Circulaire nr. Ci.RH.332/473.389 dd. 25.08.1995
CIRC 25.08.95/1
Circulaire nr. Ci.RH.332/473.389 dd. 25.08.1995
Bull. nr. 753, pag. 2616
BEREKENING VAN DE BELASTING
Afzonderlijk belastbaar kapitaal.
Belastingtarief.
KAPITAAL
Kapitaal geldend als rente of pensioen.
Aan alle ambtenaren van de niveaus 1 en 2.
Onderhavige circulaire bespreekt art. 24, 2°, W 6.7.1994, houdende fiscale bepalingen (BS 16.7.1994 - V 2323 - Bull. 742, blz. 2561 en volgende).
I. WETTEKST
1. In artikel 171 van hetzelfde Wetboek (WIB 92), gewijzigd bij artikel 15 van de wet van 28 juli 1992, bij de artikelen 4 en 89 van de wet van 28 december 1992, bij artikel 30 van de wet van 24 december 1993 en bij artikel 13 van de wet van 30 maart 1994 worden de volgende wijzigingen aangebracht :
"g) andere kapitalen geldend als renten of pensioenen, wanneer zij aan de rechthebbende worden uitgekeerd ten vroegste naar aanleiding van zijn pensionering op de normale datum of in één van de 5 jaren die aan die datum voorafgaan, naar aanleiding van zijn brugpensionering, naar aanleiding van het overlijden van de persoon van wie hij de rechtverkrijgende is of op de normale leeftijd waarop de verkrijger zijn beroepswerkzaamheid uit hoofde waarvan het kapitaal is gevormd, volledig en definitief stopzet en voor zover die kapitalen niet zijn gevormd, door persoonlijke bijdragen als vermeld in artikel 145/1, 1°";
...
(zevende lid)
De artikelen ... 24, 2°, ... hebben uitwerking met ingang van het aanslagjaar 1994.
...
II. ALGEMENE DRAAGWIJDTE
2. Art. 171, 4°, WIB 92, somt de inkomsten op die afzonderlijk belastbaar zijn tegen 16,5 %.
Littera "g" van art. 171, 4°, WIB 92, heeft ondermeer betrekking op de "gratis" of "goedgunstig" toegekende pensioenkapitalen die niet voorafgaandelijk werden gefinancierd en de kapitalen van bedrijfsleidersverzekeringen.
Vóór de inwerkingtreding van de W 28.12.1992 houdende fiscale, financiële en diverse bepalingen (BS 31.12.1992 - 3de uitgave, V 2212, Bull. 725, blz. 419 en volgende) waren voormelde pensioenkapitalen afzonderlijk belastbaar tegen 16,5 % mits ze werden uitgekeerd in één van de in art. 171, 4°, g, WIB 92, vermelde omstandigheden.
Ingevolge de wijziging die art. 89, 5°, W 28.12.1992 - met ingang van aj. 1994 - in art. 171, 4°, g, WIB 92 heeft aangebracht, waren de afzonderlijke aanslagen tegen 16,5 % evenwel nog alleen mogelijk voor zover de pensioenkapitalen met werkgeversbijdragen als bedoeld in artikel 52, 3°, b, WIB 92, waren gevormd.
Door de "gratis" of "goedgunstig" toegekende pensioenkapitalen die niet voorafgaandelijk worden gefinancierd en de kapitalen van bedrijfsleidersverzekeringen, niet door dergelijke werkgeversbijdragen zijn gevormd, moest hieruit worden afgeleid dat er - na 31.12.1992 - geen rechtsgrond meer bestond voor de afzonderlijke aanslag tegen 16,5 % van die kapitalen.
Bijgevolg konden die pensioenkapitalen - vanaf 1.1.1993 - in beginsel dus niet meer tegen 16,5 % worden belast, maar nog enkel tegen het progressieve tarief. Een dergelijke wijziging is evenwel nooit de bedoeling van de wetgever geweest.
Art. 24, 2°, W 6.7.1994 heeft tot doel die ongewilde toestand recht te zetten. De "gratis" of "goedgunstig" toegekende pensioenkapitalen en de kapitalen van bedrijfsleidersverzekeringen blijven bijgevolg zoals voorheen, afzonderlijk belastbaar tegen het tarief van 16,5 %, mits ze worden uitgekeerd op één van de tijdstippen als opgesomd in art. 171, 4°, g, WIB 92.
