Aanschrijving nr. 1 dd. 02.01.1995
AANSCHRIJVING 95/001
Aanschrijving nr. 1 dd. 02.01.1995
BTW-Revue nr. 112, blz. 31
Deze aanschrijving vervangt de aanschrijving nr. 1 dd. 30.01.1984.
Bijzondere regeling belastingheffing over de winstmarge
Gebruikte goederen
Kunstvoorwerpen
Voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten
Art. 58, § 4, W.BTW
INHOUDSTAFEL Voorwerp van de aanschrijving 1-2 Eerste afdeling - Draagwijdte van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. Artikel 58, § 4, van het Wetboek. I. Definities A. Gebruikte goederen 3-4 B. Kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten 5 C. Belastingplichtige wederverkoper 6 II. Algemene draagwijdte van de bijzondere regeling 7-16 III. Bijzondere bepalingen van toepassing op kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten 17-24 IV. Bijzondere bepalingen van toepassing bij openbare verkopen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten 25 V. Werking van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge 26 A. Goederen bedoeld in artikel 58, § 4, van het Wetboek, waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling toepast 27-28 Wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing per aangiftetijdvak 29-33 Facturering 34 Niet-aftrek van de BTW in hoofde van de kopers 35 Toepassing van de normale regeling 36 Wettelijk vermoeden dat geldt tot bewijs van het tegendeel 37-39 Intracommunautaire handelingen. Afwijkingen van de overgangsregeling 40-55 Intracommunautaire verwervingen in België van bedoelde goederen onder bezwarende titel door een belastingplichtige wederverkoper, naargelang de hoedanigheid van de verkoper in de Lid-Staat van herkomst 56-60 Intracommunautaire leveringen 61-64 B. Goederen waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling niet kan toepassen 65-66 C. Goederen beoogd door de bijzondere regeling maar welke door de belastingplichtige wederverkoper zelf uit de bijzondere regeling werden gesloten 67-68 VI. Aftrekregeling voor de belastingplichtige wederverkopers van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten 69-70 Afdeling 2 - Voorwaarden en modaliteiten van de toepassing van de bijzondere regeling, bedoeld in artikel 58, § 4, van het Wetboek 71 I. Voorwaarden A. Algemeenheden 72 B. Opstellen van een aankoopborderel of ontvangst van een factuur 73-75 C. Bewijsmiddelen 76-79 D. Houden van een aankoopregister van de bedoelde goederen 80-83 Regularisaties 84-85 E. Houden van een vergelijkingsregister 86 F. Identificatie van de gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die de belastingplichtige wederverkoper in zijn bezit heeft 87 Afdeling 3 - Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge I. Periodieke afsluiting van het ontvangstenboek en van het boek voor uitgaande facturen 88-89 II. Periodieke afsluiting van het aankoopregister 90 III. A. Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de winstmargeregeling gedurende het aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar (art. 3, 4de lid, van het koninklijk besluit). Transport naar het vergelijkingsregister 91-94 III. B. Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder winstmargeregeling gedurende het laatste aangiftetijdvak van het jaar (art. 3, 2de, 5de en 6de lid, van het koninklijk besluit) 95-98 IV. A. Voorbeeld voor de berekening van de BTW voor de handelingen verricht met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge gedurende een aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar 99 IV. B. Voorbeeld voor de berekening van de BTW voor de handelingen verricht met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge gedurende het laatste aangiftetijdvak van het jaar 100 Afdeling 4 - Uitvoer. Verkopen aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling 101 Afdeling 5 - Bijzondere bepalingen van toepassing op kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten I. Invoer van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten - Aankoop van kunstvoorwerpen bij bepaalde belastingplichtigen, andere dan belastingplichtige wederverkopers A. Toepasselijk tarief 102 B. Keuze 103-111 C. Verkoop onder de normale regeling van de belasting 112-117 II. Leveringen door een Duitse belastingplichtige wederverkoper van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten 118 Afdeling 6 - Bijzondere bepalingen van toepassing bij openbare verkopen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten 119 I. In aanmerking te nemen verkoopprijs bij openbare verkopen waar de kosten ten laste van de kopers bedongen zijn 120-121 II. Het boeken van de aankopen en de verkopen 122 A. Aankopen 123-126 B. Verkopen 127-128 C. Vaststelling van de wegens de publieke verkoop aan de Staat verschuldigde belasting. Ontheffing om een ontvangstenboek te houden 129-131 III. Bijzonder geval. De verkoopzaal, die handelt als consignataris commissionair-verkoper, stelt een bedoeld goed openbaar te koop en koopt zelf het goed om het later door te verkopen 132 IV. Bijzonder geval. De verkoopzaal die handelt als consignataris commissionair-verkoper, stelt een bedoeld goed openbaar te koop en wijst het toe aan diegene die het in consignatie had gegeven 133-135 V. Tussenkomst van de verkoopzaal in de hoedanigheid van mandataris van de verzoekers van de openbare verkoop 136-140 Afdeling 7 - Diverse gevallen - Onttrekking - Formaliteiten en voorwaarden - Gebruik in de onderneming - Overdracht I. Onttrekking door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn privé-doeleinden van voor doorverkoop onder de winstmargeregeling bestemde goederen 141-142 II. Onttrekking - Formaliteiten en voorwaarden 143-145 III. Gebruik door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn economische activiteit van voor doorverkoop onder de winstmargeregeling bestemde goederen 146 IV. Overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling omvattende de goederen onderworpen aan de winstmargeregeling 147-148 Afdeling 8 - Overgangsbepalingen. Goederen in voorraad bij de inwerkingtreding van de winstmargeregeling I. Belastingplichtigen houders van de vergunning op 31/12/1994 149-150 II. Belastingplichtigen niet-houders van de vergunning op 31/12/1994 151-152 Bijlage I : Koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde. Bijlage II : Koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994 met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. Bijlage III : Koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven. Bijlage IV : Koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde en het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde. Bijlage V : Voorbeeld. Bijlage VI : Model van aankoopregister en van vergelijkingsregister. Onderwerp van de aanschrijving. 1. Het Belgisch Staatsblad van 30 december 1994 publiceert het koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, het koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994 met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, het koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven, en het koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde en het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde.
De tekst van deze besluiten, die in werking getreden zijn op 1 januari 1995, gaan hierbij (bijlagen I tot IV).
2. De Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994 tot aanvulling van het gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde en tot wijziging van Richtlijn 77/388/EEG, stelt een communautaire regeling van belastingheffing over de winstmarge vast voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
Het is de tekst van deze Richtlijn die in de Belgische BTW-Wetgeving moest worden geïmplementeerd.
De bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge wordt besproken in de aanschrijvingen nrs. 1 en 2 van 2 januari 1995.
De aanschrijving nr. 2 van 2 januari 1995 licht de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe voor de tweedehandse vervoermiddelen. De aanschrijving nr. 10 van 1 juni 1993 wordt erdoor opgeheven en vervangen.
Onderhavige aanschrijving licht de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe voor gebruikte goederen (andere dan tweedehandse vervoermiddelen), kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. De aanschrijving nr. 1 van 30 januari 1984 wordt erdoor opgeheven en vervangen.
Telkens als in deze aanschrijving wordt verwezen naar een koninklijk besluit, zonder nadere specificatie, wordt hiermee het koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994 bedoeld met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
Afdeling 1 - Draagwijdte van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. Artikel 58, § 4, van het Wetboek.
3. Als gebruikte goederen in de zin van de bijzondere regeling worden beschouwd, de lichamelijke roerende goederen die in de staat waarin ze verkeren of na herstelling opnieuw kunnen worden gebruikt, andere dan kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, en andere dan edele metalen, edelstenen en parels (art. 1, a, van het koninklijk besluit).
4. Benevens nieuwe goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, sluit deze definitie uit :
1° edele metalen, edelstenen en parels. Is derhalve onder meer uitgesloten van de bijzondere regeling, goud dat normaal als beleggingsobject wordt gebruikt.
Als gebruikte goederen in de zin van de bijzondere regeling worden wel beschouwd indien ze beantwoorden aan de definitie opgenomen onder nr. 3, gebruiksvoorwerpen, sieraden, juwelen en edelsmidwerk, welke geheel of gedeeltelijk samengesteld zijn uit edele metalen, edelstenen en/of parels;
2° de vernieuwde goederen, met andere woorden zij die een dermate grondige herstelling hebben ondergaan dat ze aan de koper als praktisch nieuw worden voorgesteld;
3° de goederen die, vóór hun wederverkoop, een zodanige vervorming hebben ondergaan dat er geen identificatie mogelijk is tussen het voorwerp in zijn oorspronkelijke toestand en zijn toestand bij de verkoop (bijvoorbeeld, wedersamenstelling van een kast met stukken van verschillende kasten);
4° goederen die tenietgaan door het eerste gebruik dat men ervan maakt;
5° goederen die niet in aanmerking komen om als dusdanig opnieuw te worden gebruikt (schroot, lompen, vodden, afval en oud goed van bindgaren, van touw en van kabels, enz...).
5. Als kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten worden beschouwd, de goederen bedoeld in rubriek XXI, § 2, van tabel A, van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970, tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven (z. bijlage III).
6. De belastingplichtige wederverkoper is de belastingplichtige die in het kader van zijn economische activiteit gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten koopt, bestemd voor bedrijfsdoeleinden dan wel invoert met het oog op wederverkoop, ongeacht of deze belastingplichtige optreedt voor eigen rekening dan wel, ingevolge een overeenkomst tot aan- of verkoop in commissie (z. Wetboek, art. 13), voor rekening van een derde (art. 58, § 4, 1°, van het Wetboek).
7. Belastingplichtige wederverkopers passen op door hen verrichte leveringen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten een bijzondere regeling toe van belastingheffing over de winstmarge die ze realiseren (art. 58, § 4, van het Wetboek).
8. De in nummer 7 genoemde leveringen van goederen zijn door een belastingplichtige wederverkoper verrichte leveringen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die hem binnen de Gemeenschap zijn geleverd :
De goederen waarvan de belastingplichtige wederverkoper niet kan aantonen dat hij ze gekocht heeft van de bovengenoemde personen, worden geacht verkregen te zijn onder de normale regeling van de belasting.
10. De omstandigheid dat de handel ook slaat op goederen die uitgesloten worden van de bijzondere regeling van artikel 58, § 4, van het Wetboek, betekent niet dat de bijzondere regeling vervalt.
11. De maatstaf van heffing voor de leveringen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten is de winstmarge van de belastingplichtige wederverkoper, verminderd met het bedrag van de BTW die in de winstmarge is begrepen. Deze winstmarge is gelijk aan het verschil tussen de door de belastingplichtige wederverkoper voor het goed gevraagde verkoopprijs en de aankoopprijs.
In de zin van dit lid wordt verstaan onder :
13. De belastingplichtige wederverkoper mag de BTW over de leveringen van de goederen waarop hij de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepast niet afzonderlijk vermelden op de factuur die hij uitreikt, op ieder als zodanig geldend stuk of op ieder verbeterend stuk (art. 58, § 4, 8°, van het Wetboek).
14. Voor de leveringen van goederen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge wordt de omzet gevormd door de totale winstmarge dewelke de belastingplichtige wederverkoper, gedurende een jaar, heeft gerealiseerd bij de verkoop van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, verminderd met het bedrag van de BTW die in de winstmarge is begrepen (art. 4 van het koninklijk besluit).
Het belang van dit nieuw begrip van omzetcijfer blijkt inzonderheid bij de berekening van het jaarlijks omzetplafond van 225.000 F in de vrijstellingsregeling van belasting.
15. Voor elke levering die onder de bijzondere regeling valt kan de belastingplichtige wederverkoper de normale regeling van de BTW toepassen (art. 58, § 4, 7°, eerste lid, van het Wetboek).
16. Indien de belastingplichtige wederverkoper zowel de normale regeling als de bijzondere regeling toepast, moet hij de handelingen verricht onder de normale regeling en de handelingen verricht onder de bijzondere regeling afzonderlijk in zijn boekhouding bijhouden, volgens de in deze aanschrijving vastgestelde modaliteiten (art. 7 van het koninklijk besluit).
III. Bijzondere bepalingen van toepassing op kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
17. De normale regeling van de belasting is van toepassing op de levering door een belastingplichtige wederverkoper van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die hij heeft ingevoerd of die hij heeft gekocht van belastingplichtigen, andere dan belastingplichtige wederverkopers, onderworpen aan de normale regeling van de belasting.
18. Voor bepaalde goederen van cultureel belang dienden evenwel bijzondere maatregelen te worden getroffen ter bevordering van de instandhouding en de verrijking van het culturele erfgoed van de Unie.
Om die reden wordt aan de belastingplichtige wederverkoper de mogelijkheid geboden te kiezen voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge op leveringen van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten die hij zelf heeft ingevoerd, of op leveringen van kunstvoorwerpen die aan hem zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden, of die aan hem zijn geleverd door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper wanneer de levering door deze belastingplichtige onderworpen is aan het verlaagd tarief.
19. De keuze geldt voor minstens twee kalenderjaren en houdt tevens in dat de belastingplichtige wederverkoper verzaakt aan het recht op aftrek van de belasting geheven van de invoer of de aankoop van de bedoelde goederen.
20. De combinatie van de heffing van de belasting over de meerwaarde gerealiseerd door de belastingplichtige wederverkoper met het verwerpen van het recht op aftrek van de belasting die hij heeft betaald bij de invoer of bij de aankoop van de goederen heeft tot gevolg dat de belasting definitief wordt geheven over de door de belastingplichtige wederverkoper gevraagde verkoopprijs.
21. Voor elke levering die onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge valt, kan de belastingplichtige wederverkoper de normale regeling van de belasting toepassen.
Hij zou bv. om toepassing van die laatste regeling kunnen worden verzocht door zijn medecontractant indien deze een belastingplichtige is die recht op aftrek heeft van de belasting die verschuldigd of voldaan is voor het aan hem geleverde goed.
22. Indien het aldus geleverde goed aanvankelijk door de belastingplichtige wederverkoper zelf werd verworven onder de normale regeling van de belasting en hij bij de aankoop of invoer ervan heeft gekozen voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, hield dit in dat hij verzaakte aan het recht op aftrek van de belasting.
Het spreekt vanzelf dat de belastingplichtige wederverkoper, ingevolge de levering van het goed onder de normale regeling van de belasting, opnieuw in zijn recht op aftrek dient te worden hersteld.
23. Aangezien niet kan worden uitgesloten dat tussen het tijdstip van de invoer of de aankoop van het betrokken goed en het tijdstip van de levering ervan onder de normale regeling van de belasting meerdere jaren verlopen en om een verjaring van het recht op aftrek te voorkomen diende een ander tijdstip te worden vooropgesteld waarop het recht op aftrek ontstaat.
Ten aanzien van de belasting geheven van het aan de belastingplichtige wederverkoper geleverde goed en ten aanzien van de belasting geheven van de invoer ontstaat het recht op aftrek op het tijdstip waarop de belasting verschuldigd wordt voor de levering waarvoor de belastingplichtige wederverkoper voor de normale regeling van de belasting kiest.
24. Het was vereist ditzelfde tijdstip aan te wenden voor het bepalen van de aanvang van de bewaringstermijn van de stukken die het recht op aftrek staven, voorzien in artikel 60 van het Wetboek. De controlerende ambtenaren moeten immers in staat worden gesteld de correcte toepassing van de BTW na te gaan.
Wat de toepassingsmodaliteiten van deze bijzondere bepalingen betreft wordt verwezen naar het bepaalde onder afdeling 5.
IV. Bijzondere bepalingen van toepassing bij openbare verkopen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
25. De regels vervat in onderhavige aanschrijving zijn, in principe, van toepassing op de door belastingplichtige wederverkopers verrichte openbare verkopen en dit zowel voor de verkopen waarvoor zij tussenbeide komen voor eigen rekening dan wel, ingevolge een overeenkomst tot aan- of verkoop in commissie, voor rekening van een derde. Er kunnen zich evenwel bijzondere toestanden voordoen bij openbare verkopen. Ze worden in het biezonder in de afdeling 6 onderzocht.
V. Werking van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
26. Voor de klaarheid van de uiteenzetting wordt hierna achtereenvolgens de regeling uiteengezet die inzake BTW van toepassing is :
A. Goederen bedoeld in artikel 58, § 4, van het Wetboek, waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling toepast.
27. De belastingplichtige wederverkopers kunnen voor de leveringen van goederen, bedoeld onder de nrs. 3 en 5, welke hen zijn geleverd door niet-belastingplichtigen of door belastingplichtigen, beoogd onder nr. 8, de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepassen.
Voorbeeld.
28. Een belastingplichtige wederverkoper koopt bij een niet- belastingplichtige een gebruikt meubel voor de prijs van 100.000 F.
Dit meubel kan worden verkocht in de staat waarin het verkeert en de verkoopprijs is 124.000 F.
In dat geval bedraagt de winstmarge 24.000 F, BTW inbegrepen, hetzij 124.000 F (verkoopprijs) - 100.000 F (aankoopprijs) ------------ 24.000 F De verschuldigde belasting bedraagt : 24.000 x 20,5 --------------- = 4.083 F 120,5 De belastingplichtige wederverkoper mag in onderhavig voorbeeld de BTW over de levering van het meubel, vermits hij de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepast, niet apart vermelden op de factuur die hij uitreikt. Indien hij gebruik maakt van de ontheffing van de factureringsplicht dient deze levering het voorwerp uit te maken van een inschrijving in het dagboek van ontvangsten. Wanneer de belastingplichtige wederverkoper dit meubel verkoopt aan een belastingplichtige kan deze de BTW die in de verkoopprijs is begrepen, niet aftrekken.
Wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing per aangiftetijdvak.
29. De belastingplichtige wederverkopers stellen, onder de door of vanwege de Minister van Financiën gestelde voorwaarden, de maatstaf van heffing voor leveringen van goederen die onderworpen zijn aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge vast voor elk aangiftetijdvak. Deze wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing vormt de basisregeling die door de belastingplichtige wederverkoper wordt toegepast.
30. De belastingplichtige wederverkoper schrijft naarmate van zijn aankopen het bedrag van de aankoopprijzen in in het aankoopregister die hij moet houden (z. nrs. 80 tot 83). De inschrijving in het aankoopregister van de aankoopprijs van een goed gebeurt dus onmiddellijk en wordt niet uitgesteld tot de dag van de doorverkoop. Hij schrijft naarmate van zijn verkopen het bedrag van de verkoopprijzen, "BTW inbegrepen" hetzij in zijn boek voor uitgaande facturen, hetzij in zijn dagboek van ontvangsten (z. nr. 88).
31. Op het einde van elk aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar, brengt hij het totaalbedrag van zijn verkopen, BTW inbegrepen, en het totaalbedrag van zijn aankopen ingeschreven in het aankoopregister over naar het vergelijkingsregister (z. nr. 86). Hij berekent de BTW die begrepen is in het verschil tussen beide bedragen (z. nrs. 91 tot 94).
32. Indien voor een aangiftetijdvak, met uitzondering van het laatste aangiftetijdvak van het jaar, het bedrag der aankopen groter is dan het bedrag der verkopen, dient te worden gehandeld overeenkomstig het bepaalde onder nr. 93.
Voorbeeld.
33. Eenvoudigheidshalve gaat men van de onderstelling uit dat de belastingplichtige wederverkoper, tijdens een zelfde aangiftetijdvak, onder de regeling van de winstmarge, verschillende goederen heeft gekocht van niet-belastingplichtigen voor een totaalbedrag van 600.000 F en dat hij goederen verkocht heeft voor een totaalbedrag van 900.000 F, belasting inbegrepen. Die goederen zijn onderworpen aan het BTW-tarief van 20,5 pct.
De belasting, die begrepen is in het verschil tussen het totaalbedrag van de verkopen (900.000 F) en het totaalbedrag van zijn aankopen (600.000 F), wordt berekend volgens de formule hierna : D x t ---------- 100 + t waarin D het verschil (300.000 F) vertegenwoordigt en waarin t het op de goederen toepasselijk tarief vertegenwoordigt. De verschuldigde belasting bedraagt dus 300.000 x 20,5 ---------------- hetzij 51.037 F 120,5 Facturering. 34. De belastingplichtige wederverkoper dient voor de leveringen van de goederen die hij verricht een factuur uit te reiken in de gevallen voorzien in artikel 1, § 1 en § 2, tweede lid, van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde.
De belastingplichtige wederverkoper mag de BTW over de leveringen van de goederen waarop hij de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepast niet afzonderlijk vermelden op de factuur die hij uitreikt, op ieder als zodanig geldend stuk of op ieder verbeterend stuk (art. 58, § 4, 8°, van het Wetboek).
Op de factuur of op het als zodanig geldend stuk dient tevens de volgende vermelding te worden aangebracht : "Levering onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge. BTW niet aftrekbaar." (art. 8 van het koninklijk besluit).
Niet-aftrek van de BTW in hoofde van de kopers.
35. Wanneer de belastingplichtige wederverkoper goederen waarop hij de bijzondere regeling toepast levert aan belastingplichtigen, kunnen deze de belasting die geacht wordt in de verkoopprijs te zijn begrepen, niet aftrekken (art. 58, § 4, 5°, van het Wetboek).
Toepassing van de normale regeling.
36. De belastingplichtige wederverkoper kan echter voor elke levering van de bedoelde goederen de normale regeling van de belasting toepassen (art. 58, § 4, 7°, van het Wetboek).
Er wordt opgemerkt dat, indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien reeds heeft ingeschreven in het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop de normale BTW-regeling toepast, hij een regularisatie moet verrichten in het aankoopregister, op de manier uiteengezet onder de nrs. 84 of 85.
Wettelijk vermoeden dat geldt tot bewijs van het tegendeel.
37. De leveringen van in artikel 58, § 4, van het Wetboek bedoelde goederen, voor dewelke de voorwaarden en modaliteiten die voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge zijn gesteld niet worden nageleefd worden, behoudens tegenbewijs, geacht te zijn verricht onder de normale regeling van de belasting (art. 58, § 4, 12°, van het Wetboek).
38. Het maken van het onderscheid tussen de goederen naargelang de herkomst ervan en het voeren van een boekhouding die moet toelaten om de BTW, zowel voor de handelingen verricht onder de normale regeling van de belasting als voor de handelingen verricht onder de bijzondere regeling toe te passen en te controleren, zijn essentiële voorwaarden waaraan de belastingplichtige wederverkoper moet voldoen om een goede werking van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge te waarborgen.
39. In dat verband is het dan ook onvermijdelijk dat de belastingplichtige wederverkoper, om die regeling toe te kunnen passen, aan bepaalde voorwaarden en modaliteiten moet voldoen.
In die optiek zal het vermoeden inzonderheid worden toegepast op de leveringen van goederen waarvoor de belastingplichtige wederverkoper niet kan aantonen dat hij ze gekocht heeft van de door de winstmargeregeling beoogde leveranciers. Het wil verhinderen dat de belastingplichtige wederverkoper die leveringen van goederen onderwerpt aan de winstmargeregeling door eenvoudig te beweren dat hij de goederen heeft gekocht bijvoorbeeld van particulieren. Hij zal dit moeten kunnen aantonen.
Het vermoeden zal inzonderheid worden toegepast op de leveringen van goederen waarvoor de belastingplichtige wederverkoper facturen uitreikt welke niet beantwoorden aan de door de winstmargeregeling gestelde vereisten. Het zal worden toegepast indien op die facturen de BTW apart wordt vermeld. Het vermoeden zal eveneens worden toegepast indien met betrekking tot leveringen van goederen die worden aangemerkt in België plaats te vinden, de belastingplichtige wederverkoper facturen uitreikt waarop de vermelding ontbreekt dat de levering is onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en dat de BTW niet aftrekbaar is.
Intracommunautaire handelingen.
40. In de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge wordt afgeweken van bepaalde begrippen die eigen zijn aan de overgangsregeling inzake BTW die van toepassing is vanaf 1 januari 1993.
41. De levering van goederen die door de belastingplichtige wederverkoper werden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en die vanuit een Lid-Staat worden verzonden of vervoerd naar de verkrijger in een andere Lid-Staat vindt overeenkomstig de algemene beginselen terzake plaats daar waar de verzending of het vervoer naar de verkrijger aanvangt (artikel 8, § 1, a), van de Zesde richtlijn; artikel 15, § 2, tweede lid, 1° van het Wetboek). Ze is bijgevolg in deze Lid-Staat onderworpen aan de belasting. Deze levering kan in de Lid-Staat van vertrek evenwel niet genieten van de vrijstelling van artikel 28quater A, a), c) en d), van de Zesde richtlijn, krachtens het bepaalde in artikel 26bis, D, c, van dezelfde Richtlijn, zoals die werd gewijzigd door de Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994 (artikel 39bis, eerste lid, 1°, 3° en 4°, van het Wetboek).
42. De regeling voor de verkopen op afstand, overeenkomstig dewelke onder welbepaalde voorwaarden de plaats van levering verschoven wordt van de plaats van aanvang van het vervoer van de betrokken goederen naar de plaats van aankomst van dit vervoer (artikel 28ter, B, van de Zesde richtlijn) is evenmin van toepassing, krachtens het bepaalde in artikel 26bis, D, c, van de Zesde richtlijn zoals die werd gewijzigd door de Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994 (artikel 15, §§ 4 en 5, van het Wetboek).
43. Anderdeels is, bij toepassing van artikel 25ter, § 1, 4°, van het Wetboek, de intracommunautaire verwerving van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten niet aan de belasting onderworpen indien de verkoper een belastingplichtige wederverkoper is die als zodanig optreedt en het verworven goed in de Lid-Staat van vertrek van de verzending of het vervoer aan de belasting werd onderworpen overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, of wanneer de verkoper een organisator is van openbare veilingen die als zodanig optreedt en het verworven goed in de Lid-Staat van vertrek van de verzending of het vervoer aan de belasting werd onderworpen overeenkomstig de bijzondere regeling voor verkoop op openbare veilingen.
44. Maakt in principe het voorwerp uit van een overbrenging in de zin van artikel 28bis, § 5, b), van de Zesde richtlijn (artikel 12bis van het Wetboek), elk goed dat door de belastingplichtige wederverkoper werd onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en dat door deze belastingplichtige wederverkoper of voor diens rekening wordt verzonden of vervoerd vanuit een Lid-Staat naar een andere Lid-Staat met het oog op eventuele verkoop ervan in deze laatste Lid-Staat.
45. Deze overbrenging wordt in de Lid-Staat van vertrek gelijkgesteld met een levering van goederen onder bezwarende titel (artikel 28bis, § 5, b), van de Zesde richtlijn; artikel 12bis van het Wetboek). De bestemming van de vervoerde of verzonden goederen wordt in de Lid-Staat van aankomst van deze verzending of dit vervoer gelijkgesteld met een intracommunautaire verwerving onder bezwarende titel (artikel 28bis, § 6, van de Zesde richtlijn; artikel 25quater, § 1, van het Wetboek).
46. Artikel 28quater, A., d), van de Zesde richtlijn (artikel 39bis, eerste lid, 4°, van het Wetboek) is niet van toepassing op deze overbrenging. Die overbrenging is bijgevolg niet van de belasting vrijgesteld in de Lid-Staat van vertrek. De maatstaf van heffing voor de heffing van de belasting over deze overbrenging is de winstmarge die de belastingplichtige wederverkoper aanrekent voor deze "levering aan zichzelf". In principe is deze maatstaf van heffing dus gelijk aan nul.
47. De intracommunautaire verwerving die plaatsvindt in de Lid-Staat van aankomst van de verzonden of vervoerde goederen die door de belastingplichtige wederverkoper/verzender werden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, is niet onderworpen aan de belasting.
48. De betrokken belastingplichtige wederverkoper is niet toe gehouden het stuk, bedoeld in artikel 2 van het koninklijk besluit nr. 1, op te maken. Hij moet deze overbrenging evenmin opnemen in zijn "Kwartaalopgave van de vrijgestelde intracommunautaire leveringen van goederen en de daarmee gelijkgestelde handelingen", bedoeld in artikel 53sexies, § 1, van het Wetboek.
49. De goederen die het voorwerp hebben uitgemaakt van de bovenvermelde overbrenging en die verzonden worden vanuit België moeten kunnen worden gevolgd zodat steeds de plaats gekend is waar de goederen zich bevinden. Deze goederen dienen te dien einde te worden ingeschreven in het register, beoogd in de artikelen 23 en 24 van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992.
50. In afwijking van de hierboven uiteengezette regel, maakt evenwel niet het voorwerp uit van een overbrenging, het goed dat door de belastingplichtige wederverkoper werd onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en dat werd verzonden van een Lid-Staat naar een andere Lid-Staat met het oog op het gebruik van dit goed gedurende ten hoogste 24 maanden, indien de invoer van ditzelfde goed uit een derde land met het oog op het tijdelijk gebruik in aanmerking zou komen voor de regeling voor tijdelijke invoer met volledige vrijstelling van invoerrechten (artikel 28bis, § 5, b), tweede lid, zevende streepje, van de Zesde richtlijn; artikel 12bis, tweede lid, 7°, van het Wetboek). Deze goederen maken dan het voorwerp uit van een niet-overbrenging. Deze wordt in de Lid-Staat van vertrek niet gelijkgesteld met een levering van goederen onder bezwarende titel. De bestemming van de vervoerde of verzonden goederen wordt in de Lid-Staat van aankomst van deze verzending of dit vervoer niet gelijkgesteld met een intracommunautaire verwerving onder bezwarende titel (artikel 28bis, § 6, van de Zesde richtlijn; artikel 25quater, § 1, tweede lid, van het Wetboek).
51. De goederen die het voorwerp hebben uitgemaakt van de bovengenoemde niet-overbrenging en die verzonden worden vanuit België moeten worden opgetekend in het register, beoogd in de artikelen 23 en 24 van het koninklijk besluit nr. 1.
52. De tijdelijke invoer met volledige vrijstelling van invoerrechten wordt geregeld door artikel 137 e.v. van de Verordening EEG nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek.
53. De toepassingsbepalingen terzake werden vastgesteld in artikel 670 e.v. van de Verordening EEG nr. 2454/93 van de Commissie van 2 juli 1993. De volgende goederen kunnen inzonderheid het voorwerp uitmaken van een niet-overbrenging bij toepassing van artikel 28bis, § 5, b), tweede lid, zevende streepje, van de Zesde richtlijn (artikel 12bis, tweede lid, 7°, van het Wetboek) :
55. Zijn tevens uitgesloten van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, de leveringen van nieuwe vervoermiddelen in de zin van artikel 8bis, § 2, van het Wetboek, verricht onder de in artikel 39bis, eerste lid, 2°, van het Wetboek, bedoelde voorwaarden (art. 58, § 4, 9°, van het Wetboek).
