Aanschrijving nr. 12/1999 d.d. 03.06.1999
Inbrengrecht
Aandelenruil (fusion l'anglaise)
Vrijstelling
Teruggave
Omzetting van een vereniging zonder winstoogmerk in een vennootschap met sociaal oogmerk
Vrijstelling
Teruggave
Wet van 22 december 1998 houdende fiscale en andere bepalingen
Aandelenruil (fusion l'anglaise)
Vrijstelling
Teruggave
Omzetting van een vereniging zonder winstoogmerk in een vennootschap met sociaal oogmerk
Vrijstelling
Teruggave
Wet van 22 december 1998 houdende fiscale en andere bepalingen
AFZ/97-0276 - Dos. 47, 18 en 98
In het Belgisch Staatsblad van 15 januari 1999 werd de wet van 22 december 1998 houdende fiscale en andere bepalingen bekendgemaakt.
Deze wet heeft ondermeer verscheidene artikelen die op het inbrengrecht betrekking hebben, gewijzigd. In deze aanschrijving wordt een eerste commentaar op de desbetreffende bepalingen gegeven.
In bijlage gaan een uittreksel uit deze wet (bijlage 1) en een gecoördineerde tekst van de gewijzigde bepalingen van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten (bijlage 2).
1. Overzicht.
1.1. Artikel 65 van deze wet vult artikel 117 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten aan met een nieuwe paragraaf, die de aandelenruil (beter gekend onder de benaming "fusion l'anglaise") onder bepaalde voorwaarden vrijstelt van het inbrengrecht. Artikel 72, § 1, voorziet de mogelijkheid om de teruggave te bekomen van het evenredige registratierecht geheven op de inbrengen van aandelen of deelbewijzen gerealiseerd vanaf 1 juli 1997 tot en met 15 januari 1999, voorzover de inbrengen voldoen aan de voorwaarden van artikel 117, § 3, eerste, tweede en derde lid, 1° en 2°, van voormeld wetboek,
1.2. Artikel 66 van voornoemde wet wijzigt artikel 121 van voormeld wetboek teneinde de omzetting van een vereniging zonder winstoogmerk in een vennootschap met een sociaal oogmerk vrij te stellen van het inbrengrecht. Artikel 72, § 2, voorziet de mogelijkheid om teruggave te bekomen van het evenredige registratierecht geheven ter gelegenheid van de omzetting van verenigingen zonder winstoogmerk in vennootschappen met sociaal oogmerk, voorzover de omzetting gerealiseerd werd in de periode van 1 juli 1996 tot en met 15 januari 1999.
AANDELENRUIL (FUSION A L'ANGLAISE)
2. Inbreng van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen. Vrijstelling van het inbrengrecht.
Aandelenruil bestaat hierin dat aandelen of deelbewijzen (die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen) van vennootschap A in vennootschap B worden ingebracht tegen toekenning van aandelen van vennootschap B.
Aandelenruil wordt van het inbrengrecht vrijgesteld wanneer de volgende grond- en vormvoorwaarden vervuld zijn.
Grondvoorwaarden.
1° De inbreng van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen moet tot gevolg hebben dat de vennootschap bij wie de inbreng gebeurt, ten minste 75 pct. van het maatschappelijk kapitaal bezit van de vennootschap waarvan de aandelen of deelbewijzen zijn ingebracht. Wanneer dit percentage ten gevolge van verscheidene inbrengen is bereikt, is de vrijstelling toepasselijk op de inbreng die het bereiken van het percentage mogelijk heeft gemaakt, alsmede op de daaropvolgende inbrengen, voorzover dit percentage behouden blijft.
Opmerkingen
- Om uit te maken of de grens van 75 pct. bereikt is, worden de aandelen of deelbewijzen die op een andere wijze dan door inbreng werden verkregen, meegerekend.
- Indien de grens van 75 pct. bereikt wordt ten gevolge van schillende inbrengen van aandelen door evenzoveel verschillende personen (natuurlijke of rechtspersonen), die in één en dezelfde akte worden vastgesteld, dan is de vrijstelling van toepassing op het geheel van de in die akte ingebrachte aandelen of deelbewijzen. Voorbeeld: Vennootschap A bezit 10 pct. van de aandelen van vennootschap B. Bij één en dezelfde akte brengen X, Y en Z respectievelijk 20 pct., 15 pct. en 30 pct. van de aandelen van vennootschap B in vennootschap A tegen toekenning van aandelen van deze laatste. De inbrengen van X, Y en Z zijn vrijgesteld van het inbrengrecht.
2° Beide vennootschappen moeten hun zetel der werkelijke leiding of hun statutaire zetel op het grondgebied van een lidstaat van de Europese Gemeenschappen hebben.
