Circulaire nr. Ci.D.19/416.334 dd. 06.12.1993

CIRC 06.12.93/1

Circulaire nr. Ci.D.19/416.334 dd. 06.12.1993


Bull. nr. 734, pag. 33

FISCALE BEPALINGEN 1989
Fusie van vennootschappen
Splitsing van vennootschappen

FUSIE VAN VENNOOTSCHAPPEN
Belastingstelsel

SPLITSING VAN VENNOOTSCHAPPEN
Belastingstelsel

VENNOOTSCHAPSBELASTING
Fusie van vennootschappen
Splitsing van vennootschappen


35e aflevering

Commentaar op :

  • de art. 286, 309, 16° en 333, § 1, 9°, W 22.12.1989 (V 2019 - Bull. 691);
  • het KB 11.7.1991 tot wijziging van het KB/WIB (V 2119 - Bull. 708);
  • art. 3, I, 1° en 9, § 6, W 23.10.1991 (V 2143 - Bull. 712).
Fusies en splitsingen van vennootschappen (art. 124, WIB).

FUSIES EN SPLITSINGEN (Art. 124, WIB)

INHOUDSTABEL Nrs. I. WETTEKSTEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .II/701 II. ALGEMENE DRAAGWIJDTE . . . . . . . . . . . . . . . .II/702 III. VOORWAARDEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .II/709 IV. VOLLEDIGE VERGOEDING VAN DE INBRENGEN MET NIEUWE AANDELEN A. Algemeen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .II/710 B. Gevolgen bij de overgenomen vennootschappen . . .II/711 C. Gevolgen bij de overnemende of verkrijgende vennootschappen . . . . . . . . . . . . . . . . .II/712 D. Gevolgen bij de vennootschappen die aandelen bezitten in de overgenomen vennootschappen . . .II/715 E. Voorbeelden . . . . . . . . . . . . . . . . . . .II/716 Voorbeeld 1 : Fusie . . . . . . . . . . . . . . .II/717 Voorbeeld 2 : Splitsing . . . . . . . . . . . . .II/721 V. NIET VOLLEDIGE VERGOEDING VAN DE INBRENGEN MET NIEUWE AANDELEN INGEVOLGE EEN BIJBETALING IN GELD A. Gevolgen bij de overgenomen vennootschappen . . .II/722 B. Gevolgen bij de overnemende of verkrijgende vennootschappen 1. Algemeen . . . . . . . . . . . . . . . . . .II/723 2. Ingebrachte belaste reserves . . . . . . . .II/724 C. Gevolgen bij de vennootschappen die aandelen bezitten in de overgenomen vennootschappen . . .II/725 D. Voorbeeld . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .II/726 VI. NIET VOLLEDIGE VERGOEDING VAN DE INBRENGEN MET NIEUWE AANDELEN BIJ VOORAFGAANDELIJK BEZIT VAN AANDELEN A. Bedoelde gevallen. . . . . . . . . . . . . . . . II/727 B. Gevolgen bij de overgenomen vennootschappen . . .II/728 C. Gevolgen bij de overnemende of verkrijgende vennootschappen 1. Algemeen . . . . . . . . . . . . . . . . . . II/729 2. Revaloriseerbaar gestort kapitaal bij latere verdeling. . . . . . . . . . . . . . . . . . II/731 3. Ingebrachte belaste reserves . . . . . . . . II/732 4. Ingebrachte vrijgestelde reserves. . . . . . II/733 D. Meer- en minderwaarden op aandelen . . . . . . . II/734 E. Voorbeelden Voorbeeld 1 : fusie door opslorping door een vennootschap die 10 % van de aandelen bezit in de opgeslorpte vennootschap . . . . . . . . . . . II/736 Voorbeeld 2 : fusie door opslorping door een vennootschap die 40 % van de aandelen bezit in de opgeslorpte vennootschap . . . . . . . . . . . II/737 Voorbeeld 3 : fusie door opslorping door een vennootschap die alle aandelen bezit in de opgeslorpte vennootschap . . . . . . . . . . . II/738 Voorbeeld 4 : splitsing. . . . . . . . . . . . . II/741 VII. VERKRIJGING VAN EIGEN AANDELEN NAAR AANLEIDING VAN EEN FUSIE OF SPLITSING MET TOEPASSING VAN ART. 124, WIB A. Algemeen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . II/742 B. Voorbeelden Voorbeeld 1 : de opgeslorpte vennootschap bezat aandelen in de opslorpende vennootschap . . . . . . . . . . . II/743 Voorbeeld 2 : de opslorpende vennootschap die aandelen bezat in de opgeslorpte vennootschap gaat toch tot volledige vergoeding in nieuwe aandelen over . . . . . . . . . . .II/744 VIII. OMZETTING VAN VENNOOTSCHAPPEN . . . . . . . . . . . .II/745 IX. INWERKINGTREDING . . . . . . . . . . . . . . . . . .II/746 I. WETTEKSTEN EN KB/WIB Art. 124, WIB

II/701
Na de wijzigingen door de art. 286 en 309, 16°, W 22.12.1989 luidde art. 124, WIB, als volgt (de gewijzigde tekst is onderstreept) :

"Art. 124. - § 1. In de gevallen als bedoeld in artikel 123, § 1, 1° en 2°, en op voorwaarde dat de opslorpende of de uit de fusie of de splitsing ontstane vennootschappen hun maatschappelijke zetel of hun voornaamste inrichting in België hebben :



zijn de bepalingen van de artikelen 117 en 118 niet van toepassing op de voorheen uitgedrukte niet verwezenlijkte meerwaarden als bedoeld in artikel 34, eerste lid, 1°, die op het ogenblik van de verrichting van belasting waren vrijgesteld, noch op de meerwaarden die naar aanleiding van de verrichting worden verwezenlijkt of vastgesteld ;
zijn de bepalingen van artikel 118 voor het overige niet van toepassing voor zover de inbrengen worden vergoed door nieuwe aandelen of delen die ter vergoeding van de inbrengen worden uitgegeven.
Wanneer tot de ontbinding van de vennootschap niet is besloten met de directe bedoeling ze te laten fusioneren of splitsen, is het eerste lid niet van toepassing wanneer de vereffenaars te voren het maatschappelijk vermogen gedeeltelijk hebben verdeeld met vrijstelling van belasting of wanneer ze de immateriële, materiële of financiële vaste activa geheel of gedeeltelijk hebben vervreemd.

§ 2. Behoudens wanneer het gaat om de omzetting van een in artikel 98 of 100 bedoelde vennootschap in een vennootschap opgericht overeenkomstig de wet tot instelling van de landbouwvennootschap en die krachtens artikel 25, § 1, tweede lid, 2°, geacht wordt geen rechtspersoonlijkheid te bezitten, zijn de bepalingen van de artikelen 117 en 118 niet van toepassing in gevallen als bedoeld in artikel 123, § 1, 3°, wanneer de raming van de activa- en passivabestanddelen met inbegrip van het kapitaal en de reserves, geen wijziging ondergaat naar aanleiding van de verandering van de rechtsvorm van de vennootschap.

§ 3. In gevallen als bedoeld in de §§ 1 en 2, worden de bij de opslorpende of de uit de fusie, de splitsing of de omzetting ontstane vennootschappen in aanmerking te nemen afschrijvingen, investeringsaftrekken, minderwaarden of meerwaarden op de bij hen ingebrachte bestanddelen, zomede het maatschappelijk kapitaal dat in aanmerking komt bij latere verdeling van het maatschappelijk vermogen van die vennootschappen, bepaald alsof de fusie, de splitsing of de omzetting niet had plaatsgevonden.

In dezelfde gevallen en volgens de modaliteiten en voorwaarden die erin zijn bepaald, blijft het bepaalde in de artikelen 23, 25bis, 32sexies, 34, 36, 38, 105, 106 en 169, 3°, van toepassing op de waardeverminderingen, voorzieningen, onder- en overwaarderingen, subsidies, vorderingen, meerwaarden en reserves die bij de gefusioneerde, gesplitste of omgezette vennootschappen bestonden, voor zover die bestanddelen worden teruggevonden in de activa van de opslorpende of uit de fusie, de splitsing of de omzetting ontstane vennootschappen; in de gevallen als zijn bedoeld in de artikelen 32sexies en 36, mag de fusie, splitsing of omzetting niet tot gevolg hebben dat de oorspronkelijke wederbeleggingstermijn wordt verlengd.

Om in geval van splitsing van een vennootschap het bij elk der opslorpende of uit de splitsing ontstane vennootschappen in aanmerking te nemen maatschappelijk kapitaal vast te stellen, worden die vennootschappen geacht het kapitaal van de gesplitste vennootschap evenredig met de nettowaarde van de door deze laatste aan elk van hen gedane inbreng te hebben overgenomen.

Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de fusies, splitsingen en omzettingen, alsmede de inbrengen van takken van werkzaamheid of van algemeenheden van de goederen waarin de opgeslorpte, gefusioneerde, gesplitste of omgezette vennootschappen voorheen met vrijstelling van belasting hebben deelgenomen, geacht niet te hebben plaatsgevonden.

§ 4. De bepalingen van § 3 zijn mede van toepassing ingeval vennootschappen, die zijn opgericht in een der vormen bepaald in het Wetboek van koophandel, met vrijstelling van belasting zijn omgezet vóór de inwerkingtreding van de wet van 23 februari 1967 tot wijziging wat de omzetting van vennootschappen betreft van de gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen.

§ 5. In geval een vennootschap als bedoeld in artikel 100 of een daarmede ingevolge artikel 102 gelijkgestelde vennootschap, is omgezet tot een vennootschap op aandelen als bedoeld in artikel 98 of tot een daarmede ingevolge artikel 102 gelijkgestelde vennootschap, worden de in artikel 15, lid 2, 2°, bedoelde voorschotten, die bij de omzetting niet in het maatschappelijk kapitaal zijn opgenomen, niet met werkelijk gestort maatschappelijk kapitaal gelijkgesteld voor de toepassing van de §§ 3 en 4.

§ 6. De Koning regelt de uitvoering van dit artikel in de gevallen waarin de inbrengen niet volledig worden vergoed in nieuwe aandelen of delen die naar aanleiding van de in § 1 bedoelde verrichtingen worden uitgegeven."

Art. 3, F, W 23.10.1991 heeft in art. 124, § 3, 2e lid, WIB met ingang van het aj. 1992 de verwijzingen naar art. 36, WIB geschrapt (dat art. 36 is immers ook met ingang van het aj. 1992 opgeheven).

KB/WIB

Art. 1, KB 11.7.1991 tot wijziging van het KB/WIB (V 2119 - Bull. 708) heeft afdeling XIII van hoofdstuk I, KB/WIB, vervangen door de volgende bepaling :

"Afdeling XIII. Vaststelling van het maatschappelijk kapitaal en de waardeverminderingen, voorzieningen, meerwaarden en reserves ingeval de inbrengen niet volledig worden vergoed met nieuwe aandelen of delen die naar aanleiding van de in artikel 124, § 1, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen vermelde verrichtingen worden uitgegeven (Wetboek van de inkomstenbelastingen, artikel 124, § 6)

Art. 74. Voor de toepassing van artikel 124, § 6, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen, wordt het bedrag van het maatschappelijk kapitaal en van de waardeverminderingen, voorzieningen, reserves en meerwaarden van de gefusioneerde of gesplitste vennootschappen die bij een in § 1 van datzelfde artikel vermelde verrichting betrokken zijn, ten name van de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen, verminderd met het gedeelte van de inbreng dat niet wordt vergoed met nieuwe aandelen of delen die naar aanleiding van voornoemde verrichting worden uitgegeven.

De vermindering wordt eerst aangerekend op de belaste reserves, daarna, indien die reserves ontoereikend zijn, op de vrijgestelde reserves en ten slotte op het werkelijk gestorte maatschappelijk kapitaal.

In afwijking van het vorige lid, wordt de vermindering proportioneel aangerekend op de belaste reserves, de vrijgestelde reserves en het werkelijk gestorte maatschappelijk kapitaal in zover de inbrengen niet worden vergoed omdat de opslorpende of de uit de fusie of de splitsing ontstane vennootschappen in het bezit zijn van aandelen of delen van de opgeslorpte, gefusioneerde of gesplitste vennootschap.

Met betrekking tot het gestorte maatschappelijk kapitaal, wordt de vermindering ten aanzien van artikel 119 van hetzelfde Wetboek aangemerkt als gedaan op de datum van de in artikel 124, § 1 van hetzelfde Wetboek vermelde verrichting.

Art. 75. De in artikel 74 bedoelde vermindering is niet van toepassing op de in artikel 124, § 1, 1°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen vermelde meerwaarden, noch op de in artikel 23 van hetzelfde Wetboek vermelde waardeverminderingen en voorzieningen, die als dusdanig in de boekhouding van de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen worden teruggevonden.

Art. 76. In geval van splitsing van een vennootschap worden, voor de toepassing van de artikelen 74 en 75, de opslorpende of de uit de splitsing ontstane vennootschappen geacht de belaste reserves, de vrijgestelde reserves en het werkelijk gestorte maatschappelijk kapitaal van de gesplitste vennootschap evenredig met de nettowaarde van de door deze laatste aan elk van hen gedane inbreng te hebben overgenomen."

De wijzigingen aangebracht door de W 22.12.1989 en door het KB 11.7.1991 zijn in de regel van toepassing op de verrichtingen (fusies, splitsingen, ontbindingen zonder verdeling van maatschappelijk vermogen of omzettingen) die vanaf 1.1.1990 plaatsgrijpen.

II. ALGEMENE DRAAGWIJDTE

II/702
De vroegere bepalingen van art. 124, WIB, stelden dat, onder sommige voorwaarden, het oude stelsel van bijzondere aanslagen voor vennootschappen in vereffening niet van toepassing was in geval van fusie en splitsing van vennootschappen, ontbinding van een vennootschap na vereniging van alle aandelen in handen van één vennootschap, noch bij omzetting van bepaalde vennootschappen.

Die vrijstelling was in principe slechts voorlopig in die zin dat de bij de fusie of splitsing verschuldigde liquidatiebelasting werd uitgesteld tot op het ogenblik dat de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen (of volgens de nieuwe terminologie : de overnemende of verkrijgende vennootschappen) zelf hun vermogen - niet belastingvrij - verdeelden. Met dat doel bepaalde art. 124, § 3, WIB, dat het kapitaal, de belaste reserves en de vrijgestelde reserves bij latere verdeling van het vermogen moesten worden bepaald alsof de fusie of splitsing niet had plaatsgevonden. Dit neutraliteitsprincipe bleek echter onvolkomen te zijn in die zin dat inzonderheid wanneer een bij fusie of splitsing betrokken vennootschap aandelen bezit van een andere betrokken vennootschap, een gedeelte van het vermogen van die andere vennootschap verdwijnt zodat wat als uitstel was bedoeld tot een definitieve kwijtschelding uitgroeide.