In de overgangsregeling inzake BTW die van toepassing is in alle Lid- Staten werd immers een speciale regeling uitgewerkt voor nieuwe vervoermiddelen. De aandacht wordt er op gevestigd dat dit begrip van nieuw vervoermiddel enkel van toepassing is in de intracommunautaire handelingen tussen de Lid-Staten.
Derhalve komt de BTW, in elke onderstelling, toe aan de Lid-Staat van verbruik, en dit in afwijking van het algemeen beginsel van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge dat de leveringen van de in die regeling bedoelde goederen door de verkoper, door de afnemer of voor hun rekening verzonden of vervoerd buiten België naar binnen de Unie, belastbaar zijn in België. In verband met de intracommunautaire begrippen "vervoermiddel" en "nieuw vervoermiddel" wordt verwezen naar de aanschrijving nr. 2 van 2 januari 1995.
Intracommunautaire verwervingen in België van bedoelde goederen onder bezwarende titel door een belastingplichtige wederverkoper, wanneer de verkoper in de Lid-Staat van herkomst :
56. - een niet-belastingplichtige is (particulier, niet- belastingplichtige rechtspersoon, ...) : de verkoop is niet onderworpen aan de BTW, evenmin als de intracommunautaire verwerving ervan, en het goed kan door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
57. - een belastingplichtige is die als zodanig optreedt en de levering van het goed door deze belastingplichtige overeenkomstig artikel 13, onderdeel B, onder c, van de Zesde Richtlijn 77/388/EEG, is vrijgesteld (dit wil zeggen, de leveringen van goederen die niet het voorwerp hebben uitgemaakt van een recht op aftrek, hetzij omdat ze uitsluitend ten behoeve van een vrijgestelde activiteit werden aangewend, hetzij omdat ze zijn uitgesloten van het recht op aftrek door de nationale wetgeving) : de intracommunautaire levering van het goed is vrijgesteld van de BTW in de Lid-Staat van vertrek. De intracommunautaire verwerving in België is onderworpen aan de BTW op grond van artikel 25ter, § 1, van het Wetboek. Deze verwerving is echter vrijgesteld van de BTW krachtens artikel 40, § 1, 1°, a, van het Wetboek, zodat er derhalve geen BTW is verschuldigd terzake van deze intracommunautaire verwerving. Het aldus verworven goed kan door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de winstmargeregeling;
58. - een belastingplichtige is die als zodanig optreedt en op wie een vrijstellingsregeling van belasting ten aanzien van door hem verrichte leveringen van goederen toepasselijk is, regeling beoogd in artikel 24 van de Zesde Richtlijn 77/388/EEG, en, die vergelijkbaar is met de vrijstellingsregeling bepaald in artikel 56, § 2, van het Wetboek : de belastingplichtige verkoopt een goed, "voorbelasting" inbegrepen, daar hij geen recht heeft op aftrek van deze "voorbelasting".
De belastingplichtige wederverkoper koopt een goed, "restbelasting" inbegrepen. De intracommunautaire verwerving van dit goed is niet onderworpen aan de belasting.
Voor zover het goed in hoofde van de verkoper een bedrijfsmiddel betreft, kan dit goed door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge;
59. - een belastingplichtige wederverkoper is of een organisator van openbare veilingen die als zodanig optreedt, en het een goed betreft waarvan de levering door hem overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge of overeenkomstig de bijzondere regeling voor verkoop op openbare veilingen onderworpen is geweest aan de belasting.
De intracommunautaire verwerving in België is niet onderworpen aan de BTW op grond van artikel 25ter, § 1, 4°, van het Wetboek.
Dit goed kan door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere winstmargeregeling.
60. - een belastingplichtige wederverkoper of een organisator van openbare veilingen is die als zodanig optreedt en het een goed betreft waarvan de levering door hem niet kan worden - of niet wordt - onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge of de bijzondere regeling voor verkoop op openbare veilingen, of een belastingplichtige is die als zodanig optreedt, andere dan een belastingplichtige wederverkoper, onderworpen aan de normale regeling van de belasting : de intracommunautaire levering van het goed is vrijgesteld van de BTW in de Lid-Staat van vertrek.
De intracommunautaire verwerving in België van dit goed is onderworpen aan de BTW op grond van artikel 25ter, § 1, van het Wetboek, en de BTW is aftrekbaar volgens de normale regels. De verkoop van het goed in België is onderworpen aan de normale regeling van de belasting.
Intracommunautaire leveringen.
61. De vrijstelling van artikel 39bis, eerste lid, 1°, 3° en 4°, van het Wetboek is niet van toepassing op de intracommunautaire leveringen in België van goederen die de belastingplichtige wederverkoper aan de belasting onderwerpt overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge. Om die reden moeten deze intracommunautaire leveringen door de belastingplichtige wederverkoper niet opgenomen worden in de "Kwartaalopgave van de vrijgestelde intracommunautaire leveringen van goederen en de daarmee gelijkgestelde handelingen".
62. De intracommunautaire verwerving van de bovenvermelde goederen in de Lid-Staat van aankomst van het vervoer of de verzending is niet onderworpen aan de belasting (artikel 26bis, D, b, van de Zesde richtlijn, zoals die werd gewijzigd door de Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994).
63. De regeling van de verkopen op afstand bedoeld in artikel 15, § 5, van het Wetboek, is evenmin van toepassing op de leveringen van goederen die door de belastingplichtige wederverkoper aan de belasting worden onderworpen overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
64. Gelet op hetgeen voorafgaat is voor de intracommunautaire leveringen van bedoelde goederen onder bezwarende titel die de in België gevestigde belastingplichtige wederverkoper aan de belasting onderwerpt overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, de BTW opeisbaar in België over de door de belastingplichtige wederverkoper gerealiseerde winstmarge.
Deze bepalingen gelden, ongeacht of de afnemer een particulier is, een belastingplichtige of een niet-belastingplichtige rechtspersoon.
B. Goederen waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling niet kan toepassen.
65. De toestand van de belastingplichtige wederverkopers is voor de toepassing van de BTW geheel verschillend van deze bedoeld in A (aankopen bv. van niet-belastingplichtigen) wanneer ze die goederen kopen van belastingplichtigen, die als zodanig optreden, met toepassing van de normale regeling van de BTW, of van belastingplichtige wederverkopers die de levering van bepaalde goederen niet onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge maar aan de normale regeling of wanneer ze die goederen invoeren. Hetgeen voorafgaat geldt in ieder geval voor de gebruikte goederen, maar wat de kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten betreft dient de aandacht te worden gevestigd op de bijzondere bepalingen, opgenomen onder afdeling 5.
Vermits de BTW, ingevolge dergelijke handelingen, verschuldigd is over de aan de verkoper betaalde prijs of over de waarde bij de invoer, en aftrekbaar is in hoofde van de belastingplichtige wederverkoper, gaat het niet op de heffing te beperken tot de door hem gerealiseerde meerwaarde; de BTW moet definitief worden geheven over de door de belastingplichtige wederverkoper verkregen verkoopprijs. Dit objectief is bereikt in de normale regeling van de belasting, waar de belastingplichtige wederverkoper de BTW over zijn verkoopprijs berekent, maar de BTW geheven van zijn aankopen, van zijn intracommunautaire verwervingen of bij de invoer in aftrek mag brengen.
66. In die zin worden eveneens, bij toepassing van artikel 58, § 4, 3°, van het Wetboek, van de winstmargeregeling uitgesloten, de goederen die aan de belastingplichtige wederverkoper worden geleverd door de leveranciers die zelf, bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van het goed dat ze thans leveren, hebben genoten van een vrijstelling of teruggave van de belasting (bv. diplomaten, internationale organisaties, ...).
C. Goederen beoogd door de bijzondere regeling maar welke door de belastingplichtige wederverkoper zelf uit de bijzondere regeling werden gesloten.
67. Voor de verkopen van goederen die door de belastingplichtige wederverkoper zelf uit de bijzondere regeling gesloten zijn vanaf het tijdstip dat hij ze heeft verkregen, moet hij de normale BTW-regeling toepassen. Hij moet de verschuldigde belasting berekenen over de verkoopprijs van deze goederen.
De verhandeling van deze goederen wordt opgetekend in de boekhouding die de belastingplichtige moet voeren overeenkomstig de artikelen 14 en volgende van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde.
De aankopen van deze goederen mogen nooit worden ingeschreven in het aankoopregister, dat uitsluitend voorbehouden is voor de goederen die worden onderworpen aan de bijzondere regeling.
De belastingplichtige wederverkoper dient echter niet noodzakelijk een afzonderlijke boekhouding te voeren voor de handelingen onderworpen aan de normale regeling van de belasting en voor de handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling, op voorwaarde dat hij die handelingen inschrijft in afzonderlijke kolommen in zijn dagboek van ontvangsten en in zijn boek voor uitgaande facturen;
68. Door hun inschrijving in het aankoopregister geeft de belastingplichtige wederverkoper de wil te kennen om de goederen te onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
In het geval waar de belastingplichtige wederverkoper bij de verkoop van het goed de normale regeling van de BTW toepast, dient hij een regularisatie door te voeren in het aankoopregister, op de wijze zoals omschreven onder de nrs. 84 of 85.
VI. Aftrekregeling voor de belastingplichtige wederverkopers van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
69. De belastingplichtige wederverkoper mag de BTW die verschuldigd of voldaan is voor aan hem geleverde of te leveren bedoelde goederen door een andere belastingplichtige wederverkoper gevestigd in België of in een andere Lid-Staat niet in aftrek brengen van de belasting die hij verschuldigd is, voor zover de levering van het goed door de verkoper werd onderworpen aan de bijzondere winstmargeregeling.
70. Onder voorbehoud van de beperkingen en de uitsluitingen voorzien in het Wetboek mag de belastingplichtige wederverkoper, zoals alle belastingplichtigen, de belasting geheven van de uitgaven verricht ten behoeve van zijn economische activiteit, die hij heeft ingeschreven in zijn boek voor inkomende facturen, in principe, in aftrek brengen.
In die zin kan hij eveneens de BTW in aftrek brengen, geheven van de goederen die aan hem worden geleverd, door hem worden ingevoerd of intracommunautair worden verworven, alsook van de aan hem verstrekte diensten, die bijdragen tot de herstelling van de goederen die hij aan de bijzondere winstmargeregeling onderwerpt. Het spreekt vanzelf dat de prijs van de aldus aan hem geleverde goederen en verstrekte diensten door de belastingplichtige wederverkoper niet mag worden ingeschreven in zijn aankoopregister, maar dient te worden ingeschreven in zijn boek voor inkomende facturen.
Afdeling 2 - Voorwaarden en modaliteiten van de toepassing van de bijzondere regeling, bedoeld in artikel 58, § 4, van het Wetboek.
71. Artikel 58, § 4, van het Wetboek kan slechts worden toegepast indien de belastingplichtige wederverkoper voldoet aan de voorwaarden en modaliteiten die voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge zijn gesteld.
72. De bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge kan door de belastingplichtige wederverkoper slechts worden toegepast op voorwaarde dat hij :
1° een aankoopborderel uitreikt aan zijn leverancier om de aankoop van de bedoelde goederen bij die leverancier vast te stellen, behoudens indien deze er zelf toe gehouden is hem een factuur of een als zodanig geldend stuk uit te reiken;
2° kan bewijzen, door alle middelen van het gemene recht doch uitgezonderd de eed, dat zijn leverancier één van de personen is opgesomd onder nr. 8 en dat deze geen enkel recht op vrijstelling of teruggaaf van de belasting heeft kunnen uitoefenen bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van het goed dat hij verkoopt aan de belastingplichtige wederverkoper;
3° een aankoopregister houdt met de aankopen van de bedoelde goederen (z. nrs. 80 tot 83);
4° een vergelijkingsregister houdt (z. nr. 86);
5° de goederen die hij koopt individualiseert;
6° voor de verkopen van goederen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, een afzonderlijke boekhouding voert of, indien hij geen afzonderlijke boekhouding voert, deze handelingen inschrijft in afzonderlijke kolommen in zijn boek voor uitgaande facturen en in zijn dagboek van ontvangsten.
73. Bij de aankoop bij een niet-belastingplichtige of bij een belastingplichtige die uitsluitend leveringen van goederen of diensten verricht die vrijgesteld zijn door artikel 44, § 2, 13°, van het Wetboek, of bij de consignatiezending door één van deze personen, moet de belastingplichtige wederverkoper een aankoopborderel uitreiken, met vermelding van :
1° de datum van de aankoop en het nummer waaronder deze is ingeschreven in het aankoopregister van de belastingplichtige wederverkoper of de datum van de consignatiezending;
2° de naam of de maatschappelijke benaming en het adres van de bij de handeling betrokken partijen;
3° het BTW-identificatienummer dat overeenkomstig artikel 50 van het Wetboek aan de belastingplichtige wederverkoper werd toegekend;
4° de nauwkeurige benaming en de hoeveelheid van de gekochte of in consignatie ontvangen goederen;
5° de aankoopprijs (bij consignatie moet de aankoopprijs slechts worden ingeschreven op het exemplaar van het aankoopborderel dat door de consignataris wordt bewaard op het tijdstip dat de aankoop definitief is afgesloten, dit wil in de regel zeggen op het tijdstip van de verkoop door de consignataris);
6° de verklaring van de leverancier dat deze geen enkel recht op vrijstelling of teruggaaf van de belasting heeft kunnen uitoefenen bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van het goed dat hij verkoopt aan de belastingplichtige wederverkoper.
74. Het aankoopborderel moet worden opgemaakt in twee exemplaren, moet worden getekend door de contracterende partijen, en dient eveneens de hoedanigheid van de ondertekenaars te vermelden. Eén exemplaar van het aankoopborderel wordt overhandigd aan de verkoper op het tijdstip van de levering. Het andere exemplaar wordt door de belastingplichtige wederverkoper bewaard.
75. Bij de aankoop bij een belastingplichtige die de regeling geniet bepaald in artikel 56, § 2, van het Wetboek of bij een andere belastingplichtige wederverkoper zijn deze er zelf toe gehouden aan de belastingplichtige wederverkoper een factuur uit te reiken welke de vermeldingen bevat, voorgeschreven door artikel 5 van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992.
76. De belastingplichtige wederverkoper op wie de bewijslast rust bedoeld in nr. 72, 2°, moet dit bewijs kunnen leveren.
77. Behalve in geval van samenspanning tussen de partijen of het klaarblijkelijk niet naleven van onderhavige bepaling ontlast het door de leverancier ondertekend aankoopborderel of de door de belastingplichtige, bedoeld in artikel 56, § 2, van het Wetboek, uitgereikte factuur, de belastingplichtige wederverkoper van de aansprakelijkheid om aan te tonen dat hij de goederen heeft gekocht van de personen, beoogd onder nr. 8.
78. Sorteert hetzelfde effect in hoofde van de belastingplichtige wederverkoper, de voorlegging van een factuur of een als zodanig geldend stuk dat hem werd uitgereikt door een andere belastingplichtige wederverkoper, voor zover op de factuur of op het als zodanig geldend stuk de belasting niet apart is vermeld en in de mate dat, wat de leveringen van goederen betreft die worden aangemerkt in België plaats te vinden, die factuur een vermelding bevat waaruit blijkt dat het goed onderworpen werd aan de belasting overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
79. Bij gebreke van voorlegging van de stukken, beoogd onder de nrs. 77 en 78, dient de belastingplichtige wederverkoper het bewijs, bedoeld onder nr. 72, 2°, te leveren door een geheel van overeenstemmende stukken.
Deze stukken zijn onder meer de opgemaakte bestelbons, contracten, vervoerdocumenten en betalingsbewijzen, met betrekking tot de goederen en de levering ervan.
80. Dit register dient voor de inschrijving van de in onderhavige aanschrijving bedoelde aankopen van goederen die door de belastingplichtige wederverkoper werden gedaan bij niet- belastingplichtigen of bij belastingplichtigen beoogd onder nr. 8, en die de belastingplichtige wederverkoper wil onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
Het aankoopregister moet een aangepaste uitsplitsing bevatten met het oog op het invullen van de periodieke aangifte en het moet toelaten om de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe te passen en te controleren.
81. Voor het aankopen van de genoemde goederen vervangt het aankoopregister het boek voor inkomende facturen.
Nochtans is het toegestaan deze aankopen in het boek voor inkomende facturen in te schrijven voor zover al de vermeldingen die normaal in het aankoopregister dienen te worden opgenomen, duidelijk afgescheiden worden opgenomen in het inkomend factuurboek en dit in supplementaire kolommen die speciaal hiervoor worden aangelegd.
Het aldus gecombineerde boek voor inkomende facturen moet een aangepaste uitsplitsing bevatten met het oog op het invullen van de periodieke aangifte en het moet toelaten om de belasting over de toegevoegde waarde, zowel voor de handelingen verricht onder de normale regeling van de BTW als voor handelingen verricht onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe te passen en te controleren.
82. Voor de in consignatie gezonden goederen heeft de inschrijving in het aankoopregister slechts plaats nadat de aankoop onder opschortende voorwaarde definitief wordt afgesloten, dit wil in de regel zeggen op het tijdstip van de verkoop door de consignataris. Bij consignatiezending door een niet-belastingplichtige of door een belastingplichtige waarvan de levering van het goed overeenkomstig artikel 44, § 2, 13°, van het Wetboek is vrijgesteld van de BTW, wordt het aankoopborderel pas dan aangevuld (z. nr. 73, 5°) terwijl bij consignatiezending door een andere belastingplichtige het voorlopig stuk, dat hij krachtens artikel 7 van het koninklijk besluit nr. 1 moet opstellen om deze zending vast te stellen, bij de factuur moet worden gevoegd.
83. De inschrijving in het register geschiedt naarmate van de aankopen volgens een doorlopende nummerreeks. Ze vermeldt voor ieder goed :
1° het inschrijvingsnummer;
2° de datum van het aankoopdocument;
3° de naam of de maatschappelijke benaming van de leverancier;
4° de aard van het goed of, eventueel, de vermelding van regularisaties of vrijstellingen;
5° de aankoopprijs die in aanmerking moet worden genomen voor de berekening van de winstmarge.
Teneinde de roosters 81 en 86 van de periodieke BTW-aangifte te kunnen invullen, dienen afzonderlijke kolommen te worden gebruikt voor de inschrijving van de goederen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling naargelang deze goederen werden aangekocht in België of in een andere Lid-Staat van de Gemeenschap.
In voorkomend geval moeten de aankoopprijzen van tweedehandse goederen, per BTW-tarief, worden uitgesplitst over afzonderlijke kolommen (bv. aankoop van boeken tegen het verlaagd tarief en aankoop van meubelen tegen het normaal tarief). Bij aankoop van een partij tweedehandse goederen, onderworpen aan verschillende tarieven, voor een globale prijs, moet de uitsplitsing van die prijs worden gedaan onder de verantwoordelijkheid van de belastingplichtige wederverkoper. Het aankoopdocument moet de administratie toelaten de waarde van ieder gekocht goed te controleren.
Regularisaties.
84. Indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien heeft ingeschreven in kolom 5 (aankoop in België) van het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop, de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast, dient hij op de eerstvolgende vrije lijn van zijn aankoopregister in rode inkt of voorafgegaan door het minteken achtereenvolgens te vermelden :
86. Het vergelijkingsregister is een centralisatieregister dat, uitgaande van het boek voor uitgaande facturen (kolom van de handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling), van het ontvangstenboek (kolom van de handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling) en van het aankoopregister, toelaat op het einde van het laatste aangiftetijdvak van het jaar, de belasting vast te stellen die door de belastingplichtige wederverkoper verschuldigd is over de verkopen die hij heeft gedaan. Het laat inderdaad toe de globale maatstaf van heffing voor het tijdvak en de verschuldigde belasting die erin is begrepen, weder samen te stellen.
De wijze waarop dit register moet worden gehouden in functie van de inschrijvingen die erin moeten worden overgebracht, is vastgesteld in de nrs. 91 tot 94, die handelen over de berekening van de op het einde van het tijdvak verschuldigde belasting.
F. Identificatie van de gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die de belastingplichtige wederverkoper in zijn bezit heeft.
87. De belastingplichtige wederverkoper moet, op elk ogenblik, op verzoek van de controleambtenaren, de herkomst kunnen aantonen van de bedoelde goederen die hij in zijn bezit heeft. Daartoe moet hij ieder goed individualiseren, hetzij door een etiket waarop het nummer van inschrijving in het aankoopregister of in het boek voor inkomende facturen is vermeld, hetzij om op het even welke andere wijze die dezelfde waarborgen biedt.
Afdeling 3 - Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
I. Periodieke afsluiting van het ontvangstenboek en van het boek voor uitgaande facturen.
1° een dagontvangstenboek : voor de inschrijving van verkopen aan natuurlijke personen waarvoor hij gebruik maakt van de ontheffing van de factureringsplicht.
In principe is een afzonderlijke inschrijving in het dagboek van ontvangsten noodzakelijk met vermelding van de aard van de verkochte goederen voor de ontvangsten die voortkomen van de leveringen van alle goederen, welke ook de prijs per in de handel gebruikelijke eenheid ervan is (art. 9 van het koninklijk besluit).
De administratie aanvaardt echter dat, wanneer de belastingplichtige wederverkoper de maatstaf van heffing vaststelt per aangiftetijdvak, de ontvangsten, BTW inbegrepen, dagelijks en, in beginsel, globaal mogen worden ingeschreven.
Een afzonderlijke inschrijving met vermelding van de aard van de verkochte goederen is evenwel noodzakelijk voor de ontvangsten die voortkomen van de levering van goederen waarvan de prijs, per in de handel gebruikelijke eenheid, meer bedraagt dan 10.000 F, BTW inbegrepen.
De in het vorige lid bedoelde afzonderlijke inschrijving mag worden vervangen door een dagelijkse globale inschrijving wanneer de verantwoordingsstukken die moeten worden opgesteld, benevens de ontvangst, de aard van de verkochte goederen nauwkeurig vermelden.
Met betrekking tot de belastingplichtige wederverkopers die, gezien de aard van hun economische activiteit of omwille van de organisatie van hun boekhouding, moeilijkheden zouden ondervinden om de maatstaf van heffing per aangiftetijdvak vast te stellen, aanvaardt de administratie dat deze belastingplichtige wederverkopers, de maatstaf berekenen per levering, voor ieder goed afzonderlijk beschouwd.
De wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing per levering vereist een strikte individualisering van de goederen onderworpen aan de margeregeling en dit zowel bij de aankoop als bij de levering ervan. Om die reden is een afzonderlijke inschrijving in het dagboek van ontvangsten noodzakelijk.
2° een boek voor uitgaande facturen : voor de inschrijving van de verkopen waarvoor hij gehouden is een factuur uit te reiken overeenkomstig artikel 53 van het Wetboek en artikel 1, § 1 en § 2, tweede lid, van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992 (bv. verkoop van een kantoormeubel aan een belastingplichtige).
De inschrijving van de leveringen van goederen verricht onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge dient afzonderlijk te worden gedaan van de inschrijving van de leveringen van goederen waarvoor de belastingplichtige wederverkoper de normale regeling van de belasting toepast.
De leveringen van goederen onderworpen aan de bijzondere winstmargeregeling moeten worden ingeschreven tegen verkoopprijs, BTW inbegrepen. Ingeval er geen afzonderlijke boekhouding wordt gevoerd, moet de belastingplichtige wederverkoper de leveringen verricht onder de bijzondere winstmargeregeling inschrijven in een afzonderlijke kolom van zijn boek voor uitgaande facturen.
89. Op het einde van elk aangiftetijdvak totaliseert de belastingplichtige wederverkoper het bedrag van zijn verkopen, BTW inbegrepen, die voorkomen in zijn boek voor uitgaande facturen voor de beschouwde periode alsook de ontvangsten, BTW inbegrepen, die blijken uit zijn ontvangstenboek tijdens hetzelfde tijdvak.
Enkel de kolommen met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge worden in aanmerking genomen voor de berekening van dit totaal.
90. Op het einde van ieder aangiftetijdvak totaliseert de belastingplichtige wederverkoper de tijdens dit tijdvak in de kolommen van het aankoopregister ingeschreven bedragen.
III. A. - Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de winstmargeregeling gedurende het aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar (art. 3, 4de lid, van het koninklijk besluit). Transport naar het vergelijkingsregister.
91. De totale winstmarge voor elk aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar, is gelijk aan het verschil tussen :
92. Het verschil tussen het totaalbedrag van de verkopen en het totaalbedrag van de aankopen vormt het belastbaar bedrag, belasting inbegrepen, van de handelingen onder de winstmargeregeling die de belastingplichtige wederverkoper tijdens het beschouwde tijdvak heeft verricht.
De inbegrepen verschuldigde belasting wordt berekend volgens de formule D x t -------- 100 + t waarin D het belastbaar verschil "belasting inbegrepen" vertegenwoordigt en t het BTW-tarief. Het belastbaar bedrag "exclusief BTW" dat na aftrek van de belasting wordt bekomen, wordt samen met het bedrag van de handelingen verricht onder de normale regeling van de belasting tegen het toepasselijk tarief overgebracht naar de "overeenstemmende" roosters van de periodieke BTW- aangifte.
De verschuldigde BTW wordt overgebracht naar rooster 54 van de BTW- aangifte.
Om statistische redenen zal het totaalbedrag van de aankopen die gedurende het beschouwde aangiftetijdvak werden verricht dienen te worden overgebracht naar rooster 00 van de periodieke BTW-aangifte.
93. Wanneer het bedrag dat uit het aankoopregister werd overgebracht groter is dan het bedrag dat uit het boek voor uitgaande facturen en uit het ontvangstenboek is overgebracht, hetgeen een negatief saldo teweegbrengt in het rooster "Belastbaar verschil" van het vergelijkingsregister, moet dit bedrag, voorafgegaan door het plusteken, worden overgedragen naar het vak "Overdracht van het vorige aangiftetijdvak" van de kolom "Aankoopprijs van de goederen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling in België" van het aankoopregister.
94. Het aldus overgedragen bedrag mag niet in aanmerking worden genomen voor de berekening van het totaalbedrag der aankopen hetgeen dient te worden opgenomen in de rooster 00 en 81 van de periodieke BTW- aangifte.
III.B. - Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de winstmargeregeling gedurende het laatste aangiftetijdvak van het jaar (art. 3, 2de, 5de en 6de lid, van het koninklijk besluit).
95. De belastingplichtige wederverkoper dient jaarlijks een inventaris op te maken van de voorraad goederen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
96. De totale winstmarge voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar is gelijk aan het verschil tussen :
97. Aan de hand van de jaarlijkse inventaris, die voor de eerste maal moet worden opgemaakt op 1 januari 1995, zal bij de vaststelling van de totale winstmarge op jaarbasis rekening kunnen worden gehouden met de voorraadschommelingen, en zal tevens het totale bedrag in aankoopprijs kunnen worden bepaald van de tijdens het jaar geleverde goederen.
98. Het bedrag van de begininventaris, verhoogd met de gedurende het jaar verrichte aankopen, en verminderd met het bedrag van de eindinventaris, geeft als resultaat het bedrag der verkochte aankopen.
Voorbeeld : Beginstock 1/1 = 100.000 Aankopen = + 700.000 Eindstock 31/12 = - 200.000 ----------- Verkochte aankopen = 600.000 De totale winstmarge voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar is gelijk aan het verschil tussen enerzijds het bedrag van de tijdens het jaar verrichte verkopen en anderzijds het bedrag van de tijdens hetzelfde jaar verkochte aankopen, verhoogd met het bedrag van de winstmarges die reeds werden aangegeven voor de vorige aangiftetijdvakken van hetzelfde jaar. Voorbeeld (vervolg) :
Ondersteld wordt dat de verkopen 900.000 F bedragen en de reeds aangegeven winstmarges 75.000 F.
De totale winstmarge voor het laatste aangiftetijdvak bedraagt :
900.000 - (600.000 + 75.000) = 225.000 F
Verschuldigde BTW. 225.000 x 20,5 ---------------- = 38.278 F 120,5 Het belastbaar bedrag "exclusief BTW" (225.000 - 38.278 = 186.722) wordt overgebracht naar rooster 03 van de periodieke BTW-aangifte. De verschuldigde BTW (38.278 F) wordt overgebracht naar rooster 54 van de BTW-aangifte.
Het bedrag van de eindstock 31/12 (200.000 F) wordt, voor de volgende aangifteperiode, overgedragen naar het aankoopregister.
Om statistische redenen zal het totaalbedrag van de aankopen die gedurende het beschouwde aangiftetijdvak werden verricht dienen te worden overgebracht naar rooster 00 van de periodieke BTW-aangifte.
IV.A. - Voorbeeld voor de berekening van de BTW voor de handelingen verricht met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge gedurende een aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar.
Een belastingplichtige wederverkoper in gebruikte goederen en kunstvoorwerpen die maandaangiften indient paste in 1994 voor de verkoop van gebruikte goederen de bijzondere regeling voor tweedehandse goederen toe ingevolge een vergunning hem uitgereikt door zijn hoofdcontroleur in 1978. Hij paste de normale regeling van de belasting toe op de verkoop van kunstvoorwerpen, goederen die tot 31/12/1994 waren uitgesloten van de bijzondere regeling.
Vanaf 1/1/1995 wil deze belastingplichtige wederverkoper de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge uitbreiden tot kunstvoorwerpen die hem worden geleverd door de personen beoogd onder nr. 8 van deze aanschrijving (particulieren bv.). Hij wenst tevens te kiezen voor de toepassing van de bijzondere winstmargeregeling voor de kunstvoorwerpen die hij zal invoeren, die hem zullen worden geleverd door de maker of diens rechthebbenden of die hem geleverd zullen worden door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper, tegen het verlaagd tarief.
Hij richt te dien einde een keuzeverklaring per aangetekend schrijven naar zijn hoofdcontroleur.
De belastingplichtige wederverkoper wenst de kunstvoorwerpen, in voorraad per 31/12/1994, en die bedoeld zijn in de winstmargeregeling, te onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge bij toepassing van de overgangsbepaling opgenomen onder nr. 149. Hij zal te dien einde, vóór 1/2/1995, een inventaris indienen van deze kunstvoorwerpen (in deze inventaris zal hij de kunstvoorwerpen die gekocht werden bij particulieren, en de kunstvoorwerpen die werden gekocht, ingevoerd of verworven bij bepaalde belastingplichtigen afzonderlijk dienen te vermelden). Betrokkene past dus niet de vereenvoudigingsmaatregel toe, opgenomen onder nr. 150.
Begin februari 1995 berekent deze belastingplichtige wederverkoper de belasting verschuldigd over zijn handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling van de winstmarge van de maand januari 1995.
A. In de loop van de maand januari 1995 heeft hij in zijn ontvangstenboek en in zijn boek voor uitgaande facturen, in afzonderlijke kolommen, de leveringen van gebruikte goederen en kunstvoorwerpen, die werden verricht onder de bijzondere winstmargeregeling, ingeschreven respectievelijk voor 128.500 F en 30.000 F, hetzij in totaal 158.500 F, BTW tegen het tarief van 20,5 % inbegrepen.
