Aanschrijving nr. 2 dd. 02.01.1995

AANSCHRIJVING 95/002

Aanschrijving nr. 2 dd. 02.01.1995.


BTW-Revue nr. 112, blz. 113

Deze aanschrijving vervangt de aanschrijving nr. 10 dd. 01.06.1993.
Belastingheffing winstmarge tweedehandse voertuigen
Regeling voorzien in artikel 58, § 4, W.BTW.


INHOUDSTAFEL Voorwerp van de aanschrijving. 1 - 2 Eerste afdeling - Draagwijdte van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor tweedehandse vervoermiddelen. Art. 58, § 4. I. Definities. A. Tweedehandse vervoermiddelen. 3 - 5 B. Belastingplichtige wederverkoper. 6 II. Algemene draagwijdte van de bijzondere regeling. 7 - 16 III. Werking van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge. 17 A. Tweedehandse vervoermiddelen waarop de belasting- plichtige wederverkoper de bijzondere regeling toepast. 18 - 19 Wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing per aangiftetijdvak. 20 - 24 Facturering. 25 Niet-aftrek van de BTW in hoofde van de kopers. 26 Toepassing van de normale regeling. 27 Wettelijk vermoeden dat geldt tot bewijs van het tegendeel. 28 - 30 Intracommunautaire handelingen. 31 - 46 Begrip "vervoermiddelen". 47 Begrip "nieuw vervoermiddel". 48 - 50 Intracommunautaire verwervingen in België van niet-nieuwe vervoermiddelen onder bezwarende titel door een belasting- plichtige wederverkoper, naargelang de hoedanigheid van de verkoper in de Lid-Staat van herkomst. 51 - 55 Intracommunautaire leveringen. 56 - 59 B. Tweedehandse vervoermiddelen waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling niet kan toepassen. 60 - 61 C. Tweedehandse vervoermiddelen beoogd door de bijzondere regeling maar welke door de belastingplichtige wederver- koper zelf uit de bijzondere regeling werden gesloten. 62 - 63 IV. Aftrekregeling voor de belastingplichtige wederverkopers van tweedehandse vervoermiddelen. 64 - 65 Afdeling 2 - Voorwaarden en modaliteiten van de toepassing van de bijzondere regeling, bedoeld in artikel 58, § 4, van het wetboek. 66 I. Voorwaarden. A. Algemeenheden. 67 B. Opstellen van een aankoopborderel of ontvangst van een factuur. 68 - 70 C. Bewijsmiddelen. 71 - 76 D. Houden van een aankoopregister van tweedehandse ver- voermiddelen. 77 - 79 regularisaties. 80 - 81 E. Houden van een vergelijkingsregister. 82 Afdeling 3 : Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de bijzondere regeling van belasting- heffing over de winstmarge. I. Periodieke afsluiting van het boek voor uitgaande facturen en van het ontvangstenboek. 83 - 84 II. Periodieke afsluiting van het aankoopregister. 85 III. A. - Berekening van de verschuldigde belasting voor de han- delingen verricht onder de winstmargeregeling gedurende het aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijd- vak van het jaar (art. 4de lid, van het koninklijk besluit). Transport naar het vergelijkingsregister. 86 - 89 III. B. - Berekening van de verschuldigde belasting voor de hande- lingen verricht onder de winstmargeregeling gedurende het laatste aangiftetijdvak van het jaar (art. 3, 2de, 5de en 6de lid, van het koninklijk besluit). 90 - 93 IV. A. - Voorbeelden voor de berekening van de BTW voor de handelingen verricht met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge gedurende een aan- giftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar. 94 - 95 IV. B. - Voorbeeld voor de berekening van de BTW voor de han- delingen verricht met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor het laatste aangifte tijdvak van het jaar. 96 Afdeling 4 : Uitvoer, Verkopen aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling. Levering aan in- validen of gehandicapten. 97 - 98 Afdeling 5 : Diverse gevallen - Onttrekking - Formaliteiten en voorwaarden - Gebruik in de onderneming - Overdracht. I. Onttrekking door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn privé-doeleinden van voor doorverkoop onder de winstmarge- regeling bestemde vervoermiddelen. 99 - 100 II. Onttrekking. - Formaliteiten en voorwaarden. 101 - 104 III. Gebruik door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn economische activiteit van voor doorverkoop onder de winst- margeregeling bestemde vervoermiddelen. 105 IV. Overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling omvattende de tweedehandse vervoermiddelen onderworpen aan de winstmargeregeling. 106 - 107 Bijlage I : Koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde. Bijlage II : Koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994 met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.

Bijlage III : Koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrek- king tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde en het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde.

Bijlage IV. : Attest.

Bijlage V. : Voorbeeld.

Bijlage VI. : Voorbeeld.

Bijlage VII. : Model van aankoopregister en van vergelijkingsregister.

Onderwerp van de aanschrijving.

1. Het Belgisch Staatsblad van 30 december 1994 publiceert het koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, het koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994 met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, en het koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde en het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde.

De tekst van deze besluiten, die in werking getreden zijn op 1 januari 1995, gaan hierbij (bijlagen I tot III).

2. De Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994 tot aanvulling van het gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde en tot wijziging van Richtlijn 77/388/EEG, stelt een communautaire regeling van belastingheffing over de winstmarge vast voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.

Het is de tekst van deze Richtlijn die in de Belgische BTW-Wetgeving moest worden geïmplementeerd.

De bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge wordt besproken in de aanschrijvingen nrs. 1 en 2 van 2 januari 1995.

De aanschrijving nr. 1 van 2 januari 1995 licht de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe voor gebruikte goederen (andere dan tweedehandse vervoermiddelen), kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. De aanschrijving nr. 1 van 30 januari 1984, welke de regeling voor tweedehandse goederen toelichtte, wordt erdoor opgeheven en vervangen.

Onderhavige aanschrijving licht de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe voor tweedehandse vervoermiddelen. De aanschrijving nr. 10 van 1 juni 1993 wordt erdoor opgeheven en vervangen.

Telkens als in deze aanschrijving wordt verwezen naar een koninklijk besluit, zonder nadere specificatie, wordt hiermee het koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994 bedoeld met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.

Afdeling 1. - Draagwijdte van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor tweedehandse vervoermiddelen. Artikel 58, § 4.



I.Definities.
A.Tweedehandse vervoermiddelen.
3. Als vervoermiddelen in de zin van de bijzondere regeling worden beschouwd :


1° automobielen, motorrijwielen en andere motorrijtuigen en andere motorrijtuigen voor vervoer te land, ongeacht de soort van de motor, alsmede hun aanhangwagens;


2° jachten en plezierboten;


3° vliegtuigen, watervliegtuigen, hefschroefvliegtuigen en andere dergelijke toestellen, en zweefvliegtuigen.


4. Voor de toepassing van deze regeling wordt onder tweedehandse vervoermiddelen verstaan de vervoermiddelen die in de staat waarin ze verkeren of na herstelling, opnieuw kunnen worden gebruikt (art. 1, a, van het koninklijk besluit).


5. Benevens nieuwe vervoermiddelen sluit deze definitie uit :


1° de vervoermiddelen die, vóór hun wederverkoop, een zodanige vervorming hebben ondergaan dat er geen identificatie mogelijk is tussen het voorwerp in zijn oorspronkelijke toestand en zijn toestand bij de verkoop (bv. een tot minibus of motorhome omgevormde lichte vrachtwagen, ...);

2° de vervoermiddelen die niet in aanmerking komen om als dusdanig opnieuw te worden gebruikt (bv. wrakken van voertuigen die tot schroot zijn gemaakt, ...).



B.Belastingplichtige wederverkoper.
6. De belastingplichtige wederverkoper is de belastingplichtige die in het kader van zijn economische activiteit tweedehandse vervoermiddelen koopt of bestemt voor bedrijfsdoeleinden met het oog op wederverkoop, ongeacht of deze belastingplichtige optreedt voor eigen rekening dan wel, ingevolge een overeenkomst tot aan- of verkoop in commissie (z. Wetboek, art. 13), voor rekening van een derde (art. 58, § 4, 1°, van het Wetboek).

II.Algemene draagwijdte van de bijzondere regeling.

7. Belastingplichtige wederverkopers passen op door hen verrichte leveringen van tweedehandse vervoermiddelen een bijzondere regeling toe van belastingheffing over de winstmarge die ze realiseren (art. 58, § 4, van het Wetboek).

8. De in nummer 7 genoemde leveringen van goederen zijn door een belastingplichtige wederverkoper verrichte leveringen van tweedehandse vervoermiddelen die hem binnen de Gemeenschap zijn geleverd :

  • door een niet-belastingplichtige (particulier, niet- belastingplichtige rechtspersoon, ...);
of

  • door een andere belastingplichtige, voor zover de levering van het vervoermiddel door deze andere belastingplichtige overeenkomstig art. 44, § 2, 13°, van het Wetboek (art. 13, onderdeel B, onder c, van de Zesde Richtlijn 77/388/EEG) is vrijgesteld van de BTW;
of

  • door een andere belastingplichtige, voor zover de levering van het vervoermiddel door deze andere belastingplichtige is vrijgesteld van de BTW krachtens art. 56, § 2, van het Wetboek (art. 24 van de Zesde Richtlijn 77/388/EEG) en het een bedrijfsmiddel betreft;
of

  • door een andere belastingplichtige wederverkoper, voor zover de levering van het vervoermiddel door deze andere belastingplichtige wederverkoper overeenkomstig deze bijzondere regeling onderworpen is geweest aan de BTW (art. 58, § 4, 2°, van het Wetboek).
9. De bijzondere winstmargeregeling kan enkel toepasselijk zijn op de vervoermiddelen die voorheen het finale verbruikstadium hebben bereikt en worden verkocht aan de belastingplichtige wederverkoper door de bovengenoemde leveranciers, voor zover zij geen enkel recht op vrijstelling of teruggaaf van de belasting hebben kunnen uitoefenen bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van hun vervoermiddel (art. 58, § 4, 3°, van het Wetboek).

De vervoermiddelen waarvan de belastingplichtige wederverkoper niet kan aantonen dat hij ze gekocht heeft van de bovengenoemde personen, worden geacht verkregen te zijn onder de normale regeling van de belasting.

10. De omstandigheid dat de handel ook slaat op vervoermiddelen die uitgesloten worden van de bijzondere regeling van artikel 58, § 4, van het Wetboek, betekent niet dat de bijzondere regeling vervalt.

11. De maatstaf van heffing voor de leveringen van tweedehandse vervoermiddelen is de winstmarge van de belastingplichtige wederverkoper, verminderd met het bedrag van de BTW die in de winstmarge is begrepen. Deze winstmarge is begrepen. Deze winstmarge is gelijk aan het verschil tussen de door de belastingplichtige wederverkoper voor het goed gevraagde verkoopprijs en de aankoopprijs.

In de zin van dit lid wordt verstaan onder :

  • "verkoopprijs" : alles wat de belastingplichtige wederverkoper als tegenprestatie verkrijgt of moet verkrijgen van de koper of van een derde, met inbegrip van de subsidies die rechtstreeks met deze handeling verband houden, de belastingen, de rechten en de heffingen, de taksen en de bijkomende kosten die de belastingplichtige wederverkoper aan de koper vraagt zoals kosten van commissie, verpakking, verzekering en vervoer. Worden niet in aanmerking genomen, de sommen die als disconto van de prijs mogen worden afgetrokken, de prijsverminderingen die door de belastingplichtige wederverkoper aan de afnemer worden toegekend en die door deze laatste zijn verkregen op het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt en de sommen voorgeschoten door de belastingplichtige wederverkoper voor uitgaven die hij ten name en voor rekening van zijn medecontractant heeft gedaan;
  • "aankoopprijs" : alles wat de in het bovenstaande streepje gedefinieerde tegenprestatie uitmaakt die zijn leverancier van de belastingplichtige wederverkoper verkrijgt of moet verkrijgen (art. 2 van het koninklijk besluit).
12. belastingplichtigen mogen de belasting over de toegevoegde waarde die verschuldigd of voldaan is voor aan hen geleverde of te leveren vervoermiddelen door een belastingplichtige wederverkoper, niet aftrekken van de belasting die zij verschuldigd zijn, voor zover de levering van deze goederen door de belastingplichtige wederverkoper onderworpen is aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge (art. 58, § 4, 5°, van het Wetboek).

13. De belastingplichtige wederverkoper mag de BTW over de leveringen van vervoermiddelen waarop hij de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepast niet afzonderlijk vermelden op de factuur die hij uitreikt, op ieder als zodanig geldend stuk of op ieder verbeterend stuk (art. 58, § 4, 8°, van het Wetboek).

14. Voor de leveringen van goederen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge wordt de omzet gevormd door de totale winstmarge dewelke de belastingplichtige wederverkoper, gedurende een jaar, heeft gerealiseerd bij de verkoop van tweedehandse vervoermiddelen, verminderd met het bedrag van de BTW die in de winstmarge is begrepen (art. 4 van het koninklijk besluit).

Het belang van dit nieuw begrip van omzetcijfer blijkt inzonderheid bij de berekening van het jaarlijks omzetplafond van 225.000 F in de vrijstellingsregeling van belasting.

15. Voor elke levering die onder de bijzondere regeling valt kan de belastingplichtige wederverkoper de normale regeling van de BTW toepassen (art. 58, § 4, 7°, eerste lid, van het Wetboek).

16. Indien de belastingplichtige wederverkoper zowel de normale regeling als de bijzondere regeling toepast, moet hij de handelingen verricht onder de normale regeling en de handelingen verricht onder de bijzondere regeling afzonderlijk in zijn boekhouding bijhouden, volgens de in deze aanschrijving vastgestelde modaliteiten (art. 7 van het koninklijk besluit).

III. Werking van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.

17. Voor de klaarheid van de uiteenzetting wordt hierna achtereenvolgens de regeling uiteengezet die inzake BTW van toepassing is :



A)op de tweedehandse vervoermiddelen bedoeld in artikel 58, § 4, van het BTW-Wetboek, die door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge;
B)op de tweedehandse vervoermiddelen waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling niet kan toepassen;
C)op de tweedehandse vervoermiddelen die de belastingplichtige wederverkoper zelf uit de bijzondere regeling sluit.
A. Tweedehandse vervoermiddelen waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling toepast.

