Circulaire nr. Ci.D.19/444.905 dd. 08.09.1993
CIRC 08.09.93/1
Circulaire nr. Ci.D.19/444.905 dd. 08.09.1993
Bull. nr. 731, pag. 2815
BEDRIJFSVOORHEFFING
Aangifte in de bedrijfsvoorheffing
Betalingstermijn van de bedrijfsvoorheffing
FISCALE EN FINANCIELE BEPALINGEN 1992
Bedrijfsvoorheffing
Nalatigheidsinterest
NALATIGHEIDSINTEREST
Nalatigheidsinterest inzake BV
SOCIAAL SECRETARIAAT VOOR WERKGEVERS
Tussenkomst inzake BV
Wijziging van de 1e aflevering (nr. V/411)
Commentaar op de art. 38, 39 en 47, § 14, W 28.7.1992 houdende fiscale en financiële bepalingen.
Wijziging van de art. 412 en 414, WIB 1992 i.v.m. de betaling van de BV binnen 15 dagen na het verstrijken van iedere trimester, wanneer de BV op de inkomsten van het vorig jaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) bedroeg.
Aanpassing van de regeling voor de nieuwe schuldenaars van de BV :
1. In de commentaar op de art. 38, 39 en 47, § 14, W 28.07.1992 houdende fiscale en financiële bepalingen (circ. d.d. 24.11.1992, zelfde nummer, 1e aflevering), is in het nr. V/411 gesteld dat het stelsel van de trimestriële betaling van de BV slechts kan worden gebruikt door diegenen die reeds een volledig kalenderjaar BV-belastingschuldige zijn geweest en die tijdens dat jaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) verschuldigd waren. Nieuwe schuldenaars van de BV zijn aldus, ongeacht het bedrag van de door hen verschuldigde BV, tot na verloop van dit "referentiejaar" in ieder geval gehouden maandelijks aangifte en betaling te doen.
2. Bij het opstarten van het geautomatiseerd inningssysteem van de BV is vastgesteld dat het in nr. 1 vermelde principe de oorzaak is van belangrijke praktische moeilijkheden.
3. De administratie heeft dan ook beslist de regeling voor de nieuwe schuldenaars van de BV aan te passen.
4. Voortaan mogen de nieuwe schuldenaars van de BV gedurende het eerste kalenderjaar, ongeacht het bedrag van de door hen verschuldigde BV, per kwartaal aangifte en betaling van de BV doen. Bovendien mogen zij hun verplichtingen trimestrieel verder zetten gedurende het daarop volgende kalenderjaar, voor zover het bedrag van de BV op de inkomsten van het vorige (eerste) kalenderjaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) bedraagt.
Voorbeeld :
Nieuwe werkgever vanaf 1.8.1993.
5. Nieuwe schuldenaars van de BV, die pas vanaf het derde trimester BV verschuldigd zijn, moeten voor het eerste kalenderjaar geen voorschot op de BV van het vierde trimester betalen. Dit voorschot, dat overeenkomstig art. 412, 5e lid, WIB 1992 66 % van de BV verschuldigd voor het 2e kwartaal van het lopende jaar bedraagt, is in dergelijk geval, bij gebrek aan een tweede trimester, niet verschuldigd.
6. Bij de inbreng van een nieuwe BV-belastingschuldige in het repertorium via de functie BVO1N moet in de rubriek "PERIODICITEIT AANGIFTE" ambtshalve de code 3 (= kwartaalaangifte) worden ingebracht.
7. Betwistingen van belastingschuldigen betreffende vorige periodes moeten beoordeeld worden in het licht van de huidige regeling.
rimester, wanneer de BV op de inkomsten van het vorig jaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) bedroeg.
Aanpassing van de regeling voor de nieuwe schuldenaars van de BV :
1. In de commentaar op de art. 38, 39 en 47, § 14, W 28.07.1992 houdende fiscale en financiële bepalingen (circ. d.d. 24.11.1992, zelfde nummer, 1e aflevering), is in het nr. V/411 gesteld dat het stelsel van de trimestriële betaling van de BV slechts kan worden gebruikt door diegenen die reeds een volledig kalenderjaar BV-belastingschuldige zijn geweest en die tijdens dat jaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) verschuldigd waren. Nieuwe schuldenaars van de BV zijn aldus, ongeacht het bedrag van de door hen verschuldigde BV, tot na verloop van dit "referentiejaar" in ieder geval gehouden maandelijks aangifte en betaling te doen.
