Aanschrijving nr. 16 d.d. 13.12.1982
Tarief van de Btw
Onderwerp van de aanschrijving.
1. Het Belgisch Staatsblad van 20 november 1982 heeft het koninklijk besluit van 16 november 1982 gepubliceerd, tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 20, van 20 juli 1970, tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven.
Deze aanschrijving bepaalt de draagwijdte van deze tariefwijzigingen die ingaan per 1 januari 1983.
Algemene draagwijdte van de tariefverhogingen.
2. De nieuwe bepalingen kunnen als volgt worden samengevat.
A. In principe wordt het tarief van 17 pct., dat tot nu toe van toepassing was op de elders niet genoemde goederen en diensten, op 19 pct. gebracht (z. nr. 3).
B. Bepaalde goederen en diensten blijven evenwel onderworpen aan het tarief van 17 pct. De hier bedoelde goederen en diensten die opgenomen zijn in tabel B, nieuw, van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20, betreffen :
1° het verschaffen van spijzen of dranken om ter plaatse te worden verbruikt (z. nr. 5) ;
2° nieuwe gebouwen en een zeker aantal, duidelijk omschreven, handelingen met betrekking tot een onroerend goed (z. nrs. 6 tot 13) ;
3° brandstoffen en energie (z. nrs. 14 tot 16 );
4° originele kunstwerken, voorwerpen voor verzamelingen, post zegels en antiquiteiten (z. nrs. 17 en 18) ;
5° schoeisel (z. nrs. 19 tot 22).
C. De diensten van reiniging, onderhoud en herstelling van linnen en van kleding, alsmede de verhuur van machines door exploitanten van .openbare wasserijen, tot nu toe onderworpen aan het tarief van 6 pct., worden belast tegen het tarief van 17 pct. (z. nrs. 23 en 24).
D. Het tarief van 6 pct. wordt gebracht op 19 pct. voor de goederen te koop aangeboden als voedsel voor honden, katten en andere troeteldiertjes (z. nrs. 25 tot 27).
E. Het tarief van 17 pct. wordt gebracht op 25 pct. voor :
1° fancy-bijouterie en fancy-juwelen (z. nrs. 28 tot 30) ;
2° zakhorloges en polshorloges, die tot nu toe aan het tarief van 25 pct. ontsnapten indien hun kast niet uit edele metalen was samengesteld of uit een legering die zulk metaal bevat (z. nrs. 31 tot 34) ;
3° bepaalde verkleinde modellen en afstandsbedieningstoestellen (z. nrs. 35 tot 37) ;
4° spellen bestemd om te worden gespeeld met behulp van een televisieontvangtoestel en de geprogrammeerde videocassettes voor die spellen ; elektronische spellen en speelgoed (z. nrs.
38 tot 41) ;
5° reisartikelen, marokijnwerk en foedraalwerk die tot nu toe aan het tarief van 25 pct. ontsnapten indien ze niet van leder of van kunstleder op basis van leder of van ledervezels waren, of waarvan het uitwendig deel niet van ledér was of van kunst leder op basis van leder of van ledervezels (z. nrs. 42 tot 44) ;
6° elektromechanische en elektrothermische machines en apparaten van de soorten welke gewoonlijk voor huishoudelijk gebruik worden gebezigd (z. nrs. 45 tot 48) ;
7° diverse voorwerpen (elektrisch verwarmde dekens en dergelijke artikelen ; elektrische scheerapparaten ; elektrothermische toestellen voor haarbehandeling ; elektrische strijkijzers en strijkmachines ; koelkasten, diepvrieskisten en diepvries kasten ; vaatwasmachines ; wasmachines, centrifuges en linnendroogkasten ; naaimachines en breimachines) (z. nrs. 49 en 50) ;
8° heetwatertoestellen, elektrische dompelaars, kookplaten, fornuizen, ovens en dergelijke toestellen van de soorten welke gewoonlijk in keukens worden gebruikt (z. nrs. 51 tot 59) ;
9° losse ventilators, luchtbevochtigers, luchtverversers en dergelijke toestellen (z. nrs. 60 tot 64) ;
10° zonnebanken, zonnelampen en dergelijke apparaten om kunst matig te zonnen (z. nrs. 65 tot 67) ;
11° gazonmaaimachines met motor (z. nrs. 68 tot 70) ;
12° handgereedschap en handgereedschapswerktuigen met ingebouwde motor (z. nrs. 71 tot 77) ;
13° hulpwerktuigen en het verwisselbare toebehoren van de onder 6° tot 12° opgenomen machines, apparaten en toestellen (z. nrs. 78 tot 81) ;
14° verrichtingen van radio- en televisiedistributiebedrijven (z.nr. 82) .
Er wordt opgemerkt dat de aanvullende weeldetaks van 8 pct. niet van toepassing is op de goederen die pas vanaf 1 januari 1983 aan het tarief van 25 pct. zijn onderworpen.
Eerste afdeling. Principe. Verhoging, per 1 januari 1983, van het tarief van 17 pct. tot 19 pct., ten aanzien van de elders niet genoemde goederen en diensten.
3. Tot 31 december 1982 werden de goederen en diensten, die noch aan de verminderde tarieven van I en 6 pct., noch aan het verhoogde tarief van 25 pct. waren onderworpen, eenvormig be last tegen het tarief van 17 pct.
In beginsel gaan deze goederen en diensten op 1 januari 1983 over naar het tarief van 19 pct., evenwel onder het volgende dubbele voorbehoud :
- het tarief van 17 pct. blijft behouden voor bepaalde goederen en diensten (z. afdeling Il), waaraan worden toegevoegd de diensten van reiniging, onderhoud en herstelling van kleding (z. afdeling III) ;
- voor een bepaald aantal goederen zijn er verschuivingen van het tarief van 17 pct. naar het tarief vari 25 pct. (z. afdeling V).
Afdeling II. Goederen en diensten waarvoor het tarief van 17 pct. wordt behouden.
4. Deze goederen en diensten zijn voortaan opgenomen in tabel B van de bijlage bij het genoemd koninklijk besluit nr. 20. Hier na volgt een beknopte commentaar daaromtrent.
I. Het verschaffen van spijzen of van dranken om ter plaatse te worden verbruikt.
5. Hier wordt niet bedoeld de eenvoudige levering van voedingsmiddelen of dranken die aan haar eigen tarief, volgens de aard van het verkochte goed, onderworpen blijft, maar wel de dienst verrichting, bedoeld in artikel 18, § 1, 11°, van het BTW-Wetboek, welke een levering van voedingsmiddelen of dranken veronderstelt, die gepaard gaat met een dienst die het verbruik ter plaatse toelaat (café, restaurant, zelfbediening, bar, tafelhouder die tussenbeide komt bij het tafeldienen van spijzen of dranken, enz.).
Overigens blijft het tarief van 6 pct. van toepassing op het ver schaffen van gemeubeld logies, bedoeld in artikel 18, § 1, 10°, van het Wetboek. ·
II. Gebouwen bedoeld in artikel 9, § 3, van het Wetboek.
6. Hier worden de leveringen beoogd van nieuwe gebouwen bedoeld in artikel 9, § 3, van het Wetboek, die met toepassing van de BTW worden verricht, hetzij van rechtswege door beroepsoprichters in de zin van artikel 8, § 1, van het Wetboek, hetzij na op tie voor de BTW door toevallige oprichters of door kopers-wederverkopers, respectievelijk bedoeld in de§§ 2 en 3 van het bovengenoemd artikel 8 (z. aanschr. 76/1970).
7. Er wordt evenwel aangestipt dat, tot 31 december 1983, tijdelijk aan het tarief van 6 pct. zijn onderworpen :
- de leveringen van nieuwe gebouwen aan een eindverbruiker, indien die gebouwen woningen zijn hoofdzakelijk gebruikt of bestemd om te worden gebruikt als privé-woning (kon. bes!. nr. 1 van 15 februari 1982, tot wijziging van het kon. bes!. nr. 20
van 20 juli 1970, inzake BTW-tarieven; aanschr. 7/ 1982) ;
- de leveringen van nieuwe gebouwen, gebruikt of bestemd om te worden gebruikt ten behoeve van een landbouwonderneming in de zin van artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 22, van 15 september 1970, met betrekking tot de biezondere regeling voor land bouwondernemers inzake belasting over de toegevoegde waarde, en voor zover ze worden geleverd en gefactureerd aan een land bouwondernemer of aan een persoon die hem het recht van genot verleent op dat gebouw (kon. bes!. van 29 september 1982, tot wijziging van het kon; bes!. nr. 20, van 20 juli 1970).
III. Onroerende handelingen.
8. Hier worden de onroerende handelingen beoogd die reeds bedoeld zijn in artikel 17bis van het koninklijk besluit nr. 1, van 23 juli 1969, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, en die als dusdanig zijn opgenomen in rubriek Il, nummers 2 tot 8, van tabel B, nieuw, van de bijlage pij het koninklijk besluit nr. 20. Deze handelingen worden nader toegelicht in de aanschrijving m. 3/ 1979, waar naar wordt verwezen.
9. Er wordt aangestipt dat, tot 31 december 1983, tijdelijk aan het tarief van 6 pct. zijn onderworpen :
- de onroerende handelingen met betrekking tot een woning, hoofdzakelijk gebruikt of bestemd om te worden gebruikt als privé woning en voor zover zij worden verstrekt en gefactureerd aan een eindverbruiker (z. kon. besl. nr. 1 van 15 februari 1982, tot wijzi ging van het kon. besl. nr. 20 van 20 juli 1970, inzake BTW tarieven ; aanschr. 7/1982) ;
- de onroerende handelingen met betrekking tot gebouwen, gebruikt of bestemd om te worden gebruikt ten behoeve van een landbouwonderneming in de zin van artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 22, van 15 september 1970, met betrekking tot de biezondere regeling voor landbouwondernemers inzake belasting over de toegevoegde waarde, en voor zover die verrichtingen worden ver strekt en gefactureerd aan een persoon die een zakelijk recht of een recht van genot bezit op die gebouwen (z. kon. besl. van 29 september 1982, tot wijziging van het kon. besl. nr. 20, van 20 juli 1970).