Om een einde te maken aan de misbruiken ter zake voert art. 124, WIB thans een nieuw regime in dat bij de gefusioneerde of gesplitste vennootschap (overgenomen vennootschap) slechts in belastingvrijstelling voorziet in de mate dat de inbreng wordt vergoed door nieuwe aandelen. In de mate waarin dit niet het geval is, wordt de verrichting in een zekere zin gelijkgesteld met een belastbare vereffening als bedoeld in art. 118, WIB.

II/703
De nieuwe bepalingen van art. 124, WIB, hebben dan ook eerst en vooral tot doel de tekst ervan aan te passen aan de nieuwe bepalingen inzake belastbare vereffeningen (de art. 116 tot 118, en 123, WIB : zie 33e aflevering van 22.4.1993, nrs. II/651 tot II/683, van onderhavige circ.). Zoals is uiteengezet in die aflevering, werd het vroegere stelsel van bijzondere aanslagen voor vennootschappen in vereffening over het algemeen vervangen door het gewone Ven.B-regime. Een voorafgaande lezing van die aflevering lijkt voor een volledig begrip van deze commentaar onontbeerlijk.

II/704
Het algemene principe van de nieuwe regeling van art. 124, WIB, bestaat hierin dat er maar uitgekeerde winst (dividend of inkomen van belegd kapitaal) in het belastbaar resultaat zal worden opgenomen wanneer en in de mate dat vermogen (reserves, ...) van de overgenomen vennootschap ingevolge fusie of splitsing kan worden geacht verdwenen zijn. Vermogen kan verdwijnen omdat de overnemende of verkrijgende vennootschappen aandelen bezitten in de overgenomen vennootschap of omdat de inbrengen ten dele door bijbetaling in geld (of in enige andere vorm) worden vergoed. In die gevallen zal het immers niet meer mogelijk zijn bij de overnemende of verkrijgende vennootschappen de verschillende vermogensbestanddelen van de overgenomen vennootschap na de fusie of splitsing terug te vinden of volgens hun aard opnieuw samen te stellen, m.a.w. als compensatie voor het feit dat het neutraliteitsbeginsel niet volkomen kan worden doorgevoerd, moet in overeenstemmende mate uitgekeerde winst worden belast bij de overgenomen vennootschap.

Niettemin zullen in alle gevallen waarin toepassing wordt gemaakt van art. 124, WIB, de vrijgestelde uitgedrukte niet verwezenlijkte meerwaarden (art. 34, 1e lid, 1°, WIB) en de n.a.v. de verrichting vastgestelde of verwezenlijkte meerwaarden (inbrengmeerwaarden) nooit in de berekening van de uitgekeerde winst worden betrokken. Het neutraliteitsbeginsel waarborgt immers dat in die gevallen de in de bestanddelen begrepen meerwaarden later in de belastingheffing zullen kunnen worden betrokken.

II/705
Art. 124, § 1, WIB, herneemt daarenboven de drie voorwaarden die ook al in het vroegere stelsel waren opgenomen, nl. dat de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen hun fiscaal domicilie in België moeten hebben, en wanneer de vennootschap werd ontbonden zonder de directe bedoeling ze te laten fusioneren of splitsen, dat de vereffenaars het maatschappelijk vermogen te voren niet gedeeltelijk met vrijstelling van belasting hebben verdeeld, noch dat zij te voren de immateriële, materiële of financiële vaste activa hebben vervreemd.

De wijziging van art. 124, § 2, WIB, beoogt m.b.t. de in beginsel belastbare omzettingen van vennootschappen, enkel een verwijzing in te lassen naar de art. 117 en 118 (nieuw), WIB (i.p.v. naar art. 118 (oud), WIB).

II/706
De nieuwe bepalingen van art. 124, § 3, 2e lid, WIB, hebben tot doel het neutraliteitsbeginsel aan te passen aan de fiscale behandeling van de in art. 25bis, §§ 1 tot 3, WIB, bedoelde onderwaarderingen van activa, overwaarderingen van passiva, kapitaalsubsidies en vorderingen waarop een disconto wordt toegepast, alsmede aan de wijzigingen die de W 22.12.1989 en de W 23.10.1991 hebben aangebracht in het stelsel van de meerwaarden.

De uitvoeringsbepalingen van art. 124, § 6, WIB, met name de nieuwe art. 74 tot 76, KB/WIB, regelen eveneens de toepassing van het neutraliteitsbeginsel in de gevallen waarin de inbrengen van de overgenomen vennootschappen niet volledig met nieuwe aandelen van de overnemende of verkrijgende vennootschappen worden vergoed. Nu reeds wordt de aandacht erop gevestigd dat in die gevallen de diverse vermogensbestanddelen van de overgenomen vennootschap ten name van de overnemende of verkrijgende vennootschappen volgens bepaalde aanrekeningsregels worden verminderd met het gedeelte van de inbreng dat niet wordt vergoed met nieuwe aandelen. Overigens wordt dat gedeelte geacht door de overgenomen vennootschap te zijn uitgekeerd (art. 74, KB/WIB).

Art. 75, KB/WIB, vermeldt daarenboven dat die vermindering niet van toepassing is op de vrijgestelde uitgedrukte niet verwezenlijkte meerwaarden en op de inbrengmeerwaarden, noch op de vrijgestelde waardeverminderingen en voorzieningen voor risico's en lasten die als dusdanig in de boekhouding van de overnemende of verkrijgende vennootschappen worden teruggevonden.

Art. 76, KB/WIB, bepaalt tenslotte dat in geval van splitsing, de overnemende of verkrijgende vennootschappen worden geacht de reserves en het nog terugbetaalbaar werkelijk gestorte maatschappelijk kapitaal (hierna afgekort "gestort kapitaal") van de gesplitste vennootschap over te nemen evenredig met de fiscale nettowaarde van de bij elk van hen gedane inbreng.

II/707
Na de bespreking van de algemene voorwaarden die worden gesteld om het nieuwe stelsel van art. 124, WIB, te kunnen genieten (titel III), worden vooreerst de gevallen behandeld waarbij de inbrengen van de gefusioneerde, gesplitste of opgeslorpte vennootschappen volledig worden vergoed met nieuwe aandelen of delen (hierna "aandelen") van de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen (titel IV) en vervolgens de gevallen van niet-volledige vergoeding enerzijds ingevolge een bijbetaling in geld (titel V) en anderzijds wegens het verdwijnen van onderlinge deelnemingen (titel VI).

Daarbij wordt zonodig telkens ingegaan op de fiscale gevolgen bij :

  • de gefusioneerde, gesplitste of opgeslorpte vennootschappen (inzonderheid voor de bepaling van de belastbare uitgekeerde winst);
  • de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen (inzonderheid voor de vaststelling van de bestanddelen die worden geacht te zijn overgenomen);
  • de vennootschappen-aandeelhouders van de overgenomen vennootschappen (inzonderheid inzake de toepassing van de in art. 111, § 1, 2°, WIB, bedoelde DBI-aftrek en de vrijstelling van de in art. 38, WIB bedoelde meerwaarden).
II/708
Nadien wordt een nadere uiteenzetting gegeven van de wijze waarop de bepalingen van art. 103, §§ 1 en 3, WIB, moeten worden toegepast wanneer een vennootschap eigen aandelen verkrijgt n.a.v. een belastingvrije fusie of splitsing (titel VII) en van de gevolgen van het nieuwe stelsel t.a.v. omzettingen van vennootschappen (titel VIII).

Tot slot wordt de inwerkingtreding van de nieuwe bepalingen besproken (titel IX).

III. VOORWAARDEN

II/709
Het voordeel van art. 124, WIB, is afhankelijk van de naleving van de volgende grondvoorwaarden :



de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen moeten hun maatschappelijke zetel of voornaamste inrichting in België hebben (zie art. 124, § 1, 1e lid, WIB);
wanneer tot ontbinding van de vennootschap niet is besloten met de directe bedoeling ze te laten fusioneren of splitsen, mogen de vereffenaars te voren het maatschappelijk vermogen niet gedeeltelijk hebben verdeeld met vrijstelling van belasting noch de immateriële, materiële of financiële vaste activa geheel of gedeeltelijk hebben vervreemd (zie art. 124, U 1, 2e lid, WIB).
Aangezien deze grondvoorwaarden, reeds vóór onderhavige wijziging in art. 124, WIB, waren opgenomen kan mutatis mutandis worden verwezen naar de bepalingen van de Com.IB, 124/5 en 8, en circ. 27.4.1989, nr. Ci.RH.421/404.071 (Bull. 684).

Er wordt op gewezen dat, zoals voorheen, de toepassing van het in art. 124, WIB bedoelde stelsel facultatief is (zie ook mutatis mutandis Com.IB, 124/1, 3e tot 5e lid).

IV. VOLLEDIGE VERGOEDING VAN DE INBRENGEN MET NIEUWE AANDELEN

A. Algemeen

II/710
De bepalingen van art. 124, § 1, WIB, hebben tot gevolg dat een fusie of splitsing met volledige belastingvrijstelling kan plaatsgrijpen wanneer de inbrengen van de gefusioneerde, gesplitste of opgeslorpte vennootschap volledig worden vergoed door nieuwe aandelen die ter vergoeding van die inbrengen worden uitgegeven door de opslorpende of de uit die fusie of splitsing ontstane vennootschappen.

Het is evenwel mogelijk dat een opslorpende vennootschap eigen aandelen verkrijgt naar aanleiding van een onder die voorwaarden doorgevoerde fusie of splitsing inzonderheid wanneer de opgeslorpte (of gesplitste) vennootschap aandelen bezat in de opslorpende vennootschap(pen).

Overigens kan een opslorpende vennootschap die aandelen bezat in een opgeslorpte (of gesplitste) vennootschap en die in tegenstelling tot de in nr. II/727 bedoelde gevallen toch tot volledige vergoeding in nieuwe aandelen overgaat, ingevolge de omruiling, eveneens in het bezit van eigen aandelen komen.

Op de aldus verkregen eigen aandelen zijn met inachtname van de fiscale neutraliteit de bepalingen van art. 103, §§ 1 en 3, WIB, van toepassing (zie nr. II/742, e.v.).

B. Gevolgen bij de overgenomen vennootschappen

II/711
De bepalingen van de art. 117 en 118, WIB, zijn niet van toepassing bij de gefusioneerde of gesplitste vennootschappen (zie art. 124, § 1, 1e lid, WIB).

Bijgevolg zal er geen aanslag in de Ven.B worden gevestigd louter tengevolge van de fusie of splitsing.

C. Gevolgen bij de overnemende of verkrijgende vennootschappen

II/712
Art. 124, § 3, huldigt bij voortduur het neutraliteitsbeginsel waarvan reeds sprake is in nr. II/702, tweede lid.

Voor de toepassing van dit neutraliteitsbeginsel kan mutatis mutandis worden verwezen naar de huidige bepalingen van de Com.IB op art. 124, d.w.z. :

  • m.b.t. het gestort kapitaal dat in aanmerking komt bij latere verdeling van het vermogen van de overnemende of verkrijgende vennootschappen : Com.IB 124/18 tot 27;
  • m.b.t. de ingebrachte belaste reserves : Com.IB 124/28 tot 34;
  • m.b.t. tot de ingebrachte vrijgestelde reserves : Com.IB 124/35 tot 42 (zie evenwel ook nr. II/714 wat de verdeling van de vrijgestelde reserves ingevolge splitsing betreft);
  • m.b.t. de vrijgestelde waardeverminderingen en voorzieningen : Com.IB 124/43 tot 45 en 55;
  • m.b.t. de afschrijvingen, minderwaarden en meerwaarden op de ingebrachte bestanddelen : Com.IB 124/48 tot 54 (op te merken valt dat de eventualiteit bedoeld in Com.IB 124/54, 1e lid, a) slechts van toepassing blijft op de belastingvrije inbreng van een tak van werkzaamheid of algemeenheid van goederen die vóór 1.1.1990 heeft plaatsgegrepen);
  • m.b.t. de opgaven 328A, 328C, 328D, 328R en 328S, de aftrekbare en niet aftrekbare belastingen, de kosten voortvloeiend uit de fusie, splitsing of omzetting : Com.IB 124/77 tot 80;
  • m.b.t. de toe te passen investeringsaftrek : Com.IB 124/81 en 82.
Zoals reeds gezegd in nr. II/706, 1e lid, beogen de gewijzigde bepalingen van art. 124, § 3, 2e lid, WIB het neutraliteitsbeginsel uit te breiden en eveneens aan te passen aan het nieuwe stelsel van de meerwaarden.

Deze aanpassingen worden hierna voor zover als nodig besproken.

II/713
De van overheidswege door de overgenomen vennootschap verkregen kapitaalsubsidies (art. 25bis, § 2, WIB), die nog niet bij deze vennootschap werden belast worden n de fusie of splitsing bij de vennootschap waar de gesubsidieerde activa worden teruggevonden, verder gespreid belast.

II/714
In geval van een belastingvrije fusie of splitsing van een vennootschap moet, voor de toepassing van art. 32sexies, WIB, de herbelegging, in zover ze niet is verricht door de belastingplichtige die de meerwaarde heeft verwezenlijkt, worden gedaan door de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen, zonder dat daaruit een verlenging van de oorspronkelijke termijn mag voortvloeien. Wanneer het een opslorping door een bestaande vennootschap betreft, kunnen de investeringen die de opslorpende vennootschap vóór de opslorping heeft gedaan, niet als herbelegging in aanmerking worden genomen.

Indien niet binnen de gestelde termijn aan de voorwaarde van herbelegging zou zijn voldaan, worden de overeenkomstig art. 32sexies, WIB, vrijgestelde meerwaarden belastbaar bij de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschap(pen) tijdens het belastbaar tijdperk waarin de herbeleggingstermijn verstrijkt.

Het nog niet bij de gefusioneerde, gesplitste of opgeslorpte vennootschap belaste gedeelte van de voormelde meerwaarde, dat bijgevolg als vrijgestelde reserve kan worden teruggevonden in het vermogen (b.v. in het kapitaal) van de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschap, moet n de fusie of splitsing bij deze laatste vennootschap verder gespreid worden belast.

