Circulaire nr. Ci.DR.48/595.713 (AOIF Nr. 23/2009) d.d 29.04.2009
Inkomstenbelasting.
Belasting van niet-inwoners.
Roerende voorheffing.
Inhouding van de RV.
Woonstaatheffing.
Europese ambtenaar.
Roerende voorheffing en woonstaatheffing : bijzonder statuut van de Europese ambtenaren.
Onderstaande vertaling van brief wordt aan alle ambtenaren van de niveaus A tot C, tot kennisgeving en naricht toegezonden.
NAMENS DE MINISTER :
Voor de administrateur
Kleine en Middelgrote Ondernemingen :
D. DELVAUX M. DE KEYSER
Eerste Attaché van financiën, Eerste Attaché van financiën,
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
| Federale Overheidsdienst FINANCIEN | ||||
| ||||
| correspondentieadres North Galaxy Koning Albert II-laan 33, bus 25, 1030 BRUSSEL | ||||
BELASTINGEN EN INVORDERINGAdministratie van de Ondernemings- enInkomensfiscaliteitCentrale diensten | ||||
| uw bericht van | uw kenmerk | ons kenmerk | bijlage(n) | |
| Ci.DR.48/595.713 | ||||
Inkomstenbelastingen. Roerende voorheffing. Woonstaatheffing. Europese ambtenaren
Geachte heren,
Uw als referte vermeld bericht heeft betrekking op de vaststelling van de fiscale woonplaats van Europese ambtenaren en de gevolgen ervan op het vlak van de roerende voorheffing en de woonstaatheffing (WSH) zoals bedoeld in artikel 4, § 1, van de wet van 17.5.2004 tot omzetting in het Belgisch recht van de richtlijn 2003/48/EG van 3 juni 2003 van de Raad van de Europese Unie betreffende belastingheffing op inkomsten uit spaargelden in de vorm van rentebetaling en tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 inzake de roerende voorheffing.
Meer bepaald wenst u te vernemen of de afwezigheid (of de ongeldigheid) van het document HIS 276 "Attest roerende voorheffing" - wat betekent dat de roerende voorheffing verplicht moet worden ingehouden aan de bron indien niet voldaan is aan de voorwaarden die zijn voorzien op het vlak van de verzaking van de inning van die voorheffing -, tot gevolg heeft dat de WSH niet moet worden ingehouden.
Ik heb de eer u het volgende mee te delen.
Artikel 14 van het Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Gemeenschappen van 8.4.1965 bepaalt : "De ambtenaren en overige personeelsleden van de Gemeenschappen, die zich uitsluitend uit hoofde van de uitoefening van hun ambt in dienst van de Gemeenschappen vestigen op het grondgebied van een andere lidstaat dan de staat van de fiscale woonplaats, welke zij bezitten op het ogenblik van hun indiensttreding bij de Gemeenschappen, worden voor de toepassing van de inkomsten-, vermogens-, en successiebelastingen, alsmede van de tussen de lidstaten van de Gemeenschappen
gesloten overeenkomsten ter voorkoming van dubbele belasting, zowel in de staat waar zij zich gevestigd hebben als in de staat van de fiscale woonplaats, geacht hun woonplaats te hebben behouden in de laatstgenoemde staat, indien deze lid is van de Gemeenschappen. Deze bepaling geldt eveneens voor de echtgenoot voorzover deze geen eigen beroepsbezigheden uitoefent, alsmede voor de kinderen die ten laste zijn en onder toezicht staan van de in dit artikel bedoelde personen."
De toepassing van het voormeld artikel 14 is niet facultatief. Bijgevolg worden de personen die zijn bedoeld door die bepaling en die het document HIS 276 kunnen invullen, geacht hun fiscale woonplaats te hebben behouden in het land van hun fiscale woonplaats welke zij bezitten op het ogenblik van hun indiensttreding bij de Gemeenschappen; zij zijn bijgevolg op eenduidige wijze onderworpen aan de belasting van niet-inwoners overeenkomstig artikel 227, 1° van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92).
Het feit dat die personen al dan niet het voormeld document HIS 276 opstellen heeft, overeenkomstig de bijzondere bepalingen van het voormeld artikel 14, geen invloed op hun belastbaarheid in de belasting van niet-inwoners; die personen worden niet beschouwd als "rijksinwoners" in de zin van artikel 3, WIB 92, zodat bijgevolg, in principe (1), de WSH van toepassing is. Indien de schuldenaar van de voorheffing op de datum van toekenning of betaalbaarstelling van het inkomen niet over een geldig document HIS 276 beschikt zal, in voorkomend geval, eveneens RV verschuldigd zijn aan de bron.
1. Behalve indien de verkrijger de verklaring van vrijstelling van bronbelasting (form. 276.03/48.1) overmaakt.
In de regel is de schuldenaar van de RV en de WSH ertoe gehouden om zich te informeren over de fiscale woonplaats van de verkrijger van de inkomsten voor de toepassing van de inkomstenbelastingen. In elk geval moet hij letten op de samenhang van de informatie waarover hij beschikt met betrekking tot de bedoelde verkrijger.
Het geval waarbij de verkrijger van de inkomsten, die binnen het toepassingsgebied van het voormeld artikel 14 valt, zich niet als zodanig identificeert bij de schuldenaar van de RV en de WSH en naar aanleiding daarvan zijn fiscale woonplaats vermeldt, maar zich ten onrechte voordoet als rijksinwoner, belemmert een juiste toepassing van de spaarrichtlijn.
In dat verband zal de Administratie van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit bij de bevoegde diensten van de Europese Commissie onverwijld de aandacht vestigen op het belang van een spontane en systematische kennisgeving aan de schuldenaar van de WSH en de RV, door de verkrijger van de inkomsten, van zijn bijzonder statuut als persoon zoals bedoeld in het voormeld artikel 14 met vermelding van zijn fiscale woonplaats.
Met de meeste hoogachting,
Voor de administrateur
Kleine en Middelgrote Ondernemingen,
(w.g.) Danny Delvaux
Eerste Attaché van financiën
| Aanvullende informatie betreffende deze briefwisseling kan verkregen worden bij : | |||
DienstDirectie I/2 | |||