Kunstvoorwerp afkomstig van : - particulier : 10.000 F (kolom 5) - Belgische kunstenaar 31.800 F (30.000 F + 1.800 F BTW niet (belastingplichtige, (kolom 5) aftrekbaar) normale regeling) - Franse belastingplichtige 50.000 F (50.000 F, inclusief Franse wederverkoper (kolom 6) BTW, intracommunautaire verwerving in België die niet onderworpen is aan de BTW) 3) de aankoop van 3 gebruikte goederen, van particulieren, respectievelijk voor 26.000 F, 6.000 F en 14.000 F. Het totaal bedrag van de goederen vermeld in kolom 5 bedraagt 193.230 F en het bedrag vermeld in kolom 6 bedraagt 50.000 F, hetzij in totaal 243.230 F.
C. Hij transporteert het totaalbedrag van zijn verkopen (158.500 F) en het totaalbedrag van zijn aankopen (243.230 F) naar het vergelijkingsregister.
Het bedrag dat uit het aankoopregister werd overgebracht is groter dan de bedragen die uit het ontvangstenboek en uit het boek voor uitgaande facturen werden overgebracht. Dit brengt een negatief saldo (- 84.730 F) teweeg in het rooster "Belastbaar verschil" van het vergelijkingsregister en dit bedrag moet, voorafgegaan door het plusteken (+ 84.730 F) worden overgedragen naar het vak "Overdracht van het vorige aangiftetijdvak" van de kolom "Aankoopprijs van de goederen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling in België" van het aankoopregister.
D. Overdracht naar de periodieke aangifte betreffende de handelingen verricht onder de winstmargeregeling :
100. Jaar | Aankoopregister | Uitgaand factuurboek | Vergelijkings- | | + Dagontvangstenboek | register | | Verkopen | --------------| -----------------|----------------------|---------------- 1995 | | | 1ste kwartaal | 1) 150.000 | 125.000 | - 25.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 2de kwartaal | 25.000 *| | | 2) 200.000 | | | -------- | | | 225.000 | 210.000 | - 15.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 3de kwartaal | 15.000 *| | | 3) 50.000 | | | ------- | | | 65.000 | 100.000 | 35.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 4de kwartaal | 4) 300.000 | 110.000 | - 190.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- TOTAAL | (1 + 2 + 3 + 4) | | |-----------------| | | 700.000 | 545.000 | Jaar | Overdracht naar aankoopregister | Opmerkingen --------------|---------------------------------|----------------------- 1995 | | over te dragen naar 1ste kwartaal | + 25.000 * | het tweede kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 2de kwartaal | | over te dragen naar | + 15.000 * | het derde kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 3de kwartaal | | BTW verschuldigd --------------|---------------------------------|----------------------- 4de kwartaal | | --------------|---------------------------------|----------------------- TOTAAL | | | | Beginstock 1/1 0 Aankopen 700.000 Eindstock 31/12 100.000 over te dragen naar het aankoopregister -------------------------- Verkochte aankopen 600.000 Verkopen = 545.000 Verkochte aankopen = 600.000 Winstmarges reeds aangegeven = 35.000 Totale marge 4de kwartaal : 545.000 - (600.000 + 35.000) = - 90.000. Dit bedrag mag niet worden overgedragen naar het volgend jaar. Jaar | Aankoopregister | Uitgaand factuurboek | Vergelijkings- | | + Dagontvangstenboek | register | | Verkopen | --------------|-----------------|----------------------|---------------- 1996 | | | 1ste kwartaal | stock : 100.000*| | | 1) 200.000 | | | --------| | | 300.000 | 250.000 | - 50.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 2de kwartaal | 50.000 *| | | 2) 175.000 | | | -------- | | | 225.000 | 300.000 | + 75.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 3de kwartaal | 3) 400.000 | 360.000 | - 40.000 --------------|---------------- |----------------------|---------------- 4de kwartaal | 40.000 *| | | 4) 310.000 | | | ------- | | | 350.000 | 275.000 | - 75.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- TOTAAL | (1 + 2 + 3 + 4) | | |-----------------| | | 1.085.000 | 1.185.000 | Jaar | Overdracht naar aankoopregister | Opmerkingen --------------|---------------------------------|----------------------- 1996 | | over te dragen naar 1ste kwartaal | + 50.000 * | het tweede kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 2de kwartaal | | | | BTW verschuldigd --------------|---------------------------------|----------------------- 3de kwartaal | | over te dragen naar | + 40.000 * | het vierde kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 4de kwartaal | | --------------|---------------------------------|----------------------- TOTAAL | | | | Beginstock 1/1 100.000 Aankopen 1.085.000 Eindstock 31/12 300.000 over te dragen naar het aankoopregister -------------------------- Verkochte aankopen 885.000 Berekening voor de regularisatie : Verkopen = 1.185.000 Verkochte aankopen = 885.000 Winstmarges reeds aangegeven = 75.000 Totale winstmarge 4de kwartaal : 1.185.000 - (885.000 + 75.000) = 225.000 F. Verschuldigde BTW. 225.000 x 20,5 ---------------- = 38.278 120,5 Jaar | Aankoopregister | Uitgaand factuurboek | Vergelijkings- | | + Dagontvangstenboek | register | | Verkopen | --------------|-----------------|----------------------|---------------- 1997 | | | 1ste kwartaal | stock : 300.000*| | | 1) 200.000 | | | --------| | | 500.000 | 400.000 | - 100.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 2de kwartaal | 100.000 *| | | 2) 80.000 | | | -------- | | | 180.000 | 200.000 | + 20.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 3de kwartaal | 3) 400.000 | 360.000 | - 40.000 --------------|---------------- |----------------------|---------------- 4de kwartaal | 40.000 *| | | 4) 220.000 | | | ------- | | | 260.000 | 140.000 | - 120.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- TOTAAL | (1 + 2 + 3 + 4) | | |-----------------| | | 900.000 | 1.100.000 | Jaar | Overdracht naar aankoopregister | Opmerkingen --------------|---------------------------------|----------------------- 1996 | | over te dragen naar 1ste kwartaal | + 100.000 * | het tweede kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 2de kwartaal | | | | BTW verschuldigd --------------|---------------------------------|----------------------- 3de kwartaal | | over te dragen naar | + 40.000 * | het vierde kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 4de kwartaal | | --------------|---------------------------------|----------------------- TOTAAL | | | | Beginstock 1/1 300.000 Aankopen 900.000 Eindstock 31/12 160.000 over te dragen naar het aankoopregister ---------------------------- Verkochte aankopen 1.040.000 Verkopen = 1.100.000 Verkochte aankopen = 1.040.000 Winstmarges reeds aangegeven = 20.000 Totale winstmarge 4de kwartaal : 1.100.000 - (1.040.000 + 20.000) = 40.000 F. Berekening verschuldigde BTW : 40.000 x 20,5 --------------- = 6.805 120,5 Afdeling 4 : Uitvoer. Verkopen aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling. 101. De uitvoer van goederen of de levering ervan door de belastingplichtige wederverkoper aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling, is vrijgesteld van de belasting. De belastingplichtige wederverkoper moet op iedere vraag van de administratie de ingeroepen vrijstelling kunnen rechtvaardigen. Opdat de vrijstelling zou kunnen worden toegepast dient een zelfde regularisatie te worden verricht zoals die is vereist indien de belastingplichtige wederverkoper voor een bepaalde levering kiest voor de toepassing van de normale regeling van de belasting. In kolom 4 van het aankoopregister zal de vermelding "vrijstelling" worden aangebracht.
Afdeling 5 : Bijzondere bepalingen van toepassing op kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
I. - Invoer van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. - Aankoop van kunstvoorwerpen bij bepaalde belastingplichtigen, andere dan belastingplichtige wederverkopers.
102. Vanaf 1 januari 1995 zijn de leveringen, zowel onder de normale regeling van de belasting als onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten onderworpen aan het normale BTW-tarief.
De invoer van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten is onderworpen aan het verlaagd BTW-tarief.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid zijn onderworpen aan het verlaagd tarief, de leveringen van kunstvoorwerpen :
103. De belastingplichtige wederverkopers kunnen, bij toepassing van artikel 58, § 4, 4°, van het Wetboek, kiezen voor de toepassing van de bijzondere regeling op leveringen :
a) van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die zij zelf hebben ingevoerd;
b) van kunstvoorwerpen die aan hen geleverd zijn door de maker of diens rechthebbenden;
c) van kunstvoorwerpen die aan hen geleverd zijn door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper wanneer de levering door deze andere belastingplichtige onderworpen is aan het verlaagd tarief of de intracommunautaire verwerving door de belastingplichtige wederverkoper van deze kunstvoorwerpen onderworpen is aan het verlaagd tarief.
Met andere woorden, de belastingplichtige wederverkoper kan slechts kiezen voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor de bedoelde goederen dewelke hij heeft verkregen of ingevoerd tegen het verlaagd tarief (z. A hiervoor).
104. De keuze dient te worden verricht voor alle leveringen, beoogd onder nr. 103, a, b en c (art. 6 van het koninklijk besluit, verwijzing die eveneens geldt voor de nrs. 105 en 106).
105. De belastingplichtige wederverkoper dient de keuzeverklaring bij ter post aangetekende brief te richten aan de hoofdcontroleur van het controlekantoor van de BTW waaronder hij ressorteert.
106. De keuze gaat in op de datum van de aangifte ter post van de brief en geldt tot 31 december van het tweede jaar dat op die datum volgt.
De keuze heeft derhalve uitwerking voor een periode van twee volledige kalenderjaren boven het resterend gedeelte van het jaar waarin de keuze uitwerking heeft.
107. Wanneer deze termijn verstreken is wordt, bij gebreke aan een ter post aangetekende brief vóór 31 december waarin afstand wordt gedaan van de gedane keuze, de keuze geacht stilzwijgend te zijn verlengd.
108. Door het uitoefenen van de keuze geeft de belastingplichtige wederverkoper de wil te kennen de leveringen van de bedoelde goederen te willen onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
109. Deze keuze houdt tevens in dat de belastingplichtige wederverkoper van de belasting die hij verschuldigd is niet mag aftrekken:
a) de belasting die verschuldigd of voldaan is voor kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten die hij zelf heeft ingevoerd;
b) de belasting die verschuldigd of voldaan is voor aan hem geleverde of te leveren kunstvoorwerpen door de maker of diens rechthebbenden;
c) de belasting die verschuldigd of voldaan is voor aan hem geleverde of te leveren kunstvoorwerpen door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper (art. 58, § 4, 6°, van het Wetboek).
110. De aldus ingevoerde kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, en de aldus verkregen kunstvoorwerpen, dienen het voorwerp uit te maken van een inschrijving in het aankoopregister. De in te schrijven aankoopprijs wordt bepaald volgens navolgend onderscheid :
1) invoer van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten : de in aanmerking te nemen aankoopprijs is gelijk aan de overeenkomstig artikel 34 van het Wetboek vastgestelde maatstaf van heffing bij invoer, vermeerderd met de bij invoer verschuldigde of betaalde belasting over de toegevoegde waarde (art. 5 van het koninklijk besluit).
Dit bedrag dient te worden ingeschreven in het aankoopregister in de kolom 5 van de aankopen in België tegen het normaal tarief (thans 20,5 pct.);
2) aankopen in België van kunstvoorwerpen bij de maker of bij zijn rechthebbenden, of bij een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper wanneer de levering door deze andere belastingplichtige onderworpen is aan het verlaagd tarief : de in aanmerking te nemen aankoopprijs is alles wat de tegenprestatie uitmaakt, gedefinieerd in nr. 11, die de verkoper van de belastingplichtige wederverkoper verkrijgt of moet verkrijgen, daaronder begrepen de BTW.
Dit bedrag dient te worden ingeschreven in het aankoopregister in de kolom 5 van de aankopen in België tegen het normaal tarief (thans 20,5 pct.);
3) intracommunautaire verwervingen van kunstvoorwerpen wanneer de verkoper in de andere Lid-Staat de maker is of diens rechthebbenden, of indien het een levering betreft die incidentieel wordt verricht door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper, wanneer die kunstvoorwerpen door deze belastingplichtige zelf zijn ingevoerd of hem zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden of te zijnen gunste het recht op volledige aftrek van de BTW hebben doen ontstaan : de in aanmerking te nemen aankoopprijs is alles wat de tegenprestatie uitmaakt, gedefinieerd in nr. 11, die de verkoper van de belastingplichtige wederverkoper verkrijgt of moet verkrijgen, vermeerderd met de ingevolge de intracommunautaire verwerving verschuldigde BTW.
Dit bedrag dient te worden ingeschreven in het aankoopregister in de kolom 6 van de aankopen in een andere Lid-Staat tegen het normaal tarief (thans 20,5 pct.).
111. De verkoop door de belastingplichtige wederverkoper van de aldus ingevoerde kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten en van de aldus verkregen kunstvoorwerpen met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge gebeurt tegen het normale BTW-tarief (thans 20,5 pct.).
112. Voor elke levering die onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge valt, kan de belastingplichtige wederverkoper de normale regeling van de belasting toepassen (art. 58, § 4, 7°, eerste lid, van het Wetboek).
113. Indien de belastingplichtige wederverkoper de normale regeling van de belasting toepast :
a) op de levering van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die hij zelf heeft ingevoerd, mag hij van de belasting die hij verschuldigd is, de bij invoer van dit goed verschuldigde of voldane belasting aftrekken;
b) op de levering van kunstvoorwerpen die hem door de maker of diens rechthebbenden zijn geleverd, mag hij van de belasting die hij verschuldigd is, de met betrekking tot de hem geleverde kunstvoorwerpen verschuldigde of voldane belasting aftrekken;
c) op de levering van kunstvoorwerpen die hem door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper zijn geleverd, mag hij van de belasting die hij verschuldigd is, de met betrekking tot de hem geleverde kunstvoorwerpen verschuldigde of voldane belasting aftrekken;
d) op de levering van kunstvoorwerpen die hem in een andere Lid-Staat zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden, of die hem in de Lid-Staat door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper zijn geleverd, mag hij van de belasting die hij verschuldigd is, de bij de intracommunautaire verwerving van deze kunstvoorwerpen verschuldigde belasting aftrekken (art. 58, § 4, 7°, tweede lid, van het Wetboek).
114. Het recht op aftrek, beoogd onder letter a tot d, ontstaat op het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt voor de levering waarvoor de belastingplichtige wederverkoper voor de normale regeling van de belasting kiest (art. 58, § 4, 7°, derde lid, van het Wetboek).
115. Voor de uitoefening van het recht op aftrek is vereist dat de voorwaarden worden nageleefd die in artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969, met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde, zijn vastgesteld. De belastingplichtige wederverkoper zal dus om zijn recht op aftrek te kunnen uitoefenen in het bezit moeten zijn van de in genoemd artikel bedoelde stukken.
Krachtens artikel 60, § 1, eerste lid, van het Wetboek, moeten die stukken worden bewaard gedurende tien jaar te rekenen vanaf de eerste januari van het jaar waarin dit recht op aftrek is ontstaan (artikel 58, § 4, 7°, vierde lid, van het Wetboek).
De controlerende ambtenaren moeten immers in staat worden gesteld de correcte toepassing van de BTW na te gaan.
116. Indien de belastingplichtige wederverkoper op het tijdstip van de wederverkoop de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast indien hij dezelfde regularisaties toe te passen als deze uiteengezet onder nr. 84 of 85.
117. Bij verkoop van deze goederen onder de normale regeling van de belasting is de BTW verschuldigd over de totale verkoopprijs, tegen het normaal BTW-tarief (thans 20,5 pct.).
II. Leveringen door een Duitse belastingplichtige wederverkoper van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten.
118. Voor de leveringen door een belastingplichtige wederverkoper van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten geldt in de Bondsrepubliek Duitsland een regeling die, wat de toepassingsmodaliteiten betreft, afwijkt van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
Deze regeling heeft geen invloed op de situatie van de in België gevestigde belastingplichtige wederverkopers die de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepassen.
De aandacht van de in België gevestigde belastingplichtige wederverkopers wordt evenwel gevestigd op het feit dat, bij leveringen door Duitse belastingplichtige wederverkopers van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, deze Duitse belastingplichtige wederverkopers aan de Belgische belastingplichtige wederverkopers facturen zullen uitreiken met ondermeer de vermelding dat de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge is toegepast, maar op welke facturen het bedrag van de verschuldigde belasting afzonderlijk zal zijn vermeld.
Indien de Belgische belastingplichtige wederverkoper deze kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten wil onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge schrijft hij deze goederen in in zijn aankoopregister. De in aanmerking te nemen aankoopprijs is alles wat de tegenprestatie uitmaakt, gedefinieerd in nr. 11, die de verkoper van de Belgische belastingplichtige wederverkoper verkrijgt of moet verkrijgen, daaronder begrepen de BTW die is vermeld op de door de Duitse belastingplichtige wederverkoper uitgereikte factuur.
De intracommunautaire verwerving in België van de bedoelde goederen is niet onderworpen aan de BTW krachtens artikel 25ter, § 1, 4°, van het Wetboek.
Afdeling 6 : Bijzondere bepalingen van toepassing bij openbare verkopen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
119. De regels vervat in onderhavige aanschrijving zijn, in principe, van toepassing op de door belastingplichtige wederverkopers verrichte openbare verkopen en dit zowel voor de verkopen waarvoor ze tussenbeide komen voor eigen rekening dan wel ingevolge een overeenkomst tot aan- of verkoop in commissie, voor rekening van een derde. Er kunnen zich evenwel bijzondere toestanden voordoen bij openbare verkopen. Ze worden in het biezonder in deze afdeling onderzocht.
I. In aanmerking te nemen verkoopprijs bij openbare verkopen waar de kosten ten laste van de kopers bedongen zijn.
120. In de mate dat de bedongen kosten de wettelijke kosten (erelonen van de notaris of van de deurwaarder, het algemeen vast registratierecht en het zegelrecht), met uitsluiting van de BTW, overtreffen vormen zij een last die, voor de berekening van de belasting, aan de eigenlijke toewijzingsprijs moet worden toegevoegd. Er wordt opgemerkt dat het volgrecht als een extra-wettelijke kost moet worden aangemerkt.
Hieruit volgt :
1° dat de verkoopzaal de openbare verkopen waartoe ze overgaat moet scheiden van de verkopen uit de hand waar dergelijke kosten niet zijn bedongen;
2° dat zij de last over de openbaar verkochte goederen proportioneel, per BTW-tarief, moet verdelen over de bekomen toewijzingsprijzen.
121. Gemakkelijkheidshalve wordt er aangenomen dat de verkoopzaal op het einde van elke aangiftetijdvak de wettelijke kosten - met uitsluiting van de BTW zelf - vaststelt die ze werkelijk heeft gedragen en ze aftrekt van de bedongen kosten voor de openbare verkopen die zij tijdens dat zelfde tijdvak heeft verricht. Ze stelt dan het percentage vast dat de extra-wettelijke kosten vertegenwoordigt in verhouding tot het totaalbedrag van de toewijzingsprijzen en zij voegt dit percentage, eenvormig per BTW-tarief, bij de prijs van de openbaar verkochte goederen.
122. De publieke verkoopzalen beschikken, voor de door hen gehouden verkopen, over een proces-verbaal waarin de instrumenterende ambtenaar, naarmate van de verkopen, de toewijzing van de verschillende aan het publiek te koop aangeboden loten inschrijft. Vertrekkende van dit proces-verbaal kunnen zij dan na afloop van de publieke verkoop, voor de verschillende consignanten, de rekeningopgaven opstellen en de op de gedane verrichtingen verschuldigde belastingen berekenen. Om met deze particulariteit rekening te houden, wijkt de administratie, in de hierna uiteengezette mate, af van de regels die in de voorgaande afdelingen werden bepaald.
123. Wat de goederen betreft die in consignatie werden gegeven mag het in nr. 73 voorgeschreven aankoopborderel worden vervangen door de rekeningopgave die de verkoopzaal aan zijn consignant stuurt op grond van het proces-verbaal van de publieke verkoop. De inschrijving in het aankoopregister van het aan de consignant toekomende netto-bedrag (toewijzingsprijs onder aftrek van het door de verkoopzaal ingehouden commissieloon) geschiedt op het zien van de rekeningopgaven waarnaar ze verwijst. Deze opgaven moeten worden opgemaakt uiterlijk de vijfde werkdag van de maand die volgt op de maand tijdens welke de publieke verkoop plaatshad.
124. Wat de goederen betreft die in consignatie gegeven werden door een belastingplichtige die ertoe gehouden is een factuur uit te reiken, stelt de consignant zijn definitieve factuur op op grond van de rekeningopgave die de verkoopzaal hem heeft uitgereikt. In principe moet deze factuur uitgereikt worden uiterlijk de vijfde werkdag van de maand die volgt op de publieke verkoop van het goed. Nochtans zal de factuur die uitgereikt zou worden in de loop van de maand volgend op de maand dat de publieke verkoop plaatsvond, niet als laattijdig worden beschouwd, wanneer de wettelijke termijn om praktische redenen niet kon worden nageleefd (bijvoorbeeld in geval van verkoop in de tweede helft van de maand).
125. Voor het gemak van de verkoopzalen mogen ze de bedoelde goederen in het aankoopregister inschrijven op zicht van de rekeningopgaven bestemd voor de belastingplichtige consignanten. Deze inschrijving is echter voorlopig en mag alleen behouden blijven indien de definitieve factuur uitgereikt wordt binnen de in voorgaand lid gestelde termijn.
126. Er wordt opgemerkt dat geen enkele afwijking van de algemene regels werd voorzien betreffende goederen die uitgesloten zijn van de bijzondere regeling, alsmede voor de verkopen van goederen die het voorwerp uitgemaakt hebben van werkelijke aankopen hier te lande of die ingevoerd werden met betaling van de BTW in hoofde van de verkoopzaal.
127. Aan de hand van het proces-verbaal van de publieke verkoop mogen de verkoopzalen een verzamelstaat opmaken waarin zij, per BTW-tarief, de prijzen van de verschillende verkochte loten omslaan. Op die manier bepalen zij, per toegepast tarief, het globaal bedrag, BTW inbegrepen, van de toewijzingsprijzen en bij dit bedrag voegen zij de last van de extra-wettelijke kosten die aan de kopers werden opgelegd (z. nr. 120). Het totale bedrag wordt vervolgens, afzonderlijk, per BTW-tarief naar het vergelijkingsregister overgedragen (z. nr. 91).
128. Vereenvoudigingsmaatregel inzake uitvoer, verkopen aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling.
De toepassing van de regels uiteengezet onder nr. 101 dewelke in de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toelaten de vrijstelling toe te passen ingeval van uitvoer, verkopen aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling kan bij openbare verkopen waar de bedongen kosten ten laste van de kopers aan de toewijzingsprijs worden toegevoegd voor de belastingplichtige wederverkopers moeilijkheden meebrengen. Het is immers slechts nadat het goed is toegewezen aan de koper dat deze zijn hoedanigheid bekend maakt aan de belastingplichtige wederverkoper en eventueel de vrijstelling van de BTW inroept. De belastingplichtige wederverkoper moet op iedere vraag van de administratie de ingeroepen vrijstelling kunnen rechtvaardigen.
De administratie aanvaardt derhalve, bij wijze van proef, dat aan de personen, die op openbare verkopen in verkoopzalen gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten hebben gekocht en recht hebben op een vrijstelling van de BTW, teruggaaf wordt verleend van de BTW die geacht wordt begrepen te zijn in de lastens de kopers bedongen kosten die aan de toewijzingsprijs werden toegevoegd. Het bedrag van de teruggaaf wordt berekend volgens de formule hierna : bedongen kosten ten laste van de kopers x t ------------------------------------------------ 100 + t waarin t het op de goederen toepasselijk tarief vertegenwoordigt. C. Vaststelling van de wegens de publieke verkoop aan de Staat verschuldigde belasting. Ontheffing om een ontvangstenboek te houden.
129. In de praktijk berekenen de verkoopzalen de aan de Staat te betalen belastingen, wegens de publieke verkopen die ze gehouden hebben, tijdens de hierop volgende dagen, aan de hand van de verzamelstaat opgemaakt volgens het proces-verbaal van de publieke verkoop, van de rekeningopgaven die ze onmiddellijk aan de consignanten sturen en van de inschrijvingen die op deze basis in het vergelijkingsregister overgedragen zijn.
130. Wanneer deze praktijk wordt gevolgd, worden de verkoopzalen vrijgesteld van het houden van een ontvangstenboek. Het wordt vervangen door het proces-verbaal van de publieke verkoop en de gedetailleerde verzamelstaat die ze opmaken. Wat de facturen betreft die ze aan hun klanten uitreiken, deze moeten in het boek voor uitgaande facturen worden ingeschreven, ondanks het feit dat, in de gezegde praktijk, de samenstelling van de verschuldigde belastingen niet aan de hand van dit register geschiedt.
131. Het gebeurt dat een zelfde publieke verkoop zich uitstrekt over een periode van verscheidene dagen gespreid over twee opeenvolgende maanden. In dat geval neemt de administratie aan dat de belasting voor het geheel van de verrichtingen slechts opeisbaar is na afloop van de verkoop.
III. Bijzonder geval. De verkoopzaal, die handelt als consignataris commissionair-verkoper, stelt een bedoeld goed openbaar te koop en koopt zelf het goed om het later door te verkopen.
132. De toewijzing van het goed aan de verkoopzaal, die krachtens artikel 13 van het Wetboek met een koper-verkoper is gelijkgesteld, maakt de BTW niet opeisbaar, maar heeft voor gevolg dat de consignatiezending naar de verkoopzaal wordt omgezet in een definitieve aankoop door deze laatste. Bijgevolg moet de toewijzingsprijs en de eraan verbonden extra- wettelijke kosten noch in het boek voor uitgaande facturen, noch in het ontvangstenboek worden ingeschreven. De aankoop moet daarentegen door de verkoopzaal worden ingeschreven in het aankoopregister.
IV. Bijzonder geval. De verkoopzaal die handels als consignataris commissionair-verkoper, stelt een bedoeld tweedehands goed openbaar te koop en wijst het toe aan diegene die het in consignatie had gegeven.
133. Er wordt aangenomen dat in een dergelijk geval de consignatie niet wordt gevolgd door een eigenlijke verkoop. Inderdaad, door zijn eigen goed terug te kopen uit de consignant zijn wens de eigenaar te willen blijven.
134. Hieruit volgt dat de toewijzingsprijs van het door zijn eigenaar wederingekocht goed noch in het boek voor uitgaande facturen, noch in het ontvangstenboek moet worden ingeschreven. Indien de verkoopzaal, onwetend van de hoedanigheid van de koper, de handeling toch heeft ingeschreven in het een of ander register, mag hij een verbeterende inschrijving doen in rode inkt of voorafgegaan door het minteken. Dezelfde regel mag worden gevolgd om een inschrijving te verbeteren die ten onrechte in het aankoopregister werd gedaan. De exploitant van de verkoopzaal behoort tegenover de administratie de uitzonderlijke toestand die hij inroept en de eventuele verbeteringen te rechtvaardigen.
135. Wanneer in bedoeld geval de verkoopzaal van de eigenaar een commissie vordert voor de dienst waarmee hij haar had belast, is de belasting over deze commissie verschuldigd tegen het normaal tarief (thans 20,5 pct.). De belasting is begrepen in het gevorderde bedrag.
V. Tussenkomst van de verkoopzaal in de hoedanigheid van mandataris van de verzoekers van de openbare verkoop.
136. De regeling voorzien in onderhavige aanschrijving is slechts van toepassing wanneer de verkoopzaal bij de openbare verkopen van de goederen in eigen naam handelt.
137. Deze regeling moet worden geweerd voor de verkopen waar ze optreedt als mandataris van de verzoekers. Deze toestand doet zich inzonderheid voor bij verkopen van goederen die voortkomen uit een erfenis, hetzij wanneer wordt aangegeven in het proces-verbaal van de notaris of van de gerechtsdeurwaarder dat de verkoop geschiedt op verzoek van de erfgenamen - al of niet met name genoemd -, van een bepaalde overledene, hetzij wanneer de verkoop geschiedt op verzoek van de exploitant van de verkoopzaal maar handelend in naam van de erfgenamen - al of niet met name genoemd - van een bepaalde overledene. De eenvoudige melding in het procesverbaal dat het gaat om de verkoop van meubelen voortkomende van de erfenis van een omschreven persoon volstaat, op zichzelf, niet om aan te nemen dat de verkoop al of niet op verzoek van de erfgenamen plaatsheeft.
138. Wanneer de verkoopzaal als mandataris optreedt worden de goederen rechtstreeks verkocht door de verzoekers. De verkoop is slechts onderworpen aan de BTW wanneer zij de hoedanigheid van belastingplichtige hebben (in de zin van dit nummer moet onder belastingplichtige worden verstaan, een belastingplichtige met volledig of gedeeltelijk recht op aftrek van de voorbelasting, hetgeen de door de artikelen 44 en 56, § 2, van het Wetboek beoogde belastingplichtigen uitsluit samen overigens met de belastingplichtigen die een recht op aftrek genieten maar dan enkel voor het verrichten van in artikel 44, § 3, 4° tot 10°, van het Wetboek beoogde handelingen (z. Wetb., art. 45, § 1, 4° en 5°) evenals de landbouwondernemers onderworpen aan de bijzondere regeling van artikel 57 van het Wetboek) en wanneer de verkoop betrekking heeft op goederen die voortkomen uit hun onderneming. De verkoop is in de andere gevallen onderworpen aan het evenredig registratierecht van 5 pct. (Wetboek Reg. art. 77 en 80). In dit verband moet worden aangestipt dat een openbare verkoop van een voorraad goederen of andere goederen met beroepskarakter gedaan op verzoek of in naam van de erfgenamen van een belastingplichtige, in het kader van de liquidatie van zijn onderneming, dient aangemerkt te worden als zijnde gedaan door een belastingplichtige.
139. De vergoeding die de verkoopzaal van de verzoekers vordert voor haar tussenkomst als mandataris bij de verkoop van de goederen, is onderworpen aan de BTW tegen het normaal tarief (thans 20,5 pct.) en dit zonder onderscheid te maken of de verkoop gebeurde met toepassing van de BTW of van het registratierecht. De BTW moet worden berekend op het bedrag van de vergoeding "belasting inbegrepen".
140. Onder "vergoeding" zoals bedoeld in vorig lid moet worden verstaan, de som die de verkoopzaal voor haar tussenkomst van de verzoekers vordert, verhoogd met het bedrag van de extra-wettelijke kosten, d.w.z. het verschil tussen de bedongen kosten en de wettelijke kosten (erelonen van de instrumenterende notaris of deurwaarder, BTW of het evenredig registratierecht van 5 pct. en het zegelrecht).
Afdeling 7 : Diverse gevallen - Onttrekking - Formaliteiten en voorwaarden - Gebruik in de onderneming - Overdracht.
I. Onttrekking door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn privé-doeleinden van voor doorverkoop onder de winstmargeregeling bestemde goederen.
