Aanschrijving nr. 14 dd. 20.11.1985

AANSCHRIJVING 85/014

Aanschrijving nr. 14 dd. 20.11.1985


Cat.pr. personenauto's en auto's voor dubbel gebruik
Gratis leveren van uitrustingsstukken en toebehoren
Gratis verstrekken van diensten aan de koper


Onderwerp van de aanschrijving.

1. Artikel 5, § 1, tweede lid, nieuw, dat door artikel 2 van de wet van 31 juli 1984 (1) (Belgisch Staatsblad van 3 januari 1985) tot wijziging van het Wetboek der met het zegel gelijkgestelde taksen (z. aanschr. 4/1985 (2), bijlage 1) in dit Wetboek werd ingevoegd, bepaalt dat, voor de toepassing van de bepalingen inzake inschrijvingstaks, de catalogusprijs van personenauto's en auto's voor dubbel gebruik de prijs is die door de constructeur of zijn mandataris wordt vastgesteld voor de verkoop aan de gebruiker van nieuwe motorvoertuigen van een zelfde type, met de uitrusting en het toebehoren ervan.

In het vierde lid van ditzelfde artikel 5, § 1, nieuw, wordt aan de Koning de bevoegdheid toegekend tot vaststelling van de toepassingsmodaliteiten van deze bepaling en, inzonderheid, tot het bepalen van de modaliteiten van bekendmaking en mededeling de catalogusprijzen.

2. Op het stuk van de BTW kent artikel 35, eerste lid, van het BTW-Wetboek aan de Koning de bevoegdheid toe een minimummaatstaf van heffing te bepalen voor de levering en de invoer van bepaalde goederen, waaronder automobielen. In dit verband wordt aangestipt dat de minimummaatstaf van heffing vastgesteld door het koninklijk besluit nr. 17 van 20 december 1984 (3) (Belgisch Staatsblad van 3 januari 1985) met betrekking tot de vaststelling van een minimummaatstaf van heffing inzake BTW voor tweedehandse pcrsonenauto's en tweedehandse auto's voor dubbel gebruik (z. aanschr. 4/1985, bijlage III) eveneens is gebaseerd op het begrip catalogusprijs.

3. In uitvoering van artikel 5, § 1, vierde lid, van het Wetboek der met het zegel gelijkgestelde taksen en van artikel 35, eerste lid, van het BTW-Wetboek, leggen artikel 10bis, dat door artikel 10 van het koninklijk besluit van 20 december 1984 (4) (Belgisch Staatsblad van 3 januari 1985) tot wijziging van de Algemene Verordening op de met het zegel gelijkgestelde taksen in die Verordening werd ingevoegd (z. aanschr. 4/1985, bijlage II), en artikel 3, § 1, van het koninklijk besluit nr. 17 van 20 december 1984 de constructeurs van personenauto's en auto's voor dubbel gebruik, of zijn mandataris wanneer de constructeur in het buitenland is gevestigd, de verplichting op een catalogusprijs vast te stellen voor de verkoop aan de gebruiker van nieuwe personenauto's en nieuwe auto's voor dubbel gebruik van een zelfde type, met de uitrusting en het toebehoren ervan, en van deze catalogusprijs en de er aan aangebrachte wijzigingen kennisgeving te doen aan de Directeur-generaal van de administratie die bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde.

4. Onderhavige aanschrijving heeft tot doel de draagwijdte van het begrip catalogusprijs en de elementen die erin moeten begrepen worden nader te omschrijven. Er is inderdaad gebleken dat deze problematiek, welke reeds werd aangehaald in de nummers 63 en 64 van bovenvermelde aanschrijving nr. 4/1985, een nadere toelichting vereist.

Eerste afdeling.--Vaststelling van de catalogusprijs. Herinnering van de toepasselijke bepaling.

