Circulaire 2022/C/102 betreffende de toetreding van Kroatië tot de eurozone (Opgeheven)
D.I. 509 – D.D. 018.564
Toetreding; euro; Kroatië; eurozone; kuna; omrekeningskoers.
FOD Financiën, 13.10.2022
Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen
Circulaire 2022/C/102 betreffende de toetreding van Kroatië tot de eurozone – Eurozone met 20 lidstaten op 01.01.2023
6. Gevolgen voor het Enig Document
§ 1. Op 1 januari 2023 treedt Kroatië toe tot de eurozone, hetgeen het aantal deelnemende lidstaten op 20 brengt:
België | Cyprus | Duitsland | Estland |
Finland | Frankrijk | Griekenland | Ierland |
Italië | Kroatië | Letland | Litouwen |
Luxemburg | Malta | Nederland | Oostenrijk |
Portugal | Slovakije | Slovenië | Spanje |
§ 2. Op de top van Brussel 1, 2 en 3 mei 1998 werden de lidstaten van de Europese Unie aangeduid, die vanaf 1 januari 1999 deelnemen aan de Economische en Monetaire Unie (EMU).
Deze landen zijn:
● België
● Duitsland
● Finland
● Frankrijk
● Ierland
● Italië
● Luxemburg
● Nederland
● Oostenrijk
● Portugal
● Spanje.
Sedert 1 januari 1999 is de euro de munt van de deelnemende lidstaten.
§ 3. Krachtens Beschikking 2000/427/EG van de Raad van 19 juni 2000 overeenkomstig artikel 122, lid 2, van het Verdrag betreffende de aanneming van één munt door Griekenland op 1 januari 2001, voldoet Griekenland aan de nodige voorwaarden voor de aanneming van de euro.
Krachtens Beschikking 2006/495/EG van de Raad van 11 juli 2006 overeenkomstig artikel 122, lid 2, van het Verdrag betreffende de aanneming van de eenheidsmunt door Slovenië op 1 januari 2007 voldoet Slovenië aan de nodige voorwaarden voor de aanneming van de euro.
Krachtens Beschikking 2007/503/EG van de Raad van 10 juli 2007 overeenkomstig artikel 122, lid 2, van het Verdrag betreffende de aanneming van de eenheidsmunt door Cyprus op 1 januari 2008 voldoet Cyprus aan de nodige voorwaarden voor de aanneming van de euro.
Krachtens Beschikking 2007/504/EG van de Raad van 10 juli 2007 overeenkomstig artikel 122, lid 2, van het Verdrag betreffende de aanneming van de eenheidsmunt door Malta op 1 januari 2008 voldoet Malta aan de nodige voorwaarden voor de aanneming van de euro.
Krachtens Beschikking 2008/608/EG van de Raad van 8 juli 2008 overeenkomstig artikel 122, lid 2, van het Verdrag betreffende de aanneming van de eenheidsmunt door Slovakije op 1 januari 2009 voldoet Slowakije aan de nodige voorwaarden voor de aanneming van de euro.
Krachtens Besluit 2010/416/EU van de Raad van 13 juli 2010 overeenkomstig artikel 140, lid 2, van het Verdrag betreffende de aanneming van de euro door Estland op 1 januari 2011 voldoet Estland aan de nodige voorwaarden voor de aanneming van de euro.
Krachtens Besluit 2013/387/EU van de Raad van 9 juli 2013 betreffende de aanneming van de euro door Letland op 1 januari 2014 voldoet Letland aan de nodige voorwaarden voor de aanneming van de euro.
Krachtens Besluit 2014/509/EU van de Raad van 23 juli 2014 betreffende de aanneming van de euro door Litouwen op 1 januari 2015 voldoet Litouwen aan de nodige voorwaarden voor de aanneming van de euro.
Krachtens Besluit (EU) 2022/2011 van de Raad van 12 juli 2022 betreffende de aanneming van de euro door Kroatië op 1 januari 2023 voldoet Kroatië aan de nodige voorwaarden voor de aanneming van de euro.
§ 4. Verordening (EG) Nr. 2866/98 van de Raad van 31 december 1998 over de omrekeningskoersen tussen de euro en de munteenheden van de lidstaten die de euro aannemen bepaalt de onherroepelijk vastgelegde omrekeningskoersen tussen de euro en de nationale munteenheden van de deelnemende lidstaten.
Verordening (EG) nr. 1478/2000 van de Raad van 19 juni 2000 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2866/98 over de omrekeningskoersen tussen de euro en de munteenheden van de lidstaten die de euro aannemen bepaalt de omrekeningskoers tussen de euro en de Griekse drachme.
Verordening (EG) nr. 1086/2006 van de Raad van 11 juli 2006 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2866/98 over de omrekeningskoersen tussen de euro en de munteenheden van de lidstaten die de euro aannemen bepaalt de omrekeningskoers tussen de euro en de Sloveense tolar.
Verordening (EG) nr. 1134/2007 van de Raad van 10 juli 2007 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2866/98 met betrekking tot de omrekeningskoers naar de euro voor Malta bepaalt de omrekeningskoers tussen de euro en de Maltese lire.