Ingeval van splitsing van een vennootschap wordt ook het voorlopig vrijgesteld gedeelte van de gespreid te belasten verwezenlijkte meerwaarden (art. 32sexies, WIB) tesamen met de andere vrijgestelde reserves (verwezenlijkte meerwaarden, meerwaarden uit herschatting overeenkomstig het BR 15.10.1947, afschrijvingen boven de aanschaffings- of beleggingswaarde, investeringsreserve), in aanmerking genomen voor de vaststelling van de fiscale nettowaarde van de gesplitste vennootschap en bijgevolg ook voor de vaststelling van de fiscale nettowaarde van elke inbreng. Wanneer de gesplitste vennootschap reeds de nodige herbelegging heeft verricht, wordt het vrijgesteld gedeelte van de gespreid te belasten meerwaarden bij voorrang toegewezen aan de vennootschap waarbij de herbelegde activa worden ingebracht. Slechts het resterend deel van de vrijgestelde reserves wordt in een aangepaste verhouding verdeeld, derwijze dat het totaal van die vrijgestelde reserves bij elke uit de splitsing ontstane vennootschap in verhouding tot de fiscale nettowaarden aan elk van die vennootschappen is toegewezen. In voorkomend geval moet het bedrag van de "bij voorrang toegewezen gespreid te belasten meerwaarden" evenwel worden beperkt tot het bedrag dat wordt bekomen door de verhouding waarvan sprake hiervoor toe te passen op het totaal van die vrijgestelde reserves.

Deze werkwijze mag ook worden toegepast wanneer de gesplitste vennootschap de herbelegging nog niet heeft verricht maar één van de uit de splitsing ontstane vennootschappen de herbeleggingsverplichting op zich zal nemen, in welk geval de gespreid te belasten verwezenlijkte meerwaarde zoveel mogelijk bij die laatste vennootschap wordt ingebracht, terwijl het resterend saldo van de vrijgestelde reserves in een aangepaste verhouding wordt gesplitst.

In ieder geval moet de gespreid te belasten verwezenlijkte meerwaarde worden belast t.n.v. de vennootschap waar de herbelegde activa voorkomen, en dit door :

  • het door deze vennootschap overgenomen gedeelte van de nog niet belaste gespreid te belasten verwezenlijkte meerwaarden om te zetten in een belaste reserve;
  • het overschot als een verworpen uitgave te belasten.
D. Gevolgen bij de vennootschappen die aandelen bezitten in de overgenomen vennootschappen

II/715
De door een vennootschap verwezenlijkte meerwaarde op aandelen in haar bezit, die naar aanleiding van een in art. 124, WIB, bedoelde belastingvrije fusie of splitsing van een Belgische vennootschap werden omgeruild tegen aandelen van de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen, wordt in fiscaal opzicht als een niet verwezenlijkte meerwaarde behandeld en is derhalve vrijgesteld voor zover ze onaangetast in het vermogen van de vennootschap-aandeelhoudster behouden blijft (zie art. 38 en 105, WIB en Com.IB 105/70).

E. Voorbeelden

II/716
De toepassingsvoorbeelden van de Com.IB 124/46 en 47 worden hierna lichtjes gewijzigd weergegeven. De oplossing van deze voorbeelden blijft nagenoeg identiek maar wordt duidelijkheidshalve volledig hernomen. Bovendien zal in de volgende rubrieken op deze voorbeelden worden gesteund om de wijzigingen te illustreren die de nieuwe bepalingen van art. 124, WIB tot gevolg hebben gehad.

Voorbeeld 1 : Fusie

II/717
De balansen op 31.12.1990 op basis waarvan de vennootschappen A en B (die hun boekhouding per kalenderjaar voeren) op 27.3.1991 fusioneren, zien er samengevat als volgt uit (er wordt verondersteld dat de retroactiviteit op fiscaal gebied kan worden aanvaard - zie Com.IB 246/65 en nr. II/746, 2e lid, hierna) : Vennootschap A A P ------------------------------------------------------------------------ Vaste activa | Kapitaal 1.800.000 | Terreinen en gebouwen 1.720.000 | Reserves Installaties, enz. 210.000 | Wettelijke 130.000 Financiële vaste activa 1.150.000 | Belastingvrije 360.000 --------- | Beschikbare 980.000 3.080.000 | Overgedragen winst 200.000 | --------- | 3.470.000 Vlottende activa | Voorraden 500.000 | Voorzieningen voor | risico's en kosten 400.000 Andere 1.110.000 | Schulden 820.000 --------- | 1.610.000 | --------- | --------- 4.690.000 | 4.690.000 ========= | ========= Vennootschap B A P ------------------------------------------------------------------------ Vaste activa | Kapitaal 4.000.000 Terreinen en gebouwen 3.200.000 | Reserves Installaties, enz. 2.400.000 | Wettelijke 400.000 Financiële vaste activa 7.060.000 | Belastingvrije 1.600.000 ---------- | Beschikbare 6.600.000 12.660.000 | Overgedragen winst 300.000 | ---------- | 12.900.000 | Vlottende activa | Voorraden 2.800.000 | Voorzieningen voor | risico's en kosten 1.680.000 | Andere 2.920.000 | Schulden 3.800.000 --------- | 5.720.000 | --------- | ---------- 18.380.000 | 18.380.000 ========== | ========== Verdere gegevens m.b.t. : 1° vennootschap A : - de post "Terreinen en gebouwen" is als volgt samengesteld : * aanschaffingswaarde : 1.200.000 F * geboekte meerwaarde : 1.000.000 F ----------- 2.200.000 F * afschrijvingen : - op aanschaffingswaarde (aanvaard) : 430.000 F - op meerwaarde (niet aanvaard) : 50.000 F ----------- - 480.000 F ----------- * nettoboekwaarde : 1.720.000 F - de post "Installaties, enz." is als volgt gevormd : * aanschaffingswaarde : 600.000 F * afschrijvingen (waarvan 30.000 F belast) : - 390.000 F ----------- * nettoboekwaarde : 210.000 F - samenstelling van het kapitaal : * gestort in 1948 : 500.000 F * ingelijfde reeds belaste reserves : 300.000 F * herwaardering "Terreinen en gebouwen" (waarvan 50.000 F afschrijving is belast) : 1.000.000 F ----------- * totaal : 1.800.000 F
  • de "Belastingvrije reserves" bestaan uit :


a)meerwaarden die in 1986 werden verwezenlijkt en vrijgesteld bij toepassing van de toen geldende bepalingen van art. 36 (oud), WIB (260.000 F);
b)investeringsreserve (100.000 F);
  • de "Voorzieningen voor risico's en kosten" zijn ten belope van 350.000 F belast;


vennootschap B :
  • er werd een onderschatting van de voorraden ten bedrage van 200.000 F belast;
  • het kapitaal werd gestort in 1947 (1.000.000 F) en in 1960 (3.000.000 F);
  • de "Belastingvrije reserves" (1.600.000 F) bestaan uit meerwaarden, die in 1984 werden verwezenlijkt en vrijgesteld bij toepassing van de toen geldende bepalingen van art. 36 (oud), WIB;
  • de "Voorzieningen voor risico's en kosten" zijn ten belope van 1.200.000 F belast.
De vennootschappen besluiten dat, op de volgende posten na, de inbrengwaarde van hun bestanddelen overeenstemt met de boekwaarde :

  • aan de onroerende goederen van vennootschap A wordt een waarde van 2.000.000 F (i.p.v. 1.720.000 F) toegekend;
  • de waarde van de installaties, enz. van vennootschap B bedraagt slechts 2.000.000 F (i.p.v. 2.400.000 F).
De overeengekomen waarde van de bestanddelen van de vennootschappen en hun fiscale waarde moeten derhalve als volgt worden berekend : Overeengekomen Fiscale waarde waarde -------------- --------- Vennootschap A - Activa : -Terreinen en gebouwen : 2.000.000 770.000 -Installaties, enz.: 210.000 240.000 -Financiële vaste activa : 1.150.000 1.150.000 -Voorraden : 500.000 500.000 -Andere : 1.110.000 1.110.000 -Totaal : 4.970.000 3.770.000 - Passiva : -Voorzieningen : 400.000 50.000 -Schulden : 820.000 820.000 -Totaal : 1.220.000 870.000 - Verschil (activa-passiva) : 3.750.000 2.900.000 Overeengekomen Fiscale waarde waarde -------------- --------- Vennootschap B - Activa : -Terreinen en gebouwen : 3.200.000 3.200.000 -Installaties, enz. : 2.000.000 2.400.000 -Financiële vaste activa : 7.060.000 7.060.000 -Voorraden : 2.800.000 3.000.000 -Andere : 2.920.000 2.920.000 ---------- ---------- -Totaal : 17.980.000 18.580.000 - Passiva : -Voorzieningen : 1.680.000 480.000 -Schulden : 3.800.000 3.800.000 --------- --------- -Totaal : 5.480.000 4.280.000 - Verschil (activa-passiva) : 12.500.000 14.300.000 Samenstelling van bepaalde hiervoor vermelde bedragen : - vennootschap A : - het bedrag van 770.000 (terreinen en gebouwen) = 1.200.000 - 430.000 - het bedrag van 240.000 (installaties, enz.) = 600.000 - 360.000 - het bedrag van 50.000 (voorzieningen) = 400.000 - 350.000 - vennootschap B : - het bedrag van 3.000.000 (voorraden) = 2.800.000 + 200.000 - het bedrag van 480.000 (voorzieningen) = 1.680.000 - 1.200.000 1e mogelijkheid : vennootschap A slorpt vennootschap B op II/718
Ter vergoeding van de inbreng door B (12.500.000 F) wordt het kapitaal van A met 6.000.000 F verhoogd, terwijl een uitgiftepremie van 6.500.000 F wordt gevormd.

Ingevolge de opslorping ziet de aangepaste beginbalans van A op 1.1.1991 er als volgt uit : A P -------------------------------------------------------------------------- Vaste activa | Kapitaal Terreinen en gebouwen | (1.800.000 + 6.000.000) 7.800.000 (1.720.000 + 3.200.000) 4.920.000 | Uitgiftepremie 6.500.000 | Reserves (Installaties, enz. | Wettelijke 130.000 (210.000 + 2.000.000) 2.210.000 | Belastingvrije 360.000 Financiële vaste activa | Beschikbare 980.000 (1.150.000 + 7.060.000) 8.210.000 | ---------- | Overgedragen winst 200.000 15.340.000 | ---------- | 15.970.000 | Vlottende activa | Voorraden | Voorzieningen voor | risico's en kosten (500.000 + 2.800.000) 3.300.000 | (400.000 + 1.680.000) 2.080.000 | Andere | (1.110.000 + 2.920.000) 4.030.000 | Schulden --------- | | (820.000 + 3.800.000) 4.620.000 | ----------- 7.330.000 | ----------- | 22.670.000 | 22.670.000 =========== | ========== Na de opslorping moeten het gestort kapitaal, de belaste en de vrijgestelde reserves van vennootschap A als volgt worden bepaald : a) gestort kapitaal : - gestort in 1947 (B) : 1.000.000 - gestort in 1948 (A) : 500.000 - gestort in 1960 (B) : 3.000.000 - totaal (= kol. 4, opgave 328D) : 4.500.000 ========= b) belaste reserves : 1° reserves voortkomende van vennootschap : -------------------------- | A | B | |------------|-----------| - in kapitaal | | | (300.000 + 50.000) : | 350.000 | - | - wettelijke : | 130.000 | 400.000 | - beschikbare : | 980.000 | 6.600.000 | - overgedragen winst : | 200.000 | 300.000 | - voorzieningen : | 350.000 | 1.200.000 | - afschrijvingsexcedent op | | | installaties : | 30.000 | | - onderschatting voorraden : | | 200.000 | |------------------------| | 2.040.000 | 8.700.000 | |------------------------| | 10.740.000 | |------------------------| 2° indeling van de reserves : - reserves in kapitaal of in uitgiftepremie : - reeds begrepen in kapitaal A : 350.000 - wettelijke reserve B : 400.000 - beschikbare reserve B : 6.600.000 - overgedragen winst B : 300.000 --------- 7.650.000 - onderschatting installaties B : - 400.000 --------- - blijft : 7.250.000 ========= - andere reserves : - wettelijke reserve A : 130.000 - beschikbare reserve A : 980.000 - overgedragen winst A : 200.000 - belaste voorzieningen (350.000 + 1.200.000) : 1.550.000 - afschrijvingsexcedent installaties A : 30.000 - onderschatting installaties B : 400.000 - onderschatting voorraden B : 200.000 - totaal : 3.490.000 - algemeen totaal (7.250.000 + 3.490.000) : 10.740.000 ========== c) Vrijgestelde reserves : - verwezenlijkte meerwaarden : - in kapitaal of uitgiftepremie (B) : 1.600.000 - op afzonderlijke passiefrekening (A) : 260.000 - totaal : 1.860.000 - investeringsreserve op afzonderlijke passiefrekening (A) : 100.000 ======= - niet verwezenlijkte meerwaarden : - vroegere meerwaarde op onroerende goederen A (in kapitaal) : 950.000 ======= d) Samenstelling kapitaal + uitgiftepremie (zie Com.IB 124/40) : - gestort kapitaal : 4.500.000 - belaste reserves : 7.250.000 - vrijgestelde reserves (1.600.000 + 950.000) : 2.550.000 --------- - totaal (7.800.000 + 6.500.000) : 14.300.000 ========== 2e mogelijkheid : vennootschap B slorpt vennootschap A op II/719
Ter vergoeding van de inbreng door A (3.750.000 F) wordt het kapitaal van B met 1.200.000 F verhoogd, terwijl een uitgiftepremie van 2.550.000 F wordt gevormd.

