Aanschrijving nr. 29 dd. 12.10.1973

AANSCHRIJVING 73/029

Aanschrijving nr. 29 dd. 12.10.1973


Controle van het vervoer over de weg

Onderwerp van de aanschrijving.

1. Deze aanschrijving heeft als onderwerp de instructies inzake controle van het vervoer over de weg te coördineren en de recente wijzigingen toe te lichten.

EERSTE HOOFDSTUK ALGEMEEN

Wetsbepalingen.

2. In het kader van de maatregelen tot het voorkomen en het beteugelen van de belastingontduiking, bepaalt artikel 62 van het BTW-Wetboek dat de Koning kan voorschrijven dat vervoer over de weg van door Hem aan te wijzen goederen vergezeld moet gaan van een stuk, als dat vervoer voor eigen rekening of voor rekening van anderen verricht wordt met een motorvoertuig of een aanhangwagen voor een dergelijk voertuig .

De Koning bepaalt de vorm en de inhoud van dat stuk. Hij kan deze bevoegdheid opdragen aan de Minister van Financiën .

De Koning regelt het houden, het uitreiken en het bewaren van dat stuk. alsmede het voorleggen ter inzage ervan aan de ambtenaren belast met de controle op de heffing van de belasting over de toegevoegde waarde.

Het koninklijk besluit nr. 28, van 23 december 1970, regelt de uitvoering van artikel 62 van het Wetboek.

Doel van de controle van het vervoer over de weg.

3. De reglementering van de controle van het vervoer over de weg heeft inzonderheid ten doel de handelingen zonder factuur te bestrijden, enerzijds door de vervoerders te verplichten documenten op te maken en, anderzijds door het instellen van een effectieve controle op het aanwezig zijn van die documenten aan boord van de voertuigen die op de openbare weg rijden. Door die documenten te vergelijken met de boekhouding van degene die ze heeft opgesteld of van de geadresseerde moet men er zich kunnen van vergewissen of voor de levering van de goederen een factuur werd uitgereikt.

De grote lijnen van de reglementering van de controle van het vervoer over de weg.

4. In grote trekken omvat de reglementering van het vervoer over de weg :

1) de verplichting om, ten aanzien van de bedoelde goederen, zowel het vervoer voor rekening van anderen als het vervoer voor eigen rekening te registreren;

2) het gebruik voor het registreren van het vervoer, van genummerde documenten die gedrukt worden door erkende drukkers, waardoor ze niet opnieuw kunnen worden gebruikt, noch kunnen worden vernietigd;

3) de mogelijkheid om het nakomen van de opgelegde verplichtingen te controleren tijdens het vervoer;

4) de mogelijkheid om het naleven van de voorschriften te verifiëren ten huize van de afzender, van de vervoerder en van de geadresseerde.

Bedoeld vervoer.

5. De bepalingen met betrekking tot de controle van het vervoer over de weg zijn slechts van toepassing op het vervoer van in artikel 15 van het koninklijk besluit nr. 28 aangewezen goederen, door middel van een motorvoertuig of van een aanhangwagen voor een dergelijk voertuig. Die bepalingen gelden dus niet ten aanzien van het vervoer dat vanaf de plaats van aanvang van het vervoer tot de plaats van afgifte van de goederen, uitsluitend per spoor, per vliegtuig of per schip wordt verricht.

In principe zijn de bepalingen van het koninklijk besluit nr. 28 van toepassing zonder onderscheid :
-- zowel op het vervoer voor eigen rekening als op het vervoer voor rekening van anderen;
-- zowel op het vervoer dat geheel in België plaatsvindt, als op het vervoer naar of uit het buitenland;
-- zowel op het vervoer voor rekening van een belastingplichtige als op het vervoer voor rekening van een niet-belastingplichtige;
-- zowel op het vervoer met het oog op de levering van goederen die het voorwerp hebben uitgemaakt van een handeling die niet aan de BTW onderworpen is als op het vervoer van goederen die het voorwerp hebben uitgemaakt van een belastbare handeling.

Het koninklijk besluit moet het de administratie mogelijk maken de werkelijke bestemming te bepalen die aan de vervoerde goederen wordt gegeven. Onder voorbehoud van de ontheffing waarvan gewag wordt gemaakt onder nr. 20 moeten de goederen dus vergezeld zijn van een vervoerdocument inzonderheid in volgende gevallen : overbrenging van een goed van de hoofdzetel van een onderneming naar een opslagplaats, een werkplaats of een filiaal van de onderneming; overbrenging van goederen van een bepaalde opslagplaats van een firma naar een andere opslagplaats van die zelfde firma; overbrenging van goederen van een filiaal naar een ander; verzending van goederen naar een loonbewerker en terugzending naar de opdrachtgever; terugnemen door een leverancier, van goederen die door een klant werden geweigerd of die moeten worden hersteld; afhalen van goederen door een koper bij zijn leverancier.

De reglementering is van toepassing op het afhalen en het bestellen ten huize dat gepaard gaat met vervoer per spoor (z. de nrs. 21 en 85 tot 87) en meer algemeen, op alle vervoer door expediteurs.

Bedoelde goederen.

6. In artikel 15 van het koninklijk besluit nr. 28 worden op beperkende wijze de goederen aangewezen waarop de reglementering toepasselijk is. Hierna worden die goederen opgesomd en worden eveneens de posten van het Tarief van invoerrechten aangeduid waaronder ze zijn ingedeeld. De reglementering is van toepassing op al de goederen die onder die posten gerangschikt ZiJn.

Sector leder en pelterijen.

7. Huiden, vellen, leder, pelterijen, lederwaren en bontwerk, met uitzondering van snippers en ander afval van leder, van kunstleder of van perkament, niet bruikbaar voor de vervaardiging van lederwaren, en van ledermeel en stof en poeder van leder; zadel- en tuigmakerswerk, reisartikelen; marokijnwerk en foedraalwerk.

