Circulaire nr. Ci.RH.241/307.085 dd. 24.06.1980

Circulaire nr. Ci.RH.241/307.085 dd. 24.06.1980

Bull. nr. 587, pag. 1370

BEDRIJFSVOORHEFFING

Terugbetaling

BUITENLAND

Niet-rijksinwoners die door een Belgische werkgever in het buitenland tewerkgesteld zijn

Rijksinwoners met een beroepswerkzaamheid in het buitenland

ONTWIKKELINGSLANDEN

Loontrekkers tewerkgesteld in een ontwikkelingsland

Richtlijnen i.v.m. de regularisatie van de fiscale toestand van in het buitenland tewerkgestelde personeelsleden van privé-ondernemingen : aanvulling van de circ. 08.02.1979, nr. Ci.RH.241/256.219 en 03.08.1979, zelfde nr. als onderhavige circ.

Betreft: Practische toepassing van de circ. 08.02.1979, nr. Ci.RH.241/256.219 en 03.08.1979, nr. Ci.RH.241/307.085, voor in het buitenland tewerkgestelde personeelsleden van privé-ondernemingen.

Die toepassing slaat op:

- de aangifte in de inkomstenbelastingen en de diensten bevoegd voor het onderzoek ervan;

- de bevoegdheid inzake de verzoekschriften om teruggave van de teveel ingehouden B.V.

Deze punten worden hierna afzonderlijk behandeld.

A. Regeling inzake de aangifte en het onderzoek ervan.

I. Personeelsleden die tijdens de periode van hun tewerkstelling in het buitenland verder als rijksinwoners aan te merken zijn.

Die belastingplichtigen moeten hun aangifte (in de P.B.), voor het inkomstenjaar tijdens hetwelk zij in het buitenland waren tewerkgesteld bij hun gewone taxatiedienst indienen. Die dienst is bevoegd voor het onderzoek ervan en voor de regularisatie van de fiscale toestand.

II. Personeelsleden die voor een bepaald jaar deels als rijksinwoner en deels als niet-rijksinwoner te beschouwen zijn of die voor het hele jaar als niet-rijksinwoner aan te merken zijn.

1. De bezoldigingen die voortkomen van de in het buitenland uitgeoefende werkzaamheid voor de periode tijdens welke de belanghebbenden als niet-rijksinwoners zijn te beschouwen, zijn niet belastbaar (cf. art. 141, 2°, W.I.B.). Die bezoldigingen zijn evenmin te onderwerpen aan de B.V. en ter zake moeten geen loonfiches 281.10 worden aangelegd.

2. Er is echter gebleken dat sommige werkgevers die niet-belastbare bezoldigingen toch aan de B.V. onderwerpen en op loonfiches 281.10 vermelden, wijl zij zich onbevoegd achten om te bepalen of een personeelslid fiscaal al dan niet als niet-rijksinwoner aan te merken is.

3. Practische overwegingen zetten bijgevolg ertoe aan de regularisatie van de fiscale toestand van de betrokken belastingplichtigen - ongeacht of zij als rijksinwoner of als niet- rijksinwoner moeten worden aangezien - aan de gewone taxatiediensten op te dragen. Deze belastingplichtigen moeten dus ook een aangifte in de P.B. indienen. De regularisatie van hun fiscale toestand zal zich gewoonlijk beperken tot de teruggave van de teveel ingehouden B.V.

4. Er wordt aangestipt dat wanneer de belastingplichtige voor een bepaald jaar tijdelijk rijksinwoner en tijdelijk niet-rijksinwoner is en het loonfiche 281.10 het totaal bedrag van de gedurende dat jaar genoten bezoldigingen (belastbare en niet belastbare) vermeldt, het belastbaar gedeelte pro rata temporis mag worden vastgesteld.

5. Het genot van het bijzonder stelsel (cf. voormelde circ.) voor de in het buitenland tewerkgestelde personeelsleden kan in de praktijk slechts worden verleend na de voorlegging van een attest, uitgaande van de werkgever, met:

a) de perioden van tewerkstelling in het buitenland, eventueel afzonderlijk per land;

b) de omdeling van de inkomsten met betrekking tot de periode van het jaar waarvoor de bijzondere regeling toepasselijk is en de periode waarvoor het gewoon aanslagstelsel geldt;

c) de berekening van het niet belastbaar gedeelte van de bezoldiging wanneer de belastingplichtige tijdens het jaar opeenvolgend rijksinwoner en niet-rijksinwoner is (of omgekeerd) en het loonfiche 281.10 de totale jaarlijkse bezoldiging vermeldt.

De werkgever kan de taak van de administratie vergemakkelijken door zijn werknemer dit attest tijdig af te leveren om het bij zijn aangifte te voegen.

6. De loonfiches 281.10, opgesteld op naam van personeelsleden die in het buitenland waren of zijn tewerkgesteld en die door de controles/Extraneïteit werden ontvangen, zullen zo spoedig mogelijk in het bezit van de bevoegde taxatiediensten worden gesteld.

B. Ambtenaren bevoegd inzake verzoekschriften tot teruggave van B.V. ingehouden ten laste van belastingplichtigen die in het buitenland zijn tewerkgesteld.

Het onderzoek en de beslissingsmacht inzake dergelijke verzoekschriften worden opgedragen aan de Gewestelijke directeur in wiens ambtsgebied de werkgever is gevestigd, voor al de gevallen waarin de regularisatie van de fiscale toestand van de betrokkene nog niet werd geregeld.

Wanneer de aanslag in de P.B. of B.N.V. ten laste van de werknemer reeds werd gevestigd, blijft de Gewestelijke directeur van de woonplaats van de betrokkene bevoegd.