Circulaire 2019/C/5 betreffende de voorwaarden waaronder een universele postdienst van de btw is vrijgesteld overeenkomstig artikel 44, § 3, 14°, van het Btw-Wetboek

Deze circulaire licht de draagwijdte van de bepalingen van artikel 44, § 3,14° van het Btw-Wetboek toe.

Vrijstelling artikel 44, § 3, 14°, van het Btw-Wetboek; Postdiensten

FOD Financiën, 29.01.2019

Algemene Administratie van de Fiscaliteit – Belasting over de toegevoegde waarde

Bij artikel 14 van de Wet van 30.07.2018 houdende diverse bepalingen inzake belasting over de toegevoegde waarde (BS 10.08.2018 - Erratum B.S. 28.08.2018) werd artikel 44, § 3, 14°, van het Btw-Wetboek met ingang van 20.08.2018 vervangen.

Overeenkomstig artikel 44, § 3, 14°, van het Btw-Wetboek zijn van de belasting vrijgesteld ‘de diensten en de leveringen van goederen bijkomstig bij deze diensten verleend door verrichters van postdiensten die de verplichting op zich nemen de gehele universele postdienst of een deel daarvan te verzekeren, wanneer deze diensten universele postdiensten betreffen zoals gedefinieerd in de artikelen 15 en 16 van de Wet van 26 januari 2018 betreffende de postdiensten’.

Krachtens de bepalingen van voornoemd artikel 15 van de Wet van 26.01.2018 betreffende de postdiensten omvat de universele postdienst volgende verrichtingen:

  • het ophalen, het sorteren, het vervoer en de distributie van postzendingen tot 2 kg
  • het ophalen, het sorteren, het vervoer en de distributie van de tegen enkelstuktarieven aangeboden postpakketten tot 10 kg
  • de distributie van de tegen enkelstuktarieven aangeboden postpakketten ontvangen vanuit andere lidstaten tot 20 kg
  • de diensten in verband met aangetekende zendingen en zendingen met aangegeven waarde.

De universele postdienst omvat zowel de nationale als de grensoverschrijdende diensten.

Het verstrekken van de universele postdienst omvat eveneens een aantal verplichtingen en eisen die opgesomd worden in artikel 16 van de Wet van 26.01.2018 betreffende de postdiensten. Het beheerscontract bedoeld in artikel 14, § 2 of § 4, van voornoemde Wet kan bijzondere regels en voorwaarden vaststellen waaronder de aanbieder van de universele dienst zijn universele dienstverplichtingen vervult.

Als aanbieder van de universele postdienst wordt slechts aangemerkt, de postale operator die de met de universele postdienst samenhangende verplichtingen op zich neemt.

Uit wat voorafgaat volgt dat de vrijstelling beoogd in artikel 44, § 3, 14°, van het Btw-Wetboek enkel van toepassing is ten aanzien van de door dat artikel beoogde handelingen die worden aangemerkt als universele postdiensten in de zin van artikel 15 van de Wet van 26.01.2018 betreffende de postdiensten en die worden verstrekt door de aanbieder(s) van de universele postdienst.

Onderhavige circulaire vervangt beslissing E.T.76.901/2 van 26.01.2015

Interne ref.: E.T.134.571