Circulaire AAFisc Nr. 45/2014 (nr. Ci.RH.331/633.885) d.d. 02.12.2014
Algemene Administratie van de Fiscaliteit - Operationele Expertise en Ondersteuning
Dienst PB
Personenbelasting
Circulaire AAFisc Nr. 45/2014 (nr. Ci.RH.331/633.885) d.d. 02.12.2014
Belastingvermindering
Passiefhuis
Lage energiewoning
Nul energiewoning
Bespreking van de gevolgen van de vervanging van art. 535, WIB 92 door art. 13, W. 21.12.2013 houdende diverse fiscale en financiële bepalingen (BS 31.12.2013, ed. 2) - administratieve toleranties.
1. Inleiding
1. De belastingvermindering voor lage energiewoning, passiefwoning of nul energiewoning, voorheen voorzien in art. 145^24, § 2, WIB 92, werd toegekend gedurende een periode van tien opeenvolgende belastbare tijdperken vanaf het belastbaar tijdperk waarin werd vastgesteld dat de woning een lage energiewoning, een passiefwoning of een nul energiewoning is.
2. Deze belastingvermindering werd opgeheven met ingang van het aanslagjaar 2013 (1) (inkomsten van het jaar 2012).
Een overgangsbepaling (2) voorzag evenwel dat art. 145^24, § 2, WIB 92, zoals het bestond alvorens het werd opgeheven, van toepassing blijft voor de woningen waarvoor uiterlijk op 31.12.2011 het voor deze belastingvermindering dienstig certificaat werd uitgereikt. Voorts werd bepaald dat de certificaten die in de periode van 01.01.2012 tot 29.02.2012 worden uitgereikt, ingevolge een aanvraag ingediend uiterlijk 31.12.2011, worden geacht te zijn uitgereikt op 31.12.2011.
(1) Art. 41, A, 4° en 52, vierde lid, W. 28.12.2011 (BS 30.12.2011, ed. 4).
(2) Art. 535, WIB 92, ingevoegd vanaf aj. 2013 door art. 51, W. 28.12.2011 (BS 30.12.2011, ed. 4).
3. Het arrest van het Grondwettelijk Hof van 08.05.2013 (arrest nr. 63/2013) vernietigde de hiervoor bedoelde overgangsbepaling in zoverre het belastingplichtigen die zich vóór de bekendmaking van de afschaffing van de maatregel contractueel hadden verbonden tot het verwerven in nieuwe staat, het bouwen of het verbouwen van een lage energiewoning, passiefwoning of nul energiewoning, volledig uitsloot van de overgangsmaatregel die het instelde.
4. Het "oude" art. 535, WIB 92, werd vervangen door het huidige art. 535, WIB 92 (3) om rekening te houden met het voormelde arrest van het Grondwettelijk Hof.
Het huidige art. 535, WIB 92, bepaalt dat "art. 145^24, § 2, WIB 92, zoals het bestond alvorens het werd opgeheven bij artikel 41 van de wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen, van toepassing blijft voor de belastingplichtigen die zich vóór 01.01.2012 contractueel hebben verbonden tot het verwerven van een in dit artikel bedoelde woning of het uitvoeren van de in dit artikel bedoelde werkzaamheden".
(3) Ingevoegd vanaf aj. 2013 door art. 13, W. 21.12.2013 houdende diverse fiscale en financiële bepalingen (BS 31.12.2013, ed. 2).
5. Er werd intussen vastgesteld dat ingevolge de vervanging van voornoemd art. 535, WIB 92, een aantal belastingplichtigen die op grond van het "oude" art. 535, WIB 92 recht zouden hebben gehad op de bedoelde belastingvermindering, op basis van de huidige tekst van art. 535, WIB 92, niet meer in aanmerking komen voor deze vermindering.
Bovendien heeft de vervanging van de tekst van art. 535, WIB 92, een invloed op de woningen waarvoor een certificaat werd uitgereikt in de periode van 01.01.2012 t.e.m. 29.02.2012 ingevolge een aanvraag ingediend uiterlijk 31.12.2011.
Dit wordt hierna verduidelijkt aan de hand van concrete situaties.
2. Bespreking
2.1. Belastingvermindering in geval van het verwerven in nieuwe staat van een woning gecertificeerd in 2011 of eerder
6. Voorbeeld: een lage energiewoning, passiefwoning of nul energiewoning werd eind 2011 gecertificeerd op naam van een projectpromotor. De woning werd in 2013 verkocht onder het BTW-stelsel. Heeft de koper van deze woning recht op de belastingvermindering voor lage energiewoning, passiefwoning of nul energiewoning?
