Circulaire 2021/C/80 over de uitbreiding van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor onderzoek en ontwikkeling naar bachelors
Commentaar op de uitbreiding van de steunmaatregel 'vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor onderzoek en ontwikkeling' naar bachelors.
bedrijfsvoorheffing ; vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing ; onderzoek en ontwikkeling
FOD Financiën, 25.08.2021
Algemene Administratie van de Fiscaliteit – Personenbelasting
Inhoudstafel
Voorbeeld 1 – Bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2020 – geen kleine vennootschap - maandaangever
Voorbeeld 2 – Bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2020 – kleine vennootschap - maandaangever
Voorbeeld 3 – Bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2020 – kleine vennootschap - kwartaalaangever
Voorbeeld 4 – Bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2020 - kleine vennootschap - kwartaalaangever – aanwerving master
Voorbeeld 5 – Bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2020 - kleine vennootschap - maandaangever – ontslag master
4. Aangifte in de bedrijfsvoorheffing
5. Gegevens en documenten die ter beschikking van de administratie moeten worden gehouden
6. Inwerkingtreding
7. Wetgeving
1. Omschrijving
1. De steunmaatregel 'vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor onderzoek en ontwikkeling' is neergeschreven in art. 275^3 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92).
2. Dit artikel omvat vijf verschillende gedeeltelijke vrijstellingen van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing, ingedeeld volgens de volgende categorieën van schuldenaars van de bedrijfsvoorheffing:
- de universiteiten, de hogescholen, het 'Federaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek - Fonds fédéral de la Recherche scientifique - FFWO/FFRS', het 'Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen – FWO' en het 'Fonds de la Recherche scientifique - FNRS - FRS-FNRS'
(art. 275^3, § 1, eerste lid, WIB 92)
- de erkende wetenschappelijke instellingen
(art. 275^3, § 1, tweede lid, WIB 92)
- de ondernemingen die bezoldigingen uitbetalen of toekennen aan onderzoekers die aan onderzoeks- of ontwikkelingsprojecten of -programma's werken ter uitvoering van samenwerkingsovereenkomsten met universiteiten, hogescholen of erkende wetenschappelijke instellingen
(art. 275^3, § 1, derde lid, 1°, WIB 92)
- de Young Innovative Companies
(art. 275^3, § 1, derde lid, 2°, WIB 92)
- de ondernemingen die bezoldigingen uitbetalen of toekennen aan onderzoekers die houder zijn van een specifiek diploma en die zijn tewerkgesteld in onderzoeks- of ontwikkelingsprojecten of -programma's
(art. 275^3, § 1, derde lid, 3°, WIB 92)
3. De laatste categorie zijn de ondernemingen die onderzoekers met een specifiek diploma tewerkstellen in onderzoeks- of ontwikkelingsprojecten of -programma's. Tot en met 31.12.2017 moesten die onderzoekers houder zijn van een master- of doctordiploma in een specifiek studiegebied.
4. De vrijstelling is voor deze ondernemingen uitgebreid naar onderzoekers die houder zijn van een professioneel of academisch bachelordiploma in een specifiek studiegebied.
Deze uitbreiding is doorgevoerd in twee fases. Vanaf 01.01.2018 bestaat er voor deze onderzoekers een vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing van 40 % (1). Sinds 01.01.2020 is dit vrijstellingspercentage verhoogd tot 80 % (2).
In deze circulaire wordt dieper ingegaan op deze uitbreiding.
(1) Art. 71 en 86, C, zevende t.e.m. negende lid van de wet van 25.12.2017 tot hervorming van de vennootschapsbelasting (BS 29.12.2017).
(2) Art. 2 en 3 van de wet van 20.12.2020 houdende dringende diverse fiscale en fraudebestrijding bepalingen (BS 30.12.2020, Ed. 2).