De reglementering geldt voor : lederwaren, bontwerk, zadel- en tuigmakerswerk, reisartikelen, marokijnwerk en foedraalwerk (posten 42.01 tot 42.05, 43.03 en 43.04 van het Tarief van invoerrechten).

8. Niet bedoeld zijn : snippers en ander afval van leder, van kunstleder of van perkament, niet bruikbaar voor de vervaardiging van lederwaren, en ledermeel en stof van leder (post 41.09 van het Tarief).

De administratie neemt aan dat de reglementering niet wordt toegepast ten aanzien van : huiden, vellen, leder en pelterijen (posten 41.01 tot 41.08, 41.10, 43.01 en 43.02 van het Tarief).

Sector textiel.

9. Textielstoffen en textielwaren, hieronder evenwel niet begrepen lompen en vodden, afval en oud goed van bindgaren, van touw of van kabels, gebruikte klederen en linnen.

Bedoeld zijn :
-- garens, gereed voor de verkoop in het klein (posten 50.07, 51.03, 52.01, 53.10, 54.04, 55.06, 56.06, 57.05, 57.06, 57.07 en 57.08 van het Tarief van invoerrechten);
-- weefsels (posten 50.09, 50.10, 51.04, 52.02, 53.11, 53.12, 53.13, 54.05, 55.07, 55.08, 55.09, 56.07, 57.09, 57.10, 57.11 en 57.12 van het Tarief);
-- tapijten en tapisserieën; fluweel, pluche, lussenweefsels en chenilleweefsels; lint; passementwerk; tule en filetweefsels; kant en borduurwerk (hoofdstuk 58 van het Tarief);
-- watten en vilt; touw en werken van touw; speciale weefsels, geïmpregneerde weefsels en weefsels met een deklaag (hoofdstuk 59 van het Tarief, met uitzondering van de posten 59.16 en 59.17); r-- breiwerk en haakwerk (hoofdstuk 60 van het Tarief) :
-- kleding en kledingtoebehoren, van textiel (hoofdstuk 61 van het Tarief); r-- andere geconfectioneerde artikelen van textielstoffen (hoofdstuk 62 van het Tarief, met uitzondering van de post 62.03, en de dekkleden en scheepzeilen, ingedeeld bij post 62.04 van het Tarief).

10. Niet bedoeld zijn :
-- lompen en vodden, afval en oud goed van bindgaren, van touw of van kabels, gebruikte klederen en linnen (hoofdstuk 63 van het Tarief).

De administratie neemt aan dat de reglementering niet wordt toegepast op alle textielstoffen en textielwaren voor industrieel gebruik, meer bepaald de produkten die normaal niet door een particulier-verbruiker worden gekocht.

Sector vlees.

11. Vlees en eetbare slachtafvallen; bereidingen en conserven, van vlees, van slachtafvallen of van bloed.

Bedoeld zijn :
-- vlees en eetbare slachtafvallen (hoofdstuk 2 van het Tarief van invoerrechten);
-- bereidingen en conserven. van vlees, van slachtafvallen of van bloed (posten 16.01 en 16.02 van het Tarief).

Sector schoeisel.

12. Schoeisel.

Bedoeld zijn alle schoeisels, gerangschikt onder de posten 64.01, 64.02, 64.03 B en 64.04 van het Tarief van invoerrechten, met uitzondering van klompen gerangschikt onder post 64.03 A van het Tarief.

Sector meel.

13. Meel van granen.

Bedoeld zijn :

-- meel van granen (post 11.01 van het Tarief van invoerrechten). onder meer het meel van tarwe, van rogge, van haver, van maïs, van sorgho, van gerst, van rijst en van boekweit.

Meel is een poederachtig produkt dat wordt verkregen door het malen van granen. Meel onderscheidt zich van de produkten ingedeeld bij post 11.02 (grutten, gries, gebroken granen, enz.), door de fijnheid van het produkt voortkomend van de behandeling van de granen.

Volgens een technische definitie in het Tarief van invoerrechten worden bij post 11.01 ingedeeld, de produkten van de graanmeelindustrie waarvan ten minste 80 percent door een zeef met een maaswijdte van 315 micron gaat. Voor maïs en sorgho bedragen die cijfers echter 500 micron en 90 percent.

Indien de hoeveelheid die bij het zeven wordt doorgelaten minder bedraagt dan de hogervermelde percentages, gaat het om een produkt dat bij post 11.02 ingedeeld is. Er wordt opgemerkt dat de produkten van de meelindustrie die aan de bovengenoemde voorwaarden beantwoorden, onder de reglementering vallen, zelfs indien zij geen enkele bulkbewerking ondergaan hebben.

Sector meubelen.

14. Stoelen en meubelen, van om het even welke stof, ook indien gedemonteerd of niet ineengezet.

Bedoeld zijn :

-- stoelen en meubelen, ingedeeld bij de posten 04.01 B, III, IV, 94.03 A I, IV, V : 94.03 B I, II, III, VI, VII; 94.03 C en 94.03 D van het Tarief van invoerrechten.

15. Ingevolge een administratieve tolerantie zijn niet bedoeld :
-- stoelen en zitmeubelen speciaal vervaardigd voor vliegtoestellen en voor automobielen (posten 94.01 A en B I van het Tarief); r-- kantoorzitmeubelen en andere kantoormeubelen van om het even welke stof; tekentafels en meubelen voor winkels van onedel metaal (posten 94.01 B II, 94.03 A II, III, en B IV, V, van het Tarief);
-- meubelen voor medisch of chirurgisch gebruik (post 94.02 van het Tarief);
-- stoelen en meubelen, van om het even welke stof, die duidelijke sporen van gebruik dragen.

