Aanschrijving nr. 5 dd. 05.08.1986
AANSCHRIJVING 86/005
Aanschrijving nr. 5 dd. 05.08.1986
Wettelijke rentevoet
Burgerlijke zaak
Handelszaak
Moratoire interest
Wettelijke betalingstermijn
In het Belgisch Staatsblad van 30 juli 1986 verscheen het koninklijk besluit van 16 juli 1986 tot wijziging van de wettelijke rentevoet. Dat besluit is op 1 augustus 1986 in werking getreden.
Het nieuw besluit vermindert de wettelijke rentevoet in burgerlijke zaken en in handelszaken (z. Verzameling L, blz. 348 : voetnoot (1) bij Burg. Wetb., art. 1907) van 10 op 8 pct. 's jaars, en dit vanaf 1 augustus 1986.
Wat betreft al de thans door de Administratie van de belasting over de toegevoegde waarde, registratie en domeinen geheven belastingen, waarvoor de wet bepaalt dat de moratoire interesten op de in te vorderen of terug te geven sommen verschuldigd zijn tegen de in burgerlijke zaken vastgestelde rentevoet (z. Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, art. 200, 223, 267 en 287; Wetboek der successierechten, art. 79, 81, 1422, 153 en 161; Wetboek der zegelrechten, art. 78; Wetboek der met het zegel gelijkgestelde taksen, art. 164, 1791 en 2043; Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, art. 91, § 4), moet de interest dus tot 31 juli 1986 inbegrepen, berekend worden tegen de oude rentevoet, en tegen de nieuwe rentevoet van 8 pct. vanaf 1 augustus 1986.
Inzake successierecht en recht van overgang bij overlijden dient er evenwel, voor de interesten die van rechtswege verschuldigd zijn overeenkomstig artikel 81 van het Wetboek, rekening te worden gehouden met de bepaling van artikel 82 naar luid waarvan de interest berekend wordt per vijftien dagen en iedere breuk van vijftien dagen verwaarloosd wordt. Indien een periode van vijftien dagen aanvang genomen heeft vóór 1 augustus 1986 om te eindigen na deze datum, moet de interest voor heel deze periode berekend worden tegen de nieuwe rentevoet van 8 pct., wel te verstaan, met inachtneming van de regel der berekening van de interest per volle periode van vijftien dagen.
Voorbeelden voor de berekening van rechtswege verschuldigde interest inzake successiebelastingen (iedere maand wordt voor 30 dagen aangerekend : Wetboek, art. 82, 2de lid) :
I.- Wettelijke betalingstermijn verstreken op 6 juni 1986 :
1°) Rechten betaald op 4 augustus 1986 : interest aan 10 pct. voor driemaal vijftien dagen (6 juni tot 20 juli);
2°) Rechten betaald op 14 augustus 1986 : interest aan 10 pct. voor driemaal vijftien dagen (6 juni tot 20 juli) en aan 8 pct. voor één periode van vijftien dagen (21 juli tot 5 augustus);
3°) Rechten betaald op 22 augustus 1986 : interest aan 10 pct. voor driemaal vijftien dagen (6 juni tot 20 juli) en aan 8 pct. voor twee periodes van vijftien dagen (21 juli tot 20 augustus).
II.- Wettelijke betalingstermijn verstreken op 29 juli 1986 :
1°) Rechten betaald op 12 augustus 1986 : geen interest (geen volle vijftien dagen);
2°) Rechten betaald op 19 augustus 1986 : interest aan 8 pct. voor drie periodes van vijftien dagen (29 juli tot 13 september).
III.- Wettelijke betalingstermijn verstreken op 31 juli 1986 :
1°) Rechten betaald op 12 augustus 1986 : geen interest (geen volle vijftien dagen);
2°) Rechten betaald op 22 augustus 1986 : interest aan 8 pct. voor één periode van vijftien dagen (31 juli tot 14 augustus).
Er wordt aan herinnerd dat die nieuwe rentevoet in domaniale zaken moet worden toegepast op de schuldvorderingen die wettelijke interesten opbrengen krachtens een gerechtelijke beslissing of een dwangbevel.