5. Hieronder gaat een algemeen overzicht, per gemeenschap, van de studiegebieden die in aanmerking komen.
A. Vlaamse Gemeenschap
Diploma van doctor (art. 275^3, § 2, 1°, WIB 92): | Toegepaste wetenschappen |
Exacte wetenschappen | |
Geneeskunde | |
Diergeneeskunde | |
Farmaceutische wetenschappen | |
Burgerlijk ingenieur | |
|
Diploma van master of een gelijkwaardig diploma in de studiegebieden of combinaties van studiegebieden van (art. 275^3, § 2, 2°, a), WIB 92): of Diploma van academische bachelor of een gelijkwaardig diploma in de studiegebieden of combinaties van studiegebieden van (art. 275^3, § 2, 3°, WIB 92): | Wetenschappen |
Toegepaste wetenschappen | |
Toegepaste biologische wetenschappen | |
Geneeskunde | |
Diergeneeskunde | |
Farmaceutische wetenschappen | |
Biomedische wetenschappen | |
Industriële wetenschappen en technologie | |
Nautische wetenschappen | |
Biotechniek | |
Architectuur | |
Productontwikkeling | |
Diploma van professionele bachelor of een gelijkwaardig diploma in de studiegebieden of combinaties van studiegebieden van (art. 275^3, § 2, 4°, a), WIB 92): | Biotechniek |
Gezondheidszorg | |
Industriële wetenschappen en technologie | |
Nautische wetenschappen | |
Handelswetenschappen en bedrijfskunde, evenwel beperkt tot opleidingen die in hoofdzaak zijn gericht op informatica en innovatie |
6. De website www.onderwijskiezer.be/v2/hoger/hoger_studiegebied.php geeft een overzicht van de bachelor- en masteropleidingen per studiegebied.
B. Franse Gemeenschap
Diploma van doctor (art. 275^3, § 2, 1°, WIB 92): | Toegepaste wetenschappen |
Exacte wetenschappen | |
Geneeskunde | |
Diergeneeskunde | |
Farmaceutische wetenschappen | |
Burgerlijk ingenieur | |
|
Diploma van master of een gelijkwaardig diploma in de studiegebieden of combinaties van studiegebieden van (art. 275^3, § 2, 2°, b), WIB 92): of Diploma van academische bachelor of een gelijkwaardig diploma in de studiegebieden of combinaties van studiegebieden van (art. 275^3, § 2, 3°, WIB 92): | Wetenschappen |
Ingenieur | |
Landbouwkunde en biologisch ingenieur | |
Geneeskunde | |
Dierengeneeskunde | |
Biomedische en farmaceutische wetenschappen | |
Architectuur en urbanisme | |
Industriële wetenschappen | |
Industriële landbouwwetenschappen | |
Diploma van professionele bachelor of een gelijkwaardig diploma in de studiegebieden of combinaties van studiegebieden van (art. 275^3, § 2, 4°, b), WIB 92): | Paramedisch |
Techniek, evenwel beperkt tot de opleidingen die in hoofdzaak gericht zijn op biotechniek, industriële wetenschappen, technologie, nautische wetenschappen, productontwikkeling en informatica |
7. Bijlage II van het decreet van 07.11.2013 van de Franse Gemeenschap (3) geeft de lijst van de academische graden geassocieerd met de studiegebieden.
(3) Bijlage II van het decreet van 07.11.2013 van de Franse Gemeenschap tot bepaling van het hoger onderwijslandschap en de academische organisatie van de studies (BS 18.12.2013), vervangen door bijlage 1 van het decreet van 03.05.2019 van de Franse Gemeenschap houdende diverse maatregelen betreffende het Hoger Onderwijs en het Onderzoek (BS 02.08.2019) en gewijzigd door de decreten van de Franse Gemeenschap van 07.02.2019, 03.05.2019 en 12.11.2020.
2. Berekening
a. Principe
8. De uitbreiding van deze steunmaatregel mag enkel toegepast worden op de bedrijfsvoorheffing verschuldigd op de bezoldigingen van de onderzoekers die houder zijn van een professioneel of academisch bachelordiploma in een specifiek studiegebied en die betrekking hebben op onderzoek en/of ontwikkeling verricht in het kader van één of meerdere onderzoeks- of ontwikkelingsprojecten of -programma's.