18. De belastingplichtige wederverkopers kunnen voor de leveringen van tweedehandse vervoermiddelen, bedoeld onder de nrs. 3 en 4, welke hen zijn geleverd door niet-belastingplichtigen of door belastingplichtigen, beoogd onder nr. 8, de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepassen.

Voorbeeld.

19. Een belastingplichtige wederverkoper koopt bij een niet- belastingplichtige een tweedehandse personenauto voor de prijs van 100.000 F.

De personenauto kan worden verkocht in de staat waarin hij verkeert en de verkoopprijs is 124.000 F.

In dat geval bedraagt de winstmarge 24.000 F, BTW inbegrepen, hetzij 124.000 F (verkoopprijs) - 100.000 F (aankoopprijs) ------------- 24.000 F De verschuldigde belasting bedraagt : 24.000 x 20,5 ---------------- = 4.083 F 120,5 De belastingplichtige wederverkoper mag in onderhavig voorbeeld de BTW over de levering van de tweedehandse personenauto, vermits hij de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepast, niet apart vermelden op de factuur die hij uitreikt. Wanneer de belastingplichtige wederverkoper deze personenauto verkoopt aan een belastingplichtige kan deze de BTW die in de verkoopprijs is begrepen, niet aftrekken.

Wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing per aangiftetijdvak.

20. De belastingplichtige wederverkopers stellen, onder de door of vanwege de Minister van Financiën gestelde voorwaarden, de maatstaf van heffing voor leveringen van goederen die onderworpen zijn aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge vast voor elk aangiftetijdvak. Deze wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing vormt de basisregeling die door de belastingplichtige wederverkoper wordt toegepast.

21. De belastingplichtige wederverkoper schrijft naarmate van zijn aankopen het bedrag van de aankoopprijzen in in het aankoopregister dat hij moet houden (z. nrs. 77 tot 79). De inschrijving in het aankoopregister van de aankoopprijs van een vervoermiddel gebeurt dus onmiddellijk en wordt niet uitgesteld tot de dag van de doorverkoop. Hij schrijft naarmate van zijn verkopen het bedrag van de verkoopprijzen, "BTW inbegrepen" hetzij in zijn boek voor uitgaande facturen, hetzij in zijn dagboek van ontvangsten (z. nr. 83).

22. Op het einde van elk aangifte tijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangifte tijdvak van het jaar, brengt hij het totaalbedrag van zijn verkopen, BTW inbegrepen, en het totaalbedrag van zijn aankopen ingeschreven in het aankoopregister over naar het vergelijkingsregister (z. nr. 82). Hij berekent de BTW die begrepen is in het verschil tussen beide bedragen (z. nrs. 86 tot 89).

23. Indien voor een aangiftetijdvak, met uitzondering van het laatste aangiftetijdvak van het jaar, het bedrag der aankopen groter is dan het bedrag der verkopen, dient te worden gehandeld overeenkomstig het bepaalde onder nr. 88.

Voorbeeld.

24. Eenvoudigheidshalve gaat men van de onderstelling uit dat de belastingplichtige wederverkoper, tijdens een zelfde aangiftetijdvak, onder de regeling van de winstmarge, verschillende tweedehandse voertuigen heeft gekocht van niet-belastingplichtigen voor een totaalbedrag van 600.000 F en dat hij voertuigen verkocht heeft voor een totaalbedrag van 900.000 F, belasting inbegrepen. Die voertuigen zijn onderworpen aan het BTW-tarief van 20,5 pct.

De belasting, die begrepen is in het verschil tussen het totaalbedrag van de verkopen (900.000 F) en het totaalbedrag van zijn aankopen (600.000 F), wordt berekend volgens de formule hierna : D x t waarin D het verschil (300.000 F) vertegenwoordigt ---------- 100 + t en waarin t het op de goederen toepasselijk tarief vertegenwoordigt. De verschuldigde belasting bedraagt dus 300.000 x 20,5 hetzij 51.037 F ---------------- 120,5 Facturering 25. De belastingplichtige wederverkoper dient voor de leveringen van tweedehandse vervoermiddelen die hij verricht een factuur uit te reiken in de gevallen voorzien in artikel 1, § 1 en § 2, tweede lid, van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde.

De belastingplichtige wederverkoper mag de BTW over de leveringen van tweedehandse vervoermiddelen waarop hij de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepast niet afzonderlijk vermelden op de factuur die hij uitreikt, op ieder als zodanig geldend stuk of op ieder verbeterend stuk (art. 58, § 4, 8°, van het Wetboek).

Op de factuur of op het als zodanig geldend stuk dient tevens de volgende vermelding te worden aangebracht : "Levering onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge. BTW niet aftrekbaar." (art. 8 van het koninklijk besluit).

Niet-aftrek van de BTW in hoofde van de kopers.

26. Wanneer de belastingplichtige wederverkoper tweedehandse vervoermiddelen waarop hij de bijzondere regeling toepast levert aan belastingplichtigen, kunnen deze de belasting die geacht wordt in de verkoopprijs te zijn begrepen, niet aftrekken (art. 58, § 4, 5°, van het Wetboek).

Toepassing van de normale regeling.

27. De belastingplichtige wederverkoper kan echter voor elke levering van tweedehandse vervoermiddelen de normale regeling van de belasting toepassen (art. 58, § 4, 7°, van het Wetboek).

Er wordt opgemerkt dat, indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een vervoermiddel dat hij voordien reeds heeft ingeschreven in het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop de normale BTW-regeling toepast, hij een regularisatie moet verrichten in het aankoopregister, op de manier uiteengezet onder nr. 80 of 81.

Wettelijk vermoeden dat geldt tot bewijs van het tegendeel.

28. De leveringen van in art. 58, § 4, van het Wetboek bedoelde goederen, voor dewelke de voorwaarden en modaliteiten die voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge zijn gesteld niet worden nageleefd worden, behoudens tegenbewijs, geacht te zijn verricht onder de normale regeling van de belasting (art. 58, § 4, 12°, van het Wetboek).

29. Het maken van het onderscheid tussen de goederen naargelang de herkomst ervan en het voeren van een boekhouding die moet toelaten om de BTW, zowel voor de handelingen verricht onder de normale regeling van de belasting als voor de handelingen verricht onder de bijzondere regeling toe te passen en te controleren, zijn essentiële voorwaarden waaraan de belastingplichtige wederverkoper moet voldoen om een goede werking van bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge te waarborgen.

30. In dat verband is het dan ook onvermijdelijk dat de belastingplichtige wederverkoper, om die regeling toe te passen, aan bepaalde voorwaarden en modaliteiten moet voldoen.

In die optiek zal het vermoeden inzonderheid worden toegepast op de leveringen van goederen waarvoor de belastingplichtige wederverkoper niet kan aantonen dat hij ze gekocht heeft van de door de winstmargeregeling beoogde leveranciers. Het wil verhinderen dat de belastingplichtige wederverkoper die leveringen van goederen onderwerpt aan de winstmargeregeling door eenvoudig te beweren dat hij de goederen heeft gekocht bijvoorbeeld van particulieren. Hij zal dit moeten kunnen aantonen.

Het vermoeden zal inzonderheid worden toegepast op de leveringen van goederen waarvoor de belastingplichtige wederverkoper facturen uitreikt welke niet beantwoorden aan de door de winstmargeregeling gestelde vereisten. Het zal worden toegepast indien op die facturen de BTW apart wordt vermeld. Het vermoeden zal eveneens worden toegepast indien met betrekking tot leveringen van goederen die worden aangemerkt in België plaats te vinden, de belastingplichtige wederverkoper facturen uitreikt waarop de vermelding ontbreekt dat de levering is onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en dat de BTW niet aftrekbaar is.

Intracommunautaire handelingen.

31. In de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge wordt afgeweken van bepaalde begrippen die eigen zijn aan de overgangsregeling inzake BTW die van toepassing is vanaf 1 januari 1993.

32. De levering van goederen die door de belastingplichtige wederverkoper werden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en die vanuit een Lid-Staat worden verzonden of vervoerd naar de verkrijger in een andere Lid-Staat vindt overeenkomstig de algemene beginselen terzake plaats daar waar de verzending of het vervoer naar de verkrijger aanvangt (artikel 8, § 1, a), van de Zesde richtlijn; artikel 15, § 2, tweede lid, 1° van het Wetboek). Ze is bijgevolg in deze Lid-Staat onderworpen aan de belasting. Deze levering kan in de Lid-Staat van vertrek evenwel niet genieten van de vrijstelling van artikel 28quater A, a), c), en d), van de Zesde richtlijn, krachtens het bepaalde in artikel 26bis, D, c, van dezelfde Richtlijn, zoals die werd gewijzigd door de Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994 (art. 39bis, eerste lid, 1°, 3° en 4°, van het Wetboek).

33. De regeling voor de verkopen op afstand, overeenkomstig dewelke onder welbepaalde voorwaarden de plaats van levering verschoven wordt van de plaats van aanvang van het vervoer van de betrokken goederen naar de plaats van aankomst van dit vervoer (artikel 28ter, B, van de Zesde richtlijn), is evenmin van toepassing, krachtens het bepaalde in artikel 26bis, D, c van de Zesde richtlijn zoals die werd gewijzigd door de Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994 (artikel 15, §§ 4 en 5, van het Wetboek).

34. Anderdeels is, bij toepassing van artikel 25ter, § 1, 4°, van het Wetboek, de intracommunautaire verwerving van gebruikte goederen niet aan de belasting onderworpen indien de verkoper een belastingplichtige wederverkoper is die als zodanig optreedt en het verworven goed in de Lid-Staat van vertrek van de verzending of het vervoer aan de belasting werd onderworpen overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing van de winstmarge, of wanneer de verkoper een organisator is van openbare veilingen die als zodanig optreedt en het verworven goed in de Lid-Staat van vertrek van de verzending of van het vervoer aan de belasting werd onderworpen overeenkomstig de bijzondere regeling voor verkoop op openbare veilingen.

35. Maakt in principe het voorwerp uit van een overbrenging in de zin van artikel 28bis, § 5, b), van de Zesde richtlijn (artikel 12bis van het Wetboek), elk goed dat door de belastingplichtige wederverkoper werd onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en dat door deze belastingplichtige wederverkoper of voor diens rekening wordt verzonden of vervoerd vanuit een Lid-Staat naar een andere Lid-Staat met het oog op eventuele verkoop ervan in deze laatste Lid-Staat.

36. Deze overbrenging wordt in de Lid-Staat van vertrek gelijkgesteld met een levering van goederen onder bezwarende titel (artikel 28bis, § 5, b), van de Zesde richtlijn; artikel 12bis van het Wetboek). De bestemming van de vervoerde of verzonden goederen wordt in de Lid-Staat van aankomst van deze verzending of dit vervoer gelijkgesteld met een intracommunautaire verwerving onder bezwarende titel (artikel 28bis, § 6, van de Zesde richtlijn; artikel 25quater, § 1, van het Wetboek).

37. Artikel 28quater, A., d), van de Zesde richtlijn (artikel 39bis, eerste lid, 4°, van het Wetboek) is niet van toepassing op deze overbrenging. Die overbrenging is bijgevolg niet van de belasting vrijgesteld in de Lid-Staat van vertrek. De maatstaf van heffing voor de heffing van de belasting over deze overbrenging is de winstmarge die de belastingplichtige wederverkoper aanrekent voor deze "levering aan zichzelf". In principe is deze maatstaf van heffing dus gelijk aan nul.

38. De intracommunautaire verwerving die plaatsvindt in de Lid-Staat van aankomst van de verzonden of vervoerde goederen die door de belastingplichtige wederverkoper/verzender werden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, is niet onderworpen aan de belasting.

39. De betrokken belastingplichtige wederverkoper is er niet toe gehouden het stuk, bedoeld in artikel 2 van het koninklijk besluit nr. 1, op te maken. Hij moet deze overbrenging evenmin opnemen in zijn "Kwartaalopgave van de vrijgestelde intracommunautaire leveringen van goederen en de daarmee gelijkgestelde handelingen ", bedoeld in artikel 53sexies, § 1, van het Wetboek.

40. De goederen die het voorwerp hebben uitgemaakt van de bovenvermelde overbrenging en die verzonden worden vanuit België moeten kunnen worden gevolgd zodat steeds de plaats gekend is waar de goederen zich bevinden. Deze goederen dienen te dien einde te worden ingeschreven in het register, beoogd in de artikelen 23 en 24 van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992.

41. In afwijking van hierboven uiteengezette regel, maakt evenwel niet het voorwerp uit van een overbrenging, het goed dat door de belastingplichtige wederverkoper werd onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en dat werd verzonden van een Lid-Staat naar andere Lid-Staat met het oog op het gebruik van dit goed gedurende ten hoogste 24 maanden, indien de invoer van ditzelfde goed uit een derde land met het oog op het tijdelijk gebruik in aanmerking zou komen voor de regeling voor tijdelijke invoer met volledige vrijstelling van invoerrechten (artikel 28bis, § 5, b), tweede lid, zevende streepje, van de Zesde richtlijn; artikel 12bis, tweede lid, 7°, van het Wetboek). Deze goederen maken dan het voorwerp uit van een niet-overbrenging. Deze wordt in de Lid-Staat van vertrek niet gelijkgesteld met een levering van goederen onder bezwarende titel. De bestemming van de vervoerde of verzonden goederen wordt in de Lid-Staat van aankomst van deze verzending of dit vervoer niet gelijkgesteld met een intracommunautaire verwerving onder bezwarende titel (artikel 28bis, § 6, van de Zesde richtlijn; artikel 25quater, § 1, tweede lid, van het Wetboek).

42. De goederen die het voorwerp hebben uitgemaakt van de bovengenoemde niet-overbrenging en die verzonden worden vanuit België moeten worden opgetekend in het register, beoogd in de artikelen 23 en 24 van het koninklijk besluit nr. 1.

