Circulaire nr. 5/2009 d.d. 06.04.2009 (AFZ nr. 2/2009)
Vlaams Gewest - Bijzonder tarief voor beroepspersonen - Verlaging van het tarief en wijziging termijn voor "wederverkoop"
Federale Overheidsdienst FINANCIEN
PATRIMONIUM DOCUMENTATIE
Kadaster, Registratie en Domeinen
Dienst VI
Dossier nr. E.E./L. 168
Administratie van Fiscale Zaken
4de dienst - 3de directie
Dossier nr. 423
2 bijlagen
In het Belgisch Staatsblad van 12 januari 2009 werd het decreet van 19 december 2008 van het Vlaams Gewest "houdende de verlaging van het tarief van het verkooprecht voor beroepspersonen" bekendgemaakt.
Bij dat decreet wordt het in artikel 62 W.Reg. VL. voor beroepspersonen (1) geldende bijzondere tarief van het mutatierecht (2) verlaagd van 5 naar 4 ten honderd (artikel 2 van het decreet). Terzelfder tijd wordt de termijn gesteld in artikel 64 W.Reg. Vl. verkort van 10 tot 8 jaar (3) (artikel 3 van het decreet). Die termijn betreft de tijdspanne waarbinnen de beroepspersoon het goed dat hij verkregen heeft met toepassing van het vermelde bijzonder tarief van het mutatierecht moet "wederverkopen" (4) om het voordeel van het bijzonder tarief definitief te behouden. De wijziging van artikel 64 W.Reg. Vl. noopte de Vlaamse decreetgever ook tot de wijziging van artikel 68 W.Reg. VL. (artikel 3 van het decreet) vermits dat artikel verwijst naar artikel 64 W.Reg. Vl. en het de termijn herneemt die in dat artikel 64 W.Reg. VL. wordt vermeld.
[(1) = personen die hun beroep maken van het kopen en verkopen van onroerende goederen.
(2) = het registratierecht van toepassing op de verkoop, de ruiling en iedere overeenkomst tot overdracht onder bezwarende titel van eigendom of vruchtgebruik van onroerende goederen.
(3) meer precies eindigt de termijn voor "wederverkoop" in het "oude stelsel de 31ste december van het tiende jaar na de datum van de (authentieke) koopakte en in het "nieuwe" stelsel de 31ste december van het achtste jaar na de datum van de (authentieke) koopakte.
(4) een wederverkoop of een andere bevrijdende vervreemding.]
Artikel 4 van het decreet regelt de toepassing in de tijd van de oude (5% en 10 jaar) en de nieuwe regeling (4% en 8 jaar).
Artikel 5 bepaalt de inwerkingtreding van het decreet op 1 januari 2009.
Deze circulaire verstrekt een eerste commentaar bij de wijzigingen die bij dit decreet aan het W.Reg. werden aangebracht. In bijlage 1 gaat de tekst van het decreet; bijlage 2 bevat de gecoördineerde teksten van de gewijzigde artikelen van het W.Reg. VL.
Commentaar
1. Ratio legis
De bedoeling van de Vlaamse decreetgever was het stelsel van de beroepspersonen weer aantrekkelijk te maken door in artikel 62 W.Reg.VL. een zelfde tarief in te stellen als dat wat de beroepspersonen door de toepassing van artikel 212 W.Reg. VL. (teruggave bij snelle wederverkoop) uiteindelijk kunnen genieten (5). Bij een gelijk heffingspercentage wordt het vroeger bestaand voordeel van het stelsel van de beroepspersonen (geen voorfinanciering van de volledige rechten en een langere periode voor wederverkoop) weer actueel en aantrekkelijk. Dat zou op zijn beurt moeten leiden tot minder teruggavedossiers voor de administratie. In ruil voor de verlaging van het tarief tot 4% heeft de Vlaamse decreetgever de termijn voor wederverkoop wel beperkt tot 8 jaar.
[(5) Door het terugbrengen vanaf 1 januari 2002 van het normale tarief van het mutatierecht van 12,50% naar 10%, bracht de toepassing van artikel 212 W.Reg.Vl. mee dat beroepspersonen die op dat artikel beroep konden doen uiteindelijk slechts 4% betaalden, daar waar ze in het kader van het stelsel voor de beroepspersonen 5% dienden te betalen. Het gebruik door beroepspersonen van de teruggaveregeling van artikel 212 wordt in het Verslag van de bevoegde commissie aangemerkt als een oneigenlijk circuit.]
2. Implicaties voor het stelsel van de beroepspersonen
Het decreet van 19 december 2008 verandert niets ten gronde aan het stelsel voor de beroepspersonen zoals dat vervat is in de artikelen 62 tot 71 W.Reg.VL. Op de verlaging van het bijzonder tarief en de inkorting van de periode voor wederverkoop na, laat het decreet het stelsel volledig ongewijzigd. De bestaande circulaires en beslissingen blijven dus van kracht, vanzelfsprekend met dien verstande dat wanneer ze moeten worden toegepast op gevallen die onder de nieuwe regeling vallen, men met het nieuwe tarief en de nieuwe termijnen in de artikelen 64 en 68 W.Reg. VL. moet rekening houden.
