Aanschrijving nr. 108 dd. 06.07.1971
AANSCHRIJVING 71/108
Aanschrijving nr. 108 dd. 06.07.1971
BTW.
Parels en edelstenen.
1. Artikel 42, § 3, van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde stelt van de belasting vrij :
Onderhavige aanschrijving heeft tot doel de draagwijdte van die vrijstelling te bepalen.
Vrijgestelde goederen.
2. De echte parels, natuurlijke edelstenen en dergelijke, die van de vrijstelling genieten, zijn enkel deze ingedeeld onder de posten 71.01, 71.02, 71.03 en 71.04 van het Tarief van invoerrechten.
Het gaat over :
a) echte parels en gekweekte parels, onbewerkt of bewerkt, gevat noch gezet, ook indien aaneengeregen met het oog op het vervoer, doch niet in stellen (z. § 87 van de aanschr. van 24 november 1970, nr. 79).
De bewerkte parels zijn deze die zijn bijgewerkt, gepolijst, gezaagd of doorboord;
b) natuurlijke edelstenen (halfedelstenen daaronder begrepen), onbewerkt, geslepen of op andere wijze bewerkt, gevat noch gezet, ook indien aaneengeregen met het oog op het vervoer, doch niet in stellen (z. § 88 van de aanschr. van 24 november 1970, nr. 79).
De hier beoogde natuurlijke edelstenen zijn deze die onbewerkt zijn of welke een bewerking hebben ondergaan zoals : zagen, kloven, snijden (grof slijpen als voorbewerking tot het polijsten), slijpen en polijsten of brillanderen (slijpen van facetten of anderszins). graveren (cameëen of verheven gesneden stenen, en intaglio's of verdiept gesneden stenen daaronder begrepen), vervaardigen van doubletten, doorboren, uithollen, enz., voor zover ze niet zijn gevat en niet zijn gezet
De stenen, welke zijn geslepen of anderszins bewerkt kunnen aaneengeregen worden met het oog op het vervoer, mits zij geen stellen vormen en voor zover zodoende geen artikel wordt verkregen dat als zodanig kan dienen als sieraad,
c) synthetische of gereconstrueerde edelstenen of halfedelstenen, onbewerkt, geslepen of op andere wijze bewerkt, gevat noch gezet, ook indien aaneengeregen met het oog op het vervoer, doch niet in stellen (z. § 88 van de aanschr. van 24 november 1970, nr. 79).
De beschikkingen hiervoor genomen onder letter b zijn van toepassing op de synthetische of de gereconstrueerde edelstenen of halfedelstenen;
d) poeder en stof, van natuurlijke of van synthetische edelstenen of halfedelstenen (z. § 88 van de aanschr. van 24 november 1970, nr. 79).
Zijn hieronder begrepen de poedervormige produkten, welke ongeschikt zijn om te dienen bij de vervaardiging van juwelen, en welke ontstaan bij het polijsten of het breken van de natuurlijke, synthetische of gereconstrueerde edelstenen of halfedelstenen. Deze produkten worden gebruikt als slijppoeders, in het bijzonder voor het polijsten (of slijpen) en het graveren van de hardste soorten van edelstenen, voor de vervaardiging van slijp- en polijststenen en voor het bezetten van de snijkanten van sommige gereedschappen.
Niet vrijgestelde goederen.
3. De echte parels en natuurlijke edelstenen die niet zijn opgesomd in de vier onder nummer 2 genoemde afdelingen, zijn niet beoogd bij artikel 42, § 3, van het Wetboek en kunnen niet genieten van de vrijstelling.
Worden bedoeld :
Rechthebbenden op de vrijstelling.
4. Enkel de personen die Uitsluitend handelaar zijn in echte parels, natuurlijke edelstenen en dergelijke, genoemd onder nummer 2, genieten van de vrijstelling van de belasting voor de levering van goederen aan hun gedaan, voor de invoer van die goederen die zij verrichten en de met betrekking tot die goederen aan die personen verstrekte diensten.
Worden beoogd, de personen wiens activiteit uitsluitend bestaat uit het aankopen van de bedoelde goederen om ze te verkopen hetzij in dezelfde staat, hetzij na ze een handelsbewerking te hebben doen ondergaan die ze rangschikt in de afdelingen van de letters a, b en c van nummer 2 van onderhavige aanschrijving. De "fabrikant" van diamant, t.t.z. de persoon die diamant aankoopt en verkoopt na ze geslepen te hebben of na ze in maakloon te hebben laten slijpen, wordt bijgevolg beschouwd als handelaar in edelstenen.
