15.03.1993 - Omzendbrief D.I. 517.103 - D.L. 1/17.700

DOUANE (Wetgeving)

LEVERING VAN AAN ACCIJNS ONDERWORPEN PRODUCTEN TER BESTEMMING VAN DE BELGISCHE STRIJDKRACHTEN GESTATIONEERD

IN DUITSLAND

D.I. 517.103

D.L. 1/17.700

Brussel, 15 maart 1993.

I. INLEIDING

  1. Krachtens de nieuwe accijnsreglementering die sinds 1 januari 1993 van kracht is in de Europese interne markt, legt deze omzendbrief de procedures vast die van toepassing zijn op de leveringen van producten die onderworpen zijn aan accijns ter be- stemming van de in Duitsland gestationeerd Belgische strijdkrachten.

Onder aan accijns onderworpen producten dient te worden verstaan, de volgende producten die zich in de EEG in het vrije verkeer bevinden :

a) op communautair vlak : - minerale oliën

- alcohol en alcoholhoudende dranken

- tabaksfabrikaten

b) op nationaal vlak : - alcoholvrije dranken

- koffie

Bon O.S.D. nr. 113/93


  1. De leveringen van de voornoemde producten worden verricht door de CDSCA te Brussel of onder haar verantwoorde- lijkheid (1).

Twee gevallen worden voorzien naargelang het gaat om :

a) enerzijds, producten die enkel aan accijns zijn onder- worpen;

b) anderzijds, producten die tegelijkertijd zijn onderworpen aan accijns en aan de gemeenschappelijke landbouwpolitiek (GLP), bijvoorbeeld bier.

II. PROCEDURES

Producten die enkel onderworpen zijn aan accijns

  1. Voor de leveringen van de producten die enkel onderwor- pen zijn aan accijns – op communautair vlak (zie § 1, letter a) - moet een administratief geleidedocument (exemplaren 1, A, 2, 3 en 4) worden gebruikt bij toepassing van artikel 23 van de Richt- lijn 91/12/EEG van de Raad van 25 februari 1992 betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop (P.B. E.G. nr. L 76 van 23 maart 1992).

De verwijzing naar artikel 23 van de voormelde Richtlijn moet voorkomen in het vak 7a van het geleidedocument, dat onder- schreven is door de leverancier van de producten in het kader van zijn erkenning in de hoedanigheid als erkend entrepothouder in België. In vak 7 moet eveneens het adres worden vermeld van de CDSCA in Duitsland.


  1. Bij ontvangst van de goederen door de bestemmeling (in dit geval de Belgische strijdkrachten in Duitsland), worden de exemplaren 2, 3 en 4 geviseerd in vak C (op de keerzijde van de exemplaren), door een verantwoordelijke van deze strijdkrachten.

(1) Wet van 10 april 1973, houdende oprichting van een Centrale Dienst voor Sociale en Culturele Aktie (CDSCA) ten behoeve van de leden van de Militaire Gemeenschap. De CDSCA hangt af van het Ministerie van Landsverdediging.



Na visum “voor ontvangst”, wordt het exemplaar waard door de strijdkrachten terwijl de exemplaren 3 en

be- door de


strijdkrachten worden afgegeven aan de Duitse douaneautoriteiten die hiertoe werden aangeduid. Deze laatste zijn belast met het rechtstreeks terugzenden van het door hen behoorlijk ingevulde exemplaar 3, binnen de vereiste termijn, aan de Belgische afzender vermeld in vak 1.

  1. De leveringen van producten die enkel onderworpen zijn aan accijns – op nationaal vlak (zie § 1, letter b) – maken, bij vertrek uit een belastingentrepot, enkel het voorwerp uit van de gewone handelsdocumenten.

De douane komt niet tussen bij dergelijke leveringen.

Producten die tegelijkertijd onderworpen zijn aan accijns en aan de gemeenschappelijke landbouwpolitiek (GLP)

  1. Alhoewel het bij vertrek gaat om goederen die zich in het vrije verkeer bevinden in het land, verkrijgen deze producten ambts- halve de douanestatus T1 van zodra de exporteur eveneens verzoekt om toekenning van de landbouwrestituties voorzien voor deze pro- ducten.

In dergelijk geval stelt de exporteur de volgende documenten

op;

a) een uitvoeraangifte EX1 en een controle-exemplaar T5 in het kader van de gemeenschappelijke landbouwpolitiek;

b) een geleidedocument in het kader van zijn erkenning in de hoedanigheid van erkend entrepothouder.

  1. Op het moment van de verzending in een douanekantoor van vertrek worden de producten geplaatst onder de regeling voor extern communautair douanevervoer voor wat betreft de GLP. Hier- toe, wordt een door een vertegenwoordiger van de CDSCA te Brussel onderschreven verklaring 302 gebruikt in plaats van het document T1 ter bestemming van de Duitse douaneautoriteiten.

Rekening gehouden met de dualiteit van deze twee stelsels (accijnzen en GLP) voor hetzelfde product, begeleidt het geleide- document de goederen niet ter bestemming, maar is het enkel opgesteld tot zuivering van de door de erkende entrepothouder gehouden accijnsgeschriften. Om bijgevolg de procedure inzake accijns te vereenvoudigen, handelt de douane van het kantoor van vertrek als volgt :

a) voor de accijns :

- aanbrengen van de stempel van het kantoor op de keerzijde van alle exemplaren van de verklaring 302, in het vak “UITGANG”;

- visum “voor uitvoer” van het exemplaar 3 van het ge-

leidedocument, in het vak C dat zich op de keerzijde van dit exem- plaar bevindt;

- tegenover dit visum, vermelding van het identificatie- nummer van de verklaring 302 (zeer belangrijk);

- rechtstreeks terugzenden van het behoorlijk aangevulde

exemplaar aan de afzender vermeld in vak 1;

- de exemplaren 2 en van het geleidedocument worden

niet gebruikt in dergelijk geval;

b) voor de GLP : toepassing van de gewone procedure.

III. SLOTBEPALINGEN

  1. Voor de goede toepassing van de procedure bedoeld sub 6 en 7, dienen de ontvangers van de kantoren van vertrek zich geregeld te vergewissen dat het exemplaar ad hoc van de verklaring 302, behoorlijk geviseerd door de Duitse douaneautoriteiten, wel degelijk werd teruggezonden aan hun dienst via het centralisatiekantoor te Brussel overeenkomstig de bepalingen van de omzendbrief van 10 december 1992, nr. D.L. 1/16.850 (D.I. 533.8).

Voor het overige kunnen de ontvangers contact opnemen met de diensten van de CDSCA, Entrepot, Dupréstraat 113 te 1090 Brussel (tel. : 02-478 77 38 – 478 59 08 en fax

nr. 02-478 67 68).

*

* *

Omdeling : zoals de Instructie Belgische strijdkrachten 1988 (D.I. 517.21).

Voor de Directeur-generaal : De Inspecteur-generaal,

G. THIJS