5. De nummers 63 en 64 van de aanschrijving nr. 4/1985 geven in de volgende bewoordingen de essentiële principes aangaande de vaststelling van de catalogusprijs weer :

Voor ieder type van voertuig dat wordt verkocht moet de catalogusprijs worden vastgesteld. Deze vaststelling gebeurt meestal, naargelang van het type, op basis van mechanische factoren (vb. het aantal cilinders, de cilinderinhoud, het vermogen van de motor (in DIN pk en kW), het aantal versnellingen, al dan niet automatische transmissie, de aard van de brandstof (benzine, diesel, enz.) of op basis van de carrosserie (personenwagen of break, aantal deuren, bestaan van een vijfde deur, open dak, specifieke binneninrichting, enz.).

In principe moet, voor ieder type van voertuig, de catalogusprijs de uitrusting en het toebehoren begrijpen die kenmerkend zijn voor het model. Het mag dus bijgevolg niet dat als optie buiten catalogusprijs wordt beschouwd de uitrusting en het toebehoren die verplicht deel uitmaken van een voertuig van een bepaald type zodanig dat de koper ze zich noodzakelijkerwijs samen met het beoogde voertuig moet doen leveren.

Aanvullende uiteenzettingen.

6. Het komt evenwel voor dat de constructeurs een catalogusprijs opgeven voor een basisvoertuig van een bepaald type met daarnaast een aantal voor de koper facultatieve opties welke zowel de specifieke kenmerken als de prijs van het voertuig beïnvloeden. Anderdeels kan, bij een eenvormige opvatting van het begrip catalogusprijs, men niet aanvaarden dat voor een zelfde type van voertuig deze prijs van merk tot merk kan verschillen naargelang belangrijke "opties" al dan niet in die prijs zijn begrepen.

7. Daarom werd er beslist dat de tariefprijzen van de hiernavolgende uitrustingen aan de catalogusprijs moeten worden toegevoegd wanneer de kopers ze als opties nemen en voor zover ze niet reeds in die prijs zijn begrepen :
- de automatische versnellingsbak;
- de versnellingsbak met één of meerdere aanvullende versnellingen, daaronder begrepen de overdrive;
- de elektronische injectie voor de voeding van de motor.

De tariefprijs van de bovenbedoelde uitrusting wordt dus aan de catalogusprijs toegevoegd en wordt geacht er één geheel mee te vormen.

Voor het overige spreekt het vanzelf dat de prijs van de vaste uitrusting en het vast toebehoren dat wettelijk verplicht is (bijvoorbeeld de rode mistlampen achteraan, de achteruitrijlichten, het diagonaal gescheiden tweekringsremsysteem) een integrerend deel uitmaakt van de catalogusprijs.

Impact van dit nieuw principe op de regeling inzake inschrijvingstaks voor nieuwe personenauto's en nieuwe auto's voor dubbel gebruik. Vergelijking van de catalogusprijs met de werkelijke tussen de partijen overeengekomen prijs.

8. Aanvullend aan hetgeen werd geschreven onder nr. 82 van de voornoemde aanschrijving nr. 4/1985, wordt opgemerkt dat, voor het exact bepalen van de maatstaf van heffing van de inschrijvingstaks verschuldigd voor een nieuwe personenauto of een nieuwe auto voor dubbel gebruik, essentieel de volgende twee gegevens moeten worden vergeleken :
- enerzijds, de catalogusprijs van deze personenauto of auto voor dubbel gebruik met de uitrusting of toebehoren die reeds in die prijs begrepen zijn, en waaraan de tariefprijs van de opties bedoeld in nr. 7 (opties die, bij veronderstelling, niet zijn begrepenin die catalogusprijs) die aan de klant worden geleverd tegen een prijssupplement, wordt toegevoegd;
- anderzijds, de werkelijk overeengekomen prijs voor de personenauto of auto voor dubbel gebruik, met de hierboven bedoelde uitrusting, toebehoren en opties.

Daarentegen mag er voor deze vergelijking, bij het bepalen van de werkelijk overeengekomen prijs, geen rekening worden gehouden met de prijs van de andere uitrusting en toebehoren geleverd aan de koper en die noch begrepen is in de catalogusprijs, noch opgenomen is in de lijst van de opties waarvan de tariefprijs bij de catalogusprijs moet worden gevoegd (z. nr. 7 hierboven).