IV. Studiewerk en toezicht.
10. Hier worden de intellectuele prestaties beoogd die behoren tot de geregelde werkzaamheid van architecten, landmeters en ingenieurs, en die verricht worden ter voorbereiding, ter coördinatie of ter controle van de uitvoering van de hierboven omschreven onroerende handelingen.
11. Er wordt evenwel opgemerkt dat, zoals voor de onder III beoogde onroerende handelingen, de hierboven omschreven intellectuele prestaties tijdelijk, tot 31 december 1983, aan het tarief van 6 pct. zijn onderworpen, voor zover zij worden uitgevoerd binnen de onder nr. 9 beoogde voorwaarden.
V. Diensten door makelaars en lasthebbers bij verkoop of ver huur van onroerende goederen ; het beheer van onroerende goederen.
12. De diensten verricht" door een makelaar of een lasthebber
die tussenkomst verleent bij de verkoop of bij de verhuur van een onroerend goed, alsmede de diensten van beheer van een onroerend goed verricht door een syndicus, blijven onderworpen aan het tarief van 17 pct., zonder dat hierbij een onderscheid dient te worden gemaakt of deze handelingen betrekking hebben op gronden of op nieuwe of oude gebouwen.
Vl. Onroerende financieringshuur.
13. De onroerende financieringshuur of onroerende leasing is de dienst die bedoeld is in artikel 18, § 2, van het BTW-Wetboek. Deze dienst wordt meer uitvoerig omschreven in het koninklijk besluit nr. 30, van 28 december 1970, met betrekking tot de toe passing van de BTW op de onroerende financieringshuur (z. aan schr. 10/1973).
VII. Brandstoffen en energie.
14. Het BTW-tarief van 17 pct. blijft van toepassing op:
1° elektrische energie ;
2° lichtgas, generatorgas, watergas en dergelijke gassen ;
3° aardgas en andere gasvormige koolwaterstoffen (methaan en propaan daaronder begrepen), gasvormige dan wel vloeibare, die niet bestemd zijn voor het aandrijven van motoren van voer tuigen die op de openbare weg rijden ;
4° warmte, koude en stoom ;
5° de nagenoemde aardoliën en oliën uit bitumineuze mineralen :
- de ruwe oliën ;
- de halfzware oliën die niet zijn bestemd voor het aandrijven van motoren van voertuigen die op de openbare weg rijden ;
- de zware stookolie, inzonderheid gebruikt in de industrie ;
- de lichte stookolie, evenals de gasolie voor de verwarming, bekend als "stookolie of mazout voor de verwarming" ;
- de lichte oliën die niet zijn bestemd voor het aandrijven van motoren, bijvoorbeeld "white spirit", niet belast met accijns ;
- de gasolie gebruikt als motorbrandstof voor landbouwmachines of -tractors of voor bosbouwtractors of -machines.
15. Daarentegen verhoogt het BTW-tarief van 17 pct. naar 19 pct. voor :
1° de smeeroliën ;
2° de geïsoleerde chemisch welbepaalde koolwaterstoffen (andere dan methaan en propaan) in zuivere staat of in technisch zuivere staat ;
3° de vullingen voor aanstekers.
16. De aandacht wordt erop gevestigd dat de brandstoffen gebruikt voor de verwarming ter bevordering van het groeien rij pingsproces van tuinbouwprodukten afkomstig van een landbouw onderneming en die tijdens de periode van 1 oktober 1982 tot 30 juni 1983 worden geleverd en gefactureerd aan een landbouwondernemer in de zin van artikel l van het koninklijk besluit nr. 22, van 15 september 1970, onderworpen zijn aan het verlaagde tarief van 6 pct.
VIII. Originele kunstwerken ; voorwerpen voor verzamelingen ; antiquiteiten.
17. De originele kunstwerken, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, zijn opgenomen in rubriek IV van de nieuwe tabel B van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20. De commentaar bij deze bepaling is opgenomen in bijlage I van deze aanschrijving.
18. Er wordt opgemerkt dat de antiquiteiten eenvormig worden belast tegen het tarief van 17 pct. zelfs indien ze omwille van hun aard bedoeld zijn in één van de tabellen A, Bof C van de bij lage bij het koninklijk besluit nr. 20.
Aldus wordt een boek van meer dan honderd jaar oud, als antiquiteit, belast tegen het tarief van 17 pct. (in plaats van het tarief van 6 pct., normaal van toepassing op boeken) en wordt een voor werp van edelsmidswerk of een juweel uit edel metaal van meer dan honderd jaar oud, eveneens als antiquiteit, belast tegen het tarief van 17 pct. (in plaats van het tarief van 25 pct., verhoogd met de aanvullende weeldetaks van 8 pct., normaal van toepassing op die voorwerpen). Anderzijds valt de verkoop van deze tweedehandse goederen door een handelaar, mits vergunning en onder wel bepaalde voorwaarden, onder het bijzonder stelsel, bedoeld in artikel 58, § 4, van het.BTW-Wetboek (heffing over de door de handelaar gerealiseerde meerwaarde ; z. aanschr. 9/ l 982 (] )).
IX. Schoeisel.
19. Krachtens rubriek V van tabel B, nieuw, van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 blijft, na 31 december 1982, het schoeisel onderworpen aan het tarief van 17 pct., met uitzonde ring van :
1° het orthopedisch schoeisel, beoogd in rubriek XXIII, nummer 2, van tabel A, dat ook na 31 december 1982 aan het tarief van 6 pct. onderworpen blijft ;
2° het schoeisel dat het karakter heeft van speelgoed en schoenen met aangezette schaatsen, waarvan het tarief, op l januari 1983, van 17 naar 19 pct. gaat.
20. Het schoeisel, beoogd door rubriek V van tabel B, bestaat uit de verschillende soorten van schoeisel, nieuw of gebruikt, on geacht de vorm, de gebruiksdoeleinden, de wijze van vervaardiging en de stoffen waarvan ze zijn vervaardigd (sandalen, bindzolen, espadrilles en dergelijk licht schoeisel ; badschoentjes; lage schoenen met lage of hoge hakken ; bottines (hoge schoenen), werkschonen, jachtschoenen en dergelijk sterk schoeisel, laarzen ; speciaal sportschoeisel, met uitzondering van schaatsschoenen met aangezette schaatsen ; huisschoeisel, zoals pantoffels, muiltjes en baboesjes of slippers ; dansschoenen; klompen ; asbesten beschermschoe nen voor brandweerlieden ; enz.).
Er wordt opgemerkt dat het schoeisel, zonder aangezette zolen, van breien haakwerk of van ander weefsel niet wordt beoogd door genoemde rubriek V, en dan ook, vanaf I januari 1983, onderworpen is aan het tarief van 19 pct.
21. Rubriek V van tabel B sluit evenwel uitdrukkelijk uit van het tarief van 17 pct., het orthopedisch schoeisel, bedoeld in rubriek XXlll, nummer 2, van tabel A, dit wil zeggen de op maat vervaardigde schoenen met een verlengd leren contrefort (hielstuk), dat kan worden versterkt met een metalen of een kurken frame ; dit orthopedisch schoeisel blijft, na 31 december 1982, verder aan het tarief van 6 pct. onderworpen.
Er dient opgemerkt dat het in serie geproduceerd schoeisel waarvan de binnenzool enkel een verhoging heeft om de welving van de voetzool te steunen (schoeisel voor platvoeten) niet als orthopedisch schoeisel wordt aangemerkt en belastbaar blijft tegen het tarief van 17 pct. bij toepassing van rubriek V van tabel B.
Zijn eveneens van het tarief van 17 pct. uitgesloten het schoeisel dat het karakter heeft van speelgoed (schoenen voor poppen, enz.) en de schoenen met aangezette schaatsen (ijsschaatsen of rolschaatsen). Deze voorwerpen zijn vanaf I januari 1983 onderworpen aan het tarief van 19 pct.
22 Het tarief van 19 pct. is eveneens van toepassing op de afzonderlijk te koop aangeboden veters evenals op de losse binnenzolen, in alle stoffen, onder dit voorbehoud evenwel dat de speciale steunzolen ter ondersteuning van de voetholte, overeenkomstig rubriek XXIII, nummer 2, van tabel A, belastbaar zijn tegen het tarief van 6 pct.
Afdeling III. Diensten waarvoor het tarief wordt verhoogd van 6 pct. tot 17 pct.
23. Het reinigen, het verven, het strijken, het onderhouden en het herstellen van linnen, van kleding met uitzondering van bont werk bedoeld in rubriek IV van tabel C en van kleding en hand schoenen van leder bedoeld.in rubriek XI van tabel C, van hoeden, van gordijnen, overgordijnen en dergelijke artikelen, die onderworpen waren aan het tarief van 6 pct., zijn vanaf 1 januari 1983 opgenomen in rubriek VI van de nieuwe tabel B van de bijlage bij het bovengenoemd koninklijk besluit nr. 20 en zijn dus voortaan onderworpen aan het tarief van 17 pct. Dit is ook het geval voor de verhuur van machines (wasmachines, centrifuges, droogkasten, strijkmachines, enz.), toegestaan door exploitanten van openbare wasserijen aan hun klanten, met het oog op de uitvoering van bovenbedoelde werkzaamheden.