141. Onder de normale regeling van de belasting moet de belastingplichtige, die voor privé-doeleinden een voor doorverkoop bestemd goed aan zijn voorraad onttrekt, de belasting tegen het op dat goed toepasselijk tarief betalen over de aankoopprijs van dat goed of van een soortgelijk goed of bij gebreke daarvan, over de kostprijs van het goed (art. 12, § 1, en art. 33, 1°, van het Wetboek). Om deze onttrekking vast te stellen moet hij een intern stuk opmaken zoals bedoeld in artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 1. Deze regels moeten worden gevolgd door de belastingplichtige wederverkoper voor de goederen die niet onderworpen werden aan de bijzondere regeling en waarvoor na inschrijving in het boek voor inkomende facturen de belasting geheven van hun aankoop, hun intracommunautaire verwerving of hun invoer werd afgetrokken.
142. Indien daarentegen de onttrokken goederen begrepen waren in de bijzondere winstmargeregeling dienen deze goederen te kunnen worden gevolgd. Er dient immers ondermeer te kunnen worden geverifieerd of de eventuele verliezen die zouden worden geleden bij de latere verkoop van de goederen kunnen worden gestaafd, of er een redelijke verhouding bestaat tussen het aantal onttrokken en het aantal verkochte goederen, enz. ... Tevens, indien het onttrokken goed bij de aankoop werd ingeschreven in het aankoopregister heeft de belastingplichtige wederverkoper door de overdracht naar het vergelijkingsregister met betrekking tot het aangiftetijdvak waarin die verkoop plaats had zijn "belastbaar verschil" verminderd ten belope van de aankoopprijs van het onttrokken goed.
De onttrekkingen brengen mee dat de aankoopprijs van de onttrokken goederen moet worden gevoegd bij het totaal bedrag van de verkopen van goederen van hetzelfde BTW-tarief tijdens dat aangiftetijdvak.
Het intern stuk dat dient te worden opgemaakt om deze onttrekking vast te stellen, zal, behalve de elementen voorzien in artikel 5, § 2 van het koninklijk besluit nr. 1, ook de aankoopprijs van het onttrokken goed vermelden maar zonder vermelding van de BTW, aangezien deze niet verschuldigd is op deze handeling.
Het op het intern stuk vermelde bedrag dient in het uitgaand factuurboek te worden ingeschreven in de kolom van de handelingen onderworpen aan de winstmargeregeling.
Dezelfde regels moeten gevolgd worden voor de goederen die de belastingplichtige wederverkoper behoudt voor privé-doeleinden bij de stopzetting van zijn werkzaamheid.
143. De onttrekking van een goed is onderworpen aan de volgende formaliteiten en voorwaarden.
Teneinde het onttrokken goed te kunnen volgen dient de belastingplichtige wederverkoper speciale vermeldingen aan te brengen in het aankoopregister, naast het nummer waaronder de aankoop van het goed werd ingeschreven.
Inschrijving van de onttrekkingen in het aankoopregister.
144. De belastingplichtige wederverkoper schrijft in het aankoopregister in de kolommen 7 tot 9 :
145. De eventuele waardevermindering die het gevolg kan zijn van het gebruik van het goed gedurende de periode van onttrekking zou een weerslag kunnen hebben op de aankoopprijs die door de belastingplichtige wederverkoper moet worden vermeld op het aankoopborderel (op te stellen ingeval het goed voorheen was onttrokken voor zijn privé-doeleinden) of op het intern stuk (op te stellen ingeval het goed voorheen was onttrokken voor zijn economische activiteit) dat hij moet uitreiken aan zichzelf om de wederinschrijving van het goed met het oog op de verkoop in het aankoopregister te staven.
De vergelijking tussen de verkoopprijs van het voorheen onttrokken goed en het bedrag waartegen dit goed laatst in het aankoopregister werd ingeschreven mag in geen geval resulteren in een negatieve winstmarge.
III. Gebruik door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn economische activiteit van voor doorverkoop onder de winstmargeregeling bestemde goederen.
146. Er zal op dezelfde manier worden gehandeld als uiteengezet in nr. 142 wat betreft het opmaken van een intern stuk om de handeling vast te stellen alsook voor het inschrijven van dit stuk in het boek voor uitgaande facturen.
Bovendien zal deze handeling ingeschreven worden in het boek voor inkomende facturen (bv. in de kolom investeringen), zonder dat enige belasting kan worden in aftrek gebracht.
Wat de te vervullen formaliteiten en voorwaarden betreft in verband met dit gebruik alsmede de te volgen werkwijze bij de latere verkoop wordt verwezen naar de nrs. 143 tot 145.
IV. Overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling omvattende de goederen onderworpen aan de winstmargeregeling.
147. Krachtens artikel 11 van het Wetboek wordt niet als levering beschouwd, de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling, onder bezwarende titel of om niet, bij wege van inbreng in vennootschap of anderszins, wanneer de overnemer een belastingplichtige is die de belasting, indien ze ingevolge de overdracht zou verschuldigd zijn, geheel of gedeeltelijk zou kunnen aftrekken. In dat geval wordt de overnemer geacht de persoon van de overdrager voort te zetten.
Het bepaalde, opgenomen in artikel 11 van het Wetboek, volgens hetwelk de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling niet belastbaar is met BTW is enkel van toepassing indien de goederen die het voorwerp van deze overdracht uitmaken, onderworpen zijn aan de normale regeling van de belasting.
De overgang naar de normale regeling van de goederen, onderworpen aan de bijzondere regeling van de winstmarge, zou evenwel aan de overnemer elke mogelijkheid ontnemen om er de winstmargeregeling op toe te passen.
Gezien de fictie van de voortzetting van de persoon van de overdrager, opgenomen in artikel 11 van het Wetboek, meebrengt dat de overnemer de rechten en verplichtingen van de overdrager overneemt, aanvaardt de Administratie dat de goederen in het handelsactief van de overnemer opgenomen worden onder dezelfde regeling als diegene die door de overdrager werd toegepast.
De voorraad van de aan de winstmargeregeling onderworpen goederen van de overdrager kan aldus opgenomen worden in het handelsactief van de overnemer voor een prijs welke de belasting over de winstmarge bevat, terwijl de andere elementen die het voorwerp uitmaken van de overdracht kunnen overgedragen worden met toepassing van artikel 11 van het Wetboek.
In hoofde van de overdrager moet de overdracht van de goederen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge als een levering van goederen worden beschouwd zoals elke andere levering van goederen onderworpen aan die regeling.
Bijgevolg moeten de bedragen voortkomende van de overdracht van die goederen worden opgenomen in het uitgaand factuurboek van de overdrager onder de kolom van de winstmarge.
Opstellen van een inventaris.
148. De belastingplichtige overnemer dient een inventaris van de goederen die in de overdracht begrepen zijn en dewelke hij verkregen heeft met toepassing van de winstmargeregeling, in te dienen bij het controlekantoor waaronder hij ressorteert binnen een termijn van één maand te rekenen vanaf de overdracht en dit in twee exemplaren.
De inventaris dient voor elk goed afzonderlijk beschouwd, dezelfde vermeldingen weer te geven dewelke normaal op de factuur dienen voor te komen, alsook de waarde uitgedrukt in aankoopprijs.
Afdeling 8 : Overgangsbepalingen. Goederen in voorraad bij de inwerkingtreding van de winstmargeregeling.
149. De belastingplichtige wederverkopers die op 31 december 1994 een vergunning bezitten beoogd in artikel 58, § 4 (oud), van het Wetboek, voor tweedehandse goederen, kunnen vanaf 1 januari 1995 de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge uitbreiden tot kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, voor zover deze goederen hen werden geleverd door één der personen, beoogd onder de eerste drie streepjes van nr. 8.
Wat de belastingplichtige wederverkopers betreft die kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten hebben aangekocht bij andere belastingplichtige wederverkopers (personen beoogd onder het vierde streepje van nr. 8), evenals deze die de keuze uitoefenen, beoogd in afdeling 5, B, deze belastingplichtige wederverkopers kunnen eveneens de aldus vóór 1 januari 1995 aangekochte, ingevoerde of verworven goederen onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, voor zover ze de initieel afgetrokken BTW, verschuldigd of voldaan ingevolge deze aankoop, invoer of verwerving, terugstorten aan de Schatkist. De terug te storten belasting dient in principe voor haar totaal bedrag, te worden overgebracht naar kader IV, C, c, kolom van de "verschuldigde belasting", van de periodieke aangifte met betrekking tot het eerste aangiftetijdvak van het jaar 1995. De administratie aanvaardt evenwel dat de terug te storten belasting, wat de belastingplichtige wederverkoper betreft die kwartaalaangifte indient en de belastingplichtige wederverkoper die maandaangiften indient, respectievelijk wordt overgebracht voor één vierde van haar bedrag en voor één twaalfde van haar bedrag, naar de periodieke aangiften met betrekking tot het jaar 1995.
De belastingplichtige wederverkoper moet bij het controlekantoor waaronder hij ressorteert vóór 1 februari 1995 een inventaris indienen van de hierboven bedoelde goederen die hij in voorraad heeft. De belastingplichtige wederverkoper die kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten heeft gekocht bij andere belastingplichtige wederverkopers en deze die de keuze uitoefent beoogd in afdeling 5, B, moet hierbij onderscheid maken naargelang de goederen gekocht werden bij de personen beoogd onder de eerste drie streepjes van nr. 8 of werden aangekocht, ingevoerd of verworven bij andere belastingplichtigen.
De belastingplichtige wederverkoper brengt de goederen die in de inventaris voorkomen over naar het aankoopregister, op de wijze omschreven in nr. 83.
De goederen waarvan de belastingplichtige wederverkoper niet kan aantonen dat hij ze heeft verworven onder de voorwaarden die de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toelaten zullen onder de normale regeling van de belasting dienen te worden doorverkocht.
Vereenvoudingsmaatregel.
150. De toepassing van de regels, vervat onder nr. 149, kan zowel voor de belastingplichtige wederverkoper als voor de administratie, moeilijkheden meebrengen die dikwijls niet in verhouding zijn met het op het spel staande belang.
De administratie aanvaardt derhalve dat de kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, in voorraad op 31/12/1994, door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge vanaf 1/1/1995, wanneer hij voldoet aan de volgende voorwaarden :
1° indien de belastingplichtige wederverkoper gebruik wenst te maken van deze vereenvoudingsmaatregel dienen alle bedoelde goederen, in voorraad op 31 december 1994, er te worden aan onderworpen, behoudens verkoop van goederen uit deze voorraad onder de normale regeling van de belasting;
2° indiening van een lijst van de kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, in voorraad op 31/12/1994, bij het controlekantoor waaronder hij ressorteert, en dit vóór 1 februari 1995. Op deze lijst dient de nauwkeurige benaming van de goederen te worden vermeld, en eventueel de hoeveelheid. De belastingplichtige wederverkoper moet ieder goed individualiseren, hetzij door een etiket waarop het nummer van inschrijving op de lijst is vermeld, hetzij op om het even welk andere wijze die dezelfde waarborgen biedt;
3° deze goederen, die reeds werden opgenomen in de aankoopadministratie, mogen niet worden ingeschreven in het aankoopregister;
4° bij de verkoop van de goederen in voorraad wordt de verkoopprijs ingeschreven in het ontvangstenboek of in het boek voor uitgaande facturen, in een afzonderlijke kolom van de winstmarge, voorbehouden voor deze goederen;
5° op het einde van het aangiftetijdvak wordt het totaal gemaakt van deze voorbehouden kolom, en de winstmarge waarop de belasting over de toegevoegde waarde wordt toegepast is gelijk aan de gedeelte van de verkoopprijs dat niet lager mag zijn dan 35 % van die prijs.
Voorbeeld van berekening van de forfaitaire winstmarge :
Totaal van de voorbehouden kolom : 10.000 F.
Forfaitaire winstmarge : 10.000 x 35 ------------- = 2.593 F 135 Verschuldigde BTW : 2.593 x 20,5 % = 532 F.
Overdracht naar de periodieke aangifte. Het belastbaar bedrag van 2.593 F wordt overgebracht naar rooster 03 (normaal tarief) van de periodieke aangifte.
De verschuldigde BTW van 532 F wordt overgebracht naar rooster 54 van de periodieke aangifte;
6° telkens een goed wordt verkocht dat op de lijst voorkomt zal een passende vermelding worden aangebracht op die lijst.
151. De belastingplichtige wederverkopers die op 31 december 1994 niet een vergunning bezitten beoogd in artikel 58, § 4, (oud), van het Wetboek, voor tweedehandse goederen, kunnen vanaf 1 januari 1995 de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepassen op tweedehandse goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, voor zover deze goederen hen werden geleverd door één der personen beoogd onder de eerste drie streepjes van nr. 8.
Wat de belastingplichtige wederverkopers betreft die tweedehandse goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten hebben aangekocht bij andere belastingplichtige wederverkopers (personen beoogd onder het vierde streepje van nr. 8), evenals deze die de keuze uitoefenen, beoogd in afdeling 5, B, kunnen eveneens de aldus vóór 1 januari 1995 aangekochte, ingevoerde (uitgezonderd ingevoerde tweedehandse goederen) of verworven goederen onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, voor zover ze de initieel afgetrokken BTW, verschuldigd of voldaan ingevolge de aankoop, invoer of verwerving, terugstorten aan de Schatkist. De terug te storten belasting dient in principe voor haar totaal bedrag, te worden overgebracht naar kader IV, C, c, kolom van de "verschuldigde belasting", van de periodieke aangifte met betrekking tot het eerste aangiftetijdvak van het jaar 1995. De administratie aanvaardt evenwel dat de terug te storten belasting, wat de belastingplichtige wederverkoper betreft die kwartaalaangiften indient en de belastingplichtige wederverkoper die maandaangiften indient, respectievelijk wordt overgebracht voor één vierde van haar bedrag en voor één twaalfde van haar bedrag, naar de periodieke aangiften met betrekking tot het jaar 1995.
De belastingplichtige wederverkoper moet bij het controlekantoor waaronder hij ressorteert vóór 1 februari 1995 een inventaris indienen van de hiervoor bedoelde goederen die hij in voorraad heeft. De belastingplichtige wederverkoper die tweedehandse goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten heeft aangekocht bij andere belastingplichtige wederverkopers en deze die de keuze uitoefend beoogd in afdeling 5, B, moet hierbij onderscheid maken naargelang de goederen gekocht werden bij de personen beoogd onder de eerste drie streepjes van nr. 8 of werden aangekocht, ingevoerd of verworven bij andere belastingplichtigen.
De belastingplichtige wederverkoper brengt de goederen die in de inventaris voorkomen over naar het aankoopregister, op de wijze omschreven in nr. 83.
De goederen waarvan de belastingplichtige wederverkoper niet kan aantonen dat hij ze heeft verworven onder de voorwaarden die de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toelaten zullen onder de normale regeling van de belasting dienen te worden doorverkocht.
Vereenvoudigingsmaatregel.
152. De administratie aanvaardt dat de tweedehandse goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, in voorraad op 31/12/1994, door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge vanaf 1/1/1995, onder dezelfde voorwaarden als deze, opgenomen onder nr. 150, "Vereenvoudigingsmaatregel".
Zie Documentatie : 23 december 1994. - Koninklijk besluit tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (B.S. 30 december 1994, nr. 254, blz. 32464-32468) : Art. 1 - 10.
BIJLAGE II
Zie Documentatie : 23 december 1994. - Koninklijk besluit nr. 53 met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten (B.S. 30 december 1994, nr. 254, blz. 32471-32473) : Art. 1 - 12.
BIJLAGE III
Zie Documentatie : 23 december 1994. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij dit tarieven (B.S., 30 december 1994, nr. 254, blz. 32469-32471): Art. 1 - 3.
BIJLAGE IV
Zie Documentatie : 23 december 1994. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde en het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde (B.S., 30 december 1994, nr. 254, blz. 32468-32469) : Art. 1 - 4.
BIJLAGE V :
AANKOOPREGISTER -------------------------------------------------------------------------- IN- ¦DATUM VAN HET ¦NAAM VAN DE¦AARD VAN HET GOED¦AANKOOPPRIJS VAN DE SCHRIJ-¦AANKOOPDOCUMENT¦LEVERANCIER¦ ¦VERVOERMIDDELEN VINGS- ¦ ¦ ¦ ¦AANGEKOCHT MET NUMMER ¦ ¦ ¦ ¦TOEPASSING VAN DE ¦ ¦ ¦ ¦BIJZONDERE REGELING: ¦ ¦ ¦ ¦-------------------- ¦ ¦ ¦ ¦IN BELGIE ¦IN EEN ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ANDERE ¦ ¦ ¦ ¦ ¦LID-STAAT -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- 1 ¦ 2 ¦ 3 ¦ 4 ¦ 5 ¦ 6 -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- 1(***) ¦4/7/94 z.nr. ¦De Vos M ¦Schilderij De ¦ 26.500¦ ¦van het ¦ ¦Cock A. ¦ ¦ ¦inkomend ¦ ¦ ¦ ¦ ¦factuurboek ¦ ¦ ¦ ¦ 2)(***)¦27/7/94 " ¦De Clercq K¦Ets ¦ 6.360¦ 3)(***)¦10/8/94 " ¦De Craene E¦Schilderij ¦ 4.000¦ 4)(***)¦7/9/94 " ¦Martens S ¦Wandtextiel ¦ 18.020¦ 5)(***)¦11/10/94 " ¦Valcke M ¦Emailwerk koper ¦ 5.500¦ 6)(***)¦9/11/94 " ¦De Ramme- ¦Beeldhouwwerk ¦ 27.560¦ ¦ ¦laere S ¦ ¦ ¦ 7)(***)¦14/12/94 " ¦Strepenne L¦Schilderij ¦ 17.490¦ 8) ¦3/1/95 ¦Willems ¦Tapisserie ¦ 10.000¦ 9) ¦6/1/95 ¦De Poorter ¦Originele gravure¦ 31.800¦ ¦ ¦K ¦ ¦ ¦ 10) ¦12/1/95 ¦Dupont M ¦Origineel ¦ ¦ 50.000 ¦ ¦ ¦standbeeld ¦ ¦ 11) ¦18/1/95 ¦Van Durme S¦Kast ¦ 26.000¦ 12) ¦23/1/95 ¦De Mey ¦Vaas ¦ 6.000¦ 13) ¦30/1/95 ¦Deprez M ¦Miniatuurschip ¦ 14.000¦ -----------------------------------------------------+----------+--------- HET TOTAAL VAN DE BEDRAGEN VERMELD IN DE KOLOMMEN 5 ¦ 193.730¦ 50.000 EN 6, VERMINDERD MET DE BEDRAGEN VERMELD IN DE ¦ ¦ KOLOMMEN 10 EN 11, DIENT PER AANGIFTETIJDVAK TE ¦ROOSTER 81¦ROOSTER WORDEN OVERGEDRAGEN NAAR HET VERGELIJKINGSREGISTER ¦ (**) ¦86 ¦ROOSTER 00¦ ¦ (**) ¦ -------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------- ¦ OVERDRACHT VAN HET VORIGE AANGIFTETIJDVAK¦ + 84.730¦ -------+---------------------------------------------+----------+--------- 14) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ 15) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ 16) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ -------------------------------------------------------------------------- (*) Enkel indien de belastingplichtige wederverkoper de wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing per aangiftetijdvak toepast. (**) Totaal kolommen 5 en 6 (***) Stock op 31/12/1994 (X) Indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien heeft ingeschreven in het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast dient hij op de eerstvolgende vrije lijn van zijn aankoopregister in rode inkt of voorafgegaan door het minteken achtereenvolgens te vermelden : - in kolom 4 : "regularisatie" of "vrijstelling"; - in kolom 5 of 6 : aankoopprijs van het goed (voorafgegaan door het minteken); - in kolom 7 : verwijzing naar het inschrijvingsnummer waaronder het goed voordien was ingeschreven; - in kolom 8 : verwijzing naar het nr. van het uitgaand factuurboek en naar de datum van de uitgaande factuur; - in kolom 9 : verwijzing naar het nr. van het inkomend factuurboek en naar de datum van het stuk dat de aankoop vaststelt (aankoopborderel of factuur). AANKOOPREGISTER (VERVOLG) -------------------------------------------------------------------------- VERWIJZING NAAR HET AANKOOPREGISTER EN HET ¦ UITGAAND EN INKOMEND FACTUURBOEK VAN DE ¦ REGULARISATIES INGESCHREVEN IN KOLOM 5 OF 6 ¦ EN BETREKKING HEBBEND OP GOEDEREN WAARVOOR ¦ DE BELASTINGPLICHTIGE WEDERVERKOPER OP HET ¦ TIJDSTIP VAN DE VERKOOP DE NORMALE ¦ BTW-REGELING OF EEN VRIJSTELLING TOEPAST ¦ --------------------------------------------+----------------------------- VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦ONTVANGEN CREDITNOTA's NAAR HET NR. ¦NAAR HET ¦NAAR HET ¦----------------------------- VAN HET ¦UITGAAND ¦INKOMEND ¦INTRACOMMU- ¦AANKOPEN VAN AANKOOPREGIS- ¦FACTUURBOEK ¦FACTUURBOEK ¦NAUTAIRE ¦VERVOER- TER WAARONDER ¦(NR. + DATUM) ¦(NR. + DATUM) ¦VERWERVINGEN ¦MIDDELEN HET GOED ¦ ¦ ¦VAN VERVOER- ¦IN BELGIE VOORDIEN WAS ¦ ¦ ¦MIDDELEN ¦ INGESCHREVEN ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- 7 ¦ 8 ¦ 9 ¦ 10 ¦ 11 --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ROOSTER 84 ¦ ROOSTER 85 -------------------------------------------------------------------------- In geval de regularisaties, verricht ingevolge de toepassing op het tijdstip van de normale BTW-regeling, betrekking hebben op : - door de belastingplichtige wederverkoper geleverde kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten die hij zelf heeft ingevoerd; - de levering door de belastingplichtige wederverkoper van kunstvoorwerpen die hem werden geleverd, hetzij door de maker of dienst rechthebbenden, hetzij door een belastingplichtige (andere dan een belastingplichtige wederverkoper) welke belastingplichtige deze kunstvoorwerpen 1) zelf heeft ingevoerd of 2) hem zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden of 3) te zijnen gunste het recht op volledige aftrek van de BTW hebben doen ontstaan, kan de belastingplichtige wederverkoper de BTW geheven op voormelde invoeren en aankopen in aftrek brengen in zijn boek voor inkomende facturen waarin hij naast de gebruikelijke inschrijvingen vermeldt : "z. regularisatie onder nr. ...... van het aankoopregister". -------------------------------------------------------------------------- VERGELIJKINGSREGISTER -------------------------------------------------------------------------- Aangifte-¦Overgebrachte registers¦ Prijs BTW ¦ Prijs BTW ¦Opmerkingen tijdvak ¦ ¦ inbegrepen ¦ inbegrepen ¦ ¦ ¦-------------+--------------+----------- ¦ ¦ ¦normaal tarief¦ ---------+-----------------------+-------------+--------------+----------- januari ¦Boek voor uitgaande ¦ ¦ ¦ 1995 ¦facturen (kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ 30.000¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Ontvangstenboek ¦ ¦ ¦ ¦(kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ 128.500¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Totaal ¦ ¦ 158.500¦ ¦Aankoopregister ¦ ¦ - 243.230¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Belastbaar verschil ¦ ¦ ¦ ¦(belasting inbegrepen) ¦ ¦ - 84.730 (*)¦ -------------------------------------------------------------------------- (*) over te dragen, voorafgegaan door het plusteken, naar het vak "Overdracht van het vorige aangiftetijdvak" van de maand februari 1995 van de kolom "Aankoopprijs van de vervoermiddelen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling in België". BIJLAGE VI : AANKOOPREGISTER -------------------------------------------------------------------------- IN- ¦DATUM VAN HET ¦NAAM VAN DE¦AARD VAN HET GOED¦AANKOOPPRIJS VAN DE SCHRIJ-¦AANKOOPDOCUMENT¦LEVERANCIER¦ ¦VERVOERMIDDELEN VINGS- ¦ ¦ ¦ ¦AANGEKOCHT MET NUMMER ¦ ¦ ¦ ¦TOEPASSING VAN DE ¦ ¦ ¦ ¦BIJZONDERE REGELING: ¦ ¦ ¦ ¦-------------------- ¦ ¦ ¦ ¦IN BELGIE ¦IN EEN ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ANDERE ¦ ¦ ¦ ¦ ¦LID-STAAT -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- 1 ¦ 2 ¦ 3 ¦ 4 ¦ 5 ¦ 6 -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ -----------------------------------------------------+----------+--------- HET TOTAAL VAN DE BEDRAGEN VERMELD IN DE KOLOMMEN 5 ¦ ¦ EN 6, VERMINDERD MET DE BEDRAGEN VERMELD IN DE ¦ ¦ KOLOMMEN 10 EN 11, DIENT PER AANGIFTETIJDVAK TE ¦ROOSTER 81¦ROOSTER WORDEN OVERGEDRAGEN NAAR HET VERGELIJKINGSREGISTER ¦ (**) ¦86 ¦ROOSTER 00¦ ¦ (**) ¦ -------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------- ¦ OVERDRACHT VAN HET VORIGE AANGIFTETIJDVAK(*)¦ ¦ -------+---------------------------------------------+----------+--------- ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ -------------------------------------------------------------------------- (*) ENKEL INDIEN DE BELASTINGPLICHTIGE WEDERVERKOPER DE WIJZE VAN VASTSTELLING VAN DE MAATSTAF VAN HEFFING PER AANGIFTETIJDVAK TOEPAST. (**) TOTAAL KOLOMMEN 5 EN 6 (X) Indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien heeft ingeschreven in het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast dient hij op de eerstvolgende vrije lijn van zijn aankoopregister in rode inkt of voorafgegaan door het minteken achtereenvolgens te vermelden : - in kolom 4 : "regularisatie" of "vrijstelling"; - in kolom 5 of 6 : aankoopprijs van het goed (voorafgegaan door het minteken); - in kolom 7 : verwijzing naar het inschrijvingsnummer waaronder het goed voordien was ingeschreven; - in kolom 8 : verwijzing naar het nr. van het uitgaand factuurboek en naar de datum van de uitgaande factuur; - in kolom 9 : verwijzing naar het nr. van het inkomend factuurboek en naar de datum van het stuk dat de aankoop vaststelt (aankoopborderel of factuur). AANKOOPREGISTER (VERVOLG) -------------------------------------------------------------------------- VERWIJZING NAAR HET AANKOOPREGISTER EN HET ¦ UITGAAND EN INKOMEND FACTUURBOEK VAN DE ¦ REGULARISATIES INGESCHREVEN IN KOLOM 5 OF 6 ¦ EN BETREKKING HEBBEND OP GOEDEREN WAARVOOR ¦ DE BELASTINGPLICHTIGE WEDERVERKOPER OP HET ¦ TIJDSTIP VAN DE VERKOOP DE NORMALE ¦ BTW-REGELING OF EEN VRIJSTELLING TOEPAST ¦ --------------------------------------------+----------------------------- VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦ONTVANGEN CREDITNOTA's NAAR HET NR. ¦NAAR HET ¦NAAR HET ¦----------------------------- VAN HET ¦UITGAAND ¦INKOMEND ¦INTRACOMMU- ¦AANKOPEN VAN AANKOOPREGIS- ¦FACTUURBOEK ¦FACTUURBOEK ¦NAUTAIRE ¦VERVOER- TER WAARONDER ¦(NR. + DATUM) ¦(NR. + DATUM) ¦VERWERVINGEN ¦MIDDELEN HET GOED ¦ ¦ ¦VAN VERVOER- ¦IN BELGIE VOORDIEN WAS ¦ ¦ ¦MIDDELEN ¦ INGESCHREVEN ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- 7 ¦ 8 ¦ 9 ¦ 10 ¦ 11 --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ROOSTER 84 ¦ ROOSTER 85 -------------------------------------------------------------------------- In geval de regularisaties, verricht ingevolge de toepassing op het tijdstip van de normale BTW-regeling, betrekking hebben op : - door de belastingplichtige wederverkoper geleverde kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten die hij zelf heeft ingevoerd; - de levering door de belastingplichtige wederverkoper van kunstvoorwerpen die hem werden geleverd, hetzij door de maker of dienst rechthebbenden, hetzij door een belastingplichtige (andere dan een belastingplichtige wederverkoper) welke belastingplichtige deze kunstvoorwerpen 1) zelf heeft ingevoerd of 2) hem zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden of 3) te zijnen gunste het recht op volledige aftrek van de BTW hebben doen ontstaan, kan de belastingplichtige wederverkoper de BTW geheven op voormelde invoeren en aankopen in aftrek brengen in zijn boek voor inkomende facturen waarin hij naast de gebruikelijke inschrijvingen vermeldt : "z. regularisatie onder nr. ...... van het aankoopregister". -------------------------------------------------------------------------- VERGELIJKINGSREGISTER -------------------------------------------------------------------------- Aangifte-¦Overgebrachte registers¦ Prijs BTW ¦ Prijs BTW ¦Opmerkingen tijdvak ¦ ¦ inbegrepen ¦ inbegrepen ¦ ¦ ¦-------------+--------------+----------- ¦ ¦ ¦normaal tarief¦ ---------+-----------------------+-------------+--------------+----------- ¦Boek voor uitgaande ¦ ¦ ¦ ¦facturen (kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Ontvangstenboek ¦ ¦ ¦ ¦(kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Totaal ¦ ¦ ¦ ¦Aankoopregister ¦ ¦ ¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Belastbaar verschil ¦ ¦ ¦ ¦(belasting inbegrepen) ¦ ¦ ¦ --------------------------------------------------------------------------
Aanschrijving nr. 1 dd. 02.01.1995
BTW-Revue nr. 112, blz. 31
Deze aanschrijving vervangt de aanschrijving nr. 1 dd. 30.01.1984.
