Circulaire nr. Ci.RH.243/412.466 dd. 06.12.1989

CIRC 06.12.89/1

Circulaire nr. Ci.RH.243/412.466 dd. 06.12.1989


Bull. nr. 690, pag. 109

BEROEPSKOSTEN
Autokosten.
Loontrekker.
Reiskosten van de woonplaats naar de plaats van tewerkstelling.


Als beroepskosten aftrekbare reiskosten van de woonplaats naar de plaats van tewerkstelling ingeval beide echtgenoten van hetzelfde voertuig gebruik maken.

Gevolgen van de rechtspraak van het Hof van Cassatie, dd. 07.09.1989 inzake Andries.

In zijn arrest van 07.09.1989 inzake Andries, heeft het Hof van Cassatie beslist dat de vaststelling, voorkomende in een arrest van het Hof van beroep, luidens welke de belastingplichtige en zijn echtgenote zich dagelijks, althans de meeste werkdagen, samen in dezelfde auto naar hun werk begeven, inhoudt dat slechts een deel van de totale kosten die uit het bedoelde gebruik van de auto voortvloeien, verband houden met de beroepswerkzaamheid van de belastingplichtige.

Door in de gegeven omstandigheden te beslissen dat de totaliteit van de bovenbedoelde kosten voor de belastingplichtige beroepskosten zijn omdat de hoegrootheid ervan dezelfde zou zijn indien hij het traject naar het werk dagelijks alleen zou afleggen, schendt het arrest art. 44, eerste lid, WIB

Uit deze rechtspraak volgt dat ingeval de beide echtgenoten het traject naar en/of van het werk geheel of ten dele samen per wagen afleggen, art. 44 WIB verhindert dat één van de echtgenoten de totaliteit van de autokosten in mindering van zijn beroepsinkomsten brengt terwijl de andere echtgenoot aanspraak maakt op de forfaitaire aftrek voor beroepskosten ingevolge art. 51 WIB De autokosten moeten inderdaad worden geacht te zijn gedaan om de beide echtgenoten in staat te stellen hun bedrijfsinkomsten te verwerven.

Derhalve moet het totaal van de autokosten zo worden uitgesplitst dat in de werkelijke kosten die bij één van de echtgenoten aftrekbaar zijn, alleen het gedeelte begrepen is dat op de uitoefening van zijn of haar beroep betrekking heeft.

Het overblijvende gedeelte mag eventueel door de andere echtgenoot van zijn beroepsinkomsten worden afgetrokken of moet worden geacht in diens forfaitaire beroepskosten begrepen te zijn.

De bovenstaande richtlijnen moeten worden toegepast voor de ter zake nog hangende geschillen.

De Com.IB zal eerlang in voormelde zin worden aangevuld.