Ingevolge de opslorping ziet de aangepaste beginbalans van B op 1.1.1991 er als volgt uit : A P -------------------------------------------------------------------------- Vaste activa | Kapitaal Terreinen en gebouwen | (4.000.000 + 1.200.000) 5.200.000 (3.200.000 + 2.000.000) 5.200.000 | Uitgiftepremie 2.550.000 | Reserves Installaties, enz. | Wettelijke 400.000 (2.400.000 + 210.000) 2.610.000 | Belastingvrije 1.600.000 Financiële vaste activa | Beschikbare 6.600.000 (7.060.000 + 1.150.000) 8.210.000 | ---------- | 16.020.000 | Overgedragen winst 300.000 | ---------- | 16.650.000 Vlottende activa | Voorraden | Voorzieningen voor | risico's en kosten (2.800.000 + 500.000) 3.300.000 | (1.680.000 + 400.000) 2.080.000 Andere | (2.920.000 + 1.110.000) 4.030.000 | Schulden | (3.800.000 + 820.000) 4.620.000 7.330.000 | ---------- | ---------- 23.350.000 | 23.350.000 ========== | ========== Bepaling van het gestort kapitaal, de belaste reserves en de vrijgestelde reserves :

a)gestort kapitaal : zoals in de 1e mogelijkheid;
b)indeling van de belaste reserves (totaal bedrag zoals in de 1e mogelijkheid) :
- reserves in kapitaal of in de uitgiftepremie : - begrepen in kapitaal A : 350.000 - wettelijke reserve A : 130.000 - beschikbare reserve A : 980.000 - overgedragen winst A : 200.000 --------- - totaal : 1.660.000 --------- - andere reserves : - wettelijke reserve B : 400.000 - beschikbare reserve B : 6.600.000 - overgedragen winst B : 300.000 - belaste voorzieningen (1.200.000 + 350.000) : 1.550.000 - afschrijvingsexcedent installaties A : 30.000 - onderschatting voorraden B : 200.000 --------- - totaal : 9.080.000 --------- - algemeen totaal (1.660.000 + 9.080.000) : 10.740.000 c) vrijgestelde reserves : - verwezenlijkte meerwaarden : - in kapitaal of uitgiftepremie (A) : 260.000 - op afzonderlijke passiefrekening (B) : 1.600.000 --------- - totaal : 1.860.000 ========= - investeringsreserve in kapitaal of uitgiftepremie (A) : 100.000 ======= - niet verwezenlijkte meerwaarden : - vroegere meerwaarde op onroerende goederen A : 950.000 - inbrengmeerwaarde op onroerende goederen A : 280.000 ------- - totaal (in kapitaal of uitgiftepremie) : 1.230.000 ========= d) samenstelling kapitaal + uitgiftepremie (zie Com.IB 124/40) : - gestort kapitaal : 4.500.000 - belaste reserves : 1.660.000 - vrijgestelde reserves (260.000 + 100.000 + 1.230.000) : 1.590.000 --------- - totaal (5.200.000 + 2.550.000) : 7.750.000 ========= 3e mogelijkheid : de vennootschappen A en B fusioneren door oprichting van een nieuwe vennootschap C II/720
Vennootschap C wordt gesticht met een kapitaal van 16.250.000 dat wordt onderschreven :

  • ten belope van 3.750.000 F door A;
  • ten belope van 12.500.000 F door B.
De beginbalans van C ziet er als volgt uit : A P -------------------------------------------------------------------------- Vaste activa | Kapitaal 16.250.000 Terreinen en gebouwen | (2.000.000 + 3.200.000) 5.200.000 | Voorzieningen voor | risico's en kosten 2.080.000 | Schulden 4.620.000 Installaties, enz. | (210.000 + 2.000.000) 2.210.000 | Financiële vaste activa 8.210.000 | ---------- | 15.620.000 | | Vlottende activa | Voorraden 3.300.000 | Andere 4.030.000 | --------- | 7.330.000 | ---------- | ---------- 22.950.000 | 22.950.000 ========== | ========== Bepaling van het gestort kapitaal, de belaste reserves en de vrijgestelde reserves :

a)gestort kapitaal : zoals in de 1e en 2e mogelijkheid;
b)indeling van de belaste reserves (totaal bedrag zoals in de 1e en 2e mogelijkheid) :
- reserves in kapitaal : - begrepen in kapitaal A : 350.000 - wettelijke reserve A : 130.000 - id. B : 400.000 - beschikbare reserve A : 980.000 - id. B : 6.600.000 - overgedragen winst A : 200.000 - id. B : 300.000 ---------- 8.960.000 - onderschatting installaties B : - 400.000 --------- - blijft : 8.560.000 ========= - andere reserves : - belaste voorzieningen (350.000 + 1.200.000) : 1.550.000 - afschrijvingsexcedent installaties A : 30.000 - onderschatting installaties B : 400.000 - onderschatting voorraden B : 200.000 --------- 2.180.000 ========== - algemeen totaal (8.560.000 + 2.180.000) : 10.740.000 ========== c) vrijgestelde reserves (volledig in kapitaal) : - verwezenlijkte meerwaarden (260.000 + 1.600.000) : 1.860.000 - investeringsreserve A : 100.000 - niet verwezenlijkte meerwaarde op onroerende goederen A (950.000 + 280.000) : 1.230.000 --------- - totaal : 3.190.000 ========= d) samenstelling kapitaal : - gestort kapitaal : 4.500.000 - belaste reserves in kapitaal : 8.560.000 - vrijgestelde reserves in kapitaal : 3.190.000 --------- - totaal : 16.250.000 ========== Voorbeeld 2 : Splitsing II/721
Er wordt besloten de vennootschap V met uitwerking op 1.4.1991 te splitsen door inbreng van haar actief en passief in twee bestaande vennootschappen X en Y.

De volgende balans wordt opgemaakt : Activa : Vaste activa : - terreinen en gebouwen (herschat in 1947) : 4.000.000 - andere terreinen en gebouwen : 10.000.000 - installaties, enz. : 9.000.000 - financiële vaste activa : 3.000.000 ---------- 26.000.000 Vlottende activa : - voorraden : 2.000.000 - vorderingen : 5.000.000 - andere : 1.000.000 --------- 8.000.000 ---------- Totaal : 34.000.000 ========== Passiva : Eigen vermogen : - kapitaal - samengesteld als volgt : 20.000.000 - gestort (1930) : 5.000.000 - belaste reserves : 9.000.000 - herschattingsmeerwaarde (1947) : 6.000.000 - herwaarderingsmeerwaarde (op financiële vaste activa) : 1.000.000 - reserves : - wettelijke : 2.000.000 - belastingvrije (verwezenlijkte meerwaarden) : 2.000.000 - beschikbare : 4.000.000 --------- 8.000.000 - winst van het afgesloten boekjaar : 1.400.000 --------- - totaal : 30.400.000 Voorzieningen voor risico's en kosten : 100.000 Schulden : 3.500.000 --------- Totaal : 34.000.000 ========== Bijkomende gegevens :
  • ten name van de te splitsen vennootschap werden 600.000 F afschrijvingsexcedenten belast die voor 400.000 F betrekking hebben op installaties die bij de vennootschap X worden ingebracht en voor 200.000 F op installaties die bij de vennootschap Y worden ingebracht;
  • de belastingvrije reserve (2.000.000) betreft vóór 1.1.1990 verwezenlijkte meerwaarden die bij toepassing van de toen geldende bepalingen van art. 36 (oud), WIB werden vrijgesteld;
  • de vrijgestelde voorziening voor risico's en kosten heeft betrekking op een waarschijnlijke last die door de vennootschap Y wordt overgenomen.
De vennootschap X gaat over tot een kapitaalverhoging van 25.000.000 F, ter vergoeding van de volgende inbreng : Aard | Inbrengwaarde | Fiscale waarde ---------------------------------------|-----------------|--------------- Herschatte terreinen en | | gebouwen : | 5.500.000 | 4.000.000 | | Installaties : | | boekwaarde : 7.000.000 | 7.500.000 | afschrijvingsexcedent : + 400.000 | | ------------ | | | | 7.400.000 Immateriële vaste activa : | 3.000.000 | | | Financiële vaste activa : | | boekwaarde : 3.000.000 | 4.400.000 | meerwaarde : - 1.000.000 | | 2.000.000 ------------ | | | | Voorraden : | 1.200.000 | 1.200.000 Vorderingen : | 3.500.000 | 3.500.000 Andere activa : | 1.000.000 | 1.000.000 | ---------- | ---------- | 26.100.000 | 19.100.000 Schulden : | - 1.100.000 | - 1.100.000 | ---------- | ---------- Verschil : | 25.000.000 | 18.000.000 | ========== | ========== De vennootschap Y gaat over tot een kapitaalverhoging van 17.000.000 F, ter vergoeding van de volgende inbreng : Aard | Inbrengwaarde | Fiscale waarde ---------------------------------------|-----------------|--------------- Terreinen en gebouwen : | 13.200.000 | 10.000.000 Installaties : | | boekwaarde : 2.000.000 | 2.000.000 | afschrijvingsexcedent : + 200.000 | | | | 2.200.000 | | Immateriële vaste activa : | 2.000.000 | Voorraden : | 800.000 | 800.000 Vorderingen : | 1.500.000 | 1.500.000 | ---------- | ---------- | 19.500.000 | 14.500.000 | | Voorziening voor risico's en | | kosten : 100.000 | | Schulden : 2.400.000 | - 2.500.000 | - 2.500.000 --------- | ------------- | ------------- Verschil : | 17.000.000 | 12.000.000 De "eigen middelen" van de gesplitste vennootschap V moeten als volgt onder de vennootschappen X en Y worden verdeeld : | X (3/5) | Y (2/5) |------------|------------ - Gestort kapitaal : | 3.000.000 | 2.000.000 - Belaste reserves : | | - in kapitaal V : 9.000.000 | | - wettelijke : 2.000.000 | | - beschikbare : 4.000.000 | | - winst boekjaar : 1.400.000 | | - afschrijvingsexcedent : 600.000 | | ---------- | | 17.000.000 | 10.200.000 | 6.800.000 - Herschattingsmeerwaarde : 6.000.000 | 3.600.000 | 2.400.000 - Verwezenlijkte meerwaarde : 2.000.000 | 1.200.000 | 800.000 | ---------- | --------- - Totaal : | 18.000.000 | 12.000.000 | ========== | ========== De indeling van de belaste reserves, op te nemen in de opgave 328R, geschiedt op de volgende wijze : | X | Y |------------|------------ Reserves in kapitaal : | 9.800.000 | 6.600.000 Afschrijvingsexcedent : | 400.000 | 200.000 | ---------- | --------- Totaal (3/5 - 2/5) : | 10.200.000 | 6.800.000 | ========== | ========= Voor de inschrijvingen in de opgaven 328D, moeten de kapitaalverhogingen van de vennootschappen X en Y als volgt worden gesplitst : | X | Y |------------|-------------- - Gestort kapitaal : | 3.000.000 | 2.000.000 - Belaste reserves in kapitaal : | 9.800.000 | 6.600.000 - Niet belaste reserves in kapitaal | | (op te nemen in de opgave 328S) : | | - herschattingsmeerwaarden : | 3.600.000 | 2.400.000 - vrijgestelde verwezenlijkte | | meerwaarde : | 1.200.000 | 800.000 - niet verwezenlijkte meerwaarden : | | - op herschatte terreinen en | | gebouwen : | 1.500.000 | - op andere terreinen en | | gebouwen : | | 3.200.000 - op installaties : | 500.000 | - op immateriële vaste activa : | 3.000.000 | 2.000.000 - op financiële vaste activa | | (1.000.000 + 1.400.000) : | 2.400.000 | | ---------- | ---------- - Totaal : | 25.000.000 | 17.000.000 | ========== | ========== V. NIET VOLLEDIGE VERGOEDING VAN DE INBRENGEN MET NIEUWE AANDELEN INGEVOLGE EEN BIJBETALING IN GELD A. Gevolgen bij de overgenomen vennootschappen

II/722
Het feit dat de inbrengen gedeeltelijk door een bijbetaling in geld of in enige andere vorm worden vergoed dan met nieuwe aandelen van de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen, heeft enkel tot gevolg dat in overeenstemmende mate een uitgekeerde winst moet worden belast (art. 124, § 1, 1e lid, 2°, WIB).

Uit de bepalingen van art. 74, 1e en 2e lid, KB/WIB vloeit bovendien voort dat in de voormelde gevallen de gedane uitkeringen in geld worden geacht achtereenvolgens voort te komen :

  • eerst uit de belaste reserves;
  • vervolgens uit de vrijgestelde reserves;
  • en tenslotte uit het gestort kapitaal.
Bovendien wordt geen uitgekeerde winst belast m.b.t. :

  • de voorheen vrijgestelde uitgedrukte niet verwezenlijkte meerwaarden (herwaarderingsmeerwaarden) en de n.a.v. de verrichting verwezenlijkte of vastgestelde meerwaarden (inbrengmeerwaarden);
  • de in art. 23, WIB vermelde vrijgestelde waardeverminderingen en voorzieningen voor risico's en lasten, die als dusdanig in de boekhouding van de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen worden teruggevonden (art. 124, § 1, 1e lid, 1°, WIB en art. 75, KB/WIB).
B. Gevolgen bij de overnemende of verkrijgende vennootschappen

1. Algemeen

II/723
De bepalingen van art. 74, 1e lid, KB/WIB hebben tot gevolg dat ingevolge de bijbetaling in geld, het bedrag van het gestort kapitaal en van de waardeverminderingen, voorzieningen, reserves en meerwaarden van de overgenomen vennootschap ten name van de overnemende of verkrijgende vennootschappen, moet worden verminderd overeenkomstig de aanrekeningsregels als vermeld in nr. II/722.

De eventuele vermindering van het gestort kapitaal wordt geacht te hebben plaatsgevonden op de datum van de fusie of splitsing (art. 74, 4e lid, KB/WIB).

In geval van splitsing van een vennootschap worden voor de toepassing van de voormelde aanrekeningsregels, de uit de splitsing ontstane vennootschappen geacht de belaste reserves, de vrijgestelde reserves en het gestorte kapitaal van de gesplitste vennootschap evenredig met de fiscale nettowaarde van de door deze laatste aan elk van hen gedane inbreng te hebben overgenomen (art. 76, KB/WIB). De vermindering moet enkel worden toegepast op de vermogensbestanddelen die volgens deze regel worden geacht te zijn overgenomen door de vennootschap die door bijbetaling in geld of in enige andere vorm de bij haar gedane inbreng niet volledig door nieuwe aandelen heeft vergoed.

2. Ingebrachte belaste reserves

II/724
De vermindering, die louter het gevolg is van het feit dat de inbrengen door bijbetaling in geld (of in enige andere vorm) ten dele anders worden vergoed dan door nieuwe aandelen, moet worden aangerekend op het totaal van de belaste reserves, waarbij deze vermindering, overeenkomstig art. 72, KB/WIB, achtereenvolgens wordt aangerekend op de "definitief belaste reserves", vervolgens op de "andere reserves" en tenslotte op de "ten name van de vennoten belaste reserves".

Evenwel moet worden beschouwd dat de bij de overnemende vennootschap in aanmerking te nemen reserves zich bij voorrang bevinden in die posten welke met hun specifieke benaming in de opgave 328R moeten worden ingeschreven.