Bijzondere regeling belastingheffing over de winstmarge
Gebruikte goederen
Kunstvoorwerpen
Voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten
Art. 58, § 4, W.BTW
INHOUDSTAFEL Voorwerp van de aanschrijving 1-2 Eerste afdeling - Draagwijdte van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. Artikel 58, § 4, van het Wetboek. I. Definities A. Gebruikte goederen 3-4 B. Kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten 5 C. Belastingplichtige wederverkoper 6 II. Algemene draagwijdte van de bijzondere regeling 7-16 III. Bijzondere bepalingen van toepassing op kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten 17-24 IV. Bijzondere bepalingen van toepassing bij openbare verkopen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten 25 V. Werking van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge 26 A. Goederen bedoeld in artikel 58, § 4, van het Wetboek, waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling toepast 27-28 Wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing per aangiftetijdvak 29-33 Facturering 34 Niet-aftrek van de BTW in hoofde van de kopers 35 Toepassing van de normale regeling 36 Wettelijk vermoeden dat geldt tot bewijs van het tegendeel 37-39 Intracommunautaire handelingen. Afwijkingen van de overgangsregeling 40-55 Intracommunautaire verwervingen in België van bedoelde goederen onder bezwarende titel door een belastingplichtige wederverkoper, naargelang de hoedanigheid van de verkoper in de Lid-Staat van herkomst 56-60 Intracommunautaire leveringen 61-64 B. Goederen waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling niet kan toepassen 65-66 C. Goederen beoogd door de bijzondere regeling maar welke door de belastingplichtige wederverkoper zelf uit de bijzondere regeling werden gesloten 67-68 VI. Aftrekregeling voor de belastingplichtige wederverkopers van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten 69-70 Afdeling 2 - Voorwaarden en modaliteiten van de toepassing van de bijzondere regeling, bedoeld in artikel 58, § 4, van het Wetboek 71 I. Voorwaarden A. Algemeenheden 72 B. Opstellen van een aankoopborderel of ontvangst van een factuur 73-75 C. Bewijsmiddelen 76-79 D. Houden van een aankoopregister van de bedoelde goederen 80-83 Regularisaties 84-85 E. Houden van een vergelijkingsregister 86 F. Identificatie van de gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die de belastingplichtige wederverkoper in zijn bezit heeft 87 Afdeling 3 - Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge I. Periodieke afsluiting van het ontvangstenboek en van het boek voor uitgaande facturen 88-89 II. Periodieke afsluiting van het aankoopregister 90 III. A. Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de winstmargeregeling gedurende het aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar (art. 3, 4de lid, van het koninklijk besluit). Transport naar het vergelijkingsregister 91-94 III. B. Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder winstmargeregeling gedurende het laatste aangiftetijdvak van het jaar (art. 3, 2de, 5de en 6de lid, van het koninklijk besluit) 95-98 IV. A. Voorbeeld voor de berekening van de BTW voor de handelingen verricht met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge gedurende een aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar 99 IV. B. Voorbeeld voor de berekening van de BTW voor de handelingen verricht met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge gedurende het laatste aangiftetijdvak van het jaar 100 Afdeling 4 - Uitvoer. Verkopen aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling 101 Afdeling 5 - Bijzondere bepalingen van toepassing op kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten I. Invoer van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten - Aankoop van kunstvoorwerpen bij bepaalde belastingplichtigen, andere dan belastingplichtige wederverkopers A. Toepasselijk tarief 102 B. Keuze 103-111 C. Verkoop onder de normale regeling van de belasting 112-117 II. Leveringen door een Duitse belastingplichtige wederverkoper van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten 118 Afdeling 6 - Bijzondere bepalingen van toepassing bij openbare verkopen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten 119 I. In aanmerking te nemen verkoopprijs bij openbare verkopen waar de kosten ten laste van de kopers bedongen zijn 120-121 II. Het boeken van de aankopen en de verkopen 122 A. Aankopen 123-126 B. Verkopen 127-128 C. Vaststelling van de wegens de publieke verkoop aan de Staat verschuldigde belasting. Ontheffing om een ontvangstenboek te houden 129-131 III. Bijzonder geval. De verkoopzaal, die handelt als consignataris commissionair-verkoper, stelt een bedoeld goed openbaar te koop en koopt zelf het goed om het later door te verkopen 132 IV. Bijzonder geval. De verkoopzaal die handelt als consignataris commissionair-verkoper, stelt een bedoeld goed openbaar te koop en wijst het toe aan diegene die het in consignatie had gegeven 133-135 V. Tussenkomst van de verkoopzaal in de hoedanigheid van mandataris van de verzoekers van de openbare verkoop 136-140 Afdeling 7 - Diverse gevallen - Onttrekking - Formaliteiten en voorwaarden - Gebruik in de onderneming - Overdracht I. Onttrekking door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn privé-doeleinden van voor doorverkoop onder de winstmargeregeling bestemde goederen 141-142 II. Onttrekking - Formaliteiten en voorwaarden 143-145 III. Gebruik door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn economische activiteit van voor doorverkoop onder de winstmargeregeling bestemde goederen 146 IV. Overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling omvattende de goederen onderworpen aan de winstmargeregeling 147-148 Afdeling 8 - Overgangsbepalingen. Goederen in voorraad bij de inwerkingtreding van de winstmargeregeling I. Belastingplichtigen houders van de vergunning op 31/12/1994 149-150 II. Belastingplichtigen niet-houders van de vergunning op 31/12/1994 151-152 Bijlage I : Koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde. Bijlage II : Koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994 met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. Bijlage III : Koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven. Bijlage IV : Koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde en het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde. Bijlage V : Voorbeeld. Bijlage VI : Model van aankoopregister en van vergelijkingsregister. Onderwerp van de aanschrijving. 1. Het Belgisch Staatsblad van 30 december 1994 publiceert het koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, het koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994 met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, het koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven, en het koninklijk besluit van 23 december 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde en het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde.
De tekst van deze besluiten, die in werking getreden zijn op 1 januari 1995, gaan hierbij (bijlagen I tot IV).
2. De Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994 tot aanvulling van het gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde en tot wijziging van Richtlijn 77/388/EEG, stelt een communautaire regeling van belastingheffing over de winstmarge vast voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
Het is de tekst van deze Richtlijn die in de Belgische BTW-Wetgeving moest worden geïmplementeerd.
De bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge wordt besproken in de aanschrijvingen nrs. 1 en 2 van 2 januari 1995.
De aanschrijving nr. 2 van 2 januari 1995 licht de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe voor de tweedehandse vervoermiddelen. De aanschrijving nr. 10 van 1 juni 1993 wordt erdoor opgeheven en vervangen.
Onderhavige aanschrijving licht de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe voor gebruikte goederen (andere dan tweedehandse vervoermiddelen), kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. De aanschrijving nr. 1 van 30 januari 1984 wordt erdoor opgeheven en vervangen.
Telkens als in deze aanschrijving wordt verwezen naar een koninklijk besluit, zonder nadere specificatie, wordt hiermee het koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994 bedoeld met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
Afdeling 1 - Draagwijdte van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. Artikel 58, § 4, van het Wetboek.
| I. | Definities. |
| A. | Gebruikte goederen. |
4. Benevens nieuwe goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, sluit deze definitie uit :
1° edele metalen, edelstenen en parels. Is derhalve onder meer uitgesloten van de bijzondere regeling, goud dat normaal als beleggingsobject wordt gebruikt.
Als gebruikte goederen in de zin van de bijzondere regeling worden wel beschouwd indien ze beantwoorden aan de definitie opgenomen onder nr. 3, gebruiksvoorwerpen, sieraden, juwelen en edelsmidwerk, welke geheel of gedeeltelijk samengesteld zijn uit edele metalen, edelstenen en/of parels;
2° de vernieuwde goederen, met andere woorden zij die een dermate grondige herstelling hebben ondergaan dat ze aan de koper als praktisch nieuw worden voorgesteld;
3° de goederen die, vóór hun wederverkoop, een zodanige vervorming hebben ondergaan dat er geen identificatie mogelijk is tussen het voorwerp in zijn oorspronkelijke toestand en zijn toestand bij de verkoop (bijvoorbeeld, wedersamenstelling van een kast met stukken van verschillende kasten);
4° goederen die tenietgaan door het eerste gebruik dat men ervan maakt;
5° goederen die niet in aanmerking komen om als dusdanig opnieuw te worden gebruikt (schroot, lompen, vodden, afval en oud goed van bindgaren, van touw en van kabels, enz...).
| B. | Kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. |
| C. | Belastingplichtige wederverkoper. |
| II. | Algemene draagwijdte van de bijzondere regeling. |
8. De in nummer 7 genoemde leveringen van goederen zijn door een belastingplichtige wederverkoper verrichte leveringen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die hem binnen de Gemeenschap zijn geleverd :
- door een niet-belastingplichtige (particulier, niet-belastingplichtige rechtspersoon, ...);
- door een andere belastingplichtige, voor zover de levering van het goed door deze andere belastingplichtige overeenkomstig artikel 44, § 2, 13°, van het Wetboek (art. 13, onderdeel B, onder c, van de Zesde Richtlijn 77/388/EEG) is vrijgesteld van de BTW;
- door een andere belastingplichtige, voor zover de levering van het goed door deze andere belastingplichtige is vrijgesteld van de BTW krachtens artikel 56, § 2, van het Wetboek (art. 24 van de Zesde Richtlijn 77/388/EEG) en het een bedrijfsmiddel betreft;
- door een andere belastingplichtige wederverkoper, voor zover de levering van het goed door deze andere belastingplichtige wederverkoper overeenkomstig deze bijzondere regeling onderworpen is geweest aan de BTW (art. 58, § 4, 2°, van het Wetboek).
De goederen waarvan de belastingplichtige wederverkoper niet kan aantonen dat hij ze gekocht heeft van de bovengenoemde personen, worden geacht verkregen te zijn onder de normale regeling van de belasting.
10. De omstandigheid dat de handel ook slaat op goederen die uitgesloten worden van de bijzondere regeling van artikel 58, § 4, van het Wetboek, betekent niet dat de bijzondere regeling vervalt.
11. De maatstaf van heffing voor de leveringen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten is de winstmarge van de belastingplichtige wederverkoper, verminderd met het bedrag van de BTW die in de winstmarge is begrepen. Deze winstmarge is gelijk aan het verschil tussen de door de belastingplichtige wederverkoper voor het goed gevraagde verkoopprijs en de aankoopprijs.
In de zin van dit lid wordt verstaan onder :
- "verkoopprijs" : alles wat de belastingplichtige wederverkoper als tegenprestatie verkrijgt of moet verkrijgen van de koper of van een derde, met inbegrip van de subsidies die rechtstreeks met deze handeling verband houden, de belastingen, de rechten en de heffingen, de taksen en de bijkomende kosten die de belastingplichtige wederverkoper aan de koper vraagt zoals kosten van commissie, verpakking, verzekering en vervoer. Worden niet in aanmerking genomen, de sommen die als disconto van de prijs mogen worden afgetrokken, de prijsverminderingen die door de belastingplichtige wederverkoper aan de afnemer worden toegekend en die door deze laatste zijn verkregen op het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt en de sommen voorgeschoten door de belastingplichtige wederverkoper voor uitgaven die hij ten name en voor rekening van zijn medecontractant heeft gedaan;
- "aankoopprijs" : alles wat de in het bovenstaande streepje gedefinieerde tegenprestatie uitmaakt die zijn leverancier van de belastingplichtige wederverkoper verkrijgt of moet verkrijgen (art. 2 van het koninklijk besluit).
13. De belastingplichtige wederverkoper mag de BTW over de leveringen van de goederen waarop hij de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepast niet afzonderlijk vermelden op de factuur die hij uitreikt, op ieder als zodanig geldend stuk of op ieder verbeterend stuk (art. 58, § 4, 8°, van het Wetboek).
14. Voor de leveringen van goederen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge wordt de omzet gevormd door de totale winstmarge dewelke de belastingplichtige wederverkoper, gedurende een jaar, heeft gerealiseerd bij de verkoop van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, verminderd met het bedrag van de BTW die in de winstmarge is begrepen (art. 4 van het koninklijk besluit).
Het belang van dit nieuw begrip van omzetcijfer blijkt inzonderheid bij de berekening van het jaarlijks omzetplafond van 225.000 F in de vrijstellingsregeling van belasting.
15. Voor elke levering die onder de bijzondere regeling valt kan de belastingplichtige wederverkoper de normale regeling van de BTW toepassen (art. 58, § 4, 7°, eerste lid, van het Wetboek).
16. Indien de belastingplichtige wederverkoper zowel de normale regeling als de bijzondere regeling toepast, moet hij de handelingen verricht onder de normale regeling en de handelingen verricht onder de bijzondere regeling afzonderlijk in zijn boekhouding bijhouden, volgens de in deze aanschrijving vastgestelde modaliteiten (art. 7 van het koninklijk besluit).
III. Bijzondere bepalingen van toepassing op kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
17. De normale regeling van de belasting is van toepassing op de levering door een belastingplichtige wederverkoper van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die hij heeft ingevoerd of die hij heeft gekocht van belastingplichtigen, andere dan belastingplichtige wederverkopers, onderworpen aan de normale regeling van de belasting.
18. Voor bepaalde goederen van cultureel belang dienden evenwel bijzondere maatregelen te worden getroffen ter bevordering van de instandhouding en de verrijking van het culturele erfgoed van de Unie.
Om die reden wordt aan de belastingplichtige wederverkoper de mogelijkheid geboden te kiezen voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge op leveringen van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten die hij zelf heeft ingevoerd, of op leveringen van kunstvoorwerpen die aan hem zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden, of die aan hem zijn geleverd door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper wanneer de levering door deze belastingplichtige onderworpen is aan het verlaagd tarief.
19. De keuze geldt voor minstens twee kalenderjaren en houdt tevens in dat de belastingplichtige wederverkoper verzaakt aan het recht op aftrek van de belasting geheven van de invoer of de aankoop van de bedoelde goederen.
20. De combinatie van de heffing van de belasting over de meerwaarde gerealiseerd door de belastingplichtige wederverkoper met het verwerpen van het recht op aftrek van de belasting die hij heeft betaald bij de invoer of bij de aankoop van de goederen heeft tot gevolg dat de belasting definitief wordt geheven over de door de belastingplichtige wederverkoper gevraagde verkoopprijs.
21. Voor elke levering die onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge valt, kan de belastingplichtige wederverkoper de normale regeling van de belasting toepassen.
Hij zou bv. om toepassing van die laatste regeling kunnen worden verzocht door zijn medecontractant indien deze een belastingplichtige is die recht op aftrek heeft van de belasting die verschuldigd of voldaan is voor het aan hem geleverde goed.
22. Indien het aldus geleverde goed aanvankelijk door de belastingplichtige wederverkoper zelf werd verworven onder de normale regeling van de belasting en hij bij de aankoop of invoer ervan heeft gekozen voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, hield dit in dat hij verzaakte aan het recht op aftrek van de belasting.
Het spreekt vanzelf dat de belastingplichtige wederverkoper, ingevolge de levering van het goed onder de normale regeling van de belasting, opnieuw in zijn recht op aftrek dient te worden hersteld.
23. Aangezien niet kan worden uitgesloten dat tussen het tijdstip van de invoer of de aankoop van het betrokken goed en het tijdstip van de levering ervan onder de normale regeling van de belasting meerdere jaren verlopen en om een verjaring van het recht op aftrek te voorkomen diende een ander tijdstip te worden vooropgesteld waarop het recht op aftrek ontstaat.
Ten aanzien van de belasting geheven van het aan de belastingplichtige wederverkoper geleverde goed en ten aanzien van de belasting geheven van de invoer ontstaat het recht op aftrek op het tijdstip waarop de belasting verschuldigd wordt voor de levering waarvoor de belastingplichtige wederverkoper voor de normale regeling van de belasting kiest.
24. Het was vereist ditzelfde tijdstip aan te wenden voor het bepalen van de aanvang van de bewaringstermijn van de stukken die het recht op aftrek staven, voorzien in artikel 60 van het Wetboek. De controlerende ambtenaren moeten immers in staat worden gesteld de correcte toepassing van de BTW na te gaan.
Wat de toepassingsmodaliteiten van deze bijzondere bepalingen betreft wordt verwezen naar het bepaalde onder afdeling 5.
IV. Bijzondere bepalingen van toepassing bij openbare verkopen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
25. De regels vervat in onderhavige aanschrijving zijn, in principe, van toepassing op de door belastingplichtige wederverkopers verrichte openbare verkopen en dit zowel voor de verkopen waarvoor zij tussenbeide komen voor eigen rekening dan wel, ingevolge een overeenkomst tot aan- of verkoop in commissie, voor rekening van een derde. Er kunnen zich evenwel bijzondere toestanden voordoen bij openbare verkopen. Ze worden in het biezonder in de afdeling 6 onderzocht.
V. Werking van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
26. Voor de klaarheid van de uiteenzetting wordt hierna achtereenvolgens de regeling uiteengezet die inzake BTW van toepassing is :
| A) | op de goederen bedoeld in artikel 58, § 4, van het Wetboek, die door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge; |
| B) | op de goederen waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling niet kan toepassen; |
| C) | op de goederen die de belastingplichtige wederverkoper zelf uit de bijzondere regeling sluit. |
27. De belastingplichtige wederverkopers kunnen voor de leveringen van goederen, bedoeld onder de nrs. 3 en 5, welke hen zijn geleverd door niet-belastingplichtigen of door belastingplichtigen, beoogd onder nr. 8, de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepassen.
Voorbeeld.
28. Een belastingplichtige wederverkoper koopt bij een niet- belastingplichtige een gebruikt meubel voor de prijs van 100.000 F.
Dit meubel kan worden verkocht in de staat waarin het verkeert en de verkoopprijs is 124.000 F.
In dat geval bedraagt de winstmarge 24.000 F, BTW inbegrepen, hetzij 124.000 F (verkoopprijs) - 100.000 F (aankoopprijs) ------------ 24.000 F De verschuldigde belasting bedraagt : 24.000 x 20,5 --------------- = 4.083 F 120,5 De belastingplichtige wederverkoper mag in onderhavig voorbeeld de BTW over de levering van het meubel, vermits hij de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepast, niet apart vermelden op de factuur die hij uitreikt. Indien hij gebruik maakt van de ontheffing van de factureringsplicht dient deze levering het voorwerp uit te maken van een inschrijving in het dagboek van ontvangsten. Wanneer de belastingplichtige wederverkoper dit meubel verkoopt aan een belastingplichtige kan deze de BTW die in de verkoopprijs is begrepen, niet aftrekken.
Wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing per aangiftetijdvak.
29. De belastingplichtige wederverkopers stellen, onder de door of vanwege de Minister van Financiën gestelde voorwaarden, de maatstaf van heffing voor leveringen van goederen die onderworpen zijn aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge vast voor elk aangiftetijdvak. Deze wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing vormt de basisregeling die door de belastingplichtige wederverkoper wordt toegepast.
30. De belastingplichtige wederverkoper schrijft naarmate van zijn aankopen het bedrag van de aankoopprijzen in in het aankoopregister die hij moet houden (z. nrs. 80 tot 83). De inschrijving in het aankoopregister van de aankoopprijs van een goed gebeurt dus onmiddellijk en wordt niet uitgesteld tot de dag van de doorverkoop. Hij schrijft naarmate van zijn verkopen het bedrag van de verkoopprijzen, "BTW inbegrepen" hetzij in zijn boek voor uitgaande facturen, hetzij in zijn dagboek van ontvangsten (z. nr. 88).
31. Op het einde van elk aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar, brengt hij het totaalbedrag van zijn verkopen, BTW inbegrepen, en het totaalbedrag van zijn aankopen ingeschreven in het aankoopregister over naar het vergelijkingsregister (z. nr. 86). Hij berekent de BTW die begrepen is in het verschil tussen beide bedragen (z. nrs. 91 tot 94).
32. Indien voor een aangiftetijdvak, met uitzondering van het laatste aangiftetijdvak van het jaar, het bedrag der aankopen groter is dan het bedrag der verkopen, dient te worden gehandeld overeenkomstig het bepaalde onder nr. 93.
Voorbeeld.
33. Eenvoudigheidshalve gaat men van de onderstelling uit dat de belastingplichtige wederverkoper, tijdens een zelfde aangiftetijdvak, onder de regeling van de winstmarge, verschillende goederen heeft gekocht van niet-belastingplichtigen voor een totaalbedrag van 600.000 F en dat hij goederen verkocht heeft voor een totaalbedrag van 900.000 F, belasting inbegrepen. Die goederen zijn onderworpen aan het BTW-tarief van 20,5 pct.
De belasting, die begrepen is in het verschil tussen het totaalbedrag van de verkopen (900.000 F) en het totaalbedrag van zijn aankopen (600.000 F), wordt berekend volgens de formule hierna : D x t ---------- 100 + t waarin D het verschil (300.000 F) vertegenwoordigt en waarin t het op de goederen toepasselijk tarief vertegenwoordigt. De verschuldigde belasting bedraagt dus 300.000 x 20,5 ---------------- hetzij 51.037 F 120,5 Facturering. 34. De belastingplichtige wederverkoper dient voor de leveringen van de goederen die hij verricht een factuur uit te reiken in de gevallen voorzien in artikel 1, § 1 en § 2, tweede lid, van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde.
De belastingplichtige wederverkoper mag de BTW over de leveringen van de goederen waarop hij de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepast niet afzonderlijk vermelden op de factuur die hij uitreikt, op ieder als zodanig geldend stuk of op ieder verbeterend stuk (art. 58, § 4, 8°, van het Wetboek).
Op de factuur of op het als zodanig geldend stuk dient tevens de volgende vermelding te worden aangebracht : "Levering onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge. BTW niet aftrekbaar." (art. 8 van het koninklijk besluit).
Niet-aftrek van de BTW in hoofde van de kopers.
35. Wanneer de belastingplichtige wederverkoper goederen waarop hij de bijzondere regeling toepast levert aan belastingplichtigen, kunnen deze de belasting die geacht wordt in de verkoopprijs te zijn begrepen, niet aftrekken (art. 58, § 4, 5°, van het Wetboek).
Toepassing van de normale regeling.
36. De belastingplichtige wederverkoper kan echter voor elke levering van de bedoelde goederen de normale regeling van de belasting toepassen (art. 58, § 4, 7°, van het Wetboek).
Er wordt opgemerkt dat, indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien reeds heeft ingeschreven in het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop de normale BTW-regeling toepast, hij een regularisatie moet verrichten in het aankoopregister, op de manier uiteengezet onder de nrs. 84 of 85.
Wettelijk vermoeden dat geldt tot bewijs van het tegendeel.
37. De leveringen van in artikel 58, § 4, van het Wetboek bedoelde goederen, voor dewelke de voorwaarden en modaliteiten die voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge zijn gesteld niet worden nageleefd worden, behoudens tegenbewijs, geacht te zijn verricht onder de normale regeling van de belasting (art. 58, § 4, 12°, van het Wetboek).
38. Het maken van het onderscheid tussen de goederen naargelang de herkomst ervan en het voeren van een boekhouding die moet toelaten om de BTW, zowel voor de handelingen verricht onder de normale regeling van de belasting als voor de handelingen verricht onder de bijzondere regeling toe te passen en te controleren, zijn essentiële voorwaarden waaraan de belastingplichtige wederverkoper moet voldoen om een goede werking van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge te waarborgen.
39. In dat verband is het dan ook onvermijdelijk dat de belastingplichtige wederverkoper, om die regeling toe te kunnen passen, aan bepaalde voorwaarden en modaliteiten moet voldoen.
In die optiek zal het vermoeden inzonderheid worden toegepast op de leveringen van goederen waarvoor de belastingplichtige wederverkoper niet kan aantonen dat hij ze gekocht heeft van de door de winstmargeregeling beoogde leveranciers. Het wil verhinderen dat de belastingplichtige wederverkoper die leveringen van goederen onderwerpt aan de winstmargeregeling door eenvoudig te beweren dat hij de goederen heeft gekocht bijvoorbeeld van particulieren. Hij zal dit moeten kunnen aantonen.
Het vermoeden zal inzonderheid worden toegepast op de leveringen van goederen waarvoor de belastingplichtige wederverkoper facturen uitreikt welke niet beantwoorden aan de door de winstmargeregeling gestelde vereisten. Het zal worden toegepast indien op die facturen de BTW apart wordt vermeld. Het vermoeden zal eveneens worden toegepast indien met betrekking tot leveringen van goederen die worden aangemerkt in België plaats te vinden, de belastingplichtige wederverkoper facturen uitreikt waarop de vermelding ontbreekt dat de levering is onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en dat de BTW niet aftrekbaar is.
Intracommunautaire handelingen.
40. In de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge wordt afgeweken van bepaalde begrippen die eigen zijn aan de overgangsregeling inzake BTW die van toepassing is vanaf 1 januari 1993.
41. De levering van goederen die door de belastingplichtige wederverkoper werden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en die vanuit een Lid-Staat worden verzonden of vervoerd naar de verkrijger in een andere Lid-Staat vindt overeenkomstig de algemene beginselen terzake plaats daar waar de verzending of het vervoer naar de verkrijger aanvangt (artikel 8, § 1, a), van de Zesde richtlijn; artikel 15, § 2, tweede lid, 1° van het Wetboek). Ze is bijgevolg in deze Lid-Staat onderworpen aan de belasting. Deze levering kan in de Lid-Staat van vertrek evenwel niet genieten van de vrijstelling van artikel 28quater A, a), c) en d), van de Zesde richtlijn, krachtens het bepaalde in artikel 26bis, D, c, van dezelfde Richtlijn, zoals die werd gewijzigd door de Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994 (artikel 39bis, eerste lid, 1°, 3° en 4°, van het Wetboek).
42. De regeling voor de verkopen op afstand, overeenkomstig dewelke onder welbepaalde voorwaarden de plaats van levering verschoven wordt van de plaats van aanvang van het vervoer van de betrokken goederen naar de plaats van aankomst van dit vervoer (artikel 28ter, B, van de Zesde richtlijn) is evenmin van toepassing, krachtens het bepaalde in artikel 26bis, D, c, van de Zesde richtlijn zoals die werd gewijzigd door de Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994 (artikel 15, §§ 4 en 5, van het Wetboek).
43. Anderdeels is, bij toepassing van artikel 25ter, § 1, 4°, van het Wetboek, de intracommunautaire verwerving van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten niet aan de belasting onderworpen indien de verkoper een belastingplichtige wederverkoper is die als zodanig optreedt en het verworven goed in de Lid-Staat van vertrek van de verzending of het vervoer aan de belasting werd onderworpen overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, of wanneer de verkoper een organisator is van openbare veilingen die als zodanig optreedt en het verworven goed in de Lid-Staat van vertrek van de verzending of het vervoer aan de belasting werd onderworpen overeenkomstig de bijzondere regeling voor verkoop op openbare veilingen.
44. Maakt in principe het voorwerp uit van een overbrenging in de zin van artikel 28bis, § 5, b), van de Zesde richtlijn (artikel 12bis van het Wetboek), elk goed dat door de belastingplichtige wederverkoper werd onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en dat door deze belastingplichtige wederverkoper of voor diens rekening wordt verzonden of vervoerd vanuit een Lid-Staat naar een andere Lid-Staat met het oog op eventuele verkoop ervan in deze laatste Lid-Staat.
45. Deze overbrenging wordt in de Lid-Staat van vertrek gelijkgesteld met een levering van goederen onder bezwarende titel (artikel 28bis, § 5, b), van de Zesde richtlijn; artikel 12bis van het Wetboek). De bestemming van de vervoerde of verzonden goederen wordt in de Lid-Staat van aankomst van deze verzending of dit vervoer gelijkgesteld met een intracommunautaire verwerving onder bezwarende titel (artikel 28bis, § 6, van de Zesde richtlijn; artikel 25quater, § 1, van het Wetboek).
46. Artikel 28quater, A., d), van de Zesde richtlijn (artikel 39bis, eerste lid, 4°, van het Wetboek) is niet van toepassing op deze overbrenging. Die overbrenging is bijgevolg niet van de belasting vrijgesteld in de Lid-Staat van vertrek. De maatstaf van heffing voor de heffing van de belasting over deze overbrenging is de winstmarge die de belastingplichtige wederverkoper aanrekent voor deze "levering aan zichzelf". In principe is deze maatstaf van heffing dus gelijk aan nul.
47. De intracommunautaire verwerving die plaatsvindt in de Lid-Staat van aankomst van de verzonden of vervoerde goederen die door de belastingplichtige wederverkoper/verzender werden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, is niet onderworpen aan de belasting.
48. De betrokken belastingplichtige wederverkoper is niet toe gehouden het stuk, bedoeld in artikel 2 van het koninklijk besluit nr. 1, op te maken. Hij moet deze overbrenging evenmin opnemen in zijn "Kwartaalopgave van de vrijgestelde intracommunautaire leveringen van goederen en de daarmee gelijkgestelde handelingen", bedoeld in artikel 53sexies, § 1, van het Wetboek.
49. De goederen die het voorwerp hebben uitgemaakt van de bovenvermelde overbrenging en die verzonden worden vanuit België moeten kunnen worden gevolgd zodat steeds de plaats gekend is waar de goederen zich bevinden. Deze goederen dienen te dien einde te worden ingeschreven in het register, beoogd in de artikelen 23 en 24 van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992.
50. In afwijking van de hierboven uiteengezette regel, maakt evenwel niet het voorwerp uit van een overbrenging, het goed dat door de belastingplichtige wederverkoper werd onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en dat werd verzonden van een Lid-Staat naar een andere Lid-Staat met het oog op het gebruik van dit goed gedurende ten hoogste 24 maanden, indien de invoer van ditzelfde goed uit een derde land met het oog op het tijdelijk gebruik in aanmerking zou komen voor de regeling voor tijdelijke invoer met volledige vrijstelling van invoerrechten (artikel 28bis, § 5, b), tweede lid, zevende streepje, van de Zesde richtlijn; artikel 12bis, tweede lid, 7°, van het Wetboek). Deze goederen maken dan het voorwerp uit van een niet-overbrenging. Deze wordt in de Lid-Staat van vertrek niet gelijkgesteld met een levering van goederen onder bezwarende titel. De bestemming van de vervoerde of verzonden goederen wordt in de Lid-Staat van aankomst van deze verzending of dit vervoer niet gelijkgesteld met een intracommunautaire verwerving onder bezwarende titel (artikel 28bis, § 6, van de Zesde richtlijn; artikel 25quater, § 1, tweede lid, van het Wetboek).
51. De goederen die het voorwerp hebben uitgemaakt van de bovengenoemde niet-overbrenging en die verzonden worden vanuit België moeten worden opgetekend in het register, beoogd in de artikelen 23 en 24 van het koninklijk besluit nr. 1.
52. De tijdelijke invoer met volledige vrijstelling van invoerrechten wordt geregeld door artikel 137 e.v. van de Verordening EEG nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek.
53. De toepassingsbepalingen terzake werden vastgesteld in artikel 670 e.v. van de Verordening EEG nr. 2454/93 van de Commissie van 2 juli 1993. De volgende goederen kunnen inzonderheid het voorwerp uitmaken van een niet-overbrenging bij toepassing van artikel 28bis, § 5, b), tweede lid, zevende streepje, van de Zesde richtlijn (artikel 12bis, tweede lid, 7°, van het Wetboek) :
- goederen die bestemd zijn om te worden getoond of te worden gebruikt op tentoonstellingen, beurzen, congressen en dergelijke (artikel 673 van de Verordening EEG nr. 2454/93);
- tweedehandse goederen die worden verzonden of vervoerd om te worden geveild (artikel 682, § 1, a), van de Verordening EEG nr. 2454/93);
- goederen die worden verzonden of vervoerd in het kader van een koopovereenkomst op proef (artikel 682, § 1, b), van de Verordening EEG nr. 2454/93);
- kunstwerken die worden verzonden of vervoerd om met het oog op een eventuele verkoop te worden tentoongesteld (artikel 682, § 1, c), van de Verordening EEG nr. 2454/93);
- zichtzendingen van bont- en lederwerken, sieraden, tapijten en juwelen, mits daarvan, vanwege hun bijzondere kenmerken, geen monsters kunnen worden ingevoerd (artikel 682, § 1, d), van de Verordening EEG nr. 2454/93).
