Circulaire nr. AFZ/2000-1771 van 12.03.2001

Bull. nr. 813, pag. 745

AANVULLENDE CRISISBIJDRAGE

Afschaffing van de ACB

Aanvullende crisisbijdrage op de BNI/nat.pers.

Aanvullende crisisbijdrage op de PB

Berekening van de ACB

Vermindering van de ACB

VOORAFBETALING

Berekening van de bonificatie

Berekening van de vermeerdering

Eerste commentaar op de wet van 12 augustus 2000 tot geleidelijke afschaffing van de aanvullende crisisbijdrage op de inkomsten van de natuurlijke personen.

Aan al de ambtenaren van de niveaus 1, 2+ en 2 van de Administratie van fiscale zaken, van de Administratie van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit (sector directe belastingen), van de Administratie van de directe belastingen en van de Administratie van de bijzondere belastinginspectie.

Hierna volgt een eerste commentaar op de bepalingen van de wet van 12 augustus 2000 tot geleidelijke afschaffing van de aanvullende crisisbijdrage op de inkomsten van de natuurlijke personen (BS 26.9.2000, err. BS 21.12.2000 - V 2858, Bull. 809).

NAMENS DE MINISTER:

De Adjunct-administrateur-generaal

van de belastingen,

Jean-Marc DELPORTE

INHOUDSTAFEL

Nrs.

I. WETTEKST W 12.08.2000 tot geleidelijke afschaffing van de aanvullende crisisbijdrage op de inkomsten van de natuurlijke personen

1

II. AANVULLENDE CRISISBIJDRAGE

Algemeen

2

Gezamenlijk belastbaar inkomen

3

Aanslagjaar 2002

4 en 5

Aanslagjaar 2003

6

Vermeerdering ingevolge geen of ontoereikende voorafbetalingen en bonificaties voor voorafbetalingen - aanslagjaren 2002 en 2003

7

Aanslagjaar 2004 en volgende

8

I. WETTEKST

W. 12.08.2000 tot geleidelijke afschaffing van de aanvullende crisisbijdrage op de inkomsten van de natuurlijke personen

...

1. Artikel 1. Deze wet regelt een door artikel 78 van de Grondwet beoogde aangelegenheid.

Art. 2. In afwijking van artikel 463bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de wet van 22 juli 1993 en gewijzigd bij de wetten van 30 maart 1994, 21 december 1994, 20 december 1995, 22 december 1998 en 4 mei 1999, wordt het tarief van de aanvullende crisisbijdrage met betrekking tot de personenbelasting en, voor de in artikel 227, 1°, van hetzelfde Wetboek bedoelde belastingplichtigen, met betrekking tot de belasting van niet-inwoners, verminderd:

1° voor het aanslagjaar 2002:

a) wanneer het gezamenlijk belastbaar inkomen 800.000 frank niet overschrijdt: tot 0 pct;

b) voor een gezamenlijk belastbaar inkomen van 800.001 frank tot 850.000 frank: tot een percentage gelijk aan het product van 1 pct met de verhouding tussen enerzijds het verschil van het gezamenlijk belastbaar inkomen en 800.000 frank en anderzijds 50.000 frank;

c) voor een gezamenlijk belastbaar inkomen van 850.001 frank tot 1.200.000 frank: tot 1 pct;

d) voor een gezamenlijk belastbaar inkomen van 1.200.001 frank tot 1.250.000 frank: tot een percentage gelijk aan 1 pct verhoogd met het product van 1 pct met de verhouding tussen enerzijds het verschil van het gezamenlijk belastbaar inkomen en 1.200.000 frank en anderzijds 50.000 frank;

e) wanneer het gezamenlijk belastbaar inkomen 1.250.000 frank overschrijdt: tot 2 pct;

2° voor het aanslagjaar 2003:

a) wanneer het gezamenlijk belastbaar inkomen 1.200.000 frank niet overschrijdt: tot 0 pct;

b) voor een gezamenlijk belastbaar inkomen van 1.200.001 frank tot 1.250.000 frank: tot een percentage gelijk aan het produkt van 1 pct met de verhouding tussen enerzijds het verschil van het gezamenlijk belastbaar inkomen en 1.200.000 frank en anderzijds 50.000 frank;

c) wanneer het gezamenlijk belastbaar inkomen 1.250.000 frank overschrijdt: tot 1 pct.

