Circulaire nr. AFZ/INTERN.IB/ZUID-AFRIKA/96-0053 d.d. 19.11.1999

Bulletin nr. 799, p. 3864 – 3882

Overeenkomst van 1 februari 1995 tussen het Koninkrijk België en de Republiek Zuid-Afrika tot het vermijden van dub­bele belasting en tot het voorkomen van het ont­gaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen.

I. BELANGRIJKE DATA

Ondertekening van de Overeenkomst : 1 februari 1995.

Goedkeuring : Wet van 10 augustus 1998.

Publikatie : B.S. van 11 juni 1999 (V. 2708 - Bull. 796)

Inwerkingtreding: 10 oktober 1998.

Toepassing in België:

-op de bij de bron verschuldigde belastingen op inkomsten die zijn toegekend of betaalbaar gesteld op of na 1 januari 1999;

-op de andere belastingen geheven naar inkomsten van enig belastbaar tijdperk dat eindigt op of na 31 december 1999.

II. ALGEMENE KENMERKEN

Deze Overeenkomst brengt - voor wat betreft de betrekkingen tussen België en de Republiek Zuid-Afrika - een einde aan de Overeenkomst tussen de Regering van België en de Regering van de Unie van Zuid-Afrika met het doel de dubbele belasting te vermijden op de inkomsten der lucht- en zeevaartondernemingen afgesloten bij wisseling van brieven, beiden gedagtekend te Kaapstad op 11 juni 1957, die niet meer van toepassing is met betrekking tot de belastingen waarvoor de huidige Overeenkomst toepassing vindt.

De Overeenkomst beoogt voornamelijk het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting ter zake van bestaande en toekomstige belastingen naar het inkomen die worden geheven ten behoeve van elke overeenkomstsluitende Staat of van de staatkundige onderdelen daarvan.

Zij stelt daarnaast, volgens de gebruikelijke regels en met de gewone beperkingen, tussen de bevoegde autoriteiten van de beide Staten de uitwisseling in van inlichtingen die nodig zijn niet alleen voor de juiste toepassing van de bepalingen van de Overeenkomst, maar ook voor de toepassing van de bepalingen van de Belgische en de Zuid-Afrikaanse interne wetgeving met betrekking tot de in de Overeenkomst bedoelde belastingen (art. 25). Voor de toepassing van de bepalingen opgenomen in dat artikel verwijzen we naar de instructie Ci.R9.Div./460.792 van 27/11/1996.

De Overeenkomst voorziet eveneens in een wederzijdse administratieve bijstand voor de invordering van die belastingen (art. 26). De bepalingen die terzake van toepassing zijn, worden in detail besproken in de Handleiding Invordering, Deel IV, 3de onderdeel.

De Overeenkomst vertoont een grote gelijkenis met de voorheen door België gesloten overeenkomsten. Bijgevolg worden alleen de voornaamste of specifieke bepalingen ervan hierna besproken.

III. BELASTINGEN WAAROP DE OVEREENKOMST VAN TOEPASSING IS(art. 2)

In België is de Overeenkomst van toepassing op de PB, de Ven.B, de RPB, de BNI, de aanvullende crisisbijdrage, op de verschillende voorheffingen (OV, RV, BV) en op de opcentiemen en de aanvullende belastingen op die belastingen en voorheffingen.

De met de PB gelijkgestelde bijzondere heffing, vernoemd in artikel 2 § 3, a, (v) van de Overeenkomst, werd sedert de ondertekening van de Overeenkomst opgeheven, zodat de vermelding ervan geen betekenis meer heeft.

In Zuid-Afrika is de Overeenkomst van toepassing op de belastingen die in Zuid-Afrika worden geheven door de centrale overheid of door de staatkundige onderdelen, maar niet door de plaatselijke gemeenschappen. In de praktijk is het zo dat de inkomstenbelasting waarop de Overeenkomst momenteel niet van toepassing is, een belasting is die tegen een tarief van 0,5 % door de “Regional Service Council” wordt geheven op het totale bedrag van de lonen die worden betaald (“payroll tax”) door iedereen die een nijverheids- of handelsacti­viteit uitoefent in Zuid-Afrika. De ondernemingen niet-inwoners worden evenwel slechts aan die belasting onderworpen voor zover de activiteit in Zuid-Afrika met behulp van een vaste inrichting wordt uitgeoefend.