24. Er wordt opgemerkt dat :
1° het tarief, van toepassing op het reinigen, het verven, het strijken, het onderhouden en het herstellen van bontwerk, bedoeld in rubriek IV van tabel C, en van kleding en handschoenen van leder, bedoeld in rubriek XI van tabel C, verhoogt respectievelijk van I 7 pct. tot 19 pct. en van 6 pct. tot 19 pct. ;
2° krachtens rubriek XXVI van tabel A, het tarief van 6 pct. behouden blijft voor het onderhouden en het herstellen van schoei sel, bedoeld in rubriek V van tabel B.
Afdeling IV. Goederen waarvoor het tarief wordt verhoogd van 6 pct. tot 19 pct.
Voedsel voor troeteldiertjes.
25. Het tarief van 6 pct. wordt verhoogd tot 19 pct. voor "de goederen te koop aangeboden als voedsel voor honden, katten, kooivogels zoals papegaaien en zangvogels, voor aquariumvissen, voor hamsters, guinese biggetjes en andere troeteldiertjes". Deze goederen worden inderdaad uitgesloten van de rubrieken VII, VIII en XII van tabel A van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20, bij toepassing van welke ze tot 31 december 1982 onderworpen waren aan het verlaagde tarief ; vanaf 1 januari 1983 zijn ze bijgevolg onderworpen aan het normale tarief van 19 pct.
26. Het beoogde voedsel is dat wat in de handel, en meer in het bijzonder in de kleinhandel, te koop wordt aangeboden als specifiek voedsel voor troeteldiertjes. De genoemde bepaling beoogt dus niet het voedsel voor de dieren die voortkomen van de land bouwteelt noch het voedsel voor het pluimvee (kippen, duiven, enz.), evenmin als het voedsel voor de dieren die in vrijheid leven in de natuur ; de nieuwe bepaling beoogt het voedsel voor het door de mens in of bij zijn woning gehouden dier, zoals de huisdieren en de getemde of gevangen dieren, gewoonlijk beschouwd als gezelschapsdieren voor de mens. De niet beperkende lijst van deze dieren, weergegeven in de genoemde bepaling, kan worden aangevuld, bijvoorbeeld, met kanarievogels, parkieten, volièrevogels, kardinaalvogels, wevervogels, toekans, ara's, kaketoes, beo's, Koreaanse eekhorentjes, marmotten, witte muizen, schildpadden, dwergkonijnen, enz.
27. Om te bepalen of het tarief van 19 pct. toepasselijk is, dient er niet te worden nagegaan of, volgens de bestemming die de koper er heeft aan gegeven, dergelijk voedsel werkelijk wordt verbruikt door het bedoeld dier. Er zal daarentegen, en dat is een objectieve regel, worden nagegaan of het goed te koop wordt aangeboden als specifiek voedsel voor dat dier. In de praktijk onderstelt een der gelijk aanbod dat het voedsel speciaal bereid of verpakt is met het oog op deze precieze bestemming, of nog dat het eenvoudigweg voor die bestemming wordt aangeboden aan de klanten. Afgezien van de vooraf vervaardigde of voorverpakte goederen die onder diverse vormen in de handel worden gebracht (conserven of diepvries artikelen, mengsels van zaden, samengesteld voedsel in de vorm van pellets voor honden en katten, enz.), is het tarief van 19 pct. eveneens toepasselijk, in het stadium van de kleinhandel, op de goederen die de detaillist zelf, met hetzelfde oogmerk, bereidt, mengt of eenvoudig verpakt en die hij, op ondubbelzinnige wijze, als specifiek voedsel voor de beoogde dieren aan zijn klanten aanbiedt (bv. afval als dierenvoedsel aangeboden door beenhouwer, vishandelaar, enz. ; detaillist die met hetzelfde doel zaden mengt of voedsel
verpakt of bereidt, enz.).
Afdeling V. - Goederen waarvoor het tarief wordt verhoogd van 17 pct. tot 25 pct.
I. Fancy-bijouterie en fancy-juwelen.
28. Tot 31 december 1982 waren enkel de bijouterieën en juwelen van edele metalen of van metalen geplateerd met edele me talen onderworpen aan het tarief van 25 pct., verhoogd met de aan vullende weeldetaks van 8 pct. voor de bijouterieën en juwelen van edele metalen.
29. Vanaf 1 januari 1983 zijn de fancy-bijouterieën en fancy juwelen eveneens onderworpen aan het tarief van 25 pct., zonder evenwel onderworpen te zijn aan de aanvullende weeldetaks. Ter zake gaat het om kleine voorwerpen welke bestemd zijn om te worden gebezigd als sieraad, zoals ringen, armbanden, halssnoeren, oorringen, halskettingen, horlogekettingen, hangers voor horloge kettingen, voor halskettingen, insignes, versieringen voor kleding, hoeden, hoofddeksels, handtassen, enz., die voorheen nog niet bedoeld waren in rubriek Il, nummer 2, van tabel C.
30. Er wordt echter opgemerkt dat bepaalde kleine voorwerpen die bestemd zijn om te worden gebezigd als sieraad, en die wor den aangemerkt als bijouterieën en juwelen indien ze van edele me talen of van metalen geplateerd met edele metalen zijn, niet worden beschouwd als fancy-bijouterieën en fancy-juwelen indien ze van andere stoffen zijn ; het gaat om manchetknopen en dergelijke (boordeknoopjes, knoopjes voor fronten, enz.) en sierkammen, haarklemmetjes, diademen en dergelijke artikelen, die, vanaf 1 januari 1983, onderworpen zijn aan het tarief van 19 pct.
ll. Zakhorloges, polshorloges en dergelijke toestellen.
31. Tot 31 december 1982 waren zakhorloges, polshorloges en dergelijke toestellen aan de belasting onderworpen tegen 25 pct. (verhoogd met de aanvullende weeldetaks van 8 pct.), indien hun kast geheel of ten dele was samengesteld uit edele metalen of uit een legering die zulk metaal bevat. Vanaf 1 januari 1983 zijn alle zakhorloges, polshorloges en dergelijke toestellen (bv. horlogesgemonteerd in hangers, in broches, in ringen, horloges voorzien van een sleutelhanger) onderworpen aan het tarief van 25 pct., welke ook' desamenstelling van hun kast is. Maar de toepassing van de aanvullende weeldetaks van 8 pct. wordt evenwel niet uitgebreid tot de horloges welke ingevolge de nieuwe bepaling aan het tarief van 25 pct. worden onderworpen.
32. Zowel horloges met eenvoudig binnenwerk als horloges met ingewikkelder systeem worden bedoeld, d.w.z. met mechanismen welke, naast de organen voor het aanwijzen van de tijd (uren, minuten en seconden), ook allerlei nevenvoorzieningen hebben (wek horloges (horloges met wekker), horloges met aanwijzing van de datum, horloges met ingebouwde rekenmachine, enz.).
33. Worden daarentegen niet beoogd door deze rubriek III, l, de voorwerpen waarvan de voornaamste functie niet bestaat in het aanwijzen van de uren, minuten en seconden, maar welke slechts bijkomstig deze aanwijzing geven, zonder de vorm van een horloge te hebben (bijvoorbeeld kogelpennen en rekenmachines welke bijkomstig de uren, minuten en seconden aanwijzen).
34. De horloges, die met hun horlogebanden worden verkocht, zijn, voor het geheel van de prijs, aan het tarief van 25 pct. onderworpen.
Daarentegen volgen de horlogebanden, welke afzonderlijk worden verkocht of ingevoerd het hun eigen stelsel ; horlogebanden uit onedel metaal, eventueel verguld, verzilverd of geplatineerd, zijn vanaf l januari 1983 belastbaar tegen het tarief van 25 pct., bij toe passing van rubriek Il, nummer 3, van tabel C (fancy-bijouterie).
III. Verkleinde modellen, toestellen voor afstandsbediening en antennes voor deze toestellen.
35. Vóór de huidige tariefverhoging, waren reeds onderworpen aan het tarief van 25 pct., verhoogd met de aanvullende weeldetaks :
- de verkleinde modellen uitgerust met een ingebouwd ontvangsysteem, werkend met een toestel voor afstandsbediening waar van het zendvermogen tien milliwatt bereikte ;
- de toestellen voor afstandsbediening waarvan het zendvermogen tien milliwatt bereikte.
Vanaf 1 januari 1983 is het tarief van 25 pct., met uitsluiting van de aanvullende weeldetaks, eveneens van toepassing :
- op de verkleinde modellen voor afstandsbediening, die worden geleverd zonder ingebouwd toestel voor afstandsbediening ;
- op de verkleinde modellen uitgerust met een ingebouwd ontvangtoestel, werkend met een toestel voor afstandsbediening waarvan het zendvermogen tien milliwatt niet bereikt; op de toestel len voor afstandsbediening waarvan het zendvermogen tien milliwatt niet bereikt.
36. Hieruit volgt dat :
- de verkleinde modellen voor afstandsbediening (vliegtuigjes, bootjes, autootjes, enz.) onderworpen zijn aan het tarief van 25 pct., zonder dat dient te worden nagegaan of ze met of zonder ingebouwd toestel voor afstandsbediening worden geleverd ;
- de verkleinde modellen en toestellen voor afstandsbediening die, als speelgoed, belast werden tegen het tarief van 17 pct. omdat hun zendvermogen tien milliwatt niet bereikte, voortaan onderworpen zijn aan het tarief van 25 pct. ; •
- de aanvullende weeldetaks van 8 pct. in geen geval van toe passing is op de toestellen die pas vanaf 1 januari 1983 onderworpen zijn aan het tarief van 25 pct.
