Circulaire 2017/C/39 over de wijzigingen in de aangifte in de personenbelasting van aanslagjaar 2017
Bespreking van de wijzigingen in de (papieren) aangifte in de personenbelasting, de voorbereiding en de toelichting van aanslagjaar 2017.
Aangifte in de PB ; wijziging van de aangifte ; aangifteformulier ; invulling van de aangifte
FOD Financiën, 15.06.2017
Algemene Administratie van de Fiscaliteit – Personenbelasting
Inhoudstafel
I. Samenstelling, formaat en aantal bladzijden
III. Voorbereiding van de aangifte
IV. Toelichting bij de aangifte
I. Samenstelling, formaat en aantal bladzijden
1. De aangifte in de PB (nr. 276.1) van aj. 2017 (inkomsten van het jaar 2016) bestaat nog altijd uit:
- de eigenlijke 'Aangifte in de personenbelasting' (terug te bezorgen aan de belastingdienst als de belastingplichtige zijn aangifte indient op papier)
- de 'Voorbereiding van de aangifte' (te bewaren door de belastingplichtige als hij zijn aangifte indient op papier en te gebruiken als aangifte door de belastingplichtige die zijn aangifte indient via tax-on-web).
Het formaat en het aantal bladzijden van die documenten zijn niet veranderd.
II. Indexering
De meeste bedragen in de voorbereiding en de toelichting zijn geïndexeerd (volgens art. 178, § 2, § 3, eerste lid, 2°, § 4 of § 6, WIB 92).
Dat is echter niet het geval voor:
- de bedragen die niet indexeerbaar zijn zoals o.a.:
* de forfaitaire bedragen van 75, 125 en 175 euro voor verre verplaatsingen van werknemers (zie art. 28, KB/WIB 92)
* het maximumbedrag van 11,20 euro per oppasdag en per kind van de uitgaven voor kinderoppas (zie art. 63^18/8, KB/WIB9 2)
*het maximumbedrag van 100.000 euro van de betalingen voor het verwerven van nieuwe aandelen van startende ondernemingen (zie art. 145^26, § 3, vierde lid, WIB 92)
- de bedragen waarvoor de indexering voor de aj. 2015 tot 2018 bevroren is op het indexeringspeil van aj. 2014 (zie art. 178, § 3, tweede lid, art. 535, tweede lid, en art. 539, § 3, WIB 92), namelijk:
* de in art. 21, WIB 92 vermelde bedragen van:
- • de eerste schijven van 1.250 en 125 euro (vóór indexering) van bepaalde inkomsten die niet als roerende inkomsten belastbaar zijn
• de eerste schijf van 9.965 euro (vóór indexering) van leningen aan startende kleine vennootschappen, waarvan de interesten onder bepaalde voorwaarden voor vier jaar niet als roerende inkomsten belastbaar zijn
* de bedragen die verband houden met de federale belastingverminderingen (behalve het in art. 145^3, derde lid, WIB 92 bedoelde maximumbedrag van de persoonlijke bijdragen en premies voor de individuele voortzetting van een pensioentoezegging en het in art. 145^34, tweede lid, 1°, WIB 92, bedoelde maximumbedrag van de bezoldigingen van een huisbediende)
- de maximumbedragen in het kader van de Vlaamse 'woonbonus', die permanent 'bevroren' blijven op het indexeringspeil van aj. 2015 (zie art. 178, § 5, 4°, WIB 92, zoals het van toepassing is voor het Vlaams Gewest)
- de maximumbedragen in het kader van de Waalse 'woonbonus'. De Waalse decreetgever heeft die bedragen permanent 'bevroren' op het indexeringspeil van aj. 2016 (zie art. 145^37, § 2 en art. 178, § 5, 4°, WIB 92, zoals ze voor het Waals Gewest zijn gewijzigd respectievelijk ingevoegd door art. 217 en art. 223, Waals D 17.12.2015 houdende de algemene uitgavenbegroting van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 2016 – BS 25.01.2016).
III. Voorbereiding van de aangifte
3. Daarnaast is de voorbereiding van aj. 2017 inhoudelijk op de volgende punten gewijzigd.
4. Vak I, 2 en 3: bijkomende invulvakjes waarin de echtgenoot of wettelijk samenwonende partner van de belastingplichtige eventueel een eigen telefoonnummer en een eigen e-mailadres kan meedelen.