Sector voedsel voor dieren.

16. Voedsel voor dieren.

Bedoeld zijn :
-- mengsels voor dieren van granen bedoeld in hoofdstuk 10 van het Tarief van invoerrechten;
-- produkten van de meelindustrie in de vorm van cilinders, bolletjes, enz., pellets genaamd, ingedeeld bij post 11.02 F van bet Tarief;
-- zemelen, slijpsel en andere, resten van het zeven, van het malen of van andere bewerkingen van granen, ingedeeld bij post 23.02 A van het Tarief;
-- veevoeders samengesteld met melasse of met suiker, ingedeeld bij post 23.07 van het Tarief.

17. Ingevolge een administratieve tolerantie zijn niet bedoeld :
-- ongemengde granen;
-- volgende produkten gerangschikt onder post 23.07 van het Tarief :
-- bereidingen voor honden, katten, enz., bestaande uit mengsels van vlees, slachtafvallen en andere bestanddelen, luchtdicht verpakt in blikken of bussen;
-- hondebrood, kattebrood en dergelijke produkten;
-- bereid voedsel voor vissen en voor siervogels.

Monsters.

18. Monsters zonder enige handelswaarde. zoals lappen weefsel in boeken gebonden, vallen niet onder de reglementering van de controle van het vervoer over de weg.

Ontheffing van de verplichting vervoerdocumenten op te maken ingevolge de tekst van het besluit.

19. Krachtens artikel 16 van het koninklijk besluit nr. 28 hoeven niet vergezeld te gaat van een vervoerdocument :

1° het vervoer van reisgoed en van kleine colli's per autobus of autocar;

2° het vervoer van poststukken;

3° het vervoer gedaan door middel van personenwagens, wanneer de vervoerde goederen reeds gebruikt zijn of klaarblijkelijk niet voor handels- of beroepsdoeleinden bestemd zijn;

4° het vervoer gedaan onder toezicht van het bestuur der douanen en accijnzen;

5° het vervoer gedaan in de douanezone van de haven Antwerpen.

De in 4° bedoelde vrijstelling is van toepassing wanneer in een douanekantoor aangeboden goederen in een op een andere plaats gelegen kantoor opnieuw moeten worden aangeboden. Dit is inzonderheid het geval voor goederen waarvan de definitieve aangifte en het nazien verlegd worden naar de aanbieding in een binnenlands kantoor, voor transit-goederen (onder dekking van een document T of van een T.I.R.-boekje), voor goederen verzonden naar een entrepot of overgebracht naar een ander entrepot, voor goederen die naar een uitvoerkantoor worden gezonden na te zijn nagezien in het binnenland, enz. De vrijstelling is zowel van toepassing op het vervoer met douanebegeleiding als op het vervoer waarop de douane toezicht houdt door het leggen van zegels.

Ontheffing van de verplichting vervoerdocumenten op te maken ingevolge een administratieve tolerantie.

20. De administratie aanvaardt dat niet vergezeld gaan van vervoerdocumenten :

1° de produkten vervoerd door personen die uitsluitend aan particulieren verkopen en die houder zijn van een leurderskaart en deze in hun bezit hebben. Die ontheffing wordt slechts verleend aan de handelaars die uitsluitend aan particulieren verkopen; ze geldt niet voor het vervoer dat die handelaars verrichten met het oog op hun bevoorrading;

2° de produkten die aan huis worden besteld wanneer bij toepassing van artikel 8 van het koninklijk besluit nr. 1, van 23 juli 1969, de uitreiking van een factuur niet verplicht is. In dat geval moet echter uit de voor een zelfde klant bestemde hoeveelheid en uit de verpakking van de goederen duidelijk blijken dat het om leveringen aan particuliere verbruikers gaat en moeten de goederen tevens vergezeld gaan van een aankoopstrook of een ander stuk waaruit de levering blijkt.

De ontheffing is mutatis mutandis toepasselijk op het vervoer door kleermakers van kostuums, in de pas, die door hen geconfectioneerd worden voor rekening van particulieren.

Deze ontheffing van de verplichting vervoerdocumenten op te maken voor levering aan huis bij particulieren, wanneer geen factuur moet worden uitgereikt, geldt niet voor het vervoer van stoelen en meubelen;

3° het vervoer van bedoelde goederen verricht door of voor rekening van ondernemingen met verscheidene zetels voor verkoop in het klein, tussen deze zetels en/of de opslagplaats(en). Deze ontheffing is slechts toepasselijk op voorwaarde dat :

a) de goederen vergezeld gaan van een handelsstuk met vermelding van naam en adres van de zetel van verzending en van bestemming evenals van de aard en de hoeveelheid van de vervoerde goederen;

b) de onderneming de inspecteur van de Speciale Dienst van de BTW in wiens ambtsgebied zij gevestigd is, schriftelijk kennis geeft van de adressen van al haar zetels voor de verkoop in het klein en van haar opslagplaats(en);

4° het vervoer van nog niet volledig afgewerkte produkten naar personen die van het speciaal statuut van « thuiswerker » genieten en het vervoer van de thuiswerker naar de onderneming of van de ene thuiswerker naar de andere, mits de werkgever in het bezit is van een vergunning af te leveren door de hoofdcontroleur van de BTW in wiens ambtsgebied de onderneming gevestigd is (z. bijlage l).