IV. VOORKOMING VAN DUBBELE BELASTING

1. Ondernemingswinst

A. Toewijzing van het recht van belastingheffing

Overeenkomstig de gebruikelijke regels mag winst van een onderneming van een overeenkomstsluitende Staat - niet zijnde een zeescheepvaart- of luchtvaartonderneming waarop artikel 8 van toepassing is - enkel in de andere overeenkomstsluitende Staat worden belast indien zij aan een in die andere Staat gelegen vaste inrichting kan worden toegerekend (art. 7 § 1).

Winst uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer is slechts belastbaar in de overeenkomstsluitende Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen (art. 8 § 1). Dit stelsel is ook van toepassing:

- op winst verkregen uit de verhuring van onbemande schepen of luchtvaartuigen gebruikt in internationaal verkeer en op winst verkregen uit het gebruik of de verhuring van laadkisten, indien die winst bijkomstig van aard is (art. 8 § 2) ;

- op winst verkregen uit de deelneming in een pool, een gemeenschappelijk bedrijf of een internationaal bedrijfslichaam (art. 8 § 4).

B. Definitie van een vaste inrichting

De definitie volgt in grote mate de gebruikelijke definitie. We vermelden slechts dat de plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructiewerkzaamheden of van werkzaamheden van toezicht daarop, een vaste inrichting vormt wanneer de duur ervan meer dan twaalf maanden bedraagt (art. 5 § 3).

C. Afhankelijke ondernemingen

Verrichtingen tussen afhankelijke ondernemingen moeten worden uitgevoerd volgens het principe van de vrije concurrentie (art. 9 § 1). Indien de correctie van de boekhouding inzake de verrichtingen tussen afhankelijke ondernemingen door een van de Staten leidt tot een economische dubbele belasting, maakt art. 9 § 2 het mogelijk deze economische dubbele belasting te vermijden door middel van een herziening die in de andere Staat wordt verricht. De herziening is beperkt tot het bedrag dat die andere Staat passend acht. In voorkomend geval kunnen de bevoegde autoriteiten overleg met elkaar plegen om het bedrag van de herziening te bepalen.

In verband met deze materie verwijzen we naar de circulaire van 28 juni 1999 (Dienst Intern.IB - AFZ/98-0003) waarin richtlijnen inzake verrekenprijzen worden gegeven.

D. Berekening van de BNI/Ven

De bepalingen van art. 23 § 5 van de Overeenkomst waardoor België sommige discriminerende maatregelen van zijn interne wetgeving kan toepassen, hebben ingevolge de wet van 30 januari 1996 tot wijziging van diverse bepalingen inzake de belasting van niet-inwoners hun reden van bestaan verloren (cf. Circulaire AFZ/96-222 van 30/04/1996 nrs 38 tot 61).

2. Belastingheffing van de roerende inkomsten in de bronstaat

Dividenden, interest en royalty’s genieten in de bronstaat een beperking of vrijstel­ling van de belasting op voorwaarde dat:

-de uiteindelijk gerechtigde tot die inkomsten inwoner is van de andere Staat, en

-het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald, de schuldvordering uit hoofde waarvan de interest is verschuldigd of het recht of het goed uit hoofde waarvan de royalty’s verschuldigd zijn, niet wezenlijk is verbonden met een vaste inrichting of een vaste basis waarover de gerechtigde beschikt in de bronstaat.

NB : Indien er een bijzondere verhouding bestaat tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde tot de interest of de royalty’s, is de beperking van de belasting slechts van toepas­sing op het normale bedrag van de interest of de royalty’s (art. 11 § 7 en art. 12 § 5).

A. Dividenden (art. 10)

De Belgische RV of de Zuid-Afrikaanse belasting, naar het geval, wordt beperkt tot :

-5 % van het brutobedrag van de dividenden indien de uiteindelijk gerechtigde - die inwoner is van de andere Staat - een vennootschap is die onmiddellijk of middellijk ten minste 25 pct. bezit van het kapitaal van de vennootschap die de dividenden betaalt;

-15 % van het brutobedrag van de dividenden in alle andere gevallen.