III. INWERKINGTREDING
3. Overeenkomstig art. 91, W 6.7.1994, houdende fiscale bepalingen treedt art. 24, 2°, van dezelfde wet, met ingang van het aj. 1994 in werking.
Dit betekent bijgevolg dat de ongewilde toestand ontstaan door art. 89, 5°, W 28.12.1992, nooit enige uitwerking heeft gehad.
Circulaire nr. Ci.RH.332/473.389 dd. 25.08.1995
Bull. nr. 753, pag. 2616
BEREKENING VAN DE BELASTING
Afzonderlijk belastbaar kapitaal.
Belastingtarief.
KAPITAAL
Kapitaal geldend als rente of pensioen.
Aan alle ambtenaren van de niveaus 1 en 2.
Onderhavige circulaire bespreekt art. 24, 2°, W 6.7.1994, houdende fiscale bepalingen (BS 16.7.1994 - V 2323 - Bull. 742, blz. 2561 en volgende).
I. WETTEKST
| W. | 6.7.1994 |
| Art. | 24 |
| 1° | ... |
| 2° | het 4°, g, wordt vervangen door de volgende bepaling : |
| 3° | ... Art. 91 |
(zevende lid)
De artikelen ... 24, 2°, ... hebben uitwerking met ingang van het aanslagjaar 1994.
...
II. ALGEMENE DRAAGWIJDTE
2. Art. 171, 4°, WIB 92, somt de inkomsten op die afzonderlijk belastbaar zijn tegen 16,5 %.
Littera "g" van art. 171, 4°, WIB 92, heeft ondermeer betrekking op de "gratis" of "goedgunstig" toegekende pensioenkapitalen die niet voorafgaandelijk werden gefinancierd en de kapitalen van bedrijfsleidersverzekeringen.
Vóór de inwerkingtreding van de W 28.12.1992 houdende fiscale, financiële en diverse bepalingen (BS 31.12.1992 - 3de uitgave, V 2212, Bull. 725, blz. 419 en volgende) waren voormelde pensioenkapitalen afzonderlijk belastbaar tegen 16,5 % mits ze werden uitgekeerd in één van de in art. 171, 4°, g, WIB 92, vermelde omstandigheden.
Ingevolge de wijziging die art. 89, 5°, W 28.12.1992 - met ingang van aj. 1994 - in art. 171, 4°, g, WIB 92 heeft aangebracht, waren de afzonderlijke aanslagen tegen 16,5 % evenwel nog alleen mogelijk voor zover de pensioenkapitalen met werkgeversbijdragen als bedoeld in artikel 52, 3°, b, WIB 92, waren gevormd.
Door de "gratis" of "goedgunstig" toegekende pensioenkapitalen die niet voorafgaandelijk worden gefinancierd en de kapitalen van bedrijfsleidersverzekeringen, niet door dergelijke werkgeversbijdragen zijn gevormd, moest hieruit worden afgeleid dat er - na 31.12.1992 - geen rechtsgrond meer bestond voor de afzonderlijke aanslag tegen 16,5 % van die kapitalen.
Bijgevolg konden die pensioenkapitalen - vanaf 1.1.1993 - in beginsel dus niet meer tegen 16,5 % worden belast, maar nog enkel tegen het progressieve tarief. Een dergelijke wijziging is evenwel nooit de bedoeling van de wetgever geweest.
Art. 24, 2°, W 6.7.1994 heeft tot doel die ongewilde toestand recht te zetten. De "gratis" of "goedgunstig" toegekende pensioenkapitalen en de kapitalen van bedrijfsleidersverzekeringen blijven bijgevolg zoals voorheen, afzonderlijk belastbaar tegen het tarief van 16,5 %, mits ze worden uitgekeerd op één van de tijdstippen als opgesomd in art. 171, 4°, g, WIB 92.
III. INWERKINGTREDING
3. Overeenkomstig art. 91, W 6.7.1994, houdende fiscale bepalingen treedt art. 24, 2°, van dezelfde wet, met ingang van het aj. 1994 in werking.
Dit betekent bijgevolg dat de ongewilde toestand ontstaan door art. 89, 5°, W 28.12.1992, nooit enige uitwerking heeft gehad.
NAMENS DE MINISTER :
Voor de Directeur-generaal :
De Auditeur-generaal,
V. KINDT
Bron: FisconetPlus