5. Vak IV, A, 12: nieuwe rubriek voor de bezoldigingen voor overuren in de horeca die in aanmerking komen voor belastingvrijstelling (zie art. 38, § 1, eerste lid, 30°, WIB 92, ingevoegd door art. 29, W 16.11.2015 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken – BS 26.11.2015)
6. Vak IV, D, 1, a en E, 2, a: uitsplitsing van de rubrieken van:
- de aanvullende vergoedingen betaald door een gewezen werkgever krachtens een cao of een individuele overeenkomst met een clausule van doorbetaling bij werkhervatting
- de gewone bedrijfstoeslag.
Die uitsplitsing is het gevolg van een wijziging van het belastingstelsel van:
- de bedrijfstoeslag (in een stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag – voorheen 'brugpensioen' genoemd)
- de bovenbedoelde aanvullende vergoedingen die bovenop een bedrijfstoeslag zijn toegekend aan ontslagen werknemers van 50 jaar of ouder.
Door die wijziging zijn de bedrijfstoeslag en die aanvullende vergoedingen erbovenop die vanaf 01.01.2016 zijn betaalde of toegekend:
- vrijgesteld: als ze betrekking hebben op periodes vanaf 01.01.2016 waarin de belastingplichtige het werk heeft hervat (zie art. 38, § 1, eerste lid, 31°, en § 6, WIB 92, ingevoegd door art. 103, programmawet (I) 26.12.2015 – BS 30.12.2015)
- onderworpen aan de vermindering voor pensioenen en andere vervangingsinkomsten berekend zonder correctie voor het eventuele werkhervattingsinkomen: als ze betrekking hebben op periodes vanaf 01.01.2016 waarin de belastingplichtige het werk niet heeft hervat (zie art. 147, eerste lid, 2°, a, WIB 92, zoals vervangen door art. 105 programmawet (I) 26.12.2015).
7. Vak IV, K en vak XVII, 16: de twee sub rubrieken van de rubriek 'Werkbonus' zijn geschrapt doordat:
- het berekeningspercentage (28,03 %)
- het maximumbedrag (420 euro vóór indexering)
van het belastingkrediet verbonden aan de werkbonus voor het hele jaar 2016 gelijk gebleven zijn (zie art. 289ter/1, tweede en derde lid, WIB 92, zoals ze zijn gewijzigd door art. 84, 2° en 85, 2°, programmawet 10.8.2015 – BS 18.8.2015).
8. Vak IV, L, vak XVII, 17, vak XVIII, 16, vak XIX, 16 en vak XXII, 8: aanpassing van de gevallen waarin ontslagen werknemers die het werk hebben hervat, hun werkhervattingsinkomsten in deze rubrieken moeten hernemen.
Deze aanpassing hangt samen met het feit dat in het geval bedoeld in nr. 6, derde lid, tweede streepje hiervoor, de vermindering voor pensioenen en andere vervangingsinkomsten, voortaan berekend wordt zonder correctie voor het werkhervattingsinkomen (zie art. 147, eerste lid, 2°, a, WIB 92, zoals vervangen door art. 105, programmawet (I) 26.12.2015).
9. Vak V, A, 1, e: nadat de rubriek van de overlevingspensioenen vorig aanslagjaar al is aangevuld met de overgangsuitkeringen (1), is de rubriek van de achterstallen van overlevingspensioenen nu ook met de achterstallen van overgangsuitkeringen aangevuld.
(1) Zie punt 3, d, circ. AAFisc Nr. 20/2016 (nr. Ci.705.323) van 27.06.2016.
De wetgever heeft de gunstige berekening van de vermindering voor pensioenen en andere vervangingsinkomsten voor belastingplichtigen die nog activiteitsinkomsten hebben naast hun overlevingspensioen, uitgebreid tot de belastingplichtigen die nog activiteitsinkomsten hebben naast hun overgangsuitkering die vanaf 01.01.2015 is betaald of toegekend (zie art. 147, eerste lid, 2°, b, WIB 92). Die gunstige berekening geldt nu ook voor belastingplichtigen met achterstallen van die overgangsuitkeringen.