Opdat de ontheffing van de verplichting een vervoerdocument op te maken zou toepasselijk zijn, moeten enerzijds de thuiswerkers in het bezit zijn van het speciaal loonboekje voor thuiswerkers afgeleverd door de werkgever en waarin de gegeven opdrachten, de lonen en de data van betalingen worden opgetekend, en anderzijds moet de werkgever voor die werknemers het door de sociale wetgeving voorgeschreven speciaal register voor thuiswerkers houden waarin dezelfde vermeldingen voorkomen als in het loonboekje en moet hij bovendien een adressenlijst van al de thuiswerkers houden;

5° het vervoer van voedsel voor dieren dat door landbouwondernemers wordt verricht door middel van tractoren, van voertuigen die bijzonder ingericht zijn voor de landbouw of van aanhangwagens voor deze voertuigen, van de hoeve naar een exploitatieplaats van de landbouwer en vice-versa;

6° het vervoer van stoelen en meubelen die deel uitmaken van een verhuisboedel;

7° het vervoer van ingevoerde goederen door of voor rekening van een douane-expediteur of een persoon die gewoonlijk goederen inklaart en die handelt in opdracht van een in België gevestigde belastingplichtige, op voorwaarde dat :

a) aan de vrachtbrief een kopie is gehecht van de factuur of van een ander stuk waarop de goederen zijn omschreven, opgemaakt door de buitenlandse leverancier;

b) de goederen snel (zonder opslag) naar de geadresseerde worden vervoerd (z. nr. 109).

Postcolli's.

21. De ontheffing van de verplichting een vervoerdocument op te maken, verleend door artikel 16, 2°, van het koninklijk besluit nr. 28, ten aanzien van poststukken, is niet van toepassing op postcolli's. Postcolli's worden verzonden door de N.M.B.S. De reglementering betreffende de controle van het vervoer over de weg is van toepassing op het afhalen en het bestellen ten huize, dat gepaard gaat met het vervoer per spoor van postcolli's (z. nr. 86).

De administratie aanvaardt nochtans dat op verzendingsbulletins die de internationale postcollizendingen begeleiden, geen etiketten worden geplakt.

HOOFDSTUK II VERVOER VOOR EIGEN REKENING

Begrip.

22. Vervoer voor eigen rekening is het vervoer dat iemand voor zichzelf verricht met eigen voertuigen. Eigen voertuigen zijn zowel de voertuigen die aan de betrokkene toebehoren als de voertuigen die hij huurt, daaronder begrepen de voertuigen die hij huurt met chauffeur.

23. Voor de toepassing van het koninklijk besluit nr. 28 wordt als vervoerder voor eigen rekening aangemerkt :

1° de verkoper die de verkochte goederen vervoert, ongeacht de verkoopsvoorwaarden ( af fabriek of franco bestemming);

2° de loonbewerker die de te bewerken goederen bij de opdrachtgever of bij diens leverancier afhaalt of de loonbewerker die, na voltooiing van het loonwerk, de afgewerkte of half afgewerkte goederen vervoert, zelfs indien de vervoerkosten afzonderlijk aan de opdrachtgever worden aangerekend;

3° de onderneming die voor eigen rekening vervoer doet verrichten door iemand die zij in dienst heeft, zelfs indien het gebruikte voertuig aan die persoon toebehoort en ongeacht of die persoon in de onderneming zelf of thuis werkt. De persoon die het speciaal statuut van « thuiswerker » heeft wordt hier niet bedoeld.

Eerste afdeling.--Opmaken van een vervoerdocument

Principe.

24. De persoon die voor eigen rekening bij de reglementering bedoelde goederen over de weg vervoert moet een veroerdocument opmaken in twee exemplaren. Die exemplaren zijn bestemd respectievelijk voor de vervoerder en voor de geadresseerde (kon . besl. nr. 28, art . 1 ) . Beide exemplaren van het vervoerdocument moeten de goederen vergezellen.

Voorgeschreven vermeldingen.

25. Op het vervoerdocument moeten alle bij artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 28 voorgeschreven vermeldingen voorkomen, namelijk :

1° de naam en het adres van de vervoerder;

2° de naam en het adres van de geadresseerde;

3° de aard en de hoeveelheid van de vervoerde goederen;

4° de plaats, de datum en het uur van aanvang van het vervoer;

5° de plaats van afgifte van de goederen;

6° ieder ander gegeven door of vanwege de Minister van Financiën te bepalen.

Geadresseerde.

26. Wanneer ter uitvoering van een verkoopcontract, goederen vervoerd worden naar een persoon die als derde bij de verrichting betrokken is, dient als geadresseerde in de zin van het koninklijk besluit nr. 28 te worden aangemerkt :

a) die derde, indien hij in eigen naam voor ontvangst van de goederen kan tekenen. Bij opeenvolgende verkopen is de geadresseerde de koper naar wie de goederen worden vervoerd;

b) de persoon in wiens naam de derde voor ontvangst van de goederen ondertekent indien deze laatste niet in eigen naam voor ontvangst kan tekenen. Wanneer bijvoorbeeld goederen door de verkoper in opdracht van de koper naar een loonbewerker worden vervoerd, moet de koper als geadresseerde worden aangemerkt, ook al tekent de loonbewerker voor ontvangst van de goederen.

Geadresseerde niet gekend bij het laden.

27. Het komt voor dat de bestemming van de goederen en de geadresseerde ervan niet gekend zijn op het tijdstip waarop de goederen worden geladen. Dat is inzonderheid het geval voor het vervoer van goederen meegenomen door handelaars die hun klanten bezoeken. Dat geval wordt bedoeld in artikel 4 van het koninklijk besluit nr. 28. De vermelding van de geadresseerde en van de plaats van afgifte wordt vervangen door de vermelding van de redenen van die toestand en bij de afgifte van de goederen of van een deel ervan moet een nieuw document worden opgemaakt. Ieder van beide documenten verwijst naar het andere. De beide exemplaren van het eerste document worden door de vervoerder bewaard.