9. Voorbeeld.

Aankoop van een nieuwe personenauto waarvan de catalogusprijs 300.000 fr. bedraagt en waarvoor de constructeur, afzonderlijk, een optie "automatische versnellingsbak" tegen een prijssupplement van 30.000 fr. voorziet.

De koper verkrijgt een korting van 10 pct. zowel op de personenauto (verkocht voor 270.000 fr.) als op de automatische versnellingsbak (27.000 fr.). Bovendien koopt hij de volgende toebehoren die, bij veronderstelling, niet begrepen zijn in de catalogusprijs en die niet in de lijst onder nr. 7 hierboven zijn opgenomen : een toerenteller voor de prijs van 4.000 fr. en zetelovertrekken voor de prijs van 6.000 fr.

Al deze prijzen zijn exclusief BTW.

De BTW wordt berekend over de totale prijs van 307.000 fr.

(270.000 + 27.000 + 4.000 + 6.000).

Anderdeels wordt de inschrijvingstaks verschuldigd over het verschil tussen de catalogusprijs, vermeerderd met de tariefprijs van de optie automatische versnellingsbak, (hetzij 300.000 fr. + 30.000 fr., of 330.000 fr.) en de werkelijk overeengekomen prijs voor de personenauto beschouwd in de staat die overeenkomt met de globale catalogusprijs van 330.000 fr. (hier 270.000 fr. + 27.000 fr., of 297.000 fr.). Dit verschil, dat de maatstaf van heffing van de inschrijvingstaks vormt, bedraagt aldus 33.000 fr. en mag niet verminderd worden met de prijs (4.000 fr. + 6.000 fr., hetzij 10.000 fr.) van het niet gecatalogeerd toebehoren geleverd aan de koper.

Inwerkingtreding van het nieuwe principe vermeld onder nr. 7.

10. De regels vermeld onder nr. 7 hierboven zijn toepasselijk vanaf 1 januari 1986.

Vanaf die datum moet er derhalve met deze regels rekening worden gehouden bij de berekeningswijze van het verschil belastbaar met inschrijvingstaks voor de nieuwe personenauto's en auto's voor dubbel gebruik (z. nrs. 8 en 9). Er zal evenwel niet worden teruggekomen op de heffingen die werden gedaan zonder rekening te houden met de bepalingen van nr. 7 hierboven voor handelingen die vóór 1 januari 1986 het voorwerp zijn geweest van een vaste en definitieve overeenkomst tussen partijen en die worden gestaafd door een bestelbon die werd opgesteld en ondertekend vóór die datum.

Afdeling 2.--Tolerantieregime voor de gratis uitrusting, toebehoren en diensten.

Inleiding.

11. De levering van een nieuwe personenauto of een nieuwe auto voor dubbel gebruik geeft in de praktijk soms aanleiding tot het toekennen van voordelen door de verdeler aan de gebruiker, zonder verhoging van de verkoopprijs van de wagen. Deze voordelen kunnen bestaan of wel in een levering van toebehoren, welke meestal geschiedt bij de inbezitneming van de wagen door de gebruiker, ofwel in het verstrekken van een dienst (b.v. een onderhoudscontract) .

Onder de vroegere regeling werd in de aanschrijving nr. 24 van 22 februari 1972 (5) aanvaard dat, onder bepaalde voorwaarden, de belasting die werd geheven over de catalogusprijs ook de belasting dekte welke was verschuldigd over deze gratis voordelen zonder dat daarbij de aftrek door de verkoper van de wagen, volgens de normale regels, van de BTW geheven van de aankoop van de gratis toegekende toebehoren, in het gedrang werd gebracht. In nr. 83 van de aanschrijving nr. 4/1985 wordt in principe de verdere toepassing van deze tolerantie onder de nieuwe regeling welke erin wordt toegelicht, aanvaard. Het is evenwel van belang de huidige draagwijdte van deze tolerantie te preciseren, inzonderheid gelet op de wijze van vaststelling van de catalogusprijs uiteengezet onder de eerste afdeling.