10. Vak VII, A, 1 en A, 2, a, b en d en vak XVI, A, 1, b en A, 2, e: drie wijzigingen i.v.m. de afzonderlijke aanslagvoeten voor bepaalde inkomsten van kapitalen en bepaalde vergoedingen voor ontbrekende coupon of ontbrekend lot bij financiële instrumenten die het voorwerp zijn van een zakelijke zekerheidsovereenkomst of een lening, nl.:
- de vervanging van de aanslagvoet van 25 % door die van 27 % (zie art. 171, 3°, en art. 269, § 1, 1°, WIB 92, zoals gewijzigd door, respectievelijk, art. 91, 1°, en art. 92, 1° en 2°, W 26.12.2015 houdende maatregelen inzake versterking van jobcreatie en koopkracht (W 26.12.2015) – BS 30.12.2015 en errata in BS 25.01.2016)
- de toevoeging van de aanslagvoet van 17 % (art. 171, 3°septies, art. 269, § 1, 8°, en art. 537, zesde en zevende lid, WIB 92, zoals gewijzigd door, respectievelijk, art. 91, 3°, art. 92, 5°, en art. 93, W 26.12.2015)
- de toevoeging van de aanslagvoet van 5 % die vanaf aj. 2017 toepassing kan vinden (zie art. 537, zevende lid, WIB 92).
11. Vak IX, B, 1: nieuwe rubriek voor de interesten en kapitaalaflossingen van in 2016 gesloten hypothecaire leningen en de premies van individuele levensverzekeringen die in aanmerking komen voor de Vlaamse 'geïntegreerde woonbonus' (zie art. 145^38/1 en 145^38/2, WIB 92, zoals die voor het Vlaams Gewest zijn ingevoegd door art. 83 en 84, Vlaams D 18.12.2015 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2016 (Vlaams D 18.12.2015) – BS 29.12.2015 – en gewijzigd door art. 6 en 7, Vlaams D 23.12.2016 houdende diverse fiscale bepalingen en bepalingen omtrent de invordering van niet-fiscale schuldvorderingen (Vlaams D 23.12.2016) – BS 30.12.2016).
12. Vak IX, B, 2: nieuwe rubriek voor de interesten en kapitaalaflossingen van in 2016 gesloten hypothecaire leningen en premies van in 2016 gesloten individuele levensverzekeringen die in aanmerking komen voor de Waalse 'chèque habitat' (zie art. 145^46ter tot 145^46sexies, WIB 92, die voor het Waals Gewest zijn ingevoegd door art. 17 tot 20, Waals D 20.07.2016 betreffende de toekenning van een fiscaal voordeel voor de aankoop van de eigen woning: de 'chèque habitat' (wooncheque) (Waals D 20.07.2016) – BS 10.08.2016 en errata in BS 10.10.2016 – en B 24.11.2016 van de Waalse Regering tot uitvoering van het Waals D 20.07.2017 – BS 05.12.2016).
13. Vak IX, B, 3, a; B, 4, c, 1, a; B, 5, b, 1 en B, 6, b, 1: nieuwe rubrieken voor de interesten en kapitaalaflossingen van leningen gesloten in 2016 en voor de premies van individuele levensverzekeringen gesloten in 2016, die in aanmerking komen voor de Waalse of Brusselse:
- 'woonbonus'
- vermindering bedoeld in art. 145^44, WIB 92 voor interesten van leningen voor het verwerven of behouden van de 'eigen woning'
- vermindering voor het lange termijnsparen.
De inlassing van die nieuwe rubrieken is een gevolg van het feit dat het Vlaams Gewest die belastingverminderingen heeft afgeschaft voor leningen en levensverzekeringen gesloten vanaf 01.01.2016 (zie art. 145^37, 145^39 en 145^40, WIB 92, zoals ze voor het Vlaams Gewest zijn gewijzigd door art. 81, 85 en 86, Vlaams D 18.12.2015, en art. 145^44, § 1, b, WIB 92, zoals het voor het Vlaams Gewest is gewijzigd door art. 8, Vlaams D 23.12.2016).
14. Vak IX, B, 3, b: in de rubriek van de in 2015 gesloten leningen die in aanmerking komen voor de gewestelijke 'woonbonus' zijn twee vragen toegevoegd. Die vragen dienen om te bepalen of de belastingplichtige recht heeft op de verhogingen van het grensbedrag van die gewestelijke 'woonbonus' (zie art. 145^37, § 3, tweede en derde lid, WIB 92, zoals het van toepassing is voor het Vlaams Gewest, art. 145^37, § 2, tweede en derde lid, WIB 92, zoals het van toepassing is voor het Waals Gewest, en art. 145^37, § 2, tweede en derde lid, WIB 92, zoals het van toepassing is voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest).