De vervoerder is ontheven van de verplichting een nieuw document op te maken wanneer het geheel van de op het oorspronkelijke document vermelde goederen wordt afgeleverd, op voorwaarde dat het document wordt aangevuld met de naam en het adres van de geadresseerde, de plaats van afgifte, de aard en de hoeveelheid van de geleverde goederen en de handtekening van de geadresseerde voor ontvangst van de goederen.

Wanneer er verscheidene geadresseerden zijn hoeft de vervoerder evenmin een nieuw document op te maken mits het oorspronkelijke document wordt aangevuld met de naam en het adres van iedere bestemmeling, de plaats van afgifte, de aard en de hoeveelheid van de geleverde goederen en de handtekeningen van de geadresseerden voor ontvangst van de goederen. In dat geval moet de vervoerder de beide exemplaren van het vervoerdocument aanvullen met een verwijzing naar de aan de geadresseerde uitgereikte facturen en op die facturen het nummer vermelden van het vervoerdocument (z. nr. 29).

Handtekening voor ontvangst.

28. Bij de afgifte van de vervoerde goederen wordt een exemplaar van het vervoerdocument door de geadresseerde ondertekend voor ontvangst en aan de vervoerder teruggegeven.

Het andere exemplaar wordt overhandigd aan de geadresseerde die het moet hechten aan zijn factuur (kon. besl. nr. 28, art. 1).

Verwijzing naar de facturen.

29. Degenen die vervoerdocumenten moeten opmaken, moeten op de voor hen bestemde exemplaren een verwijzing aanbrengen naar de overeenkomstige uitgaande factuur (kon. besl. nr. 28, art. 14. § 1). Wanneer geen factuur moet worden uitgereikt, moet het vervoerdocument met betrekking tot de vervoerde goederen worden aangevuld met een vermelding die de reden aanduidt waarom er geen factuur is.

30. De geadresseerde van de goederen moet het voor hem bestemde exemplaar van het vervoerdocument hechten aan de inkomende factuur van de goederen die werden vervoerd. De documenten met betrekking tot vervoerde goederen waarvoor geen factuur moet worden ontvangen, worden aangevuld met een vermelding die de reden aanduidt waarom er geen factuur is (kon. besl. nr. 28, art. 14, § 2).

Afdeling 2.--Veelvuldig vervoer

Vervoer door een belastingplichtige die in België een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft.

31. Indien de vervoerder in België een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft en indien hij veelvuldig vervoer doet, moet hij door een drukker, erkend door of vanwege de Minister van Financiën, vervoerdocumenten laten drukken, waarop zijn naam en adres en zijn BTW-registratienummer, alsmede in voorkomend geval, de naam en het adres van zijn aansprakelijke vertegenwoordiger, voorkomen (kon. besl. nr. 28, art. 2. eerste lid).

32. Die formulieren worden genummerd per reeks van 000.001 tot 999.999. Iedere reeks wordt aangeduid door een of meer letters van het alfabet (z. nr. 79).

33. Op ieder exemplaar van de vervoerdocumenten moeten, in een kader van 10 cm bij 5 cm, de gedrukte vermeldingen « Belasting over de toegevoegde waarde » en « Vervoerdocument voorkomen, alsmede een waarmerk bevattende een leeuw in het midden, omringd door de woorden « Belgische Staat - Etat belge », het volgnummer van het document, de naam van de drukker gevolgd door een druknummer gevormd door twee cijfers die de maand (01 tot 12) aangeven en door de laatste twee cijfers van het jaartal van de datum waarop ze werden gedrukt.

De administratie aanvaardt een kleiner kader mits de afmetingen ervan niet kleiner zijn dan 6 cm bij 3 cm.

34. Het vervoerdocument mag worden gecombineerd met een handelsstuk, inzonderheid een factuur, een verzendingsnota, een inkoopborderel, enz., voor zover op dat document alle vereiste vermeldingen voorkomen (z. nr. 25), dat het wordt gedrukt door een erkende drukker en dat het document het voorgeschreven kader bevat.

35. Het vervoerdocument mag op meer dan twee exemplaren worden gedrukt volgens de noodwendigheden van de organisatie van de boekhouding. In dat geval mag het voormeld kader slechts worden gedrukt op de twee exemplaren die de goederen moeten vergezellen.

Vervoer door een andere persoon.

36. Indien de vervoerder niet een belastingplichtige is die in België een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft, moet het vervoer van bij de reglementering bedoelde goederen vergezeld gaan van een in twee exemplaren opgemaakt vervoerdocument waarop alle gegevens moeten voorkomen, die vermeld zijn in artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 28 (z. nr. 25).

De vervoerder moet zich dat vervoerdocument op eigen kosten aanschaffen. Het moet niet door een erkende drukker worden gedrukt en het kan niet bij de administratie worden bekomen. Het vervoerdocument moet niet het kader bevatten waarvan sprake in nr. 33.

Afdeling 3.--Toevallig vervoer

Vervoer door een belastingplichtige die in België een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft.

37. Indien de vervoerder een belastingplichtige is die in België een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft en indien hij slechts toevallig vervoer verricht, hoeft hij geen vervoerdocumenten te laten drukken bij een erkende drukker. In dat geval moet hij echter formulieren gebruiken die hem door de administratie ter beschikking worden gesteld (kon. besl. nr. 28, art. 3).

De belastingplichtige wordt geacht slechts toevallig vervoer te verrichten, indien hij ten hoogste twintig keer per jaar vervoer verricht.

38. De formulieren die door de toevallige vervoerder worden gebruikt, verschillen van de in de nrs. 31 tot 33 beschreven formulieren daarin dat de naam, het adres en het registratienummer van de belastingplichtige er natuurlijk niet op gedrukt staan en dat ze nooit worden gecombineerd met een handelsstuk (z. nr. 34).