Impact van de vaststelling van de catalogusprijs op dit tolerantieregime (z. eerste afdeling hierboven).

12. Voor de te verrichten vergelijking tussen de catalogusprijs en de werkelijk tussen de partijen overeengekomen prijs, rekening houdend met de gratis voordelen, is het nodig een onderscheid te maken tussen, enerzijds, de uitrusting en het toebehoren waarmee verplicht rekening moet worden gehouden voor het vaststellen van de catalogusprijs (z. nr. 5) of waarvan de tariefprijzen bij de catalogusprijs moeten worden gevoegd (z. nrs. 6 en 7) en, anderzijds, de voordelen verstrekt onder een andere vorm en die zowel kunnen bestaan in het leveren van goederen als in het verstrekken van diensten.

Eerste veronderstelling. Het voordeel heeft betrekking op uitrusting of op toebehoren die moeten begrepen zijn in de catalogusprijs of waarvan de tariefprijs aan de catalogusprijs moet worden toegevoegd.

13. In dergelijk geval moet de catalogusprijs samengesteld worden rekening houdend met de regels omschreven in de eerste afdeling, zonder dat een onderscheid dient te worden gemaakt naargelang de "optie" al dan niet gratis is. De aldus samengestelde catalogusprijs moet worden vergeleken met de werkelijk overeengekomen prijs van de nieuwe personenauto of auto voor dubbel gebruik uitgerust met de "optie" .

Voorbeeld.

14. Aankoop van een nieuwe personenauto waarvan de catalogusprijs 300.000 fr., exclusief BTW, bedraagt en waarvoor, in geval van optie automatische versnellingsbak, in de prijslijst een supplement van 30.000 fr., exclusief BTW, is voorzien. De verdeler biedt de automatische versnellingsbak gratis aan de gebruiker aan, zodat deze de personenauto met automatische versnellingsbak verkrijgt voor de prijs van 300.000 fr.

De inschrijvingstaks moet worden berekend over het verschil tussen de catalogusprijs (300.000 fr.), vermeerderd met het supplement "automatische versnellingsbak (30.000 fr.), hetzij totaal 330.000 fr., en de werkelijk overeengekomen prijs van 300.000 fr.

Tweede veronderstelling. Ander gratis toebehoren of diensten.

15. Wanneer, in het kader en in de uitvoering van de levering van een nieuwe personenauto of een nieuwe auto voor dubbel gebruik, de verdeler aan de koper "gratis" uitrusting of toebehoren aanbiedt welke niet beoogd zijn in de eerste veronderstelling of aan de koper gratis een dienst verstrekt, en deze voordelen bedoeld zijn in nr. 17 en verleend worden onder de voorwaarden gesteld in nr. 18, dan wordt, voor de te verrichten vergelijking, met deze voordelen geen rekening gehouden.

Voorbeeld.

16. Aankoop van een nieuwe personenauto waarvan de catalogusprijs 300.000 fr. bedraagt. Boven een prijsvermindering van 5 pct. biedt de verkoper aan de koper gratis een toerenteller (waarde 5.000 fr.) en een onderhoudscontract (waarde 10.000 fr.) aan. Al deze prijzen zijn exclusief BTW.

De inschrijvingstaks dient te worden berekend over het verschil tussen de catalogusprijs (300.000 fr.) en de werkelijk betaalde prijs rekening houdend met de korting van 5 pct. (285.000 fr.), hetzij over 15.000 fr. Anderdeels wordt de BTW geheven over de prijs betaald door de koper (285.000 fr.).

Uitrusting, toebehoren en diensten beoogd door het tolerantieregime.