15. Vak IX, B, 4, b, 2, a: nieuwe rubriek voor de interesten van in 2016 gesloten leningen die in aanmerking komen voor de Brusselse vermindering voor interesten van leningen voor het vernieuwen van de enige en ten minste 15 jaar geleden in gebruik genomen woning (zie art. 145^45, § 2, 2°, c, WIB 92, zoals het van toepassing is voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest).
De inlassing van die nieuwe rubriek is een gevolg van het feit dat het Waals Gewest die vermindering heeft afgeschaft voor leningen gesloten vanaf 01.01.2016 (zie art. 145^45, § 1, eerste lid, 1°, b, WIB 92, zoals het voor het Waals Gewest is gewijzigd door art. 14, Waals D 20.07.2016).
16. Vak IX, B, 7, a: nieuwe rubriek voor de betaalde erfpacht- en opstalvergoedingen of gelijkaardige vergoedingen voor in 2016 gesloten contracten die in aanmerking komen voor de Vlaamse of Brusselse vermindering voor dergelijke vergoedingen (zie art. 145^43, eerste lid, 2°, WIB 92).
De inlassing van die nieuwe rubriek is een gevolg van het feit dat het Waals Gewest die vermindering heeft afgeschaft voor contracten gesloten vanaf 01.01.2016 (zie art. 145^43, eerste lid, 2°, WIB 92, zoals het voor het Waals Gewest is gewijzigd door art. 12, Waals D 20.07.2016).
17. Vak X, C: toevoeging van een voetnoot om aan te duiden dat de rubriek van de uitgaven voor onderhoud en restauratie van beschermde monumenten en landschappen alleen nog voor het Vlaams en het Waals Gewest bestemd is.
Dat komt doordat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de belastingvermindering voor die uitgaven vanaf aj. 2017 heeft afgeschaft (zie art. 13, eerste lid, 4°, en 24, ordonnantie 18.12.2015 houdende het eerste deel van de fiscale hervorming (Ord. 18.12.2015) – BS 30.12.2015 –, zoals gewijzigd door art. 34, ordonnantie 12.12.2016 houdende het tweede deel van de fiscale hervorming (Ord. 12.12.2016) – BS 29.12.2016 –, en zie ook nr. 8, circ. 2017/C/22 van 19.04.2017).
18. Vak X, J, 3: nieuwe rubriek voor het vermelden van de terugname van de voorheen (d.w.z. voor aj. 2016) verkregen belastingvermindering voor aandelen van startende ondernemingen die de belastingplichtige in 2016 vervroegd (d.w.z. binnen de 48 maanden na de aanschaffing) heeft overgedragen (zie art. 145^26, § 5, tweede lid, WIB 92, zoals gewijzigd door art. 38, 25°, W 18.12.2016 tot regeling van de erkenning en de afbakening van crowdfunding en houdende diverse bepalingen inzake financiën (W 18.12.2016) – BS 20.12.2016).
19. Vak X, K: twee wijzigingen, nl.:
- vervanging van de woorden 'energiebesparende uitgaven' door 'uitgaven voor dakisolatie' in de titel en schrapping van de rubriek van de overgedragen verminderingen voor energiebesparende uitgaven betaald in 2012. Dat is het gevolg van de volledige uitdoving van de (federale) belastingverminderingen voor energiebesparende uitgaven (zie art. 145^24, § 1, WIB 92, zoals het is vervangen door art. 30, 1°, W 08.05.2014 tot wijziging van het WIB 92 ingevolgde de invoering van de gewestelijke aanvullende belasting op de PB als bedoeld in titel III/1 van de bijzondere W 16.01.1989 betreffende de financiering van de gemeenschappen en de gewesten, tot wijziging van de regels op het stuk van de BNI en tot wijziging van de W 06.01.2014 met betrekking tot de Zesde Staatshervorming inzake de aangelegenheden bedoeld in art. 78 van de grondwet (W 08.05.2014) – BS 28.05.2014)
- toevoeging van een voetnoot om aan te duiden dat de rubriek van de belastingvermindering voor uitgaven voor dakisolatie alleen nog voor het Vlaams en het Waals Gewest bestemd is. Dat komt doordat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die belastingvermindering vanaf aj. 2017 heeft afgeschaft (zie art. 13, eerste lid, 5°, en 24, Ord. 18.12.2015, zoals gewijzigd door art. 34, Ord. 12.12.2016, en zie ook nr. 8, circ. 2017/C/22 van 19.04.2017).