Het huidige artikel 535, WIB 92, bepaalt dat artikel 145^24, § 2, WIB 92, zoals het bestond voor het werd opgeheven bij artikel 41 van de wet van 28.12.2011 houdende diverse bepalingen, van toepassing blijft voor de belastingplichtigen die zich vóór 01.01.2012 contractueel hebben verbonden tot het verwerven van een in dit artikel bedoelde woning of tot het uitvoeren van de in dit artikel bedoelde werkzaamheden.
Op basis van deze bepaling heeft de koper uit het voorbeeld enkel recht op de belastingvermindering indien hij zich vóór 01.01.2012 contractueel had verbonden tot de aankoop in nieuwe staat. In het voorliggende geval is dit weinig waarschijnlijk, aangezien de aankoop pas plaatsvond in 2013.
Echter, op basis van het "oude" art. 535, WIB 92, zoals het bestond alvorens het werd vervangen door art. 13 van de wet van 21.12.2013 houdende diverse fiscale en financiële bepalingen, had de koper van de woning wél recht op de belastingvermindering voor de resterende belastbare tijdperken van de 10-jarige periode. Het "oude" art. 535, WIB 92, bepaalde immers dat artikel 145^24, § 2, WIB 92, zoals het bestond voor het werd opgeheven bij artikel 41 van de wet van 28.12.2011 houdende diverse bepalingen, van toepassing blijft voor de woningen waarvoor uiterlijk op 31.12.2011 het bedoelde certificaat was uitgereikt.
Overeenkomstig het "oude" art. 535, WIB 92, bleef de belastingvermindering dus doorlopen voor de woningen gecertificeerd in 2011 of eerder. De belastingplichtige die een dergelijke woning in nieuwe staat verwierf, had recht op de belastingvermindering voor de resterende belastbare tijdperken van de 10-jarige periode, zonder dat de periode van 10 belastbare tijdperken kan worden verlengd.
De huidige tekst van art. 535, WIB 92, is voor deze gevallen (het verwerven in nieuwe staat van een woning gecertificeerd in 2011 of eerder) dus strikter dan de "oude" tekst.
2.2. Certificaten uitgereikt in de periode van 01.01.2012 t.e.m. 29.02.2012 ingevolge een aanvraag ingediend uiterlijk 31.12.2011
7. Het "oude" art. 535, WIB 92, bepaalde dat de certificaten die in de periode van 01.01.2012 tot 29.02.2012 worden uitgereikt, worden geacht te zijn uitgereikt op 31.12.2011, op voorwaarde dat de aanvraag tot het bekomen van het certificaat uiterlijk 31.12.2011 was ingediend.
Belastingplichtigen met dergelijk certificaat hadden bijgevolg recht op de belastingvermindering met ingang van aanslagjaar 2012.
Het huidige art. 535, WIB 92, vermeldt daarentegen niet langer dat die certificaten worden geacht te zijn uitgereikt op 31.12.2011, zodat een certificaat gedateerd op bijvoorbeeld 05.01.2012 (ingevolge een aanvraag ingediend uiterlijk 31.12.2011), volgens de huidige wetsbepaling recht geeft op de belastingvermindering met ingang van aanslagjaar 2013.
3. Standpunt administratie
8. De vervanging van art. 535, WIB 92, beoogde rekening te houden met het arrest van het Grondwettelijk Hof van 08.05.2013, dat de "oude" overgangsbepaling gedeeltelijk vernietigde in zoverre het belastingplichtigen die zich vóór de bekendmaking van de afschaffing van de maatregel contractueel hadden verbonden tot het verwerven, bouwen of vernieuwen van dergelijke woning, volledig uitsloot van het voordeel van de overgangsmaatregel die het instelde. De aanpassing van art. 535, WIB 92, had niet tot doel de "oude" overgangsbepaling te beperken.
De administratie is dan ook van mening dat belastingplichtigen die op basis van de "oude" overgangsbepaling recht zouden hebben gehad op de belastingvermindering, niet kunnen worden uitgesloten op basis van de huidige overgangsbepaling.
De administratie zal in die gevallen de belastingvermindering verder toestaan.
9. Ook de bepaling dat certificaten die zijn uitgereikt in de periode van 01.01.2012 tot 29.02.2012 ingevolge een aanvraag ingediend uiterlijk 31.12.2011, worden geacht te zijn uitgereikt op 31.12.2011, blijft administratief van toepassing, zodat de betrokken aanslagen niet moeten worden herzien.
Voor de Administrateur Grote Ondernemingen, tijdelijk belast met de functie van Administrateur-generaal van de Fiscaliteit,
S. QUINTENS
Adviseur-generaal - Auditeur-generaal van financiën