Verordening (EG) nr. 1135/2007 van de Raad van 10 juli 2007 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2866/98 met betrekking tot de omrekeningskoers naar de euro voor Cyprus bepaalt de omrekeningskoers tussen de euro en het Cypriotisch pond.
Verordening (EG) nr. 694/2008 van de Raad van 8 juli 2008 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2866/98 met betrekking tot de omrekeningskoers naar de euro voor Slowakije bepaalt de omrekeningskoers tussen de euro en de Slovaakse kroon.
Verordening (EU) nr. 671/2010 van de Raad van 13 juli 2010 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2866/98 met betrekking tot de omrekeningskoers naar de euro voor Estland bepaalt de omrekeningskoers tussen de euro en de Estse kroon.
Verordening (EU) nr. 870/2013 van de Raad van 9 juli 2013 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2866/98 met betrekking tot de omrekeningskoers naar de euro voor Letland bepaalt de omrekeningskoers tussen de euro en de Letse lats.
Verordening (EU) nr. 851/2014 van de Raad van 23 juli 2014 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2866/98 met betrekking tot de omrekeningskoers naar de euro voor Litouwen bepaalt de omrekeningskoers tussen de euro en de Litouwse litas.
Verordening (EU) 2022/1208 van de Raad van 12 juli 2022 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2866/98 wat betreft de omrekeningskoers naar de euro voor Kroatië bepaalt de omrekeningskoers tussen de euro en de Kroatische kuna.
§ 5. De onherroepelijk vastgestelde omrekeningskoersen tussen de euro en de munteenheden van de lidstaten die de euro aannemen zijn bijgevolg:
1 euro = 40,3399 Belgische frank
= 1,95583 Duitse mark
= 15,6466 Estse kroon
= 340,750 Griekse drachme
= 166,386 Spaanse peseta
= 6,55957 Franse frank
= 7,53450 Kroatische kuna
= 0,787564 Iers pond
= 1936,27 Italiaanse lire
= 0,585274 Cypriotisch pond
= 0,702804 Letse lats
= 3,45280 Litouwse litas
= 40,3399 Luxemburgse frank
= 0,429300 Maltese lire
= 2,20371 Nederlandse gulden
= 13,7603 Oostenrijkse schilling
= 200,482 Portugese escudo
= 30,1260 Slovaakse kroon
= 239,640 Sloveense tolar
= 5,94573 Finse mark.
§ 6. Sedert 1 januari 2002 is de euro beschikbaar in de vorm van chartaal geld:
● 8 muntstukken:
0,01 EUR
0,02 EUR
0,05 EUR
0,10 EUR
0,20 EUR
0,50 EUR
1,00 EUR
2,00 EUR
● 7 biljetten :
5,00 EUR
10,00 EUR
20,00 EUR
50,00 EUR
100,00 EUR
200,00 EUR
500,00 EUR
§ 7. Vanaf 1 januari 2023 neemt Kroatië de euro aan als geldig betaalmiddel.
De onherroepelijk vastgestelde omrekeningskoers tussen de euro en de Kroatische kuna is: 1 euro = 7,53450 Kroatische kuna (zie overzicht van de omrekeningskoersen in § 3).
De invoering van de euro in Kroatië gebeurt volgens het “big bang”-scenario, waarbij een dubbele circulatieperiode van kuna en euro zal plaatsvinden van 1 januari 2023 tot en met 14 januari 2023. Deze dubbele circulatieperiode geldt enkel voor de euro in chartale vorm (“cash”). Vanaf 15 januari 2023 zal de euro de enige munt zijn in Kroatië.
§ 8. De periode die men in België kende van 1 januari 1999 tot 31 december 2001, waarin de euro enkel in girale vorm beschikbaar was, zal in Kroatië niet bestaan. Dat wil zeggen dat vanaf 1 januari 2023 de euro in Kroatië zowel in girale als chartale vorm beschikbaar zal zijn. Er geldt bijgevolg geen geleidelijke aanpassingsperiode.
6. Gevolgen voor het Enig document
§ 9. Van 1 januari 2023 tot en met 14 januari 2023 is het mogelijk om op een Enig document de vermelding HRK (kuna) of EUR (euro) aan te treffen. Die vermeldingen zullen in vak 44 (deelvak in de rechterbenedenhoek) verschijnen. Vanaf 15 januari 2023 mag enkel nog de euro vermeld worden in dit deelvak. Indien vanaf 15 januari 2023 geen enkele vermelding wordt aangebracht, zal de aangifte de facto opgemaakt worden in euro.
§ 10. De omzendbrief van 21 augustus 2014, nr. D.D. 007.442 (D.I. 509), wordt opgeheven en vervangen door deze circulaire.
Voor de Administrateur-generaal van de douane en accijnzen:
De Adviseur-generaal,
J0 LEMAIRE
-----------------------------------------
Interne ref.: D.I. 509 – OEO/DD 018.564