2. Bij het opstarten van het geautomatiseerd inningssysteem van de BV is vastgesteld dat het in nr. 1 vermelde principe de oorzaak is van belangrijke praktische moeilijkheden.
3. De administratie heeft dan ook beslist de regeling voor de nieuwe schuldenaars van de BV aan te passen.
4. Voortaan mogen de nieuwe schuldenaars van de BV gedurende het eerste kalenderjaar, ongeacht het bedrag van de door hen verschuldigde BV, per kwartaal aangifte en betaling van de BV doen. Bovendien mogen zij hun verplichtingen trimestrieel verder zetten gedurende het daarop volgende kalenderjaar, voor zover het bedrag van de BV op de inkomsten van het vorige (eerste) kalenderjaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) bedraagt.
Voorbeeld :
Nieuwe werkgever vanaf 1.8.1993.
5. Nieuwe schuldenaars van de BV, die pas vanaf het derde trimester BV verschuldigd zijn, moeten voor het eerste kalenderjaar geen voorschot op de BV van het vierde trimester betalen. Dit voorschot, dat overeenkomstig art. 412, 5e lid, WIB 1992 66 % van de BV verschuldigd voor het 2e kwartaal van het lopende jaar bedraagt, is in dergelijk geval, bij gebrek aan een tweede trimester, niet verschuldigd.
6. Bij de inbreng van een nieuwe BV-belastingschuldige in het repertorium via de functie BVO1N moet in de rubriek "PERIODICITEIT AANGIFTE" ambtshalve de code 3 (= kwartaalaangifte) worden ingebracht.
7. Betwistingen van belastingschuldigen betreffende vorige periodes moeten beoordeeld worden in het licht van de huidige regeling.
Circulaire nr. Ci.D.19/444.905 dd. 08.09.1993
Bull. nr. 731, pag. 2815
BEDRIJFSVOORHEFFING
Aangifte in de bedrijfsvoorheffing
Betalingstermijn van de bedrijfsvoorheffing
FISCALE EN FINANCIELE BEPALINGEN 1992
Bedrijfsvoorheffing
Nalatigheidsinterest
NALATIGHEIDSINTEREST
Nalatigheidsinterest inzake BV
SOCIAAL SECRETARIAAT VOOR WERKGEVERS
Tussenkomst inzake BV
Wijziging van de 1e aflevering (nr. V/411)
Commentaar op de art. 38, 39 en 47, § 14, W 28.7.1992 houdende fiscale en financiële bepalingen.
Wijziging van de art. 412 en 414, WIB 1992 i.v.m. de betaling van de BV binnen 15 dagen na het verstrijken van iedere trimester, wanneer de BV op de inkomsten van het vorig jaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) bedroeg.
Aanpassing van de regeling voor de nieuwe schuldenaars van de BV :
- trimestriële aangifte en betaling van de BV gedurende het eerste kalenderjaar;
- trimestriële aangifte en betaling van de BV gedurende het daarop volgende kalenderjaar, voor zover het bedrag van de BV op de inkomsten van het vorige (eerste) kalenderjaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) bedroeg.
1. In de commentaar op de art. 38, 39 en 47, § 14, W 28.07.1992 houdende fiscale en financiële bepalingen (circ. d.d. 24.11.1992, zelfde nummer, 1e aflevering), is in het nr. V/411 gesteld dat het stelsel van de trimestriële betaling van de BV slechts kan worden gebruikt door diegenen die reeds een volledig kalenderjaar BV-belastingschuldige zijn geweest en die tijdens dat jaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) verschuldigd waren. Nieuwe schuldenaars van de BV zijn aldus, ongeacht het bedrag van de door hen verschuldigde BV, tot na verloop van dit "referentiejaar" in ieder geval gehouden maandelijks aangifte en betaling te doen.
2. Bij het opstarten van het geautomatiseerd inningssysteem van de BV is vastgesteld dat het in nr. 1 vermelde principe de oorzaak is van belangrijke praktische moeilijkheden.
3. De administratie heeft dan ook beslist de regeling voor de nieuwe schuldenaars van de BV aan te passen.
4. Voortaan mogen de nieuwe schuldenaars van de BV gedurende het eerste kalenderjaar, ongeacht het bedrag van de door hen verschuldigde BV, per kwartaal aangifte en betaling van de BV doen. Bovendien mogen zij hun verplichtingen trimestrieel verder zetten gedurende het daarop volgende kalenderjaar, voor zover het bedrag van de BV op de inkomsten van het vorige (eerste) kalenderjaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) bedraagt.
