Circulaire nr. Ci.RH.331/466.138 van 19.04.1995
CIRC 19.04.95/2
Bull. nr. 750, pag. 1427
AUTOMATISCHE INDEXERING
Aanslagjaar 1995.
UITVOERING VAN HET GLOBAAL PLAN OP HET STUK VAN DE FISCALITEIT
Automatische indexering
Aanslagjaar 1995.
UITVOERING VAN HET GLOBAAL PLAN OP HET STUK VAN DE FISCALITEIT
Automatische indexering
Commentaar op art. 14, W 30.3.1994 tot uitvoering van het globaal plan op het stuk van de fiscaliteit (jaarlijkse indexering).
Aan alle ambtenaren van de niveaus 1 en 2.
INHOUDSTAFEL Nrs I. WETTEKST 1 II. AANVERWANTE WETTELIJKE BEPALINGEN 2 III. ALGEMENE DRAAGWIJDTE 4 IV. INDEXERING A. Basisbedragen 6 B. Indexeringscoëfficiënt 7 C. Indexeringsregels 9 D. Bedragen van toepassing voor het aj. 1995 10 V. INWERKINGTREDING 11 I. WETTEKST
1. Art. 14, W 30.3.1994 tot uitvoering van het globaal plan op het stuk van de fiscaliteit (V 2297 - Bull. 739) heeft aan art. 178, WIB 92 de volgende wijzigingen gebracht :
- de tekst van 3de lid van § 2 is volledig vervangen;
- de woorden "en 148" die voorkwamen in de inleidende zin van § 3, zijn geschrapt.
Dientengevolge luidt art. 178, WIB 92 voortaan als volgt :
Art. 178, WIB 92
§ 1. De bedragen die in deze titel en in de desbetreffende bijzondere wetsbepalingen zijn uitgedrukt in franken, worden met betrekking tot inkomstengrenzen en -schijven, vrijstellingen, verminderingen, aftrekken en beperkingen of begrenzingen ervan, jaarlijks en gelijktijdig aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk aangepast onverminderd de toepassing van de bepalingen van § 3.
§ 2. De aanpassing gebeurt met behulp van de coëfficiënt die wordt verkregen door het gemiddelde van de indexcijfers van het jaar dat het jaar van de inkomsten voorafgaat te delen door het gemiddelde van de indexcijfers van het jaar 1988.
Bij de berekening van de coëfficiënt worden de volgende afrondingen toegepast :
| 1° | het gemiddelde van de indexcijfers wordt afgerond tot het hogere of lagere honderdste van een punt naargelang het cijfer van de duizendsten van een punt al of niet 5 bereikt; |
| 2° | de coëfficiënt wordt afgerond tot het hogere of lagere tienduizendste naargelang het cijfer van de honderdduizendsten al of niet 5 bereikt. |
Na de toepassing van de coëfficiënt worden de bedragen, met uitzondering van die vermeld in artikel 147, afgerond tot het hogere of lagere duizendtal naargelang het cijfer van de honderdtallen al dan niet 5 bereikt. De bedragen vermeld in artikel 147 worden afgerond tot de hogere of lagere frank naargelang het cijfer van de tienden al dan niet 5 bereikt (Voordien luidde de tekst van art. 178, § 2, 3de lid, WIB 92 als volgt : Na de toepassing van de coëfficiënt worden de bedragen afgerond tot het hogere of lagere duizendtal naargelang het cijfer van de honderdtallen al of niet 5 bereikt.)