43. De tijdelijke invoer met volledige vrijstelling van invoerrechten wordt geregeld door artikel 137 e.v. van de Verordening EEG nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek.

44. De toepassingsbepalingen terzake werden vastgesteld in artikel 670 e.v. van de Verordening EEG nr. 2454/93 van de Commissie van 2 juli 1993. De volgende goederen kunnen inzonderheid het voorwerp uitmaken van een niet-overbrenging bij toepassing van artikel 28bis, § 5, b), tweede lid, zevende streepje, van de Zesde richtlijn (artikel 12bis, tweede lid, 7°, van het Wetboek) :

  • goederen die bestemd zijn om te worden getoond of te worden gebruikt op tentoonstellingen, beurzen, congressen en dergelijke (artikel 673 van de Verordening EEG nr. 2454/93);
  • tweedehandse goederen die worden verzonden of vervoerd om te worden geveild (artikel 682, § 1, a), van de Verordening EEG nr. 2454/93);
  • goederen die worden verzonden of vervoerd in het kader van koopovereenkomst op proef (artikel 682, § 1, b), van de Verordening EEG nr. 2454/93).
45. Merk evenwel op dat de hierbovenvermelde zendingen slechts kunnen gekwalificeerd worden als "niet-overbrengingen" zolang voldaan is aan de voorwaarde van het tijdelijk gebruik van het betrokken goed op het grondgebied van andere Lid-Staat voor een periode van ten hoogste 24 maanden. Indien het overgebrachte goed verkocht wordt, is niet meer voldaan aan deze voorwaarde van tijdelijk gebruik. Op dat ogenblik wordt de niet-overbrenging omgezet in overbrenging en wordt de bestemming van het betrokken goed gelijkgesteld met een intracommunautaire verwerving van goederen onder bezwarende titel. Op dat ogenblik treedt de regeling in werking die hierboven werd uiteengezet voor de overbrenging van goederen die door de belastingplichtige wederverkoper geplaatst werden onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.

46. Zijn tevens uitgesloten van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, de leveringen van nieuwe vervoermiddelen in de zin van artikel 8bis, § 2, van het Wetboek, verricht onder de in artikel 39bis, eerste lid, 2°, van het Wetboek, bedoelde voorwaarden (art. 58, § 4, 9°, van het Wetboek).

In de overgangsregeling inzake BTW die van toepassing is in alle Lid- Staten werd immers een speciale regeling uitgewerkt voor nieuwe vervoermiddelen. De aandacht wordt er op gevestigd dat dit begrip van nieuw vervoermiddel enkel van toepassing is in de intracommunautaire handelingen tussen de Lid-Staten.

Derhalve komt de BTW, in elke onderstelling, toe aan de Lid-Staat van verbruik, en dit in afwijking van het algemeen beginsel van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge dat de leveringen van de in die regeling bedoelde goederen door de verkoper, door de afnemer of voor hun rekening verzonden of vervoerd buiten België maar binnen de Unie, belastbaar zijn in België.

Begrip "vervoermiddelen".

47. Overeenkomstig artikel 8bis, § 2, 1° van het Wetboek worden als vervoermiddel beschouwd :

voor het personen- of goederenvervoer bestemde
  • schepen met een lengte van meer dan 7,5 m;
  • luchtvaartuigen met een totaal opstijggewicht van meer dan 1550 kg;
  • landvoertuigen die zijn uitgerust met een motor met een cilinderinhoud van meer dan 48 cc of met een vermogen van meer dan 7,2 Kw;
met uitzondering van schepen bedoeld in artikel 42, § 1, 1°, a en b, van het BTW-Wetboek en van luchtvaartuigen, die niet zijn bestemd om door de Staat te worden gebruikt, bedoeld in artikel 42, § 2, 1°, van het BTW- Wetboek.

Begrip "nieuw vervoermiddel".

48. Overeenkomstig artikel 8bis, § 2, 2°, van het Wetboek, worden als nieuwe vervoermiddelen beschouwd, vervoermiddelen als bedoeld in artikel 8bis, § 2, 1°, waarvan de levering plaatsvindt, als het landvoertuigen betreft, binnen de zes maanden na de eerste ingebruikneming, en als het boten en luchtvaartuigen betreft, binnen de drie maanden na de eerste ingebruikneming, of die, als het landvoertuigen betreft, niet meer dan 6.000 km hebben afgelegd, als het boten betreft, niet meer dan 100 uren hebben gevaren en als het luchtvaartuigen betreft, niet meer dan 40 uren hebben gevlogen.

Om te bepalen of een landbouwtractor die niet is uitgerust met een kilometerteller al dan niet als nieuw in de zin van artikel 8bis, van het Wetboek, moet worden beschouwd, wordt ervan uitgegaan dat 600 uren gebruik overeenstemt met 6000 km.

49. Op grond van een bepaling, die vergelijkbaar is met artikel 8bis, § 1, van het Wetboek, wordt eenieder (particulieren bv.), die toevallig onder bezwarende titel een intracommunautaire levering verricht van een dergelijk nieuw vervoermiddel vanuit een andere Lid-Staat naar België, als belastingplichtige aangemerkt. De verkoper zal dus een recht van aftrek kunnen uitoefenen van de BTW die hij heeft afgedragen in zijn Lid- Staat, binnen bepaalde grenzen en onder bepaalde voorwaarden.

Dit recht op aftrek zal de BTW neutraliseren, geheven in de Lid-Staat van oorsprong, om aldus de belastingheffing mogelijk te maken over een belastingschoon goed in de Lid-Staat van aankomst.

De intracommunautaire verwerving in België van dergelijk nieuw vervoermiddel door een belastingplichtige wederverkoper is derhalve onderworpen aan de BTW, en de verkoop ervan in België door de belastingplichtige wederverkoper is onderworpen aan de normale regeling van de belasting.

50. De bovengenoemde vervoermiddelen worden, indien het gaat om intracommunautaire verrichtingen niet als "nieuwe vervoermiddelen" beschouwd wanneer tegelijkertijd aan de twee volgende voorwaarden is voldaan :

  • de levering vindt plaats meer dan drie maanden na de datum waarop het vervoermiddel voor de eerste maal in gebruik is genomen. Deze termijn wordt echter verlengd tot zes maanden voor landvoertuigen;
  • het vervoermiddel heeft, als het een landvoertuig betreft, meer dan 6.000 kilometer afgelegd, heeft, als het een boot betreft, meer dan 100 uur gevaren, of heeft, als het een luchtvaartuig betreft, meer dan 40 uren gevlogen.
Voor de intracommunautaire verwerving van vervoermiddelen die niet nieuw zijn blijft de speciale regeling voor de nieuwe vervoermiddelen buiten beschouwing.

Intracommunautaire verwervingen in België van niet-nieuwe vervoermiddelen onder bezwarende titel door een belastingplichtige wederverkoper, wanneer de verkoper in de Lid-Staat van herkomst :

51. - een niet-belastingplichtige is (particulier, niet- belastingplichtige rechtspersoon, ...) : de verkoop is niet onderworpen aan de BTW, evenmin als de intracommunautaire verwerving ervan, en het niet-nieuw vervoermiddel kan door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge;

52. - een belastingplichtige is die als zodanig optreedt en de levering van het vervoermiddel door deze belastingplichtige overeenkomstig artikel 13, onderdeel B, onder c, van de Zesde Richtlijn 77/388/EEG, is vrijgesteld ("dit wil zeggen, de leveringen van goederen die niet het voorwerp hebben uitgemaakt van een recht op aftrek, hetzij omdat ze uitsluitend ten behoeve van een vrijgestelde activiteit werden aangewend, hetzij omdat ze zijn uitgesloten van het recht op aftrek door de nationale wetgeving") : de intracommunautaire levering van het niet- nieuw vervoermiddel is vrijgesteld van de BTW in de Lid-Staat van vertrek. De intracommunautaire verwerving in België is onderworpen aan de BTW op grond van artikel 25ter, § 1, van het Wetboek. Deze verwerving is echter vrijgesteld van de BTW krachtens artikel 40, § 1, 1°, a, van het Wetboek, zodat er derhalve geen BTW is verschuldigd terzake van deze intracommunautaire verwerving. Het aldus verworven niet-nieuw vervoermiddel kan door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de winstmargeregeling;

53. - een belastingplichtige is die als zodanig optreedt en op wie een vrijstellingsregeling van belasting ten aanzien van door hem verrichte leveringen van goederen toepasselijk is, regeling beoogd in artikel 24 van de Zesde Richtlijn 77/388/EEG, en, die vergelijkbaar is met de vrijstellingsregeling bepaald in artikel 56, § 2, van het Wetboek : de belastingplichtige verkoopt een niet-nieuw vervoermiddel, "voorbelasting" inbegrepen, daar hij geen recht heeft op aftrek van deze "voorbelasting".

De belastingplichtige wederverkoper koopt een vervoermiddel, "restbelasting" inbegrepen. De intracommunautaire verwerving van dit vervoermiddel is niet onderworpen aan de belasting.

Voor zover het vervoermiddel in hoofde van de verkoper een bedrijfsmiddel betreft, kan dit vervoermiddel door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.

54. - een belastingplichtige wederverkoper is of een organisator van openbare veilingen die als zodanig optreedt, en het een voertuig betreft waarvan de levering door hem overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge of overeenkomstig de bijzondere regeling voor verkoop op openbare veilingen onderworpen is geweest aan de belasting.

De intracommunautaire verwerving in België is niet onderworpen aan de BTW op grond van artikel 25ter, § 1, 4°, van het Wetboek.

Dit vervoermiddel kan door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere winstmargeregeling.

55. - een belastingplichtige wederverkoper of een organisator van openbare veilingen is die als zodanig optreedt en het een voertuig betreft waarvan de levering door hem niet kan worden - of niet wordt - onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge of de bijzondere regeling voor verkoop op openbare veilingen, of een belastingplichtige is die als zodanig optreedt, andere dan een belastingplichtige wederverkoper, onderworpen aan de normale regeling van de belasting : de intracommunautaire levering van het niet-nieuw vervoermiddel is vrijgesteld van de BTW in de Lid-Staat van vertrek.

De intracommunautaire verwerving in België van dit vervoermiddel is onderworpen aan de BTW op grond van artikel 25ter, § 1, van het Wetboek, en de BTW is aftrekbaar volgens de normale regels. De verkoop van het vervoermiddel in België is onderworpen aan de normale regeling van de belasting.

Intracommunautaire leveringen.

56. De vrijstelling van artikel 39bis, eerste lid, 1°, 3° en 4°, van het Wetboek is niet van toepassing op de intracommunautaire leveringen in België van niet nieuwe vervoermiddelen die de belastingplichtige wederverkoper aan de belasting onderwerpt overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge. Om die reden moeten deze intracommunautaire leveringen door de belastingplichtige wederverkoper niet opgenomen worden in de "Kwartaalopgave van de vrijgestelde intracommunautaire leveringen van goederen en de daarmee gelijkgestelde handelingen".

57. De intracommunautaire verwerving van de bovenvermelde goederen in de Lid-Staat van aankomst van het vervoer of de verzending is niet onderworpen aan de belasting (artikel 26bis, D, b, van de Zesde richtlijn, zoals die werd gewijzigd door de Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994).

58. De regeling van de verkopen op afstand bedoeld in artikel 15, § 5, van het Wetboek, is evenmin van toepassing op de leveringen van niet- nieuwe vervoermiddelen die door de belastingplichtige wederverkoper aan de belasting worden onderworpen overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.

59. Gelet op hetgeen voorafgaat is voor de intracommunautaire leveringen van niet-nieuwe vervoermiddelen onder bezwarende titel die de in België gevestigde belastingplichtige wederverkoper aan de belasting onderwerpt overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, de BTW opeisbaar in België over de door de belastingplichtige wederverkoper gerealiseerde winstmarge.

Deze bepalingen gelden, ongeacht of de afnemer een particulier is, een belastingplichtige of een niet-belastingplichtige rechtspersoon.

B. Tweedehandse vervoermiddelen waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling niet kan toepassen.

60. De toestand van de belastingplichtige wederverkopers is voor de toepassing van de BTW geheel verschillend van deze bedoeld in A (aankopen bv. van niet-belastingplichtigen) wanneer ze die vervoermiddelen kopen van belastingplichtigen, die als zodanig optreden, met toepassing van de normale regeling van de BTW, of van belastingplichtige wederverkopers die de levering van bepaalde tweedehandse vervoermiddelen niet onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge maar aan de normale reling of wanneer ze die goederen invoeren.

Vermits de BTW, ingevolge dergelijke handelingen, verschuldigd is over de aan de verkoper betaalde prijs of over de waarde bij de invoer, en aftrekbaar is in hoofde van de belastingplichtige wederverkoper, gaat het niet op de heffing te beperken tot de door hem gerealiseerde meerwaarde; de BTW moet definitief worden geheven over de door de belastingplichtige wederverkoper gevraagde verkoopprijs. Dit objectief is bereikt in de normale regeling van de belasting, waar de belastingplichtige wederverkoper de BTW over zijn verkoopprijs berekent, maar de BTW geheven van zijn aankopen, van zijn intracommunautaire verwervingen of bij de invoer in aftrek mag brengen.

61. In die zin worden eveneens, bij toepassing van artikel 58, § 4, 3°, van het Wetboek, van de winstmargeregeling uitgesloten, de vervoermiddelen die aan de belastingplichtige wederverkoper worden geleverd door leveranciers die zelf, bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van het voertuig dat ze thans leveren, hebben genoten van een vrijstelling of teruggave van de belasting (bv. invaliden, diplomaten, internationale organisaties, ...).

C. Tweedehandse vervoermiddelen beoogd door de bijzondere regeling maar welke door de belastingplichtige wederverkoper zelf uit de bijzondere regeling werden gesloten.



a)bij de aanschaffing ervan :
62. Voor de verkopen van tweedehandse vervoermiddelen die door de belastingplichtige wederverkoper zelf uit de bijzondere regeling gesloten zijn vanaf het tijdstip dat hij ze heeft verkregen, moet hij de normale BTW-regeling toepassen. Hij moet de verschuldigde belasting berekenen over de verkoopprijs van deze goederen.

