Circulaire nr. Ci.RH.241/600.627 (AOIF Nr. 45/2009) d.d. 28.09.2009
Personenbelasting.
Beroepsinkomen.
Niet-belastbaar inkomen.
Financiële tegemoetkoming aan onthaalouders.
Subsidie.
Fiscale kwalificatie tegemoetkoming in de kosten m.b.t. brandveiligheidsmaatregelen en de beveiliging van de toegang tot de kinderopvangvoorziening indien deze worden toegekend aan onthaalouders die verbonden zijn aan een dienst voor onthaalouders die erkend is en gesubsidieerd wordt door Kind en Gezin.
Aan alle ambtenaren.
1. Onderhavige circulaire bespreekt de fiscale kwalificatie die moet worden verbonden aan de hierna vermelde tegemoetkomingen, indien deze worden toegekend aan onthaalouders die verbonden zijn aan een dienst voor onthaalouders die erkend is en gesubsidieerd wordt door Kind en Gezin:
- een eenmalige forfaitaire subsidie van 212 EUR toegekend als tegemoetkoming in de kosten van te nemen brandveiligheidsmaatregelen overeenkomstig artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2008 betreffende de toekenning van een eenmalige forfaitaire subsidie voor informatisering aan initiatieven voor preventieve gezinsondersteuning en de toekenning van een forfaitaire subsidie voor brandveiligheid aan kinderopvanginitiatieven;
- een eenmalige financiële tegemoetkoming van maximaal 500 EUR in de kosten met betrekking tot de beveiliging van de toegang tot de kinderopvangvoorziening als bedoeld in artikel 2 en 3, 9° van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 mei 2009 houdende de beveiliging van de toegang bij kinderopvangvoorzieningen.
2. Voormelde forfaitaire subsidie van 212 EUR alsmede de financiële tegemoetkoming van maximaal 500 EUR dienen om daadwerkelijke uitgaven te dekken die worden gedaan met het oog op het verhogen van de veiligheid van de kinderen die worden opgevangen.
3. In dergelijke omstandigheden moeten de beoogde forfaitaire subsidie inzake brandbeveiliging en de financiële tegemoetkoming inzake toegangsbeveiliging ten name van de onthaalouders die verbonden zijn aan een dienst voor onthaalouders die erkend is en gesubsidieerd wordt door Kind en Gezin NIET als een belastbaar beroepsinkomen worden aangemerkt.
4. Gelet op het feit dat noch de vergoedingen per plaatsingsdag en per kind, noch de hiervoor bedoelde forfaitaire subsidie en financiële tegemoetkoming een belastbaar inkomen uitmaken voor voormelde onthaalouders, wordt volledigheidshalve nog aangestipt dat de kosten verbonden aan het nemen van brandveiligheidsmaatregelen en de beveiliging van de toegang tot de kinderopvangvoorziening die de voornoemde onthaalouders maken bij hen niet aftrekbaar zijn als beroepskost.
5. Tot slot wordt nog opgemerkt dat onderhavige bepalingen uitsluitend betrekking hebben op de onthaalouders die verbonden zijn aan een dienst voor onthaalouders die erkend is en gesubsidieerd wordt door Kind en Gezin en enkel gelden voor de hiervoor bedoelde subsidie en tegemoetkoming. De bepalingen van deze circulaire mogen niet zonder meer op andere toekomstige tegemoetkomingen of subsidies worden toegepast. Er zal dus steeds op basis van de wettelijke of reglementaire bepalingen die dergelijke tegemoetkomingen of subsidies invoeren, moeten worden nagegaan of zij al dan niet een belastbaar beroepsinkomen bij de verkrijger uitmaken.
Die evaluatie zal in principe gebeuren door de directies I/5A en B van de centrale diensten van de AOIF.
Voor de Administrateur
Kleine en Middelgrote Ondernemingen :
De Directeur,
S. QUINTENS