55. Zijn tevens uitgesloten van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, de leveringen van nieuwe vervoermiddelen in de zin van artikel 8bis, § 2, van het Wetboek, verricht onder de in artikel 39bis, eerste lid, 2°, van het Wetboek, bedoelde voorwaarden (art. 58, § 4, 9°, van het Wetboek).
In de overgangsregeling inzake BTW die van toepassing is in alle Lid- Staten werd immers een speciale regeling uitgewerkt voor nieuwe vervoermiddelen. De aandacht wordt er op gevestigd dat dit begrip van nieuw vervoermiddel enkel van toepassing is in de intracommunautaire handelingen tussen de Lid-Staten.
Derhalve komt de BTW, in elke onderstelling, toe aan de Lid-Staat van verbruik, en dit in afwijking van het algemeen beginsel van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge dat de leveringen van de in die regeling bedoelde goederen door de verkoper, door de afnemer of voor hun rekening verzonden of vervoerd buiten België naar binnen de Unie, belastbaar zijn in België. In verband met de intracommunautaire begrippen "vervoermiddel" en "nieuw vervoermiddel" wordt verwezen naar de aanschrijving nr. 2 van 2 januari 1995.
Intracommunautaire verwervingen in België van bedoelde goederen onder bezwarende titel door een belastingplichtige wederverkoper, wanneer de verkoper in de Lid-Staat van herkomst :
56. - een niet-belastingplichtige is (particulier, niet- belastingplichtige rechtspersoon, ...) : de verkoop is niet onderworpen aan de BTW, evenmin als de intracommunautaire verwerving ervan, en het goed kan door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
57. - een belastingplichtige is die als zodanig optreedt en de levering van het goed door deze belastingplichtige overeenkomstig artikel 13, onderdeel B, onder c, van de Zesde Richtlijn 77/388/EEG, is vrijgesteld (dit wil zeggen, de leveringen van goederen die niet het voorwerp hebben uitgemaakt van een recht op aftrek, hetzij omdat ze uitsluitend ten behoeve van een vrijgestelde activiteit werden aangewend, hetzij omdat ze zijn uitgesloten van het recht op aftrek door de nationale wetgeving) : de intracommunautaire levering van het goed is vrijgesteld van de BTW in de Lid-Staat van vertrek. De intracommunautaire verwerving in België is onderworpen aan de BTW op grond van artikel 25ter, § 1, van het Wetboek. Deze verwerving is echter vrijgesteld van de BTW krachtens artikel 40, § 1, 1°, a, van het Wetboek, zodat er derhalve geen BTW is verschuldigd terzake van deze intracommunautaire verwerving. Het aldus verworven goed kan door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de winstmargeregeling;
58. - een belastingplichtige is die als zodanig optreedt en op wie een vrijstellingsregeling van belasting ten aanzien van door hem verrichte leveringen van goederen toepasselijk is, regeling beoogd in artikel 24 van de Zesde Richtlijn 77/388/EEG, en, die vergelijkbaar is met de vrijstellingsregeling bepaald in artikel 56, § 2, van het Wetboek : de belastingplichtige verkoopt een goed, "voorbelasting" inbegrepen, daar hij geen recht heeft op aftrek van deze "voorbelasting".
De belastingplichtige wederverkoper koopt een goed, "restbelasting" inbegrepen. De intracommunautaire verwerving van dit goed is niet onderworpen aan de belasting.
Voor zover het goed in hoofde van de verkoper een bedrijfsmiddel betreft, kan dit goed door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge;
59. - een belastingplichtige wederverkoper is of een organisator van openbare veilingen die als zodanig optreedt, en het een goed betreft waarvan de levering door hem overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge of overeenkomstig de bijzondere regeling voor verkoop op openbare veilingen onderworpen is geweest aan de belasting.
De intracommunautaire verwerving in België is niet onderworpen aan de BTW op grond van artikel 25ter, § 1, 4°, van het Wetboek.
Dit goed kan door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere winstmargeregeling.
60. - een belastingplichtige wederverkoper of een organisator van openbare veilingen is die als zodanig optreedt en het een goed betreft waarvan de levering door hem niet kan worden - of niet wordt - onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge of de bijzondere regeling voor verkoop op openbare veilingen, of een belastingplichtige is die als zodanig optreedt, andere dan een belastingplichtige wederverkoper, onderworpen aan de normale regeling van de belasting : de intracommunautaire levering van het goed is vrijgesteld van de BTW in de Lid-Staat van vertrek.
De intracommunautaire verwerving in België van dit goed is onderworpen aan de BTW op grond van artikel 25ter, § 1, van het Wetboek, en de BTW is aftrekbaar volgens de normale regels. De verkoop van het goed in België is onderworpen aan de normale regeling van de belasting.
Intracommunautaire leveringen.
61. De vrijstelling van artikel 39bis, eerste lid, 1°, 3° en 4°, van het Wetboek is niet van toepassing op de intracommunautaire leveringen in België van goederen die de belastingplichtige wederverkoper aan de belasting onderwerpt overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge. Om die reden moeten deze intracommunautaire leveringen door de belastingplichtige wederverkoper niet opgenomen worden in de "Kwartaalopgave van de vrijgestelde intracommunautaire leveringen van goederen en de daarmee gelijkgestelde handelingen".
62. De intracommunautaire verwerving van de bovenvermelde goederen in de Lid-Staat van aankomst van het vervoer of de verzending is niet onderworpen aan de belasting (artikel 26bis, D, b, van de Zesde richtlijn, zoals die werd gewijzigd door de Richtlijn 94/5/EG van de Raad van 14 februari 1994).
63. De regeling van de verkopen op afstand bedoeld in artikel 15, § 5, van het Wetboek, is evenmin van toepassing op de leveringen van goederen die door de belastingplichtige wederverkoper aan de belasting worden onderworpen overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
64. Gelet op hetgeen voorafgaat is voor de intracommunautaire leveringen van bedoelde goederen onder bezwarende titel die de in België gevestigde belastingplichtige wederverkoper aan de belasting onderwerpt overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, de BTW opeisbaar in België over de door de belastingplichtige wederverkoper gerealiseerde winstmarge.
Deze bepalingen gelden, ongeacht of de afnemer een particulier is, een belastingplichtige of een niet-belastingplichtige rechtspersoon.
B. Goederen waarop de belastingplichtige wederverkoper de bijzondere regeling niet kan toepassen.
65. De toestand van de belastingplichtige wederverkopers is voor de toepassing van de BTW geheel verschillend van deze bedoeld in A (aankopen bv. van niet-belastingplichtigen) wanneer ze die goederen kopen van belastingplichtigen, die als zodanig optreden, met toepassing van de normale regeling van de BTW, of van belastingplichtige wederverkopers die de levering van bepaalde goederen niet onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge maar aan de normale regeling of wanneer ze die goederen invoeren. Hetgeen voorafgaat geldt in ieder geval voor de gebruikte goederen, maar wat de kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten betreft dient de aandacht te worden gevestigd op de bijzondere bepalingen, opgenomen onder afdeling 5.
Vermits de BTW, ingevolge dergelijke handelingen, verschuldigd is over de aan de verkoper betaalde prijs of over de waarde bij de invoer, en aftrekbaar is in hoofde van de belastingplichtige wederverkoper, gaat het niet op de heffing te beperken tot de door hem gerealiseerde meerwaarde; de BTW moet definitief worden geheven over de door de belastingplichtige wederverkoper verkregen verkoopprijs. Dit objectief is bereikt in de normale regeling van de belasting, waar de belastingplichtige wederverkoper de BTW over zijn verkoopprijs berekent, maar de BTW geheven van zijn aankopen, van zijn intracommunautaire verwervingen of bij de invoer in aftrek mag brengen.
66. In die zin worden eveneens, bij toepassing van artikel 58, § 4, 3°, van het Wetboek, van de winstmargeregeling uitgesloten, de goederen die aan de belastingplichtige wederverkoper worden geleverd door de leveranciers die zelf, bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van het goed dat ze thans leveren, hebben genoten van een vrijstelling of teruggave van de belasting (bv. diplomaten, internationale organisaties, ...).
C. Goederen beoogd door de bijzondere regeling maar welke door de belastingplichtige wederverkoper zelf uit de bijzondere regeling werden gesloten.
| a) | bij de aanschaffing ervan : |
De verhandeling van deze goederen wordt opgetekend in de boekhouding die de belastingplichtige moet voeren overeenkomstig de artikelen 14 en volgende van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde.
De aankopen van deze goederen mogen nooit worden ingeschreven in het aankoopregister, dat uitsluitend voorbehouden is voor de goederen die worden onderworpen aan de bijzondere regeling.
De belastingplichtige wederverkoper dient echter niet noodzakelijk een afzonderlijke boekhouding te voeren voor de handelingen onderworpen aan de normale regeling van de belasting en voor de handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling, op voorwaarde dat hij die handelingen inschrijft in afzonderlijke kolommen in zijn dagboek van ontvangsten en in zijn boek voor uitgaande facturen;
| b) | nadat ze werden ingeschreven in het aankoopregister : |
In het geval waar de belastingplichtige wederverkoper bij de verkoop van het goed de normale regeling van de BTW toepast, dient hij een regularisatie door te voeren in het aankoopregister, op de wijze zoals omschreven onder de nrs. 84 of 85.
VI. Aftrekregeling voor de belastingplichtige wederverkopers van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
69. De belastingplichtige wederverkoper mag de BTW die verschuldigd of voldaan is voor aan hem geleverde of te leveren bedoelde goederen door een andere belastingplichtige wederverkoper gevestigd in België of in een andere Lid-Staat niet in aftrek brengen van de belasting die hij verschuldigd is, voor zover de levering van het goed door de verkoper werd onderworpen aan de bijzondere winstmargeregeling.
70. Onder voorbehoud van de beperkingen en de uitsluitingen voorzien in het Wetboek mag de belastingplichtige wederverkoper, zoals alle belastingplichtigen, de belasting geheven van de uitgaven verricht ten behoeve van zijn economische activiteit, die hij heeft ingeschreven in zijn boek voor inkomende facturen, in principe, in aftrek brengen.
In die zin kan hij eveneens de BTW in aftrek brengen, geheven van de goederen die aan hem worden geleverd, door hem worden ingevoerd of intracommunautair worden verworven, alsook van de aan hem verstrekte diensten, die bijdragen tot de herstelling van de goederen die hij aan de bijzondere winstmargeregeling onderwerpt. Het spreekt vanzelf dat de prijs van de aldus aan hem geleverde goederen en verstrekte diensten door de belastingplichtige wederverkoper niet mag worden ingeschreven in zijn aankoopregister, maar dient te worden ingeschreven in zijn boek voor inkomende facturen.
Afdeling 2 - Voorwaarden en modaliteiten van de toepassing van de bijzondere regeling, bedoeld in artikel 58, § 4, van het Wetboek.
71. Artikel 58, § 4, van het Wetboek kan slechts worden toegepast indien de belastingplichtige wederverkoper voldoet aan de voorwaarden en modaliteiten die voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge zijn gesteld.
| I. | Voorwaarden. |
| A. | Algemeenheden. |
1° een aankoopborderel uitreikt aan zijn leverancier om de aankoop van de bedoelde goederen bij die leverancier vast te stellen, behoudens indien deze er zelf toe gehouden is hem een factuur of een als zodanig geldend stuk uit te reiken;
2° kan bewijzen, door alle middelen van het gemene recht doch uitgezonderd de eed, dat zijn leverancier één van de personen is opgesomd onder nr. 8 en dat deze geen enkel recht op vrijstelling of teruggaaf van de belasting heeft kunnen uitoefenen bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van het goed dat hij verkoopt aan de belastingplichtige wederverkoper;
3° een aankoopregister houdt met de aankopen van de bedoelde goederen (z. nrs. 80 tot 83);
4° een vergelijkingsregister houdt (z. nr. 86);
5° de goederen die hij koopt individualiseert;
6° voor de verkopen van goederen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, een afzonderlijke boekhouding voert of, indien hij geen afzonderlijke boekhouding voert, deze handelingen inschrijft in afzonderlijke kolommen in zijn boek voor uitgaande facturen en in zijn dagboek van ontvangsten.
| B. | Opstellen van een aankoopborderel of ontvangst van een factuur. |
1° de datum van de aankoop en het nummer waaronder deze is ingeschreven in het aankoopregister van de belastingplichtige wederverkoper of de datum van de consignatiezending;
2° de naam of de maatschappelijke benaming en het adres van de bij de handeling betrokken partijen;
3° het BTW-identificatienummer dat overeenkomstig artikel 50 van het Wetboek aan de belastingplichtige wederverkoper werd toegekend;
4° de nauwkeurige benaming en de hoeveelheid van de gekochte of in consignatie ontvangen goederen;
5° de aankoopprijs (bij consignatie moet de aankoopprijs slechts worden ingeschreven op het exemplaar van het aankoopborderel dat door de consignataris wordt bewaard op het tijdstip dat de aankoop definitief is afgesloten, dit wil in de regel zeggen op het tijdstip van de verkoop door de consignataris);
6° de verklaring van de leverancier dat deze geen enkel recht op vrijstelling of teruggaaf van de belasting heeft kunnen uitoefenen bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van het goed dat hij verkoopt aan de belastingplichtige wederverkoper.
74. Het aankoopborderel moet worden opgemaakt in twee exemplaren, moet worden getekend door de contracterende partijen, en dient eveneens de hoedanigheid van de ondertekenaars te vermelden. Eén exemplaar van het aankoopborderel wordt overhandigd aan de verkoper op het tijdstip van de levering. Het andere exemplaar wordt door de belastingplichtige wederverkoper bewaard.
75. Bij de aankoop bij een belastingplichtige die de regeling geniet bepaald in artikel 56, § 2, van het Wetboek of bij een andere belastingplichtige wederverkoper zijn deze er zelf toe gehouden aan de belastingplichtige wederverkoper een factuur uit te reiken welke de vermeldingen bevat, voorgeschreven door artikel 5 van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992.
| C. | Bewijsmiddelen. |
77. Behalve in geval van samenspanning tussen de partijen of het klaarblijkelijk niet naleven van onderhavige bepaling ontlast het door de leverancier ondertekend aankoopborderel of de door de belastingplichtige, bedoeld in artikel 56, § 2, van het Wetboek, uitgereikte factuur, de belastingplichtige wederverkoper van de aansprakelijkheid om aan te tonen dat hij de goederen heeft gekocht van de personen, beoogd onder nr. 8.
78. Sorteert hetzelfde effect in hoofde van de belastingplichtige wederverkoper, de voorlegging van een factuur of een als zodanig geldend stuk dat hem werd uitgereikt door een andere belastingplichtige wederverkoper, voor zover op de factuur of op het als zodanig geldend stuk de belasting niet apart is vermeld en in de mate dat, wat de leveringen van goederen betreft die worden aangemerkt in België plaats te vinden, die factuur een vermelding bevat waaruit blijkt dat het goed onderworpen werd aan de belasting overeenkomstig de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
79. Bij gebreke van voorlegging van de stukken, beoogd onder de nrs. 77 en 78, dient de belastingplichtige wederverkoper het bewijs, bedoeld onder nr. 72, 2°, te leveren door een geheel van overeenstemmende stukken.
Deze stukken zijn onder meer de opgemaakte bestelbons, contracten, vervoerdocumenten en betalingsbewijzen, met betrekking tot de goederen en de levering ervan.
| D. | Houden van een aankoopregister van de bedoelde goederen. |
Het aankoopregister moet een aangepaste uitsplitsing bevatten met het oog op het invullen van de periodieke aangifte en het moet toelaten om de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe te passen en te controleren.
81. Voor het aankopen van de genoemde goederen vervangt het aankoopregister het boek voor inkomende facturen.
Nochtans is het toegestaan deze aankopen in het boek voor inkomende facturen in te schrijven voor zover al de vermeldingen die normaal in het aankoopregister dienen te worden opgenomen, duidelijk afgescheiden worden opgenomen in het inkomend factuurboek en dit in supplementaire kolommen die speciaal hiervoor worden aangelegd.
Het aldus gecombineerde boek voor inkomende facturen moet een aangepaste uitsplitsing bevatten met het oog op het invullen van de periodieke aangifte en het moet toelaten om de belasting over de toegevoegde waarde, zowel voor de handelingen verricht onder de normale regeling van de BTW als voor handelingen verricht onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toe te passen en te controleren.
82. Voor de in consignatie gezonden goederen heeft de inschrijving in het aankoopregister slechts plaats nadat de aankoop onder opschortende voorwaarde definitief wordt afgesloten, dit wil in de regel zeggen op het tijdstip van de verkoop door de consignataris. Bij consignatiezending door een niet-belastingplichtige of door een belastingplichtige waarvan de levering van het goed overeenkomstig artikel 44, § 2, 13°, van het Wetboek is vrijgesteld van de BTW, wordt het aankoopborderel pas dan aangevuld (z. nr. 73, 5°) terwijl bij consignatiezending door een andere belastingplichtige het voorlopig stuk, dat hij krachtens artikel 7 van het koninklijk besluit nr. 1 moet opstellen om deze zending vast te stellen, bij de factuur moet worden gevoegd.
83. De inschrijving in het register geschiedt naarmate van de aankopen volgens een doorlopende nummerreeks. Ze vermeldt voor ieder goed :
1° het inschrijvingsnummer;
2° de datum van het aankoopdocument;
3° de naam of de maatschappelijke benaming van de leverancier;
4° de aard van het goed of, eventueel, de vermelding van regularisaties of vrijstellingen;
5° de aankoopprijs die in aanmerking moet worden genomen voor de berekening van de winstmarge.
Teneinde de roosters 81 en 86 van de periodieke BTW-aangifte te kunnen invullen, dienen afzonderlijke kolommen te worden gebruikt voor de inschrijving van de goederen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling naargelang deze goederen werden aangekocht in België of in een andere Lid-Staat van de Gemeenschap.
In voorkomend geval moeten de aankoopprijzen van tweedehandse goederen, per BTW-tarief, worden uitgesplitst over afzonderlijke kolommen (bv. aankoop van boeken tegen het verlaagd tarief en aankoop van meubelen tegen het normaal tarief). Bij aankoop van een partij tweedehandse goederen, onderworpen aan verschillende tarieven, voor een globale prijs, moet de uitsplitsing van die prijs worden gedaan onder de verantwoordelijkheid van de belastingplichtige wederverkoper. Het aankoopdocument moet de administratie toelaten de waarde van ieder gekocht goed te controleren.
Regularisaties.
84. Indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien heeft ingeschreven in kolom 5 (aankoop in België) van het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop, de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast, dient hij op de eerstvolgende vrije lijn van zijn aankoopregister in rode inkt of voorafgegaan door het minteken achtereenvolgens te vermelden :
- in kolom 4 : regularisatie of vrijstelling;
- in kolom 5 : aankoopprijs van het goed (in rode inkt of voorafgegaan door het minteken). De aankoopprijs van dat goed moet inderdaad worden afgetrokken van het totaalbedrag dat werd ingeschreven in het aankoopregister tijdens het aangiftetijdvak in de loop waarvan de levering van dit goed plaatshad;
- in kolom 7 : verwijzing naar het nummer van het aankoopregister waaronder het goed voordien was ingeschreven;
- in kolom 8 : verwijzing naar het nummer van het uitgaand factuurboek en naar de datum van de uitgaande factuur. Het bedrag van deze verkoop moet worden opgenomen in het uitgaand factuurboek onder de kolommen van de handelingen onderworpen aan de normale regeling, en niet in de kolom van de handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge;
- in kolom 9 : verwijzing naar het nummer van het inkomend factuurboek en naar de datum van het stuk dat de aankoop vaststelt (aankoopborderel of factuur). Aangezien in het aankoopregister de inschrijving van de aankoop van het bedoeld goed werd ongedaan gemaakt, dient deze aankoop alsnog te worden ingeschreven in het boek voor inkomende facturen.
| E. | Houden van een vergelijkingsregister. |
De wijze waarop dit register moet worden gehouden in functie van de inschrijvingen die erin moeten worden overgebracht, is vastgesteld in de nrs. 91 tot 94, die handelen over de berekening van de op het einde van het tijdvak verschuldigde belasting.
F. Identificatie van de gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die de belastingplichtige wederverkoper in zijn bezit heeft.
87. De belastingplichtige wederverkoper moet, op elk ogenblik, op verzoek van de controleambtenaren, de herkomst kunnen aantonen van de bedoelde goederen die hij in zijn bezit heeft. Daartoe moet hij ieder goed individualiseren, hetzij door een etiket waarop het nummer van inschrijving in het aankoopregister of in het boek voor inkomende facturen is vermeld, hetzij om op het even welke andere wijze die dezelfde waarborgen biedt.
Afdeling 3 - Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
I. Periodieke afsluiting van het ontvangstenboek en van het boek voor uitgaande facturen.
| 88. | De belastingplichtige wederverkoper moet houden : |
In principe is een afzonderlijke inschrijving in het dagboek van ontvangsten noodzakelijk met vermelding van de aard van de verkochte goederen voor de ontvangsten die voortkomen van de leveringen van alle goederen, welke ook de prijs per in de handel gebruikelijke eenheid ervan is (art. 9 van het koninklijk besluit).
De administratie aanvaardt echter dat, wanneer de belastingplichtige wederverkoper de maatstaf van heffing vaststelt per aangiftetijdvak, de ontvangsten, BTW inbegrepen, dagelijks en, in beginsel, globaal mogen worden ingeschreven.
Een afzonderlijke inschrijving met vermelding van de aard van de verkochte goederen is evenwel noodzakelijk voor de ontvangsten die voortkomen van de levering van goederen waarvan de prijs, per in de handel gebruikelijke eenheid, meer bedraagt dan 10.000 F, BTW inbegrepen.
De in het vorige lid bedoelde afzonderlijke inschrijving mag worden vervangen door een dagelijkse globale inschrijving wanneer de verantwoordingsstukken die moeten worden opgesteld, benevens de ontvangst, de aard van de verkochte goederen nauwkeurig vermelden.
Met betrekking tot de belastingplichtige wederverkopers die, gezien de aard van hun economische activiteit of omwille van de organisatie van hun boekhouding, moeilijkheden zouden ondervinden om de maatstaf van heffing per aangiftetijdvak vast te stellen, aanvaardt de administratie dat deze belastingplichtige wederverkopers, de maatstaf berekenen per levering, voor ieder goed afzonderlijk beschouwd.
De wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing per levering vereist een strikte individualisering van de goederen onderworpen aan de margeregeling en dit zowel bij de aankoop als bij de levering ervan. Om die reden is een afzonderlijke inschrijving in het dagboek van ontvangsten noodzakelijk.
2° een boek voor uitgaande facturen : voor de inschrijving van de verkopen waarvoor hij gehouden is een factuur uit te reiken overeenkomstig artikel 53 van het Wetboek en artikel 1, § 1 en § 2, tweede lid, van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992 (bv. verkoop van een kantoormeubel aan een belastingplichtige).
De inschrijving van de leveringen van goederen verricht onder de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge dient afzonderlijk te worden gedaan van de inschrijving van de leveringen van goederen waarvoor de belastingplichtige wederverkoper de normale regeling van de belasting toepast.
De leveringen van goederen onderworpen aan de bijzondere winstmargeregeling moeten worden ingeschreven tegen verkoopprijs, BTW inbegrepen. Ingeval er geen afzonderlijke boekhouding wordt gevoerd, moet de belastingplichtige wederverkoper de leveringen verricht onder de bijzondere winstmargeregeling inschrijven in een afzonderlijke kolom van zijn boek voor uitgaande facturen.
89. Op het einde van elk aangiftetijdvak totaliseert de belastingplichtige wederverkoper het bedrag van zijn verkopen, BTW inbegrepen, die voorkomen in zijn boek voor uitgaande facturen voor de beschouwde periode alsook de ontvangsten, BTW inbegrepen, die blijken uit zijn ontvangstenboek tijdens hetzelfde tijdvak.
Enkel de kolommen met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge worden in aanmerking genomen voor de berekening van dit totaal.
| II. | Periodieke afsluiting van het aankoopregister. |
III. A. - Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de winstmargeregeling gedurende het aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar (art. 3, 4de lid, van het koninklijk besluit). Transport naar het vergelijkingsregister.
91. De totale winstmarge voor elk aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar, is gelijk aan het verschil tussen :
- het totale bedrag van de leveringen van goederen die onderworpen zijn aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en die tijdens het tijdvak door de belastingplichtige wederverkoper verricht zijn; dat bedrag is gelijk aan het totaal van de verkoopprijzen;
- en het totale bedrag van de door de belastingplichtige wederverkoper tijdens het tijdvak verrichte aankopen van goederen bedoeld in artikel 58, § 4, 2°, van het Wetboek, waarvan de leveringen door personen of belastingplichtigen vermeld in die bepaling voldoen aan de voorwaarden gesteld in die bepaling en, indien van het keuzerecht bedoeld in artikel 58, § 4, 4°, van het Wetboek, gebruik wordt gemaakt, van goederen gekocht of ingevoerd in de omstandigheden bedoeld in die laatste bepaling; dat bedrag is gelijk aan het totaal van de aankoopprijzen.
92. Het verschil tussen het totaalbedrag van de verkopen en het totaalbedrag van de aankopen vormt het belastbaar bedrag, belasting inbegrepen, van de handelingen onder de winstmargeregeling die de belastingplichtige wederverkoper tijdens het beschouwde tijdvak heeft verricht.
De inbegrepen verschuldigde belasting wordt berekend volgens de formule D x t -------- 100 + t waarin D het belastbaar verschil "belasting inbegrepen" vertegenwoordigt en t het BTW-tarief. Het belastbaar bedrag "exclusief BTW" dat na aftrek van de belasting wordt bekomen, wordt samen met het bedrag van de handelingen verricht onder de normale regeling van de belasting tegen het toepasselijk tarief overgebracht naar de "overeenstemmende" roosters van de periodieke BTW- aangifte.
De verschuldigde BTW wordt overgebracht naar rooster 54 van de BTW- aangifte.
Om statistische redenen zal het totaalbedrag van de aankopen die gedurende het beschouwde aangiftetijdvak werden verricht dienen te worden overgebracht naar rooster 00 van de periodieke BTW-aangifte.
93. Wanneer het bedrag dat uit het aankoopregister werd overgebracht groter is dan het bedrag dat uit het boek voor uitgaande facturen en uit het ontvangstenboek is overgebracht, hetgeen een negatief saldo teweegbrengt in het rooster "Belastbaar verschil" van het vergelijkingsregister, moet dit bedrag, voorafgegaan door het plusteken, worden overgedragen naar het vak "Overdracht van het vorige aangiftetijdvak" van de kolom "Aankoopprijs van de goederen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling in België" van het aankoopregister.
94. Het aldus overgedragen bedrag mag niet in aanmerking worden genomen voor de berekening van het totaalbedrag der aankopen hetgeen dient te worden opgenomen in de rooster 00 en 81 van de periodieke BTW- aangifte.
III.B. - Berekening van de verschuldigde belasting voor de handelingen verricht onder de winstmargeregeling gedurende het laatste aangiftetijdvak van het jaar (art. 3, 2de, 5de en 6de lid, van het koninklijk besluit).
95. De belastingplichtige wederverkoper dient jaarlijks een inventaris op te maken van de voorraad goederen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
96. De totale winstmarge voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar is gelijk aan het verschil tussen :
- het totale bedrag van de verkoopprijzen van de leveringen van goederen die onderworpen zijn aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge en die tijdens het jaar door de belastingplichtige wederverkoper zijn verricht;
- en het totale bedrag van de aankoopprijzen van de goederen die tijdens hetzelfde jaar door de belastingplichtige wederverkoper met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge zijn geleverd, verhoogd met het bedrag van de winstmarges die reeds werden aangegeven voor de vorige aangiftetijdvakken van hetzelfde jaar.
97. Aan de hand van de jaarlijkse inventaris, die voor de eerste maal moet worden opgemaakt op 1 januari 1995, zal bij de vaststelling van de totale winstmarge op jaarbasis rekening kunnen worden gehouden met de voorraadschommelingen, en zal tevens het totale bedrag in aankoopprijs kunnen worden bepaald van de tijdens het jaar geleverde goederen.
98. Het bedrag van de begininventaris, verhoogd met de gedurende het jaar verrichte aankopen, en verminderd met het bedrag van de eindinventaris, geeft als resultaat het bedrag der verkochte aankopen.
Voorbeeld : Beginstock 1/1 = 100.000 Aankopen = + 700.000 Eindstock 31/12 = - 200.000 ----------- Verkochte aankopen = 600.000 De totale winstmarge voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar is gelijk aan het verschil tussen enerzijds het bedrag van de tijdens het jaar verrichte verkopen en anderzijds het bedrag van de tijdens hetzelfde jaar verkochte aankopen, verhoogd met het bedrag van de winstmarges die reeds werden aangegeven voor de vorige aangiftetijdvakken van hetzelfde jaar. Voorbeeld (vervolg) :
Ondersteld wordt dat de verkopen 900.000 F bedragen en de reeds aangegeven winstmarges 75.000 F.
De totale winstmarge voor het laatste aangiftetijdvak bedraagt :
900.000 - (600.000 + 75.000) = 225.000 F
Verschuldigde BTW. 225.000 x 20,5 ---------------- = 38.278 F 120,5 Het belastbaar bedrag "exclusief BTW" (225.000 - 38.278 = 186.722) wordt overgebracht naar rooster 03 van de periodieke BTW-aangifte. De verschuldigde BTW (38.278 F) wordt overgebracht naar rooster 54 van de BTW-aangifte.
Het bedrag van de eindstock 31/12 (200.000 F) wordt, voor de volgende aangifteperiode, overgedragen naar het aankoopregister.
Om statistische redenen zal het totaalbedrag van de aankopen die gedurende het beschouwde aangiftetijdvak werden verricht dienen te worden overgebracht naar rooster 00 van de periodieke BTW-aangifte.
IV.A. - Voorbeeld voor de berekening van de BTW voor de handelingen verricht met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge gedurende een aangiftetijdvak, uitgezonderd voor het laatste aangiftetijdvak van het jaar.
| 99. | (z. Bijlage V) |
Vanaf 1/1/1995 wil deze belastingplichtige wederverkoper de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge uitbreiden tot kunstvoorwerpen die hem worden geleverd door de personen beoogd onder nr. 8 van deze aanschrijving (particulieren bv.). Hij wenst tevens te kiezen voor de toepassing van de bijzondere winstmargeregeling voor de kunstvoorwerpen die hij zal invoeren, die hem zullen worden geleverd door de maker of diens rechthebbenden of die hem geleverd zullen worden door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper, tegen het verlaagd tarief.