37. Er wordt opgemerkt dat het tarief van 25 pct. niet alleen van toepassing is op de verkleinde modellen en de toestellen voor afstandsbediening, als dusdanig geleverd, maar eveneens op de delen, onderdelen en toebehoren van deze toestellen, evenals op de stellen (kits) bestaande uit stukken nodig voor het monteren van deze toestellen (tabel C, rubriek VII, nummers 3 en 4).
IV. Spellen en speelgoed.
38. Voortaan zijn aan het tarief van 25 pct. onderworpen :
1° de spellen, bestemd om te worden gespeeld met behulp van een televisieontvangtoestel, en de voor die spellen geprogrammeerde videocassettes ;
2° de elektronische spellen en speelgoed.
39. Onder elektronisch spel of speelgoed moet worden verstaan elk toestel, apparaat of voorwerp, zowel voor volwassenen als voor kinderen, waarbij het spelelement de hoofdfunctie vormt, dat, in zijn elektrisch gedeelte, gebruik maakt van de eigenschappen van half-geleiders (transistoren, geïntegreerde schakelingen, micro processors en hun systemen die daarrond opgebouwd zijn), dat uit gerust is met een intern of extern, al dan niet programmeerbaar, geheugen en dat een programma bevat of kan geprogrammeerd worden.
De cassettes met vooraf opgenomen spellen of andere gelijk waardige systemen, die een reeks onderrichtingen bevatten welke toelaten het verloop van één of meer spellen op computer of op microcomputer weer te geven, worden eveneens als elektronische spellen aangemerkt.
40. Rubriek VII, nummers 6 en 7, van tabel C, beoogt inzonderheid :
- de videospellen waarvan het verloop en het resultaat op een scherm verschijnen ;
- de individuele of collectieve spellen, met aflezing via vloei bare kristallen of lichtdioden of elk ander lichtgevend of klank voortbrengend toestel, welke één of meerdere spelers toelaten zich met het apparaat of onder elkaar te meten (schaakspelen, mini flipper, mini-voetbal, ruimte-oorlog, enz.).
41. Worden daarentegen niet beoogd en zijn derhalve, vanaf 1 januari 1983, belastbaar tegen het tarief van 19 pct. : de computers of micro computers met veelvuldige functies, met uitzondering evenwel van de systemen (cassettes, enz.) die de inhoud van één of meerdere spellen bevatten en die kunnen worden aangesloten aan of ingebracht in deze computers of micro-computers ; deze systemen zijn, vanaf 1 januari 1983, belastbaar tegen het tarief van 25 pct.
V. Reisartikelen, marokijnwerk en foedraal werk.
42. Tot 31 december 1982 waren reisartikelen, marokijnwerk en foedraal werk aan het normale tarief van 17 pct. onderworpen, indien ze niet van leder of van kunstleder op basis van leder of van ledervezels waren en indien hun uitwendig deel evenmin van leder of van kunstleder op basis van leder of van ledervezels was.
Vanaf 1 januari 1983 zijn deze artikelen aan het tarief van 25 pct. onderworpen indien ze vervaardigd zijn van leder of kunstleder, vulcanfiber, kunstmatige plastische stoffen in vellen, karton of weefsel (inbegrepen vilt en gebonden textielvlies), of indien hun uitwendig deel, geheel of voor het grootste deel, met één van deze stoffen bekleed is. De administratie aanvaardt evenwel dat de arti kelen van karton die niet bekleed zijn met leder, kunstleder, vulcanfiber, kunstmatige plastische stoffen of weefsel, onderworpen blijven aan het normale tarief (19 pct. vanaf 1 januari 1983).
43. Onder de reisartikelen worden inzonderheid gerangschikt : reiskoffers, valiezen, reiszakken, hoededozen, toiletdozen en toi letzakjes, broodzakken, rugzakken (militaire en kampeer), ransels, knapzakken, enz. Slaapakken worden hier daarentegen niet beoogd en zijn belastbaar tegen het normale tarief (19 pct. vanaf 1 januari 1983).
44. Marokijnwerk betreft artikelen die soepel zijn doordat er geen geraamte of steunmateriaal in is verwerkt, terwijl het bij foedraalwerk gaat om artikelen die stijf zijn daar het materiaal waar uit ze zijn vervaardigd is aangebracht op een geraamte of doordat het geheel is verstevigd door het verwerken van steunmateriaal.
Een niet beperkende lijst van marokijnwerk en foedraalwerk is opgenomen in bijlage II van deze aanschrijving.
VI. Machines en apparaten voor huishoudelijk gebruik.
45. In het algemeen beoogt de nieuwe rubriek XIV van tabel C van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20, onder het nummer 1, de elektromechanische machines, apparaten en toestellen en de elektrothermische machines, apparaten en toestellen van de soorten welke gewoonlijk voor huishoudelijk gebruik worden ge bezigd, met uitzondering evenwel van de machines en apparaten die uitdrukkelijk zijn opgenomen onder de nummers 2 tot 5 van dezelfde rubriek.
46. Onder dit voorbehoud beoogt nummer l de machines en apparaten die op elektriciteit werken (op batterijen, met accumulatoren of werkend op het net) en die de huishoudelijke taken vergemakkelijken, zowel wat de keukenactiviteiten als het huishoudelijk onderhoud betreft, door middel van een elektromechanisch procédé (bijvoorbeeld een stofzuiger) of een elektrothermisch procédé (bijvoorbeeld een friteuse). Het keukengerei dat geen verwarmingselement bevat en dat, met het oog op zijn gebruik, bestemd is om eenvoudig op een warmtebron te worden geplaatst, valt niet binnen de toepassingssfeer van rubriek XIV, nummer 1, van tabel C.
47. Het tarief van 25 pct. is overigens enkel van toepassing op de machines en de apparaten van de soorten welke gewoonlijk in het huishouden worden gebezigd, hetgeen de machines en apparaten uitsluit die, inzonderheid omwille van hun afmetingen of ver mogen, normaal niet voor dergelijke doeleinden worden gebruikt maar die van de soort zijn bestemd voor beroepsdoeleinden.
48. Een lijst van de elektromechanische machines, apparaten en toestellen en een lijst van de elektrothermische machines, apparaten en toestellen, beoogd door rubriek XIV, nummer 1, van ta bel C, zijn opgenomen in bijlage III van deze aanschrijving. De aandacht wordt speciaal gevestigd op het feit dat de verwarmingstoestellen voor huishoudelijk gebruik (radiators, convectoren, enz.) niet zijn opgenomen in deze rubriek en dat zij onder worpen zijn aan het tarief van 19 pct.
VII. Diverse voorwerpen.
49. De nummers 2 en 3 van de nieuwe rubriek XIV van tabel C beogen de volgende goederen die vanaf 1 januari 1983 onder worpen zijn aan het tarief van 25 pct.
A. Elektrisch verwarmde dekens, kussens, voetzakken en dergelijke artikelen.
De elektrisch verwarmde artikelen die op de persoon worden gedragen, zoals oorwarmers, zijn niet bedoeld en zijn onderworpen aan het tarief van 19 pct.
B. Alle soorten van elektrische scheerapparaten werkend op het net, op batterijen of met een accumulator, ongeacht de aard van het gebruik.
Scheerapparaten voor dames, de zogenaamde "ladyshaves", evenals scheerapparaten die bijkomstig uitgerust zijn met een tondeuse worden gerangschikt onder de elektrische scheerapparaten. Elektrische tondeuses als zodanig blijven daarentegen onderworpen aan het tarief van 19 pct.
C. Elektrothermische toestellen voor haarbehandeling (elektrische haardroogtoestellen, daaronder begrepen de toestellen in helmvorm, en de handhaardrogers (met of zonder borstel), elektrische haargolftoestellen, daaronder begrepen de elektrische friseerijzers, verwarmingsapparaten voor friseerijzers, enz.).
D. Elektrische strijkijzers.
Hieronder vallen de gewone elektrische strijkijzers, al dan niet met stoom, voor het strijken van weefsels, stoffen, kleding; enz.
E. Elektrische strijkmachines en dergelijke, op elektriciteit werkende, toestellen (persen, strijkkalanders, enz.).
Niettegenstaande de tekst van rubriek XIV, nummer 3, ter zake een preciseringen geeft, aanvaardt de administratie, rekening houdend met de algemene context van nummer 3, dat het tarief van 25 pct. slechts van toepassing is op de soorten machines en toestellen die gebruikt worden voor het strijken van huishoudelijk linnen (kleren, lakens, gordijnen, enz.), ongeacht evenwel of deze machines of toestellen gebruikt worden voor privé of beroepsdoeleinden.
F. Koelkasten, diepvrieskisten, diepvrieskasten, al dan niet bestemd om te worden ingebouwd, welke ook de koudevoortbrengende energie of hun capaciteit weze.
De apparaten speciaal ontworpen voor de bereiding van consumptie-ijs zijn niet beoogd in deze rubriek en zijn derhalve onderworpen aan het tarief van 19 pct., tenzij ze normaal gebruikt worden voor huishoudelijke doeleinden en derhalve beoogd zijn in nummer I van deze rubriek (z. nr. 45). Koelvitrines en koeltoon banken, evenals verdeelautomaten voor consumptie-ijs en koude dranken, zijn ook van deze rubriek uitgesloten.
G. Vaatwasmachines, ongeacht hun energiebron en capaciteit en ongeacht of ze al dan niet voorzien zijn van een drooginrichting.
H. Wasmachines (al dan niet automatisch, al dan niet uitgerust met een verwarmingselement) en centrifuges, ongeacht hun energiebron en capaciteit.
De machines voor droogkuis zijn niet bedoeld en zijn derhalve vanaf 1 januari 1983 onderworpen aan het tarief van 19 pct.
I. Linnendroogkasten.
Hieronder vallen de toestellen en machines van de soorten die normaal gebruikt worden voor het drogen van huishoudelijk linnen (kleren, lakens, gordijnen, enz.), ongeacht hun energiebron, capaciteit en het gebruik ervan, voor privé of beroepsdoeleinden.