5. De Administratie neemt aan dat de personen wiens activiteit uitsluitend bestaat in vrijgestelde dienstverrichtingen beoogd onder nummer 7 hierna, eveneens kunnen worden aangemerkt als rechthebbenden op de vrijstelling en dat zij bijgevolg met vrijstelling van de belasting poeder en stof, van natuurlijke of van synthetische edelstenen of halfedelstenen kunnen aankopen welke zij gebruiken als hulpmaterialen in de vrijgestelde dienstverrichtingen.
6. Anderzijds wordt er aangenomen dat de persoon die handel drijft in parels en niet gezette stenen, benevens deze activiteit en zonder het voordeel van de vrijstelling te verliezen, een andere werkzaamheid mag uitoefenen op voorwaarde evenwel dat deze geen betrekking heeft op echte parels en natuurlijke edelstenen. Zo, bijvoorbeeld, mag een handelaar in diamant of een diamantfabrikant geen juwelier (handelaar of fabrikant) zijn of mag hij zich niet bezighouden met het vatten of zetten van parels en natuurlijke edelstenen in bijouterieën of andere voorwerpen.
Vrijgestelde dienstverrichtingen.
7. Artikel 42, § 3, 3° van het Wetboek, stelt van de belasting vrij, de diensten die betrekking hebben op goederen genoemd onder nummer 2, die worden verstrekt aan personen die uitsluitend handelaar zijn in die goederen. Opdat de vrijstelling van toepassing zou zijn is het niet voldoende dat de dienst wordt verstrekt aan een persoon die uitsluitend handelaar is in echte parels, natuurlijke edelstenen en dergelijke. Er wordt bovendien vereist dat de dienst betrekking heeft op die goederen.
De hier beoogde diensten zijn deze die bestaan uit een intellectueel of materieel werk dat betrekking heeft op echte parels en natuurlijke, synthetische of gereconstrueerde edelstenen of halfedelstenen, werk waardoor ze behoren tot de afdelingen genoemd onder de letters a, b en c van nummer 2.
Het gaat hoofdzakelijk over de expertise, de commissie, het sorteren (rangschikken), het slijpen, het zagen, het kloven, het snijden (grof slijpen als voorbewerking tot het polijsten), het slijpen en het polijsten of brillanderen (slijpen van facetten of anderszins), het graveren (cameeën of verheven gesneden stenen, en intaglio's of verdiept gesneden stenen daaronder begrepen), het vervaardigen van doubletten, het doorboren, het uithollen, enz., voor zover de parels en stenen niet zijn gevat, niet zijn gezet en niet zijn gesteld.
Verhuren van slijpmolens of van zaagmachines.
8. Het verhuren van slijpmolens of van zaagmachines vindt gewoonlijk plaats in het kader van een geheel van prestaties waarbij een persoon (de verhuurder) een andere (de huurder) in de gelegenheid stelt zijn beroep uit te oefenen. De verhuurder stelt niet alleen een werkhuis ter beschikking maar ook trillingvrije funderingen of onderstellen voor molens of zaagmachines, hij levert drijfkracht, verlichting, verwarming, zorgt voor het schoonmaken van het werkhuis, enz.
Die prestaties vormen een dienst bedoeld in artikel 18, § 1, van het Wetboek van de BTW. Vermits die dienst geen betrekking heeft op parels en edelstenen is hij niet vrijgesteld op grond van artikel 42, § 3, 3°, van het Wetboek. Hetzelfde geldt voor het "schuren" van de schijven van slijpmolens.
9. De in nummer 8 bedoelde prestaties worden geleverd niet alleen aan belastingplichtigen, maar dikwijls ook aan werklieden gebonden door een arbeidscontract. Die werklieden zijn gewoonlijk eigenaar van de schijf en van de dop die hoofdbestanddelen van de slijpapparaten zijn. Zij moeten voor eigen rekening die slijpschijf laten "schuren".
Om de werklieden, die geen belastingplichtigen zijn en geen BTW in aftrek kunnen brengen, niet te benadelen ten opzichte van belastingplichtige slijpers en zagers, neemt de Administratie aan dat voor de in nummer 8 bedoelde prestaties door de dienstverrichter aan de werklieden geen BTW in rekening dient te worden gebracht. Omdat het anderdeels voor de persoon die de diensten presteert dikwijls moeilijk is te onderscheiden of zijn medecontractant een werkman of een belastingplichtige slijper of zager is, mag dezelfde oplossing gevolgd worden wanneer de bedoelde prestaties aan een belastingplichtige slijper of zager worden gefactureerd. Wanneer de persoon welke die diensten verricht geen andere met BTW belastbare handelingen stelt mag hij als een niet-belastingplichtige worden beschouwd. Wanneer hij voorbelasting in aftrek wil brengen moet hij de verplichtingen van een belastingplichtige naleven en onder meer periodisch een aangifte indienen.