De nieuwe rentevoet moet eveneens worden bedongen in de schuldbekentenissen onderschreven vanaf 1 augustus 1986.
De conventionele interesten die, onder meer bedongen worden in de akten van verkoop, aankoop en verhuringen, alsmede in de toelatingen tot inbezitneming van te onteigenen goederen, worden met ingang van 1 augustus 1986 eveneens tot 8 pct. verminderd.
Het spreekt vanzelf dat de rentevoet die bepaald werd in reeds afgesloten overeenkomsten ongewijzigd blijft.
De nieuwe rentevoet is vanzelfsprekend eveneens van toepassing ter zake van de bijzondere toelage voor de bevordering van nieuwbouw en vernieuwbouw van woningen (wet van 24 december 1980) in de gevallen waarvoor de wet bepaalt dat moratoire interesten tegen de rentevoet in burgerlijke zaken verschuldigd zijn (z. art. 18, § 2, van de voormelde wet).
BIJLAGE
Uittreksel uit het Belgisch Staatsblad van 29 april 1986.
23 APRIL 1986. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 2970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven.
BOUDEWIJN, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op artikel 37 van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, gewijzigd bij de wetten van 22 december 1977 en 23 juli 1981 en bij het koninklijk besluit nr. 9 van 15 februari 1982;
Gelet op het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven, inzonderheid op artikel 1, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 27 december 1977, 16 november 1982, 23 december 1983 en 16 september 1985.
Gelet op het advies van de Raad van State;
Op de voordracht van Onze Minister van Financiën en op het advies van Onze in Raad vergaderde Ministers;
Hebben Wij besloten en besluiten Wij:
Artikel 1. In het eerste lid van de tijdelijke bepaling ingevoegd in artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 27 december 1977, 16 november 1982, 23 december 1983 en 16 september 1985, worden de woorden "Tot 30 april 1986" vervangen door de woorden "Tot 31 juli 1986".
Art. 2. Dit besluit treedt in werking op 1 mei 1986.
Art. 3. Onze Minister van Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 23 april 1986.
BOUDEWIJN
Van Koningswege : De Minister van Financiën,
Aanschrijving nr. 5 dd. 05.08.1986
Wettelijke rentevoet
Burgerlijke zaak
Handelszaak
Moratoire interest
Wettelijke betalingstermijn
In het Belgisch Staatsblad van 30 juli 1986 verscheen het koninklijk besluit van 16 juli 1986 tot wijziging van de wettelijke rentevoet. Dat besluit is op 1 augustus 1986 in werking getreden.
Het nieuw besluit vermindert de wettelijke rentevoet in burgerlijke zaken en in handelszaken (z. Verzameling L, blz. 348 : voetnoot (1) bij Burg. Wetb., art. 1907) van 10 op 8 pct. 's jaars, en dit vanaf 1 augustus 1986.
Wat betreft al de thans door de Administratie van de belasting over de toegevoegde waarde, registratie en domeinen geheven belastingen, waarvoor de wet bepaalt dat de moratoire interesten op de in te vorderen of terug te geven sommen verschuldigd zijn tegen de in burgerlijke zaken vastgestelde rentevoet (z. Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, art. 200, 223, 267 en 287; Wetboek der successierechten, art. 79, 81, 1422, 153 en 161; Wetboek der zegelrechten, art. 78; Wetboek der met het zegel gelijkgestelde taksen, art. 164, 1791 en 2043; Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, art. 91, § 4), moet de interest dus tot 31 juli 1986 inbegrepen, berekend worden tegen de oude rentevoet, en tegen de nieuwe rentevoet van 8 pct. vanaf 1 augustus 1986.
Inzake successierecht en recht van overgang bij overlijden dient er evenwel, voor de interesten die van rechtswege verschuldigd zijn overeenkomstig artikel 81 van het Wetboek, rekening te worden gehouden met de bepaling van artikel 82 naar luid waarvan de interest berekend wordt per vijftien dagen en iedere breuk van vijftien dagen verwaarloosd wordt. Indien een periode van vijftien dagen aanvang genomen heeft vóór 1 augustus 1986 om te eindigen na deze datum, moet de interest voor heel deze periode berekend worden tegen de nieuwe rentevoet van 8 pct., wel te verstaan, met inachtneming van de regel der berekening van de interest per volle periode van vijftien dagen.