De verhandeling van deze vervoermiddelen wordt opgetekend in de boekhouding die de belastingplichtige moet voeren overeenkomstig de artikelen 14 en volgende van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde.

De aankopen van deze goederen mogen nooit worden ingeschreven in het aankoopregister, dat uitsluitend voorbehouden is voor de goederen die worden onderworpen aan de bijzondere regeling.

De belastingplichtige wederverkoper dient echter niet noodzakelijk een afzonderlijke boekhouding te voeren voor de handelingen onderworpen aan de normale regeling van de belasting en voor de handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling, op voorwaarde dat hij die handelingen inschrijft in afzonderlijke kolommen in zijn dagboek van ontvangsten en in zijn boek voor uitgaande facturen;



b)nadat ze werden ingeschreven in het aankoopregister :
63. Door hun inschrijving in het aankoopregister geeft de belastingplichtige wederverkoper de wil te kennen om de tweedehandse vervoermiddelen te onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.

In het geval waar de belastingplichtige wederverkoper bij de verkoop van het tweedehandse vervoermiddel de normale regeling van de BTW toepast, dient hij een regularisatie door te voeren in het aankoopregister, op de wijze zoals omschreven onder nr. 80 of 81.

IV. Aftrekregeling voor de belastingplichtige wederverkopers van tweedehandse vervoermiddelen.

64. De belastingplichtige wederverkoper mag de BTW die verschuldigd of voldaan is voor aan hem geleverde of te leveren bedoelde vervoermiddelen door een andere belastingplichtige wederverkoper gevestigd in België of in een andere Lid-Staat niet in aftrek brengen van de belasting die hij verschuldigd is, voor zover de levering van het vervoermiddel door de verkoper werd onderworpen aan de bijzondere winstmargeregeling.

65. Onder voorbehoud van de beperkingen en de uitsluitingen voorzien in het BTW-Wetboek mag de belastingplichtige wederverkoper, zoals alle belastingplichtigen, de belasting geheven van de uitgaven verricht ten behoeve van zijn economische activiteit, die hij heeft ingeschreven in zijn boek voor inkomende facturen, in principe, in aftrek brengen.

In die zin kan hij eveneens de BTW in aftrek brengen, geheven van de onderdelen, toebehoren en uitrustingsstukken die aan hem worden geleverd, door hem worden ingevoerd of intracommunautair worden verworven, alsook van de aan hem verstrekte onderhouds- en herstellingswerken verricht aan deze tweedehandse vervoermiddelen. Het spreekt vanzelf dat de prijs van de aldus aan hem geleverde goederen en verstrekte diensten door de belastingplichtige wederverkoper niet mag worden ingeschreven in zijn inkoopregister, maar dient te worden ingeschreven in zijn boek voor inkomende facturen.

Afdeling 2 - Voorwaarden en modaliteiten van de toepassing van de bijzondere regeling, bedoeld in artikel 58, § 4, van het Wetboek.

66. Artikel 58, § 4, van het Wetboek kan slechts worden toegepast indien de belastingplichtige wederverkoper voldoet aan de voorwaarden en modaliteiten die voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge zijn gesteld.



I.Voorwaarden.
A.Algemeenheden.
67. De bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge kan door de belastingplichtige wederverkoper slechts worden toegepast op voorwaarde dat hij :

1° een aankoopborderel uitreikt aan zijn leverancier om de aankoop van de bedoelde tweedehandse vervoermiddelen bij die leverancier vast te stellen, behoudens indien deze er zelf toe gehouden is hem een factuur of een als zodanig geldend stuk uit te reiken;

2° kan bewijzen, door alle middelen van het gemene recht doch uitgezonderd de eed, dat zijn leverancier één van de personen is opgesomd onder nr. 8 en dat deze geen enkel recht op vrijstelling of teruggaaf van de belasting heeft kunnen uitoefenen bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van het vervoermiddel dat hij verkoopt aan de belastingplichtige wederverkoper;

3° een kopie bewaart van het inschrijvingsbewijs van het vervoermiddel in de gevallen waar overeenkomstig de reglementering betreffende de inschrijving van motorvoertuigen een inschrijvingsbewijs is vereist;

4° een aankoopregister houdt met de aankopen van de tweedehandse vervoermiddelen (z. nrs. 77 tot 79);

5° een vergelijkingsregister houdt (z. nr. 82);


6° de tweedehandse vervoermiddelen die hij koopt individualiseert;


7° voor de verkopen van tweedehandse vervoermiddelen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, een afzonderlijke boekhouding voert of, indien hij geen afzonderlijke boekhouding voert, deze handelingen inschrijft in afzonderlijke kolommen in zijn boek voor uitgaande facturen en in zijn dagboek van ontvangsten.



B.Opstellen van een aankoopborderel of ontvangst van een factuur.
68. Bij de aankoop bij een niet-belastingplichtige of bij een belastingplichtige die uitsluitend leveringen van goederen of diensten verricht die vrijgesteld zijn door artikel 44, § 2, 13°, van het BTW- Wetboek, moet de belastingplichtige wederverkoper een aankoopborderel uitreiken, met vermelding van :

1° de datum van de aankoop en het nummer waaronder deze is ingeschreven in het aankoopregister van de belastingplichtige wederverkoper;

2° de naam of de maatschappelijke benaming en het adres van de bij de handeling betrokken partijen;

3° het BTW-identificatienummer dat overeenkomstig artikel 50 van het Wetboek aan de belastingplichtige wederverkoper werd toegekend;

4° de gegevens die nodig zijn om de handeling te determineren, inzonderheid de gebruikelijke benaming van het geleverde vervoermiddel, evenals het merk, het model, het jaartal, de cilinderinhoud, de motorsterkte, het carrosseriemodel, het chassinummer en de datum waarop dit vervoermiddel voor het eerst in het verkeer werd gebracht;



de aankoopprijs.
69. Het aankoopborderel moet worden opgemaakt in twee exemplaren, moet worden getekend door de contracterende partijen, en dient eveneens de hoedanigheid van de ondertekenaars te vermelden. Eén exemplaar van het aankoopborderel wordt overhandigd aan de verkoper op het tijdstip van de levering. Het andere exemplaar wordt door de belastingplichtige wederverkoper bewaard.

70. Bij de aankoop bij een belastingplichtige die de regeling geniet bepaald in artikel 56, § 2, van het Wetboek of bij een andere belastingplichtige wederverkoper zijn deze er zelf toe gehouden aan de belastingplichtige wederverkoper een factuur uit te reiken welke de vermeldingen bevat, voorgeschreven door artikel 5 van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992.



C.Bewijsmiddelen.
71. De belastingplichtige wederverkoper op wie de bewijslast rust bedoeld in nr. 67, 2°, moet dit bewijs kunnen leveren.

72. Eén der elementen die bijdragen tot het leveren van het bewijs dat het vervoermiddel werd verkregen van één der beoogde personen is de voorlegging van een door de leverancier ondertekend attest, of een kopie ervan.

Op het tijdstip van de levering van het vervoermiddel door de leverancier (niet-belastingplichtige of belastingplichtige, beoogd onder nr. 8) aan de belastingplichtige wederverkoper, dient deze laatste een formulier van attest (z. model in bijlage IV) te overhandigen aan de leverancier.

In dit attest bevestigt de leverancier zijn hoedanigheid (particulier, niet-belastingplichtige rechtspersoon, enz..., z. nr. 8) en verklaart hij dat hij geen enkel recht op aftrek, vrijstelling of teruggaaf van de belasting heeft kunnen uitoefenen bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van het vervoermiddel dat hij aan de belastingplichtige wederverkoper levert.

Na het attest te hebben ingevuld en ondertekend, geeft de leverancier het formulier terug aan de belastingplichtige wederverkoper. Deze dient het, samen met een kopie van het inschrijvingsbewijs van het vervoermiddel in de gevallen waar overeenkomstig de reglementering betreffende de inschrijving van motorvoertuigen een inschrijvingsbewijs is vereist, te bewaren als bijlage bij het dokument opgesteld om de aankoop vast te stellen (aankoopborderel of factuur).

73. Behalve in geval van samenspanning tussen de partijen of het klaarblijkelijk niet naleven van onderhavige bepaling ontlast het door de leverancier ingevuld en ondertekend attest, samen met de andere stukken waarvan de voorlegging voor de toepassing van de bijzondere regeling is vereist (zoals onder meer het aankoopborderel of de factuur, een kopie van het inschrijvingsbewijs van het vervoermiddel in de gevallen waar overeenkomstig de reglementering betreffende de inschrijving van motorvoertuigen een inschrijvingsbewijs is vereist, ...) de belastingplichtige wederverkoper van de aansprakelijkheid om aan te tonen dat hij de tweedehandse vervoermiddelen heeft gekocht van de personen, beoogd onder nr. 8.

74. Sorteert hetzelfde effect in hoofde van de belastingplichtige wederverkoper, de voorlegging van een factuur of een als zodanig geldend stuk dat hem werd uitgereikt door een andere belastingplichtige wederverkoper, voor zover op de factuur of op het als zodanig geldend stuk de belasting niet apart is vermeld, en in de mate dat, wat de leveringen van vervoermiddelen betreft die worden aangemerkt in België plaats te vinden, die factuur een vermelding bevat waaruit blijkt dat het vervoermiddel onderworpen werd aan de belasting overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.

75. In geval van verkoop van het vervoermiddel onder de winstmargeregeling aan een andere belastingplichtige wederverkoper, geeft de belastingplichtige wederverkoper die handelt als verkoper het origineel van het attest en het inschrijvingsbewijs aan de koper en bewaart een kopie van het attest en een kopie van het inschrijvingsbewijs. Deze kopieën worden bij het aankoopborderel (of bij de factuur) gevoegd.

De laatste belastingplichtige wederverkoper die het voertuig verkoopt aan een klant-eindverbruiker bewaart samen met de factuur afkomstig van de voorgaande belastingplichtige wederverkoper, een kopie van het inschrijvingsbewijs alsmede het origineel van het attest.

76. Bij gebrek van voorlegging van de stukken, beoogd onder de nrs. 72 tot 75, dient de belastingplichtige wederverkoper het bewijs, bedoeld onder nr. 67, 2°, te leveren door een geheel van overeenstemmende stukken.

Deze stukken zijn onder meer de door de leverancier uitgereikte factuur met betrekking tot de levering of het door de leverancier ondertekende aankoopborderel, de opgemaakte bestelbons, contracten, vervoerdocumenten en betalingsbewijzen, met betrekking tot de vervoermiddelen en de levering ervan.



D.Houden van een aankoopregister van tweedehandse vervoermiddelen.
77. Dit register dient voor de inschrijving van de in onderhavige aanschrijving bedoelde aankopen van tweedehandse vervoermiddelen die door de belastingplichtige wederverkoper werden gedaan bij niet- belastingplichtigen of bij belastingplichtigen beoogd onder nr. 8, en die de belastingplichtige wederverkoper wil onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.

Het aankoopregister moet een aangepaste uitsplitsing bevatten met het oog op het invullen van de periodieke aangifte en het moet toelaten om de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe te passen en te controleren.

78. Voor de aankopen van de genoemde vervoermiddelen vervangt het aankoopregister het boek voor inkomende facturen.

Nochtans is het toegestaan deze aankopen in het boek voor inkomende facturen in te schrijven voor zover al de vermeldingen die normaal in het aankoopregister dienen te worden opgenomen, duidelijk afgescheiden worden opgenomen in het inkomend factuurboek en dit in supplementaire kolommen die speciaal hiervoor worden aangelegd.

Het aldus gecombineerde boek voor inkomende facturen moet een aangepaste uitsplitsing bevatten met het oog op het invullen van de periodieke aangifte en het moet toelaten om de belasting over de toegevoegde waarde, zowel voor de handelingen verricht onder de normale regeling van de BTW als voor de handelingen verricht onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe te passen en te controleren.

79. De inschrijving in het register geschiedt naarmate van de aankopen volgens een doorlopende nummerreeks. Ze vermeldt voor ieder tweedehands vervoermiddel :

1° het inschrijvingsnummer;


2° de datum van het aankoopdocument;


3° de naam of de maatschappelijke benaming van de leverancier;


4° de aard van het goed en de vermelding van eventuele regularisaties;

5° de aankoopprijs die in aanmerking moet worden genomen voor de berekening van de winstmarge.

Teneinde de roosters 81 en 86 van de periodieke BTW-aangifte te kunnen invullen, dienen afzonderlijke kolommen te worden gebruikt voor de inschrijving van de vervoermiddelen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling naargelang deze goederen werden aangekocht in België of in een andere Lid-Staat van de Gemeenschap.

Regularisaties.

80. Indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien heeft ingeschreven in kolom 5 (aankoop in België) van het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop, de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast, dient hij op de eerstvolgende vrije lijn van zijn aankoopregister in rode inkt of voorafgegaan door het minteken achtereenvolgens te vermelden :

  • in kolom 4 : regularisatie of vrijstelling;
  • in kolom 5 : aankoopprijs van het vervoermiddel (in rode inkt of voorafgegaan door het minteken). De aankoopprijs van dat goed moet inderdaad worden afgetrokken van het totaalbedrag dat werd ingeschreven in het aankoopregister tijdens het aangiftetijdvak, in de loop waarvan de levering van dit goed plaatshad;
  • in kolom 7 : verwijzing naar het nummer van het aankoopregister waaronder het goed voordien was ingeschreven;
  • in kolom 8 : verwijzing naar het nummer van het uitgaand factuurboek en naar de datum van de uitgaande factuur. Het bedrag van deze verkoop moet worden opgenomen in het uitgaand factuurboek onder de kolommen van de handelingen onderworpen aan de normale regeling, en niet in de kolom van de handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge;
  • in kolom 9 : verwijzing naar het nummer van het inkomend factuurboek en naar de datum van het stuk dat de aankoop vaststelt (aankoopborderel of factuur). Aangezien in het aankoopregister de inschrijving van de aankoop van het bedoeld vervoermiddel werd ongedaan gemaakt, dient deze aankoop alsnog te worden ingeschreven in het boek voor inkomende facturen.
81. Indien de belastingplichtige wederverkoper voor een tweedehands vervoermiddel dat hij voordien heeft ingeschreven in kolom 6 (verwerving in een andere Lid-Staat) van het aankoopregister, op het tijdstip van de wederverkoop, de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast, dient hij dezelfde regularisaties toe te passen als deze uiteengezet onder nr. 80 hierboven en de kolommen 4, 6, 7, 8 en 9 van het aankoopregister in te vullen.