J. Naaimachines, met of zonder motor, met één of meerdere koppen.
Hier zijn niet alleen bedoeld de gewone naaimachines welke, met behulp van een bewegende naald, twee of meer stukken textielstof aan elkaar kunnen naaien, maar ook de machines welke behalve voor het naaien ook gebruikt kunnen worden voor decoratief werk, zoals bv. borduren, het aannaaien van knopen, het naaien van stukken leder, of die diverse andere werkzaamheden kunnen verrichten zoals snijden, perforeren of plooien van weefsels.
Zijn daarentegen niet bedoeld in rubriek XIV, nummer 3 : speciale machines welke uitsluitend ontworpen zijn voor het borduren, machines welke uitsluitend zijn ontworpen voor bepaalde soorten naaiwerk, zoals speciale naaimachines voor de lederindustrie, machines voor het naaien van hoeden, machines voor het dicht naaien van gevulde zakken (meelof cementzakken, enz.), machines welke in het boekbindersbedrijf worden gebruikt bij het brocheren, binden en kartonneren.
K. Breimachines, al dan niet elektrisch.
Hieronder vallen enkel de manueel te gebruiken breimachines.
50. Het tarief van 25 pct. is van toepassing op de in rubriek XIV, nummer 3, beoogde goederen, ongeacht of ze gebezigd wor den voor huishoudelijk gebruik of voor beroepsdoeleinden (in de handel, in de industrie, enz.), zelfs indien die goederen niet van de soorten zijn die gewoonlijk voor huishoudelijk gebruik gebezigd worden (bijvoorbeeld wasmachines voor wasserijen). Het tarief van 25 pct. is echter niet van toepassing op het professioneel materieel dat niet beantwoordt aan de bepalingen en begrippen hier boven vermeld aangezien het hier machines betreft die uitsluitend kunnen dienen om te worden geïntegreerd in de produktieketen van bv. een fabriek (bv. speciale breimachines).
VIII. In de keuken gebruikte toestellen.
51. Samen met-de andere goederen, waarvan de commentaar is opgenomen in de punten IX en X hierna, onderwerpt het nummer 4 van de nieuwe rubriek XIV van tabel C voortaan aan het tarief van 25 pct. : "heetwatertoestellen, elektrische dompelaars, kookplaten, fornuizen, ovens en dergelijke toestellen, van de soorten welke gewoonlijk in keukens worden gebruikt, ongeacht de warmtebron die wordt aangewend".
52. Algemeen beschouwd wordt opgemerkt :
1 ° dat de genoemde goederen slechts worden opgenomen on der nummer 4, voor zover het gaat om de soorten welke gewoon lijk in keukens worden gebruikt en dat het woord "keukens" hier in zijn courante betekenis van huishoudkeukens moet worden ver staan ; dat deze beperking de apparaten uitsluit welke normaal niet bestemd zijn voor keukengebruik (bakkerijovens, kookplaten voor laboratoria, ovens voor het bakken van keramiek, enz.), evenals de apparaten van de soort welke speciaal ontworpen zijn voor de grote professionele keukens (restaurants, keukens van bedrijven, enz.) ;
2° dat, daarentegen, de apparaten van de soorten die normaal in huishoudkeukens worden gebruikt en die begrepen zijn onder nummer 4, onderworpen zijn aan het tarief van 25 pct. zonder dat er een onderscheid moet worden gemaakt naargelang de koper een particulier of een beroepsgebruiker is (bijvoorbeeld, de aankoop van een kookplaat van de soort normaal bestemd voor huishoudelijk gebruik door een restauranthouder is onderworpen aan het tarief van 25 pct.) ;
3° dat, buiten de dompelaars welke slechts beoogd zijn in dien ze met elektriciteit werken de ·andere machines en apparaten waarover het gaat worden beoogd, ongeacht of ze met elektriciteit werken dan wel met een andere warmtebron (gas, steen kool, hout, mazout, enz.).
53. Rekening houdende met deze algemene overwegingen worden hierna elk van de bedoelde goederen nader omschreven.
54. Onder heetwatertoestellen van de soort welke gewoonlijk worden gebruikt in keukens, worden eenvoudigheidshalve en bij wijze van praktische maatregel slechts verstaan, de elektrische of andere heetwatertoestellen, waarvan de inhoud 6 liter niet over schrijdt of waarvan het debiet maximum 6 liter per minuut be draagt. Het tarief van 25 pc( is van toepassing voor deze heetwatertoestellen, ongeacht het lokaal waar ze uiteindelijk worden ge plaatst of de bestemming die de koper eraan geeft.
55. De levering met plaatsing van een dergelijk heetwatertoestel in een gebouw vormt een onroerende handeling die in principe onderworpen is aan het tarief van J7 pct. (z. evenwel nr. 9, eerste streepje).
Elektrische dompelaars.
56. Het zijn de toestellen en apparaten voor verwarming door indompeling die onderworpen worden aan het tarief va_n25 pct. indien ze met elektriciteit werken, ongeacht waarvoor ze worden gebruikt (verwarmen van water of van andere vloeistoffen).
Kookplaten, fornuizen, ovens en dergelijke toestellen.
57. Het betreft de toestellen, al dan niet bestemd om te worden ingelijfd, waarmee huishoudkeukens normaal zijn uitgerust, voor het bereiden van voedsel.
Met kookplaten en dergelijke toestellen worden inzonderheid bedoeld verwarmingsplaten, kooktafels, komforen, enz. Zijn even eens bedoeld alle apparaten voor fondue, gourmetstellen en raclette ovens (gesmolten kaas).
Worden eveneens beoogd : de mini-ovens, de microgolfovens en dergelijke toestellen.
58. Toestellen zoals bordenverwarmers die niet dienen voor het verwarmen of braden van voedsel maar eenvoudig voor het warm houden van hetgeen werd verwarmd of klaargemaakt -, grills, barbecues, enz., zijn niet van dezelfde aard als kookplaten, fornuizen en ovens en zijn dus niet bedoeld in rubriek XIV, nummer 4, van tabel C. Deze toestellen vallen evenwel in de toepassingssfeer van rubriek XIV, nummer 1, van tabel C, wanneer ze elektrothermisch zijn.
59. De toestellen zonder verwarmingselement, bestemd om, met het oog op het gebruik ervan, eenvoudig geplaatst te worden op een fornuis, een kookplaat enz., zijn evenmin bedoeld in rubriek XIV, nummer 4, van tabel C.
IX. Ventilators, luchtverversers, luchtbevochtigers en dergelijke losse toestellen.
60. Worden bedoeld de toestellen die gelijktijdig aan de volgende twee voorwaarden voldoen :
1° ventilator, luchtververser, luchtbevochtiger of een dergelijk toestel zijn ;
2° los zijn.
61. Vooreerst wordt opgemerkt dat ter zake slechts de '' toestellen" worden bedoeld, hetgeen van de toepassing van het tarief van 25 pct. uitsluit, bijvoorbeeld, de vergaarbakjes die niet uitgerust zijn met een mechanisme en die bestemd zijn om, met water gevuld, op een fornuis of een andere warmtebron te worden geplaatst of te worden gehangen aan een radiator van een centrale verwarming, ter bevochtiging van de lucht.
62. Voor zover ze los zijn (z. nr. 63) worden beoogd : de toestellen die dienen ·om de lucht te mengen en/of te vernieuwen of te verversen (ventilators, luchtverversers, enz.), toestellen aan gewend om de vochtigheidsgraad van de lucht te verhogen (luchtbevochtigers, verdampers, enz.) ; de toestellen die dienen om een, al dan niet geur verspreidend, produkt in de atmosfeer te doen ver stuiven ; meer algemeen, alle toestellen die de lucht beïnvloeden (bv. luchtzuiveraars en andere toestellen, uitgerust met een luchtfiltersysteem, enz.).
Er dient geen onderscheid te worden gemaakt naargelang de ze toestellen in een woning dan wel in andere lokalen (magazijnen, burelen, ateliers, enz.) kunnen worden aangewend en evenmin of het gaat om soorten welke gewoonlijk voor huishoudelijk gebruik worden gebezigd dan wel voor andere doeleinden.
63. De hierboven bedoelde toestellen worden slechts in rubriek XIV, nummer 4, van tabel C, beoogd, indien ze los zijn, hetgeen het geval is met de manueel te gebruiken toestellen (bijvoorbeeld de zakventilators) en met de toestellen die kunnen functioneren terwijl ze bv. eenvoudig op een meubel zijn geplaatst (bijvoorbeeld een tafelventilator), zelfs indien ze bijkomstig zijn uitgerust met haken of voorzien zijn van gaten om te worden opgehangen.
64. Worden daarentegen niet bedoeld door de rubriek XIV, nummer 4, van tabel C en zijn aldus onderworpen aan het normale tarief (19 pct. vanaf 1 januari 1983), de apparaten van de beoogde soort die ontworpen zijn om enkel te worden gebruikt als ze zijn ingevat in een muur, een wand, een venster, een meubel, enz.).
X. Apparaten om kunstmatig te zonnen.
65. Door de zonnebanken, de zonnelampen en dergelijke apparaten om kunstmatig te zonnen te beogen, onderwerpt rubriek XIV, nummer 4, van tabel C voortaan aan het tarief van 25 pct. alle apparaten om kunstmatig te zonnen, van welke soort dan ook, zonder een onderscheid te maken of ze verkregen of ingevoerd worden door een particulier, door de exploitant van een gespecialiseerde instelling (schoonheidsinstituut, solarium, sauna, enz.) dan wel door elk ander persoon (bijvoorbeeld een hotelhouder).