39. Die formulieren kunnen worden bekomen bij het BTW-controlekantoor waaronder de belastingplichtige ressorteert. De aanvragen die op maximum twintig formulieren per jaar betrekking mogen hebben, moeten schriftelijk gebeuren en ondertekend zijn door iemand die bevoegd is om de firma die het vervoer verricht, te verbinden.

Vervoer door een andere persoon.

40. De bepalingen van nr. 36 moeten worden nagekomen.

HOOFDSTUK III VERVOER VOOR REKENING VAN ANDEREN

Precisering.

41. Vervoer voor rekening van anderen wil niet zeggen dat de vervoerkosten noodzakelijk in rekening moeten worden gebracht.

Vervoer voor rekening van anderen kan verricht worden als dienstverlening, onder meer tegelijk met vervoer voor eigen rekening.

Eerste afdeling.--Opmaken van een vrachtbrief

Beginsel.

42. De afzender die een vervoerder belast met een vervoer over de weg van bij de reglementering bedoelde goederen moet een vrachtbrief opmaken in drie exemplaren. Die exemplaren zijn respectievelijk bestemd voor de afzender, de vervoerder en de geadresseerde (kon. besl. nr. 28, art. 6).

43. Voor de toepassing van deze afdeling moet worden verstaan onder vervoerder degene die met eigen vervoermiddelen vervoer verricht voor rekening van anderen, alsmede degene die met een vervoerder wordt gelijkgesteld krachtens de artikelen 13 en 20 van het Wetboek; onder afzender moet worden verstaan degene die aan een vervoerder opdracht geeft goederen bij de geadresseerde te doen toekomen.

44. De exemplaren bestemd voor de vervoerder en de geadresseerde moeten de goederen vergezellen.

45. Wanneer iemand aan een vervoerder goederen toevertrouwt, die overhandigd moeten worden aan verschillende geadresseerden, moet een vrachtbrief worden opgemaakt per colli of per groep van colli's verzonden naar een zelfde geadresseerde (kon. besl. nr. 28, art. 6, derde lid).

46. De vorm van de vrachtbrief heeft geen belang. Wanneer de afzender echter een belastingplichtige is die hier te lande een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft, moet een speciaal etiket, gedrukt door een erkende drukker, op de vrachtbrief worden gekleefd.

Voorgeschreven vermeldingen.

47. Op de vrachtbrief moeten de in artikel 6 van het koninklijk besluit nr. 28 voorgeschreven vermeldingen voorkomen, namelijk :

1° naam en adres van de afzender;

2° naam en adres van de vervoerder;

3° naam en adres van de geadresseerde;

4° aard en hoeveelheid van de vervoerde goederen;

5° plaats, datum en uur van ontvangst van de goederen;

6° plaats van afgifte van de goederen;

7° ieder ander gegeven te bepalen door of vanwege de Minister van Financiën.

Op de vrachtbrief moeten die vermeldingen voorkomen zelfs wanneer het vervoer wordt verricht door een belastingplichtige die in België geen vaste inrichting of geen aansprakelijke vertegenwoordiger heeft (z. de nrs. 60 en 65).

Afzender.

48. Op grond van artikel 5 van het koninklijk besluit nr. 28 moet voor de toepassing van de artikelen 6 tot 10 van dit besluit (vervoer voor rekening van anderen). onder « afzender » worden verstaan degene die aan een vervoerder opdracht geeft goederen bij de geadresseerde te doen toekomen.

Deze definitie is te verstaan in haar juridische betekenis.

Met andere woorden, wanneer goederen worden vervoerd ter uitvoering van een vervoercontract is de afzender de medecontractant van de vervoerder, zelfs wanneer de instructies die nodig zijn voor de uitvoering van het vervoer door een derde persoon gegeven worden (z. echter nr. 115).

Geadresseerde.

49. Wanneer ter uitvoering van een verkoopcontract goederen vervoerd worden naar een persoon die als derde bij de verrichting betrokken is, dient als geadresseerde in de zin van het koninklijk besluit nr. 28 te worden aangemerkt :

a) die derde, indien hij in eigen naam voor ontvangst van de goederen kan ondertekenen. Bij opeenvolgende verkopen is de geadresseerde de koper naar wie de goederen worden vervoerd;

b) de persoon in wiens naam de derde voor ontvangst van de goederen ondertekent indien deze laatste niet in eigen naam voor ontvangst kan ondertekenen. Wanneer bijvoorbeeld goederen door de verkoper in opdracht van de koper naar een loonbewerker worden vervoerd, moet de koper als geadresseerde worden aangemerkt, ook al tekent de loonbewerker voor ontvangst van de goederen.

Handtekening voor ontvangst.

50. Bij de afgifte van de goederen ondertekent de geadresseerde het voor de vervoerder bestemde exemplaar voor ontvangst, en hij bewaart het exemplaar dat voor hem is bestemd om het te hechten aan de factuur met betrekking tot de vervoerde goederen (kon. besl. nr. 28, art. 6, tweede lid).

Verwijzing naar de facturen.

51. De afzender die een vrachtbrief moet opmaken, moet op het voor hem bestemde exemplaar een verwijzing aanbrengen naar de overeenkomstige uitgaande factuur (kon. besl. nr. 28, art. 14, § 1) . Wanneer geen factuur moet worden uitgereikt, moet de vrachtbrief worden aangevuld met een vermelding die de reden aanduidt waarom er geen factuur is.

52. De geadresseerde moet het voor hem bestemde exemplaar van de vrachtbrief hechten aan de inkomende factuur van de goederen die werden vervoerd. De vrachtbrieven met betrekking tot vervoerde goederen waarvoor geen factuur moet worden ontvangen, worden aangevuld met een vermelding die de reden aanduidt waarom er geen factuur is (kon. besl. nr. 28 art. 14, § 2).