§ 3. In afwijking van § 2, eerste lid, wordt, behoudens wat de in de artikelen 131 tot 134 vermelde belastingvrije sommen, eventueel verhoogd, en de grenzen van de in de artikelen 136 en 140 tot 142 vermelde bestaansmiddelen betreft, de aanpassing verwezenlijkt :
| 1° | voor de aanslagjaren 1994 tot 1997 met de coëfficiënt die wordt verkregen door het gemiddelde van de indexcijfers van het jaar 1991 te delen door het gemiddelde van de indexcijfers van het jaar 1988; |
| 2° | voor de aanslagjaren 1998 en volgende met de coëfficiënt die wordt verkregen door het gemiddelde van de indexcijfers van jaar dat het jaar van de inkomsten voorafgaat, te delen door het gemiddelde van de indexcijfers van het jaar 1988 vermenigvuldigd met de verhouding tussen de gemiddelden van de indexcijfers van de jaren 1995 en 1991. |
§ 4. Paragraaf 1 is niet van toepassing op de in artikel 16, § 1 vermelde bedragen van 120.000 frank en 10.000 frank.
II. AANVERWANTE WETTELIJKE BEPALINGEN
2. De wijzigingen die art. 14, W 30.3.1994 aan art. 178, WIB 92 heeft gebracht, betreffen de bedragen die art. 11 van dezelfde wet in art. 147, WIB 92 heeft vastgelegd, waardoor de tekst van art. 147, WIB 92 nu als volgt luidt :
Art. 147, WIB 92
Op de belasting met betrekking tot pensioenen en vervangingsinkomsten worden de volgende verminderingen verleend :
| 1° | als het inkomen uitsluitend uit pensioenen of andere vervangingsinkomsten bestaat : |
- 54.240 frank voor een alleenstaande belastingplichtige;
- 63.332 frank voor echtgenoten samen;
| 2° | als het inkomen gedeeltelijk uit pensioenen of andere vervangingsinkomsten bestaat : een bedrag gelijk aan een gedeelte van de in 1° vermelde verminderingen, waarbij dat gedeelte wordt bepaald naar de verhouding tussen het nettobedrag van de pensioenen en andere vervangingsinkomsten enerzijds en het totale netto-inkomen anderzijds; |
| 3° | als het inkomen uitsluitend uit brugpensioenen oud stelsel bestaat : |
- 98.214 frank voor een alleenstaande belastingplichtige;
- 107.307 frank voor echtgenoten samen;
| 4° | als het inkomen gedeeltelijk uit brugpensioenen oud stelsel bestaat: een bedrag gelijk aan een gedeelte van de in 3° vermelde verminderingen, waarbij dat gedeelte wordt bepaald naar de verhouding tussen het nettobedrag van die brugpensioenen enerzijds en het totale netto-inkomen anderzijds; |
| 5° | als het inkomen uitsluitend uit werkloosheidsuitkeringen bestaat : een bedrag van de verminderingen als vermeld in 1°; |
| 6° | als het inkomen gedeeltelijk uit werkloosheidsuitkeringen bestaat : een bedrag gelijk aan een gedeelte van de in 1° vermelde verminderingen, waarbij dat gedeelte wordt bepaald naar de verhouding tussen het nettobedrag van de werkloosheidsuitkeringen enerzijds en het totale netto-inkomen anderzijds; |
| 7° | als het inkomen uitsluitend uit wettelijke ziekte- en invaliditeitsuitkeringen bestaat : |
- 69.626 frank voor een alleenstaande belastingplichtige;
- 78.719 frank voor echtgenoten samen;
| 8° | als het inkomen gedeeltelijk uit wettelijke ziekte- en invaliditeitsuitkeringen bestaat : een bedrag gelijk aan een gedeelte wordt bepaald naar de verhouding tussen het nettobedrag van de wettelijke ziekte- en invaliditeitsuitkeringen enerzijds en het totale netto-inkomen anderzijds. |
3. Voor zover daarin naar art. 147, WIB 92 wordt verwezen, betreft de beoogde wijziging ook art. 243, 2de lid, WIB 92, waarvan de tekst, na de vervanging ervan door art. 17, W 30.3.1994, als volgt luidt :
Art. 243, 2de lid, WIB 92
Op de overeenkomstig het vorige lid berekende belasting worden de verminderingen ingevolge de artikelen 146 tot 154 verleend binnen de perken en onder de voorwaarden bepaald in die artikelen en met inachtneming van het geheel van de binnenlandse en de buitenlandse inkomsten, met dien verstande dat de in artikel 147, 1°, vermelde bedragen worden vervangen door het bedrag van 96.520 frank, de in artikel 147, 3°, vermelde bedragen door het bedrag van 140.495 frank en de in artikel 147, 7°, vermelde bedragen door het bedrag van 111.907 frank. Die verminderingen worden voor beide echtgenoten samen slechts éénmaal verleend.