Anders gesteld, de bezoldigingen van die onderzoekers komen slechts pro rata de tijd die ze effectief besteed hebben aan onderzoek en/of ontwikkeling binnen een onderzoeks- of ontwikkelingsproject of -programma, in aanmerking voor deze steunmaatregel.
9. Onderstaande tabel verduidelijkt de berekening van de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing, ingehouden op de in aanmerking te nemen bezoldigingen van de onderzoekers die houder zijn van een professioneel of academisch bachelordiploma in een specifiek studiegebied:
Bezoldigingen betaald of toegekend | ||
vanaf 01.01.2018 | vanaf 01.01.2020 | |
Geldend percentage | 40 % van de op die bezoldigingen ingehouden bedrijfsvoorheffing | 80 % van de op die bezoldigingen ingehouden bedrijfsvoorheffing |
b. Beperking
10. Het totale bedrag van de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing zoals hierboven berekend, is evenwel beperkt tot 25 % van het totale bedrag van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing ingehouden op de in aanmerking te nemen bezoldigingen van de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma in een specifiek studiegebied.
11. Dit percentage wordt verdubbeld voor de vennootschappen die als kleine vennootschappen worden aangemerkt (4) voor het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbaar tijdperk waarin de bezoldigingen zijn betaald.
(4) Op grond van art. 1:24, §§ 1 tot 6, van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (WVV).
12. De berekening van de beperking volgt de periodiciteit van de aangifte in de bedrijfsvoorheffing.
3. Voorbeelden
Voorbeeld 1 – Bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2020 – geen kleine vennootschap - maandaangever
13. Een vennootschap die niet wordt aangemerkt als een kleine vennootschap op grond van art. 1:24, §§ 1 tot 6, WVV voor het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbaar tijdperk waarin de bezoldigingen zijn betaald en die haar aangifte in de bedrijfsvoorheffing maandelijks indient, stelt volgende onderzoekers tewerk:
- vier onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7):
Master- of doctordiploma | Tewerkstellingspercentage in O en/of –programma in maand X | Ingehouden BV in maand X |
Onderzoeker 1 | 50 % | 1.500 |
Onderzoeker 2 | 50 % | 1.500 |
Onderzoeker 3 | 70 % | 1.500 |
Onderzoeker 4 | 100 % | 1.500 |
- vijf onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7):
Bachelor-diploma | Tewerkstellingspercentage in O en/of –programma in maand X | Ingehouden BV in maand X |
Onderzoeker 1 | 20 % | 1.000 |
Onderzoeker 2 | 50 % | 1.000 |
Onderzoeker 3 | 50 % | 1.000 |
Onderzoeker 4 | 80 % | 1.000 |
Onderzoeker 5 | 100 % | 1.000 |
14. Vooraleer de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma te berekenen, wordt eerst de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma berekend en dit omwille van de van toepassing zijnde beperking.
15. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma bedraagt 3.240 euro:
Master- of doctordiploma | In aanmerking komende BV voor maand X | De van doorstorting vrijgestelde BV voor maand X |
Onderzoeker 1 |
750 = 50 % van 1.500 |
600 = 80 % van 750 |
Onderzoeker 2 |
750 = 50 % van 1.500 |
600 = 80 % van 750 |
Onderzoeker 3 |
1.050 = 70 % van 1.500 |
840 = 80 % van 1.050 |
Onderzoeker 4 |
1.500 = 100 % van 1.500 |
1.200 = 80 % van 1.500 |
TOTAAL | 4.050 | 3.240 |
16. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing die kan worden toegepast voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7), is beperkt tot 25 % van dat bedrag, namelijk 810 euro.
17. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma bedraagt in principe 2.400 euro:
Bachelordiploma | In aanmerking komende BV voor maand X | De van doorstorting vrijgestelde BV voor maand X |
Onderzoeker 1 |
200 = 20 % van 1.000 |
160 = 80 % van 200 |
Onderzoeker 2 |
500 = 50 % van 1.000 |
400 = 80 % van 500 |
Onderzoeker 3 |
500 = 50 % van 1.000 |
400 = 80 % van 500 |
Onderzoeker 4 |
800 = 80 % van 1.000 |
640 = 80 % van 800 |
Onderzoeker 5 |
1.000 = 100 % van 1.000 |
800 = 80 % van 1.000 |
TOTAAL | 3.000 | 2.400 |
18. Dit bedrag van 2.400 euro is echter hoger dan het plafond dat werd vastgesteld op basis van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing die geldt voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma, en wordt daarom beperkt tot 810 euro.
Bijgevolg bedraagt de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma 810 euro.
Voorbeeld 2 – Bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2020 – kleine vennootschap - maandaangever
19. Een vennootschap die wordt aangemerkt als een kleine vennootschap op grond van art. 1:24, §§ 1 tot 6, WVV voor het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbaar tijdperk waarin de bezoldigingen zijn betaald en die haar aangifte in de bedrijfsvoorheffing maandelijks indient, stelt volgende onderzoekers tewerk:
- vier onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7):
Master- of doctordiploma | Tewerkstellingspercentage in O en/of –programma in maand X | Ingehouden BV in maand X |
Onderzoeker 1 | 50 % | 1.500 |
Onderzoeker 2 | 50 % | 1.500 |
Onderzoeker 3 | 70 % | 1.500 |
Onderzoeker 4 | 100 % | 1.500 |
- vijf onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7):
Bachelor-diploma | Tewerkstellingspercentage in O en/of –programma in maand X | Ingehouden BV in maand X |
Onderzoeker 1 | 20 % | 1.000 |
Onderzoeker 2 | 50 % | 1.000 |
Onderzoeker 3 | 50 % | 1.000 |
Onderzoeker 4 | 80 % | 1.000 |
Onderzoeker 5 | 100 % | 1.000 |
20. Vooraleer de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma te berekenen, wordt eerst de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma berekend en dit omwille van de van toepassing zijnde beperking.
21. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma bedraagt 3.240 euro:
Master- of doctordiploma | In aanmerking komende BV voor maand X | De van doorstorting vrijgestelde BV voor maand X |
Onderzoeker 1 |
750 = 50 % van 1.500 |
600 = 80 % van 750 |
Onderzoeker 2 |
750 = 50 % van 1.500 |
600 = 80 % van 750 |
Onderzoeker 3 |
1.050 = 70 % van 1.500 |
840 = 80 % van 1.050 |
Onderzoeker 4 |
1.500 = 100 % van 1.500 |
1.200 = 80 % van 1.500 |
TOTAAL | 4.050 | 3.240 |
22. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing die kan worden toegepast voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7), is beperkt tot 50 % van dat bedrag, namelijk 1.620 euro.
23. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma bedraagt in principe 2.400 euro:
Bachelordiploma | In aanmerking komende BV voor maand X | De van doorstorting vrijstelde BV voor maand X |
Onderzoeker 1 |
200 = 20 % van 1.000 |
160 = 80 % van 200 |
Onderzoeker 2 |
500 = 50 % van 1.000 |
400 = 80 % van 500 |
Onderzoeker 3 |
500 = 50 % van 1.000 |
400 = 80 % van 500 |
Onderzoeker 4 |
800 = 80 % van 1.000 |
640 = 80 % van 800 |
Onderzoeker 5 |
1.000 = 100 % van 1.000 |
800 = 80 % van 1.000 |
TOTAAL | 3.000 | 2.400 |
24. Dit bedrag van 2.400 euro is echter hoger dan het plafond dat werd vastgesteld op basis van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing die geldt voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma, en wordt daarom beperkt tot 1.620 euro.
Bijgevolg bedraagt de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma 1.620 euro.