NB : De definitie van de uitdrukking “dividenden” omvat de inkomsten - zelfs toegekend in de vorm van interest - die volgens de wetgeving van de Staat waarvan de uitkerende vennoot­schap inwoner is op dezelfde wijze als inkomsten uit aandelen in de belastingheffing worden betrokken. Overeenkomstig deze bepaling wordt interest die overeenkomstig een wetgeving tegen onderkapitalisatie opnieuw wordt opgenomen in de belastbare grondslag van een vennootschap, onderworpen aan het tarief van de bronbelasting waarin de Overeenkomst voorziet voor dividenden (cf. art. 18, 1ste lid, 3 WIB 92 en art. 198, 1ste lid, 11 WIB 92).

B. Interest (art. 11)

De Belgische belasting of de Zuid-Afrikaanse belasting, naar het geval, mag niet hoger zijn dan 10 pct. van het brutobedrag van de interest.

Er is evenwel vrijstelling van belasting in de bronstaat voor interest :

-van handelsschuldvorderingen - met inbegrip van vorderingen vertegenwoordigd door handelspapier - wegens termijnbetaling van leveringen van koopwaar, goederen of diensten door ondernemingen;

-betaald uit hoofde van een lening of een krediet, toegestaan, gewaarborgd of verzekerd door een openbare financiële instelling of een openbare entiteit in het kader van het bevor­deren van de uitvoer (in België zijn de beoogde instellingen de Nationale Delcrederedienst, het Comité voor de Promotie van de export van Belgische uitrustingsgoederen (“Coprom­ex” - momenteel Finexpo -) en het Herdiscontering- en Waarborginstituut);

-van niet door effecten aan toonder vertegenwoordigde leningen van welke aard ook die door bankondernemingen zijn toegestaan;

-van niet door effecten aan toonder vertegenwoordigde gelddeposito’s bij bankonderne­mingen;

-betaald aan de andere overeenkomstsluitende Staat.

C. Royalty’s (art. 12)

Er is vrijstelling van belasting in de bronstaat.

Overeenkomstig het nieuwe OESO-Modelverdrag worden de inkomsten uit het recht van gebruik van een uitrusting onttrokken aan de toepassingssfeer van art. 12. Die inkomsten vormen ondernemingswinst of inkomsten van zelfstandige beroepen, wat eveneens leidt tot vrijstelling in de bronstaat bij gebrek aan een vaste inrichting gelegen in die Staat.

Roerende inkomsten uit bronnen in België verkregen door inwoners van Zuid-Afrika

De vermindering of vrijstelling van Belgische belasting wordt op de gebruikelijke wijze verleend, na aanvraag door middel van een formulier 276 Div.-Aut., 276 Int.-Aut. of 276 R., naar het geval.

Roerende inkomsten uit bronnen in Zuid- Afrika verkregen door inwoners van België

Aangezien de wijze waarop de beperking of vrijstelling van de Zuid-Afrikaanse belasting wordt toegepast, nog niet door de Zuid-Afrikaanse administratie is meegedeeld, wordt inwoners van België die dividenden, interest of royalty’s uit Zuid-Afrika verkrijgen, aangeraden een verzoek tot beperking of vrijstelling in te dienen bij het Zuid-Afrikaanse belastingkantoor waarvan de schuldenaar van de inkomsten afhangt.

Zij moeten bij dit verzoek elk bewijs tot staving van hun recht op vermindering of vrijstelling ingevolge de Overeenkomst voegen. Zij kunnen met name hun hoedanigheid van inwoner van België bewijzen door middel van een woonplaatsattest 276 Conv. dat door de Belgische belastingdienst waarvan zij afhangen wordt uitgereikt. Om dit attest te bekomen dient de verkrijger van de inkomsten de juiste aard en het bedrag van de inkomsten waarvoor hij de toepassing van de Overeenkomst vraagt, aan te duiden.