Opmerking. Artikel 117, § 3, 3° lid, 1°, W.Reg. bepaalt dat beide vennootschappen hun zetel der werkelijke leiding of hun statutaire zetel op het grondgebied van een lidstaat van de Europese Gemeenschappen moeten hebben. Het is echter evident dat de inbrenggenietende vennootschap hetzij haar zetel van werkelijke leiding in België hetzij haar statutaire zetel in België en haar zetel van werkelijke leiding buiten het grondgebied van de Europese Gemeenschappen moet hebben.
3° De inbreng moet uitsluitend door uitgifte van aandelen of nieuwe deelbewijzen van de verkrijgende vennootschap vergoed worden, samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende aandelen of deelbewijzen niet overschrijdt.
Opmerking: de vergelding moet niet noodzakelijk een storting in contanten bevatten. Indien er echter een storting in contanten geschiedt, mag deze het tiende van de nominale waarde van de toegekende aandelen of deelbewijzen niet overschrijden (cfr. artikel 117, § 1, 2° lid, 2°, W.Reg.).
Vormvoorwaarden
1° In de akte moet vermeld worden dat de vennootschap waarin de aandelen of deelbewijzen worden ingebracht, ten gevolge van de inbreng of van vorige inbrengen (of verwervingen) ten minste 75 pct. van het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap, van dewelke de aandelen of deelbewijzen worden ingebracht, bezit.
2° Aan de akte moet een attest van een bedrijfsrevisor, dat voormeld feit bevestigt, worden aangehecht. Deze bijlage van de akte van inbreng zal in principe onderworpen zijn aan de bepalingen van artikel 26 W.Reg.
Deze voorwaarden moeten uiterlijk wanneer de akte ter formaliteit wordt aangeboden vervuld zijn, zoniet wordt de akte tegen het gewoon recht geregistreerd. Een teruggave van de geheven rechten is niet mogelijk aangezien deze vermelding en aanhechting door de wet als een uitdrukkelijke voorwaarde voor de verkrijging van de fiscale gunst is gesteld op het ogenblik dat de akte ter formaliteit wordt aangeboden.
3. Akten van aandelenruil verleden van 1 juli 1997 tot en met 15 januari 1999. Teruggave. Voorwaarden.
Artikel 72, § 1, van voornoemde wet bepaalt dat het registratierecht geheven op de inbrengen van aandelen of deelbewijzen die voormelde grondvoorwaarden vervulden onder aftrek van het algemeen vast recht voor teruggave vatbaar is, indien de akte van inbreng verleden werd in de periode van 1 juli 1997 tot en met 15 januari 1999.
Het verzoek tot teruggave moet ingediend worden binnen twee jaar te rekenen van 15 januari 1999. Het verzoek moet vermelden dat ten gevolge van de inbreng ten minste 75 pct. van het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap waarvan de aandelen of deelbewijzen werden ingebracht, door de verwervende vennootschap werd verkregen. Een attest van een bedrijfsrevisor dat dit feit bevestigt moet aan het verzoek worden gehecht. Deze bijlage van het verzoek tot teruggave zal slechts aan de bepalingen van artikel 26 W.Reg. onderworpen zijn, indien het verzoek tot teruggave opgenomen is in een akte van een notaris of een gerechtsdeurwaarder.
Voor het overige zijn de bepalingen van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten van toepassing op deze teruggaven.
OMZETTING VAN VERENIGINGEN ZONDER WINSTOOGMERK IN VENNOOTSCHAPPEN MET EEN SOCIAAL OOGMERK
4. Vrijstelling van het inbrengrecht.
De omzetting van een vereniging zonder winstoogmerk in een vennootschap met een sociaal oogmerk wordt krachtens het gewijzigde artikel 121, eerste lid, 1°, W.Reg. vrijgesteld van het inbrengrecht.
Artikel 72, § 2, van voornoemde wet bepaalt dat het evenredige registratierecht, dat geheven werd op een omzetting gerealiseerd in de periode van 1 juli 1996 tot en met 15 januari 1999, op verzoek van de vennootschap, die het recht betaald heeft, kan worden teruggegeven onder aftrek van het algemeen vast recht. Het verzoek moet binnen de twee jaar te rekenen van 15 januari 1999 ingediend worden.
Voor het overige zijn de bepalingen van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten op deze teruggave toepasselijk.
5. Inwerkingtreding.
De regelingen betreffende de aandelenruil, de omzetting van V.Z.W.'s in V.S.O.'s en de teruggaven van het inbrengrecht zijn in werking getreden op 15 januari 1999.