Voorbeeld 3 – Bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2020 – kleine vennootschap - kwartaalaangever
25. Een vennootschap die wordt aangemerkt als een kleine vennootschap op grond van art. 1:24, §§ 1 tot 6, WVV voor het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbaar tijdperk waarin de bezoldigingen zijn betaald en die haar aangifte in de bedrijfsvoorheffing per kwartaal indient, stelt volgende onderzoekers tewerk:
- twee onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7):
Master- of doctordiploma | Tewerkstellingspercentage in O en/of –programma in kwartaal X | Ingehouden BV in kwartaal X |
Onderzoeker 1 | 50 % | 4.500 |
Onderzoeker 2 | 70 % | 4.500 |
- drie onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7):
Bachelor- diploma | Tewerkstellingspercentage in O en/of –programma in kwartaal X | Ingehouden BV in kwartaal X |
Onderzoeker 1 | 20 % | 3.000 |
Onderzoeker 2 | 80 % | 3.000 |
Onderzoeker 3 | 100 % | 3.000 |
26. Vooraleer de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma te berekenen, wordt eerst de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma berekend en dit omwille van de van toepassing zijnde beperking.
27. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma bedraagt 4.320 euro:
Master- of doctordiploma | In aanmerking komende BV voor kwartaal X | De van doorstorting vrijgestelde BV voor kwartaal X |
Onderzoeker 1 |
2.250 = 50 % van 4.500 |
1.800 = 80 % van 2.250 |
Onderzoeker 2 |
3.150 = 70 % van 4.500 |
2.520 = 80 % van 3.150 |
TOTAAL | 5.400 | 4.320 |
28. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing die kan worden toegepast voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7), is beperkt tot 50 % van dat bedrag, namelijk 2.160 euro.
29. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma bedraagt in principe 4.800 euro:
Bachelordiploma | In aanmerking komende BV voor kwartaal X | De van doorstorting vrijgestelde BV voor kwartaal X |
Onderzoeker 1 |
600 = 20 % van 3.000 |
480 = 80 % van 600 |
Onderzoeker 2 |
2.400 = 80 % van 3.000 |
1920 = 80 % van 2.400 |
Onderzoeker 3 |
3.000 = 100 % van 3.000 |
2.400 = 80 % van 3.000 |
TOTAAL | 6.000 | 4.800 |
30. Dit bedrag van 4.800 euro is echter hoger dan het plafond dat werd vastgesteld op basis van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing die geldt voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma, en wordt daarom beperkt tot 2.160 euro.
Bijgevolg bedraagt de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma 2.160 euro.
Voorbeeld 4 – Bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2020 - kleine vennootschap - kwartaalaangever – aanwerving master
31. Een vennootschap die wordt aangemerkt als een kleine vennootschap op grond van art. 1:24, §§ 1 tot 6, WVV voor het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbaar tijdperk waarin de bezoldigingen zijn betaald en die haar aangifte in de bedrijfsvoorheffing per kwartaal indient, stelt volgende onderzoekers tewerk:
- de vennootschap werft één onderzoeker die houder is van een master- of doctordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7), aan op 16.02.2021:
Master- of doctordiploma | Tewerkstellingspercentage in O en/of –programma | Ingehouden BV |
Januari 2021 | - (nog niet aangeworven) | - |
Februari 2021 | 40 % | 1.000 |
Maart 2021 | 70 % | 2.000 |
- de vennootschap stelt twee onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7) tewerk:
Bachelor- diploma | Tewerkstellingspercentage in O en/of –programma | Ingehouden BV |
Onderzoeker 1 | ||
Januari 2021 | 50 % | 1.000 |
Februari 2021 | 50 % | 1.000 |
Maart 2021 | 50 % | 1.000 |
Onderzoeker 2 | ||
Januari 2021 | 70 % | 1.000 |
Februari 2021 | 70 % | 1.000 |
Maart 2021 | 50 % | 1.000 |
32. Vooraleer de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma te berekenen, wordt eerst de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma berekend en dit omwille van de van toepassing zijnde beperking.
33. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoeker die houder is van een master- of doctordiploma bedraagt 1.440 euro:
Master- of doctordiploma | In aanmerking komende BV voor 1ste kwartaal 2021 | De van doorstorting vrijgestelde BV voor 1ste kwartaal 2021 |
Januari 2021 | - | - |
Februari 2021 |
400 = 40 % van 1.000 |
320 = 80 % van 400 |
Maart 2021 |
1.400 = 70 % van 2.000 |
1.120 = 80 % van 1.400 |
TOTAAL KWARTAAL | 2.100 | 1.440 |
34. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing die kan worden toegepast voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7), is beperkt tot 50 % van dat bedrag, namelijk 720 euro.
35. De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma bedraagt in principe 2.720 euro:
Bachelordiploma | In aanmerking komende BV voor 1ste kwartaal 2021 | De van doorstorting vrijgestelde BV voor 1ste kwartaal 2021 |
Onderzoeker 1 | ||
Januari 2021 |
500 = 50 % van 1.000 |
400 = 80 % van 500 |
Februari 2021 |
500 = 50 % van 1.000 |
400 = 80 % van 500 |
Maart 2021 |
500 = 50 % van 1.000 |
400 = 80 % van 500 |
Onderzoeker 2 | ||
Januari 2021 |
700 = 70 % van 1.000 |
560 = 80 % van 700 |
Februari 2021 |
700 = 70 % van 1.000 |
560 = 80 % van 700 |
Maart 2021 |
500 = 50 % van 1.000 |
400 = 80 % van 500 |
TOTAAL KWARTAAL | 3.400 | 2.720 |
36. Dit bedrag van 2.720 euro is echter hoger dan het plafond dat werd vastgesteld op basis van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing die geldt voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma, en wordt daarom beperkt tot 720 euro. Bijgevolg bedraagt de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma 720 euro.
Voorbeeld 5 – Bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2020 - kleine vennootschap - maandaangever – ontslag master
37. Een vennootschap die wordt aangemerkt als een kleine vennootschap op grond van art. 1:24, §§ 1 tot 6, WVV voor het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbaar tijdperk waarin de bezoldigingen zijn betaald en die haar aangifte in de bedrijfsvoorheffing per maand indient, ontslaat haar enige onderzoeker die houder is van een master- of doctordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7), op 28.02.2021.
38. De onderneming stelt nog wel twee onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7) tewerk:
Bachelor- diploma | Tewerkstellingspercentage in O en/of –programma in maart 2021 | Ingehouden BV in maart 2021 |
Onderzoeker 1 | 50 % | 1.000 |
Onderzoeker 2 | 50 % | 1.000 |
39. De vrijstelling van doorstorting voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma wordt voor de maand maart 2021 beperkt tot 0 euro omdat er in de onderneming in deze maand geen onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma in een specifiek studiegebied (zie nrs. 5 – 7) tewerkgesteld zijn. Dit geldt ook voor bv. premies die zouden worden betaald in maart 2021 aan de onderzoekers 1 en 2 die verband houden met arbeidsprestaties geleverd in de maand februari 2021. Dit volgt uit het feit dat de berekening van de beperking de periodiciteit van de aangifte in de bedrijfsvoorheffing volgt: op het ogenblik dat de werkgever de premie aan de onderzoekers met een bachelordiploma betaalt, namelijk in de loop van de maand maart 2021, is er geen onderzoeker met een master- of doctordiploma meer tewerkgesteld in de onderneming en is er dus ook geen vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma meer.
Bijgevolg is er voor de maand maart 2021 geen vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een bachelordiploma.
4. Aangifte in de bedrijfsvoorheffing
40. Er moeten drie aangiften in de bedrijfsvoorheffing worden opgesteld (5).
(5) Art. 95^2 van het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (KB/WIB 92).
Aangifte 1: Eerste aangifte in de bedrijfsvoorheffing
41. In de eerste aangifte die betrekking heeft op alle werknemers komt in het vak 'belastbare inkomsten' de door de werkgever voor die periode betaalde of toegekende belastbare bezoldigingen en in het vak 'verschuldigde BV', de voor die periode ingehouden bedrijfsvoorheffing.
Aangifte 2: Tweede aangifte in de bedrijfsvoorheffing, voor onderzoekers met een master- of doctordiploma
42. Deze aangifte heeft betrekking op de onderzoekers die houder zijn van een master- of doctordiploma in een specifiek studiegebied en waarvoor de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor onderzoek en ontwikkeling gevraagd wordt.