66. De uitdrukking "zonnelampen" beoogt niet de lampen maar wel de apparaten zelf om te zonnen. De lampen, buislam pen, enz., voor deze apparaten blijven belastbaar tegen het nor male tarief; dat op 1 januari 1983 van 17 tot 19 pct. wordt verhoogd. Het spreekt vanzelf dat de levering of de invoer van een zonnebank of van een ander apparaat om te zonnen, uitgerust met zijn lampen of buislampen, voor het geheel belastbaar is tegen het tarief van 25 pct. vanaf 1 januari 1983.
67. Er dient opgemerkt dat de medische of paramedische apparaten, zoals bijvoorbeeld diegene met infrarode stralen, aan het normale tarief onderworpen blijven (19 pct. vanaf I januari 1983) indien ze specifiek ontworpen zijn voor de behandeling van bepaal de ziekten, zelfs indien zij de patiënt, onrechtstreeks, in een bepaalde mate bruinen.
XI. Gazonmaaimachines.
68. Rubriek XIV, nummer 5, van tabel C, onderwerpt, vanaf
1 januari 1983, de gazonmaaimachines, ongeacht de gebruikte energiebron, aan het tarief van 25 pct. Het betreft de gazonmaaimachines met motor, welke ook de energiebron van die motor weze (elektriciteit, benzine, enz.), evenals de gazonmaaimachines die met afstandsbediening werken. De gazonmaaimachines waarvan het maaimechanisme (meestal een trommel uitgerust met messen) uit sluitend op menselijke kracht werkt (maaimachines welke met de hand worden geduwd) zijn vanaf 1 januari 1983 belastbaar tegen het tarief van 19 pct.
69. Alle apparaten en machines, met motor of met afstandsbediening, uitgerust voor het maaien van het gazon worden beoogd door de nieuwe bepaling, die dus behelst de boordmaaiers, de maai machines zonder zetel, al dan niet met zelfaandrijving, de maai machines uitgerust met een zetel, enz., ongeacht hun soort, de kracht van hun motor en hun bestemming (afmaaien van het grasperk van een klein familie-eigendom, van de grasperken die een appartementsgebouw, een kasteel, enz., omgeven, van de grasperken van een openbaar of een privaat park, van het gazon van een voetbalterrein, enz.). Hier worden eveneens beoogd degene van die apparaten en machines die uitgerust zijn of kunnen zijn met werk tuigen, welke hun toelaten andere functies te verrichten (bijvoorbeeld het verluchten van het grasperk).
70. Daarentegen ontsnappen aan de toepassing van het tarief van 25 pct. en zijn, vanaf 1 januari 1983, belastbaar tegen het tarief van 19 pct., de machines die speciaal ontworpen zijn om het gras van de weiden af te maaien, de landbouwmaaimachines evenals de tractors en mini-tractors die, zonder daarom van bij hun vervaardiging uitgerust te zijn met een gazonmáaier, dermate zijn ont worpen dat ze later, volgens de keuze van de gebruiker, met een dergelijk werktuig en andere werktuigen, welke voor andere functies dienen, kunnen worden uitgerust.
XII. Handgereedschap.
71. Afgezien van de gazonmaaimachines, waarvan sprake in punt XI hierboven, zijn handgereedschap en handgereedschapswerktuigen, met ingebouwde motor bedoeld in rubriek XIV, nummer 5, van tabel C.
72. De handgereedschappen en de handgereedschapswerktuigen die hier worden bedoeld zijn de werktuigen die worden aangedreven door een ingebouwde al dan niet elektrische motor. Voor de werktuigen met elektrische motor moet geen onderscheid worden gemaakt of deze motor op het net, op batterijen of met accu mulatoren werkt. Het handgereedschap en de handgereedschapswerktuigen zonder motor en het handgereedschap en de handgereedschapswerktuigen die werken met een niet ingebouwde motor (bv. die welke worden aangedreven door een persluchtmotor waar van de perslucht van buiten uit wordt geleverd) zijn niet bedoeld in rubriek XIV, nummer 5, van tabel C.
73. Anderdeels worden hier enkel de handgereedschappen en de handgereedschapswerktuigen bedoeld. Als handgereedschap en handgereedschapswerktuigen worden aangemerkt diegene die zo danig ontworpen zijn dat ze bij het gebruik in de hand worden ge houden, daaronder begrepen de zware werktuigen die niettemin draagbaar zijn, in die zin dat zij bij het uitvoeren der werkzaam heden door de werkman met de hand kunnen worden opgelicht en verplaatst en die bovendien zodanig ontworpen zijn om bij het gebruik met de hand in werking gesteld en bediend te worden, zelfs indien de betrokken werktuigen, teneinde de inspanning van de werkman te verlichten, soms worden gebruikt met een hulpinrichting voor het ondersteunen (driepoten, enz.).
74. De werktuigen die, als gevolg van hun te hoog gewicht of hun te grote omvang, klaarblijkelijk niet op de hierboven omschreven wijze tijdens het gebruik in de hand kunnen worden gehouden en de gereedschappen en werktuigen welke, hoewel draagbaar, zijn voorzien van een voetstuk of van enige andere inrichting waarmede zij kunnen worden bevestigd op een werkbank, op de vloer, tegen een muur, enz., of waarmede zij kunnen worden verreden op rails, worden niet aangemerkt als handgereedschappen en hand gereedschapswerktuigen en zijn derhalve niet bedoeld in rubriek XIV, nummer 5, van tabel C.
75. Onder voorbehoud dat het altijd moet gaan om handgereedschappen en handgereedschapswerktuigen met ingebouwde mo tor, dient geen enkel onderscheid te worden gemaakt tussen de soorten van gereedschappen en werktuigen gewoonlijk bestemd voor huishoudelijk gebruik en de soorten bestemd voor beroepsgebruik. Het tarief van 25 pct. is derhalve van toepassing ongeacht of de koper of de invoerder een particulier of een beroepsgebruiker is (vakman, enz.).
76. Een niet-limitatieve lijst van handgereedschap en handgereedschapswerktuigen met ingebouwde motor die bedoeld zijn in rubriek XIV, nummer 5, van tabel C, is bijgevoegd als bijlage IV.
77. Toestellen speciaal ontworpen voor medisch of paramedisch gebruik (bv. apparaten voor de chirurgie, de tandheelkunde, voor pedicure) zijn daarentegen vanaf 1 januari 1983 onderworpen aan het tarief van 19 pct.
XIII. Hulpwerktuigen en verwisselbare toebehoren van de on der de nummers 1 tol 5 van rubriek XIV van tabel C bedoelde machines, apparaten en toestellen.
78. Onder hulpwerktuigen en verwisselbare toebehoren van de machines, apparaten en toestellen, beoogd door de nummers 1 tot 5 van rubriek XIV van tabel C, verstaat men het mobiele en demonteerbare toebehoren dat bij bepaalde van deze apparaten, machines en toestellen wordt gevoegd en dat ze geschikt maakt om de diverse functies te vervullen waarvoor ze werden ontworpen.
79. Dit is inzonderheid het geval voor :
- de zuigers en borstels, van verschillende vormen, die bij stofzuigers worden gevoegd ;
- het, volgens de te vervullen taak, veranderlijke toebehoren (groentenrasp, vleesmolen, roomklopper, fruitperser, enz.) dat wordt gevoegd bij een mixer ;
- de messenslijpers die bij een broodsnijmachine, vleessnij machine, enz., worden gevoegd ;
- de verschillende modellen boorkoppen waarmee een boor machine kan worden uitgerust.
80. De hulpwerktuigen en het verwisselbare toebehoren waar over het gaat zijn, overeenkomstig rubriek XIV, nummer 6, van tabel C, belastbaar tegen het tarief van 25 pct. indien ze, voor een enige of een afzonderlijke prijs, samen met het apparaat of met de machine worden geleverd als aanvullend werktuig of als het, voor de verschillende functies van dit apparaat of machine, noodzake lijk toebehoren, zelfs indien ze afzonderlijk worden verpakt.
Indien deze hulpwerktuigen en dit verwisselbare toebehoren afzonderlijk, na de aankoop van de eigenlijke machine of van het eigenlijk apparaat, worden geleverd, hetzij als bijkomende uit rusting, hetzij met het oog op een vervanging, zou, krachtens de tekst van rubriek XIV, nummer 6, van tabel C, het tarief van 25 pct. eveneens van toepassing moeten zijn. Aangezien deze oplossing commerciële verwikkelingen met zich zou kunnen brengen, inzonderheid omwille van het te maken onderscheid tussen toebehoren en onderdelen, aanvaardt de administratie evenwel dat de verkopen van de hulpwerktuigen en van het verwisselbare toebehoren, na de aankoop van het eigenlijk apparaat of van de eigenlijke machine, eenvormig aan het tarief van 19 pct. worden onderworpen, maar zij behoudt zich het recht voor op deze toegeving terug te . komen indien er misbruiken zouden worden vastgesteld.
81. Aan het normale tarief (19 pct. vanaf 1 januari 1983) blij ven trouwens onderworpen :
1° de onderdelen of de wisselstukken van een apparaat, machine of toestel, beoogd door de nummers 1 tot 5 van rubriek XIV van tabel C (bijvoorbeeld de motor, de elektrische verwarmingsweerstanden, de bedieningsknoppen van fornuizen, grillovens, strijkijzers, enz., evenals de schroeven, veren, enz.) en de onder delen of de wisselstukken van een hulpwerktuig of van een verwisselbaar toebehoren van zulk een apparaat, machine of toestel (bij voorbeeld de rooster van een mobiel toebehoren welke, met het oog op het hakken van het vlees, aan een mixer voor verschillende doel einden wordt aangebracht) ;
2° het kleine toebehoren dat normaal bij het gebruik wordt verbruikt, zoals de boren voor boormachines, de schijven voor slijp machines, de zaagbladen, de naalden voor naaimachines, de zak ken voor stofzuigers, enz.
