Circulaire nr. Ci.RH.842/503.664 dd. 27.07.2001
Bull. nr. 818, pag. 1713
BEROEPSKOSTEN
Collectief akkoord
Gerechtsdeurwaarder
Verantwoording van de beroepskosten
Werkelijke beroepskosten
Beroepskosten van de gerechtsdeurwaarders: collectief akkoord over de forfaitaire raming van beroepskosten die over het algemeen niet door bewijsstukken kunnen worden gestaafd.
Aan alle taxatiediensten, sector IB.
I. INLEIDING
1. In toepassing van art. 342, § 1, 4de lid, WIB 92, heeft de Administratie met de Nationale Kamer van gerechtsdeurwaarders een nieuw collectief akkoord gesloten over de raming van beroepskosten van de gerechtsdeurwaarders die over het algemeen niet door bewijsstukken kunnen worden gestaafd.
Dit akkoord vervangt het vroeger afgesloten akkoord (zie Com.IB 92, nrs. 342/63 tot 342/70). Het is van toepassing vanaf aj. 2001.
II. BEROEPSKOSTEN BEDOELD IN HET AKKOORD EN DE BEREKENING VAN DE FORFAITS
A. Representatiekosten en diverse kosten
Bedoelde kosten:
2.
Berekening van het forfait (1):
(1) De berekening van het forfait houdt rekening met het feit dat het beroepsmatig deel van de restaurant- en receptiekosten en van de kosten voor relatiegeschenken slechts tot 50 % aftrekbaar is, en dat het beroepsmatige deel van de parkeermeter- en taxikosten slechts tot 75 % aftrekbaar is.
3. Het forfait wordt berekend op het totaal van de in het dagboek ingeschreven honoraria:
B. Drank voor het personeel
4. 0,65 EUR (25 BEF) (*) per werkdag en per persoon
C. Beslagkosten
5. Voor zover ze samen 9,45 EUR (380 BEF) (*) niet overtreffen, worden de aan de getuigen en aan de politieambtenaren betaalde sommen beschouwd als de terugbetaling van werkelijke kosten en moet de verkrijger niet worden bekendgemaakt. Het bedrag van 9,45 EUR (380 BEF) (*) wordt verondersteld het gemiddelde te zijn per beslag, van de hier beoogde sommen en moet worden vermenigvuldigd met het totale aantal beslagen per jaar.
D. Autokosten
6. De kosten betreffende het gebruik van een wagen voor de beroepswerkzaamheid (verzekering, afschrijving, onderhoud en herstellingen, belasting) moeten met bewijsstukken worden gestaafd (1).
(1) Bij de vaststelling van de kosten moet er rekening mee worden gehouden dat het beroepsmatige deel van de autokosten, andere dan de brandstof- en financieringskosten, slechts tot 75 % aftrekbaar is.
De kostprijs van de brandstof mag forfaitair worden berekend op grond van de afgelegde kilometers.
III. TOEPASSINGSVOORWAARDEN
7.
IV. ANDERE UITGAVEN
8. De niet in het collectief akkoord begrepen beroepskosten moeten met bewijsstukken worden gestaafd of verantwoord worden door andere bewijsmiddelen indien de stukken vernietigd, gestolen of door onachtzaamheid verloren zijn.
Zo moeten de hierna vermelde kosten in principe als volgt worden bewezen:
9. De fiscale toestand van de gerechtsdeurwaarders die, voor het aj. 2001, hun beroepskosten op basis van het vroegere collectief akkoord zouden hebben bepaald, zal van ambtswege worden geregulariseerd, rekening houden met wat voorafgaat.
Hieromtrent wordt eraan herinnerd dat het niet nodig is een bericht van wijziging te sturen wanneer als grondslag van de belasting een lager bedrag wordt genomen dan het aangegeven bedrag (Com.IB, 346/21, 1ste lid).
Voor de Directeur-generaal:
De Auditeur-generaal van financiën,
J.-M. PREVOST
[(*) Omzetting naar euro : Ci.D.2/546.629 dd.19.12.2001 (inwerkingtreding 01.01.2002)]
BEROEPSKOSTEN
Collectief akkoord
Gerechtsdeurwaarder
Verantwoording van de beroepskosten
Werkelijke beroepskosten
Beroepskosten van de gerechtsdeurwaarders: collectief akkoord over de forfaitaire raming van beroepskosten die over het algemeen niet door bewijsstukken kunnen worden gestaafd.
Aan alle taxatiediensten, sector IB.
I. INLEIDING
1. In toepassing van art. 342, § 1, 4de lid, WIB 92, heeft de Administratie met de Nationale Kamer van gerechtsdeurwaarders een nieuw collectief akkoord gesloten over de raming van beroepskosten van de gerechtsdeurwaarders die over het algemeen niet door bewijsstukken kunnen worden gestaafd.
Dit akkoord vervangt het vroeger afgesloten akkoord (zie Com.IB 92, nrs. 342/63 tot 342/70). Het is van toepassing vanaf aj. 2001.
II. BEROEPSKOSTEN BEDOELD IN HET AKKOORD EN DE BEREKENING VAN DE FORFAITS
A. Representatiekosten en diverse kosten
Bedoelde kosten:
2.
| 1° | representatiekosten (recepties, geschenken, standing en analoge beroepsverplichtingen); |
| 2° | onderhoudsproducten voor de bedrijfslokalen; |
| 3° | kleine kantoorkosten; |
| 4° | bijdragen van sociale aard (liefdadigheidsinstellingen, enz.) die niet onder de bepalingen van art. 104, 1° lid, 3°, WIB 92 vallen; |
| 5° | allerlei tijdschriften zonder factuur; |
| 6° | parkeermeter-, tram-, taxi en andere kleine reiskosten; |
| 7° | allerlei fooien. |
Berekening van het forfait (1):
(1) De berekening van het forfait houdt rekening met het feit dat het beroepsmatig deel van de restaurant- en receptiekosten en van de kosten voor relatiegeschenken slechts tot 50 % aftrekbaar is, en dat het beroepsmatige deel van de parkeermeter- en taxikosten slechts tot 75 % aftrekbaar is.
