Circulaire nr. Ci.RH.241/601.872 (AOIF Nr. 2/2010) d.d 06.01.2010

Personenbelasting

Vrijwilliger

Vergoeding voor vrijwilligerswerk

Vrijgestelde vergoeding

Belastingstelsel van de vergoeding

Amateurvoetbalclub

Medewerker van een amateurvoetbalclub

Steward bij een voetbalclub

Overzicht van de fiscale behandeling van vergoedingen toegekend aan vrijwilligers in de sportsector.

Aan alle ambtenaren.

1. De centrale diensten van de Administratie van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit hebben vastgesteld dat er in de praktijk enige onduidelijkheid bestaat over de fiscale behandeling van vergoedingen toegekend aan vrijwilligers in de sportsector. Hierna wordt een overzicht gegeven van een aantal situaties die zich kunnen voordoen en het belastingregime dat daarop van toepassing is.

2. Het is van belang een onderscheid te maken tussen twee categorieën van vergoedingen, enerzijds de vergoedingen die worden toegekend aan bepaalde vrijwilligers en die de terugbetaling vertegenwoordigen van kosten (verplaatsing, maaltijden, telefoonkosten enz.) en anderzijds de vergoedingen betaald aan sportbeoefenaars, trainers, opleiders en begeleiders en die in principe belastbare beroepsinkomsten uitmaken. Deze circulaire heeft enkel betrekking op de eerste categorie vergoedingen.

A. ALGEMEEN BELASTINGSTELSEL VAN DE VERGOEDINGEN VOOR VRIJWILLIGERSWERK

3. Het belastingstelsel van de vergoedingen voor vrijwilligerswerk, zowel in de sportsector als in de sociale sector en de culturele sector, wordt uiteengezet in de circulaire nr. Ci.RH.241/509.803 van 5 maart 1999 en de addenda daaraan.

4. Zijn onder bepaalde voorwaarden niet belastbaar, de vergoedingen die in het kader van een occasionele activiteit, door een club, federatie, vereniging, enz. worden toegekend aan onbaatzuchtige medewerkers en aan beoefenaars van amateursporten.

5. De vrijwilliger of beoefenaar van amateursporten, moet zijn activiteit op louter onbaatzuchtige wijze, onbezoldigd en in een georganiseerd of gereglementeerd verband, uitoefenen. Het vrijwilligerswerk gebeurt in opdracht van een club, federatie, vereniging, instelling zonder winstoogmerk of overheidsdienst, ongeacht of de opdrachtgever al dan niet rechtspersoonlijkheid bezit (zie evenwel nr. 4 voornoemde circulaire).

6. Sommige vergoedingen geven geen aanleiding tot belastingheffing, omdat zij de terugbetaling vertegenwoordigen van kosten die de verkrijgers maken in het kader van één of andere activiteit die als vrijetijdsbesteding kan worden beschouwd, zodat er geen sprake kan zijn van beroepsinkomsten. Het gaat bijvoorbeeld om de forfaitaire terugbetaling van de kosten voor verplaatsingen tussen de woonplaats en de plaats waar de vrijwilligersactiviteit wordt uitgevoerd; verblijfskosten (verfrissingen en maaltijden) evenals alle andere kosten waarvoor het wegens de aard en het geringe bedrag niet gebruikelijk is bewijsstukken voor te leggen.

7. Er mag worden aangenomen dat de vergoedingen toegekend aan onbezoldigde vrijwilligers werkelijke kosten dekken en derhalve niet belastbaar zijn, wanneer zij per verkrijger niet meer bedragen dan 24,79 EUR (niet-geïndexeerd basisbedrag; 30,22 EUR voor aanslagjaar 2010) per dag en 991,57 EUR (niet-geïndexeerd basisbedrag; 1.208,72 EUR voor aanslagjaar 2010) per jaar.

Wanneer één van bovenstaande grenzen in een bepaald belastbaar tijdperk wordt overschreden, moeten alle inkomsten die voor hetzelfde belastbare tijdperk voortvloeien uit het vrijwilligerswerk, in principe integraal als belastbare inkomsten worden aangemerkt. In dat geval kunnen de vergoedingen alleen als niet belastbaar worden aangemerkt mits het dubbele bewijs wordt geleverd, namelijk dat :

- de vergoeding bestemd is tot het dekken van kosten die eigen zijn aan de club, federatie, vereniging, instelling of overheid;

- die vergoeding ook daadwerkelijk aan dergelijke kosten is besteed.