XIV. Radioen televisiedistributie.
82. De verrichtingen van radioen televisiedistributiebedrijven zijn voortaan aan het tarief van 25 pct. onderworpen (tabel C, nieu we rubriek XV). Dit tarief is niet alleen van toepassing op de door deze ondernemingen aangerekende bijdragen, maar tevens op de aansluitingskosten en op de kosten ingevolge uitbreiding der pro gramma's welke zij aan hun klanten aanrekenen.
BIJLAGE I
Originele kunstwerken ; voorwerpen voor verzamelingen ; antiquiteiten.
I. Originele kunstwerken.
De originele kunstwerken bedoeld in rubriek IV, nummers 1 tot 3, van tabel B zijn :
1° schilderingen, schilderijen en tekeningen geheel met de hand vervaardigd (rubriek IV, nummer 1), met uitzondering van :
a) bouwplannen, alsmede andere plannen en tekeningen voor technische en industriële doeleinden, welke met de hand vervaardigd zijn ;
b) originele modetekeningen, originele tekeningen van bijouterieën, van behangselpapier, van weefsels, van tapijten, van meubelen, enz. ;
c) geschilderd doek voor coulissen, voor achtergronden, voor panorama's, enz. ;
d) met de hand versierde fabrikaten, zoals reissouveniers, doos jes en koffertjes, keramische artikelen (borden, schotels, enz.), wel ke onderworpen zijn aan het tarief van 19 pc.:, tenzij ze worden aangemerkt als siervoorwerpen die uit dien hoofde belastbaar zijn tegen het tarief van 25 pct.
Om aan het tarief van 17 pct. onderworpen te zijn moeten de in rubriek IV, nummer 1, van tabel B, bedoelde schilderijen, schilderingen en tekeningen geheel met de hand vervaardigd zijn ; dit sluit de toepassing uit van alle procédés die toelaten de hand van de kunstenaar geheel of gedeeltelijk te vervangen. Zijn dus niet bedoeld in deze rubriek : schilderijen welke zijn verkregen langs fotomechanische weg, schilderingen welke met de hand zijn bijgeschilderd op een gegraveerde of gedrukte schets of tekening (namaak-schilderijen), zogenaamde "authentieke kopieën", welke zijn verkregen met behulp van een aantal maskers (of sjablonen), ook indien zij door de kunstenaar voor echt zijn verklaard.
Kopieën van schilderijen, welke geheel met de hand zijn vervaardigd, worden daarentegen onderworpen aan het tarief van 17 pct., ongeacht hun artistieke waarde.
De schilderijen, schilderingen en tekeningen, geheel met de hand vervaardigd, kunnen al dan niet ingelijst zijn ; de lijsten vol gen echter slechts het stelsel van de kunstvoorwerpen wanneer de aard en de waarde van de lijsten in overeenstemming zijn met die van de ingelijste kunstvoorwerpen ;
2° originele gravures, originele etsen en originele litho's.
Zijn slechts bedoeld in rubriek IV, nummer 2, van tabel B, de gravures, etsen en litho's, welke rechtstreeks in het zwart of in kleuren zijn afgedrukt van één of meer door de kunstenaar geheel met de hand vervaardigde platen, ongeacht het materiaal waarop dit afdrukken is geschied en ongeacht de gevolgde techniek, met uitzondering van de mechanische en van de fotomechanische reproduktietechniek.
Clichés op koper, zink, steen, hout of elk ander materiaal zijn aan het tarief van 19 pct. onderworpen.
Originele gravures, originele etsen en originele litho's kunnen al dan niet ingelijst worden ; de lijsten volgen echter slechts het stelsel van de kunstvoorwerpen wanneer de aard en de waarde van de lijsten in overeenstemming zijn met die van de ingelijste kunstvoorwerpen ;
3° originele standbeelden en origineel beeldhouwwerk, on geacht het materiaal waarvan zij vervaardigd zijn (rubriek IV, num mer 3).
Zijn derhalve niet bedoeld in rubriek IV, nummer 3, van ta bel B:
a) beeldhouwwerk met een commercieel karakter ;
b) ambachtswerk ;
c) in serie verkregen reprodukties, alsmede afgietsels met commercieel karakter, van metaal, van gips, van staff (kunststeen), van cement, van steenkarton, enz.
Sommige van die voorwerpen kunnen worden aangemerkt als siervoorwerpen bedoeld in rubriek VI van Tabel C en zijn als zo danig belastbaar tegen het tarief van 25 pct.
II. Voorwerpen voor verzamelingen.
De in rubriek IV, nummers 4 en 5, van tabel B bedoelde voor werpen voor verzamelingen zijn :
1) postzegels en dergelijke zegels (gefrankeerde enveloppen en postkaarten daaronder begrepen), gestempeld of, indien ongestempeld, voor zover zij niet geldig zijn of niet geldig zullen worden in België.
Er wordt opgemerkt dat fiscale zegels hier niet bedoeld zijn. Postzegels, welke in België geldig zijn of zullen worden, worden aangemerkt als onlichamelijke waarden. Uit dien hoofde zijn ze niet aan de belasting over de toegevoegde waarde onderworpen ;
2) zoölogische, botanische, mineralogische en anatomische verzamelingen en voorwerpen voor die verzamelingen, zoals :
- dieren van alle soorten, welke droog of in een vloeistof zijn geconserveerd; opgezette dieren voor verzamelingen ;
- eierschalen ; insekten in doosjes, tussen ingelijste glasplaat jes, enz. (met uitzondering van gemonteerde artikelen, welke als fancy-bijouterieën of als snuisterijen zijn aan te merken); lege schelpen (andere dan die welke voor industriële doeleinden geschikt zijn) ;
- gedroogde of in een vloeistof geconserveerde zaden en plan ten ; herbariums ;
- uitgezochte mineralen (met uitzondering van edelstenen en half-edelstenen); fossielen ;
- osteologische voorwerpen (skeletten, beenderen, schedels) ;
- anatomische en pathologische preparaten en conserveringen ;
3) voorwerpen voor verzamelingen van belang uit historisch, archeologisch, paleontologisch en etnografisch oogpunt.
Hiertoe behoren :
- voorwerpen welke van belang zijn voor de studie van alle uitingen van de menselijke activiteit en van de zeden, van de gebruiken en van de eigen aard van huidige of van vroegere volkeren. Van deze voorwerpen kunnen worden genoemd : mummies, . sarcofagen, wapens, voorwerpen voor de eredienst, kledingstuk ken, van primitieve volkeren herkomstige curiositeiten en voorwer pen, welke aan beroemde personen hebben toebehoord ;
- voorwerpen van plantaardige of van dierlijke oorsprong, voor de studie van fossielen (uitgestorven oranismen welke hun overblijfselen of hun afdrukken in de geologische Jagen hebben achtergelaten );
4) voorwerpen voor verzamelingen welke van belang zijn uit numismatiek oogpunt ; hier worden muntstukken en medailles, herdenkingsmedailles daaronder begrepen, van eender welk metaal bedoeld, die, meestal wegens hun ouderdom of hun zeldzaamheid, gekocht of ingevoerd worden als verzamelobject.
Er mag niet uit het oog worden verloren dat :
- muntstukken welke deviezen zijn en die, tegen hun nominale waarde, gewoonlijk als betaalmiddel gebruikt worden in hun land van herkomst aangemerkt worden als onlichamelijke waar den en als zodanig niet aan de belasting over de toegevoegde waar de zijn onderworpen ;
- gouden muntstukken, die normaal als beleggingsobject worden gebruikt en die als dusdanig ter beurs worden genoteerd en verhandeld, rekening houdend met de prijsschommelingen van het monetair goud, onderworpen zijn aan de BTW tegen het tarief van 1 pct. zelfs indien ze hun wettelijke koers behouden in hun land van herkomst en er uitzonderlijk gebruikt kunnen worden als betaalmiddel (z. aanschr. 13/1982, tot wijziging van de aanschr. 18/ 1981) ;
- muntstukken, van eender welk metaal behalve goud, die, niettegenstaande ze theoretisch hun wettelijke koers behouden in hun land van herkomst er normaal niet gebruikt worden tegen hun nominale waarde als betaalmiddel, maar worden gekocht als be leggingsobject, het karakter van geld verliezen en onderworpen zijn aan de BTW tegen het normaal tarief (19 pct. vanaf l januari 1983);
- herdenkingsmedailles, andere dan voor verzamelingen van belang uit numismatiek oogpunt zijn, ongeacht het metaal waar van zij vervaardigd zijn, onderworpen aan het normaal tarief (19 pct. vanaf l januari 1983) ;
- de medailles, herdenkingsmedailles daaronder begrepen, welke tot bijouterieën gemonteerd zijn en andere dan herdenkingsmedailles, zoals medailles met een sterrebeeld of met bloemen, als bijouterie of als edelsmidwerk, onderworpen zijn aan het tarief van 25 pct. verhoogd met de aanvullende weeldetaks van 8 pct. wanneer ze van edele metalen zijn en enkel aan het tarief van 25 pct. in de andere gevallen.
III. Antiquiteiten.
Onder antiquiteiten in de zin van die bepaling wordt verstaan de voorwerpen van alle aard en van welk materiaal ook die, on geacht hun oorspong, hun huidig of vroeger gebruik, de hoedanigheid of het beroep van hen die ze hebben vervaardigd en de werk methodes die deze hebben gebruikt, ouder zijn dan honderd jaar op het tijdstip waarop zij voor de eerste keer worden opgenomen in handelingen onderworpen aan de belasting over de toegevoegde waarde in België. Parels, edelstenen en half-edelstenen worden even wel nooit aangemerkt als antiquiteiten zelfs indien ze ouder zijn dan 100 jaar op het tijdstip waarop zij voor de eerste keer worden opgenomen in handelingen onderworpen aan de BTW in België.