20. Vak X, M: toevoeging van een voetnoot om aan te duiden dat de rubriek van de belastingvermindering voor uitgaven voor de vernieuwing van een woning verhuurd via een sociaal verhuurkantoor in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest alleen bestemd is voor uitgaven gedaan vóór 2016.
Dat komt doordat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die belastingvermindering heeft afgeschaft voor uitgaven gedaan vanaf 01.01.2016 (zie art. 13, eerste lid, 2°, en tweede lid, en art. 24, Ord. 18.12.2015, zoals gewijzigd door art. 34, Ord. 12.12.2016, en zie ook de nrs. 8 en 9, circ. 2017/C/22 van 19.04.2017).
21. Vak X: schrapping van de rubriek van de belastingvermindering voor uitgaven voor de beveiliging van een woning tegen inbraak of brand.
Nadat het Waals Gewest en het Vlaams Gewest die belastingvermindering al eerder hadden afgeschaft, heeft nu ook het Brussels Hoofdstedelijk Gewest dat gedaan vanaf aj. 2017 (zie art. 13, eerste lid, 3°, en 24, Ord. 18.12.2015, zoals gewijzigd door art. 34, Ord. 12.12.2016, en zie ook nr. 8, circ. 2017/C/22 van 19.04.2017).
22. Vak XI, B: nieuwe rubriek door de invoering van het Waals belastingkrediet voor 'coup de pouce'-leningen (zie art. 8, Waals D 28.04.2016 – Lening 'Coup de Pouce' – BS 10.05.2016 – en art. 7, B 22.09.2016 van de Waalse Regering tot uitvoering van het D 28.04.2016 betreffende de Lening 'Coup de Pouce').
23. Vak XIV, titel en D: vervanging van de term 'ondernemingen' door de term 'vennootschappen'. Daardoor moeten belastingplichtigen die via een erkend crowdfundingplatform een lening hebben toegestaan aan startende kleine ondernemingen die geen vennootschap zijn, die lening niet meer in hun aangifte opnemen.
Die vervanging is het gevolg van de wijziging van art. 21, eerste lid, 13°, a, WIB 92 door art. 37, 1°, W 18.12.2016 (zie ook nr. 7, circ. 2017/C/17 van 04.04.2017).
24. Vak XVI, A, 1, c en A, 2, f: nieuwe rubrieken voor de meerwaarden verwezenlijkt bij de 'snelle' overdracht van beursgenoteerde aandelen, opties, warrants en andere financiële instrumenten (zie art. 90, eerste lid, 13°, en tweede en derde lid, WIB 92, ingevoegd door art. 48, W 26.12.2015).
IV. Toelichting bij de aangifte
25. In de toelichting is de index vervangen door een inhoudstafel.
Verder zijn de passages die wezenlijke wijzigingen hebben ondergaan, aangeduid met een rode verticale stippellijn in de linkermarge. Ze hebben hoofdzakelijk betrekking op de wijzigingen besproken in de nrs. 2 tot 24 hiervoor. Daarnaast verdienen ook de volgende nieuwigheden de aandacht.
26. Vak II, B, 2, a en 3, a en vak VIII, 2: aanpassing van de tekst doordat één van de voorwaarden van de fiscale co-ouderschapsregeling gewijzigd is. Door die wijziging moeten de ouders niet langer samen het ouderlijk gezag uitoefenen over hun gemeenschappelijke kinderen, maar moeten zij voortaan voldoen aan de onderhoudsplicht voor die kinderen. Daardoor beperkt de fiscale co-ouderschapsregeling zich niet langer tot niet ontvoogde minderjarige kinderen (zie art. 132bis, eerste en vierde lid, WIB 92, gewijzigd door art. 2, W 03.08.2016 betreffende de belastingvrije som voor kinderen in geval van co-ouderschap – BS 11.08.2016 – en zie ook circ. 2017/C/2 van 20.01.2017).
27. Vak IV, A, 1, b: het bedrag waarboven het tarief van de BV op het vakantiegeld betaald door verlofkassen stijgt van 17,16 % naar 23,22 %, is verhoogd van 1.280 euro naar 1.300 euro (zie nr. 2.21 van Bijlage III van het KB/WIB 92, zoals vervangen door de bijlage bij KB 16.12.2015 tot wijziging van het KB/WIB 92, op het stuk van de BV – BS 21.12.2015).