C. Gevolgen bij de vennootschappen die aandelen bezitten in de overgenomen
vennootschappen

II/725
De door een vennootschap verwezenlijkte meerwaarde op aandelen in haar bezit, die naar aanleiding van een in art. 124, WIB bedoelde fusie of splitsing werden omgeruild tegen aandelen van de opslorpende of de uit de fusie of splitsing ontstane vennootschappen tesamen met een bijbetaling in geld of in enige andere vorm, bestaat in fiscaal opzicht uit twee onderscheiden delen, d.w.z. :

  • enerzijds, uit een bij toepassing van art. 111, § 1, 2°, WIB, als DBI aftrekbaar inkomen dat evenredig overeenstemt met het bedrag van de bijbetaling;
  • anderzijds, voor het overige gedeelte (dat evenredig overeenstemt met het bedrag van de waarde van de in ruil verkregen aandelen), uit een niet verwezenlijkte meerwaarde die vrijgesteld is voor zover ze onaangetast in het vermogen van de vennootschap-aandeelhoudster behouden blijft (art. 38 en 105, WIB).
D. Voorbeeld

II/726
Gegevens : zie II/717 en 719 (2e mogelijkheid) maar met dien verstande dat ter vergoeding van de inbreng door vennootschap A (3.750.000 F) :

  • nieuwe aandelen van de vennootschap B worden uitgegeven met een waarde van 3.675.000 F waarbij B overgaat tot een kapitaalverhoging van 1.176.000 F en een uitgiftepremie wordt gevormd van 2.499.000 F;
  • een bijbetaling in geld wordt verricht van 75.000 F die aangerekend wordt op de overgedragen winst.


a)gevolgen voor de vennootschap A
De weerslag op de Ven.B m.b.t. de fusie zal er als volgt uitzien : - Gereserveerde winst : Toestand op : 31.12.1990 27.3.1991 - Totaal van de reserves : 2.040.000 1.965.000 - Opneming : - 75.000 - Uitgekeerde winst : + 75.000 -------- - Resultaat : 0 Opmerking : hierbij valt te noteren dat de vermindering van de reserves met 75.000, het gevolg is van de aanrekening op de overgedragen winst van de bijbetaling in geld. b) gevolgen voor de vennootschap B

Ingevolge de opslorping (overneming) ziet de aangepaste beginbalans van B op 1.1.1991 er als volgt uit :

Vennootschap B A P -------------------------------------------------------------------------- Vaste activa | Kapitaal | (4.000.000 + 1.176.000) 5.176.000 Terreinen en gebouwen | (3.200.000 + 2.000.000) 5.200.000 | Uitgiftepremie 2.499.000 Installaties, enz. | (2.400.000 + 210.000) 2.610.000 | Reserves Financiële vaste activa | Wettelijke 400.000 (7.060.000 + 1.150.000) 8.210.000 | Belastingvrije 1.600.000 ---------- | 16.020.000 | Beschikbare 6.600.000 | Overgedragen winst 300.000 | ---------- | 16.575.000 | Vlottende activa | Voorraden | Voorzieningen voor | risico's en kosten (2.800.000 + 500.000) 3.300.000 | (1.680.000 + 400.000) 2.080.000 Andere | (2.920.000 + 1.110.000 - | Schulden 75.000) 3.955.000 | --------- | 7.255.000 | 4.620.000 ---------- | ---------- 23.275.000 | 23.275.000 ========== | ========== Bepaling van het gestort kapitaal, de belaste en vrijgestelde reserves : a) gestort kapitaal : zie in II/719; b) indeling van de belaste reserves : - reserves in kapitaal of in de uitgiftepremie : - begrepen in kapitaal A : 350.000 - wettelijke reserve A : 130.000 - beschikbare reserve A : 980.000 - overgedragen winst A (200.000 - 75.000) : 125.000 --------- - totaal : 1.585.000 --------- - andere reserves : - wettelijke reserve B : 400.000 - beschikbare reserve B : 6.600.000 - overgedragen winst B : 300.000 - belaste voorzieningen (1.200.000 + 350.000) : 1.550.000 - afschrijvingsexcedent installaties A : 30.000 - onderschatting voorraden B : 200.000 ---------- - totaal : 9.080.000 ---------- - algemeen totaal (1.585.000 + 9.080.000) : 10.665.000 ========== c) vrijgestelde reserves : zie in nr. II/719 d) samenstelling kapitaal + uitgiftepremie : - gestort kapitaal : 4.500.000 - belaste reserves : 1.585.000 - vrijgestelde reserves : 1.590.000 --------- - totaal (5.176.000 + 2.499.000) : 7.675.000 ========= VI. NIET VOLLEDIGE VERGOEDING VAN DE INBRENGEN MET NIEUWE AANDELEN BIJ VOORAFGAANDELIJK BEZIT VAN AANDELEN A. Bedoelde gevallen

II/727
Hier worden de gevallen bedoeld waarin de inbrengen niet volledig met nieuwe aandelen worden vergoed omdat de opslorpende vennootschappen in het bezit zijn van aandelen van de opgeslorpte of gesplitste vennootschap en zij enkel nieuwe aandelen uitgeven als vergoeding voor de inbreng vertegenwoordigd door de deelneming in het bezit van derden.

B. Gevolgen bij de overgenomen vennootschappen

II/728
Het feit dat in de hierboven uiteengezette omstandigheden de inbreng vertegenwoordigd door de aandelen van de opgeslorpte (of gesplitste) vennootschap die in het bezit zijn van de opslorpende vennootschap, niet wordt vergoed met nieuwe aandelen, heeft tot gevolg dat in die mate de vermogensbestanddelen (kapitaal, reserves, ...) van de opgeslorpte (of gesplitste) vennootschap niet meer worden teruggevonden bij de opslorpende vennootschappen. De aldus "verdwenen" vermogensbestanddelen (andere dan de voorheen vrijgestelde herwaarderingsmeerwaarden en de inbrengmeerwaarden : zie art. 124, § 1, 1e lid, 1°, WIB), zullen als uitgekeerde winst worden belast. Deze uitgekeerde winst bevat evenwel niet de in art. 23, WIB bedoelde vrijgestelde waardeverminderingen en voorzieningen die als dusdanig in de boekhouding van de opslorpende vennootschap(pen) worden teruggevonden (art. 75, KB/WIB).

Uit de bepalingen van art. 74, 1e en 3e lid, KB/WIB vloeit bovendien voort dat in de voormelde gevallen de uitkeringen van het vermogen worden geacht proportioneel voort te komen uit de belaste reserves, de vrijgestelde reserves en het gestort kapitaal.

C. Gevolgen bij de overnemende of verkrijgende vennootschappen

1. Algemeen

II/729
Wanneer de inbrengen niet volledig door nieuwe aandelen worden vergoed omdat de opslorpende vennootschappen in het bezit zijn van aandelen van de opgeslorpte of gesplitste vennootschap, worden de belaste reserves, de vrijgestelde reserves en het gestort kapitaal van de laatstgenoemde, ten name van de opslorpende vennootschap, proportioneel met de niet door nieuwe aandelen vergoede inbreng verminderd (art. 74, 3e lid, KB/WIB). De proportionele vermindering van het gestort kapitaal wordt geacht te hebben plaatsgevonden op de datum van de fusie of splitsing (art. 74, 4e lid, KB/WIB).

Indien daarenboven een bijbetaling in geld of in enige andere vorm zou plaatsgrijpen, mag de daarmee overeenstemmende vermindering (zie nr. II/723) slechts worden doorgevoerd n de toepassing van de hierboven vermelde proportionele vermindering.

Voormelde regels gelden eveneens wanneer alle aandelen van een vennootschap door een andere vennootschap zijn verworven wat tot gevolg heeft dat in een dergelijk geval noch het gestort kapitaal, noch de belaste of de vrijgestelde reserves ten name van de overnemende vennootschap in aanmerking worden genomen (zie evenwel nr. II/731 wat de inschrijving van het gestort kapitaal in de opgave 328D betreft).

II/730
Voorts zijn de bepalingen van nr. II/723, laatste lid, mutatis mutandis van toepassing op de in nr. II/729, eerste lid, beoogde verrichtingen van splitsing, met dien verstande dat de bedoelde vermindering enkel moet worden toegepast op de vermogensbestanddelen die geacht worden te zijn overgenomen door de vennootschap die de deelneming in de gesplitste vennootschap bezat.

2. Revaloriseerbaar gestort kapitaal bij latere verdeling

II/731
Bij de inschrijving in de opgave 328D van de opslorpende vennootschappen, moet :

  • het volledige bedrag van het gestort kapitaal - of het evenredig deel ervan in geval van splitsing - van de bij de verrichting betrokken vennootschappen, met vermelding van de jaren van storting, worden behouden;
  • de vermindering die zich bij de toepassing van de in nr. II/729 vermelde regels opdringt, worden doorgevoerd alsof het ging om een kapitaalvermindering die op het ogenblik van de verrichting heeft plaatsgegrepen.
3. Ingebrachte belaste reserves

II/732
De vermindering moet worden toegepast op het totaal van de belaste reserves, waarbij deze vermindering, overeenkomstig art. 72, KB/WIB, achtereenvolgens wordt aangerekend op de "definitief belaste reserves", vervolgens op de "andere reserves" en tenslotte op de "ten name van vennoten belaste reserves".

Er moet bovendien worden beschouwd dat de in aanmerking te nemen reserves zich bij voorrang bevinden in die posten welke met hun specifieke benaming in de opgave 328R moeten worden ingeschreven. Indien het totaal van de met hun specifieke benaming in te schrijven reserves van een vennootschap meer bedraagt dan het totale bedrag van haar overdraagbare reserves, moet op fiscaal gebied het verschil tussen die beide totalen worden geacht overeen te stemmen met een inbrengmeerwaarde, die van belasting kan worden vrijgesteld indien ze op een afzonderlijke rekening wordt overgeboekt of ingelijfd is in het maatschappelijk kapitaal (zie dienaangaande het voorbeeld in nr. II/739).

Wanneer evenwel het verschil tussen de belastbare meerwaarde op onderlinge deelnemingen (die voor DBI-aftrek in aanmerking komt) en de boekhoudkundige meerwaarde op onderlinge deelnemingen, positief is, moet in afwijking van het vorige lid, dat verschil worden belast door het op te nemen onder de belastbare reserves (onderwaardering van activa of overwaardering van passiva) op het einde van het belastbare tijdperk waarin de opslorping heeft plaatsgevonden (zie het voorbeeld in nr. II/736). Eenzelfde werkwijze geldt ook wanneer de fiscale minderwaarde op onderlinge deelnemingen (op te nemen onder de verworpen uitgaven), in absolute cijfers, kleiner is dan de boekhoudkundige minderwaarde (zie ook nr. II/735).

4. Ingebrachte vrijgestelde reserves

II/733
Het bedrag van de vrijgestelde reserves waarop de vermindering moet worden toegepast, wordt op de in Com.IB 124/35 tot 37 en nrs. II/713 en 714 uiteengezette wijze bepaald.

D. Meer- en minderwaarden op aandelen

Voorafgaande opmerking : Er wordt in het kader van deze aflevering niet ingegaan op de wijzigingen aangebracht door art. 3, E, W 23.10.1991 - V 2143 - Bull. 712 (o.m. inzake de niet-aftrekbaarheid van minderwaarden op aandelen) en art. 9, W 28.12.1992 - V 2212 - Bull. 725 (inzake de vereiste van een minimumdeelneming opdat dividenden als DBI aftrekbaar zijn).

II/734
Wanneer de opslorpende vennootschap B in het bezit is van aandelen van de opgeslorpte (of gesplitste) vennootschap A, kan er een positief verschil bestaan tussen de door die aandelen A vertegenwoordigde netto-inbrengwaarde van vennootschap A en de fiscale waarde van die aandelen A (bij vennootschap B).

Dit positieve verschil doet op het ogenblik van de fusie of splitsing een in beginsel belastbaar resultaat ontstaan dat evenwel :

  • enerzijds, in eerste instantie bij toepassing van art. 111, § 1, 2°, WIB als DBI van de winst kan worden afgetrokken in de mate waarin dat resultaat overeenstemt met het verschil tussen de met die aandelen A overeenstemmende fiscale nettowaarde van vennootschap A en de fiscale waarde van die aandelen A (bij vennootschap B);
  • anderzijds, voor het eventuele meerdere gedeelte, krachtens art. 38, WIB moet worden gelijkgesteld met een niet verwezenlijkte meerwaarde, die van belasting wordt vrijgesteld mits voldaan is aan de in art. 105, WIB, gestelde onaantastbaarheidsvoorwaarde.
II/735
Wanneer het bovenvermelde verschil tussen de door die aandelen A vertegenwoordigde netto-inbrengwaarde van vennootschap A en de fiscale waarde van die aandelen A (bij vennootschap B) negatief is, kan vennootschap B al naargelang van het geval, als volgt handelen :



het verschil wordt zoveel mogelijk toegerekend aan de activabestanddelen waarvan de inbrengwaarde hoger is dan de (fiscale) boekwaarde bij vennootschap A;
het verschil wordt geheel of gedeeltelijk beschouwd overeen te stemmen met de waarde van een n.a.v. de verrichting ingebrachte goodwill;
het verschil wordt geheel of gedeeltelijk in kosten geboekt.
In de eerste 2 gevallen zijn de afschrijvingen op de geherwaardeerde activabestanddelen (zie 1°) of op de goodwill (zie 2°) op fiscaal vlak niet aanvaardbaar, aangezien zij bij de overgenomen vennootschap A, geen fiscale aanschaffingsprijs hadden. In het derde geval, gaat het om een minderwaarde op aandelen die, gelet op het neutraliteitsprincipe, niet als beroepskost aftrekbaar is.

Het in het 3e geval bedoelde negatief verschil dat in kosten werd geboekt, moet als volgt worden rechtgezet :

  • vooreerst worden de reserves die onder hun specifieke benaming in de opgave 328R moeten worden ingeschreven, doch die wegens de vermindering niet in de n.a.v. de fusie of splitsing overdraagbare reserves zijn begrepen, opgenomen onder de belastbare reserves op het einde van het belastbare tijdperk waarin de overneming of verkrijging heeft plaatsgevonden;
  • vervolgens wordt het saldo als een verworpen uitgave belast.
E. Voorbeelden

Voorbeeld 1 : fusie door opslorping door een vennootschap die 10 % van de aandelen bezit in de opgeslorpte vennootschap



a)gegevens
II/736
We hernemen het geval van de vennootschappen A en B bedoeld in het voorbeeld 1, 1e mogelijkheid onder de nrs. II/717 en 718, maar met dien verstande dat A 10 % van de aandelen B heeft verworven voor 1.150.000 F (= de post "financiële vaste activa").