De voorwerpen die ouder zijn dan 100 jaar op het tijdstip waar op zij voor de eerste keer worden opgenomen in handelingen onderworpen aan de BTW in België, zijn bedoeld in rubriek IV, nummer 6, van de nieuwe tabel B van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20, zelfs indien zij enige wijziging of aanpassing hebben ondergaan binnen het tijdsbestek der laatste 100 jaar, voor zover de originele kenmerken ervan onaangetast zijn en voor zover de wijzigingen of aanpassingen slechts bijkomstig zijn.
BIJLAGE II
Marokijnwerk en foedraalwerk.
Vanaf 1 januari 1983 zijn marokijnwerk en foedraalwerk aan het tarief van 25 pct. onderworpen indien ze vervaardigd zijn van leder of kunstleder, vulcanfiber, kunstmatige plastische stoffen in vellen, karton of weefsel (inbegrepen vilt en gebonden textielvlies), of indien hun uitwendig deel, geheel of voor het grootste deel, met één van deze stoffen is bekleed. Zijn onder meer bedoeld :
1° dameshandtassen, damestassen, geldbeurzen, brieventas sen, kaartentassen, speldenkokers, sleutelzakjes, sigarettenkokers, sigarenkokers, pijp-etuis, tabakzakken, aktentassen, diplomaten koffers, diplomatentassen, tekenportefeuilles, muziektassen, schooltassen en schooletuis (pennekokers, enz.), gereedschapstas sen of gereedschapszakken, boodschappentassen, weitassen, golf tassen en andere tassen voor sportartikelen of voor sportkleding, foedralen, valiezen, kokers, etuis, kistjes en schrijnen voor foto apparaten, voor kijkers, wapens, schietpatronen, muziekinstrumenten, flacons, juwelen, brillen, enz., poederdozen, schoenetuis, boordenetuis, borsteletuis, enz., en dergelijke bergingsmiddelen ;
2° artikelen zoals bagagelabels, scheerriemen, overtrekken voor poefs, leibanden voor kinderen, boekomslagen (zg. liseuses), boekbeschermers, dossiermappen, mappen en omslagen voor het beschermen of opbergen van documenten, onderleggers, hoezen voor tennisraketten, voor schrijfmachines, enz., fotolijsten, lede ren zakken (voor vloeistoffen), foedralen, eikels, kwasten en an dere dergelijke artikelen voor paraplu's, parasols en wandelstok ken, kwasten voor sabels en degens, kussentjes bekleed met damherteleder voor het polijsten der nagels, enz.
Er dient opgemerkt dat boodschappentassen en dergelijke van mandenmakerswerk en van filetweefsel, opgevulde poefs, fotoalbums, scheden voor sabels, degens, bajonetten en andere blanke wapens, en stokken, zwepen, rijzwepen en dergelijke goederen, die vóór 1 januari 1983 onderworpen waren aan het tarief van 17 pct., vanaf die datum onderworpen zijn aan het tarief van 19 pct. De boodschappentassen en dergelijke van mandenmakerswerk, waar van het uitwendig deel geheel of voor het grootste deel is bekleed met één of meer van de in het bovenvermeld nr. 42 opgesomde materialen (leder, kunstleder, vulcanfiber, enz.) zijn echter vanaf 1 januari 1983 onderworpen aan het tarief van 25 pct.
Anderzijds aanvaardt de administratie dat zakken vervaardigd van kunstmatige plastische stof en geschikt voor het dragen van lichte artikelen, met of zonder handvatten door insnijding van de ze stof zelf verkregen, evenals de artikelen van karton, niet bekleed met leder, kunstleder, vulcanfiber, kunstmatige plastische stoffen of weefsel onderworpen blijven aan het normaal tarief (19 pct. in de plaats van 17 pct. vanaf 1 januari 1983).
BIJLAGE III
A. Elektromechanische machines en toestellen bedoeld in rubriek XIV, nummer 1, van tabel C.
Worden onder meer bedoeld :
- stofzuigers, die met hulpinrichtingen (bv. roterende borstels of een tapijtklopper) daaronder begrepen ;
- vloerwrijvers (boenmachines), ook indien voorzien van een wasverdeler of van verwarmingselementen om de was vloeibaar te maken;
- apparaten voor het malen en het mengen van voedingsen genotsmiddelen, zoals vlees en vismolens, haktoestellen voor groen ten en fruit, maaltoestellen voor verschillende doeleinden (bv. voor koffie;, rijst, gerst, spliterwten, enz.), melkschudders, mengers voor roomijsbereiding, deegkneders, yoghurtmakers, mayonaisekloppers en andere dergelijke mengen kloptoestellen, daaronder begrepen die welke met behulp van verwisselbaar toebehoren allerhande werk zaamheden verrichten (bv. malen, mengen, schudden, roeren, klop pen, snijden, enz.) ;
- vruchtenpersen ;
- zuigkappen voor keukens (1) ;
(1) De levering met aanhechting aan een gebouw van zuigkappen waarmee een keu ken is uitgerust vormt voor het geheel een onroerende handeling die in principe onderworpen is aan het tarief van 17 pct. (z. evenwel nr. 9, eerste streepje, van de aanschr.).
- zuigtoestellen voor het wegzuigen van vuil water en schrob-, slijpen schraapmachines, voor parketvloeren ;
- sproeitoestellen voor het aanbrengen van boenwas op vloeren ; zij zijn vaak voorzien van verwarmingselementen om de boen was vloeibaar te maken ;
- aardappelschilmachines en aardappelsnijmachines ;
- verschillende toestellen voor het in schijven snijden van vlees, worst, spek, kaas, brood, fruit, groenten, enz. ;
- messenslijpen polijstmachines ;
- blikopeners ;
- in gootstenen aan te brengen toestellen voor het vermalen van keukenafvallen ;
- roomkloppers, eierkloppers, enz.;
- elektromechanische tandenborstels.
B. Elektrothermische machines en toestellen bedoeld in rubriek XIV, nummer 1, van tabel C..
Worden inzonderheid bedoeld :
- elektrische ketels van alle soorten, elektrische kookpannen, elektrische potten, elektrische pannen en andere dergelijke elektrische toestellen, toestellen met waterbad (bain-marie), melk- of soep kokers met dubbele wanden, enz., elektrische koffiezettoestellen (percolators daaronder begrepen, met uitzondering echter van toonbankpercolators), enz. ;
- wastoestellen zonder mechanische inrichting ; broodroosters en wafelijzers ;
- braadroosters, bordenverwarmers,
- bussen voor het warm houden van spijzen, enz. ;
- toestellen voor croque-monsieur, croque burger, enz.
- sauteer- en frituurpannen, andere dan die welke worden gebruikt in de industrie (bv. in de conservenindustrie of door handelaars in fritures) ;
- sausmakers
- toestellen om koffie te branden ;
- handen gelaatdroogtoestellen en dergelijke toestellen ;
- handdoekdroogtoestellen en verwarmde handdoekdragers ;
- bedverwarmers en beddepannen ;
- verwarmde toestellen voor het verspreiden van insektendodende middelen ;
- toestellen die het toelaten thuis een zweetbad te nemen, zelfs gedemonteerd geleverd.
Er dient opgemerkt dat reukbranders reeds vóór 1 januari 1983 onderworpen waren aan het tarief van 25 pct. krachtens rubriek VI, nummer 1, van tabel C. Ze zijn inderdaad opgenomen in de limitatieve lijst van de siervoorwerpen (z. Com. 31, nr. 264).
Anderzijds zijn elektrisch verwarmde meubelen, zoals ver warmde kasten voor voedingsmiddelen of linnengoed, verwarmde roltafeltjes, enz., geen elektrothermische machines en toestellen in de zin van rubriek XIV, nummer I, van tabel C, en zijn derhalve vanaf I januari 1983 onderworpen aan de BTW tegen het tarief van 19 pct.
Tenslotte is het tarief van 25 pct. niet van toepassing op elektrische toestellen voor de verwarming van lokalen (radiators, convectors, enz.). Deze toestellen zijn vanaf 1 januari 1983 onderworpen aan het tarief van 19 pct.
BIJLAGE IV
Onder voorbehoud van hetgeen werd gezegd onder nr. 77 van deze aanschrijving met betrekking tot de apparaten welke specifiek ontworpen zijn voor medische en paramedische doeleinden, kunnen als handgereedschap en handgereedschapswerktuigen, met ingebouwde motor, bedoeld in rubriek XIV, nummer 5, van tabel C, onder meer worden genoemd :
- boor- en tapmachines ;
- rotsboren ;
- machines voor het aan- of losdraaien van schroeven, bouten, moeren, enz.
- vijl-, slijp-, schuur-, vlaken polijstmachines ; borstelmachines ;
- cirkelzagen, kettingzagen en dergelijke ;
- bikhamers, graveerhamers, breeuwhamers, klinkhamers ;
- schaafmachines, groefmachines en dergelijke ;
- machines voor het verwijderen van klinknagels en andere met een beitel werkende apparaten ;
- klinkpersen ;
- metaalscharen ;
- zandstampers, toestellen voor het verwijderen van gietkernen en trillers voor metaalgieterijen ;
- trillers voor het opvoeren van de dichtheid en de vastheid van beton ;
- haagscharen ;
- bosmaaiers ;
- elektrische handscharen ;
- machines voor het snijden van weefsels in de confectie industrie ;
- machines voor het graveren, guillocheren, enz.
- vibrerende stampers, voor het aanstampen van zand, grond, enz