3. Tantièmes (art. 16)

Het stelsel dat van toepassing is op de beloningen van de leden van de raad van bestuur (belastingheffing in de Staat waarvan de vennootschap inwoner is) is eveneens van toepassing op de beloningen verkregen door een persoon die soortgelijke werkzaamheden uitoefent. (§ 1).

Artikel 16 § 2 verduidelijkt dat de beloningen die personen in de hoedanigheid van bestuurder, zaakvoerder of een analoog mandaat ontvangen voor de uitoefening in de vennoot­schap van dagelijkse werkzaamheden van leidinggevende of van technische aard, belastbaar zijn overeenkomstig de bepalingen van artikel 15 voor de niet-zelfstandige beroepen. Dezelf­de bepaling is van toepassing op werkende vennoten die inwoner zijn van Zuid-Afrika : zij zullen worden belast volgens de bepalingen van artikel 15 voor wat betreft de bedragen die hun activiteit - naast een eventueel mandaat van zaakvoerder of een analoog mandaat - in de vennootschap die inwoner is van België vergoeden, ongeacht of deze vennoten al dan niet verbonden zijn door een arbeidscontract.

4. Privé-pensioenen (art. 18)

De pensioenen betaald ter zake van een vroegere dienstbetrekking zijn in principe slechts belastbaar in de woonplaatsstaat van de genieter. De pensioenen, al dan niet periodiek, die worden betaald ter uitvoering van de sociale wetgeving van een overeenkomstsluitende Staat zijn echter slechts belastbaar in deze Staat, evenals de pensioenen en andere uitkeringen betaald in het kader van een algemeen stelsel dat door een overeenkomstsluitende Staat is georganiseerd ter aanvulling van de voordelen waarin zijn sociale wetgeving voorziet. In België zijn de inkomsten bedoeld in deze laatste bepaling de inkomsten van het pensioenspa­ren, opgebouwd overeenkomstig het algemeen stelsel dat in de artikelen 145 8 en volgende van het WIB 92 wordt geregeld.

5. Andere inkomsten (art. 21)

Overeenkomstig art. 21 zijn de restinkomsten die niet specifiek in de andere artikelen van de Overeenkomst zijn vermeld, niet belastbaar in de bronstaat, indien die inkomsten in de woonstaat aan belasting zijn onderworpen. Op die manier wordt zowel een dubbele vrijstel­ling als een dubbele belastingheffing van die inkomsten vermeden.

6. Vermijding van dubbele belasting in België (art. 22)

A. Algemene regel: vrijstelling met progressievoorbehoud

De inkomsten die in overeenstemming met de Overeenkomst in Zuid-Afrika mogen worden belast, zijn in België vrijgesteld van belasting, maar worden in aanmerking genomen voor het bepalen van het tarief dat van toepassing is op de andere belastbare inkom­sten van de genieters (art. 22, § 1, a)).

B. Roerende goederen

1 Met betrekking tot interest en royalty’s afkomstig uit Zuid-Afrika die deel uitmaken van het samengeteld inkomen dat aan de Belgische belasting is onderworpen, wordt verrekening van het FBB verleend op de voorwaarden en tegen het tarief waarin de Belgische wetgeving voorziet (art. 22, § 1, b)).

2 Met betrekking tot dividenden die worden betaald aan een Belgische vennoot­schap door een vennootschap die inwoner is van Zuid-Afrika, wordt het DBI-stelsel toegepast op de voorwaarden en binnen de grenzen die in het interne recht zijn bepaald (art. 22 , § 1, c)).

De Overeenkomst kent geen enkel bijzonder voordeel toe (“tax sparing”) voor de roerende inkomsten die een inwoner van België verkrijgt uit bronnen in Zuid-Afrika.

V. INVORDERINGSBIJSTAND (art. 26)

Art. 26 bepaalt dat beide Staten zich ertoe verbinden bijstand te verlenen voor de betekening en de invordering van de belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is.


Deze bijstand is evenwel niet van toepassing op de vervolgingskosten die eventueel zijn gemaakt met betrekking tot de bovengenoemde belastingen. Er is ook niet voorzien in de mogelijkheid om, met betrekking tot belastingvorderingen waartegen beroep openstaat, de andere overeenkomstsluitende Staat te verzoeken de conservatoire maatregelen te nemen waarin diens wetgeving voorziet.