A slorpt B op en ter vergoeding van de inbreng die niet is vertegenwoordigd door de aandelen B in haar bezit, verhoogt ze haar kapitaal met 5.400.000 F en vormt ze een uitgiftepremie van 5.850.000 F (5.400.000 F + 5.850.000 F = 90 % x 12.500.000 F).



b)weerslag bij vennootschap B
Bij B kan de ingevolge de fusie verschuldigde Ven.B schematisch als volgt worden berekend : - verdwenen vermogen (14.300.000 - fiscale nettowaarde vennootschap B - x 10 %) : 1.430.000 - verdwenen gerevaloriseerd gestort kapitaal [(1.000.000 x 1,14 + 3.000.000) x 10 % ] : - 414.000 --------- - (bruto-)uitgekeerde winst (vóór belastingen) : 1.016.000 - opneming belastbare reserves (8.700.000 x 10 %) : - 870.000 --------- - belastbare basis : 146.000 - geraamde verschuldigde Ven.B (146.000 x 20,5 %) : 29.930 --------- De belastbare basis stemt overeen met de opneming van de in 1984 verwezenlijkte en vrijgestelde meerwaarden (art. 36-oud, WIB) ten belope van 160.000 F (1.600.000 F x 10 %) verminderd met de revalorisatie van het verdwenen gestort kapitaal (1.000.000 F x 0,14 x 10 % = 14.000 F). De weerslag op de Ven.B ingevolge de fusie zal er als volgt uitzien : - Gereserveerde winst : Toestand op : 31.12.1990 27.3.1991 - wettelijke reserve : 400.000+ - beschikbare reserve : 6.600.000 6.430.000 - overgedragen winst : 300.000+ - onderschatting voorraden: 200.000 200.000 - belaste voorzieningen voor risico's en kosten : 1.200.000 1.200.000 --------- --------- - totalen : 8.700.000 7.830.000 - opneming : - 870.000 - VU (geraamd bedrag der belastingschulden) : + 29.930 - Uitgekeerde winst (1.016.000 - 29.930) : + 986.070 --------- - Belastbare basis : 146.000
c)weerslag bij vennootschap A
De boekhoudkundige meerwaarde op de aandelen B in het bezit van A bedraagt 70.070, d.w.z. (12.500.000 x 10 % - 29.930) - 1.150.000 = 70.070

Bij de berekening van de fiscale meerwaarde op de aandelen B in het bezit van A moet, wanneer de conventionele inbrengwaarde (12.500.000 F) van het nettoactief kleiner is dan de fiscale nettowaarde (14.300.000 F), in elk geval deze laatste waarde in aanmerking worden genomen. Derhalve bedraagt deze meerwaarde (zie nr. II/734) : - 10 % van de fiscale waarde van B : (14.300.000 x 10 %) : 1.430.000 - geraamd bedrag der belastingschulden : - 29.930 --------- - verschil : 1.400.070 - aanschaffingsprijs aandelen B : - 1.150.000 --------- - fiscale meerwaarde : 250.070 Dit bedrag van 250.070 F komt integraal voor DBI-aftrek in aanmerking en wordt in de boekhouding teruggevonden als uitzonderlijke opbrengst (t.b.v. de boekhoudkundige meerwaarde van 70.070 F) en voor het saldo als een onderschatting (ten dele) van de ingebrachte activa (180.000 F - zie hierna). De aangepaste beginbalans van de vennootschap A ziet er ingevolge de overneming (opslorping) van de vennootschap B samengevat als volgt uit :

Vennootschap A A P -------------------------------------------------------------------------- Vaste activa | Kapitaal Terreinen en gebouwen | (1.800.000 + 5.400.000) 7.200.000 (1.720.000 + 3.200.000) 4.920.000 | Uitgiftepremie 5.850.000 Installaties, enz. | Reserves (210.000 + 2.000.000) 2.210.000 | Wettelijke 130.000 Financiële vaste activa | Belastingvrije 360.000 (1.150.000 + 7.060.000 - | Beschikbare 1.150.000) 7.060.000 | ---------- | 14.190.000 | (980.000 + 70.070) 1.050.070 Vlottende activa | Overgedragen winst 200.000 | --------- Voorraden | 14.790.070 (500.000 + 2.800.000) 3.300.000 | Voorzieningen voor | risico's en kosten Andere | (400.000 + 1.680.000) 2.080.000 (1.110.000 + 2.920.000) 4.030.000 | Schulden --------- | 7.330.000 | (820.000 + 3.800.000) 4.620.000 | Geraamd bedrag der | belastingschulden 29.930 ---------- | ---------- 21.520.000 | 21.520.000 ========== | ========== Bepaling van het gestort kapitaal, de belaste reserves en de vrijgestelde reserves bij vennootschap A : a) gestort kapitaal : - gestort in 1947 (B) : 1.000.000 - gestort in 1948 (A) : 500.000 - gestort in 1960 (B) : 3.000.000 - vermindering in 1991 ingevolge opslorping B - zie nr. II/731 (4.000.000 x 10 %) : - 400.000 --------- 4.100.000 ========= b) belaste reserves : 1° over te dragen reserves : - A : 2.040.000 - B : 8.700.000 x 90 % : 7.830.000 --------- - totaal : 9.870.000 ========= 2° indeling van de over te dragen reserves : - reserves in kapitaal A : 350.000 - wettelijke reserve A : 130.000 - beschikbare reserve A (1.050.070 - 70.070) : 980.000 - overgedragen winst A : 200.000 - belaste voorzieningen A : 350.000 - afschrijvingsexcedent installaties A : 30.000 - belaste voorzieningen B : 1.200.000 - onderschatting voorraden en installaties B : 420.000 --------- - subtotaal : 3.660.000 - reserves in kapitaalverhoging of uitgiftepremie (9.870.000 - 3.660.000) : 6.210.000 --------- 9.870.000 ========= 3° belastbare meerwaarde op aandelen B in het bezit van A waarop de DBI-aftrek van toepassing is : - boekhoudkundige meerwaarde overgeboekt naar de beschikbare reserves : 70.070 - onderschatting van de ingebrachte activa : + 180.000 --------- - totaal : 250.070 ======= Opmerking : de onder 2° hiervoor bedoelde onderschatting op voorraden en installaties B t.b.v. 420.000 is als volgt samengesteld : 200.000 (onderschatting voorraden B) + 400.000 (onderschatting installaties B) - 180.000 (te belasten onderschatting activa B i.v.m. de belastbare meerwaarde op de aandelen B als bedoeld onder 3° hiervoor: zie nr. I- I/732, laatste lid). c) vrijgestelde reserves : 1° over te dragen reserves : - investeringsreserve A : 100.000 - herwaarderingsmeerwaarde A in kapitaal : 950.000 - verwezenlijkte meerwaarden : A : 260.000 B : 1.600.000 x 90 % : 1.440.000 --------- subtotaal : 1.700.000 --------- - totaal : 2.750.000 ========= 2° indeling van de over te dragen vrijgestelde reserves : belastingvrije reserve - op afzonderlijke rekening (100.000 + 260.000) : 360.000 - in kapitaal of uitgiftepremie (950.000 + 1.440.000) : 2.390.000 --------- - totaal : 2.750.000 ========= d) samenstelling kapitaal en uitgiftepremie : - gestort kapitaal : 4.100.000 - belaste reserves (350.000 + 6.210.000) : 6.560.000 - vrijgestelde reserves : 2.390.000 --------- - totaal (7.200.000 + 5.850.000) : 13.050.000 ========== Voorbeeld 2 : fusie door opslorping door een vennootschap die 40 % van de aandelen bezit in de opgeslorpte vennootschap

a)gegevens
II/737
We hernemen het geval van de vennootschappen A en B bedoeld in het voorbeeld 1, 2e mogelijkheid onder de nrs. II/717 en 719, maar met dien verstande dat B 40 % van de aandelen A heeft verworven voor 1.060.000 F (begrepen in de post "Financiële vaste activa" van 7.060.000 F).

B slorpt A op en ter vergoeding van de inbreng die niet is vertegenwoordigd door de aandelen A in haar bezit, verhoogt ze haar kapitaal met 720.000 F en vormt ze een uitgiftepremie van 1.530.000 F (720.000 F + 1.530.000 F = 2.250.000 F = 60 % x 3.750.000 F).



b)weerslag bij vennootschap A
Bij A kan de ingevolge de fusie verschuldigde Ven.B schematisch als volgt worden berekend : - verdwenen vermogen : (2.900.000 F - fiscale nettowaarde vennootschap A - x 40 %) : 1.160.000 - verdwenen gerevaloriseerd gestort kapitaal (500.000 x 1,14 x 40 %) : - 228.000 --------- - (bruto-) uitgekeerde winst (vóór belastingen) : 932.000 - opneming belastbare reserves (2.040.000 x 40 %) : - 816.000 --------- - belastbare basis : 116.000 Deze belastbare basis stemt overeen met : - de opneming van de in 1986 verwezenlijkte en vrijgestelde meerwaarden (art. 36-oud, WIB) ten belope van 260.000 x 40 % : 104.000 - de opneming van de vrijgestelde investeringsreserve ten belope van 100.000 x 40 % : 40.000 - te verminderen met de revalorisatie van het verdwenen gestort kapitaal (500.000 x 0,14 x 40 %) : - 28.000 -------- - saldo : 116.000 Geraamde verschuldigde Ven.B : - afzonderlijke aanslag op meerwaarden (104.000 x 20,5 %) : 21.320 - gewone aanslag (12.000 x 41 %) : 4.920 ------- - totaal (er is geen vermeerdering wegens gebrek aan VA aangezien de principiële vermeerdering kleiner is dan 1.000 F) : 26.240 De weerslag op de Ven.B ingevolge de fusie zal er als volgt uitzien : - Gereserveerde winst : Toestand op : 31.12.1990 27.3.1991 - belaste reserves in kapitaal : 350.000+ - wettelijke reserve : 130.000¦ - beschikbare reserve : 980.000¦ 844.000 - overgedragen winst : 200.000+ - belaste voorzieningen : 350.000 350.000 - afschrijvingsexcedent op installaties : 30.000 30.000 ------- ------- - totalen : 2.040.000 1.224.000 - opneming : - 816.000 - VU (geraamd bedrag der belastingschulden) : + 26.240 - Uitgekeerde winst (932.000 - 26.240) : + 905.760 --------- - Belastbare basis : 116.000 c) weerslag bij vennootschap B De boekhoudkundige meerwaarde op de aandelen A in het bezit van B bedraagt 413.760 F, d.w.z. (3.750.000 x 40 % - 26.240) - 1.060.000. De fiscale meerwaarde op de aandelen A in het bezit van B wordt als volgt berekend : - 40 % fiscale waarde A verminderd met de Ven.B (2.900.000 x 40 % - 26.240) : 1.133.760 - 40 % uitgedrukte meerwaarden ((950.000 + 280.000) x 40 %) : 492.000 --------- 1.625.760 - aanschaffingsprijs aandelen A : - 1.060.000 ----------- - totale meerwaarde : 565.760 ======= Gedeelte van deze meerwaarde dat voor DBI-aftrek in aanmerking komt : - 40 % van de fiscale waarde van A (2.900.000 x 40 %) : 1.160.000 - geraamd bedrag der belastingschulden : - 26.240 --------- - verschil : 1.133.760 - aanschaffingsprijs aandelen A : - 1.060.000 ----------- - verschil : 73.760 Gedeelte van de meerwaarde dat bij toepassing van de art. 38 en 105, WIB als niet verwezenlijkte meerwaarde wordt vrijgesteld (565.760 - 73.760) : 492.000 Het bedrag van 565.760 F wordt in de boekhouding teruggevonden :
  • voor 413.760 F als uitzonderlijke opbrengst (73.760 F wordt naar de beschikbare reserves overgeboekt en komt voor DBI-aftrek in aanmerking; 340.000 F kan, mits overboeking naar een belastingvrije reserve, bij toepassing van de art. 38 en 105, WIB worden vrijgesteld);
  • voor 152.000 F als belastingvrije reserve in kapitaal of uitgiftepremie (toepassing art. 38 en 105, WIB).
De aangepaste beginbalans van de vennootschap B ziet er ingevolge de overneming (opslorping) van de vennootschap A samengevat als volgt uit :

Vennootschap B A P -------------------------------------------------------------------------- Vaste activa | Kapitaal Terreinen en gebouwen | (4.000.000 + 720.000) 4.720.000 (3.200.000 + 2.000.000) 5.200.000 | Uitgiftepremie 1.530.000 Installaties, enz. | Reserves (2.400.000 + 210.000) 2.610.000 | Wettelijke 400.000 Financiële vaste activa | Belastingvrije (7.060.000 - 1.060.000 + | (1.600.000 + 340.000) 1.940.000 1.150.000) 7.150.000 | ---------- | 14.960.000 | Beschikbare | (6.600.000 + 73.760) 6.673.760 | Overgedragen winst 300.000 | ---------- | 15.563.760 | Vlottende activa | Voorraden | Voorzieningen voor | risico's en kosten (2.800.000 + 500.000) 3.300.000 | (1.680.000 + 400.000) 2.080.000 Andere | Schulden (2.920.000 + 1.110.000) 4.030.000 | (3.800.000 + 820.000) 4.620.000 --------- | 7.330.000 | Geraamd bedrag der --------- | belastingschulden 26.240 | ---------- 22.290.000 | 22.290.000 ========== | ========== Bepaling van het gestort kapitaal, de belaste reserves en de vrijgestelde reserves bij vennootschap B : a) gestort kapitaal : - gestort in 1947 (B) : 1.000.000 - gestort in 1948 (A) : 500.000 - gestort in 1960 (B) : 3.000.000 - vermindering in 1991 ingevolge de opslorping A - zie nr. II/731 (500.000 x 40 %) : - 200.000 --------- 4.300.000 ========= b) belaste reserves : 1° over te dragen reserves : - A (2.040.000 x 60 %) : 1.224.000 - B : 8.700.000 --------- - totaal : 9.924.000 2° indeling van de over te dragen reserves : - wettelijke reserve B 400.000 - beschikbare reserve B (6.673.760 - 73.760) : 6.600.000 - overgedragen winst B : 300.000 - belaste voorzieningen B : 1.200.000 - onderschatting voorraden B : 200.000 - belaste voorzieningen A : 350.000 - afschrijvingsexcedent installaties A : 30.000 --------- - subtotaal : 9.080.000 - reserves in kapitaal en uitgiftepremie (9.924.000 - 9.080.000) : 844.000 --------- 9.924.000 ========= 3° belastbare meerwaarde op aandelen A in het bezit van B waarop de DBI-aftrek van toepassing is (overgeboekt naar beschikbare reserves) : 73.760 ====== c) vrijgestelde reserves : 1° over te dragen reserves : - investeringsreserve A (100.000 x 60 %) : 60.000 - verwezenlijkte meerwaarden : A (260.000 x 60 %) : 156.000 B : 1.600.000 --------- 1.756.000 - uitgedrukte, niet verwezenlijkte meerwaarden : A (1.230.000 x 60 %) : 738.000 --------- - totaal : 2.554.000 2° gedeelte fiscale meerwaarde op aandelen A in het bezit van B dat als niet verwezenlijkte meerwaarde wordt vrijgesteld : - belastingvrije reserves : 340.000 - in kapitaal : 152.000 ------- 492.000 --------- 3° totaal (1° + 2°) : 3.046.000 ========= 4° indeling van de reserves - belastingvrije reserves (1.600.000 + 340.000) : 1.940.000 - in kapitaal en uitgiftepremie (60.000 + 156.000 + 738.000 + 152.000) : 1.106.000 --------- 3.046.000 ========= d) samenstelling kapitaal en uitgiftepremie : - gestort kapitaal : 4.300.000 - belaste reserves : 844.000 - vrijgestelde reserves : 1.106.000 --------- - totaal (4.720.000 + 1.530.000) : 6.250.000 ========= Voorbeeld 3 : fusie door opslorping door een vennootschap die alle aandelen bezit in de opgeslorpte vennootschap

a)gegevens
II/738
Nemen we opnieuw het geval van de vennootschappen A en B, bedoeld in het voorbeeld 1, 2e mogelijkheid onder de nrs. II/717 en 719, maar met dien verstande dat B in 1990 alle aandelen A heeft aangekocht (aankoopprijs begrepen in de post "Financiële vaste activa") en op 27.3.1991 A met uitwerking op 1.1.1991 opslorpt zonder uitgifte van nieuwe aandelen. Naar aanleiding van die fusie neemt B de bestanddelen van A tegen boekwaarde op in haar boekhouding.