Het percentage van 109, vermeld in artikel 463bis, § 2, 2°, van hetzelfde Wetboek, wordt verminderd tot 106 voor de aanslagjaren 2002 en 2003.

Art. 3. Artikel 463bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de wet van 22 juli 1993 en gewijzigd bij de wetten van 30 maart 1994, 21 december 1994, 20 december 1995, 22 december 1998 en 4 mei 1999, wordt vervangen door de volgende bepaling:

"Art. 463bis. - § 1. Als aanvullende crisisbijdrage worden uitsluitend in het voordeel van de Staat, 3 opcentiemen gevestigd:

1° op de vennootschapsbelasting, op de rechtspersonenbelasting voor rechtspersonen vermeld in artikel 220, 2° en 3°, en, voor de in artikel 227, 2° en 3° beoogde belastingplichtigen met uitzondering van de vreemde Staten en hun staatkundige onderdelen en plaatselijke gemeenschappen, op de belasting van niet-inwoners met inbegrip van de afzonderlijke aanslagen vermeld in de artikelen 219, 219bis en 246, eerste lid, 2°: de aanvullende crisisbijdragen worden berekend op die belastingen vastgesteld:

- vóór verrekening van de voorafbetalingen vermeld in de artikelen 218, 226 en 246, eerste lid, 1°, en tweede lid, van de voorheffingen, van het forfaitair gedeelte van buitenlandse belasting en van het belastingkrediet vermeld in de artikelen 277 tot 296;

- vóór toepassing van de vermeerdering ingeval geen of ontoereikende voorafbetalingen als vermeld in het eerste streepje zijn gedaan;

2° op de belasting met betrekking tot sommige meerwaarden verwezenlijkt door de in artikel 227, 3° beoogde belastingplichtigen, gevestigd en ingevorderd overeenkomstig artikel 301.

De aanvullende crisisbijdragen worden gelijkgesteld met de belasting of de voorheffing waarop zij worden berekend. De in de artikelen 218, 226 en 246, eerste lid, 1°, en tweede lid, 270 tot 275 vermelde bepalingen inzake voorafbetalingen en bedrijfsvoorheffing zijn daarop van toepassing voor zover die bepalingen van toepassing zijn op de belasting of de voorheffing die tot grondslag ervan dient.

De aanvullende crisisbijdragen zijn niet als beroepskosten aftrekbaar indien de belasting of de voorheffing waarop zij worden berekend niet als beroepskosten wordt aangemerkt.

§ 2. Voor de toepassing van § 1, eerste lid, 1° en tweede lid:

1° worden de in artikel 58 vermelde forfaitaire aanslagvoeten en het minimum van 20 % verhoogd met 3 opcentiemen;

2° in artikel 218, tweede lid, niet van toepassing voor zover het artikel 165 betreft; het in artikel 165 bedoelde percentage van 106 wordt evenwel tot 103 verminderd;

3° wordt in artikel 304 als belasting verstaan, de vennootschapsbelasting, de rechtspersonenbelasting en, voor de in artikel 227, 2° en 3° beoogde belastingplichtigen met uitzondering van de vreemde Staten en hun staatkundigen onderdelen en plaatselijke gemeenschappen, de belasting van niet-inwoners, verhoogd met de aanvullende crisisbijdragen".

Art. 4. Artikel 3 treedt in werking vanaf aanslagjaar 2004.

...

II. AANVULLENDE CRISISBIJDRAGE

ALGEMEEN

2. Met artikel 3, W 24.12.1999 houdende fiscale en diverse bepalingen (W 24.12.99; BS 31.12.1999, Ed. 2 - V 2791, Bull. 801), is een aanvang gemaakt met de geleidelijke afbouw van de aanvullende crisisbijdrage (ACB) van 3 %. Die wet heeft alleen betrekking op de laagste inkomens en de anj. 2000 en 2001, inkomsten van 1999 en 2000.

Voor de eerste commentaar op deze wet wordt verwezen naar de circ. van 1.8.2000, nr AFZ/2000-0390, Bull. 807.

De afbouw van de ACB door art. 2 van de W 12.8.2000 tot geleidelijke afschaffing van de aanvullende crisisbijdrage op de inkomsten van de natuurlijke personen (W 12.8.2000) voor de ajn 2002 en 2003 gebeurt volgens dezelfde principes als die welke zijn toegepast voor de ajn 2000 en 2001.