Verscheidene vervoerders nemen deel aan het vervoer.

53. Wanneer verscheidene vervoerders aan het vervoer hebben deelgenomen, moet iedere vervoerder die aan het vervoer heeft deelgenomen, de vervoerder kunnen aanwijzen met wie hij heeft gecontracteerd om de goederen naar de geadresseerde te verzenden (kon. besl. nr. 28, art. 6, laatste lid). Aan te stippen valt dat de vervoerder die als tussenpersoon optreedt niet meer in het bezit is van de vrachtbrieven met betrekking tot vervoer dat hij aan derden heeft toevertrouwd. Die vrachtbrieven moeten dus worden geïnventariseerd met verwijzing naar de overeenkomstige vervoerfacturen.

Afdeling 2.--Veelvuldig vervoer

De afzender is een belastingplichtige die in België een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft.

54. Indien de afzender een belastingplichtige is die in België een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft en indien hij veelvuldig vervoer laat verrichten, moet hij bij een erkende drukker etiketten laten drukken die bestaan uit drie delen, en ieder van deze delen kleven op de drie exemplaren van de vrachtbrief.

55. Het etiket mag eventueel op de keerzijde van de vrachtbrief worden gekleefd.

56. Ieder deel van het etiket moet over de volledige oppervlakte zijn vastgekleefd en volgende vermeldingen bevatten :
-- een volgnummer uit een reeks van 000.001 tot 999.999, terwijl iedere reeks wordt aangeduid door een of meer letters van het alfabet (z. nr. 79);
-- de vermeldingen « Belasting over de toegevoegde waarde » en « Vervoer voor rekening van anderen »;
-- de naam en het adres van de belastingplichtige en zijn BTW-registratienummer, alsmede in voorkomend geval, de naam en het adres van de aansprakelijke vertegenwoordiger;
-- een waarmerk bevattende een leeuw in het midden, omringd door de woorden : « Belgische Staat - Etat belge »;
-- de naam van de erkende drukker;
-- een druknummer gevormd door twee cijfers die de maand (01 tot 12) aangeven en door de laatste twee cijfers van het jaartal van de datum waarop ze werden gedrukt.

57. Het formaat van de etiketten is 7,5 cm bij 5 cm; ze worden gedrukt op wit papier dat permanent zelfklevend is.

58. De afzender moet ieder deel van het etiket aanvullen met de datum van overhandiging van de goederen en met het nummer van de vrachtbrief waarop het etiket is gekleefd (kon. besl. nr. 28, art. 7).

59. Het etiket moet niet worden gebruikt wanneer op elk van de drie exemplaren van de vrachtbrief, in een kader van 7,5 cm bij 5 cm, alle vermeldingen die op ieder deel van het etiket moeten voorkomen, worden gedrukt door een drukker erkend door of vanwege de Minister van Financiën (kon. besl. nr. 28, art. 7, laatste lid).

De afzender is een andere persoon.

60. Indien de afzender niet een belastingplichtige is die in België een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft, moet op de vrachtbrief geen etiket worden gekleefd, maar moeten alle bij artikel 6 van het koninklijk besluit nr. 28 voorgeschreven vermeldingen erop voorkomen (z. nr. 47). Bovendien dienen de bepalingen opgenomen in de nrs. 42 tot 46 te worden nageleefd.

Afdeling 3.--Toevallig vervoer

De afzender is een belastingplichtige die in België een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft.

61. Indien de afzender een belastingplichtige is die in België een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft en indien hij slechts toevallig goederen doet vervoeren, moet die belastingplichtige geen etiketten laten drukken op zijn naam. In dat geval moet hij echter etiketten gebruiken die door de administratie of door een daartoe gemachtigde vervoerder ter beschikking worden gesteld (kon. besl. nr. 28, art. 9).

De afzender moet de etiketten aanvullen met de vereiste vermeldingen .

62. Die etiketten kunnen worden bekomen bij het BTW-controlekantoor waaronder de belastingplichtige ressorteert. De aanvragen die op maximum twintig vignetten per jaar betrekking mogen hebben, moeten schriftelijk gebeuren en ondertekend zijn door iemand die bevoegd is om de firma die het vervoer doet verrichten, te verbinden.

63. De voorwaarden waaronder de vervoerders etiketten mogen ter beschikking stellen van belastingplichtigen die slechts toevallig goederen doen vervoeren, worden vermeld in de nrs. 128 tot 130.

64. Belastingplichtigen worden geacht slechts toevallig goederen te doen invoeren, indien zij ten hoogste twintig keer per jaar goederen doen vervoeren.

De afzender is een andere persoon.

65. Indien de afzender niet een belastingplichtige is die in België een vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft, moeten de in nr. 60 bedoelde bepalingen worden nageleefd.

HOOFDSTUK IV GEBRUIK VAN DE VERVOERDOCUMENTEN

Vermelding op het vervoerdocument of het etiket van de datum van aanvang van het vervoer.

66. De cijfers van de dag, de maand en het jaartal van de datum van aanvang van het vervoer worden geschreven in het kader verdeeld in zes vakjes en gedrukt naast het woord « datum ». Het in elk vakje te vermelden cijfer moet op een duidelijke en onuitwisbare wijze worden ingeschreven; eventueel moet het cijfer van de dag en/of de maand worden voorafgegaan door een eveneens duidelijke en onuitwisbare 0.

Voorbeeld : 6 september 1973 :

060973
Vermelding op het vervoerdocument van het uur van aanvang van het vervoer.

67. Dat uur wordt aangeduid door op een duidelijke en onuitwisbare wijze in de gedrukte wijzerplaat het cijfer te doorstrepen dat overeenstemt met het uur waarop het vervoer wordt aangevangen. Voorbeeld 15 u.

