.03.2018 betreffende de versterking van de economische groei en de sociale cohesie (BS 30.03.2018, ed. 2).
2. Het doel van de maatregel is het stimuleren van de economische groei en de tewerkstelling. Het gaat meer bepaald om het gedeeltelijk opvangen van het risico dat personen lopen die, via een private privak, investeren in niet-genoteerde bedrijven en groeibedrijven.
Hiertoe wordt een nieuwe fiscale stimulans voorzien. Als alle voorwaarden zijn vervuld, krijgen de burgers die een verlies hebben geleden op een kapitaalinvestering in een private privak, een belastingvermindering.
Voor wie?
3. Zowel de rijksinwoners (onderworpen aan de personenbelasting) als bepaalde niet-rijksinwoners (onderworpen aan en geregulariseerd in de belasting van niet-inwoners/natuurlijke personen) worden beoogd.
Welke private privaks worden beoogd?
4. Het moet gaan om een private privak als bedoeld in artikel 298 van de wet van 19.04.2014 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve belegging en hun beheerders (BS 17.06.2014).
Onder private privak wordt de private AICB (alternatieve instelling voor collectieve belegging) met een vast aantal rechten van deelneming verstaan, die geregeld is bij statuten. Het uitsluitende doel ervan is de belegging in financiële instrumenten, uitgegeven door niet-genoteerde vennootschappen, overeenkomstig de bepalingen van de W 19.04.2014, de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen of haar statuten.
Deze private privak moet zijn opgericht vanaf 01.01.2018.
5. De minderwaarde is door de investeerder geleden tijdens het belastbare tijdperk, naar aanleiding van de gehele verdeling van het maatschappelijk vermogen van die private privak.
Hoe wordt de minderwaarde berekend?
6. De door de investeerder geleden minderwaarde wordt als volgt berekend:
Kapitaal dat door de belastingplichtige op de aandelen van de private privak werd volgestort
-
Ontvangen bedragen naar aanleiding van de gehele verdeling van het maatschappelijk vermogen van de private privak
-
Voorheen vanwege de private privak ontvangen dividenden
= (indien positief saldo)
Minderwaarde
7. De belastingvermindering is niet van toepassing op de minderwaarden op de deelnemingen in een private privak waarvoor de investeerder reeds genoot van:
- de belastingvermindering voor de verwerving van nieuwe aandelen van startende ondernemingen (1);
- of de belastingvermindering voor de verwerving van nieuwe aandelen van groeibedrijven (2).
(1) Art. 145^26, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.
(2) Art. 145^27, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.
De minderwaarden die het resultaat zijn van een gedeeltelijke verdeling van het maatschappelijk vermogen van een private privak, komen niet in aanmerking voor deze maatregel.
Hoe wordt de vermindering berekend?
8. De investeerder kan meerdere minderwaarden per belastbaar tijdperk in aanmerking nemen, maar er geldt een jaarlijks plafond van 25.000 euro per belastingplichtige (dit plafond wordt niet geïndexeerd).
Wanneer de belastingplichtige zijn fiscale woonplaats tijdens een kalenderjaar overbrengt van België naar een andere staat of omgekeerd (3), wordt het maximumbedrag van 25.000 euro dat in aanmerking komt voor de vermindering, geprorateerd.
(3) In dat geval stemt het belastbare tijdperk van de belastingplichtige niet overeen met een volledig kalenderjaar omwille van een andere reden dan overlijden.
Het te prorateren bedrag wordt vermenigvuldigd met een breuk waarvan:
- de teller gelijk is aan het aantal maanden van het belastbaar tijdperk;
- de noemer gelijk is aan 12.
Om het aantal maanden van het belastbare tijdperk te bepalen wordt elke kalendermaand waarvan de 15de dag behoort tot dat tijdperk voor een volledige maand geteld.
Het resultaat wordt afgerond naar het hogere of lagere veelvoud van 10 euro naargelang de eenheid al dan niet 5 euro bereikt.
9. Het tarief van de belastingvermindering is 25 % van de in aanmerking te nemen minderwaarden.
Vanaf wanneer?
10. Deze nieuwe belastingvermindering is van toepassing vanaf aanslagjaar 2019.
Wat zijn de wettelijke referenties?
11. Artikel 145^26/1 en art. 174/1, eerste lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.
12. Artikelen 47, 48, 50, 53 en 55 van de wet van 26.03.2018 betreffende de versterking van de economische groei en de sociale cohesie (BS 30.03.2018, ed. 2).
Interne ref.: 715.071
