Circulaire 2017/C/3 betreffende het belastingkrediet voor lage activiteitsinkomsten van 23.01.2017
Deze circulaire bespreekt de wet van 03.08.2016 tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 wat het belastingkrediet voor lage activiteitsinkomsten betreft (W 03.08.0216)
Algemene Administratie van de Fiscaliteit
Personenbelasting
Berekening van de personenbelasting
Belastingkrediet voor lage activiteitsinkomsten
I. INLEIDING
1. Deze circulaire bespreekt de wijziging die de W 03.08.2016 heeft aangebracht in de toepassing van het belastingkrediet voor lage activiteitsinkomsten (art. 289ter, WIB 92).
Door die wetswijziging zijn bepaalde forfaitair belaste belastingplichtigen en hun bezoldigde meewerkende echtgenoten niet langer van het belastingkrediet voor lage activiteitsinkomsten uitgesloten.
II. WETTELIJKE BEPALINGEN
2. De art. 2 en 3, W 03.08.2016 (BS 11.08.2016, Ed. 2) luiden:
Art. 2
In artikel 289ter, § 1, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de wet van 10 augustus 2001 en gewijzigd bij de wetten van 10 augustus 2001, 24 december 2002, 27 december 2004 en 27 december 2005, wordt het derde lid vervangen als volgt:
‘Geen belastingkrediet wordt verleend aan de belastingplichtige voor wie de belastbare winst of baten bij toepassing van artikel 342, § 3, worden bepaald.’.
Art. 3
Deze wet treedt in werking vanaf het aanslagjaar 2017.
3. Vergelijking van de tekst van art. 289ter, § 1, derde lid, WIB 92, voor en na de wetswijziging:
| Voor de wetswijziging | Na de wetswijziging |
| Geen belastingkrediet wordt verleend aan de belastingplichtige die winst of baten heeft verkregen die zijn vastgesteld volgens forfaitaire grondslagen van aanslag. | Geen belastingkrediet wordt verleend aan de belastingplichtige voor wie de belastbare winst of baten bij toepassing van artikel 342, § 3, worden bepaald. |
III. BETROKKEN BELASTINGPLICHTIGEN
4. Voor de wetswijziging waren alle belastingplichtigen met winst of baten vastgesteld volgens forfaitaire grondslagen van aanslag, uitgesloten van het belastingkrediet voor lage activiteitsinkomsten.
In de praktijk ging het om twee groepen van belastingplichtigen, nl.:
Groep A: belastingplichtigen van wie de winst of de baten worden bepaald volgens forfaitaire grondslagen van aanslag vastgesteld in overleg met de betrokken beroepsgroeperingen (art. 342, § 1, tweede lid, WIB 92)
Groep B: belastingplichtigen van wie de winst of de baten worden bepaald door toepassing van de belastbare minima vermeld in art. 182, KB/WIB 92 (bij niet-aangifte of laattijdige aangifte - art. 342, § 3, WIB 92).
De wetswijziging heeft nu een einde gemaakt aan de uitsluiting van de belastingplichtigen van groep A.
5. De wetswijziging heeft daarnaast ook een einde gemaakt aan de uitsluiting van de meewerkende echtgenoten die in art. 33, WIB 92, bedoelde bezoldigingen verkrijgen van belastingplichtigen van groep A.
Dat vloeit voort uit de samenlezing van het gewijzigde art. 289ter, § 1, derde lid, WIB 92 (zie nrs. 2 en 3 hierboven) en het ongewijzigde art. 289ter, § 1, vijfde lid, WIB 92 (1).
(1) Art. 289ter, § 1, vijfde lid, WIB 92: Geen belastingkrediet wordt verleend aan de in artikel 33, eerste lid, bedoelde meewerkende echtgenoten wanneer hun bezoldigingen voortkomen uit een activiteitsinkomen (…) dat wordt toegekend door een belastingplichtige als bedoeld in het derde lid.
IV. INWERKINGTREDING
6. De wetswijziging is van toepassing vanaf aanslagjaar 2017 (zie art. 3, W 03.08.2016).
Voor de Administrateur-generaal van de Fiscaliteit,
P. GYSEN
Adviseur
Interne ref.: 707.714