3. Toepassing van de oude en nieuwe regeling in de tijd.
De toepassing in de tijd van de oude (5% + 10 jaar) en van de nieuwe (4% + 8 jaar) regels wordt geregeld in de artikelen 4 en 5 van het decreet. Het nieuwe tarief in artikel 62 W.Reg. VL. en de nieuwe termijnen in de artikel 64 en 68 W.Reg. VL. gelden voor alle overeenkomsten gesloten vanaf 1 januari 2009. Een overeenkomst gesloten in 2008 blijft dus onderworpen aan het oude tarief, zelfs al werd ze onderworpen aan een opschortende voorwaarde die vervuld wordt in 2009 of later. De datum van de authentieke akte van aankoop door de beroepspersoon speelt hierbij geen rol.
Omdat het nieuwe tarief en de nieuwe termijnen gekoppeld zijn aan de datum van de overeenkomst en die datum veelal niet blijkt uit de authentieke akte waarin toepassing van het voordeeltarief van artikel 62 W.Reg. VL. wordt gevraagd, zullen de ontvangers der registratierechten minstens tot eind april systematisch van de partijen of van de notarissen optredend in hun naam, bij toepassing van artikel 168 W.Reg. de overlegging vragen van een verklaring waarin ze de datum van de overeenkomst moeten opgeven. Om praktische redenen zullen de ontvangers de notarissen die ressorteren onder de bevoegdheid van hun kantoor ervan inlichten dat bedoelde verklaring systematisch zal gevraagd worden gedurende de vermelde periode.
4. Inwerkingtreding
Artikel 5 van het decreet bepaalt de inwerkingtreding ervan op 1 januari 2009. Voor de praktische implicaties van deze bepaling op het vlak van de werking in de tijd van de oude en de nieuwe wetteksten, wordt verwezen naar het vorige nummer.
NAMENS DE MINISTER :
De adjunct-administrateur-generaal,
Paul NECKEBROECK.
----------
BIJLAGE 1
UITTREKSEL UIT HET BELGISCH STAATSBLAD VAN 12 JANUARI 2009
VLAAMSE OVERHEID
19 DECEMBER 2008. - Decreet houdende de verlaging van het tarief van het verkooprecht voor beroepspersonen
Het Vlaams Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : decreet houdende de verlaging van het tarief van het verkooprecht voor beroepspersonen.
Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid.
Art. 2. In het artikel 62 van het Wetboek van Registratie-, Hypotheek- en Griffierechten, vervangen bij de wet van 27 april 1978, worden de woorden "5 pct." vervangen door de woorden "4 ten honderd".
Art. 3. In de artikelen 64 en 68 van hetzelfde Wetboek wordt het woord "tiende" telkens vervangen door het woord "achtste".
Art. 4. De artikelen 64 en 68 van hetzelfde Wetboek, zoals ze luidden vóór de inwerkingtreding van dit decreet, blijven van toepassing op de in artikel 62 van hetzelfde Wetboek bedoelde verkopingen, die dagtekenen van vóór 1 januari 2009.
Art. 5. Dit decreet treedt in werking op 1 januari 2009.
Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Brussel, 19 december 2008.
De minister-president van de Vlaamse Regering,
K. PEETERS
De Vlaamse minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening,
VAN MECHELEN
BIJLAGE 2
Gecoördineerde teksten van de gewijzigde artikelen van het Vlaams Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten
Art. 62
Het in artikel 44 bepaalde recht wordt tot 4 ten honderd verminderd voor de verkopingen die uit de hand en bij authentieke akte gedaan worden aan personen die hun beroep maken van het kopen en verkopen van onroerende goederen.
Deze vermindering is echter niet van toepassing op de verkopen van landeigendommen waarvan de verkoopwaarde het bedrag niet te boven gaat dat verkregen wordt bij vermenigvuldiging van het kadastraal inkomen met een door de Koning vastgestelde coëfficiënt.
Art. 64
Het bij artikel 44 bepaald recht wordt vorderbaar ten laste van de verkrijger van het onroerend goed die het voordeel van artikel 62 heeft genoten, bijaldien bedoelde verkrijger of zijn rechthebbenden dit onroerend goed niet hebben vervreemd door wederverkoop of alle andere overdracht onder bezwarende titel, andere dan de inbreng in vennootschap, vastgesteld bij authentieke akte uiterlijk verleden op 31 december van het achtste jaar na de datum van de koopakte.
De wederverkoop aan een beroepspersoon met toepassing van artikel 62 staat deze vorderbaarheid niet in de weg.
Art. 68
In het geval van artikel 64 worden de gewone rechten vereffend op een verklaring die, binnen de eerste vier maanden na het verstrijken van het achtste jaar en op straf van boete gelijk aan de rechten, tot registratie dient aangeboden ten kantore in welks gebied de goederen gelegen zijn.
In het geval van artikel 65, moet de verkrijger op bedoeld kantoor ter registratie een verklaring aanbieden waarin samenstelling en waarde zijn bepaald van de goederen waarvoor hij de rechten wenst te betalen.
De bij dit artikel voorgeschreven verklaringen, welke door belanghebbende of zijn aangenomen vertegenwoordiger worden ondertekend, worden in dubbel gesteld, en een exemplaar blijft op het kantoor der registratie. Deze verklaringen houden vermelding van de akte of de akten van verkrijging, van het nieuwe feit waaruit de verschuldigdheid van het recht volgt en al de tot de vereffening van de belasting nodige gegevens.