10. De vrijstelling van artikel 42, § 3, van het Wetboek en de tegemoetkomingen vervat in nummer 9 zijn niet toepasselijk op de levering van slijpmolens en zaagmachines en van onderdelen daarvan.
Formaliteiten
Levering van goederen.
11. De aan de koper uitgereikte factuur, die de levering vaststelt, moet een verwijzing bevatten naar de bestelbon en de vermelding "Vrijstelling van de BTW. Artikel 42, § 3, van het Wetboek. Aanschrijving nr. 108/1971".
Bij de invoer wordt er gebruik gemaakt van een document 45B dat, benevens de beschrijving van de ingevoerde goederen, de hoedanigheid van de invoerder aangeeft en dat vermeldt "Vrijstelling van de BTW. Artikel 42, § 3, van het Wetboek. Aanschrijving nr. 108/1971".
Dienstverrichtingen.
12. De door de dienstverrichter uitgereikte factuur moet een verwijzing bevatten naar de bestelbon en de vermelding "Vrijstelling van de BTW. Artikel 42, § 3, 3°, van het Wetboek. Aanschrijving nr. 108/1971".
Aanschrijving nr. 108 dd. 06.07.1971
BTW.
Parels en edelstenen.
1. Artikel 42, § 3, van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde stelt van de belasting vrij :
| 1° | de levering van echte parels, natuurlijke edelstenen en dergelijke, aan personen die uitsluitend handelaar in die goederen zijn; |
| 2° | de invoer van die goederen door de genoemde personen; |
| 3° | de met betrekking tot die goederen aan dezelfde personen verstrekte diensten. |
Vrijgestelde goederen.
2. De echte parels, natuurlijke edelstenen en dergelijke, die van de vrijstelling genieten, zijn enkel deze ingedeeld onder de posten 71.01, 71.02, 71.03 en 71.04 van het Tarief van invoerrechten.
Het gaat over :
a) echte parels en gekweekte parels, onbewerkt of bewerkt, gevat noch gezet, ook indien aaneengeregen met het oog op het vervoer, doch niet in stellen (z. § 87 van de aanschr. van 24 november 1970, nr. 79).
De bewerkte parels zijn deze die zijn bijgewerkt, gepolijst, gezaagd of doorboord;
b) natuurlijke edelstenen (halfedelstenen daaronder begrepen), onbewerkt, geslepen of op andere wijze bewerkt, gevat noch gezet, ook indien aaneengeregen met het oog op het vervoer, doch niet in stellen (z. § 88 van de aanschr. van 24 november 1970, nr. 79).
De hier beoogde natuurlijke edelstenen zijn deze die onbewerkt zijn of welke een bewerking hebben ondergaan zoals : zagen, kloven, snijden (grof slijpen als voorbewerking tot het polijsten), slijpen en polijsten of brillanderen (slijpen van facetten of anderszins). graveren (cameëen of verheven gesneden stenen, en intaglio's of verdiept gesneden stenen daaronder begrepen), vervaardigen van doubletten, doorboren, uithollen, enz., voor zover ze niet zijn gevat en niet zijn gezet
De stenen, welke zijn geslepen of anderszins bewerkt kunnen aaneengeregen worden met het oog op het vervoer, mits zij geen stellen vormen en voor zover zodoende geen artikel wordt verkregen dat als zodanig kan dienen als sieraad,
c) synthetische of gereconstrueerde edelstenen of halfedelstenen, onbewerkt, geslepen of op andere wijze bewerkt, gevat noch gezet, ook indien aaneengeregen met het oog op het vervoer, doch niet in stellen (z. § 88 van de aanschr. van 24 november 1970, nr. 79).
De beschikkingen hiervoor genomen onder letter b zijn van toepassing op de synthetische of de gereconstrueerde edelstenen of halfedelstenen;
d) poeder en stof, van natuurlijke of van synthetische edelstenen of halfedelstenen (z. § 88 van de aanschr. van 24 november 1970, nr. 79).
Zijn hieronder begrepen de poedervormige produkten, welke ongeschikt zijn om te dienen bij de vervaardiging van juwelen, en welke ontstaan bij het polijsten of het breken van de natuurlijke, synthetische of gereconstrueerde edelstenen of halfedelstenen. Deze produkten worden gebruikt als slijppoeders, in het bijzonder voor het polijsten (of slijpen) en het graveren van de hardste soorten van edelstenen, voor de vervaardiging van slijp- en polijststenen en voor het bezetten van de snijkanten van sommige gereedschappen.