b)weerslag bij vennootschap A
Bij vennootschap A kan de ingevolge de fusie verschuldigde Ven.B schematisch als volgt worden berekend : - verdwenen vermogen (2.900.000 - fiscale nettowaarde vennootschap A - x 100 %) : 2.900.000 - verdwenen gerevaloriseerd gestort kapitaal (500.000 x 100 % x 1,14) : - 570.000 --------- - (bruto-) uitgekeerde winst (vóór belastingen) : 2.330.000 - opneming belastbare reserves (2.040.000 x 100 %) : - 2.040.000 --------- - belastbare basis : 290.000 Deze belastbare basis stemt overeen met : - de volledige opneming van de in 1986 verwezenlijkte en vrijgestelde meerwaarden - art. 36-oud, WIB (260.000 x 100 %) : 260.000 - de volledige opneming van de vrijgestelde investeringsreserve (100.000 x 100 %) : 100.000 - te verminderen met de revalorisatie van het verdwenen gestort kapitaal (500.000 x 100 % x 0,14) : - 70.000 ------- 290.000 Geraamde verschuldigde Ven.B : - afzonderlijke aanslag op meerwaarden (260.000 x 20,5 %) : 53.300 - gewone aanslag (30.000 x 41 %) : 12.300 - vermeerdering VA (12.300 x 15 %) : 1.845 ------ - totaal : 67.445 De weerslag op de Ven.B ingevolge de opslorping zal er als volgt uitzien : - Gereserveerde winst : Toestand op : 31.12.1990 27.3.1991 - belaste reserves : 2.040.000 0 - opneming : - 2.040.000 - VU (geraamd bedrag der belastingschulden) : + 67.445 - Uitgekeerde winst (2.330.000 - 67.445) : + 2.262.555 ----------- - Belastbare basis : 290.000 c) weerslag bij vennootschap B 1e veronderstelling : de aandelen A werden aangekocht voor een bedrag van 3.000.000 F

II/739
De boekhoudkundige meerwaarde op de aandelen A bedraagt 402.555 F, d.w.z. : - activa A : 4.690.000 - voorzieningen voor risico's en kosten : 400.000 - schulden : 820.000 - geraamd bedrag der belastingschulden : 67.445 ------- - 1.287.445 --------- - verschil : 3.402.555 - boekwaarde aandelen A (bij B) : - 3.000.000 --------- - boekhoudkundige meerwaarde : 402.555 --------- De bij A bestaande belaste en vrijgestelde reserves worden niet naar B overgedragen (vermindering 100 %). In de kol. 4 en 13 van de opgave 328D moet worden bijgeschreven : - 1948 (gestort) : 500.000 - 1991 (vermindering ingevolge overneming) : - 500.000 De fiscale meerwaarde op de aandelen A kan als volgt worden berekend : - fiscale nettowaarde vennootschap A : 2.900.000 - geraamd bedrag der belastingschulden : - 67.445 - herwaarderingsmeerwaarde op onroerende goederen A : + 950.000 --------- - nettowaarde vennootschap A : 3.782.555 - fiscale waarde bij B van de aandelen A : - 3.000.000 --------- - meerwaarde : 782.555 Aangezien in dit geval de fiscale nettowaarde van de vennootschap A (2.900.000 - 67.445) kleiner is dan de aanschaffingsprijs van de aandelen A (3.000.000), bestaat de voormelde meerwaarde niet uit twee onderscheiden delen (zie nr. II/734), doch slechts uit één daarvan, met name uit een meerwaarde die bij toepassing van de art. 38 en 105, WIB van belasting kan worden vrijgesteld, op voorwaarde dat :
  • de in de boekhouding als uitzonderlijke opbrengsten teruggevonden meerwaarde op de aandelen A (402.555 F) wordt overgeboekt naar de "Belastingvrije reserves";
  • het verschil van 380.000 F (782.555 F - 402.555 F), dat in feite overeenstemt met het verschil tussen de onder hun specifieke benaming in te schrijven reserves van vennootschap A (350.000 F + 30.000 F) en de over te dragen belaste reserves (0 F ingevolge de vermindering van 100 %), wordt overgeboekt naar de "Belastingvrije reserves" (zie nr. II/732, 2e lid); deze laatste overboeking kan B bewerkstelligen door de voorzieningen voor risico's en kosten ten belope van 350.000 F en het in de afschrijvingen op installaties begrepen excedent van 30.000 F naar de "Belastingvrije reserves" over te boeken, zoniet dienen deze bedragen te worden opgenomen als belastbare reserves op het einde van het belastbare tijdperk waarin de opslorping heeft plaatsgevonden.
II/740 2e veronderstelling : de aandelen A werden aangekocht voor een bedrag van 6.000.000 F

B boekt het verschil tussen de boekwaarde van de overgenomen bestanddelen (3.402.555 F = 4.690.000 F - 400.000 F - 820.000 F - 67.445 F) en de voormelde aankoopprijs, als uitzonderlijke kost (d.w.z. 2.597.445 F). Deze minderwaarde moet in principe worden belast door de onder hun specifieke benaming in te schrijven reserves op te nemen onder de belastbare reserves op het einde van het belastbare tijdperk waarin de overneming (opslorping) heeft plaatsgevonden, en door het saldo op te nemen onder de verworpen uitgaven. De vennootschap B kan evenwel haar boekhouding aanpassen door het bedrag van 2.597.445 F op de resultatenrekening te crediteren via het debet van de onderscheiden bestanddelen (terreinen en gebouwen, installaties, immateriële vaste activa zoals goodwill, voorzieningen, ...) die n.a.v. de inbreng werden onderschat (activa) of overschat (passiva).

Derhalve moet de boekhoudkundige minderwaarde als volgt worden rechtgezet (zie nr. II/735) : - afschrijvingsexcedent op installaties : 30.000 - belaste voorzieningen voor risico's en kosten : 350.000 - verworpen uitgave : 2.217.445 --------- - totaal : 2.597.445 Voorbeeld 4 : splitsing

a)gegevens
II/741
Hernemen we het geval van de vennootschap V, bedoeld in het voorbeeld 2 onder het nr. II/721, die wordt gesplitst door inbreng van haar vermogen in de bestaande vennootschappen X en Y, maar met dien verstande dat X in het bezit is van 15 % van de aandelen V, die ze voor 7.000.000 F heeft verworven.



b)weerslag bij de vennootschap V
Bij V kan de ingevolge de splitsing verschuldigde Ven.B schematisch als volgt worden berekend : - verdwenen vermogen (30.000.000 - fiscale nettowaarde vennootschap V - x 15 %) : 4.500.000 - verdwenen gerevaloriseerd gestort kapitaal (5.000.000 x 15 % x 2,35) : - 1.762.500 --------- - (bruto-)uitgekeerde winst vóór belastingen : 2.737.500 - opneming belastbare reserves (17.000.000 x 15 %) : - 2.550.000 --------- - belastbare basis : 187.500 De belastbare basis stemt in feite overeen met : - de opneming van de vrijgestelde herschattingsmeerwaarde (1947) ten belope van 6.000.000 F x 15 % : 900.000 - de opneming van de vóór 1.1.1990 verwezenlijkte en vrijgestelde meerwaarden - art. 36-oud, WIB - ten belope van 2.000.000 x 15 % : 300.000 - te verminderen met de revalorisatie van het verdwenen gestort kapitaal (5.000.000 x 15 % x 1,35) : - 1.012.500 --------- 187.500 Bijgevolg bedraagt de geraamde verschuldigde Ven.B 38.438 F (187.500 F x 20,5 %) en de uitgekeerde winst 2.699.062 F (2.737.500 F - 38.438 F).

c)weerslag bij de vennootschap X
Bij de splitsing wordt de inbreng vertegenwoordigd door de aandelen V in het bezit van X niet vergoed met nieuwe aandelen X en gaat deze laatste over tot een kapitaalverhoging van : - waarde van de inbreng : 25.000.000 - gedeelte van het vermogen van V, vertegenwoordigd door de aandelen V in het bezit van X [(25.000.000 + 17.000.000) x 15 %] : - 6.300.000 ---------- - kapitaalverhoging : 18.700.000 Het verschil tussen eensdeels, de waarde van de netto-inbreng (25.000.000 F - 38.438 F = 24.961.562 F) en anderdeels, de kapitaalverhoging en de aankoopprijs van de aandelen V (18.700.000 F + 7.000.000 F = 25.700.000 F) of, 738.438 F, wordt door X als uitzonderlijke kost geboekt. Deze minderwaarde op aandelen is op fiscaal vlak als volgt samengesteld : a) verschil tussen de fiscale waarde van de aandelen V en de aankoopprijs : - fiscale waarde aandelen V (30.000.000 x 15 %) : 4.500.000 - geraamd bedrag der belastingschulden : - 38.438 --------- - netto-fiscale waarde aandelen V : 4.461.562 - aankoopprijs aandelen V : - 7.000.000 --------- - verschil : - 2.538.438 b) uitgedrukte, niet verwezenlijkte meerwaarden (12.600.000 x 15 %) : + 1.890.000 c) inbrengminderwaarde (600.000 x 15 %) : - 90.000 --------- d) totaal : - 738.438 Opmerkingen :
  • het bedrag van 12.600.000 onder b hiervoor is als volgt samengesteld : 1.500.000 + 500.000 + 3.000.000 + 2.400.000 + 3.200.000+2.000.000;
  • het bedrag van 600.000 onder c hiervoor is als volgt samengesteld : 30.000.000 (fiscale waarde van V) + 12.600.000 (uitgedrukte niet verwezenlijkte meerwaarden) - 25.000.000 (inbreng bij X) - 17.000.000 (inbreng bij Y).
Samenstelling van de kapitaalverhoging bij X : - gestort kapitaal : - aandeel X vóór vermindering : 3.000.000 - toe te passen vermindering [3.000.000 x 15 % x 30.000.000/18.000.000 (of 5/3)] : - 750.000 --------- 2.250.000 - belaste reserves : - aandeel X vóór vermindering : 10.200.000 - toe te passen vermindering (10.200.000 x 15 % x 5/3) : - 2.550.000 ---------- - blijft : 7.650.000 - waarvan niet in kapitaal (afschrijvingsexcedent op installaties) : - 400.000 ---------- 7.250.000 - vrijgestelde reserves : - herschattingsmeerwaarde [3.600.000 - (3.600.000 x 15 % x 5/3)] : 2.700.000 - verwezenlijkte meerwaarden [1.200.000 - (1.200.000 x 15 % x 5/3)] : 900.000 - niet verwezenlijkte meerwaarden ((1.500.000 + 500.000 + 3.000.000 + 2.400.000) - (1.890.000 - 90.000)) : 5.600.000 --------- 9.200.000 - totaal : 18.700.000 ========== De minderwaarde op de aandelen V (t.b.v. 738.438F) moet als verworpen uitgave worden belast, tenzij de vennootschap X haar boekhouding zou aanpassen door het bedrag van 738.438 F op de resultatenrekening te crediteren via het debet van de onderscheiden activa- en passivabestanddelen. VII. VERKRIJGING VAN EIGEN AANDELEN NAAR AANLEIDING VAN EEN FUSIE OF SPLITSING MET TOEPASSING VAN ART. 124, WIB

A. Algemeen

II/742
Zoals reeds gezegd in nr. II/710 kan een opslorpende vennootschap eigen aandelen verkrijgen omdat :

  • de opgeslorpte of gesplitste vennootschap aandelen bezat in de opslorpende vennootschap;
  • de opslorpende vennootschap die aandelen bezat in de opgeslorpte of gesplitste vennootschap toch tot volledige vergoeding in nieuwe aandelen overgaat.
De bijzonderheid die t.a.v. de voormelde verrichtingen in acht moet worden genomen bestaat erin dat, uitsluitend m.b.t. belastingvrije fusie of splitsing als bedoeld in art. 124, WIB, de uitgekeerde winst als bedoeld in art. 103, § 1, WIB, die bij de opslorpende vennootschap inzonderheid n.a.v. de vernietiging van deze eigen aandelen (maar eventueel ook n.a.v. de boeking van waardeverminderingen of de vervreemding) moet worden belast, moet worden vastgesteld aan de hand van de oorspronkelijke fiscale waarde (d.w.z. in de regel de oorspronkelijke aanschaffingsprijs, eventueel verminderd met de voorheen aangenomen waardeverminderingen en verhoogd met de belaste meerwaarden) die naargelang van het geval de eigen aandelen bij de opgeslorpte vennootschap hadden (i.p.v. de werkelijke inbrengwaarde) of die de omgeruilde aandelen van de opgeslorpte of gesplitste vennootschap bij de opslorpende vennootschap hadden (i.p.v. de werkelijke waarde).

Voorts kan worden verwezen naar de onderrichtingen van de 28° aflevering van onderhavige circ., meer bepaald naar de nrs. II/124 en 125, m.b.t. de verkrijging van eigen aandelen onder algemene titel.

B. Voorbeelden

Voorbeeld 1 : de opgeslorpte vennootschap bezat aandelen in de opslorpende vennootschap

II/743
We hernemen het geval van de vennootschappen A en B bedoeld in het voorbeeld 1 onder nr. II/717, maar met dien verstande dat A 242 aandelen B (op een totaal van 1.000) heeft verworven voor 1.150.000 F (= de post "Financiële vaste activa").