III. ALGEMENE DRAAGWIJDTE
4. De automatische indexering van nagenoeg alle in franken uitgedrukte bedragen (hervormingswet 1988) (De commentaar op art. 8, hervormingswet 1988, werd oorspronkelijk gepubliceerd in de circ. 18.5.1990, Ci.D.19/402.192 - PB, 18de aflevering (Bull. 696) en is thans opgenomen in de commentaar op art. 178, WIB 92.) is reeds herhaaldelijk gewijzigd, inzonderheid door :
- art. 29, W 28.12.1990 betreffende verscheidene fiscale en niet-fiscale bepalingen (V 2073 - Bull. 702), dat zowel inzake OV als inzake PB, vanaf het inkomstenjaar 1991 de automatische indexering van de KI's heeft ingesteld, gepaard gaande met een overeenkomstige indexering van de bedragen van 120.000 F en 10.000 F die gelden inzake de gewone woningaftrek (Voor meer bijzonderheden wordt verwezen naar de circ. 23.8.1991, Ci.RH.21/429.638 (Bull. 709), die inmiddels eveneens in de commentaar op art. 178, WIB 92 is opgenomen.).
- art. 5, W 28.12.1992 houdende fiscale, financiële en diverse bepalingen (V 2212 - Bull. 725), dat in art. 178, WIB 92 de voorlopige bevriezing van de automatische jaarlijkse indexering voor ten hoogste 4 aanslagjaren (nl. 1994 tot en met 1997) heeft ingeschreven, doch geen betrekking heeft op sommige bepalingen, zoals die aangaande de indexering van de KI's en van de gewone woningaftrek (Voor meer bijzonderheden dienaangaande wordt verwezen naar de circ. 17.9.1993, Ci.RH.21/453.572 (Bull. 732), die thans ook in de commentaar art. 178, WIB 92 is opgenomen.).
5. Om een einde te maken aan bepaalde anomalieën en te komen tot een gelijkaardige inspanning bij personen met een gelijkaardig inkomen, wat ook de oorsprong van dat inkomen weze (zie Verslag namens de Commissie voor de Financiën van de Kamer, gewone zitting 1993-1994, Doc. 1290/6, blz. 81 en 82), heeft de W 30.3.1994 :
- art. 147, WIB 92 vervangen door een tekst waarin de bedragen van de belastingverminderingen voor alternatieve beroepsinkomsten, die inzake de PB gelden, uitdrukkelijk zijn opgenomen (art. 11); deze wijziging gaat gepaard met een gelijkaardige aanpassing van art. 243, 2de lid, WIB 92 op het vlak van BNI/nat. pers. (art. 17) en de opheffing, zonder meer, van art. 148, WIB 92 (art. 27) (Het thans opgeheven art. 148, WIB 92 luidde als volgt : Bij de berekening van de respectievelijk volgens artikel 147, 1°, 3° en 7° vast te stellen belasting wordt voor een alleenstaande een belastingvrije som van 165.000 frank in aanmerking genomen en voor echtgenoten samen éénmaal een belastingvrije som van 130.000 frank.) (Die wijzigingen zullen in een afzonderlijke circulaire besproken worden.);
IV. INDEXERING
A. Basisbedragen
6. Zoals alle andere in de fiscale wetgeving in franken uitgedrukte bedragen (die van 120.000 frank en 10.000 frank aangaande de gewone woningaftrek uitgezonderd) zijn de thans in de art. 147 en 243, 2de lid, WIB 92 opgenomen bedragen basisbedragen welke op het niveau van de inkomsten van het jaar 1988 zijn ingevoerd (Voor meer bijzonderheden wordt verwezen naar het bepaalde in nr. 24, circ. 23.8.1991, Ci.RH.21/429.638 (Bull. 709) en nr 178/10, Com. IB 92.)