28. Vak IV, A, 9, b: vanaf inkomstenjaar 2016 moet de belastingplichtige het vrijgestelde bedrag van de vergoedingen voor woon-werkverplaatsingen met een georganiseerd gemeenschappelijk vervoer van personeelsleden berekenen op basis van een maandabonnement eerste klasse.
Dat komt doordat de NMBS de tariefformule van weektreinkaarten heeft afgeschaft (zie circ. AAFisc Nr. 1/2016 (nr. Ci.703.111 van 15.01.2016).
29. Vak IV, A, 19: de berekening van de forfaitaire beroepskosten van werknemers is gewijzigd (zie art. 51, tweede lid, 1°, en derde lid, WIB 92, zoals ze zijn vervangen door art. 140, W 26.12.2015).
30. Vak IV, M, vak XVII, 18: de aanslagvoet van 25 % van de roerende voorheffing op inkomsten uit auteursrechten, naburige rechten en wettelijke en verplichte licenties is verhoogd naar 27 % (zie art. 269, § 1, 1°, WIB 92, zoals gewijzigd door art. 92, 1°, W 26.12.2015).
31. Vak VII, A, 2, d: de dividenden van 'residentiële' vastgoedbevaks en gereglementeerde vastgoedvennootschappen staan niet meer bij de dividenden belastbaar tegen 15 % en ook niet bij die belastbaar tegen 17 % doordat ze nu tegen 27 % belastbaar zijn (zie art. 91, 2°, W 26.12.2015, dat art. 171, 3°quater, WIB 92 heeft opgeheven).
32. Vak IX: drie wijzigingen i.v.m. de attesten van leningen en individuele levensverzekeringen, nl.:
- er wordt de belastingplichtigen niet meer aangeraden om die attesten bij hun aangifte te voegen, maar om ze ter beschikking te houden van de belastingdienst
- voor leningen zijn het eenmalig basisattest en het jaarlijks betalingsattest vervangen door een jaarlijks attest 281.61 (behalve voor de in vak IX, A bedoelde leningen voor energiebesparende uitgaven die geen hypothecaire lening met een looptijd van ten minste 10 jaar zijn)
- voor individuele levensverzekeringen zijn het eenmalig basisattest en het jaarlijks betalingsattest vervangen door het jaarlijks attest 281.62.
Dat is het gevolg van het feit dat de krediet- en verzekeringsinstellingen vanaf aj. 2017 verplicht zijn om de attesten 281.61 en 281.62 elektronisch te bezorgen aan de belastingadministratie (behalve voor de in vak IX, A bedoelde leningen voor energiebesparende uitgaven die geen hypothecaire lening met een looptijd van ten minste 10 jaar zijn) (zie art. 323/1, WIB 92, ingevoegd door art. 92, W 18.12.2016 en KB 09.02.2017 tot uitvoering van art. 323/1, WIB 92 houdende de elektronische uitwisseling van de gegevens met betrekking tot de hypothecaire leningen en individuele levensverzekeringen – BS 20.02.2017 - en zie ook de berichten in het BS 23.06.2016 tot vaststelling van de modellen van attesten uit te reiken door de instellingen die hypothecaire leningen toestaan waarvan de interesten en kapitaalaflossingen recht kunnen geven op een gewestelijk belastingvoordeel en/of op een federale belastingvermindering en tot vaststelling van de modellen van attesten uit te reiken aan de verzekeraars met betrekking tot individuele levensverzekeringscontracten waarvan de premies recht kunnen geven op een gewestelijk belastingvoordeel en/of op een federale belastingvermindering).
33. Vak IX, B, Voorafgaande opmerkingen: twee wijzigingen, nl.:
- voor personen belastbaar in het Waals Gewest: inlassing van de opmerking dat de belastingplichtige geen recht heeft op een Waalse belastingvermindering of een Waals belastingkrediet voor de in vak IX, B, 3 tot 7 bedoelde uitgaven in de mate dat hij de op 01.01.2016 contractueel voorziene looptijd van zijn lopende contracten vanaf die datum verlengt (zie art. 145^46bis, tweede lid, WIB 92, zoals het voor het Waals Gewest is ingevoegd door art. 16, 2°, Waals D 20.07.2016)
- voor personen belastbaar in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest: inlassing van de opmerking dat de belastingplichtige geen recht meer heeft op een belastingvermindering of een belastingkrediet van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor de in vak IX, B bedoelde uitgaven als hij vanaf 01.01.2017 voor de aankoop van zijn 'eigen woning' in dat gewest een vermindering van de belastbare grondslag van het registratierecht heeft genoten (zie art. 145^36bis, WIB 92, zoals het voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is ingevoegd door art. 24, Ord. 12.12.2016).