Namens de Minister:
De Adjunct Administrateur-generaal van de belastingen,
J.-M.DELPORTE
---------
BIJLAGE 1
Uittreksel uit het Belgisch Staatsblad van 15 januari 1999
22 DECEMBER 1998. - WET HOUDENDE FISCALE EN ANDERE BEPALINGEN.
ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, ONZE GROET.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt:
HOOFDSTUK III. - Wetboek van registratie-, hypotheek- en griffierechten
Art. 65. Artikel 117 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wet van 12 augustus 1985, wordt aangevuld met de volgende paragraaf:
"§ 3. Het bij artikel 115 bepaalde recht is eveneens niet verschuldigd in geval van inbreng van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, die tot gevolg heeft dat de vennootschap bij wie de inbreng gebeurt, ten minste 75 pct. van het maatschappelijk kapitaal verwerft van de vennootschap waarvan de aandelen of deelbewijzen zijn ingebracht.
Wanneer dat percentage ten gevolge van verscheidene inbrengen is bereikt, is deze paragraaf alleen toepasselijk op de inbrengen die het bereiken van het percentage mogelijk hebben gemaakt, alsmede op de daaropvolgende inbrengen.
Bovendien vindt deze paragraaf alleen toepassing wanneer voldaan is aan de volgende voorwaarden :
1° de vennootschap die verkrijgt en de vennootschap waarvan de aandelen of deelbewijzen zijn ingebracht, moeten beide hun zetel der werkelijke leiding of hun statutaire zetel hebben op het grondgebied van een lidstaat van de Europese Gemeenschappen;
2° de inbreng moet uitsluitend door uitgifte van aandelen of nieuwe deelbewijzen van de verkrijgende vennootschap vergoed worden, samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen of deelbewijzen niet overschrijdt;
3° de akte van inbreng moet vermelden dat bij de inbreng ten minste 75 pet. van het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap waarvan de aandelen of deelbewijzen zijn ingebracht, door de verwervende vennootschap wordt verkregen;
4° een attest van een bedrijfsrevisor dat het vermelde feit overeenkomstig het 3° van dit lid bevestigt, moet aan de akte worden aangehecht.
In geval van niet-nakoming van een van de toepassingsvoorwaarden van deze paragraaf uiterlijk wanneer de akte ter formaliteit wordt aangeboden, wordt deze akte tegen het gewoon recht geregistreerd.".
Art. 66. In artikel 121, eerste lid, 1°, van hetzelfde Wetboek, vervangen door de wet van 14 april 1965, worden tussen de woorden "van een verschillende soort" en ".Deze bepaling" de woorden "en de omzetting van een vereniging zonder winstoogmerk in een vennootschap met een sociaal oogmerk" ingevoegd.
Art. 72. § 1. Het evenredige registratierecht geheven op de inbreng van aandelen of deelbewijzen onder de voorwaarden van artikel 117, § 3, eerste, tweede en derde lid, 1° en 2°, van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, ingevoegd door artikel 54 van deze wet, kan worden teruggegeven onder aftrek van het algemeen vast recht, indien de akte van inbreng werd verleden in de periode van 1 juli 1997 tot en met de dag van de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad.
De vennootschap die het recht heeft betaald moet het verzoek tot teruggave indienen binnen de twee jaar te rekenen van de dag van de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad. Het verzoek moet vermelden dat bij de inbreng ten minste 75 pct. van het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap waarvan de aandelen of deelbewijzen werden ingebracht, door de verwervende vennootschap wordt verkregen. Een attest van een bedrijfsrevisor dat dit feit bevestigt dient bovendien aan het verzoek te worden gehecht.
§ 2. Het evenredige registratierecht geheven op de omzetting van een vereniging zonder winstgevend doel in een vennootschap met een sociaal oogmerk gerealiseerd in de periode van 1 juli 1996 tot en met de dag van de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad, kan worden teruggegeven onder aftrek van het algemeen vast recht, op verzoek daartoe van de vennootschap die het recht heeft betaald, ingediend binnen de twee jaar te rekenen van de dag van de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad.
§ 3. Voor het overige zijn de bepalingen van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten van toepassing op de teruggaven bepaald in §§ 1 en 2.
HOOFDSTUK V - Niet-fiscale bepalingen
Art. 80. De inwerkingtreding van deze wet wordt vastgesteld als volgt:
§ 28. De artikelen 65, 66 en 72, treden in werking de dag waarop ze in het Belgisch Staatsblad worden bekendgemaakt
Kondigen deze wet af, bevelen dat zijn met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 22 december 1998,
ALBERT
Van Koningswege
De Minister van Financiën,
J.-J. VISEUR
Met 's Lands zegel gezegeld:
De Minister van Justitie,
T. VAN PARYS
BIJLAGE 2
Gecoördineerde tekst van de gewijzigde bepalingen van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten
Art. 117
§ 1. Het bij artikel 115 bepaalde recht is niet verschuldigd in geval van inbreng van de universaliteit der goederen van een vennootschap, bij wijze van fusie, splitsing of anderszins, in een of meer nieuwe of bestaande vennootschappen.