GEZAMENLIJK BELASTBAAR INKOMEN

3. Aan de notie "gezamenlijk belastbaar inkomen" moet zowel voor de toepassing van art. 3, W 24.12.1999 als voor de toepassing van art. 2, W 12.8.2000 dezelfde inhoud worden gegeven.

Het gaat bijgevolg om het belastbare inkomen zoals bepaald in art. 6, eerste lid, WIB 92, met uitsluiting van de overeenkomstig art. 171, WIB 92, afzonderlijk belastbare inkomsten.

Voor echtgenoten wordt, in samenlezing met art. 127, WIB 92, met gezamenlijk belastbaar inkomen bedoeld, het totale netto-inkomen verminderd met de afzonderlijk belastbare inkomsten van beide echtgenoten.

AANSLAGJAAR 2002

4. Voor het aj. 2002 gelden de volgende regels:

1° wanneer het gezamenlijk belastbaar inkomen 800.000 BEF niet overschrijdt, bedraagt de ACB 0 % in plaats van 3 %, zoals vermeld in art. 463bis, WIB 92;

2° voor een gezamenlijk belastbaar inkomen van 800.001 BEF tot 850.000 BEF is de ACB gelijk aan een percentage dat overeenstemt met het produkt van 1 % met de verhouding tussen enerzijds het verschil van het gezamenlijk belastbaar inkomen en 800.000 BEF en anderzijds 50.000 BEF;

3° voor een gezamenlijk belastbaar inkomen van 850.001 BEF tot 1.200.000 BEF bedraagt de ACB 1 %;

4° voor een gezamenlijk belastbaar inkomen van 1.200.001 BEF tot 1.250.000 BEF is de ACB gelijk aan 1 % verhoogd met het produkt van 1 % met de verhouding tussen enerzijds het verschil van het gezamenlijk belastbaar inkomen en 1.200.000 BEF en anderzijds 50.000 BEF;

5° wanneer het gezamenlijk belastbaar inkomen 1.250.000 BEF overschrijdt is de ACB gelijk aan 2 %.

5. Voorbeeld:

Gezamenlijk belastbaar inkomen = 1.225.000 BEF

Aanvullende crisisbijdrage

= 1 % ((1.225.000 - 1.200.000)/50.000) x 1 %

= 1 % + (25.000/50.000) x 1 %

= 1 % + 0,5 % = 1,5 % (in plaats van 3 %, zoals vermeld in art. 463bis, WIB 92).

AANSLAGJAAR 2003

6. Voor het aanslagjaar 2003 gelden de volgende regels:

1° wanneer het gezamenlijk belastbaar inkomen 1.200.000 BEF niet overschrijdt, bedraagt de ACB 0 %;

2° voor een gezamenlijk belastbaar inkomen van 1.200.001 BEF tot 1.250.000 BEF is de ACB gelijk aan een percentage dat overeenstemt met het produkt van 1 % met de verhouding tussen enerzijds het verschil van het gezamenlijk belastbaar inkomen en 1.200.000 BEF en anderzijds 50.000 BEF;

3° wanneer het gezamenlijk belastbaar inkomen 1.250.000 BEF overschrijdt is de ACB gelijk aan 1 %.

VERMEERDERING INGEVOLGE GEEN OF ONTOEREIKENDE VOORAFBETALINGEN EN BONIFICATIES VOOR VOORAFBETALINGEN - AANSLAGJAREN 2002 EN 2003

7. Voor de berekening van de vermeerdering ingevolge geen of ontoereikende voorafbetalingen (art. 165, WIB 92) en de bonificaties voor voorafbetalingen (art. 175, WIB 92) wordt de basisbelasting die door art. 463bis, § 2, 2°, WIB 92, tot 109 % is verhoogd, voor de ajn 2002 en 2003 teruggebracht tot 106 % (art. 2, tweede lid, W. 12.8.2000 - art. 463bis, WIB 92).

AANSLAGJAAR 2004 EN VOLGENDE

8. Art. 463bis, WIB 92, is zodanig herschreven dat de ACB vanaf aj. 2004 niet langer van toepassing is op de PB en de BNI/nat.pers. als bedoeld in art. 227, 1°, WIB 92 (zie art. 3 en 4, W 12.8.2000).