43. In het vak 'belastbare inkomsten' komen de voor deze vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing in aanmerking komende belastbare bezoldigingen van die onderzoekers. Dit zijn de bezoldigingen of het gedeelte van de bezoldigingen die deze onderzoekers verkregen hebben voor de tijd die ze effectief besteed hebben aan onderzoek en/of ontwikkeling binnen een onderzoeks- of ontwikkelingsproject of -programma.
44. In het vak 'verschuldigde bedrijfsvoorheffing' komt een negatief bedrag, gelijk aan 80 % van de ingehouden bedrijfsvoorheffing die betrekking heeft op de in aanmerking komende belastbare bezoldigingen.
45. De te gebruiken code in het vak 'aard inkomen' is 32 (voor de houders van een doctordiploma en de burgerlijke ingenieurs) of 33 (voor de houders van een masterdiploma) (6).
(6) Bijlage IIIbis, KB/WIB 92.
Aangifte 3: Tweede aangifte in de bedrijfsvoorheffing, voor onderzoekers met een bachelordiploma
46. Deze aangifte heeft betrekking op de onderzoekers die houder zijn van een professioneel of academisch bachelordiploma in een specifiek studiegebied en waarvoor de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor onderzoek en ontwikkeling gevraagd wordt.
47. In het vak 'belastbare inkomsten' komen de voor deze vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing in aanmerking komende belastbare bezoldigingen van die onderzoekers. Dit zijn de bezoldigingen of het gedeelte van de bezoldigingen die deze onderzoekers verkregen hebben voor de tijd die ze effectief besteed hebben aan onderzoek en/of ontwikkeling binnen een onderzoeks- of ontwikkelingsproject of -programma.
48. In het vak 'verschuldigde bedrijfsvoorheffing' komt een negatief bedrag, gelijk aan 40 % (voor de bezoldigingen die vanaf 01.01.2018 tot en met 31.12.2019 worden betaald of toegekend) of 80 % (voor de bezoldigingen die vanaf 01.01.2020 worden betaald of toegekend) van de ingehouden bedrijfsvoorheffing die betrekking heeft op de in aanmerking komende belastbare bezoldigingen, evenwel beperkt tot 25 % of tot 50 % (voor kleine vennootschappen) van het totale bedrag van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een in aanmerking komend master- of doctordiploma (zie randnummers 10 en 11).
49. De te gebruiken code in het vak 'aard inkomen' is 34 (7).
(7) Bijlage IIIbis, KB/WIB 92.
5. Gegevens en documenten die ter beschikking van de administratie moeten worden gehouden
50. Overeenkomstig de algemene principes van de bewijslast in het gemene recht, die ook van toepassing zijn in het fiscaal recht, draagt de belastingplichtige de bewijslast indien hij aanspraak maakt op een aftrek, teruggaaf, een vrijstelling, een vermindering of meer algemeen, een gunstiger stelsel. Hij moet het bewijs leveren van de feitelijke elementen die aanleiding geven voor de aftrek, vermindering, vrijstelling … .
51. Voormeld principe is ook van toepassing op ondernemingen die aanspraak wensen te maken op deze steunmaatregel. Wanneer een onderneming aanvoert dat zij recht heeft op deze steunmaatregel, zal ze daarvan het bewijs moeten leveren, zonder dat ze zich kan beroepen op het 'vermoeden van de juistheid' van de aangifte in de bedrijfsvoorheffing. De administratie heeft ook het recht om de medewerking van de onderneming te eisen in die zin dat ze alle boeken en bescheiden noodzakelijk om het bedrag van de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing te bepalen, moet voorleggen.