E.Houden van een vergelijkingsregister.
82. Het vergelijkingsregister is een centralisatieregister dat, uitgaande van het boek voor uitgaande facturen (kolom van de handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling), van het ontvangstenboek (kolom van de handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling) en van het aankoopregister, toelaat op het einde van elk aangiftetijdvak, uitgezonderd op het einde van het laatste aangiftetijdvak van het jaar, de belasting vast te stellen die door de belastingplichtige wederverkoper verschuldigd is over de verkopen die hij heeft gedaan. Het laat inderdaad toe de globale maatstaf van heffing voor het tijdvak en de verschuldigde belasting die erin is begrepen, weder samen te stellen.

De wijze waarop dit register moet worden gehouden in functie van de inschrijvingen die erin moeten worden overgebracht, is vastgesteld in de nrs. 86 tot 89, die handelen over de berekening van de op het einde van het tijdvak verschuldigde belasting.

Afdeling 3 : Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de bijzondere regeling van de belastingheffing over de winstmarge.

I. Periodieke afsluiting van het boek voor uitgaande facturen en van het ontvangstenboek.


83. De belastingplichtige wederverkoper moet houden :


1° een boek voor uitgaande facturen : voor de inschrijving van de verkopen waarvoor hij gehouden is een factuur uit te reiken overeenkomstig artikel 53 van het Wetboek en artikel 1 § 1 en § 2, tweede lid, van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992.

De inschrijving van de leveringen van tweedehandse vervoermiddelen verricht onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge dient afzonderlijk te worden gedaan van de inschrijving van de leveringen van goederen waarvoor de belastingplichtige wederverkoper de normale regeling van de belasting toepast.

De leveringen van tweedehandse vervoermiddelen onderworpen aan de bijzondere winstmargeregeling moeten worden ingeschreven tegen verkoopprijs, BTW inbegrepen. Ingeval er geen afzonderlijke boekhouding wordt gevoerd, moet de belastingplichtige wederverkoper de leveringen verricht onder de bijzondere winstmargeregeling inschrijven in een afzonderlijke kolom van zijn boek voor uitgaande facturen.

2° een dagontvangstenboek : voor de inschrijving van verkopen aan natuurlijke personen waarvoor hij gebruik maakt van de ontheffing van de factureringsplicht, zoals bv. de verkoop van een motorfiets van 48 cc.

In principe is een afzonderlijke inschrijving in het dagboek van ontvangsten noodzakelijk met vermelding van de aard van de verkochte goederen voor de ontvangsten die voortkomen van de leveringen van alle goederen, welke ook de prijs per in de handel gebruikelijke eenheid ervan is (art. 9 van het koninklijk besluit).

De administratie aanvaardt echter dat, wanneer de belastingplichtige wederverkoper de maatstaf van heffing vaststelt per aangiftetijdvak, de ontvangsten, BTW inbegrepen, dagelijks en, in beginsel, globaal mogen worden ingeschreven.

Een afzonderlijke inschrijving met vermelding van de aard van de verkochte goederen is evenwel noodzakelijk voor de ontvangsten die voortkomen van de levering van goederen waarvan de prijs, per in de handel gebruikelijke eenheid, meer bedraagt dan 10.000 F, BTW inbegrepen.

De in het vorige lid bedoelde afzonderlijke inschrijving mag worden vervangen door een dagelijkse globale inschrijving wanneer de verantwoordingsstukken die moeten worden opgesteld, benevens de ontvangst, de aard van de verkochte goederen nauwkeurig vermelden.

Met betrekking tot de belastingplichtige wederverkopers die, gezien de aard van hun economische activiteit of omwille van de organisatie van hun boekhouding, moeilijkheden zouden ondervinden om de maatstaf van heffing per aangiftetijdvak vast te stellen, aanvaardt de administratie dat deze belastingplichtige wederverkopers de maatstaf berekenen per levering, voor ieder goed afzonderlijk beschouwd.

De wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing per levering vereist een strikte individualisering van de goederen onderworpen aan de margeregeling en dit zowel bij de aankoop als bij de levering ervan. Om die reden is een afzonderlijke inschrijving in het dagboek van ontvangsten noodzakelijk.

84. Op het einde van elk aangiftetijdvak totaliseert de belastingplichtige wederverkoper het bedrag van zijn verkopen, BTW inbegrepen, die voorkomen in zijn boek voor uitgaande facturen voor de beschouwde periode alsook de ontvangsten, BTW inbegrepen, die blijken uit zijn ontvangstenboek tijdens hetzelfde tijdvak.

Enkel de kolommen met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge worden in aanmerking genomen voor de berekening van dit totaal.



II.Periodieke afsluiting van het aankoopregister.
85. Op het einde van ieder aangiftetijdvak totaliseert de belastingplichtige wederverkoper de tijdens dit tijdvak in de kolommen van het aankoopregister ingeschreven bedragen.

III. A. - Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de winstmargeregeling gedurende het aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar (art. 3, 4de lid, van het koninklijk besluit). Transport naar het vergelijkingsregister.

86. De totale winstmarge voor elk aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar, is gelijk aan het verschil tussen :

  • het totale bedrag van de leveringen van goederen die onderworpen zijn aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en die tijdens het tijdvak door de belastingplichtige wederverkoper verricht zijn; dat bedrag is gelijk aan het totaal van de verkoopprijzen;
  • en het totale bedrag van de door de belastingplichtige wederverkoper tijdens het tijdvak verrichte aankopen van goederen bedoeld in artikel 58§ 4, 2°, van het Wetboek, waarvan de leveringen door personen of belastingplichtigen vermeld in die bepaling voldoen aan de voorwaarden gesteld in die bepaling; dat bedrag is gelijk aan het totaal van de aankoopprijzen.
Op het einde van ieder aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar, transporteert de belastingplichtige wederverkoper, enerzijds, het totaalbedrag van zijn verkopen die voor genoemde periode voorkomen in de kolom van de winstmargeregeling in zijn boek voor uitgaande facturen en in zijn ontvangstenboek en, anderzijds, het totaalbedrag van zijn aankopen die voor genoemd tijdvak voorkomen in zijn aankoopregister, naar het vergelijkingsregister.

87. Het verschil tussen het totaalbedrag van de verkopen en het totaalbedrag van de aankopen vormt het belastbaar bedrag, belasting inbegrepen, van de handelingen onder de winstmargeregeling die de belastingplichtige wederverkoper tijdens het beschouwde tijdvak heeft verricht.

De inbegrepen verschuldigde belasting wordt berekend volgens de formule D x t --------- 100 + t waarin D het belastbaar verschil "belasting inbegrepen" vertegenwoordigt en t het BTW-tarief. Het belastbaar bedrag "exclusief BTW" dat na aftrek van de belasting wordt bekomen, wordt samen met het bedrag van de handelingen verricht onder de normale regeling van de belasting tegen het toepasselijk tarief overgebracht naar de overeenstemmende roosters van de periodieke BTW- aangifte.

De verschuldigde BTW wordt overgebracht naar rooster 54 van de BTW- aangifte.

Om statistische redenen zal het totaalbedrag van de aankopen die gedurende het beschouwde aangiftetijdvak werden verricht dienen te worden overgebracht naar rooster 00 van de periodieke BTW-aangifte.

88. Wanneer het bedrag dat uit het aankoopregister werd overgebracht groter is dan het bedrag dat uit het boek voor uitgaande facturen en uit het ontvangstenboek is overgebracht, hetgeen een negatief saldo teweegbrengt in het rooster "Belastbaar verschil" van het vergelijkingsregister, moet dit bedrag, voorafgegaan door het plusteken, worden overgedragen naar het vak "Overdracht van het vorige aangiftetijdvak" van de kolom "Aankoopprijs van de goederen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling in België" van het aankoopregister.

89. Het aldus overgedragen bedrag mag niet in aanmerking worden genomen voor de berekening van het totaalbedrag der aankopen hetgeen dient te worden opgenomen in de roosters 00 en 81 van de periodieke BTW- aangifte.

III.B. - Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de winstmargeregeling gedurende het laatste aangiftetijdvak van het jaar (art. 3, 2de, 5de en 6de lid, van het koninklijk besluit).

90. De belastingplichtige wederverkoper dient jaarlijks een inventaris op te maken van de voorraad goederen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.

91. De totale winstmarge voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar is gelijk aan het verschil tussen :

  • het totale bedrag van de verkoopprijzen van de leveringen van goederen die onderworpen zijn aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en die tijdens het jaar door de belastingplichtige wederverkoper zijn verricht;
  • en het totale bedrag van de aankoopprijzen van de goederen die tijdens hetzelfde jaar door de belastingplichtige wederverkoper met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge zijn geleverd, verhoogd met het bedrag van de winstmarges die reeds werden aangegeven voor de vorige aangiftetijdvakken van hetzelfde jaar.
Indien de totale marge met betrekking tot het laatste aangiftetijdvak van het jaar een negatieve marge is, doet dit geen recht op overdracht van die marge naar een volgend jaar ontstaan.

92. Aan de hand van de jaarlijkse inventaris, die voor de eerste maal moet worden opgemaakt op 1 januari 1995, zal bij de vaststelling van de totale winstmarge op jaarbasis rekening kunnen worden gehouden met de voorraadschommelingen, en zal tevens het totale bedrag in aankoopprijs kunnen worden bepaald van de tijdens het jaar geleverde goederen.

93. Het bedrag van de begininventaris, verhoogd met de gedurende het jaar verrichte aankopen, en verminderd met het bedrag van de eindinventaris, geeft als resultaat het bedrag der verkochte aankopen.

Voorbeeld : Beginstock 1/1 = 100.000 Aankopen = + 700.000 Eindstock 31/12 = - 200.000 -------------- Verkochte aankopen = 600.000 De totale winstmarge voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar is gelijk aan het verschil tussen enerzijds het bedrag van de tijdens het jaar verrichte verkopen en anderzijds het bedrag van de tijdens hetzelfde jaar verkochte aankopen, verhoogd met het bedrag van de winstmarges die reeds werden aangegeven voor de vorige aangiftetijdvakken van hetzelfde jaar. Voorbeeld (vervolg) :

Ondersteld wordt dat de verkopen 900.000 F bedragen en de reeds aangegeven winstmarges 75.000 F.

De totale winstmarge voor het laatste aangiftetijdvak bedraagt :

900.000 - (600.000 + 75.000) = 225.000 F

Verschuldigde BTW. 225.000 x 20,5 = 38.278 F ------------------ 120,5 Het belastbaar bedrag "exclusief BTW" (225.000 - 38.278 = 186.722) wordt overgebracht naar rooster 03 van de periodieke BTW-aangifte. De verschuldigde BTW (38.278 F) wordt overgebracht naar rooster 54 van de BTW-aangifte.

Het bedrag van de eindstock 31/12 (200.000 F) wordt, voor de volgende aangifteperiode, overgedragen naar het aankoopregister.

Om statistische redenen zal het totaalbedrag van de aankopen die gedurende het beschouwde aangiftetijdvak werden verricht dienen te worden overgebracht naar rooster 00 van de periodieke BTW-aangifte.

IV. - A. Voorbeelden voor de berekening van de BTW voor de handelingen verricht met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge gedurende een aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar.

94. (z. bijlage V) Een belastingplichtige wederverkoper in tweedehandse vervoermiddelen die gehouden is tot het indienen van maandaangiften moet de verschuldigde belasting berekenen over zijn handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling van de maand juni 1993. De aandacht wordt erop gevestigd dat met betrekking tot dat aangiftetijdvak het normaal BTW-tarief 19,5 % bedroeg (thans 20,5 %) en dat de aanschrijving nr. 10 van 1 juni 1993 van toepassing was.

A. In de loop van de maand juni 1993 heeft hij in zijn boek voor uitgaande facturen, in een afzonderlijke kolom, de leveringen van vervoermiddelen die werden verricht onder de bijzondere winstmargeregeling ingeschreven voor een totaal bedrag van 1.200.000 F, BTW tegen het tarief van 19,5 % inbegrepen.



B.Tijdens dezelfde maand werden in het aankoopregister ingeschreven:
1)9 voertuigen welke op 31/5/1993 in voorraad waren waarvan er 8 werden gekocht van particulieren en 1 van een gemeentebestuur, ingeschreven onder de nummers 1 tot 9;
2)op 8 juni verkocht hij een voertuig uit deze voorraad, dat hij voordien had ingeschreven in kolom 5 van het aankoopregister, met toepassing van de normale regeling van de belasting. Hij heeft derhalve op de eerstvolgende vrije lijn van zijn aankoopregister een regularisatie toegepast. Hij vermeldt in kolom 4 "regularisatie", in kolom 5 de aankoopprijs, voorafgegaan door het minteken, in kolom 7 het ischrijvingsnummer waarin het goed voordien was ingeschreven in het inkoopregister, in kolom 8 een verwijzing naar het nummer van het uitgaand factuurboek en naar de datum van de uitgaande factuur betreffende de inschrijving van de verkoop onder de kolom van de handelingen onderworpen aan de normale regeling tegen het BTW-tarief van 19,5 % en in kolom 9, een verwijzing naar het nummer van het inkomend factuurboek en naar de datum van het stuk dat de aankoop vaststelt (aankoopborderel of factuur);
3)de aankoop van 4 voertuigen, waarvan er 3 werden gekocht van particulieren en 1 werd gekocht van een geneesheer.
Het totaal bedrag van de tweedehandse voertuigen vermeld in kolom 5 bedraagt 1.300.000 F.

C. Hij transporteert het totaalbedrag van zijn verkopen (1.200.000 F) en het totaalbedrag van zijn aankopen (1.300.000 F) naar het vergelijkingsregister.

Berekening van de verschuldigde belasting.