3. Het forfait wordt berekend op het totaal van de in het dagboek ingeschreven honoraria:
- 3 % op de eerste schijf van 30.500,00 EUR (1.230.000 BEF) (*);
- 2 % op de tweede schijf van 30.500,00 EUR (1.230.000 BEF) (*);
- 1 % op de derde schijf van 30.500,00 EUR (1.230.000 BEF) (*);
- op de honoraria die 91.500,00 EUR (3.690.000 BEF) (*) overtreffen: nihil.
- met 2 % voor de syndicus-voorzitter van de Raden der arrondissementskamers en de voorzitter van de Nationale Kamer;
- met 1 % voor de leden van de Raden der arrondissementskamers, de leden van het Directiecomité van de Nationale Kamer, de leden van de Vaste Raad van de Nationale Kamer, en de leden van de Internationale Unie van de Gerechtsdeurwaarders en Gerechtelijke Officieren.
B. Drank voor het personeel
4. 0,65 EUR (25 BEF) (*) per werkdag en per persoon
C. Beslagkosten
5. Voor zover ze samen 9,45 EUR (380 BEF) (*) niet overtreffen, worden de aan de getuigen en aan de politieambtenaren betaalde sommen beschouwd als de terugbetaling van werkelijke kosten en moet de verkrijger niet worden bekendgemaakt. Het bedrag van 9,45 EUR (380 BEF) (*) wordt verondersteld het gemiddelde te zijn per beslag, van de hier beoogde sommen en moet worden vermenigvuldigd met het totale aantal beslagen per jaar.
D. Autokosten
6. De kosten betreffende het gebruik van een wagen voor de beroepswerkzaamheid (verzekering, afschrijving, onderhoud en herstellingen, belasting) moeten met bewijsstukken worden gestaafd (1).
(1) Bij de vaststelling van de kosten moet er rekening mee worden gehouden dat het beroepsmatige deel van de autokosten, andere dan de brandstof- en financieringskosten, slechts tot 75 % aftrekbaar is.
De kostprijs van de brandstof mag forfaitair worden berekend op grond van de afgelegde kilometers.
III. TOEPASSINGSVOORWAARDEN
7.
| 1° | De forfaits zijn van toepassing op natuurlijke personen. Het forfait voor representatiekosten en diverse kosten mag door gerechtsdeurwaarders die deel uitmaken van een feitelijke vereniging, van hun aandeel in de baten worden afgetrokken voor zover, eensdeels geen enkele in de forfaits begrepen uitgave ten laste van de feitelijke vereniging is gelegd en aldaar als dusdanig is geboekt, en anderdeels, aan de hierna gestelde toepassingsvoorwaarden voldaan is. |
| 2° | De belastingplichtige moet zijn beroep in zodanige omstandigheden uitoefenen dat mag worden aangenomen dat hij, in feite, in een normale mate de kosten moet dragen die door de forfaits worden gedekt. |
| 3° | De toepassing van de forfaits mag niet samengaan met de aftrek van kosten van dezelfde categorie die door bewijsstukken zouden worden gestaafd. |
| 4° | De toepassing van het akkoord is niet verplicht; de belastingplichtige mag zijn beroepskosten post per post bewijzen. |
| 5° | De forfaits zijn tot herroeping van toepassing op de inkomsten van het aanslagjaar 2001 en volgende, voor zover de toepassing ervan, voor taxatie, door de belastingplichtige gevraagd is. |
| 6° | Het collectief akkoord belet het sluiten van een individueel akkoord voor:
|
8. De niet in het collectief akkoord begrepen beroepskosten moeten met bewijsstukken worden gestaafd of verantwoord worden door andere bewijsmiddelen indien de stukken vernietigd, gestolen of door onachtzaamheid verloren zijn.
Zo moeten de hierna vermelde kosten in principe als volgt worden bewezen:
- geschenken aan het personeel: door overlegging van de aankoopfacturen en bekendmaking van de verkrijger;
- slotenmakerskosten: door overlegging van facturen;
- vervoerskosten van in beslag genomen voorwerpen: door overlegging van facturen;
- bezoldiging van werklieden voor het weghalen van in beslag genomen voorwerpen: door overlegging van facturen of door bekendmaking van de verkrijgers.
9. De fiscale toestand van de gerechtsdeurwaarders die, voor het aj. 2001, hun beroepskosten op basis van het vroegere collectief akkoord zouden hebben bepaald, zal van ambtswege worden geregulariseerd, rekening houden met wat voorafgaat.
Hieromtrent wordt eraan herinnerd dat het niet nodig is een bericht van wijziging te sturen wanneer als grondslag van de belasting een lager bedrag wordt genomen dan het aangegeven bedrag (Com.IB, 346/21, 1ste lid).
Voor de Directeur-generaal:
De Auditeur-generaal van financiën,
J.-M. PREVOST
[(*) Omzetting naar euro : Ci.D.2/546.629 dd.19.12.2001 (inwerkingtreding 01.01.2002)]
Bron: FisconetPlus