Voorbeelden voor de berekening van rechtswege verschuldigde interest inzake successiebelastingen (iedere maand wordt voor 30 dagen aangerekend : Wetboek, art. 82, 2de lid) :
I.- Wettelijke betalingstermijn verstreken op 6 juni 1986 :
1°) Rechten betaald op 4 augustus 1986 : interest aan 10 pct. voor driemaal vijftien dagen (6 juni tot 20 juli);
2°) Rechten betaald op 14 augustus 1986 : interest aan 10 pct. voor driemaal vijftien dagen (6 juni tot 20 juli) en aan 8 pct. voor één periode van vijftien dagen (21 juli tot 5 augustus);
3°) Rechten betaald op 22 augustus 1986 : interest aan 10 pct. voor driemaal vijftien dagen (6 juni tot 20 juli) en aan 8 pct. voor twee periodes van vijftien dagen (21 juli tot 20 augustus).
II.- Wettelijke betalingstermijn verstreken op 29 juli 1986 :
1°) Rechten betaald op 12 augustus 1986 : geen interest (geen volle vijftien dagen);
2°) Rechten betaald op 19 augustus 1986 : interest aan 8 pct. voor drie periodes van vijftien dagen (29 juli tot 13 september).
III.- Wettelijke betalingstermijn verstreken op 31 juli 1986 :
1°) Rechten betaald op 12 augustus 1986 : geen interest (geen volle vijftien dagen);
2°) Rechten betaald op 22 augustus 1986 : interest aan 8 pct. voor één periode van vijftien dagen (31 juli tot 14 augustus).
Er wordt aan herinnerd dat die nieuwe rentevoet in domaniale zaken moet worden toegepast op de schuldvorderingen die wettelijke interesten opbrengen krachtens een gerechtelijke beslissing of een dwangbevel.
De nieuwe rentevoet moet eveneens worden bedongen in de schuldbekentenissen onderschreven vanaf 1 augustus 1986.
De conventionele interesten die, onder meer bedongen worden in de akten van verkoop, aankoop en verhuringen, alsmede in de toelatingen tot inbezitneming van te onteigenen goederen, worden met ingang van 1 augustus 1986 eveneens tot 8 pct. verminderd.
Het spreekt vanzelf dat de rentevoet die bepaald werd in reeds afgesloten overeenkomsten ongewijzigd blijft.
De nieuwe rentevoet is vanzelfsprekend eveneens van toepassing ter zake van de bijzondere toelage voor de bevordering van nieuwbouw en vernieuwbouw van woningen (wet van 24 december 1980) in de gevallen waarvoor de wet bepaalt dat moratoire interesten tegen de rentevoet in burgerlijke zaken verschuldigd zijn (z. art. 18, § 2, van de voormelde wet).
BIJLAGE
Uittreksel uit het Belgisch Staatsblad van 29 april 1986.
23 APRIL 1986. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 2970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven.
BOUDEWIJN, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op artikel 37 van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, gewijzigd bij de wetten van 22 december 1977 en 23 juli 1981 en bij het koninklijk besluit nr. 9 van 15 februari 1982;
Gelet op het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven, inzonderheid op artikel 1, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 27 december 1977, 16 november 1982, 23 december 1983 en 16 september 1985.
Gelet op het advies van de Raad van State;
Op de voordracht van Onze Minister van Financiën en op het advies van Onze in Raad vergaderde Ministers;
Hebben Wij besloten en besluiten Wij:
Artikel 1. In het eerste lid van de tijdelijke bepaling ingevoegd in artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 27 december 1977, 16 november 1982, 23 december 1983 en 16 september 1985, worden de woorden "Tot 30 april 1986" vervangen door de woorden "Tot 31 juli 1986".
Art. 2. Dit besluit treedt in werking op 1 mei 1986.
Art. 3. Onze Minister van Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 23 april 1986.
BOUDEWIJN
Van Koningswege : De Minister van Financiën,
Bron: FisconetPlus