SAMENVATTENDE TABELLEN

Deze tabellen geven slechts een overzicht van de regels die van toepassing zijn op de verschillende categorieën van inkomsten. Bij het onderzoek van elk toepassingsgeval is het noodzakelijk de desbetreffende verdragsbepalingen te raadplegen.

1. Belastingstelsel voor inkomsten die afkomstig zijn uit Zuid-Afrika en die worden verkregen door inwoners van België.

Artikels

van de

Overeen-komst

Aard van de inkomsten

In Zuid-Afrika

In België

(art. 22 § 1)

Art. 6

Inkomsten van onroerende goederen (inkomsten uit landbouw- of bosbedrij­ven daaronder begrepen) gelegen in Zuid-Afrika

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling (1)

Art. 7

Ondernemingswinst die aan een vaste inrichting in Zuid-Afrika kan worden toegerekend

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling (1)

Art. 8

Winst uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer waarbij de plaats van de werkelijke lei­ding van de onderneming is gelegen in België

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht

Art.10

- Dividenden betaald aan een Belgisch ven­nootschap die onmiddellijk of middellijk ten minste 25 pct. bezit van het kapitaal van de vennootschap die de dividenden uitkeert

- Andere dividenden betaald door een ven­nootschap die inwoner is van Zuid-Afrika

Bronheffing be­perkt tot 5 pct. van het brutobe­drag

Bronheffing be­perkt tot 15 pct. van het brutobe­drag

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht en het DBI-stelsel

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht en eventueel het DBI-stelsel

Art. 11

- Interest uit Zuid-Afrikaanse bronnen (al­gemene regel)

- Interest van handelsschuldvorderingen wegens termijnbetaling van leveringen van koopwaar, goederen of diensten door on­dernemingen

- Interest betaald in het kader van de mechanismen ter bevordering van de uit­voer

- Interest van niet door effecten aan toon­der vertegenwoordigde leningen, betaald aan bankondernemingen

- Interest van niet door effecten aan toon­der vertegenwoordigde gelddeposito’s bij bankondernemingen

- Interest betaald aan de Belgische Staat

Bronheffing be­perkt tot 10 pct. van het brutobe­drag

Vrijstelling

Vrijstelling

Vrijstelling

Vrijstelling

Vrijstelling

Belastbaar en toekenning van het FBB volgens het interne recht

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Art.12

Royalty’s uit Zuid-Afrikaanse bronnen

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Art. 13

Meerwaarden verwezenlijkt op:

- onroerende goederen gelegen in Zuid-Af­rika

- roerende goederen die deel uitmaken van een vaste inrichting of een vaste basis ge­vestigd in Zuid-Afrika

- een vaste inrichting of een vaste basis gevestigd in Zuid-Afrika

Meerwaarden die in Zuid-Afrika zijn ver­wezenlijkt op :

- schepen of luchtvaartuigen die in interna­tionaal verkeer worden geëxploiteerd, of op roerende goederen die bij zulke exploi­tatie worden gebruikt, waarbij de plaats van de werkelijke leiding van de onderne­ming is gelegen in België

- alle andere goederen

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling

Vrijstelling (1)

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Art. 14

Baten uit zelfstandige beroepen die aan een vaste basis in Zuid-Afrika kunnen worden toegerekend.

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling (1)

Art. 15

Privé-salarissen die betrekking hebben op een dienstbetrekking uitgeoefend in Zuid-Afrika (algemene regel)

- Privé-salarissen die betrekking hebben op een dienstbetrekking uitgeoefend in Zuid-Afrika tijdens een verblijf van ≤ 183 dagen en die niet door een Zuid-Afrikaanse werk­gever worden betaald of ten laste komen van een vaste inrichting of een vaste basis gelegen in Zuid-Afrika

- Privé-salarissen voor een dienstbetrek­king uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig geëxploiteerd in internati­onaal verkeer door een onderneming waar-

van de plaats van de werkelijke leiding in Zuid-Afrika is gelegen

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling(1)