Het bedrag dat uit het aankoopregister werd overgebracht is groter dan het bedrag dat uit het boek voor uitgaande facturen werd overgebracht. Dit brengt een negatief saldo (- 100.000 F) teweeg in het rooster "Belastbaar verschil" van het vergelijkingsregister, en dit bedrag moet, voorafgegaan door het plusteken (+100.000 F) worden overgedragen naar het vak "Overdracht van het vorige aangiftetijdvak" van de kolom "Aankoopprijs van de vervoermiddelen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling in België" van het aankoopregister.

D. Overdracht naar de periodieke aangifte betreffende de handelingen verricht onder de winstmargeregeling :

  • rooster 03 : nihil
  • rooster 54 : nihil
  • rooster 81 : 1.300.000
95. (z. bijlage VI) Een belastingplichtige wederverkoper, die gehouden is tot het indienen van kwartaalaangiften, moet de verschuldigde BTW berekenen voor de handelingen verricht tijdens het eerste kwartaal 1995.

In de loop van dit kwartaal, heeft hij in de kolom van de bijzondere winstmargeregeling van zijn boek voor uitgaande facturen, verkopen "BTW inbegrepen" ingeschreven voor een bedrag van 6.000.000 F tegen het tarief van 20,5 pct.

Tijdens datzelfde kwartaal heeft hij 2 bromfietsen van 47 cc. verkocht aan particulieren voor de totale prijs van 30.000F. Hij maakt gebruik van de ontheffing van de facturatieverplichting.

De belastingplichtige wederverkoper heeft gedurende hetzelfde kwartaal tweedehandse vervoermiddelen gekocht voor een totaal bedrag van 5.000.000 F bij de personen, beoogd onder nr. 8, waarvan een voertuig verworven van een Duitse belastingplichtige wederverkoper, die dat vervoermiddel zelf aan de winstmargeregeling heeft onderworpen, voor een bedrag van 500.000 F.

De belastingplichtige wederverkoper schrijft de aankoopprijs van de aankopen verricht in België in onder kolom 5 van het aankoopregister, en onder kolom 6, het bedrag van 500.000 F.

De belastingplichtige wederverkoper verkoopt een voertuig, dat hij in België heeft aangekocht voor 600.000 F door aan een diplomaat, met vrijstelling van de belasting.



a)Regularisatie te verrichten ingevolge de verkoop aan de diplomaat.
Opdat de vrijstelling zou kunnen worden toegepast dient een zelfde regularisatie te worden verricht zoals die welke is vereist indien de belastingplichtige wederverkoper voor een bepaalde levering kiest voor de toepassing van de normale regeling.

Vermits de belastingplichtige wederverkoper voordien de aankoop van dat voertuig voor een bedrag van 600.000 F had ingeschreven in kolom 5 (aankoop in België) van het aankoopregister, dient hij in dit register een regularisatie te verrichten door achtereenvolgens te vermelden :

  • in kolom 4 : "vrijstelling";
  • in kolom 5 : - 600.000 F;
  • in kolom 7 : verwijzing naar het nummer van het aankoopregister waaronder het goed voordien was ingeschreven; het heeft geen belang of deze inschrijving gebeurde tijdens hetzelfde kwartaal, dan wel in een vroeger kwartaal;
  • in kolom 8 : verwijzing naar het nummer van het uitgaand factuurboek en naar de datum van de uitgaande factuur;
  • in kolom 9 : verwijzing naar het nummer van het inkomend factuurboek en naar de datum van het stuk dat de aankoop vaststelde (aankoopborderel of factuur).
b) Hij transporteert het totaalbedrag van zijn verkopen (6.000.000 F zoals blijkt uit zijn boek voor uitgaande facturen en 30.000 F zoals blijkt uit zijn ontvangstenboek) en het totaalbedrag van zijn aankopen (4.400.000 F) naar het vergelijkingsregister.

Berekening van de verschuldigde belasting.

Het verschil tussen het totaalbedrag van de verkopen (6.030.000 F) en het totaalbedrag van de aankopen ( 4.400.000 F) vormt het belastbaar bedrag, BTW inbegrepen ( 1.630.000 F) van de handelingen onder de winstmargeregeling die de belastingplichtige wederverkoper tijdens het beschouwde tijdvak heeft verricht. De inbegrepen verschuldigde belasting tegen het tarief van 20,5 % bedraagt : 1.630.000 x 20,5 = 277.303 F ------------------- 120,5 c) De verschuldigde BTW van 277.303 F wordt samen met de BTW verschuldigd met betrekking tot de handelingen verricht onder de normale regeling van de belasting, overgebracht naar rooster 54 van de periodieke aangifte. Het belastbaar bedrag "exclusief BTW" van 1.352.697 F (1.630.000 - 277.303) wordt samen met het bedrag van de handelingen verricht onder de normale regeling van de belasting tegen het BTW-tarief van 20,5 % overgebracht naar rooster 03 (normaal tarief) van de periodieke BTW- aangifte.

Het totaalbedrag van de aankopen (4.400.000 F) wordt, samen met het totaalbedrag, exclusief BTW, vermeld op de inkomende documenten die tijdens het aangiftetijdvak door de belastingplichtige wederverkoper werden ontvangen of opgemaakt onder de normale regeling van de belasting, overgebracht naar rooster 81 van de periodieke BTW-aangifte.

In het totaalbedrag der aankopen is een bedrag begrepen van 500.000 F, zijnde een intracommunautaire verwerving. Dit bedrag moet worden overgebracht naar rooster 86 van de periodieke BTW-aangifte.

Het totaalbedrag van de aankopen (4.400.000 F) wordt eveneens overgebracht naar rooster 00 van de periodieke BTW-aangifte.

IV.B. - Voorbeeld voor de berekening van BTW voor de handelingen verricht met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar.

96. -------------------------------------------------------------------- Jaar | 1995 1ste | 2de | 3de | 4de | Totaal | | kwartaal | kwartaal | kwartaal | kwartaal | | ---------|------------|-------------|----------|----------|---------| Aankoop- | | | | | | register |1) 150.000 | 25.000 * | 15.000 *|4)300.000 |(1+2+3+4)| | |2) 200.000 |3) 50.000 | |---------| | | ---------- | ---------| | 700.000 | | | 225.000 | 65.000 | | | ---------|------------|-------------|----------|----------|---------| Uitgaand | | | | | | factuur- | | | | | | boek + | | | | | | dagont- | 125.000 | 210.000 | 100.000 | 110.000 | 545.000 | vangsten-| | | | | | boek | | | | | | Verkopen | | | | | | ---------|------------|-------------|----------|----------|---------| Verge- | | | | | | lijkings-| - 25.000 | - 15.000 | 35.000 |- 190.000 | | register | | | | | | ---------|------------|-------------|----------|----------|---------| Over- | | | | | | dracht | | | | | | naar aan-| + 25.000 * | + 15.000 * | | | | koop- | | | | | | register | | | | | | ---------|------------|-------------|----------|----------|---------| Opmerk- |over te |over te |BTW | | | ingen |dragen naar |dragen naar |verschul- | | | |het tweede |het derde |digd | | | |kwartaal |kwartaal | | | | ---------|------------|-------------|----------|----------|---------| Beginstock 1/1 0 Aankopen 700.000 Eindstock 31/12 100.000 over te dragen naar het aankoopregister ------------------------------ Verkochte aankopen 600.000 Verkopen = 545.000 Verkochte aankopen = 600.000 Winstmarges reeds aangegeven = 35.000 Totaal marge 4de kwartaal : 545.000 - (600.000 + 35.000) = - 90.000. Dit bedrag mag niet worden overgedragen naar het volgend jaar. --------------------------------------------------------------------- Jaar | 1996 1ste | 2de | 3de | 4de | Totaal | | kwartaal | kwartaal | kwartaal | kwartaal | | ---------|------------|-----------|----------|----------|------------| Aankoop- | stock : | 50.000 *|3) 400.000| 40.000 *|(1+2+3+4) | register | 100.000 *|2) 175.000 | |4) 310.000|----------- | |1) 200.000 |-----------| |----------| 1.085.000 | |----------- | 225.000 | | 350.000 | | | 300.000 | | | | | ---------|------------|-----------|----------|----------|------------| Uitgaand | | | | | | factuur- | | | | | | boek + | | | | | | dagont- | 250.000 | 300.000 | 360.000 | 275.000 | 1.185.000 | vangsten-| | | | | | boek | | | | | | Verkopen | | | | | | ---------|------------|-----------|----------|----------|------------| Verge- | | | | | | lijkings-| - 50.000 | + 75.000 | - 40.000 | - 75.000 | | register | | | | | | ---------|------------|-----------|----------|----------|------------| Over- | | | | | | dracht | | | | | | naar aan-| + 50.000 * | |+ 40.000 *| | | koop- | | | | | | register | | | | | | ---------|------------|-----------|----------|----------|------------| Opmerk- |over te |BTW ver- |over te | | | ingen |dragen naar |schuldigd |dragen | | | |het tweede | |naar het | | | |kwartaal | |vierde | | | | | |kwartaal | | | ---------|------------|-----------|----------|----------|------------| Beginstock 1/1 100.000 Aankopen 1.085.000 Eindstock 31/12 300.000 over te dragen naar het aankoopregister --------------------------------- Verkochte aankopen 885.000 Berekening voor de regularisatie : Verkopen = 1.185.000 Verkochte aankopen = 885.000 Winstmarges reeds aangegeven = 75.000 Totale winstmarge 4de kwartaal : 1.185.000 - (885.000 + 75.000) = 225.000 F. Verschuldigde BTW : 225.000 x 20,5 = 38.278 --------------- 120,5 -------------------------------------------------------------------- Jaar | 1997 1ste | 2de | 3de | 4de | Totaal | | kwartaal | kwartaal | kwartaal | kwartaal | | ---------|-----------|-----------|-----------|-----------|----------| Aankoop- | stock : | 100.000*|3) 400.000 | 40.000* |(1+2+3+4) | register | 300.000*|2) 80.000 | |4) 220.000 |----------| |1) 200.000 |-----------| |-----------| 900.000 | |-----------| 180.000 | | 260.000 | | | 500.000 | | | | | ---------|-----------|-----------|-----------|-----------|----------| Uitgaand-| | | | | | factuur- | | | | | | boek + | | | | | | Dagont- | 400.000 | 200.000 | 360.000 | 140.000 | 1.100.000| vangsten-| | | | | | boek | | | | | | Verkopen | | | | | | ---------|-----------|-----------|-----------|-----------|----------| Verge- | | | | | | lijkings-| - 100.000 | + 20.000 | - 40.000 | - 120.000 | | register | | | | | | ---------|-----------|-----------|-----------|-----------|----------| Over- | | | | | | dracht | | | | | | naar | + 100.000*| | + 40.000* | | | aankoop- | | | | | | register | | | | | | ---------|-----------|-----------|-----------|-----------|----------| Opmerk- |over te |BTW ver- |over te | | | ingen |dragen naar|schuldigd |dragen naar| | | |het tweede | |het vierde | | | |kwartaal | |kwartaal | | | ---------|-----------|-----------|-----------|-----------|----------| Beginstock 1/1 300.000 Aankopen 900.000 Eindstock 31/12 160.000 over te dragen naar het aankoopregister --------------------------------- Verkochte aankopen 1.040.000 Verkopen = 1.100.000 Verkochte aankopen = 1.040.000 Winstmarges reeds aangegeven = 20.000 Totale winstmarge 4de kwartaal : 1.100.000 - (1.040.000 + 20.000) = 40.000 F. Berekening verschuldigde BTW : 40.000 x 20,5 = 6.805 -------------- 120,5 Afdeling 4 : Uitvoer, Verkopen aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling. Levering aan invaliden of gehandicapten. 97. De uitvoer van vervoermiddelen of de levering ervan door de belastingplichtige wederverkoper aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling, is vrijgesteld van de belasting. De belastingplichtige wederverkoper moet op iedere vraag van de administratie de ingeroepen vrijstelling kunnen rechtvaardigen. Opdat de vrijstelling zou kunnen worden toegepast dient een zelfde regularisatie te worden verricht zoals die is vereist indien de belastingplichtige wederverkoper voor een bepaalde levering kiest voor de toepassing van de normale regeling van de belasting. In kolom 4 van het aankoopregister zal de vermelding "vrijstelling" worden aangebracht.

98. De toepassing van de normale regeling van de belasting is vereist wat de levering van een tweedehandse automobiel voor personenvervoer betreft aan een invalide of gehandicapte die kan den wenst te genieten van het voordeel van het verlaagd BTW-tarief (kon. besl. nr. 20) en van de teruggave, voorzien bij artikel 77, § 2, van het Wetboek.

Afdeling 5 : Diverse gevallen - Onttrekking - Formaliteiten en voorwaarden - Gebruik in de onderneming - Overdracht.

I. Onttrekking door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn privé-doeleinden van voor doorverkoop onder de winstmargeregeling bestemde vervoermiddelen.

99. Onder de normale regeling van de belasting moet de belastingplichtige, die voor privé-doeleinden een voor doorverkoop bestemd goed aan zijn voorraad onttrekt, de belasting tegen het op dat goed toepasselijk tarief betalen over de aankoopprijs van dat goed of van een soortgelijk goed of bij gebreke daarvan, over de kostprijs van het goed (art.12 § 1, en art. 33, 1° van het Wetboek). Om deze onttrekking vast te stellen moet hij een intern stuk opmaken zoals bedoeld in artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 1. Deze regels moeten worden gevolgd door de belastingplichtige wederverkoper voor de goederen die niet onderworpen werden aan de bijzondere regeling en waarvoor na inschrijving in het boek voor inkomende facturen de belasting geheven van hun aankoop, hun intracommunautaire verwerving of hun invoer werd afgetrokken.

Wat meer bepaald de personenauto's en de auto's voor dubbel gebruik onderworpen aan de normale regeling van de belasting betreft, wordt verwezen naar de aanschrijving nr.9 van 30 juli 1985 die handelt over de bijzondere regeling toepasselijk op de onttrekkingen van deze voertuigen.