Dit houdt in dat zij onmiddellijk aan de evolutie van het indexcijfer, zoals die zich sedert 1988 heeft voorgedaan, moeten worden aangepast, met dien verstande dat, aangezien de nieuwe tekst van de art. 147 en 243, 2de lid, WIB 92 in werking treedt met ingang van het aj. 1995, de erin vermelde bedragen moeten geïndexeerd worden op basis van de voor datzelfde aanslagjaar geldende coëfficiënt (zie evenwel nr. 8).
B. Indexeringscoëfficiënt
7. De indexeringscoëfficiënt die geldt voor de bedragen die in de art. 147 en 243, 2de lid, WIB 92 zijn ingeschreven, is dezelfde als die welke van toepassing is op de andere in de fiscale wetgeving in franken uitgedrukte bedragen (met uitzondering an de bedragen van 120.000 frank en 10.000 frank betreffende de gewone woningaftrek, die, net zoals de KI's, een ander indexeringsmechanisme volgen) (Voor meer bijzonderheden dienaangaande wordt verwezen naar de nrs. 178/14 tot 18, Com.IB 92.).
8. Ingevolge het bepaalde in art. 178, § 3, 1°, WIB 92, is de bevriezing van de indexering echter ook van toepassing op de nieuwe in art. 147 en 243, 2de lid, WIB 92 ingeschreven bedragen. Dit houdt in dat, ondanks het feit dat zij voor het eerst voor het aj. 1995 van toepassing zijn, de voor het aj. 1993 geldende coëfficiënt (nl. 1,0998) in aanmerking moet genomen worden om de voor de ajren 1995 en met 1997 toepasselijke bedragen vast te stellen.
C. Indexeringsregels
9. Daar waar de bedragen na toepassing van de indexeringscoëfficiënt bij de gewone indexering tot het hogere of lagere duizendtal moeten worden afgerond naargelang het cijfer van de honderdtallen al dan niet vijf bereikt (Zie ook de nrs. 178/19 en 20, Com.IB 92.), voert de nieuwe tekst van art. 178, § 2,3de lid, WIB 92 een andere afrondingsregel in met betrekking tot de in art. 147, WIB 92 vermelde bedragen (en uiteraard ook met betrekking tot de in art. 243, 2de lid, WIB 92 vermelde bedragen). Die bedragen moeten namelijk tot de hogere of lagere frank worden afgerond naargelang het cijfer van de tienden al dan niet vijf bereikt; de afronding gebeurt dus op de eenheid.
Voorbeeld :
1. basisbedrag : 54.240 F 2. indexering : 54.240 x 1,0998 (De voor het aj. 1993 geldende coëfficiënt is hier ook van toepassing voor het aj. 1995 (zie nr. 8 hiervoor). = 59.653,15 F 3. daar het cijfer van de tienden (nl. 1) lager is dan 5, moet het bedrag op 59.653 F worden afgerond. D. Bedragen van toepassing voor het aj. 1995
10. Inzake belastingverminderingen voor alternatieve beroepsinkomsten zijn de voor het aj. 1995 toepasselijke bedragen dezelfde als die welke voor het aj. 1994 van toepassing waren. Zij zullen in een afzonderlijke circulaire worden verduidelijkt.
V. INWERKINGTREDING
Krachtens art. 29, § 1, 1°, W 30.3.1994, treden de door art. 14 van dezelfde wet aan art. 178, WIB 92 gebrachte wijzigingen in werking met ingang van het aj. 1995.
NAMENS DE MINISTER :Voor de Directeur-generaal :De Auditeur-generaal,
M. CHERPION.
Bron: FisconetPlus