Deze bepaling is evenwel slechts toepasselijk op voorwaarde:
1° dat de vennootschap die de inbreng doet de zetel van haar werkelijke leiding of haar statutaire zetel heeft op het grondgebied van een Lid-Staat van de Europese Gemeenschappen;
2° dat, eventueel na aftrek van de op het tijdstip van de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen, de inbreng uitsluitend vergoed wordt, hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen of deelbewijzen niet overschrijdt.
§ 2. Het bij artikel 115 bepaalde recht is eveneens niet verschuldigd, onder de voorwaarden die de Koning bepaalt, voor de inbrengen gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een LidStaat van de Europese Gemeenschappen, van goederen die één of meer van haar bedrijfstakken uitmaken.
§ 3. Het bij artikel 115 bepaalde recht is eveneens niet verschuldigd in geval van inbreng van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, die tot gevolg heeft dat de vennootschap bij wie de inbreng gebeurt, ten minste 75 % van het maatschappelijk kapitaal verwerft van de vennootschap waarvan de aandelen of deelbewijzen zijn ingebracht.
Wanneer dat percentage ten gevolge van verscheidene inbrengen is bereikt, is deze paragraaf alleen toepasselijk op de inbrengen die het bereiken van het percentage mogelijk hebben gemaakt, alsmede op de daaropvolgende inbrengen.
Bovendien vindt deze paragraaf alleen toepassing wanneer voldaan is aan de volgende voorwaarden:
1° de vennootschap die verkrijgt en de vennootschap waarvan de aandelen of deelbewijzen zijn ingebracht, moeten beide hun zetel der werkelijke leiding of hun statutaire zetel hebben op het grondgebied van een lidstaat van de Europese Gemeenschappen;
2° de inbreng moet uitsluitend door uitgifte van aandelen of nieuwe deelbewijzen van de verkrijgende vennootschap worden vergoed, samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen of deelbewijzen niet overschrijdt;
3° de akte van inbreng moet vermelden dat bij de inbreng ten minste 75% van het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap waarvan de aandelen of deelbewijzen zijn ingebracht, door de verwervende vennootschap wordt verkregen;
4° een attest van een bedrijfsrevisor dat het vermelde feit overeenkomstig het 3° van dit lid bevestigt, moet aan de akte worden aangehecht.
In geval van niet-nakoming van een van de toepassingsvoorwaarden van deze paragraaf uiterlijk wanneer de akte ter formaliteit wordt aangeboden, wordt deze akte tegen het gewoon recht geregistreerd.
Art. 121.
Met afwijking van de artikelen 115, 115bis, 118 en 120, worden van het evenredig recht vrijgesteld:
1° de omvorming van een vennootschap met rechtspersoonlijkheid in een vennootschap van een verschillende soort en de omzetting van een vereniging zonder winstoogmerk in een vennootschap met een sociaal oogmerk. Deze bepaling is toepasselijk zelfs wanneer de omvorming plaats heeft bij wege van liquidatie gevolgd door de oprichting van een nieuwe vennootschap, voor zover deze wederoprichting in de akte van inliquidatiestellen in het vooruitzicht wordt gesteld en binnen vijftien dagen na die akte plaats heeft;
2° de wijziging van het voorwerp van een vennootschap;
3° de overbrenging van de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel van een vennootschap, wanneer deze overbrenging geschiedt uit het grondgebied van een Lid-Staat van de Europese Economische Gemeenschap of wanneer het een overbrenging naar België betreft van de zetel der werkelijke leiding van een vennootschap waarvan de statutaire zetel zich reeds op het grondgebied van de genoemde gemeenschap bevindt. Deze bepaling is slechts toepasselijk in de mate waarin het vaststaat dat de vennootschap behoort tot de soort van die welke onderworpen zijn aan een belasting op het bijeenbrengen van kapitaal in het land dat in aanmerking komt voor het voordeel van de vrijstelling.
In alle gevallen wordt het recht geheven op de vermeerdering van het statutair kapitaal van de vennootschap, zonder nieuwe inbreng, of op de inbrengen van nieuwe goederen, die gedaan worden ter gelegenheid van de omvorming, de wijziging van het voorwerp of de overbrenging van de zetel.
Bron: FisconetPlus