Niet vrijgestelde goederen.
3. De echte parels en natuurlijke edelstenen die niet zijn opgesomd in de vier onder nummer 2 genoemde afdelingen, zijn niet beoogd bij artikel 42, § 3, van het Wetboek en kunnen niet genieten van de vrijstelling.
Worden bedoeld :
- glazen parels en onechte parels, onderworpen aan het tarief van 18 pct.,
- paarlemoer, onbewerkt of enkel gezaagd en bewerkt paarlemoer, onderworpen aan het tarief van 18 pct.
- natuurlijke of gekweekte edelstenen, gevat en gezet en de collecties van aaneengeregen parels, die artikelen zijn van bijouterieën of edelsmidswerk of werken van echte parels, onderworpen aan het tarief van 25 pct.;
- natuurlijke, synthetische of gereconstrueerde edelstenen en halfedelstenen, gevat of gezet of aaneengeregen in collecties gebezigd als sieraad, onderworpen aan het tarief van 25 pct.;
- bewerkte edelstenen en bewerkte halfedelstenen, waarvan kan worden onderkend dat zij delen zijn van meters, meetinstrumenten en uurwerken, onderworpen aan het tarief van 18 pct.;
- edelstenen en halfedelstenen verwerkt tot gebruiksartikelen, die belastbaar zijn tegen het tarief van 25 pct., uitgezonderd de artikelen voor technisch gebruik (mortieren, stampers, spatels, ringen voor werphengsels, enz.) die onderworpen zijn aan het tarief van 18 pct.;
- saffieren (naalden) voor grammofonen en andere apparaten voor het opnemen en het weergeven van geluid, onderworpen aan het tarief van 25 pct.;
- kunstkorund in poedervorm, onderworpen aan het tarief van 18 pct.
Rechthebbenden op de vrijstelling.
4. Enkel de personen die Uitsluitend handelaar zijn in echte parels, natuurlijke edelstenen en dergelijke, genoemd onder nummer 2, genieten van de vrijstelling van de belasting voor de levering van goederen aan hun gedaan, voor de invoer van die goederen die zij verrichten en de met betrekking tot die goederen aan die personen verstrekte diensten.
Worden beoogd, de personen wiens activiteit uitsluitend bestaat uit het aankopen van de bedoelde goederen om ze te verkopen hetzij in dezelfde staat, hetzij na ze een handelsbewerking te hebben doen ondergaan die ze rangschikt in de afdelingen van de letters a, b en c van nummer 2 van onderhavige aanschrijving. De "fabrikant" van diamant, t.t.z. de persoon die diamant aankoopt en verkoopt na ze geslepen te hebben of na ze in maakloon te hebben laten slijpen, wordt bijgevolg beschouwd als handelaar in edelstenen.
5. De Administratie neemt aan dat de personen wiens activiteit uitsluitend bestaat in vrijgestelde dienstverrichtingen beoogd onder nummer 7 hierna, eveneens kunnen worden aangemerkt als rechthebbenden op de vrijstelling en dat zij bijgevolg met vrijstelling van de belasting poeder en stof, van natuurlijke of van synthetische edelstenen of halfedelstenen kunnen aankopen welke zij gebruiken als hulpmaterialen in de vrijgestelde dienstverrichtingen.
6. Anderzijds wordt er aangenomen dat de persoon die handel drijft in parels en niet gezette stenen, benevens deze activiteit en zonder het voordeel van de vrijstelling te verliezen, een andere werkzaamheid mag uitoefenen op voorwaarde evenwel dat deze geen betrekking heeft op echte parels en natuurlijke edelstenen. Zo, bijvoorbeeld, mag een handelaar in diamant of een diamantfabrikant geen juwelier (handelaar of fabrikant) zijn of mag hij zich niet bezighouden met het vatten of zetten van parels en natuurlijke edelstenen in bijouterieën of andere voorwerpen.
Vrijgestelde dienstverrichtingen.
7. Artikel 42, § 3, 3° van het Wetboek, stelt van de belasting vrij, de diensten die betrekking hebben op goederen genoemd onder nummer 2, die worden verstrekt aan personen die uitsluitend handelaar zijn in die goederen. Opdat de vrijstelling van toepassing zou zijn is het niet voldoende dat de dienst wordt verstrekt aan een persoon die uitsluitend handelaar is in echte parels, natuurlijke edelstenen en dergelijke. Er wordt bovendien vereist dat de dienst betrekking heeft op die goederen.