52. Ter staving van de aangifte in de bedrijfsvoorheffing houden de werkgevers bovendien een nominatieve lijst (8) ter beschikking van de administratie met daarin:
1. de volledige identiteit van de werkgever met vermelding van het nationaal nummer of het refertenummer als schuldenaar inzake bedrijfsvoorheffing
2. bij toepassing van de 50 % beperking: het bewijs dat de onderneming op grond van art. 1:24, §§ 1 tot 6, WVV als kleine vennootschap kan worden aangemerkt voor het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbaar tijdperk waarin de bezoldigingen zijn betaald
3. voor elke werknemer op wiens bezoldigingen deze vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing wordt toegepast:
a. de volledige identiteit alsmede, in voorkomend geval, het nationaal nummer
b. de datum van indiensttreding en in voorkomend geval de datum van uitdiensttreding zoals die in de onmiddellijke aangifte van tewerkstelling (DIMONA) zijn vermeld
c. de bevestiging dat een arbeidsovereenkomst werd afgesloten of een tewerkstellingsbesluit werd getroffen
d. het bedrag van de betaalde bruto belastbare bezoldigingen
e. het bedrag van de op die bezoldigingen ingehouden bedrijfsvoorheffing en een gedetailleerde berekening van die bedrijfsvoorheffing
f. het bewijs dat de betrokken werknemer, onderzoeker is die een diploma heeft voorzien in art. 275^3, § 2, 3° of 4°, WIB 92 (houder van een professioneel of academisch bachelordiploma in een specifiek studiegebied)
g. het bewijs dat hij tewerkgesteld is in onderzoeks- of ontwikkelingsprojecten of -programma's.
(8) Bijlage IIIter, KB/WIB 92.
6. Inwerkingtreding
53. De ondernemingen kunnen aanspraak maken op deze steunmaatregel:
- voor de bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2018 tot en met 31.12.2019 aan onderzoekers die houder zijn van een professioneel of academisch bachelordiploma in een specifiek studiegebied en die worden tewerkgesteld in onderzoeks- of ontwikkelingsprojecten of -programma's: de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing bedraagt 40 % van de op die bezoldigingen ingehouden bedrijfsvoorheffing, evenwel beperkt tot 25 % of tot 50 % (voor kleine vennootschappen) van het totale bedrag van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een in aanmerking komend master- of doctordiploma
- voor de bezoldigingen betaald of toegekend vanaf 01.01.2020 aan onderzoekers die houder zijn van een professioneel of academisch bachelordiploma in een specifiek studiegebied en die worden tewerkgesteld in onderzoeks- of ontwikkelingsprojecten of -programma's: de van doorstorting vrijgestelde bedrijfsvoorheffing bedraagt 80 % van de op die bezoldigingen ingehouden bedrijfsvoorheffing, evenwel beperkt tot 25 % of tot 50 % (voor kleine vennootschappen) van het totale bedrag van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor de onderzoekers die houder zijn van een in aanmerking komend master- of doctordiploma.
7. Wetgeving
- Art. 275^3, WIB 92.
- Art. 71 en 86, C, zevende t.e.m. negende lid van de wet van 25.12.2017 tot hervorming van de vennootschapsbelasting (Belgisch Staatsblad, 29.12.2017).
- Art. 63 en 119 van de wet van 17.03.2019 tot aanpassing van bepaalde federale fiscale bepalingen aan het nieuwe WVV (Belgisch Staatsblad, 10.05.2019).
- Art. 2 en 3 van de wet van 20.12.2020 houdende dringende diverse fiscale en fraudebestrijding bepalingen (Belgisch Staatsblad, 30.12.2020, Ed. 2).
- Art. 95^2, bijlage IIIbis en bijlage IIIter, KB/WIB 92.
- Koninklijk besluit van 19.07.2018 tot wijziging van het KB/WIB 92, op het stuk van de vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing in toepassing van de art. 275^1, 275^3 en 275^7, WIB 92 (Belgisch Staatsblad, 25.07.2018).
- Art. 24 en 39 van het koninklijk besluit van 29.08.2019 tot aanpassing van sommige federale fiscale bepalingen aan het WVV en aan het koninklijk besluit van 29.04.2019 tot uitvoering van het WVV en houdende diverse bepalingen (Belgisch Staatsblad, 13.09.2019).
Interne ref.: 713.555/3
