Circulaire nr. Ci.D.19/444.905 dd. 05.07.1993

CIRC 05.07.93/1

Circulaire nr. Ci.D.19/444.905 dd. 05.07.1993


Bull. nr. 730, pag. 2129

DEFINITIEF BELAST INKOMEN
Aftrek
Aftrekbaar bedrag

FISCALE EN FINANCIELE BEPALINGEN 1992
Definitief belast inkomen
Vrijgesteld roerend inkomen

VRIJGESTELD ROEREND INKOMEN
Aftrek
Aftrekbaar bedrag


17e aflevering FISCALE EN FINANCIELE BEPALINGEN 1992

Commentaar op de art. 19, 20 en 47, § 2 en § 6, W. 28.07.1992 houdende fiscale en financiële bepalingen (V. 2185 - Bull. 719).

DBI EN VRI


INHOUDSTABEL I. WETTEKSTEN II/201 II. ALGEMEEN II/202 III. INTEREST VAN VOORSCHOTTEN II/203 IV. BEPERKING VAN DE AFTREK VAN DBI EN VRI A. Principes II/206 B. Voorbeeld II/211 C. Inwerkingtreding II/212 I. WETTEKSTEN

W. 28.07.1992

Art. 19

II/201
In artikel 202, 1°, van hetzelfde Wetboek, worden de woorden "van interest van voorschotten toegestaan aan een buitenlandse vennootschap en" geschrapt.

Art. 20

Artikel 205, § 2, van hetzelfde Wetboek, wordt vervangen door de volgende bepaling :

"§ 2. De aftrek ingevolge artikel 202 wordt beperkt tot het bedrag van de winst van het belastbare tijdperk dat overblijft na toepassing van art. 199, verminderd met de kosten en uitgaven die niet als beroepskosten worden aangemerkt, met uitzondering van die vermeld in artikel 198, 1° tot 3° en 7° en de giften die in toepassing van de artikelen 199 en 200 van de winst worden afgetrokken".

Art. 47

...

§ 2. De artikelen ..., 20, ..., treden in werking met ingang van het aanslagjaar 1993.

...

§ 6. De artikelen ... en 19 zijn van toepassing op vanaf 27 maart 1992 betaalde of toegekende interest.

...

II. ALGEMEEN

II/202
De hiernavolgende commentaar heeft uitsluitend betrekking op de wijzigingen die de W. 28.07.1992 heeft aangebracht in het stelsel van de definitief belaste inkomsten (DBI) en de vrijgestelde roerende inkomsten (VRI) en de van toepassing zijn :

  • op de vanaf 27.03.1992 betaalde of toegekende interest van voorschotten;
  • vanaf het aj. 1993, wat betreft de aftrek als DBI en VRI.


Art. 9, W. 28.12.1992 houdende fiscale, financiële en diverse bepalingen (V. 2212 - Bull. 725), dat van toepassing is met ingang van het aj. 1994, heeft ook nog ingrijpende wijzigingen in het DBI- en VRI-stelsel aangebracht. Deze wijzigingen zullen evenwel later worden gecommentarieerd.

III. INTEREST VAN VOORSCHOTTEN

II/203
Met ingang van het aj. 1992 kon interest van voorschotten, toegestaan aan personenvennootschappen (andere dan erkende CV), nog slechts voor aftrek als DBI in aanmerking komen indien deze voorschotten waren toegestaan aan een in België aan de inkomstenbelasting onderworpen vennootschap (zie nr. 10, circ. 30.03.1993, Ci.RH.421/446.265 - Bull. 727).

II/204
Art. 1, W. 28.07.1992 heeft art. 18, eerste lid, 3°, WIB 92 gewijzigd in die zin dat de gelijkstelling van interest van voorschotten met dividenden veralgemeend werd tot de voorschotten verleend aan kapitaalvennootschappen, maar waarbij tevens bepaalde nieuwe voorwaarden en begrenzingen werden ingevoerd (zie de nrs. I/3 e.v. van deze circ.).

Luidens het tweede lid van voormeld art. 18 worden als "voorschotten" (waarvan de interesten voor herkwalificatie als dividenden in aanmerking kunnen komen) beschouwd, bepaalde vorderingen van een bestuurder van een kapitaalvennootschap of van een vennoot van een personenvennootschap (of eventueel van hun echtgenoot of kinderen), met uitsluiting evenwel van inzonderheid de vorderingen in het bezit van bestuurders en vennoten die in art. 179, WIB 92 vermelde vennootschappen zijn.