34. Vak IX, C, 1, 2, 3, a, 4, a en 5, a: in de rubrieken voor de uitgaven die in aanmerking komen voor:
- de federale woonbonus
- de federale vermindering 'bijkomende interesten'
- de federale vermindering voor het bouwsparen
zijn twee bijkomende voorwaarden ingelast, nl:
- de woning waarvoor de belastingplichtige de lening heeft aangegaan, moet zijn 'eigen woning' geweest zijn, maar mag dat al van vóór 01.01.2016 niet meer zijn
- de belastingplichtige moet de toepassing van het (de) bovenvermelde voordeel (voordelen) al hebben gevraagd voor aj. 2016
(zie art. 526, § 1, eerste lid, 2° en 3°, en § 2, eerste lid, 2° en 3°, WIB 92, ingevoegd door art. 102, W 08.05.2014, en art. 539, § 1, eerste lid, 2° en 3°, WIB 92, ingevoegd door art. 106, W 08.05.2014).
35. Vak X, J: de toelichting bij de rubriek van de betalingen die recht geven op de belastingvermindering voor aandelen van startende ondernemingen is aangepast om rekening te houden met:
- de wijzigingen die art. 38, W 18.12.2016 heeft aangebracht in art. 145^26, WIB 92
- de invoering van het attest dat de belastingplichtige ter beschikking moet houden van de belastingadministratie als bewijs van de aanschaffing en het behoud van de effecten (zie art. 63^12/1, KB/WIB 92, ingevoegd door art. 1, KB 01.04.2016 tot wijziging van het KB/WIB 92, inzake de belastingvermindering voor de verwerving van nieuwe aandelen van startende ondernemingen in uitvoering van art. 145^26, § 6, eerste lid, WIB 92 – BS 12.04.2016 – en gewijzigd door art. 1, KB 18.04.2017 tot wijziging van het KB/WIB 92, inzake de belastingvermindering voor de verwerving van nieuwe aandelen van startende ondernemingen in uitvoering van art. 145^26, § 6, eerste lid, WIB 92 – BS 27.04.2017 – en zie ook het bericht in BS 16.09.2016 tot vaststelling van een model van attest inzake de belastingvermindering voor de verwerving van nieuwe aandelen van startende ondernemingen bedoeld in art. 145^26, § 4 t.e.m. 6, WIB 92 en in art.63^12/1, KB/WIB 92).
36. Vak XIV, D: de toelichting bij de rubriek van de leningen aan startende kleine vennootschappen is aangepast om rekening te houden met de wijzigingen die art. 37, W 18.12.2016 heeft aangebracht in art. 21, WIB 92.
37. Vak XVI, A, 1, a: de aanslagvoet van 25 % van de roerende voorheffing op loten van effecten van leningen is verhoogd naar 27 % (zie art. 269, § 1, 1°, WIB 92, zoals gewijzigd door art. 92, 1°, W 26.12.2015).
38. Vak XVII, 4: de revalorisatiecoëfficiënt die bedrijfsleiders moeten toepassen om het gedeelte van hun huurinkomsten te bepalen dat zij als bezoldigingen van bedrijfsleiders moeten beschouwen, is verhoogd van 4,23 naar 4,31 (zie art. 1, KB/WIB 92, zoals gewijzigd door art. 1, KB 17.11.2016 tot wijziging van het KB/WIB 92, op het stuk van de revalorisatiecoëfficiënt voor kadastrale inkomens – BS 29.11.2016).
39. Vak XVIII, 13, en XIX, 13: voor investeringen gedaan vanaf 01.01.2016 is het basispercentage van de investeringsaftrek verhoogd naar 8 %. (zie art. 69, § 1, eerste lid, 1°, WIB 92, zoals gewijzigd door art. 86, 1°, W 26.12.2015 – BS 30.12.2015 – en zie ook Bericht in verband met de investeringsaftrek – BS 11.04.2016).
Interne ref.: 710.251
