Circulaire nr. Ci.RH.243/376.395 dd. 08.05.2000
CIRC 08.05.00/1
Circulaire nr. Ci.RH.243/376.395 dd. 08.05.2000
Bull. nr. 806, pag. 1215
BEROEPSKOSTEN
Werkgeversbijdrage voor een pensioenfonds.
Werkgeversbijdrage voor groepsverzekering.
GROEPSVERZEKERING
Werkgeversbijdrage voor groepsverzekering.
PENSIOENFONDS
Werkgeversbijdrage voor een pensioenfonds.
Belastingstelsel van de bijdragen voor aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood en van sommige pensioenen en renten of als zodanig geldende kapitalen:
Aanpassing van de bedragen voor het jaar 1999.
Aan alle ambtenaren van de niveaus 1, 2+ en 2.
1. Deze circulaire geeft, voor het jaar 1999, de bedragen die van toepassing zijn inzake de beperking van de toekenningen bij leven die door middel van als beroepskosten aftrekbare bijdragen verzekerd kunnen worden.
GRENS VAN DE BRUTOBEZOLDIGINGEN
2. De in nr. 59/29, tweede lid, Com.IB 92 vermelde grens van de brutobezoldigingen die in aanmerking komen voor de vaststelling van het wettelijk rustpensioen, bedraagt voor het jaar 1999 1.458.497 BEF (36.155,20 EUR).
INDEXERING VAN DE LOPENDE RENTEN
3. Met betrekking tot de in nr. 59/56, eerste lid, Com.IB 92 uiteengezette berekening van het maximumbedrag van de indexering, gelden, voor het jaar 1999, de volgende bedragen:
3° toe te voegen (m.b.t. vóór 1992 ingegane renten): 111.462 BEF (2.763,07 EUR), voor renten betaald in 1999.
Circulaire nr. Ci.RH.243/376.395 dd. 08.05.2000
Bull. nr. 806, pag. 1215
BEROEPSKOSTEN
Werkgeversbijdrage voor een pensioenfonds.
Werkgeversbijdrage voor groepsverzekering.
GROEPSVERZEKERING
Werkgeversbijdrage voor groepsverzekering.
PENSIOENFONDS
Werkgeversbijdrage voor een pensioenfonds.
Belastingstelsel van de bijdragen voor aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood en van sommige pensioenen en renten of als zodanig geldende kapitalen:
- vaststelling van het wettelijk rustpensioen waarmee rekening gehouden moet worden voor de berekening van de beperking van de totale maximumtoekenning bij leven die gevestigd kan worden d.m.v. bijdragen die aftrekbaar zijn als beroepskosten;
- indexering van de lopende renten.
Aanpassing van de bedragen voor het jaar 1999.
Aan alle ambtenaren van de niveaus 1, 2+ en 2.
1. Deze circulaire geeft, voor het jaar 1999, de bedragen die van toepassing zijn inzake de beperking van de toekenningen bij leven die door middel van als beroepskosten aftrekbare bijdragen verzekerd kunnen worden.
GRENS VAN DE BRUTOBEZOLDIGINGEN
2. De in nr. 59/29, tweede lid, Com.IB 92 vermelde grens van de brutobezoldigingen die in aanmerking komen voor de vaststelling van het wettelijk rustpensioen, bedraagt voor het jaar 1999 1.458.497 BEF (36.155,20 EUR).
INDEXERING VAN DE LOPENDE RENTEN
3. Met betrekking tot de in nr. 59/56, eerste lid, Com.IB 92 uiteengezette berekening van het maximumbedrag van de indexering, gelden, voor het jaar 1999, de volgende bedragen:
| 1° | beperking van het aanvangsbedrag van de lopende jaarrente: 2.260.224 BEF (56.029,49 EUR) voor renten die in 1999 ingegaan zijn; |
| 2° | indexeringscoëfficiënten met betrekking tot de voor het jaar 1999 verschuldigde renten: --------------------------------------------- Renten ingegaan in Indexeringscoëfficiënt --------------------------------------------- 1985 of vroeger 0,3195 1986, 1987 of 1988 0,2682 1989 0,2434 1990 0,2190 1991 0,1717 1992 0,1262 1993 0,1041 1994 0,0824 1995 of 1996 0,0612 1997 0,0404 1998 of 1999 0,02 --------------------------------------------- |
NAMENS DE MINISTER:
Voor de Directeur-generaal:
De Auditeur-generaal van financiën,
V. KINDT
Bron: FisconetPlus