100. Indien daarentegen de onttrokken vervoermiddelen begrepen waren in de bijzondere winstmargeregeling dienen deze goederen te kunnen worden gevolgd. Er dient immers ondermeer te kunnen worden geverifieerd of de eventuele verliezen die zouden worden geleden bij de latere verkoop van de goederen kunnen worden gestaafd, of er een redelijke verhouding bestaat tussen het aantal onttrokken en het aantal verkochte vervoermiddelen, enz... Tevens, indien het onttrokken vervoermiddel bij de aankoop werd ingeschreven in het aankoopregister heeft de belastingplichtige wederverkoper door de overdracht naar het vergelijkingsregister met betrekking tot het aangiftetijdvak waarin die aankoop plaats had zijn "belastbaar verschil" verminderd ten belope van de aankoopprijs van het onttrokken goed.

De onttrekkingen brengen mee dat de aankoopprijs van de onttrokken goederen moet worden gevoegd bij het totaal bedrag van de verkopen van goederen van hetzelfde BTW-tarief tijdens dat aangiftetijdvak.

Het intern stuk dat dient te worden opgemaakt om deze onttrekking vast te stellen, zal, behalve de elementen voorzien in artikel 5, § 2 van het koninklijk besluit nr. 1, ook de aankoopprijs van het onttrokken goed vermelden maar zonder vermelding van de BTW, aangezien deze niet verschuldigd is op deze handeling.

Het op het intern stuk vermelde bedrag dient in het uitgaand factuurboek te worden ingeschreven in de kolom van de handelingen onderworpen aan de winstmargeregeling.

Dezelfde regels moeten gevolgd worden voor de vervoermiddelen die de belastingplichtige wederverkoper behoudt voor privé-doeleinden bij de stopzetting van zijn werkzaamheid.

Opmerking : Aanschrijving nr. 9 van 30 juli 1985 is niet van toepassing wat betreft de voertuigen onderworpen aan de winstmargeregeling.



II.Onttrekking. - Formaliteiten en voorwaarden.
101. De onttrekking van een vervoermiddel is onderworpen aan de volgende formaliteiten en voorwaarden.

Teneinde het onttrokken vervoermiddel te kunnen volgen dient de belastingplichtige wederverkoper speciale vermeldingen aan te brengen in het aankoopregister naast het nummer waaronder de aankoop van dit vervoermiddel werd ingeschreven.

Inschrijving van de onttrekkingen in het aankoopregister.

102. De belastingplichtige wederverkoper schrijft in het aankoopregister, in de kolommen 7 tot 9 :



a)op het tijdstip van de onttrekking :
  • het woord : "onttrekking";
  • een verwijzing naar het opgemaakte intern stuk;
b) op het tijdstip van het stopzetten van het gebruik of van de verkoop of de overdracht van het gebruikte vervoermiddel :

  • de aard, de reden en de datum ervan;
  • een verwijzing naar het nummer waaronder het vervoermiddel opnieuw werd ingeschreven in het aankoopregister zo hij het vervoermiddel aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge wil onderwerpen, hetzij naar het nummer van inschrijving in het boek voor inkomende facturen zo hij het vervoermiddel aan de normale regeling wil onderwerpen bij de verkoop ervan.
Beperking van het aantal onttrekkingen.

103. Het aantal onttrekkingen van tweedehandse vervoermiddelen verricht door de belastingplichtige wederverkoper moet in verhouding staan tot het aantal tweedehandse vervoermiddelen die door de belastingplichtige wederverkoper worden verkocht.

Het onttrokken vervoermiddel wordt nadien opnieuw aan de winstmargeregeling onderworpen met het oog op de verkoop.

104. De eventuele waardevermindering die het gevolg kan zijn van het gebruik van het vervoermiddel gedurende de periode van onttrekking zou een weerslag kunnen hebben op de aankoopprijs die door de belastingplichtige wederverkoper moet worden vermeld op het aankoopborderel (op te stellen ingeval het vervoermiddel voorheen was onttrokken voor zijn privé-doeleinden) of op het intern stuk (op te stellen ingeval het vervoermiddel voorheen was onttrokken voor zijn economische activiteit) dat hij moet uitreiken aan zichzelf om de wederinschrijving van het vervoermiddel met het oog op de verkoop in het aankoopregister te staven.

De vergelijking tussen de verkoopprijs van het voorheen onttrokken vervoermiddel en het bedrag waartegen dit vervoermiddel laatst in het aankoopregister werd ingeschreven mag in geen geval resulteren in een negatieve winstmarge.

III. Gebruik door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn economische activiteit van voor doorverkoop onder de winstmargeregeling bestemde vervoermiddelen.

105. Er zal op dezelfde manier worden gehandeld als uiteengezet in nr. 100 wat betreft het opmaken van een intern stuk om de handeling vast te stellen alsook voor het inschrijven van dit stuk in het boek voor uitgaande facturen.

Bovendien zal deze handeling ingeschreven worden in het boek voor inkomende facturen (bv. in de kolom investeringen), zonder dat enige belasting kan worden in aftrek gebracht.

Wat de te vervullen formaliteiten en voorwaarden betreft in verband met dit gebruik alsmede de te volgen werkwijze bij de latere verkoop wordt verwezen naar de nrs. 101 tot 104.

IV. Overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling omvattende de tweedehandse vervoermiddelen onderworpen aan de winstmargeregeling.

106. Krachtens artikel 11 van het Wetboek wordt niet als levering beschouwd, de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling, onder bezwarende titel of om niet, bij wege van inbreng in vennootschap of anderszins, wanneer de overnemer een belastingplichtige is die de belasting, indien ze ingevolge de overdracht zou verschuldigd zijn geheel of gedeeltelijk zou kunnen aftrekken. In dat geval wordt de overnemer geacht de persoon van de overdrager voort te zetten.

Het bepaalde, opgenomen in artikel 11 van het Wetboek, volgens hetwelk de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling niet belastbaar is met BTW is enkel van toepassing indien de goederen die het voorwerp van deze overdracht uitmaken, onderworpen zijn aan de normale regeling van de belasting.

De overgang naar de normale regeling van de vervoermiddelen, onderworpen aan de bijzondere regeling van de winstmarge, zou evenwel aan de overnemer elke mogelijkheid ontnemen om de winstmargeregeling op deze goederen toe te passen.

Gezien de fictie van de voortzetting van de persoon van de overdrager, opgenomen in artikel 11 van het Wetboek, meebrengt dat de overnemer de rechten en verplichtingen van de overdrager overneemt, aanvaardt de Administratie dat de vervoermiddelen in het handelsactief van de overnemer opgenomen worden onder dezelfde regeling als diegene die door de overdrager werd toegepast.

De voorraad van de aan de winstmargeregeling onderworpen tweedehandse vervoermiddelen van de overdrager kan aldus opgenomen worden in het handelsactief van de overnemer voor een prijs welke de belasting over de winstmarge bevat, terwijl de andere elementen die het voorwerp uitmaken van de overdracht kunnen overgedragen worden met toepassing van artikel 11 van het Wetboek.

In hoofde van de overdrager moet de overdracht van de vervoermiddelen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge als een levering van goederen worden beschouwd zoals elke andere levering van goederen onderworpen aan die regeling.

Bijgevolg moeten de bedragen voortkomende van de overdracht van die vervoermiddelen worden opgenomen in het uitgaand factuurboek van de overdrager onder de kolom van de winstmarge.

Opstellen van een inventaris.

107. De belastingplichtige overnemer dient een inventaris van de tweedehandse vervoermiddelen die in de overdracht begrepen zijn en dewelke hij verkregen heeft met toepassing van de winstmargeregeling, in te dienen bij het controlekantoor waaronder hij ressorteert binnen een termijn van één maand te rekenen vanaf de overdracht en dit in twee exemplaren.

De inventaris dient voor elk vervoermiddel afzonderlijk beschouwd, dezelfde vermeldingen weer te geven dewelke normaal op de factuur dienen voor te komen, alsook de waarde uitgedrukt in aankoopprijs.

Namens de Minister :
De Directeur-generaal,
J. DECUYPER.
BIJLAGE I :

Zie documentatie : 23 december 1994. - Koninklijk besluit tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (B.S., 30 december 1994, nr. 254, blz. 32464-32468).

BIJLAGE II :

Zie documentatie : 23 december 1994. - Koninklijk besluit nr. 53 met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten (B.S., 30 december 1994, nr. 254, blz. 32471-32473).

BIJLAGE III :

Zie documentatie : 23 december 1994. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde en het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde (B.S., 30 december 1994, nr. 254, blz. 32468-32469).

BIJLAGE IV :

ATTEST
Ik, ondergetekende, naam : ....................... voornaam : ........... ........., handelend als ...................................(particulier; niet-belastingplichtige rechtspersoon; belastingplichtige artikel 44, BTW-Wetboek; belastingplichtige artikel 56, § 2, BTW-Wetboek;) (*) bij de verkoop van mijn hierna omschreven vervoermiddel : MERK : MODEL : CILINDERINHOUD : MOTORSTERKTE : CHASSISNUMMER : DATUM WAAROP HET VERVOERMIDDEL VOOR HET EERST IN HET VERKEER WERD GEBRACHT : verklaar geen enkel recht op aftrek (of teruggave) van de BTW geheven bij de aankoop, bij de intracommunautaire verwerving of bij de invoer van dit vervoermiddel te hebben kunnen uitoefenen, noch recht te hebben gehad op een vrijstelling van de BTW. Gedaan te ............., ........... 19..
Handtekening
(*) Schrappen wat niet past.

BIJLAGE V :