17. Onder voorbehoud van hetgeen werd gezegd onder de nrs. 5 tot 7, is het tolerantieregime van toepassing op alle uitrusting en toebehoren van personenauto's en auto's voor dubbel gebruik en dus inzonderheid :
- op uitrusting en toebehoren die, wanneer ze tegen betaling samen met de personenauto of auto voor dubbel gebruik worden geleverd, beoogd zijn in nummer 4 van rubriek I van tabel C van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven (het betreft uitrusting en toebehoren welke niet bij name worden genoemd onder een andere rubriek van de tabellen A, B of C van de bijlage bij dit koninklijk besluit nr. 20);
- op uitrusting en toebehoren van personenauto's en auto's voor dubbel gebruik, die bedoeld zijn in rubriek VII van tabel C van de bovengenoemde bijlage (b.v. de autoradio's en de autocassetterecorders), onder dit voorbehoud dat wanneer de handeling geen betrekking heeft op een voertuig dat onderworpen is aan de aanvullende weeldetaks van 8 pct., die aanvullende weeldetaks moet worden geheven over de normale waarde van het goed (levering met plaatsing) bij de verkoop aan de gebruiker (z. aanschr. 17/1981 (6), nr. 16);
- op een verbandtrommel bedoeld in rubriek XVII van tabel A van bovengenoemde bijlage.

Dit tolerantieregime is eveneens van toepassing op het gratis verstrekken van diensten die rechtstreeks betrekking hebben op de geleverde nieuwe personenauto's en nieuwe auto's voor dubbel gebruik (b.v. gratis onderhoud gedurende een bepaald aantal kilometers, anti-roest behandeling).

Voorwaarden voor de toepassing van het tolerantieregime.

18. Op voorwaarde dat ze niet zijn opgenomen in de lijst vermeld onder nr. 7 is voor de uitrusting en het toebehoren, evenals voor de diensten, de tolerantie van toepassing indien de hierna volgende voorwaarden samen zijn vervuld :

1° de levering van de uitrusting en het toebehoren en het verstrekken van diensten moeten bepaald zijn in het verkoopcontract van de wagen; dit contract moet uitdrukkelijk bedingen dat de klant recht heeft op dat toebehoren of die diensten zonder dat hij daarvoor een supplement dient te betalen;

2° de factuur die aan de klant wordt uitgereikt voor de verkoop van de wagen moet uitdrukkelijk en gedetailleerd melding maken van de aard van de uitrusting en het toebehoren en van de diensten die de verkoper zich verbonden heeft zonder prijsverhoging te verstrekken;

3° op het tijdstip van de levering vermeldt de verkoper in een speciaal register, met verwijzing naar het dubbel van de factuur dat hij bewaart, de aard en de hoeveelheid van de uitrusting en het toebehoren dat hij levert en de diensten die worden verstrekt.

Opheffing.

19. De bovenbedoelde aanschrijving nr. 24 van 22 februari 1972 wordt vanaf 1 januari 1986 opgeheven.

Afdeling 3.-- Bekendmaking van de catalogisprijzen.

20. Overeenkomstig de in nr. 3 hierboven aangehaalde bepalingen zijn de constructeurs, en wanneer zij in het buitenland zijn gevestigd hun mandataris, gehouden aan de Directeur-generaal van de Administratie van de BTW, registratie en domeinen. R.A.C., Financietoren--bus 39, Kruidtuinlaan 50, 1010 Brussel, kennis te geven van de catalogusprijzen, exclusief BTW, welke zij vaststellen voor de personenauto's en de auto's voor dubbel gebruik die zij bouwen of die hier te lande ingevoerd worden, alsook van iedere Wijziging van die prijzen.

21. Als constructeur wordt aangemerkt hij die als zodanig door of vanwege de Minister van Verkeerswezen is erkend overeenkomstig artikel 5 van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de motorvoertuigen en hun aanhangwagens moeten voldoen.

22. Wanneer de constructeur in het buitenland is gevestigd, ongeacht of hij binnen de Europese Gemeenschap dan wel daarbuiten is gevestigd, moet hij in België een mandataris aanwijzen die hij machtigt de catalogusprijzen te bepalen en die dan ook tot taak heeft deze mede te delen aan de administratie (z. art. 10bis, § 1, 2de lid, van de Alg. Ver. Z.G.T., en art. 2, § 2, 2de lid, van het kon. besl. nr. 17 van 20 december 1984). In tegenstelling tot hetgeen zich voordeed voor de wijziging van het koninklijk besluit nr. 17, is de mandataris die de in het buitenland gevestigde constructeur in België moet aanwijzen voor het bepalen en indienen van de catalogusprijzen, ingevolge het nieuw koninklijk besluit nr. 17, niet noodzakelijk de mandataris die gemachtigd is tot het indienen van de aanvraag om goedkeuring van het voertuig bij het Bestuur van het vervoer, alhoewel dat in de praktijk meestal wel het geval zal zijn.