Aangezien interest van dergelijke vorderingen van aan de Ven.B onderworpen vennootschappen niet (meer) als dividend wordt beschouwd, kan hij evenmin als DBI worden afgetrokken.

II/205
Deze maatregel is van toepassing op de vanaf 27.03.1992 betaalde of toegekende interest (art. 47, § 6, W 28.07.1992).

De aandacht wordt er op gevestigd dat de bewuste maatregel reeds voor het aj. 1992 van toepassing kan zijn (zie ook nr. 10, van de voormelde circ. 30.03.1993).

IV. BEPERKING VAN DE AFTREK VAN DBI EN VRI

A. Principes

II/206
Tot het aj. 1992 werd de aftrek van de DBI en de VRI toegepast op de totale winst die overbleef na de toepassing van art. 199, WIB 92 (d.i. na de derde bewerking) en maximaal tot het bedrag van die winst.

II/207
Met ingang van het aj. 1993 wordt deze aftrek beperkt tot het in nr. II/206 bedoelde bedrag, met uitsluiting van bepaalde kosten en uitgaven die niet als beroepskosten worden aangemerkt en die derhalve als VU worden belast.

II/208
Het voormelde art. 205, § 2 bepaalt ter zake dat de beperking niet van toepassing is op de volgende VU :

  • de niet aftrekbare belastingen;
  • de niet aftrekbare waardeverminderingen en minderwaarden op aandelen;
  • de van de winst afgetrokken vrijgestelde giften.


II/209
Daarenboven mag de beperking niet worden toegepast op de volgende bestanddelen die, hoewel ze met de VU onder de belastbare winst worden opgenomen, niet echt de aard hebben van kosten en uitgaven die niet als beroepskosten kunnen worden aangemerkt, met name :

  • de abnormale of goedgunstige voordelen;
  • de terugnemingen van vroeger verleende vrijstellingen.


II/210
M.b.t. de vrijgestelde giften wordt de aandacht erop gevestigd dat de uitzondering niet slaat op het geheel van de giften aan erkende instellingen, maar enkel op het bedrag ervan dat daadwerkelijk van de winst wordt afgetrokken. Er moet dus slechts rekening worden gehouden met het in de derde bewerking afgetrokken bedrag, na de toepassing van de bestaande begrenzingen.

Het is duidelijk dat indien dit bedrag, bij gebrek aan voldoende winst, niet (of slechts gedeeltelijk) kan worden afgetrokken, er uiteraard geen aftrek van DBI of VRI kan worden verricht.

B. Voorbeeld

II/211
Het resultaat op 31.12.1992 van een NV, die haar boekhouding per kalenderjaar voert, bedraagt 124.000.000 F en wordt als volgt verwerkt : - toevoeging aan de reserves 24.000.000 - uitgekeerde dividenden 100.000.000 ----------- - totaal 124.000.000 Om de belastbare winst te bepalen beschikt men over de volgende gegevens : Verworpen uitgaven - niet aftrekbare belastingen 35.000.000 - geldboeten 4.000.000 - niet aftrekbare autokosten 700.000 - sociale voordelen 23.000.000 - liberaliteiten (met inbegrip van een vrijstelbare gift van 12.300.000 F aan een erkende instelling voor wetenschappelijk onderzoek) 23.300.000 - minderwaarden op aandelen 7.000.000 - terugnemingen van vroegere vrijstellingen 3.000.000 ---------- Totaal : 96.000.000 Bedrag van de DBI en de VRI : 218.000.000 F. Vaststelling van het als DBI en VRI aftrekbare bedrag 1e bewerking - aangroei van de reserves : 24.000.000 - VU : 96.000.000 - uitgekeerde dividenden : 100.000.000 ----------- - totaal : 220.000.000 2e bewerking Zonder voorwerp. 3e bewerking Aftrek van de vrijgestelde giften : 11.000.000 (220.000.000 x 5 %). Winst die overblijft na de 3e bewerking : 209.000.000 =========== Het als DBI en VRI aftrekbare bedrag dient derhalve te worden beperkt tot 209.000.000 - [96.000.000 - (35.000.000 + 11.000.000 + 7.000.000 + 3.000.000)] = 169.000.000.

Belastbare grondslag : 209.000.000 - 169.000.000 = 40.000.000.

C. Inwerkingtreding

II/212
Overeenkomstig art. 47, § 2, W. 28.07.1992, zijn de nieuwe bepalingen van art. 205, § 2, WIB 92 van toepassing vanaf het aj. 1993.