Voorbeeld :
Nieuwe werkgever vanaf 1.8.1993.
- jaar 1993 : stelsel van trimestriële aangifte en betaling van de BV;
- jaar 1994 : stelsel van trimestriële aangifte en betaling van de BV, indien de BV op de inkomsten van het jaar 1993 minder dan 1.100.000 F bedraagt.
5. Nieuwe schuldenaars van de BV, die pas vanaf het derde trimester BV verschuldigd zijn, moeten voor het eerste kalenderjaar geen voorschot op de BV van het vierde trimester betalen. Dit voorschot, dat overeenkomstig art. 412, 5e lid, WIB 1992 66 % van de BV verschuldigd voor het 2e kwartaal van het lopende jaar bedraagt, is in dergelijk geval, bij gebrek aan een tweede trimester, niet verschuldigd.
6. Bij de inbreng van een nieuwe BV-belastingschuldige in het repertorium via de functie BVO1N moet in de rubriek "PERIODICITEIT AANGIFTE" ambtshalve de code 3 (= kwartaalaangifte) worden ingebracht.
7. Betwistingen van belastingschuldigen betreffende vorige periodes moeten beoordeeld worden in het licht van de huidige regeling.
rimester, wanneer de BV op de inkomsten van het vorig jaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) bedroeg.
Aanpassing van de regeling voor de nieuwe schuldenaars van de BV :
- trimestriële aangifte en betaling van de BV gedurende het eerste kalenderjaar;
- trimestriële aangifte en betaling van de BV gedurende het daarop volgende kalenderjaar, voor zover het bedrag van de BV op de inkomsten van het vorige (eerste) kalenderjaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) bedroeg.
1. In de commentaar op de art. 38, 39 en 47, § 14, W 28.07.1992 houdende fiscale en financiële bepalingen (circ. d.d. 24.11.1992, zelfde nummer, 1e aflevering), is in het nr. V/411 gesteld dat het stelsel van de trimestriële betaling van de BV slechts kan worden gebruikt door diegenen die reeds een volledig kalenderjaar BV-belastingschuldige zijn geweest en die tijdens dat jaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) verschuldigd waren. Nieuwe schuldenaars van de BV zijn aldus, ongeacht het bedrag van de door hen verschuldigde BV, tot na verloop van dit "referentiejaar" in ieder geval gehouden maandelijks aangifte en betaling te doen.
2. Bij het opstarten van het geautomatiseerd inningssysteem van de BV is vastgesteld dat het in nr. 1 vermelde principe de oorzaak is van belangrijke praktische moeilijkheden.
3. De administratie heeft dan ook beslist de regeling voor de nieuwe schuldenaars van de BV aan te passen.
4. Voortaan mogen de nieuwe schuldenaars van de BV gedurende het eerste kalenderjaar, ongeacht het bedrag van de door hen verschuldigde BV, per kwartaal aangifte en betaling van de BV doen. Bovendien mogen zij hun verplichtingen trimestrieel verder zetten gedurende het daarop volgende kalenderjaar, voor zover het bedrag van de BV op de inkomsten van het vorige (eerste) kalenderjaar minder dan 1.000.000 F (vóór indexatie) bedraagt.
Voorbeeld :
Nieuwe werkgever vanaf 1.8.1993.
- jaar 1993 : stelsel van trimestriële aangifte en betaling van de BV;
- jaar 1994 : stelsel van trimestriële aangifte en betaling van de BV, indien de BV op de inkomsten van het jaar 1993 minder dan 1.100.000 F bedraagt.
5. Nieuwe schuldenaars van de BV, die pas vanaf het derde trimester BV verschuldigd zijn, moeten voor het eerste kalenderjaar geen voorschot op de BV van het vierde trimester betalen. Dit voorschot, dat overeenkomstig art. 412, 5e lid, WIB 1992 66 % van de BV verschuldigd voor het 2e kwartaal van het lopende jaar bedraagt, is in dergelijk geval, bij gebrek aan een tweede trimester, niet verschuldigd.
6. Bij de inbreng van een nieuwe BV-belastingschuldige in het repertorium via de functie BVO1N moet in de rubriek "PERIODICITEIT AANGIFTE" ambtshalve de code 3 (= kwartaalaangifte) worden ingebracht.
7. Betwistingen van belastingschuldigen betreffende vorige periodes moeten beoordeeld worden in het licht van de huidige regeling.
Bron: FisconetPlus
