Circulaire 920, addendum dd. 05.10.1967

Dubbelbelastingverdragen - Frankrijk

Onderrichtingen betreffende de Frans-Belgische overeenkomst van 10.03.1964

Circ. 920, addendum van 05.10.1967

Om in sommige gevallen twijfel weg te nemen is het nodig circ. 920 als volgt te wijzigen ingevolge de wetten van 15.7.1966 en 7.4.1967.

Tarief van de B.N.V.-ven. ten laste van Franse vennootschappen met een vaste inrichting in België.

Nr. 35 van voormelde circ. dient door de volgende tekst te worden vervangen (1) :

----------

[(1) Van toepassing op met ingang van 31.12.1966 afgesloten boekjaren (aanslagen 1967 en volgende)]

----------

35." Het bedrag van de B.N.V. dat door Franse vennootschappen met vaste inrichting in België is verschuldigd, wordt beperkt tot de gezamelijke last van de Ven.B. van 30 t.h. 6 opcentiemen (cf. punt 4, Prot.) en van de R.V. fictief berekend tegen 20 t.h. op het gedeelte van de belastbare winst van de Belgische inrichting, dat overeenstemt met de verhouding tussen de uitgekeerde winst en de totale winst van de Franse vennootschap - dit gedeelte mag echter niet hoger zijn dan een vierde van de belastbare winst van de Belgische inrichting (art. 17, § 3).

Gelet op onze huidige tarieven betalen de Franse vennootschappen in feite de B.N.V. tegen een werkelijk tarief (met inbegrip van de 6 opcentiemen) dat schommelt tussen 31,8 t.h. (geen uitkering van dividenden) en 36,8 t.h. (uitkering van een dividend dat ten minste een vierde vertegenwoordigt van de maatschappelijke winst voor belasting).

Voorbeeld :

De Belgische filiaal van een Franse vennootschap op aandelen heeft een belastbare winst verwezenlijkt van 400.000 BF. Het totaal van de winsten van de vennootschap beloopt voor het beoogde dienstjaar 3.000.000 FF waarvan 1.000.000 FF als dividenden werden uitgekeerd. Er wordt verondersteld dat de B.N.V. vooraf werd betaald en dit ten laatste binnen de 15 dagen die volgen op de eerste helft van het boekjaar.

Berekening van de B.N.V:

De verschuldigde belasting bedraagt in principe 400.000 BF x 37,10 (35 t.h. + 6 opcentiemen voor het Speciaal fonds) = 148.400 BF.

Bij toepassing van art. 17, § 3, moet de B.N.V. (met inbegrip van de 6 opcentiemen) evenwel beperkt worden tot de som

- van de Ven.B. op de Belgische winst, zijnde 400.000 BF x 31,8 t.h. (30 + 6 opcentiemen ten behoeve van het Speciaal Fonds) = 127.200 F

- en van de R.V. fictief als volgt berekend (op een vierde van de Belgische winst, daar de verhouding 1.000.000/3.000.000 groter is dan ¼):400.000 x ¼ x 20 t.h. = 20.000 F

Hetzij in totaal : 147.200 F

In dit geval bedraagt de ten laste van de Franse vennootschap in te kohieren B.N.V. (met inbegrip van de 6 opcentiemen) dus 147.200 F. bedrag dat als volgt is samengesteld:

- B.N.V. in hoofdsom : 100/106 van 147.200 = 138.868 F.

- opcentiemen ten behoeve van het Speciaal Fonds : 147.200 - 138.868 = 8.332 F".