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Vrijstelling(1)

Art. 16

Tantièmes, presentiegelden en andere soortgelijke beloningen van bestuurders van vennootschappen die inwoners zijn van Zuid-Afrika

Beloningen voor dagelijkse werkzaamhe­den van deze bestuurders

Belastbaar vol­gens het interne recht

Stelsel van artikel 15

Vrijstelling(1)

Stelsel van artikel 15

Art. 17

Inkomsten uit persoonlijke werkzaamhe­den van artiesten en sportbeoefenaars

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling (1)

Art. 18

- Pensioenen volgens het socialezeker-

heidsstelsel

- Andere privé-pensioenen

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling

Vrijstelling (1)

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Art. 19

- Overheidsbeloningen betaald door de Zuid-Afrikaanse Staat voor in België be­wezen diensten aan een inwoner van

België die geen inwoner van België gewor­den is met als enig doel diensten te verle­nen of die de Belgische nationaliteit heeft

- Overheidsbeloningen betaald door de Zuid-Afrikaanse Staat aan een inwoner van België in andere dan de hierboven beschreven omstandigheden

- Overheidspensioenen uit Zuid-Afrikaanse bronnen betaald aan een inwoner van Bel­gië die de Belgische nationaliteit bezit

- Overheidspensioenen uit Zuid-Afrikaanse bronnen betaald aan een inwoner van Bel­gië die de Belgische nationaliteit niet bezit

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Vrijstelling(1)

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Vrijstelling (1)

Art. 20

Bedragen uit niet Zuid-Afrikaanse bronnen ontvangen door studenten en in opleiding zijnde personen die tijdelijk in Zuid-Afrika blijven

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Art. 21

Alle andere inkomsten afkomstig uit Zuid-Afrika :

- die in België belastbaar zijn

- die niet in België belastbaar zijn

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het inter­ne recht

Niet belastbaar volgens het interne recht (1)

[(1) Vrijstelling met progressievoorbehoud (cf. artikel 155, WIB 1992).]

2. Belastingstelsel voor inkomsten die afkomstig zijn uit België die wor­den verkregen door inwoners van Zuid-Afrika

Artikels van de Overeen-komst

Aard van de inkomsten

In België

In Zuid-Afrika

(art. 22 § 2)

Art. 6

Inkomsten van onroerende goederen (ink­omsten uit landbouw- of bosbedrijven daaronder begrepen) gelegen in België

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht + verreke­ning van de Belgische be­lasting

Art. 7

Ondernemingswinst die aan een vaste in­richting in België kan worden toegerekend

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht + verreke­ning van de Belgische be­lasting

Art. 8

Winst uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer waarbij de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen in Zuid-Afrika

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht

Art. 10

- Dividenden betaald aan een Zuid-Afri­kaanse vennootschap die onmiddellijk ten minste 25 pct bezit van het kapitaal van de vennootschap die de dividenden uitkeert

- Andere dividenden betaald door een ven­nootschap die inwoner is van België

Bronheffing be­perkt tot 5 pct. van het brutobe­drag

Bronheffing be­perkt tot 15 pct. van het brutobe­drag

Belastbaar vol­gens het interne recht + verreke­ning van de Belgische be­lasting

Belastbaar vol­gens het interne recht + verreke­ning van de Belgische be­lasting

Art. 11

- Interest uit Belgische bronnen

(algemene regel)

- Interest van handelsschuldvorderingen wegens termijnbetaling van leveringen van koopwaar, goederen of diensten door ondernemingen

- Interest betaald in het kader van de mechanismen ter bevordering van de uit­voer

- Interest van niet door effecten aan toon­der vertegenwoordigde leningen, betaald aan bankondernemingen

- Interest van niet door effecten aan toon­der vertegenwoordigde gelddeposito’s bij bankondernemingen

- Interest betaald aan de Zuid-Afrikaanse Staat

Bronheffing beperkt tot 10 pct. van het brutobedrag

Vrijstelling

Vrijstelling

Vrijstelling

Vrijstelling

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht + verreke­ning van de Bel­gische belasting

