Circulaire nr. Ci.RH.243/423.200 van 26.10.1994

CIRC 26.10.94/1
Bull. nr. 744, pag. 3301
VERZEKERING
Verzekering tegen begrafeniskosten.
1. In de circ. 4.6.1992, zelfde referte als hierboven (Bull. 718, blz. 1854), wordt gesteld dat premies die gestort zijn ter uitvoering van verzekeringscontracten die de terugbetaling van begrafenis- en crematiekosten waarborgen, geen recht geven op de in art. 54, 2°, b, WIB of art. 13, § 1, 1°, Hervormingswet 1988 (art. 145^1, 2°, WIB 92) vermelde fiscale voordelen.
Daar die circulaire blijkbaar aanleiding heeft gegeven tot bepaalde interpretatieproblemen, lijkt het aangewezen ter zake enkele punten te verduidelijken.
Soorten contracten
2. Ongeacht de benaming die de verzekeringsmaatschappijen eraan geven, kunnen tegenwoordig 3 soorten contracten onderscheiden worden :
a)
de verzekeringscontracten die, hetzij het verstrekken van een dienst (b.v. het ten laste nemen door de verzekeraar van de kosten voor het afleggen van de overledene, het leveren van een doodskist, het versturen van rouwbrieven, het organiseren van een maaltijd, enz.), hetzij de loutere terugbetaling van de begrafeniskosten, waarborgen;
b)
de contracten die uitsluitend de betaling van een kapitaal waarborgen;
c)
de contracten die, naast de betaling van een kapitaal, het verstrekken van bepaalde bijkomende diensten verzekeren.
Fiscale behandeling van de gestorte premies
3. De wet stelt bepaalde voorwaarden waaraan levensverzekeringscontracten moeten voldoen opdat de verzekerde aanspraak zou kunnen maken op de in art. 145^1, 2°, WIB 92 vermelde belastingvermindering (vermindering voor het lange termijnsparen).
4. Aldus moeten de levensverzekeringscontracten krachtens die laatste bepaling in wezen gesloten zijn met het oog op het vestigen van een rente of een kapitaal.
Bovendien vereist art. 145^4, WIB 92 dat, wat de verzekeringscontracten betreft die uitsluitend in voordelen bij overlijden voorzien :
het verzekeringscontract is aangegaan :
a)
door de belastingplichtige die daarbij alleen zichzelf heeft verzekerd;
b)
vóór de leeftijd van 65 jaar of 60 jaar, naargelang het een man of een vrouw betreft;
de voordelen van het contract bedongen zijn ten gunste van de echtgenoot of van bloedverwanten tot de tweede graad van de belastingplichtige.
5. Daar de in nr. 2, a, bedoelde contracten niet aan de in het eerste lid van nr. 4 hiervoor vermelde voorwaarden voldoen, geven de uit hoofde van die contracten gestorte premies nooit recht op een fiscaal voordeel.
6. De in nr. 2, b, vermelde contracten kunnen, indien zij aan de gestelde voorwaarden voldoen (zie nr. 4 hiervoor), in principe wel recht geven op de vermindering voor het lange termijnsparen.
7. Wat de in nr. 2, c, vermelde contracten betreft, komt alleen het gedeelte van de premie dat tot waarborg dient van de betaling van een kapitaal, in aanmerking voor belastingvermindering.
In dit geval moeten het door de verzekeringsmaatschappij uitgereikte attest een jaarlijks betalingsbewijs duidelijk de onderscheiden bestanddelen van de gestorte premies vermelden.
Bij ontstentenis van dergelijke uitsplitsing, moet het fiscale voordeel voor het totale premiebedrag geweigerd worden.
Belangrijke opmerking
8. De aandacht wordt erop gevestigd dat wanneer ten minste één van de ter uitvoering van een dergelijk contract gestorte premies de verzekerde daadwerkelijk een fiscaal voordeel (belastingvrijstelling of -vermindering) heeft opgeleverd, de door de verzekeringsmaatschappij ter uitvoering van ditzelfde contract uitgekeerde sommen voor de begunstigde(n) belastbare inkomsten zijn.