Circulaire nr. 3 (K.T./168.140 - 2001/04) d.d. 20.04.2001
INDEXERING VAN DE KADASTRALE INKOMENS
In artikel 518 WIB 92 is voorgeschreven dat voor de toepassing van verscheidene artikelen van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 onder kadastraal inkomen wordt verstaan het kadastraal inkomen aangepast aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk (automatische indexering).
---------- (1) Gemiddelde indexcijfers (basis 1996 = 100):
Coëfficiënt vóór afronding: 1,28567... (= 106,39 / 82,75) (2) D.w.z. aanslagjaar 2001 voor de toepassing van artikel 255 WIB 92 en aanslagjaar 2002 voor de toepassing van de artikelen 7 tot 11, 16, 221, 1°, 223, 2°, 234, 1° en 277, WIB 92.
BIJLAGE 2
Evolutie van de indexeringscoëfficiënt van de kadastrale inkomens
BIJLAGE 3
Bedrag van het bij de berekening van de onroerende voorheffing in aanmerking genomen kadastraal inkomen
In artikel 518 WIB 92 is voorgeschreven dat voor de toepassing van verscheidene artikelen van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 onder kadastraal inkomen wordt verstaan het kadastraal inkomen aangepast aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk (automatische indexering).
Ter informatie vindt U als bijlage 1 een van de administratie van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit (Directe Belastingen) uitgaand bericht, gepubliceerd in het B.S. van 20.03.2001, in verband met de automatische indexering van de kadastrale inkomens voor het inkomstenjaar 2001, te weten de toepassing van artikel 255 WIB 92 voor het aanslagjaar 2001 en van de artikelen 7 tot 11, 16, 221, 1°, 223, 2°, 234, 1° en 277 WIB 92 voor het aanslagjaar 2002.
Als bijlage vindt U eveneens:
- een samenvattende tabel die de evolutie weergeeft van de indexeringscoëfficiënt van de kadastrale inkomens vanaf zijn inwerkingtreding (bijlage 2);
- illustrerende voorbeelden (bijlage 3) van, enerzijds, de berekening van het bedrag van de onroerende voorheffing, en, anderzijds, de berekening van het bedrag van het kadastraal inkomen dat in beschouwing wordt genomen voor de vaststelling van het belastbaar inkomen in de personenbelasting voor navolgende onroerende goederen:
| a. | de in België gelegen gebouwde onroerende goederen, andere dan de woning die in aanmerking komt voor de woningaftrek, die noch verhuurd zijn, noch door de eigenaar voor het uitoefenen van zijn beroepswerkzaamheid worden gebruikt (zoals bijvoorbeeld de tweede verblijven en de gratis ter beschikking gestelde gebouwde onroerende goederen); | ||||
| b. | de in België gelegen gebouwde onroerende goederen die verhuurd zijn aan een natuurlijke persoon die ze noch geheel, noch gedeeltelijk voor het uitoefenen van zijn beroepswerkzaamheid gebruikt; | ||||
| c. |
de in België gelegen gebouwde onroerende goederen verhuurd aan een rechtspersoon die geen vennootschap is, met het oog op het ter beschikking stellen ervan:
|
De Directeur-generaal,
D. De Brone BIJLAGE 1 Ministerie van Financiën - Administratie van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit. Directe Belastingen. Bericht in verband met de automatische indexering van de kadastrale inkomens en van de bedragen vermeld in artikel 16, § 1, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) De coëfficiënt bedoeld in artikel 518 WIB 92, bedraagt 1,2857 (1) voor het inkomstenjaar 2001 (2). De tabel hierna bevat de basisbedragen vermeld in artikel 16, § 1, WIB 92 alsook de geïndexeerde bedragen voor het aanslagjaar 2002 (afgekort tot aj. 2002). | Artikel | Omschrijving | Basisbedrag | Geïndexeerd bedrag Aj. 2002 | |
| in EUR | in EUR | in BEF | ||
| Art. 16, § 1, WIB 92 | Woningaftrek: -Basisbedrag: -verhoging | 3000 250 | 3857 321 | 155.591 12.949 |
| - | jaar 1988: 81,48 (100 × 0,8148) |
| - | jaar 1989: 84,01 (= 103,11 × 0,8148) |
| - | jaren 1988 en 1989: 82,75 |
| - | jaar 2000: 106,39 |
BIJLAGE 2
Evolutie van de indexeringscoëfficiënt van de kadastrale inkomens
| Inkomstenjaar (= aanslagjaar O.V.) | Coëfficiënt |
| 1991 | 1,0503 |
| 1992 | 1,0829 |
| 1993 | 1,1093 |
| 1994 | 1,1398 |
| 1995 | 1,1669 |
| 1996 | 1,1840 |
| 1997 | 1,2084 |
| 1998 | 1,2281 |
| 1999 | 1,2399 |
| 2000 | 1,2538 |
| 2001 | 1,2857 |
BIJLAGE 3
Bedrag van het bij de berekening van de onroerende voorheffing in aanmerking genomen kadastraal inkomen
| - | Bedrag van het betekend kadastraal inkomen dat in de kadastrale legger voorkomt: 98.000 BEF | ||||||||
| - | Inkohiering in de O.V. - aanslagjaar 1990:
| ||||||||
| - | Inkohiering in de O.V. - aanslagjaar 1991:
| ||||||||
| - | ... | ||||||||
| - | Inkohiering in de O.V. - aanslagjaar 2000:
| ||||||||
| - | Inkohiering in de O.V. - aanslagjaar 2001:
|
Bron: FisconetPlus