De hier beoogde diensten zijn deze die bestaan uit een intellectueel of materieel werk dat betrekking heeft op echte parels en natuurlijke, synthetische of gereconstrueerde edelstenen of halfedelstenen, werk waardoor ze behoren tot de afdelingen genoemd onder de letters a, b en c van nummer 2.
Het gaat hoofdzakelijk over de expertise, de commissie, het sorteren (rangschikken), het slijpen, het zagen, het kloven, het snijden (grof slijpen als voorbewerking tot het polijsten), het slijpen en het polijsten of brillanderen (slijpen van facetten of anderszins), het graveren (cameeën of verheven gesneden stenen, en intaglio's of verdiept gesneden stenen daaronder begrepen), het vervaardigen van doubletten, het doorboren, het uithollen, enz., voor zover de parels en stenen niet zijn gevat, niet zijn gezet en niet zijn gesteld.
Verhuren van slijpmolens of van zaagmachines.
8. Het verhuren van slijpmolens of van zaagmachines vindt gewoonlijk plaats in het kader van een geheel van prestaties waarbij een persoon (de verhuurder) een andere (de huurder) in de gelegenheid stelt zijn beroep uit te oefenen. De verhuurder stelt niet alleen een werkhuis ter beschikking maar ook trillingvrije funderingen of onderstellen voor molens of zaagmachines, hij levert drijfkracht, verlichting, verwarming, zorgt voor het schoonmaken van het werkhuis, enz.
Die prestaties vormen een dienst bedoeld in artikel 18, § 1, van het Wetboek van de BTW. Vermits die dienst geen betrekking heeft op parels en edelstenen is hij niet vrijgesteld op grond van artikel 42, § 3, 3°, van het Wetboek. Hetzelfde geldt voor het "schuren" van de schijven van slijpmolens.
9. De in nummer 8 bedoelde prestaties worden geleverd niet alleen aan belastingplichtigen, maar dikwijls ook aan werklieden gebonden door een arbeidscontract. Die werklieden zijn gewoonlijk eigenaar van de schijf en van de dop die hoofdbestanddelen van de slijpapparaten zijn. Zij moeten voor eigen rekening die slijpschijf laten "schuren".
Om de werklieden, die geen belastingplichtigen zijn en geen BTW in aftrek kunnen brengen, niet te benadelen ten opzichte van belastingplichtige slijpers en zagers, neemt de Administratie aan dat voor de in nummer 8 bedoelde prestaties door de dienstverrichter aan de werklieden geen BTW in rekening dient te worden gebracht. Omdat het anderdeels voor de persoon die de diensten presteert dikwijls moeilijk is te onderscheiden of zijn medecontractant een werkman of een belastingplichtige slijper of zager is, mag dezelfde oplossing gevolgd worden wanneer de bedoelde prestaties aan een belastingplichtige slijper of zager worden gefactureerd. Wanneer de persoon welke die diensten verricht geen andere met BTW belastbare handelingen stelt mag hij als een niet-belastingplichtige worden beschouwd. Wanneer hij voorbelasting in aftrek wil brengen moet hij de verplichtingen van een belastingplichtige naleven en onder meer periodisch een aangifte indienen.
10. De vrijstelling van artikel 42, § 3, van het Wetboek en de tegemoetkomingen vervat in nummer 9 zijn niet toepasselijk op de levering van slijpmolens en zaagmachines en van onderdelen daarvan.
Formaliteiten
Levering van goederen.
11. De aan de koper uitgereikte factuur, die de levering vaststelt, moet een verwijzing bevatten naar de bestelbon en de vermelding "Vrijstelling van de BTW. Artikel 42, § 3, van het Wetboek. Aanschrijving nr. 108/1971".
Bij de invoer wordt er gebruik gemaakt van een document 45B dat, benevens de beschrijving van de ingevoerde goederen, de hoedanigheid van de invoerder aangeeft en dat vermeldt "Vrijstelling van de BTW. Artikel 42, § 3, van het Wetboek. Aanschrijving nr. 108/1971".
Dienstverrichtingen.
12. De door de dienstverrichter uitgereikte factuur moet een verwijzing bevatten naar de bestelbon en de vermelding "Vrijstelling van de BTW. Artikel 42, § 3, 3°, van het Wetboek. Aanschrijving nr. 108/1971".
Namens de Minister:
De Directeur-generaal,
C. SCAILTEUR
Bron: FisconetPlus