Het kapitaal van vennootschap A (1.800.000 F) is vertegenwoordigd door 1.800 aandelen met een nominale waarde van 1.000 F.

Het kapitaal van vennootschap B (4.000.000 F) is vertegenwoordigd door 1.000 aandelen met een nominale waarde van 4.000 F.

De vennootschap A wordt door de vennootschap B opgeslorpt. De conventionele inbrengwaarde van A bedraagt 5.625.000 F d.w.z. 3.750.000 F verhoogd met de inbrengmeerwaarde op de aandelen B in het bezit van A.

Deze inbrengmeerwaarde (1.875.000 F) is gelijk aan het verschil tussen :

  • de conventionele inbrengwaarde van de aandelen B in het bezit van A, nl. 3.025.000 F (12.500.000 F x 242/1000), en
  • de oorspronkelijke aanschaffingsprijs van deze aandelen (1.150.000 F).
Ter vergoeding van de inbreng door A verhoogt B haar kapitaal met 1.800.000 F (5.625.000/12.500.000 x 4.000.000) door uitgifte van 450 nieuwe aandelen B (450 x 4.000 F = 1.800.000 F) en vormt ze een uitgiftepremie van 3.825.000 F. Omwille van de verkrijging van 242 eigen aandelen, crediteert de vennootschap B een rekening "onbeschikbare reserve voor eigen aandelen" door debitering van de "beschikbare reserves", t.b.v. 3.025.000 F.

De aangepaste beginbalans van de vennootschap B ziet er ingevolge de opslorping van de vennootschap A samengevat als volgt uit : A P ------------------------------------------------------------------------- Vaste activa | Kapitaal Terreinen en gebouwen | (4.000.000 + 1.800.000) 5.800.000 (3.200.000 + 2.000.000) 5.200.000 | Uitgiftepremie 3.825.000 Installaties, enz. | Reserves (2.400.000 + 210.000) 2.610.000 | Wettelijke 400.000 Financiële vaste activa 7.060.000 | Belastingvrije 1.600.000 ---------- | 14.870.000 | Beschikbare 3.575.000 Vlottende activa | Onbeschikbare voor | eigen aandelen 3.025.000 Voorraden | Overgedragen winst 300.000 | ---------- (2.800.000 + 500.000) 3.300.000 | 18.525.000 Andere | Voorzieningen voor | risico's en kosten (2.920.000 + 1.110.000) 4.030.000 | (1.680.000 + 400.000) 2.080.000 242 eigen aandelen B 3.025.000 | Schulden ---------- | 10.355.000 | (3.800.000 + 820.000) 4.620.000 ---------- | ---------- 25.225.000 | 25.225.000 ========== | ========== Het kapitaal van de vennootschap B is na de opslorping vertegenwoordigd door 1.450 (1.000 + 450) aandelen. De vennootschap B heeft daarvan 242 "eigen aandelen" in portefeuille met een waarde van 3.025.000 F. De oorspronkelijke aanschaffingsprijs bij vennootschap A van deze aandelen B bedroeg 1.150.000 F. Het verschil van 1.875.000 F wordt als inbrengmeerwaarde in kapitaal of uitgiftepremie teruggevonden. Behoudens de overboeking naar de onbeschikbare reserves, zijn bij B na de opslorping de belaste reserves op dezelfde wijze samengesteld als in het voorbeeld 1, 2e mogelijkheid, onder nr. II/719. Ook de vrijgestelde reserves zijn op dezelfde wijze samengesteld, met uitzondering van de uitgedrukte, niet verwezenlijkte meerwaarden die als volgt kunnen worden onderverdeeld : - vroegere meerwaarden op onroerende goederen A : 950.000 - inbrengmeerwaarden op onroerende goederen A : 280.000 - inbrengmeerwaarden op eigen aandelen B : 1.875.000 --------- - totaal in kapitaal of uitgiftepremie : 3.105.000 De samenstelling van het kapitaal en de uitgiftepremie : - gestort kapitaal : 4.500.000 - belaste reserves : 1.660.000 - vrijgestelde reserves (360.000 + 3.105.000): 3.465.000 --------- - totaal (5.800.000 + 3.825.000) : 9.625.000 Op de 242 eigen aandelen B in portefeuille moeten de bepalingen van art. 103, §§ 1 en 3, WIB worden toegepast, zodat onmiddellijk na de verkrijging ervan het gestort kapitaal moet worden verminderd t.b.v. 751.034 F, d.w.z. 4.500.000 x 242/1.450. De opgave 328D moet als volgt worden bijgewerkt : - kol. 2 (verrichtingen) : verkrijging 242 eigen aandelen - kol. 4 (gestort kapitaal: verminderen met) : - 751.034 - kol. 8 (inschrijving met vermelding : eigen aandelen in portefeuille) : + 751.034 De aldus verkregen 242 eigen aandelen mogen tot beloop van 10 % van het geplaatste kapitaal voor onbeperkte termijn in portefeuille worden gehouden. Boven deze 10 % worden zij rechtens van onwaarde indien ze niet binnen een termijn van 12 maanden vanaf hun verkrijging zijn vervreemd (art. 52bis, § 4, 2e en 3e lid, SWHV). Tot naleving van deze bepalingen gaat de vennootschap B, vóór het einde van 1991, over tot vernietiging van 97 eigen aandelen (242 - 1.450 x 10 %), en boekt zij : Onbeschikbare reserve voor eigen aandelen (3.025.000 x 97/242) 1.212.500 a/ Eigen aandelen 1.212.500 Weerslag op het resultaat van de vennootschap B voor het aj. 1992 (boekjaar 1991) : - vermindering van de onbeschikbare reserves : - 1.212.500 - belaste reserves in kapitaal (751.034 x 97/242) : + 301.034 - belaste reserve in kapitaal of uitgiftepremie (inbrengmeerwaarde op eigen aandelen B die n.a.v. de vernietiging belastbaar wordt : 1.875.000 x 97/242) : + 751.550 --------- - 159.916 - uitgekeerde winst : - oorspronkelijke aanschaffingsprijs aandelen B bij A (1.150.000 x 97/242) : 460.950 - gerevaloriseerd gestort kapitaal 1947 (B) 1948 (A) [(1.000.000 + 500.000) x 1,14] : 1.710.000 1960 (B) : + 3.000.000 ----------- 4.710.000 x 97/1.450 ----------- - 315.083 --------- + 145.867 --------- - 14.049 De opgave 328 D moet als volgt worden bijgewerkt : - kol. 6 (belaste reserves : inschrijven) : + 301.034 - kol. 8 (eigen aandelen in portefeuille) : - 301.034 Voorbeeld 2 : de opslorpende vennootschap die aandelen bezat in de opgeslorpte vennootschap gaat toch tot volledige vergoeding in nieuwe aandelen over II/744
We hernemen het geval van de vennootschappen A en B in het voorbeeld 2 onder nr. II/737, maar met dien verstande dat B toch tot volledige vergoeding in nieuwe aandelen overgaat.

Het kapitaal van vennootschap A (1.800.000 F) is vertegenwoordigd door 1.800 aandelen met een nominale waarde van 1.000 F. B bezit 40 % van de aandelen A, d.w.z. 720 aandelen A.

Het kapitaal van vennootschap B (4.000.000 F) is vertegenwoordigd door 1.000 aandelen met een nominale waarde van 4.000 F.

De vennootschap A wordt door de vennootschap B opgeslorpt. De overeengekomen waarde van A bedraagt zoals in hogergenoemd voorbeeld 3.750.000 F, terwijl de overeengekomen waarde van B 12.940.000 F bedraagt, d.w.z. 12.500.000 + (3.750.000 x 40 % - 1.060.000). Ter vergoeding van de inbreng door A verhoogt B haar kapitaal met 1.160.000 F door uitgifte van 290 nieuwe aandelen B (290 x 4.000 F = 1.160.000 F) en vormt ze een uitgiftepremie van 2.590.000 F. De aandeelhouders van A bekomen derhalve 290 nieuwe aandelen B voor de 1.800 oude aandelen A. Door de omruiling komt B in handen van 116 nieuwe aandelen B (720 x 290/1800). Het kapitaal van de vennootschap B is na de opslorping vertegenwoordigd door 1.290 aandelen (1.000 + 290). De 116 eigen aandelen worden geboekt tegen hun werkelijke waarde, d.w.z. 1.500.000 F (3.750.000 F x 40 %), door creditering van de oude aandelen A (1.060.000 F) en van de belastingvrije reserves (440.000 F - meerwaarde art. 38, WIB). Omwille van de verkrijging van 116 eigen aandelen, crediteert de vennootschap B tevens een rekening "onbeschikbare reserve voor eigen aandelen" door debitering van de "beschikbare reserves" (1.500.000 F).

De aangepaste beginbalans van de vennootschap B ziet er ingevolge de opslorping van de vennootschap A samengevat als volgt uit : A P -------------------------------------------------------------------------- Vaste activa | Kapitaal Terreinen en gebouwen | (4.000.000 + 1.160.000) 5.160.000 (3.200.000 + 2.000.000) 5.200.000 | Uitgiftepremie 2.590.000 | Reserves Installaties, enz. | Wettelijke 400.000 (2.400.000 + 210.000) 2.610.000 | Belastingvrije | (1.600.000 + 440.000) 2.040.000 Financiële vaste activa | Beschikbare 5.100.000 (7.060.000 + 1.150.000 - | Onbeschikbare voor 1.060.000) 7.150.000 | eigen aandelen 1.500.000 ---------- | 14.960.000 | Overgedragen winst 300.000 | ---------- | 17.090.000 | Vlottende activa | Voorraden | Voorzieningen voor | risico's en kosten (2.800.000 + 500.000) 3.300.000 | (1.680.000 + 400.000) 2.080.000 Andere | (2.920.000 + 1.110.000) 4.030.000 | Schulden 116 eigen aandelen B 1.500.000 | (3.800.000 + 820.000) 4.620.000 --------- | 8.830.000 | ---------- | ---------- 23.790.000 | 23.790.000 ========== | ========== Bij B is het "totaal" van kapitaal en uitgiftepremie op dezelfde wijze samengesteld als in voorbeeld 1, 2e mogelijkheid, onder nr. II/719 (de afzonderlijke posten "kapitaal" en "uitgiftepremie" vertonen evenwel een verschil van 40.000 F, gelet op het gelijkaardig verschil in kapitaalverhoging). Behoudens de overboeking naar de onbeschikbare reserves, zijn bij B de belaste reserves eveneens op dezelfde wijze samengesteld als in voornoemd voorbeeld.

Ook de vrijgestelde reserves zijn op dezelfde wijze samengesteld, met uitzondering van de uitgedrukte, niet verwezenlijkte meerwaarden die als volgt kunnen worden onderverdeeld : - vroegere meerwaarden op onroerende goederen A : 950.000 - inbrengmeerwaarden op onroerende goederen A : 280.000 --------- - totaal (in kapitaal of uitgiftepremie) : 1.230.000 - meerwaarde ingevolge de omruiling van 720 aandelen A tegen 116 aandelen B (op afzonderlijke passiefrekening) : 440.000 --------- 1.670.000 De vennootschap B gaat onmiddellijk na de verkrijging van de 116 eigen aandelen over tot vernietiging van die aandelen, en boekt : Onbeschikbare reserve voor eigen aandelen : 1.500.000 a/ Eigen aandelen 1.500.000 Daarenboven boekt zij de meerwaarde ingevolge de omruiling (belastingvrije reserve) over naar de beschikbare reserves (440.000 F). De opgave 328D moet als volgt worden bijgewerkt : - kol. 2 (verrichtingen) : vernietiging van 116 eigen aandelen - kol. 4 (gestort kapitaal - verminderen met 4.500.000 x 116/1.290) : - 404.651 - kol. 6 (belaste reserves : inschrijven) : + 404.651 Weerslag op het resultaat van de vennootschap B voor het aj. 1992 (boekjaar 1991) : - vermindering van de onbeschikbare reserves : - 1.500.000 - belaste reserves in kapitaal : + 404.651 - overboeking naar beschikbare reserves : + 440.000 ----------- - 655.349 - uitgekeerde winst : - oorspronkelijke aanschaffingsprijs 720 aandelen A bij B : 1.060.000 - gerevaloriseerd gestort kapitaal : 1947 (B) 1948 (A) [(1.000.000 + 500.000) x 1,14] : 1.710.000 1960 (B) : + 3.000.000 ----------- 4.710.000 x 116/1.290 ----------- - 423.535 --------- + 636.465 --------- - 18.884 VIII. OMZETTING VAN VENNOOTSCHAPPEN II/745
Er kan mutatis mutandis worden verwezen naar de bepalingen van de Com.IB 124/12 tot 15 (er wordt in het kader van deze aflevering niet ingegaan op de opheffing aangebracht door art. 21, W 28.7.1992 houdende fiscale en financiële bepalingen - V 2185 - Bull. 719 - inzake de opname van bepaalde voorschotten in kapitaal). Uiteraard moet voor de omzettingen vanaf 1.1.1990 niet meer worden gesproken van de bijzondere aanslag van art. 118 (oud), WIB, maar wel van de huidige bepalingen van de art. 117 en 118, WIB inzake belastbare vereffeningen (art. 124, § 2, WIB).

IX. INWERKINGTREDING

II/746
De nieuwe bepalingen van art. 124, WIB en van de art. 74 tot 76, KB/WIB zijn van toepassing op de verrichtingen die vanaf 1.1.1990 plaatsgrijpen (zie art. 333, § 1, 9°, W 22.12.1989 en art. 2, KB 11.7.1991), d.w.z. met betrekking tot de fusies, splitsingen, ontbindingen zonder verdeling van maatschappelijk vermogen en omzettingen van vennootschappen die ten vroegste op 1.1.1990 plaatsvinden.

De bijzondere aandacht wordt erop gevestigd dat, voor de toepassing van die nieuwe bepalingen van art. 124, WIB en van de art. 74 tot 76, KB/WIB, de datum van de beoogde verrichtingen die is waarop de bevoegde organen van de vennootschap overeenkomstig de voorgeschreven regels de fusies, splitsingen, ontbindingen zonder verdeling van maatschappelijk vermogen en omzettingen hebben beslist. Noch het feit dat die beslissingen bijzondere bepalingen omtrent hun uitwerking (en meer bepaald een retroactiviteitsclausule) zouden bevatten, noch de vraag of die bepalingen tegenstelbaar zijn aan de administratie, hebben ter zake enig belang (zie PV nr. 79 van 11.5.1992 gesteld door Volksv. DE CLIPPELE, Bull. VA nr. 14, Kamer, Buitengewone Zitting 1991-1992, blz. 723).