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht

Art. 12

Royalty’s uit Belgische bronnen

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht

Art. 13

Meerwaarden verwezenlijkt op :

- onroerende goederen gelegen in België

- roerende goederen die deel uitmaken van een vaste inrichting of een vaste basis gevestigd in België

- een vaste inrichting of een vaste basis gevestigd in België

Meerwaarden die in België zijn verwe­zenlijkt op :

- schepen of luchtvaartuigen die in inter­nationaal verkeer worden geëxploiteerd, of op roerende goederen die bij zulke ex­ploitatie worden gebruikt, waarbij de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen in Zuid-Afrika

- alle andere goederen

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht + verreke­ning van de Bel­gische belasting

Belastbaar vol­gens het interne recht

Art. 14

Baten uit zelfstandige beroepen die aan een vaste basis in België kunnen worden toegekend.

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht + verreke­ning van de Bel­gische belasting

Art. 15

- Privé-salarissen die betrekking hebben op een dienstbetrekking uitgeoefend in België (algemene regel)

- Privé-salarissen die betrekking hebben op een dienstbetrekking uitgeoefend in België tijdens een verblijf van ≤ 183 da­gen en die niet door een Belgische werk­gever worden betaald of ten laste komen van een in België gelegen vaste inrichting of vaste basis

- Privé-salarissen voor een dienstbetrek­king uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig geëxploiteerd in interna­tionaal verkeer door een onderneming waarvan de plaats van de werkelijke lei­ding in België is gelegen

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht + verreke­ning van de Bel­gische belasting

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht + verreke­ning van de Bel­gische belasting

Art. 16

Tantièmes, presentiegelden en andere soortgelijke beloningen van bestuurders van vennootschappen die inwoners zijn van België

Beloningen voor dagelijkse werkzaamhe­den van deze bestuurders en voor de per­soonlijke werkzaamheden van vennoten in personenvennootschappen die inwoner zijn van België

Belastbaar vol­gens het interne recht

Stelsel van arti­kel 15

Belastbaar vol­gens het interne recht + verreke­ning van de Bel­gische belasting

Stelsel van arti­kel 15

Art. 17

Inkomsten uit persoonlijke werkzaamhe­den van artiesten en sportbeoefenaars

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht + verreke­ning van de Bel­gische belasting

Art. 18

- Pensioenen volgens het socialezeker­heidsstelsel en inkomsten van het pensi­oensparen (art. 145^8 en volgende, WIB 92)

- Andere privé-pensioenen

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling

Vrijstelling (2)

Belastbaar vol­gens het interne recht

Art. 19

- Overheidsbeloningen betaald door de Belgische Staat voor in Zuid-Afrika be­wezen diensten aan een inwoner van Zuid-Afrika die geen inwoner van Zuid-Afrika geworden is met als enige doel diensten te verlenen of die de Zuid-Afri­kaanse nationaliteit heeft

- Overheidsbeloningen betaald door de Belgische Staat aan een inwoner van Zuid-Afrika in andere dan de hierboven beschreven omstandigheden

- Overheidspensioenen uit Belgische

bronnen betaald aan een inwoner van Zuid-Afrika die de Zuid-Afrikaanse natio­naliteit bezit

- Overheidspensioenen uit Belgische bronnen betaald aan een inwoner van Zuid-Afrika die de Zuid-Afrikaanse

nationaliteit niet bezit

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling (2)

Belastbaar vol­gens het interne recht

Vrijstelling(2)

Art. 20

Bedragen uit niet-Belgische bronnen ont­vangen door studenten en in opleiding zijnde personen die tijdelijk in België ver­blijven

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht(2)

Art. 21

Alle andere inkomsten afkomstig uit Bel­gië :

- die in Zuid-Afrika belastbaar zijn

- die niet in Zuid-Afrika belastbaar zijn

Vrijstelling

Belastbaar vol­gens het interne recht

Belastbaar vol­gens het interne recht

Niet belastbaar overeenkomstig het interne recht

[(2) Onder voorbehoud van bevestiging door de Zuid-Afrikaanse autoriteiten.]

De adjunct-administrateur-generaal

der belastingen,

Jean-Marc DELPORTE