Hierbij wordt opgemerkt dat sinds 29 mei 2009, de forfaitaire terugbetaling van kosten tot beloop van de bovengenoemde dag- en maandgrenzen, gecombineerd mag worden met de terugbetaling van reële verplaatsingskosten tot maximaal 2.000 km per jaar per vrijwilliger (zie parlementaire vraag nr. 13779 van 23 juni 2009 gesteld door Volksvertegenwoordiger Stefaan VERCAMER, integraal verslag, Kamer; 52ste zittingsperiode, Com. 601, blz. 6 en 7 en circulaire Ci.RH.241/509.803 - AOIF nr. 8/2003 van 13.11.2009).

8. Onder punt 12 van de circulaire nr. Ci.RH.241/509.803 van 5 maart 1999 is bepaald dat de richtlijnen van deze circulaire niet gelden voor de vergoedingen van vrijwilligers waarvoor reeds een afzonderlijke belastingregeling (zie titels B t.e.m. E) bestaat. Deze uitsluitingsmaatregel moet evenwel in het voordeel van de belastingplichtige geïnterpreteerd worden, zodat de bepalingen van de circulaire van 5 maart 1999 toch mogen toegepast worden in de plaats van de afzonderlijke belastingregelingen, indien deze voordeliger zijn voor de belastingplichtige.

De aandacht wordt erop gevestigd dat voornoemde circulaire van 5 maart 1999 niet mag worden gecombineerd met een specifieke circulaire als bedoeld in "B" tot "E" hierna, voor eenzelfde activiteit, in hoofde van eenzelfde belastingplichtige, gedurende eenzelfde belastbaar tijdperk (zie ook titel F).

B. SPELERS, TRAINERS EN MEDEWERKERS VAN AMATEURVOETBALCLUBS IN DE LAGERE AFDELINGEN DIE BIJ DE KONINKLIJKE BELGISCHE VOETBALBOND (KBVB) ZIJN AANGESLOTEN

9. De circulaire nr. Ci.RH.241/425.005 van 14 juni 1991 bepaalt het belastingstelsel van de forfaitaire terugbetalingen van kosten van de spelers, trainers en medewerkers van amateurvoetbalclubs in de lagere afdelingen van de Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB).

10. Volgende vergoedingen worden ingevolge voornoemde circulaire beschouwd als terugbetalingen van kosten :

- spelers en hulptrainers van de reserve- en jeugdploegen : 12,50 EUR per wedstrijd;

- clubafgevaardigden die regelmatig jeugdploegen vergezellen : 12,50 EUR per wedstrijd;

- ouders van spelers en andere vrijwilligers die instaan voor vervoer : vergoeding van de staat aan zijn personeel voor dienstreizen;

- ouders van spelers en andere vrijwilligers die de uitrusting wassen : 15,00 EUR per ploeg en per wedstrijd;

- personen die instaan voor onderhoud terrein : 12,50 EUR per wedstrijddag.

11. Indien bovenvermelde grenzen overschreden worden, worden deze vergoedingen in principe integraal aangemerkt als belastbare bezoldigingen.

12. Voor de toepassing van de circulaire van 14 juni 1991, nr. Ci.RH.241/425.005, wordt onder "lagere afdelingen" uitsluitend verstaan de bij de KBVB aangesloten amateurvoetbalclubs van de provinciale reeksen, alsmede de voetbalclubs in vergelijkbare reeksen van amateurvoetbalbonden. Voetbalclubs ban de nationale reeksen vallen derhalve buiten het toepassingsgebied van voormelde circulaire.

13. Onder "wedstrijd" wordt begrepen alle wedstrijden met inbegrip van de eventuele vriendschappelijke wedstrijden ter voorbereiding van een of andere belangrijke ontmoeting. Trainingen worden hier niet bedoeld.

14. Voor de spelers en hoofd- en hulptrainers van de eerste ploeg van de bij de KBVB aangesloten amateurclubs van alle lagere afdelingen, zijn
de richtlijnen van de administratieve circulaire van 5 maart 1999, nr. Ci.RH.241/509.803, betreffende het belastingstelsel van de vergoedingen voor vrijwilligerswerk (titel A) van toepassing (zie parlementaire vraag nr. 216 van Volksvertegenwoordiger Schauvliege van 3 februari 2000, Vragen en
Antwoorden, Kamer, 2000-2001, nr. 104, blz. 12140-12143).