Hij richt te dien einde een keuzeverklaring per aangetekend schrijven naar zijn hoofdcontroleur.
De belastingplichtige wederverkoper wenst de kunstvoorwerpen, in voorraad per 31/12/1994, en die bedoeld zijn in de winstmargeregeling, te onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge bij toepassing van de overgangsbepaling opgenomen onder nr. 149. Hij zal te dien einde, vóór 1/2/1995, een inventaris indienen van deze kunstvoorwerpen (in deze inventaris zal hij de kunstvoorwerpen die gekocht werden bij particulieren, en de kunstvoorwerpen die werden gekocht, ingevoerd of verworven bij bepaalde belastingplichtigen afzonderlijk dienen te vermelden). Betrokkene past dus niet de vereenvoudigingsmaatregel toe, opgenomen onder nr. 150.
Begin februari 1995 berekent deze belastingplichtige wederverkoper de belasting verschuldigd over zijn handelingen onderworpen aan de bijzondere regeling van de winstmarge van de maand januari 1995.
A. In de loop van de maand januari 1995 heeft hij in zijn ontvangstenboek en in zijn boek voor uitgaande facturen, in afzonderlijke kolommen, de leveringen van gebruikte goederen en kunstvoorwerpen, die werden verricht onder de bijzondere winstmargeregeling, ingeschreven respectievelijk voor 128.500 F en 30.000 F, hetzij in totaal 158.500 F, BTW tegen het tarief van 20,5 % inbegrepen.
| B. | Tijdens dezelfde maand werden in het aankoopregister ingeschreven: |
| 1) | 7 kunstvoorwerpen welke op 31/12/1994 in voorraad waren, waarvan er: |
- 2 werden gekocht van particulieren;
- 2 werden ingevoerd;
- 3 werden gekocht van de kunstenaar.
Kunstvoorwerp afkomstig van : - particulier : 10.000 F (kolom 5) - Belgische kunstenaar 31.800 F (30.000 F + 1.800 F BTW niet (belastingplichtige, (kolom 5) aftrekbaar) normale regeling) - Franse belastingplichtige 50.000 F (50.000 F, inclusief Franse wederverkoper (kolom 6) BTW, intracommunautaire verwerving in België die niet onderworpen is aan de BTW) 3) de aankoop van 3 gebruikte goederen, van particulieren, respectievelijk voor 26.000 F, 6.000 F en 14.000 F. Het totaal bedrag van de goederen vermeld in kolom 5 bedraagt 193.230 F en het bedrag vermeld in kolom 6 bedraagt 50.000 F, hetzij in totaal 243.230 F.
C. Hij transporteert het totaalbedrag van zijn verkopen (158.500 F) en het totaalbedrag van zijn aankopen (243.230 F) naar het vergelijkingsregister.
Het bedrag dat uit het aankoopregister werd overgebracht is groter dan de bedragen die uit het ontvangstenboek en uit het boek voor uitgaande facturen werden overgebracht. Dit brengt een negatief saldo (- 84.730 F) teweeg in het rooster "Belastbaar verschil" van het vergelijkingsregister en dit bedrag moet, voorafgegaan door het plusteken (+ 84.730 F) worden overgedragen naar het vak "Overdracht van het vorige aangiftetijdvak" van de kolom "Aankoopprijs van de goederen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling in België" van het aankoopregister.
D. Overdracht naar de periodieke aangifte betreffende de handelingen verricht onder de winstmargeregeling :
- rooster 03 : nihil
- rooster 54 : nihil
- rooster 55 : nihil
- rooster 61 : 5.430
- rooster 81 : 243.230 (kolom 5 + 6)
- rooster 86 : 50.000
- rooster 00 : 243.230
100. Jaar | Aankoopregister | Uitgaand factuurboek | Vergelijkings- | | + Dagontvangstenboek | register | | Verkopen | --------------| -----------------|----------------------|---------------- 1995 | | | 1ste kwartaal | 1) 150.000 | 125.000 | - 25.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 2de kwartaal | 25.000 *| | | 2) 200.000 | | | -------- | | | 225.000 | 210.000 | - 15.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 3de kwartaal | 15.000 *| | | 3) 50.000 | | | ------- | | | 65.000 | 100.000 | 35.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 4de kwartaal | 4) 300.000 | 110.000 | - 190.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- TOTAAL | (1 + 2 + 3 + 4) | | |-----------------| | | 700.000 | 545.000 | Jaar | Overdracht naar aankoopregister | Opmerkingen --------------|---------------------------------|----------------------- 1995 | | over te dragen naar 1ste kwartaal | + 25.000 * | het tweede kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 2de kwartaal | | over te dragen naar | + 15.000 * | het derde kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 3de kwartaal | | BTW verschuldigd --------------|---------------------------------|----------------------- 4de kwartaal | | --------------|---------------------------------|----------------------- TOTAAL | | | | Beginstock 1/1 0 Aankopen 700.000 Eindstock 31/12 100.000 over te dragen naar het aankoopregister -------------------------- Verkochte aankopen 600.000 Verkopen = 545.000 Verkochte aankopen = 600.000 Winstmarges reeds aangegeven = 35.000 Totale marge 4de kwartaal : 545.000 - (600.000 + 35.000) = - 90.000. Dit bedrag mag niet worden overgedragen naar het volgend jaar. Jaar | Aankoopregister | Uitgaand factuurboek | Vergelijkings- | | + Dagontvangstenboek | register | | Verkopen | --------------|-----------------|----------------------|---------------- 1996 | | | 1ste kwartaal | stock : 100.000*| | | 1) 200.000 | | | --------| | | 300.000 | 250.000 | - 50.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 2de kwartaal | 50.000 *| | | 2) 175.000 | | | -------- | | | 225.000 | 300.000 | + 75.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 3de kwartaal | 3) 400.000 | 360.000 | - 40.000 --------------|---------------- |----------------------|---------------- 4de kwartaal | 40.000 *| | | 4) 310.000 | | | ------- | | | 350.000 | 275.000 | - 75.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- TOTAAL | (1 + 2 + 3 + 4) | | |-----------------| | | 1.085.000 | 1.185.000 | Jaar | Overdracht naar aankoopregister | Opmerkingen --------------|---------------------------------|----------------------- 1996 | | over te dragen naar 1ste kwartaal | + 50.000 * | het tweede kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 2de kwartaal | | | | BTW verschuldigd --------------|---------------------------------|----------------------- 3de kwartaal | | over te dragen naar | + 40.000 * | het vierde kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 4de kwartaal | | --------------|---------------------------------|----------------------- TOTAAL | | | | Beginstock 1/1 100.000 Aankopen 1.085.000 Eindstock 31/12 300.000 over te dragen naar het aankoopregister -------------------------- Verkochte aankopen 885.000 Berekening voor de regularisatie : Verkopen = 1.185.000 Verkochte aankopen = 885.000 Winstmarges reeds aangegeven = 75.000 Totale winstmarge 4de kwartaal : 1.185.000 - (885.000 + 75.000) = 225.000 F. Verschuldigde BTW. 225.000 x 20,5 ---------------- = 38.278 120,5 Jaar | Aankoopregister | Uitgaand factuurboek | Vergelijkings- | | + Dagontvangstenboek | register | | Verkopen | --------------|-----------------|----------------------|---------------- 1997 | | | 1ste kwartaal | stock : 300.000*| | | 1) 200.000 | | | --------| | | 500.000 | 400.000 | - 100.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 2de kwartaal | 100.000 *| | | 2) 80.000 | | | -------- | | | 180.000 | 200.000 | + 20.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- 3de kwartaal | 3) 400.000 | 360.000 | - 40.000 --------------|---------------- |----------------------|---------------- 4de kwartaal | 40.000 *| | | 4) 220.000 | | | ------- | | | 260.000 | 140.000 | - 120.000 --------------|-----------------|----------------------|---------------- TOTAAL | (1 + 2 + 3 + 4) | | |-----------------| | | 900.000 | 1.100.000 | Jaar | Overdracht naar aankoopregister | Opmerkingen --------------|---------------------------------|----------------------- 1996 | | over te dragen naar 1ste kwartaal | + 100.000 * | het tweede kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 2de kwartaal | | | | BTW verschuldigd --------------|---------------------------------|----------------------- 3de kwartaal | | over te dragen naar | + 40.000 * | het vierde kwartaal --------------|---------------------------------|----------------------- 4de kwartaal | | --------------|---------------------------------|----------------------- TOTAAL | | | | Beginstock 1/1 300.000 Aankopen 900.000 Eindstock 31/12 160.000 over te dragen naar het aankoopregister ---------------------------- Verkochte aankopen 1.040.000 Verkopen = 1.100.000 Verkochte aankopen = 1.040.000 Winstmarges reeds aangegeven = 20.000 Totale winstmarge 4de kwartaal : 1.100.000 - (1.040.000 + 20.000) = 40.000 F. Berekening verschuldigde BTW : 40.000 x 20,5 --------------- = 6.805 120,5 Afdeling 4 : Uitvoer. Verkopen aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling. 101. De uitvoer van goederen of de levering ervan door de belastingplichtige wederverkoper aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling, is vrijgesteld van de belasting. De belastingplichtige wederverkoper moet op iedere vraag van de administratie de ingeroepen vrijstelling kunnen rechtvaardigen. Opdat de vrijstelling zou kunnen worden toegepast dient een zelfde regularisatie te worden verricht zoals die is vereist indien de belastingplichtige wederverkoper voor een bepaalde levering kiest voor de toepassing van de normale regeling van de belasting. In kolom 4 van het aankoopregister zal de vermelding "vrijstelling" worden aangebracht.
Afdeling 5 : Bijzondere bepalingen van toepassing op kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
I. - Invoer van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. - Aankoop van kunstvoorwerpen bij bepaalde belastingplichtigen, andere dan belastingplichtige wederverkopers.
| A. | Toepasselijk tarief. |
De invoer van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten is onderworpen aan het verlaagd BTW-tarief.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid zijn onderworpen aan het verlaagd tarief, de leveringen van kunstvoorwerpen :
- die door de maker of diens rechthebbenden worden verricht;
- die incidenteel worden verricht door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper wanneer deze kunstvoorwerpen door deze belastingplichtige zelf zijn ingevoerd of hem zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden of te zijnen gunste het recht op volledige aftrek van de BTW hebben doen ontstaan.
- de maker is of diens rechthebbenden;
- of een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper, die incidenteel handelt, wanneer deze kunstvoorwerpen door deze belastingplichtige zelf zijn ingevoerd of hem zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden of te zijnen gunste het recht op volledige aftrek van de BTW hebben doen ontstaan.
| B. | Keuze. |
a) van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die zij zelf hebben ingevoerd;
b) van kunstvoorwerpen die aan hen geleverd zijn door de maker of diens rechthebbenden;
c) van kunstvoorwerpen die aan hen geleverd zijn door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper wanneer de levering door deze andere belastingplichtige onderworpen is aan het verlaagd tarief of de intracommunautaire verwerving door de belastingplichtige wederverkoper van deze kunstvoorwerpen onderworpen is aan het verlaagd tarief.
Met andere woorden, de belastingplichtige wederverkoper kan slechts kiezen voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor de bedoelde goederen dewelke hij heeft verkregen of ingevoerd tegen het verlaagd tarief (z. A hiervoor).
104. De keuze dient te worden verricht voor alle leveringen, beoogd onder nr. 103, a, b en c (art. 6 van het koninklijk besluit, verwijzing die eveneens geldt voor de nrs. 105 en 106).
105. De belastingplichtige wederverkoper dient de keuzeverklaring bij ter post aangetekende brief te richten aan de hoofdcontroleur van het controlekantoor van de BTW waaronder hij ressorteert.
106. De keuze gaat in op de datum van de aangifte ter post van de brief en geldt tot 31 december van het tweede jaar dat op die datum volgt.
De keuze heeft derhalve uitwerking voor een periode van twee volledige kalenderjaren boven het resterend gedeelte van het jaar waarin de keuze uitwerking heeft.
107. Wanneer deze termijn verstreken is wordt, bij gebreke aan een ter post aangetekende brief vóór 31 december waarin afstand wordt gedaan van de gedane keuze, de keuze geacht stilzwijgend te zijn verlengd.
108. Door het uitoefenen van de keuze geeft de belastingplichtige wederverkoper de wil te kennen de leveringen van de bedoelde goederen te willen onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
109. Deze keuze houdt tevens in dat de belastingplichtige wederverkoper van de belasting die hij verschuldigd is niet mag aftrekken:
a) de belasting die verschuldigd of voldaan is voor kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten die hij zelf heeft ingevoerd;
b) de belasting die verschuldigd of voldaan is voor aan hem geleverde of te leveren kunstvoorwerpen door de maker of diens rechthebbenden;
c) de belasting die verschuldigd of voldaan is voor aan hem geleverde of te leveren kunstvoorwerpen door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper (art. 58, § 4, 6°, van het Wetboek).
110. De aldus ingevoerde kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, en de aldus verkregen kunstvoorwerpen, dienen het voorwerp uit te maken van een inschrijving in het aankoopregister. De in te schrijven aankoopprijs wordt bepaald volgens navolgend onderscheid :
1) invoer van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten : de in aanmerking te nemen aankoopprijs is gelijk aan de overeenkomstig artikel 34 van het Wetboek vastgestelde maatstaf van heffing bij invoer, vermeerderd met de bij invoer verschuldigde of betaalde belasting over de toegevoegde waarde (art. 5 van het koninklijk besluit).
Dit bedrag dient te worden ingeschreven in het aankoopregister in de kolom 5 van de aankopen in België tegen het normaal tarief (thans 20,5 pct.);
2) aankopen in België van kunstvoorwerpen bij de maker of bij zijn rechthebbenden, of bij een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper wanneer de levering door deze andere belastingplichtige onderworpen is aan het verlaagd tarief : de in aanmerking te nemen aankoopprijs is alles wat de tegenprestatie uitmaakt, gedefinieerd in nr. 11, die de verkoper van de belastingplichtige wederverkoper verkrijgt of moet verkrijgen, daaronder begrepen de BTW.
Dit bedrag dient te worden ingeschreven in het aankoopregister in de kolom 5 van de aankopen in België tegen het normaal tarief (thans 20,5 pct.);
3) intracommunautaire verwervingen van kunstvoorwerpen wanneer de verkoper in de andere Lid-Staat de maker is of diens rechthebbenden, of indien het een levering betreft die incidentieel wordt verricht door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper, wanneer die kunstvoorwerpen door deze belastingplichtige zelf zijn ingevoerd of hem zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden of te zijnen gunste het recht op volledige aftrek van de BTW hebben doen ontstaan : de in aanmerking te nemen aankoopprijs is alles wat de tegenprestatie uitmaakt, gedefinieerd in nr. 11, die de verkoper van de belastingplichtige wederverkoper verkrijgt of moet verkrijgen, vermeerderd met de ingevolge de intracommunautaire verwerving verschuldigde BTW.
Dit bedrag dient te worden ingeschreven in het aankoopregister in de kolom 6 van de aankopen in een andere Lid-Staat tegen het normaal tarief (thans 20,5 pct.).
111. De verkoop door de belastingplichtige wederverkoper van de aldus ingevoerde kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten en van de aldus verkregen kunstvoorwerpen met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge gebeurt tegen het normale BTW-tarief (thans 20,5 pct.).
| C. | Verkoop onder de normale regeling van de belasting. |
113. Indien de belastingplichtige wederverkoper de normale regeling van de belasting toepast :
a) op de levering van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die hij zelf heeft ingevoerd, mag hij van de belasting die hij verschuldigd is, de bij invoer van dit goed verschuldigde of voldane belasting aftrekken;
b) op de levering van kunstvoorwerpen die hem door de maker of diens rechthebbenden zijn geleverd, mag hij van de belasting die hij verschuldigd is, de met betrekking tot de hem geleverde kunstvoorwerpen verschuldigde of voldane belasting aftrekken;
c) op de levering van kunstvoorwerpen die hem door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper zijn geleverd, mag hij van de belasting die hij verschuldigd is, de met betrekking tot de hem geleverde kunstvoorwerpen verschuldigde of voldane belasting aftrekken;
d) op de levering van kunstvoorwerpen die hem in een andere Lid-Staat zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden, of die hem in de Lid-Staat door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper zijn geleverd, mag hij van de belasting die hij verschuldigd is, de bij de intracommunautaire verwerving van deze kunstvoorwerpen verschuldigde belasting aftrekken (art. 58, § 4, 7°, tweede lid, van het Wetboek).
114. Het recht op aftrek, beoogd onder letter a tot d, ontstaat op het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt voor de levering waarvoor de belastingplichtige wederverkoper voor de normale regeling van de belasting kiest (art. 58, § 4, 7°, derde lid, van het Wetboek).
115. Voor de uitoefening van het recht op aftrek is vereist dat de voorwaarden worden nageleefd die in artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969, met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde, zijn vastgesteld. De belastingplichtige wederverkoper zal dus om zijn recht op aftrek te kunnen uitoefenen in het bezit moeten zijn van de in genoemd artikel bedoelde stukken.
Krachtens artikel 60, § 1, eerste lid, van het Wetboek, moeten die stukken worden bewaard gedurende tien jaar te rekenen vanaf de eerste januari van het jaar waarin dit recht op aftrek is ontstaan (artikel 58, § 4, 7°, vierde lid, van het Wetboek).
De controlerende ambtenaren moeten immers in staat worden gesteld de correcte toepassing van de BTW na te gaan.
116. Indien de belastingplichtige wederverkoper op het tijdstip van de wederverkoop de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast indien hij dezelfde regularisaties toe te passen als deze uiteengezet onder nr. 84 of 85.
117. Bij verkoop van deze goederen onder de normale regeling van de belasting is de BTW verschuldigd over de totale verkoopprijs, tegen het normaal BTW-tarief (thans 20,5 pct.).
II. Leveringen door een Duitse belastingplichtige wederverkoper van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten.
118. Voor de leveringen door een belastingplichtige wederverkoper van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten geldt in de Bondsrepubliek Duitsland een regeling die, wat de toepassingsmodaliteiten betreft, afwijkt van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
Deze regeling heeft geen invloed op de situatie van de in België gevestigde belastingplichtige wederverkopers die de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toepassen.
De aandacht van de in België gevestigde belastingplichtige wederverkopers wordt evenwel gevestigd op het feit dat, bij leveringen door Duitse belastingplichtige wederverkopers van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, deze Duitse belastingplichtige wederverkopers aan de Belgische belastingplichtige wederverkopers facturen zullen uitreiken met ondermeer de vermelding dat de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge is toegepast, maar op welke facturen het bedrag van de verschuldigde belasting afzonderlijk zal zijn vermeld.
Indien de Belgische belastingplichtige wederverkoper deze kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten wil onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge schrijft hij deze goederen in in zijn aankoopregister. De in aanmerking te nemen aankoopprijs is alles wat de tegenprestatie uitmaakt, gedefinieerd in nr. 11, die de verkoper van de Belgische belastingplichtige wederverkoper verkrijgt of moet verkrijgen, daaronder begrepen de BTW die is vermeld op de door de Duitse belastingplichtige wederverkoper uitgereikte factuur.
De intracommunautaire verwerving in België van de bedoelde goederen is niet onderworpen aan de BTW krachtens artikel 25ter, § 1, 4°, van het Wetboek.
Afdeling 6 : Bijzondere bepalingen van toepassing bij openbare verkopen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
119. De regels vervat in onderhavige aanschrijving zijn, in principe, van toepassing op de door belastingplichtige wederverkopers verrichte openbare verkopen en dit zowel voor de verkopen waarvoor ze tussenbeide komen voor eigen rekening dan wel ingevolge een overeenkomst tot aan- of verkoop in commissie, voor rekening van een derde. Er kunnen zich evenwel bijzondere toestanden voordoen bij openbare verkopen. Ze worden in het biezonder in deze afdeling onderzocht.
I. In aanmerking te nemen verkoopprijs bij openbare verkopen waar de kosten ten laste van de kopers bedongen zijn.
120. In de mate dat de bedongen kosten de wettelijke kosten (erelonen van de notaris of van de deurwaarder, het algemeen vast registratierecht en het zegelrecht), met uitsluiting van de BTW, overtreffen vormen zij een last die, voor de berekening van de belasting, aan de eigenlijke toewijzingsprijs moet worden toegevoegd. Er wordt opgemerkt dat het volgrecht als een extra-wettelijke kost moet worden aangemerkt.
Hieruit volgt :
1° dat de verkoopzaal de openbare verkopen waartoe ze overgaat moet scheiden van de verkopen uit de hand waar dergelijke kosten niet zijn bedongen;
2° dat zij de last over de openbaar verkochte goederen proportioneel, per BTW-tarief, moet verdelen over de bekomen toewijzingsprijzen.
121. Gemakkelijkheidshalve wordt er aangenomen dat de verkoopzaal op het einde van elke aangiftetijdvak de wettelijke kosten - met uitsluiting van de BTW zelf - vaststelt die ze werkelijk heeft gedragen en ze aftrekt van de bedongen kosten voor de openbare verkopen die zij tijdens dat zelfde tijdvak heeft verricht. Ze stelt dan het percentage vast dat de extra-wettelijke kosten vertegenwoordigt in verhouding tot het totaalbedrag van de toewijzingsprijzen en zij voegt dit percentage, eenvormig per BTW-tarief, bij de prijs van de openbaar verkochte goederen.
| II. | Het boeken van de aankopen en de verkopen. |
| A. | Aankopen. |
124. Wat de goederen betreft die in consignatie gegeven werden door een belastingplichtige die ertoe gehouden is een factuur uit te reiken, stelt de consignant zijn definitieve factuur op op grond van de rekeningopgave die de verkoopzaal hem heeft uitgereikt. In principe moet deze factuur uitgereikt worden uiterlijk de vijfde werkdag van de maand die volgt op de publieke verkoop van het goed. Nochtans zal de factuur die uitgereikt zou worden in de loop van de maand volgend op de maand dat de publieke verkoop plaatsvond, niet als laattijdig worden beschouwd, wanneer de wettelijke termijn om praktische redenen niet kon worden nageleefd (bijvoorbeeld in geval van verkoop in de tweede helft van de maand).
125. Voor het gemak van de verkoopzalen mogen ze de bedoelde goederen in het aankoopregister inschrijven op zicht van de rekeningopgaven bestemd voor de belastingplichtige consignanten. Deze inschrijving is echter voorlopig en mag alleen behouden blijven indien de definitieve factuur uitgereikt wordt binnen de in voorgaand lid gestelde termijn.
126. Er wordt opgemerkt dat geen enkele afwijking van de algemene regels werd voorzien betreffende goederen die uitgesloten zijn van de bijzondere regeling, alsmede voor de verkopen van goederen die het voorwerp uitgemaakt hebben van werkelijke aankopen hier te lande of die ingevoerd werden met betaling van de BTW in hoofde van de verkoopzaal.
| B. | Verkopen. |
128. Vereenvoudigingsmaatregel inzake uitvoer, verkopen aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling.
De toepassing van de regels uiteengezet onder nr. 101 dewelke in de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toelaten de vrijstelling toe te passen ingeval van uitvoer, verkopen aan internationale organisaties of onder de diplomatieke en consulaire regeling kan bij openbare verkopen waar de bedongen kosten ten laste van de kopers aan de toewijzingsprijs worden toegevoegd voor de belastingplichtige wederverkopers moeilijkheden meebrengen. Het is immers slechts nadat het goed is toegewezen aan de koper dat deze zijn hoedanigheid bekend maakt aan de belastingplichtige wederverkoper en eventueel de vrijstelling van de BTW inroept. De belastingplichtige wederverkoper moet op iedere vraag van de administratie de ingeroepen vrijstelling kunnen rechtvaardigen.
De administratie aanvaardt derhalve, bij wijze van proef, dat aan de personen, die op openbare verkopen in verkoopzalen gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten hebben gekocht en recht hebben op een vrijstelling van de BTW, teruggaaf wordt verleend van de BTW die geacht wordt begrepen te zijn in de lastens de kopers bedongen kosten die aan de toewijzingsprijs werden toegevoegd. Het bedrag van de teruggaaf wordt berekend volgens de formule hierna : bedongen kosten ten laste van de kopers x t ------------------------------------------------ 100 + t waarin t het op de goederen toepasselijk tarief vertegenwoordigt. C. Vaststelling van de wegens de publieke verkoop aan de Staat verschuldigde belasting. Ontheffing om een ontvangstenboek te houden.
129. In de praktijk berekenen de verkoopzalen de aan de Staat te betalen belastingen, wegens de publieke verkopen die ze gehouden hebben, tijdens de hierop volgende dagen, aan de hand van de verzamelstaat opgemaakt volgens het proces-verbaal van de publieke verkoop, van de rekeningopgaven die ze onmiddellijk aan de consignanten sturen en van de inschrijvingen die op deze basis in het vergelijkingsregister overgedragen zijn.
130. Wanneer deze praktijk wordt gevolgd, worden de verkoopzalen vrijgesteld van het houden van een ontvangstenboek. Het wordt vervangen door het proces-verbaal van de publieke verkoop en de gedetailleerde verzamelstaat die ze opmaken. Wat de facturen betreft die ze aan hun klanten uitreiken, deze moeten in het boek voor uitgaande facturen worden ingeschreven, ondanks het feit dat, in de gezegde praktijk, de samenstelling van de verschuldigde belastingen niet aan de hand van dit register geschiedt.
131. Het gebeurt dat een zelfde publieke verkoop zich uitstrekt over een periode van verscheidene dagen gespreid over twee opeenvolgende maanden. In dat geval neemt de administratie aan dat de belasting voor het geheel van de verrichtingen slechts opeisbaar is na afloop van de verkoop.
III. Bijzonder geval. De verkoopzaal, die handelt als consignataris commissionair-verkoper, stelt een bedoeld goed openbaar te koop en koopt zelf het goed om het later door te verkopen.
132. De toewijzing van het goed aan de verkoopzaal, die krachtens artikel 13 van het Wetboek met een koper-verkoper is gelijkgesteld, maakt de BTW niet opeisbaar, maar heeft voor gevolg dat de consignatiezending naar de verkoopzaal wordt omgezet in een definitieve aankoop door deze laatste. Bijgevolg moet de toewijzingsprijs en de eraan verbonden extra- wettelijke kosten noch in het boek voor uitgaande facturen, noch in het ontvangstenboek worden ingeschreven. De aankoop moet daarentegen door de verkoopzaal worden ingeschreven in het aankoopregister.
IV. Bijzonder geval. De verkoopzaal die handels als consignataris commissionair-verkoper, stelt een bedoeld tweedehands goed openbaar te koop en wijst het toe aan diegene die het in consignatie had gegeven.
133. Er wordt aangenomen dat in een dergelijk geval de consignatie niet wordt gevolgd door een eigenlijke verkoop. Inderdaad, door zijn eigen goed terug te kopen uit de consignant zijn wens de eigenaar te willen blijven.
134. Hieruit volgt dat de toewijzingsprijs van het door zijn eigenaar wederingekocht goed noch in het boek voor uitgaande facturen, noch in het ontvangstenboek moet worden ingeschreven. Indien de verkoopzaal, onwetend van de hoedanigheid van de koper, de handeling toch heeft ingeschreven in het een of ander register, mag hij een verbeterende inschrijving doen in rode inkt of voorafgegaan door het minteken. Dezelfde regel mag worden gevolgd om een inschrijving te verbeteren die ten onrechte in het aankoopregister werd gedaan. De exploitant van de verkoopzaal behoort tegenover de administratie de uitzonderlijke toestand die hij inroept en de eventuele verbeteringen te rechtvaardigen.
135. Wanneer in bedoeld geval de verkoopzaal van de eigenaar een commissie vordert voor de dienst waarmee hij haar had belast, is de belasting over deze commissie verschuldigd tegen het normaal tarief (thans 20,5 pct.). De belasting is begrepen in het gevorderde bedrag.
V. Tussenkomst van de verkoopzaal in de hoedanigheid van mandataris van de verzoekers van de openbare verkoop.
136. De regeling voorzien in onderhavige aanschrijving is slechts van toepassing wanneer de verkoopzaal bij de openbare verkopen van de goederen in eigen naam handelt.
137. Deze regeling moet worden geweerd voor de verkopen waar ze optreedt als mandataris van de verzoekers. Deze toestand doet zich inzonderheid voor bij verkopen van goederen die voortkomen uit een erfenis, hetzij wanneer wordt aangegeven in het proces-verbaal van de notaris of van de gerechtsdeurwaarder dat de verkoop geschiedt op verzoek van de erfgenamen - al of niet met name genoemd -, van een bepaalde overledene, hetzij wanneer de verkoop geschiedt op verzoek van de exploitant van de verkoopzaal maar handelend in naam van de erfgenamen - al of niet met name genoemd - van een bepaalde overledene. De eenvoudige melding in het procesverbaal dat het gaat om de verkoop van meubelen voortkomende van de erfenis van een omschreven persoon volstaat, op zichzelf, niet om aan te nemen dat de verkoop al of niet op verzoek van de erfgenamen plaatsheeft.
138. Wanneer de verkoopzaal als mandataris optreedt worden de goederen rechtstreeks verkocht door de verzoekers. De verkoop is slechts onderworpen aan de BTW wanneer zij de hoedanigheid van belastingplichtige hebben (in de zin van dit nummer moet onder belastingplichtige worden verstaan, een belastingplichtige met volledig of gedeeltelijk recht op aftrek van de voorbelasting, hetgeen de door de artikelen 44 en 56, § 2, van het Wetboek beoogde belastingplichtigen uitsluit samen overigens met de belastingplichtigen die een recht op aftrek genieten maar dan enkel voor het verrichten van in artikel 44, § 3, 4° tot 10°, van het Wetboek beoogde handelingen (z. Wetb., art. 45, § 1, 4° en 5°) evenals de landbouwondernemers onderworpen aan de bijzondere regeling van artikel 57 van het Wetboek) en wanneer de verkoop betrekking heeft op goederen die voortkomen uit hun onderneming. De verkoop is in de andere gevallen onderworpen aan het evenredig registratierecht van 5 pct. (Wetboek Reg. art. 77 en 80). In dit verband moet worden aangestipt dat een openbare verkoop van een voorraad goederen of andere goederen met beroepskarakter gedaan op verzoek of in naam van de erfgenamen van een belastingplichtige, in het kader van de liquidatie van zijn onderneming, dient aangemerkt te worden als zijnde gedaan door een belastingplichtige.
139. De vergoeding die de verkoopzaal van de verzoekers vordert voor haar tussenkomst als mandataris bij de verkoop van de goederen, is onderworpen aan de BTW tegen het normaal tarief (thans 20,5 pct.) en dit zonder onderscheid te maken of de verkoop gebeurde met toepassing van de BTW of van het registratierecht. De BTW moet worden berekend op het bedrag van de vergoeding "belasting inbegrepen".