AANKOOPREGISTER ------------------------------------------------------------------------- IN- ¦DATUM VAN HET ¦NAAM VAN DE¦AARD VAN HET GOED¦AANKOOPPRIJS VAN DE SCHRIJ-¦AANKOOPDOCUMENT¦LEVERANCIER¦ ¦VERVOERMIDDELEN VINGS- ¦ ¦ ¦ ¦AANGEKOCHT MET NUMMER ¦ ¦ ¦ ¦TOEPASSING VAN DE ¦ ¦ ¦ ¦BIJZONDERE REGELING: ¦ ¦ ¦ ¦-------------------- ¦ ¦ ¦ ¦IN BELGIE ¦IN EEN ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ANDERE ¦ ¦ ¦ ¦ ¦LID-STAAT -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- 1 ¦ 2 ¦ 3 ¦ 4 ¦ 5 ¦ 6 -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- 1* ¦3/4/93 z.nr. ¦De Vos M ¦personenwagen ¦ 150.000¦ - ¦van het ¦ ¦ ¦ ¦ 2* ¦5/4/93 inkomend¦Dupont M ¦stationwagen ¦ 20.000¦ - ¦factuurboek ¦ ¦ ¦ ¦ 3* ¦7/4/93 inkomend¦De Clercq K¦personenwagen ¦ 100.000¦ - ¦factuurboek ¦ ¦ ¦ ¦ 4* ¦10/4/93 ¦Gemeente- ¦bestelwagen ¦ 30.000¦ - ¦inkomend ¦bestuur X ¦ ¦ ¦ ¦factuurboek ¦ ¦ ¦ ¦ 5* ¦12/4/93 ¦De Craene E¦personenwagen ¦ 190.000¦ - ¦inkomend ¦ ¦ ¦ ¦ ¦factuurboek ¦ ¦ ¦ ¦ 6* ¦27/4/93 ¦Willems S ¦personenwagen ¦ 40.000¦ - ¦inkomend ¦ ¦ ¦ ¦ ¦factuurboek ¦ ¦ ¦ ¦ 7* ¦10/5/93 ¦Martens S ¦minibus ¦ 400.000¦ - ¦inkomend ¦ ¦ ¦ ¦ ¦factuurboek ¦ ¦ ¦ ¦ 8* ¦17/5/93 ¦De Meyer B ¦personenwagen ¦ 100.000¦ - ¦inkomend ¦ ¦ ¦ ¦ ¦factuurboek ¦ ¦ ¦ ¦ 9* ¦30/5/93 ¦Van Damme H¦personenwagen ¦ 95.000¦ - ¦inkomend ¦ ¦ ¦ ¦ ¦factuurboek ¦ ¦ ¦ ¦ 10 ¦8/6/93 ¦Dupont M ¦regularisatie (X)¦ - 20.000¦ - 11 ¦10/6/93 ¦De Mey M/ ¦stationwagen ¦ 60.000¦ - ¦ ¦Arts ¦ ¦ ¦ 12 ¦15/6/93 ¦De Poorter ¦personenwagen ¦ 75.000¦ - ¦ ¦K ¦ ¦ ¦ 13 ¦23/6/93 ¦Van Durme S¦personenwagen ¦ 10.000¦ - 14 ¦29/6/93 ¦Valcke M ¦personenwagen ¦ 50.000¦ - -----------------------------------------------------+----------+--------- HET TOTAAL VAN DE BEDRAGEN VERMELD IN DE KOLOMMEN 5 ¦ 1.300.000¦ EN 6, VERMINDERD MET DE BEDRAGEN VERMELD IN DE ¦ ¦ KOLOMMEN 10 EN 11, DIENT PER AANGIFTETIJDVAK TE ¦ROOSTER 81¦ROOSTER WORDEN OVERGEDRAGEN NAAR HET VERGELIJKINGSREGISTER ¦ (**) ¦86 -------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------- ¦ OVERDRACHT VAN HET VORIGE AANGIFTETIJDVAK¦ + 100.000¦ -------+---------------------------------------------+----------+--------- 15 ¦ ¦ ¦ ¦ 60.000¦ - 16 ¦ ¦ ¦ ¦ 20.000¦ - 17 ¦ ¦ ¦ ¦ 150.000¦ - -------------------------------------------------------------------------- * stock op 31/5/1993 (**) TOTAAL KOLOMMEN 5 EN 6 AANKOOPREGISTER (VERVOLG) -------------------------------------------------------------------------- VERWIJZING NAAR HET AANKOOPREGISTER EN HET ¦ UITGAAND EN INKOMEND FACTUURBOEK VAN DE ¦ REGULARISATIES INGESCHREVEN IN KOLOM 5 OF 6 ¦ EN BETREKKING HEBBEND OP GOEDEREN WAARVOOR ¦ DE BELASTINGPLICHTIGE WEDERVERKOPER OP HET ¦ TIJDSTIP VAN DE VERKOOP DE NORMALE ¦ BTW-REGELING OF EEN VRIJSTELLING TOEPAST ¦ --------------------------------------------+----------------------------- VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦ONTVANGEN CREDITNOTA's NAAR HET NR. ¦NAAR HET ¦NAAR HET ¦----------------------------- VAN HET ¦UITGAAND ¦INKOMEND ¦INTRACOMMU- ¦AANKOPEN VAN AANKOOPREGIS- ¦FACTUURBOEK ¦FACTUURBOEK ¦NAUTAIRE ¦VERVOER- TER WAARONDER ¦(NR. + DATUM) ¦(NR. + DATUM) ¦VERWERVINGEN ¦MIDDELEN HET GOED ¦ ¦ ¦VAN VERVOER- ¦IN BELGIE VOORDIEN WAS ¦ ¦ ¦MIDDELEN ¦ INGESCHREVEN ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- 7 ¦ 8 ¦ 9 ¦ 10 ¦ 11 --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ z. IR nr. 2 ¦z. UF nr. 40 ¦z. IF nr. 36 ¦ ¦ ¦dd. 8/6/93 ¦dd. 8/6/93 ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ROOSTER 84 ¦ ROOSTER 85 -------------------------------------------------------------------------- (X) Indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien heeft ingeschreven in het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast dient hij op de eerstvolgende vrije lijn van zijn aankoopregister in rode inkt of voorafgegaan door het minteken achtereenvolgens te vermelden : - in kolom 4 : "regularisatie" of "vrijstelling"; - in kolom 5 of 6 : aankoopprijs van het goed (voorafgegaan door het minteken); - in kolom 7 : verwijzing naar het inschrijvingsnummer waaronder het goed voordien was ingeschreven; - in kolom 8 : verwijzing naar het nr. van het uitgaand factuurboek en naar de datum van de uitgaande factuur; - in kolom 9 : verwijzing naar het nr. van het inkomend factuurboek en naar de datum van het stuk dat de aankoop vaststelt (aankoopborderel of factuur). -------------------------------------------------------------------------- VERGELIJKINGSREGISTER -------------------------------------------------------------------------- Aangifte-¦Overgebrachte registers¦ Prijs BTW ¦ Prijs BTW ¦Opmerkingen tijdvak ¦ ¦ inbegrepen ¦ inbegrepen ¦ ¦ ¦-------------+--------------+----------- ¦ ¦ ¦normaal tarief¦ ---------+-----------------------+-------------+--------------+----------- juni 1993¦Boek voor uitgaande ¦ ¦ ¦ ¦facturen (kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ 1.200.000¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Ontvangstenboek ¦ ¦ ¦ ¦(kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Totaal ¦ ¦ 1.200.000¦ ¦Aankoopregister ¦ ¦ - 1.300.000¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Belastbaar verschil ¦ ¦ ¦ ¦(belasting inbegrepen) ¦ ¦ - 100.000 (*)¦ -------------------------------------------------------------------------- (*) over te dragen, voorafgegaan door het plusteken, naar het vak "Overdracht van het vorige aangiftetijdvak" van de maand juli 1993 van de kolom "Aankoopprijs van de vervoermiddelen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling in België". BIJLAGE VI : AANKOOPREGISTER -------------------------------------------------------------------------- IN- ¦DATUM VAN HET ¦NAAM VAN DE¦AARD VAN HET GOED¦AANKOOPPRIJS VAN DE SCHRIJ-¦AANKOOPDOCUMENT¦LEVERANCIER¦ ¦VERVOERMIDDELEN VINGS- ¦ ¦ ¦ ¦AANGEKOCHT MET NUMMER ¦ ¦ ¦ ¦TOEPASSING VAN DE ¦ ¦ ¦ ¦BIJZONDERE REGELING: ¦ ¦ ¦ ¦-------------------- ¦ ¦ ¦ ¦IN BELGIE ¦IN EEN ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ANDERE ¦ ¦ ¦ ¦ ¦LID-STAAT -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- 1 ¦ 2 ¦ 3 ¦ 4 ¦ 5 ¦ 6 -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- 23 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 24 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 25 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 26 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 27 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ 500.000 28 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 29 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 30 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 31 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 32 ¦ ¦ ¦vrijstelling (X) ¦ - 600.000¦ - 33 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 34 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 35 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 36 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - -----------------------------------------------------+----------+--------- HET TOTAAL VAN DE BEDRAGEN VERMELD IN DE KOLOMMEN 5 ¦ 3.900.000¦ 500.000 EN 6, VERMINDERD MET DE BEDRAGEN VERMELD IN DE ¦ ¦ KOLOMMEN 10 EN 11, DIENT PER AANGIFTETIJDVAK TE ¦ROOSTER 81¦ROOSTER WORDEN OVERGEDRAGEN NAAR HET VERGELIJKINGSREGISTER ¦ (**) ¦86 ¦ROOSTER 00¦ ¦ (**) ¦ -------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------- ¦ OVERDRACHT VAN HET VORIGE AANGIFTETIJDVAK(*)¦ ¦ -------+---------------------------------------------+----------+--------- 37 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 38 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - 39 ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ - -------------------------------------------------------------------------- (*) ENKEL INDIEN DE BELASTINGPLICHTIGE WEDERVERKOPER DE WIJZE VAN VASTSTELLING VAN DE MAATSTAF VAN HEFFING PER AANGIFTETIJDVAK TOEPAST. (**) TOTAAL KOLOMMEN 5 EN 6 AANKOOPREGISTER (VERVOLG) -------------------------------------------------------------------------- VERWIJZING NAAR HET AANKOOPREGISTER EN HET ¦ UITGAAND EN INKOMEND FACTUURBOEK VAN DE ¦ REGULARISATIES INGESCHREVEN IN KOLOM 5 OF 6 ¦ EN BETREKKING HEBBEND OP GOEDEREN WAARVOOR ¦ DE BELASTINGPLICHTIGE WEDERVERKOPER OP HET ¦ TIJDSTIP VAN DE VERKOOP DE NORMALE ¦ BTW-REGELING OF EEN VRIJSTELLING TOEPAST ¦ --------------------------------------------+----------------------------- VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦ONTVANGEN CREDITNOTA's NAAR HET NR. ¦NAAR HET ¦NAAR HET ¦----------------------------- VAN HET ¦UITGAAND ¦INKOMEND ¦INTRACOMMU- ¦AANKOPEN VAN AANKOOPREGIS- ¦FACTUURBOEK ¦FACTUURBOEK ¦NAUTAIRE ¦VERVOER- TER WAARONDER ¦(NR. + DATUM) ¦(NR. + DATUM) ¦VERWERVINGEN ¦MIDDELEN HET GOED ¦ ¦ ¦VAN VERVOER- ¦IN BELGIE VOORDIEN WAS ¦ ¦ ¦MIDDELEN ¦ INGESCHREVEN ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- 7 ¦ 8 ¦ 9 ¦ 10 ¦ 11 --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ z. IR nr. 15 ¦z. UF nr. 141 ¦z. IF nr. 64 ¦ ¦ ¦dd. 3/2/95 ¦dd. 3/2/95 ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ - ¦ - ¦ - ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ROOSTER 84 ¦ ROOSTER 85 -------------------------------------------------------------------------- (X) Indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien heeft ingeschreven in het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast dient hij op de eerstvolgende vrije lijn van zijn aankoopregister in rode inkt of voorafgegaan door het minteken achtereenvolgens te vermelden : - in kolom 4 : "regularisatie" of "vrijstelling"; - in kolom 5 of 6 : aankoopprijs van het goed (voorafgegaan door het minteken); - in kolom 7 : verwijzing naar het inschrijvingsnummer waaronder het goed voordien was ingeschreven; - in kolom 8 : verwijzing naar het nr. van het uitgaand factuurboek en naar de datum van de uitgaande factuur; - in kolom 9 : verwijzing naar het nr. van het inkomend factuurboek en naar de datum van het stuk dat de aankoop vaststelt (aankoopborderel of factuur). -------------------------------------------------------------------------- VERGELIJKINGSREGISTER -------------------------------------------------------------------------- Aangifte-¦Overgebrachte registers¦ Prijs BTW ¦ Prijs BTW ¦Opmerkingen tijdvak ¦ ¦ inbegrepen ¦ inbegrepen ¦ ¦ ¦-------------+--------------+----------- ¦ ¦ ¦normaal tarief¦ ---------+-----------------------+-------------+--------------+----------- 1ste ¦Boek voor uitgaande ¦ ¦ ¦ kwartaal ¦facturen (kolom ¦ ¦ ¦ 1995 ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ 6.000.000¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Ontvangstenboek ¦ ¦ ¦ ¦(kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ 30.000¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Totaal ¦ ¦ 6.030.000¦ ¦Aankoopregister ¦ ¦ - 4.400.000¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Belastbaar verschil ¦ ¦ ¦ ¦(belasting inbegrepen) ¦ ¦ 1.630.000¦ -------------------------------------------------------------------------- BIJLAGE VII : AANKOOPREGISTER -------------------------------------------------------------------------- IN- ¦DATUM VAN HET ¦NAAM VAN DE¦AARD VAN HET GOED¦AANKOOPPRIJS VAN DE SCHRIJ-¦AANKOOPDOCUMENT¦LEVERANCIER¦ ¦VERVOERMIDDELEN VINGS- ¦ ¦ ¦ ¦AANGEKOCHT MET NUMMER ¦ ¦ ¦ ¦TOEPASSING VAN DE ¦ ¦ ¦ ¦BIJZONDERE REGELING: ¦ ¦ ¦ ¦-------------------- ¦ ¦ ¦ ¦IN BELGIE ¦IN EEN ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ANDERE ¦ ¦ ¦ ¦ ¦LID-STAAT -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- 1 ¦ 2 ¦ 3 ¦ 4 ¦ 5 ¦ 6 -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ -----------------------------------------------------+----------+--------- HET TOTAAL VAN DE BEDRAGEN VERMELD IN DE KOLOMMEN 5 ¦ ¦ EN 6, VERMINDERD MET DE BEDRAGEN VERMELD IN DE ¦ ¦ KOLOMMEN 10 EN 11, DIENT PER AANGIFTETIJDVAK TE ¦ROOSTER 81¦ROOSTER WORDEN OVERGEDRAGEN NAAR HET VERGELIJKINGSREGISTER ¦ (**) ¦86 ¦ROOSTER 00¦ ¦ (**) ¦ -------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------- ¦ OVERDRACHT VAN HET VORIGE AANGIFTETIJDVAK(*)¦ ¦ -------+---------------------------------------------+----------+--------- ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ -------------------------------------------------------------------------- (*) ENKEL INDIEN DE BELASTINGPLICHTIGE WEDERVERKOPER DE WIJZE VAN VASTSTELLING VAN DE MAATSTAF VAN HEFFING PER AANGIFTETIJDVAK TOEPAST. (**) TOTAAL KOLOMMEN 5 EN 6 AANKOOPREGISTER (VERVOLG) -------------------------------------------------------------------------- VERWIJZING NAAR HET AANKOOPREGISTER EN HET ¦ UITGAAND EN INKOMEND FACTUURBOEK VAN DE ¦ REGULARISATIES INGESCHREVEN IN KOLOM 5 OF 6 ¦ EN BETREKKING HEBBEND OP GOEDEREN WAARVOOR ¦ DE BELASTINGPLICHTIGE WEDERVERKOPER OP HET ¦ TIJDSTIP VAN DE VERKOOP DE NORMALE ¦ BTW-REGELING OF EEN VRIJSTELLING TOEPAST ¦ --------------------------------------------+----------------------------- VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦ONTVANGEN CREDITNOTA's NAAR HET NR. ¦NAAR HET ¦NAAR HET ¦----------------------------- VAN HET ¦UITGAAND ¦INKOMEND ¦INTRACOMMU- ¦AANKOPEN VAN AANKOOPREGIS- ¦FACTUURBOEK ¦FACTUURBOEK ¦NAUTAIRE ¦VERVOER- TER WAARONDER ¦(NR. + DATUM) ¦(NR. + DATUM) ¦VERWERVINGEN ¦MIDDELEN HET GOED ¦ ¦ ¦VAN VERVOER- ¦IN BELGIE VOORDIEN WAS ¦ ¦ ¦MIDDELEN ¦ INGESCHREVEN ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- 7 ¦ 8 ¦ 9 ¦ 10 ¦ 11 --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ROOSTER 84 ¦ ROOSTER 85 -------------------------------------------------------------------------- (X) Indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien heeft ingeschreven in het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast dient hij op de eerstvolgende vrije lijn van zijn aankoopregister in rode inkt of voorafgegaan door het minteken achtereenvolgens te vermelden : - in kolom 4 : "regularisatie" of "vrijstelling"; - in kolom 5 of 6 : aankoopprijs van het goed (voorafgegaan door het minteken); - in kolom 7 : verwijzing naar het inschrijvingsnummer waaronder het goed voordien was ingeschreven; - in kolom 8 : verwijzing naar het nr. van het uitgaand factuurboek en naar de datum van de uitgaande factuur; - in kolom 9 : verwijzing naar het nr. van het inkomend factuurboek en naar de datum van het stuk dat de aankoop vaststelt (aankoopborderel of factuur). -------------------------------------------------------------------------- VERGELIJKINGSREGISTER -------------------------------------------------------------------------- Aangifte-¦Overgebrachte registers¦ Prijs BTW ¦ Prijs BTW ¦Opmerkingen tijdvak ¦ ¦ inbegrepen ¦ inbegrepen ¦ ¦ ¦-------------+--------------+----------- ¦ ¦ ¦normaal tarief¦ ---------+-----------------------+-------------+--------------+----------- ¦Boek voor uitgaande ¦ ¦ ¦ ¦facturen (kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Ontvangstenboek ¦ ¦ ¦ ¦(kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Totaal ¦ ¦ ¦ ¦Aankoopregister ¦ ¦ ¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Belastbaar verschil ¦ ¦ ¦ ¦(belasting inbegrepen) ¦ ¦ ¦ --------------------------------------------------------------------------