C. STEWARDS BIJ EEN VOETBALCLUB VAN DE EERSTE NATIONALE AFDELING DIE BIJ DE KBVB IS AANGESLOTEN

15. De circulaire nr. Ci.RH.241/463.482 van 12 augustus 1996, bepaalt dat de vergoedingen die de clubs van de eerste nationale afdeling, aangesloten bij de KBVB, toekennen aan stewards die meewerken aan de veiligheid in het stadion, tot een maximum bedrag van 25,00 EUR per wedstrijd moeten worden aangemerkt als een niet-belastbare vergoeding als terugbetaling van eigen kosten van de werkgever.

16. Het eventuele excedent moet aangemerkt worden als een vergoeding die als bezoldiging belastbaar is.

D. BEPAALDE GELEGENHEIDSMEDEWERKERS VAN BIJ DE KBVB AANGESLOTEN VOETBALCLUBS

17. De circulaire nr. Ci.RH.241/489.207 van 24 juni 1997, bepaalt dat volgende vergoedingen die de bij de KBVB aangesloten voetbalclubs aan bepaalde gelegenheidsmedewerkers toekennen, kunnen worden vrijgesteld :

- controleurs : 12,50 EUR per wedstrijd;

- kassiers : 20,00 EUR per wedstrijd;

- verantwoordelijke van de controleurs en kassiers : 25,00 EUR per wedstrijd.

18. Het eventuele excedent moet aangemerkt worden als een vergoeding die als bezoldiging belastbaar is.

E. SPELERS EN MEDEWERKDERS VAN ANDERE AMATEURPLOEGSPORTEN DAN AMATEURVOETBAL

19. De richtlijnen van de administratieve circulaire van 14 juni 1991, nr. Ci.RH.241/425.005 (zie titel B) worden door de administratieve circulaire nr. Ci.RH.241/486.611 van 7 april 1998, verruimd tot de Vlaamse Volleybalbond, de Koninklijke Belgische Basketbalbond, de Koninklijke Belgische
Hockeybond en de Franstalige Handballiga, aangezien deze sportfederaties hebben aangetoond dat in de lagere afdelingen van hun federatie op een gelijkaardige wijze als in het amateurvoetbal aan ploegsport wordt gedaan.

20. De omstandigheid dat de Vlaamse en Waalse basketbalclubs niet meer gezamenlijk ressorteren onder de Koninklijke Belgische Basketbalbond, maar ressorteren onder een nieuw opgerichte Vlaamse, respectievelijk Waalse Basketballiga, doet niets af aan een verdere toepassing van de bepalingen opgenomen in voornoemde circulaire.

21. Punt zes van deze circulaire van 7 april 1998 vermeldt daarenboven dat de richtlijnen mutatis mutandis gelden voor andere amateurbonden waarin het volleybal, het basketbal, het veldhockey en het handbal wordt beoefend.

F. KEUZEMOGELIJKHEID

22. Volledigheidshalve wordt de aandacht nogmaals gevestigd op het feit dat de vrijwilliger waarvoor een afzonderlijke belastingregeling wordt voorzien overeenkomstig de bepalingen opgenomen in de circulaires met kenmerk Ci.RH.241/425.005 van 14 juni 1991 (titel B), Ci.RH.241/463.482 van 12 augustus 1996 (titel C), Ci.RH.241/489.207 van 24 juni 1997 (titel D) en Ci.RH.241/486.611 van 7 april 1998 (titel E), steeds de keuze heeft tussen ofwel één van de voormelde afzonderlijke belastingregelingen die specifiek op hem van toepassing is, ofwel het algemeen belastingstelsel van de vergoedingen voor vrijwilligerswerk als bedoeld in de circulaire nr. Ci.RH.241/509.803 van 5 maart 1999 (titel A).

23. De toepassing van het algemeen belastingstelsel bedoeld in laatstgenoemde circulaire kan niet worden gecombineerd met de toepassing van één van de hiervoor vermelde specifieke afzonderlijke belastingregelingen voor eenzelfde activiteit, bij dezelfde belastingplichtige, tijdens eenzelfde belastbaar tijdperk.

G. TABEL

24. In de tabel in bijlage wordt het voorgaande samengevat.

Voor de Administrateur-generaal van de fiscaliteit d.d. :

De Directeur,

S. QUINTENS

Bijlage: Tabel