23. De kennisgevingen moeten worden gedaan bij ter post aangetekende brief op door de administratie verstrekte formulieren (drukwerken nr. 552, z. bijlage), binnen vijf dagen na het van kracht worden van de catalogusprijs of van de prijswijziging. Ze moeten alle vermeldingen bevatten die nodig zijn voor het vaststellen van de catalogusprijzen en voor het identificeren van de typen van personenauto's en auto's voor dubbel gebruik alsmede van de uitrusting en het toebehoren ervan.

Inzonderheid moeten worden vermeld :
- het merk;
- het jaartal;
- het model, type of serie, aangeduid met de volledige benaming van het voertuig zoals die in de handel wordt gebruikt en zoals die ook moet voorkomen op de factuur; R- de aard van de motor : carburator-motor, turbo, elektronische injectie, gebruikte brandstof (benzine, diesel, gas, elektriciteit) -- het aantal deuren (eventueel een derde of een vijfde deur achteraan daaronder begrepen);
- het aantal cilinders;
- de cilinderinhoud in reële cijfers;
- de motorsterkte in DIN pk en kW;
- het aantal versnellingen met, eventueel, één of meerdere aanvullende versnellingen--daaronder begrepen de overdrive -- of een automatische versnellingsbak.

Wanneer ze niet reeds in de catalogusprijs zijn begrepen, moeten de tariefprijzen, exclusief BTW, van de onder nr. 7 opgesomde opties aan de catalogusprijs worden toegevoegd. Deze tariefprijzen moeten tegelijk met de kennisgevingen van de catalogusprijzen en van de wijzigingen van die prijzen aan de administratie worden medegedeeld.

24. Ten einde de handelaars in personenauto's en auto's voor dubbel gebruik in staat te stellen te voldoen aan de verplichting opgelegd bij artikel 10bis, § 3, nieuw, van de Algemene Verordening op de met het zegel gelijkgestelde taksen, namelijk op de facturen met betrekking tot de levering hier te lande van nieuwe personenauto's of nieuwe auto's voor dubbel gebruik de catalogusprijs, zoals omschreven in de nummers 5 tot 7 hierboven, te vermelden, moeten de constructeurs of hun mandataris de catalogusprijzen, exclusief BTW, die zij vaststellen en de wijzigingen van die prijzen, evenals de tariefprijzen, exclusief BTW, van de hierboven bedoelde opties, tegelijkertijd met de kennisgevingen aan de administratie mededelen aan de verdelers.

NOTEN
(1) Z. Revue nr. 66, blz 9.
(2) Z. Revue nr. 67, blz. 151.
(3) Z. Revue nr. 66, blz. 22.
(4) Z. Revue nr. 66, blz. 12.
(5) Z. Revue nr. 7, blz 235.
(6) Z. Revue nr.51, blz.605.

Uittreksels uit het Belgisch Staatsblad van 3 januari 1985

20 december 1984.- Koninklijk besluit nr. 17 met betrekking tot de vaststelling van een minimummaatstaf van heffing voor tweedehandse personenauto's en tweedehandse auto's voor dubbel gebruik, op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde.

...

Artikel 2. § 2. Voor de toepassing van dit artikel moet als catalogusprijs in aanmerking worden genomen de prijs die, op het tijdstip waarop het voertuig voor het eerst in het verkeer is gebracht, door de constructeur was vastgesteld voor de verkoop aan de gebruiker van nieuwe personenauto's en nieuwe auto's voor dubbel gebruik van hetzelfde type samen met de uitrusting en het toebehoren ervan.