140. Onder "vergoeding" zoals bedoeld in vorig lid moet worden verstaan, de som die de verkoopzaal voor haar tussenkomst van de verzoekers vordert, verhoogd met het bedrag van de extra-wettelijke kosten, d.w.z. het verschil tussen de bedongen kosten en de wettelijke kosten (erelonen van de instrumenterende notaris of deurwaarder, BTW of het evenredig registratierecht van 5 pct. en het zegelrecht).
Afdeling 7 : Diverse gevallen - Onttrekking - Formaliteiten en voorwaarden - Gebruik in de onderneming - Overdracht.
I. Onttrekking door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn privé-doeleinden van voor doorverkoop onder de winstmargeregeling bestemde goederen.
141. Onder de normale regeling van de belasting moet de belastingplichtige, die voor privé-doeleinden een voor doorverkoop bestemd goed aan zijn voorraad onttrekt, de belasting tegen het op dat goed toepasselijk tarief betalen over de aankoopprijs van dat goed of van een soortgelijk goed of bij gebreke daarvan, over de kostprijs van het goed (art. 12, § 1, en art. 33, 1°, van het Wetboek). Om deze onttrekking vast te stellen moet hij een intern stuk opmaken zoals bedoeld in artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 1. Deze regels moeten worden gevolgd door de belastingplichtige wederverkoper voor de goederen die niet onderworpen werden aan de bijzondere regeling en waarvoor na inschrijving in het boek voor inkomende facturen de belasting geheven van hun aankoop, hun intracommunautaire verwerving of hun invoer werd afgetrokken.
142. Indien daarentegen de onttrokken goederen begrepen waren in de bijzondere winstmargeregeling dienen deze goederen te kunnen worden gevolgd. Er dient immers ondermeer te kunnen worden geverifieerd of de eventuele verliezen die zouden worden geleden bij de latere verkoop van de goederen kunnen worden gestaafd, of er een redelijke verhouding bestaat tussen het aantal onttrokken en het aantal verkochte goederen, enz. ... Tevens, indien het onttrokken goed bij de aankoop werd ingeschreven in het aankoopregister heeft de belastingplichtige wederverkoper door de overdracht naar het vergelijkingsregister met betrekking tot het aangiftetijdvak waarin die verkoop plaats had zijn "belastbaar verschil" verminderd ten belope van de aankoopprijs van het onttrokken goed.
De onttrekkingen brengen mee dat de aankoopprijs van de onttrokken goederen moet worden gevoegd bij het totaal bedrag van de verkopen van goederen van hetzelfde BTW-tarief tijdens dat aangiftetijdvak.
Het intern stuk dat dient te worden opgemaakt om deze onttrekking vast te stellen, zal, behalve de elementen voorzien in artikel 5, § 2 van het koninklijk besluit nr. 1, ook de aankoopprijs van het onttrokken goed vermelden maar zonder vermelding van de BTW, aangezien deze niet verschuldigd is op deze handeling.
Het op het intern stuk vermelde bedrag dient in het uitgaand factuurboek te worden ingeschreven in de kolom van de handelingen onderworpen aan de winstmargeregeling.
Dezelfde regels moeten gevolgd worden voor de goederen die de belastingplichtige wederverkoper behoudt voor privé-doeleinden bij de stopzetting van zijn werkzaamheid.
| II. | Onttrekking - Formaliteiten en voorwaarden. |
Teneinde het onttrokken goed te kunnen volgen dient de belastingplichtige wederverkoper speciale vermeldingen aan te brengen in het aankoopregister, naast het nummer waaronder de aankoop van het goed werd ingeschreven.
Inschrijving van de onttrekkingen in het aankoopregister.
144. De belastingplichtige wederverkoper schrijft in het aankoopregister in de kolommen 7 tot 9 :
| a) | op het tijdstip van de onttrekking : |
- het woord "onttrekking";
- een verwijzing naar het opgemaakte intern stuk;
- de aard, de reden en de datum ervan;
- een verwijzing naar het nummer waaronder het goed opnieuw werd ingeschreven in het aankoopregister zo hij het goed aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge wil onderwerpen, hetzij naar het nummer van inschrijving in het boek voor inkomende facturen zo hij het goed aan de normale regeling wil onderwerpen bij de verkoop ervan.
145. De eventuele waardevermindering die het gevolg kan zijn van het gebruik van het goed gedurende de periode van onttrekking zou een weerslag kunnen hebben op de aankoopprijs die door de belastingplichtige wederverkoper moet worden vermeld op het aankoopborderel (op te stellen ingeval het goed voorheen was onttrokken voor zijn privé-doeleinden) of op het intern stuk (op te stellen ingeval het goed voorheen was onttrokken voor zijn economische activiteit) dat hij moet uitreiken aan zichzelf om de wederinschrijving van het goed met het oog op de verkoop in het aankoopregister te staven.
De vergelijking tussen de verkoopprijs van het voorheen onttrokken goed en het bedrag waartegen dit goed laatst in het aankoopregister werd ingeschreven mag in geen geval resulteren in een negatieve winstmarge.
III. Gebruik door de belastingplichtige wederverkoper voor zijn economische activiteit van voor doorverkoop onder de winstmargeregeling bestemde goederen.
146. Er zal op dezelfde manier worden gehandeld als uiteengezet in nr. 142 wat betreft het opmaken van een intern stuk om de handeling vast te stellen alsook voor het inschrijven van dit stuk in het boek voor uitgaande facturen.
Bovendien zal deze handeling ingeschreven worden in het boek voor inkomende facturen (bv. in de kolom investeringen), zonder dat enige belasting kan worden in aftrek gebracht.
Wat de te vervullen formaliteiten en voorwaarden betreft in verband met dit gebruik alsmede de te volgen werkwijze bij de latere verkoop wordt verwezen naar de nrs. 143 tot 145.
IV. Overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling omvattende de goederen onderworpen aan de winstmargeregeling.
147. Krachtens artikel 11 van het Wetboek wordt niet als levering beschouwd, de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling, onder bezwarende titel of om niet, bij wege van inbreng in vennootschap of anderszins, wanneer de overnemer een belastingplichtige is die de belasting, indien ze ingevolge de overdracht zou verschuldigd zijn, geheel of gedeeltelijk zou kunnen aftrekken. In dat geval wordt de overnemer geacht de persoon van de overdrager voort te zetten.
Het bepaalde, opgenomen in artikel 11 van het Wetboek, volgens hetwelk de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling niet belastbaar is met BTW is enkel van toepassing indien de goederen die het voorwerp van deze overdracht uitmaken, onderworpen zijn aan de normale regeling van de belasting.
De overgang naar de normale regeling van de goederen, onderworpen aan de bijzondere regeling van de winstmarge, zou evenwel aan de overnemer elke mogelijkheid ontnemen om er de winstmargeregeling op toe te passen.
Gezien de fictie van de voortzetting van de persoon van de overdrager, opgenomen in artikel 11 van het Wetboek, meebrengt dat de overnemer de rechten en verplichtingen van de overdrager overneemt, aanvaardt de Administratie dat de goederen in het handelsactief van de overnemer opgenomen worden onder dezelfde regeling als diegene die door de overdrager werd toegepast.
De voorraad van de aan de winstmargeregeling onderworpen goederen van de overdrager kan aldus opgenomen worden in het handelsactief van de overnemer voor een prijs welke de belasting over de winstmarge bevat, terwijl de andere elementen die het voorwerp uitmaken van de overdracht kunnen overgedragen worden met toepassing van artikel 11 van het Wetboek.
In hoofde van de overdrager moet de overdracht van de goederen onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge als een levering van goederen worden beschouwd zoals elke andere levering van goederen onderworpen aan die regeling.
Bijgevolg moeten de bedragen voortkomende van de overdracht van die goederen worden opgenomen in het uitgaand factuurboek van de overdrager onder de kolom van de winstmarge.
Opstellen van een inventaris.
148. De belastingplichtige overnemer dient een inventaris van de goederen die in de overdracht begrepen zijn en dewelke hij verkregen heeft met toepassing van de winstmargeregeling, in te dienen bij het controlekantoor waaronder hij ressorteert binnen een termijn van één maand te rekenen vanaf de overdracht en dit in twee exemplaren.
De inventaris dient voor elk goed afzonderlijk beschouwd, dezelfde vermeldingen weer te geven dewelke normaal op de factuur dienen voor te komen, alsook de waarde uitgedrukt in aankoopprijs.
Afdeling 8 : Overgangsbepalingen. Goederen in voorraad bij de inwerkingtreding van de winstmargeregeling.
| I. | Belastingplichtigen houders van de vergunning op 31/12/1994. |
Wat de belastingplichtige wederverkopers betreft die kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten hebben aangekocht bij andere belastingplichtige wederverkopers (personen beoogd onder het vierde streepje van nr. 8), evenals deze die de keuze uitoefenen, beoogd in afdeling 5, B, deze belastingplichtige wederverkopers kunnen eveneens de aldus vóór 1 januari 1995 aangekochte, ingevoerde of verworven goederen onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, voor zover ze de initieel afgetrokken BTW, verschuldigd of voldaan ingevolge deze aankoop, invoer of verwerving, terugstorten aan de Schatkist. De terug te storten belasting dient in principe voor haar totaal bedrag, te worden overgebracht naar kader IV, C, c, kolom van de "verschuldigde belasting", van de periodieke aangifte met betrekking tot het eerste aangiftetijdvak van het jaar 1995. De administratie aanvaardt evenwel dat de terug te storten belasting, wat de belastingplichtige wederverkoper betreft die kwartaalaangifte indient en de belastingplichtige wederverkoper die maandaangiften indient, respectievelijk wordt overgebracht voor één vierde van haar bedrag en voor één twaalfde van haar bedrag, naar de periodieke aangiften met betrekking tot het jaar 1995.
De belastingplichtige wederverkoper moet bij het controlekantoor waaronder hij ressorteert vóór 1 februari 1995 een inventaris indienen van de hierboven bedoelde goederen die hij in voorraad heeft. De belastingplichtige wederverkoper die kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten heeft gekocht bij andere belastingplichtige wederverkopers en deze die de keuze uitoefent beoogd in afdeling 5, B, moet hierbij onderscheid maken naargelang de goederen gekocht werden bij de personen beoogd onder de eerste drie streepjes van nr. 8 of werden aangekocht, ingevoerd of verworven bij andere belastingplichtigen.
De belastingplichtige wederverkoper brengt de goederen die in de inventaris voorkomen over naar het aankoopregister, op de wijze omschreven in nr. 83.
De goederen waarvan de belastingplichtige wederverkoper niet kan aantonen dat hij ze heeft verworven onder de voorwaarden die de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toelaten zullen onder de normale regeling van de belasting dienen te worden doorverkocht.
Vereenvoudingsmaatregel.
150. De toepassing van de regels, vervat onder nr. 149, kan zowel voor de belastingplichtige wederverkoper als voor de administratie, moeilijkheden meebrengen die dikwijls niet in verhouding zijn met het op het spel staande belang.
De administratie aanvaardt derhalve dat de kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, in voorraad op 31/12/1994, door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge vanaf 1/1/1995, wanneer hij voldoet aan de volgende voorwaarden :
1° indien de belastingplichtige wederverkoper gebruik wenst te maken van deze vereenvoudingsmaatregel dienen alle bedoelde goederen, in voorraad op 31 december 1994, er te worden aan onderworpen, behoudens verkoop van goederen uit deze voorraad onder de normale regeling van de belasting;
2° indiening van een lijst van de kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, in voorraad op 31/12/1994, bij het controlekantoor waaronder hij ressorteert, en dit vóór 1 februari 1995. Op deze lijst dient de nauwkeurige benaming van de goederen te worden vermeld, en eventueel de hoeveelheid. De belastingplichtige wederverkoper moet ieder goed individualiseren, hetzij door een etiket waarop het nummer van inschrijving op de lijst is vermeld, hetzij op om het even welk andere wijze die dezelfde waarborgen biedt;
3° deze goederen, die reeds werden opgenomen in de aankoopadministratie, mogen niet worden ingeschreven in het aankoopregister;
4° bij de verkoop van de goederen in voorraad wordt de verkoopprijs ingeschreven in het ontvangstenboek of in het boek voor uitgaande facturen, in een afzonderlijke kolom van de winstmarge, voorbehouden voor deze goederen;
5° op het einde van het aangiftetijdvak wordt het totaal gemaakt van deze voorbehouden kolom, en de winstmarge waarop de belasting over de toegevoegde waarde wordt toegepast is gelijk aan de gedeelte van de verkoopprijs dat niet lager mag zijn dan 35 % van die prijs.
Voorbeeld van berekening van de forfaitaire winstmarge :
Totaal van de voorbehouden kolom : 10.000 F.
Forfaitaire winstmarge : 10.000 x 35 ------------- = 2.593 F 135 Verschuldigde BTW : 2.593 x 20,5 % = 532 F.
Overdracht naar de periodieke aangifte. Het belastbaar bedrag van 2.593 F wordt overgebracht naar rooster 03 (normaal tarief) van de periodieke aangifte.
De verschuldigde BTW van 532 F wordt overgebracht naar rooster 54 van de periodieke aangifte;
6° telkens een goed wordt verkocht dat op de lijst voorkomt zal een passende vermelding worden aangebracht op die lijst.
| II. | Belastingplichtigen niet-houders van de vergunning. |
Wat de belastingplichtige wederverkopers betreft die tweedehandse goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten hebben aangekocht bij andere belastingplichtige wederverkopers (personen beoogd onder het vierde streepje van nr. 8), evenals deze die de keuze uitoefenen, beoogd in afdeling 5, B, kunnen eveneens de aldus vóór 1 januari 1995 aangekochte, ingevoerde (uitgezonderd ingevoerde tweedehandse goederen) of verworven goederen onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, voor zover ze de initieel afgetrokken BTW, verschuldigd of voldaan ingevolge de aankoop, invoer of verwerving, terugstorten aan de Schatkist. De terug te storten belasting dient in principe voor haar totaal bedrag, te worden overgebracht naar kader IV, C, c, kolom van de "verschuldigde belasting", van de periodieke aangifte met betrekking tot het eerste aangiftetijdvak van het jaar 1995. De administratie aanvaardt evenwel dat de terug te storten belasting, wat de belastingplichtige wederverkoper betreft die kwartaalaangiften indient en de belastingplichtige wederverkoper die maandaangiften indient, respectievelijk wordt overgebracht voor één vierde van haar bedrag en voor één twaalfde van haar bedrag, naar de periodieke aangiften met betrekking tot het jaar 1995.
De belastingplichtige wederverkoper moet bij het controlekantoor waaronder hij ressorteert vóór 1 februari 1995 een inventaris indienen van de hiervoor bedoelde goederen die hij in voorraad heeft. De belastingplichtige wederverkoper die tweedehandse goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten heeft aangekocht bij andere belastingplichtige wederverkopers en deze die de keuze uitoefend beoogd in afdeling 5, B, moet hierbij onderscheid maken naargelang de goederen gekocht werden bij de personen beoogd onder de eerste drie streepjes van nr. 8 of werden aangekocht, ingevoerd of verworven bij andere belastingplichtigen.
De belastingplichtige wederverkoper brengt de goederen die in de inventaris voorkomen over naar het aankoopregister, op de wijze omschreven in nr. 83.
De goederen waarvan de belastingplichtige wederverkoper niet kan aantonen dat hij ze heeft verworven onder de voorwaarden die de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge toelaten zullen onder de normale regeling van de belasting dienen te worden doorverkocht.
Vereenvoudigingsmaatregel.
152. De administratie aanvaardt dat de tweedehandse goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, in voorraad op 31/12/1994, door de belastingplichtige wederverkoper worden onderworpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge vanaf 1/1/1995, onder dezelfde voorwaarden als deze, opgenomen onder nr. 150, "Vereenvoudigingsmaatregel".
Namens de Minister :
De Directeur-generaal,
BIJLAGE IJ. DECUYPER
Zie Documentatie : 23 december 1994. - Koninklijk besluit tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (B.S. 30 december 1994, nr. 254, blz. 32464-32468) : Art. 1 - 10.
BIJLAGE II
Zie Documentatie : 23 december 1994. - Koninklijk besluit nr. 53 met betrekking tot de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten (B.S. 30 december 1994, nr. 254, blz. 32471-32473) : Art. 1 - 12.
BIJLAGE III
Zie Documentatie : 23 december 1994. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij dit tarieven (B.S., 30 december 1994, nr. 254, blz. 32469-32471): Art. 1 - 3.
BIJLAGE IV
Zie Documentatie : 23 december 1994. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde en het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde (B.S., 30 december 1994, nr. 254, blz. 32468-32469) : Art. 1 - 4.
BIJLAGE V :
AANKOOPREGISTER -------------------------------------------------------------------------- IN- ¦DATUM VAN HET ¦NAAM VAN DE¦AARD VAN HET GOED¦AANKOOPPRIJS VAN DE SCHRIJ-¦AANKOOPDOCUMENT¦LEVERANCIER¦ ¦VERVOERMIDDELEN VINGS- ¦ ¦ ¦ ¦AANGEKOCHT MET NUMMER ¦ ¦ ¦ ¦TOEPASSING VAN DE ¦ ¦ ¦ ¦BIJZONDERE REGELING: ¦ ¦ ¦ ¦-------------------- ¦ ¦ ¦ ¦IN BELGIE ¦IN EEN ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ANDERE ¦ ¦ ¦ ¦ ¦LID-STAAT -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- 1 ¦ 2 ¦ 3 ¦ 4 ¦ 5 ¦ 6 -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- 1(***) ¦4/7/94 z.nr. ¦De Vos M ¦Schilderij De ¦ 26.500¦ ¦van het ¦ ¦Cock A. ¦ ¦ ¦inkomend ¦ ¦ ¦ ¦ ¦factuurboek ¦ ¦ ¦ ¦ 2)(***)¦27/7/94 " ¦De Clercq K¦Ets ¦ 6.360¦ 3)(***)¦10/8/94 " ¦De Craene E¦Schilderij ¦ 4.000¦ 4)(***)¦7/9/94 " ¦Martens S ¦Wandtextiel ¦ 18.020¦ 5)(***)¦11/10/94 " ¦Valcke M ¦Emailwerk koper ¦ 5.500¦ 6)(***)¦9/11/94 " ¦De Ramme- ¦Beeldhouwwerk ¦ 27.560¦ ¦ ¦laere S ¦ ¦ ¦ 7)(***)¦14/12/94 " ¦Strepenne L¦Schilderij ¦ 17.490¦ 8) ¦3/1/95 ¦Willems ¦Tapisserie ¦ 10.000¦ 9) ¦6/1/95 ¦De Poorter ¦Originele gravure¦ 31.800¦ ¦ ¦K ¦ ¦ ¦ 10) ¦12/1/95 ¦Dupont M ¦Origineel ¦ ¦ 50.000 ¦ ¦ ¦standbeeld ¦ ¦ 11) ¦18/1/95 ¦Van Durme S¦Kast ¦ 26.000¦ 12) ¦23/1/95 ¦De Mey ¦Vaas ¦ 6.000¦ 13) ¦30/1/95 ¦Deprez M ¦Miniatuurschip ¦ 14.000¦ -----------------------------------------------------+----------+--------- HET TOTAAL VAN DE BEDRAGEN VERMELD IN DE KOLOMMEN 5 ¦ 193.730¦ 50.000 EN 6, VERMINDERD MET DE BEDRAGEN VERMELD IN DE ¦ ¦ KOLOMMEN 10 EN 11, DIENT PER AANGIFTETIJDVAK TE ¦ROOSTER 81¦ROOSTER WORDEN OVERGEDRAGEN NAAR HET VERGELIJKINGSREGISTER ¦ (**) ¦86 ¦ROOSTER 00¦ ¦ (**) ¦ -------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------- ¦ OVERDRACHT VAN HET VORIGE AANGIFTETIJDVAK¦ + 84.730¦ -------+---------------------------------------------+----------+--------- 14) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ 15) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ 16) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ -------------------------------------------------------------------------- (*) Enkel indien de belastingplichtige wederverkoper de wijze van vaststelling van de maatstaf van heffing per aangiftetijdvak toepast. (**) Totaal kolommen 5 en 6 (***) Stock op 31/12/1994 (X) Indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien heeft ingeschreven in het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast dient hij op de eerstvolgende vrije lijn van zijn aankoopregister in rode inkt of voorafgegaan door het minteken achtereenvolgens te vermelden : - in kolom 4 : "regularisatie" of "vrijstelling"; - in kolom 5 of 6 : aankoopprijs van het goed (voorafgegaan door het minteken); - in kolom 7 : verwijzing naar het inschrijvingsnummer waaronder het goed voordien was ingeschreven; - in kolom 8 : verwijzing naar het nr. van het uitgaand factuurboek en naar de datum van de uitgaande factuur; - in kolom 9 : verwijzing naar het nr. van het inkomend factuurboek en naar de datum van het stuk dat de aankoop vaststelt (aankoopborderel of factuur). AANKOOPREGISTER (VERVOLG) -------------------------------------------------------------------------- VERWIJZING NAAR HET AANKOOPREGISTER EN HET ¦ UITGAAND EN INKOMEND FACTUURBOEK VAN DE ¦ REGULARISATIES INGESCHREVEN IN KOLOM 5 OF 6 ¦ EN BETREKKING HEBBEND OP GOEDEREN WAARVOOR ¦ DE BELASTINGPLICHTIGE WEDERVERKOPER OP HET ¦ TIJDSTIP VAN DE VERKOOP DE NORMALE ¦ BTW-REGELING OF EEN VRIJSTELLING TOEPAST ¦ --------------------------------------------+----------------------------- VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦ONTVANGEN CREDITNOTA's NAAR HET NR. ¦NAAR HET ¦NAAR HET ¦----------------------------- VAN HET ¦UITGAAND ¦INKOMEND ¦INTRACOMMU- ¦AANKOPEN VAN AANKOOPREGIS- ¦FACTUURBOEK ¦FACTUURBOEK ¦NAUTAIRE ¦VERVOER- TER WAARONDER ¦(NR. + DATUM) ¦(NR. + DATUM) ¦VERWERVINGEN ¦MIDDELEN HET GOED ¦ ¦ ¦VAN VERVOER- ¦IN BELGIE VOORDIEN WAS ¦ ¦ ¦MIDDELEN ¦ INGESCHREVEN ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- 7 ¦ 8 ¦ 9 ¦ 10 ¦ 11 --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ROOSTER 84 ¦ ROOSTER 85 -------------------------------------------------------------------------- In geval de regularisaties, verricht ingevolge de toepassing op het tijdstip van de normale BTW-regeling, betrekking hebben op : - door de belastingplichtige wederverkoper geleverde kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten die hij zelf heeft ingevoerd; - de levering door de belastingplichtige wederverkoper van kunstvoorwerpen die hem werden geleverd, hetzij door de maker of dienst rechthebbenden, hetzij door een belastingplichtige (andere dan een belastingplichtige wederverkoper) welke belastingplichtige deze kunstvoorwerpen 1) zelf heeft ingevoerd of 2) hem zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden of 3) te zijnen gunste het recht op volledige aftrek van de BTW hebben doen ontstaan, kan de belastingplichtige wederverkoper de BTW geheven op voormelde invoeren en aankopen in aftrek brengen in zijn boek voor inkomende facturen waarin hij naast de gebruikelijke inschrijvingen vermeldt : "z. regularisatie onder nr. ...... van het aankoopregister". -------------------------------------------------------------------------- VERGELIJKINGSREGISTER -------------------------------------------------------------------------- Aangifte-¦Overgebrachte registers¦ Prijs BTW ¦ Prijs BTW ¦Opmerkingen tijdvak ¦ ¦ inbegrepen ¦ inbegrepen ¦ ¦ ¦-------------+--------------+----------- ¦ ¦ ¦normaal tarief¦ ---------+-----------------------+-------------+--------------+----------- januari ¦Boek voor uitgaande ¦ ¦ ¦ 1995 ¦facturen (kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ 30.000¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Ontvangstenboek ¦ ¦ ¦ ¦(kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ 128.500¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Totaal ¦ ¦ 158.500¦ ¦Aankoopregister ¦ ¦ - 243.230¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Belastbaar verschil ¦ ¦ ¦ ¦(belasting inbegrepen) ¦ ¦ - 84.730 (*)¦ -------------------------------------------------------------------------- (*) over te dragen, voorafgegaan door het plusteken, naar het vak "Overdracht van het vorige aangiftetijdvak" van de maand februari 1995 van de kolom "Aankoopprijs van de vervoermiddelen aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling in België". BIJLAGE VI : AANKOOPREGISTER -------------------------------------------------------------------------- IN- ¦DATUM VAN HET ¦NAAM VAN DE¦AARD VAN HET GOED¦AANKOOPPRIJS VAN DE SCHRIJ-¦AANKOOPDOCUMENT¦LEVERANCIER¦ ¦VERVOERMIDDELEN VINGS- ¦ ¦ ¦ ¦AANGEKOCHT MET NUMMER ¦ ¦ ¦ ¦TOEPASSING VAN DE ¦ ¦ ¦ ¦BIJZONDERE REGELING: ¦ ¦ ¦ ¦-------------------- ¦ ¦ ¦ ¦IN BELGIE ¦IN EEN ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ANDERE ¦ ¦ ¦ ¦ ¦LID-STAAT -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- 1 ¦ 2 ¦ 3 ¦ 4 ¦ 5 ¦ 6 -------+---------------+-----------+-----------------+----------+--------- ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ -----------------------------------------------------+----------+--------- HET TOTAAL VAN DE BEDRAGEN VERMELD IN DE KOLOMMEN 5 ¦ ¦ EN 6, VERMINDERD MET DE BEDRAGEN VERMELD IN DE ¦ ¦ KOLOMMEN 10 EN 11, DIENT PER AANGIFTETIJDVAK TE ¦ROOSTER 81¦ROOSTER WORDEN OVERGEDRAGEN NAAR HET VERGELIJKINGSREGISTER ¦ (**) ¦86 ¦ROOSTER 00¦ ¦ (**) ¦ -------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------- ¦ OVERDRACHT VAN HET VORIGE AANGIFTETIJDVAK(*)¦ ¦ -------+---------------------------------------------+----------+--------- ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ -------------------------------------------------------------------------- (*) ENKEL INDIEN DE BELASTINGPLICHTIGE WEDERVERKOPER DE WIJZE VAN VASTSTELLING VAN DE MAATSTAF VAN HEFFING PER AANGIFTETIJDVAK TOEPAST. (**) TOTAAL KOLOMMEN 5 EN 6 (X) Indien de belastingplichtige wederverkoper, voor een goed dat hij voordien heeft ingeschreven in het aankoopregister, op het tijdstip van de verkoop de normale BTW-regeling of een vrijstelling toepast dient hij op de eerstvolgende vrije lijn van zijn aankoopregister in rode inkt of voorafgegaan door het minteken achtereenvolgens te vermelden : - in kolom 4 : "regularisatie" of "vrijstelling"; - in kolom 5 of 6 : aankoopprijs van het goed (voorafgegaan door het minteken); - in kolom 7 : verwijzing naar het inschrijvingsnummer waaronder het goed voordien was ingeschreven; - in kolom 8 : verwijzing naar het nr. van het uitgaand factuurboek en naar de datum van de uitgaande factuur; - in kolom 9 : verwijzing naar het nr. van het inkomend factuurboek en naar de datum van het stuk dat de aankoop vaststelt (aankoopborderel of factuur). AANKOOPREGISTER (VERVOLG) -------------------------------------------------------------------------- VERWIJZING NAAR HET AANKOOPREGISTER EN HET ¦ UITGAAND EN INKOMEND FACTUURBOEK VAN DE ¦ REGULARISATIES INGESCHREVEN IN KOLOM 5 OF 6 ¦ EN BETREKKING HEBBEND OP GOEDEREN WAARVOOR ¦ DE BELASTINGPLICHTIGE WEDERVERKOPER OP HET ¦ TIJDSTIP VAN DE VERKOOP DE NORMALE ¦ BTW-REGELING OF EEN VRIJSTELLING TOEPAST ¦ --------------------------------------------+----------------------------- VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦VERWIJZING ¦ONTVANGEN CREDITNOTA's NAAR HET NR. ¦NAAR HET ¦NAAR HET ¦----------------------------- VAN HET ¦UITGAAND ¦INKOMEND ¦INTRACOMMU- ¦AANKOPEN VAN AANKOOPREGIS- ¦FACTUURBOEK ¦FACTUURBOEK ¦NAUTAIRE ¦VERVOER- TER WAARONDER ¦(NR. + DATUM) ¦(NR. + DATUM) ¦VERWERVINGEN ¦MIDDELEN HET GOED ¦ ¦ ¦VAN VERVOER- ¦IN BELGIE VOORDIEN WAS ¦ ¦ ¦MIDDELEN ¦ INGESCHREVEN ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- 7 ¦ 8 ¦ 9 ¦ 10 ¦ 11 --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ --------------+--------------+--------------+--------------+-------------- ¦ ¦ ¦ ROOSTER 84 ¦ ROOSTER 85 -------------------------------------------------------------------------- In geval de regularisaties, verricht ingevolge de toepassing op het tijdstip van de normale BTW-regeling, betrekking hebben op : - door de belastingplichtige wederverkoper geleverde kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten die hij zelf heeft ingevoerd; - de levering door de belastingplichtige wederverkoper van kunstvoorwerpen die hem werden geleverd, hetzij door de maker of dienst rechthebbenden, hetzij door een belastingplichtige (andere dan een belastingplichtige wederverkoper) welke belastingplichtige deze kunstvoorwerpen 1) zelf heeft ingevoerd of 2) hem zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden of 3) te zijnen gunste het recht op volledige aftrek van de BTW hebben doen ontstaan, kan de belastingplichtige wederverkoper de BTW geheven op voormelde invoeren en aankopen in aftrek brengen in zijn boek voor inkomende facturen waarin hij naast de gebruikelijke inschrijvingen vermeldt : "z. regularisatie onder nr. ...... van het aankoopregister". -------------------------------------------------------------------------- VERGELIJKINGSREGISTER -------------------------------------------------------------------------- Aangifte-¦Overgebrachte registers¦ Prijs BTW ¦ Prijs BTW ¦Opmerkingen tijdvak ¦ ¦ inbegrepen ¦ inbegrepen ¦ ¦ ¦-------------+--------------+----------- ¦ ¦ ¦normaal tarief¦ ---------+-----------------------+-------------+--------------+----------- ¦Boek voor uitgaande ¦ ¦ ¦ ¦facturen (kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Ontvangstenboek ¦ ¦ ¦ ¦(kolom ¦ ¦ ¦ ¦winstmargeregeling) ¦ ¦ ¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Totaal ¦ ¦ ¦ ¦Aankoopregister ¦ ¦ ¦ ¦ ¦-------------+--------------¦ ¦Belastbaar verschil ¦ ¦ ¦ ¦(belasting inbegrepen) ¦ ¦ ¦ --------------------------------------------------------------------------
Bron: FisconetPlus