Als constructeur wordt aangemerkt hij die als zodanig door of vanwege de Minister van Verkeerswezen is erkend overeenkomstig artikel 5 van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de motorvoertuigen en hun aanhangwagens moeten voldoen. Als de constructeur in het buitenland gevestigd is, moet de catalogusprijs worden bepaald door de mandataris welke die constructeur in België moet aanduiden en die hij daartoe gemachtigd heeft.

Artikel 3. § 1. De in artikel 2, § 2, tweede lid, bedoelde constructeurs en mandatarissen zijn gehouden aan de directeur-generaal van de administratie die bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde kennis te geven van de catalogusprijzen welke zij vaststellen voor de personenauto's en de auto's voor dubbel gebruik die zij bouwen of die hier te lande ingevoerd worden, alsook van iedere wijziging in die prijzen.

De kennisgevingen moeten worden gedaan bij ter post aangetekende brief op door de administratie verstrekte formulieren, binnen vijf dagen na het van kracht worden van de catalogusprijs of van de prijswijziging. Ze moeten die vermeldingen bevatten die nodig zijn voor het vaststellen van de catalogusprijzen en voor het identificeren van de typen van personenauto's en auto's voor dubbel gebruik alsmede van de uitrusting en het toebehoren ervan. Inzonderheid moeten worden vermeld : het merk, het model, het jaartal, de cilinderinhoud, de motorsterkte en het carrosseriemodel.

§ 2. De facturen en alle andere stukken die betrekking hebben op de invoer of op de levering hier te lande van een tweedehandse auto voor dubbel gebruik moeten de in § 1, tweede lid, genoemde vermeldingen bevatten, alsmede het chassisnummer en de datum waarop de ingevoerde of hier te lande geleverde personenauto of auto voor dubbel gebruik voor het eerst in het verkeer is gebracht.

...

20 december 1984.-Koninklijk besluit tot wijziging van de Algemene Verordening op de met het zegel gelijkgestelde taksen.

...

Artikel 10. Een artikel 10bis, luidend als volgt, wordt in dezelfde Verordening ingevoegd :

"Artikel 10bis, § 1. Voor de toepassing van de artikelen 9 en 10 is de constructeur van personenauto's en auto's voor dubbel gebruik gehouden een catalogusprijs vast te stellen voor de verkoop aan de gebruiker van nieuwe personenauto's en nieuwe auto's voor dubbel gebruik van een zelfde type, met de uitrusting en het toebehoren ervan.

Als constructeur wordt aangemerkt hij die als zodanig door of vanwege de Minister van Verkeerswezen is erkend overeenkomstig artikel 5 van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de motorvoertuigen en hun aanhangwagens moeten voldoen. Als de constructeur in het buitenland gevestigd is, moet de catalogusprijs worden bepaald door de mandataris welke die constructeur in België moet aanduiden en die hij daartoe gemachtigd heeft.

§ 2. De in § 1, tweede lid, bedoelde constructeurs en mandatarissen zijn gehouden aan de directeur-generaal van de administratie die bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde kennis te geven van de catalogusprijzen welke zij vaststellen voor de personenauto's en de auto's voor dubbel gebruik die zij bouwen of die hier te lande ingevoerd worden, alsook van iedere wijziging in die prijzen.

De kennisgevingen moeten worden gedaan bij ter post aangetekende brief op door de administratie verstrekte formulieren, binnen de vijf dagen na het van kracht worden van de catalogusprijs of van de prijswijziging. Ze moeten alle vermeldingen bevatten die nodig zijn voor het vaststellen van de catalogusprijzen en voor het identificeren van de typen van personenauto's en auto's voor dubbel gebruik alsmede van de uitrusting en het toebehoren ervan. Inzonderheid moeten worden vermeld : het merk, het model, het jaartal, de cilinderinhoud, de motorsterkte en het carrosseriemodel.

§ 3. De facturen met betrekking tot de levering hier te lande van een nieuwe personenauto of een nieuwe auto voor dubbel gebruik moeten, behalve de vermeldingen genoemd in § 2, tweede lid, het chassisnummer en de catalogusprijs bevatten".