68. Bij wijze van proef zal het niet vermelden van het uur van aanvang van vervoer slechts bestraft worden in het geval dat het vervoer gedaan wordt door of voor rekening van de koper onder dekking van vervoerdocumenten gedrukt op zijn naam of op naam van de verkoper.

Vermelding op het vervoerdocument of het etiket van de datum en van het uur van aanvang van vervoer door middel van een prikklok.

69. De bepalingen vermeld in de nrs. 66 en 67 moeten niet worden nageleefd, wanneer de datum en het uur van aanvang van vervoer op het document worden aangebracht door middel van een prikklok. Deze afwijking is onderworpen aan de voorwaarde dat, ingeval de dag, de maand of het uur kan worden aangeduid door één cijfer, dat cijfer wordt voorafgegaan door een nul. De waarden mogen eveneens worden aangeduid door middel van een afkorting in letters, op voorwaarde dat geen dubbele interpretatie mogelijk is.

Vermelding van de aard en de hoeveelheid van de vervoerde goederen.

70. Deze vermeldingen moeten op een duidelijke en onuitwisbare wijze worden geschreven.

71. Op het vervoerdocument is de kolom voor de vermelding van de hoeveelheid of van het gewicht onderverdeeld in kolommen voor de decimalen, eenheden, tien-, honderd-, duizendtallen, enz. De scheiding van de eenheden en de decimalen wordt aangeduid door de ononderbroken lijn. De eventueel open blijvende kolommen zullen moeten onbruikbaar worden gemaakt, b.v . door het schrijven van een 0 . De administratie houdt de hand aan de inschrijving in de juiste kolom. Rechts van de kolom voor het inschrijven van de hoeveelheden wordt een andere gedrukt voor de vermelding van de toepasselijke eenheden of symbolen (m, kg, stuks, dozijn, enz.).

Voorbeeld : 30,5 m weefsels van zijde :

Hoeveelheid of gewicht
Eenheid

000305m
72. Het aantal onderverdelingen van de kolom « hoeveelheid of gewicht » mag door de belastingplichtige vrij worden bepaald, met inachtneming van de behoeften ter zake van de onderneming. Zo mogen onder meer de kolommen voor de aanduiding van de decimalen worden weggelaten, wanneer vaststaat dat de betrokkene deze nooit zal gebruiken (b.v. fabrikant of handelaar in meubelen ) .

73. Ingeval de hoeveelheid steeds wordt uitgedrukt in een zelfde eenheid, aanvaardt de administratie eveneens dat op de vervoerdocumenten geen conform « eenheid » wordt gedrukt, op voorwaarde dat de hoofding van de kolom « hoeveelheid of gewicht » wordt aangevuld met de vermelding van die eenheid (b.v. stuks, kg, m, enz.).

74. De controle van het vervoer over de weg heeft hoofdzakelijk tot doel de facturering van de vervoerde goederen later te controleren. De verplichting van de artikelen 1 en 6 van het koninklijk besluit nr. 28 om de aard en de hoeveelheid van de vervoerde goederen te vermelden op het vervoerdocument moet dan ook worden gezien in het kader van de verplichting van artikel 2, 4°, van het koninklijk besluit nr. 1, van 23 juli 1969, om de aard en de hoeveelheid van de geleverde goederen te vermelden op de factuur.

75. Bijgevolg moeten de vervoerde goederen op het vervoerdocument worden vermeld op dezelfde wijze als op een factuur wanneer die goederen zouden worden verkocht, ook al gaat het om intern vervoer. Aangezien het (bijvoorbeeld) in de textielsector gebruikelijk is de weefsels te factureren volgens de lengte, moet op het vervoerdocument, in principe, de lengte worden vermeld. Slechts ten aanzien van de goederen van die sector die volgens de handelsgebruiken gewoonlijk anders worden gefactureerd dan volgens de lengte, aanvaardt de administratie dat op het vervoerdocument niet de lengte wordt vermeld, op voorwaarde nochtans dat de goederen voldoende geïndividualiseerd worden om de factureren ervan later te kunnen controleren. Wanneer bijvoorbeeld kluwens garen worden vervoerd en alle kluwens niet hetzelfde gewicht hebben, volstaat het niet op het vervoerdocument het aantal te vermelden. In dat geval moet het aantal kluwens per gewicht worden opgegeven (bijvoorbeeld : 20 kluwens van 50 gr. en 35 kluwens van 100 gr.).

76. De eenheid voor de berekening van de prijs van loonwerk van goederen en van de verkoopprijs ervan is niet steeds dezelfde. Dit is bijvoorbeeld het geval in de textielsector. De prijs van loonwerk van weefsels wordt soms berekend volgens het gewicht, terwijl de verkoopprijs wordt berekend volgens de lengte. In deze gevallen moet nochtans op het vervoerdocument de hoeveelheid worden vermeld zoals dit gebruikelijk is bij verkoop, dit ten einde misbruiken te voorkomen en omdat de controle-ambtenaren bij het uitoefenen van hun taak langs de weg niet kunnen nagaan of de vervoerde goederen al dan niet bestemd zijn voor loonwerk. Wanneer de hoeveelheid van de goederen evenwel op een ongebruikelijke manier op de vervoerdocumenten moet worden vermeld (bijvoorbeeld het aantal meter weefsel dat wordt vervoerd naar een loonbewerker) aanvaardt de administratie dat deze hoeveelheid zo nauwkeurig mogelijk wordt geraamd door de onderneming die de vervoerdocumenten moet opstellen.

Omschrijving op de vervoerdocumenten van gedemonteerde of niet ineengezette meubelen.

77. Gedemonteerde of niet ineengezette meubelen moeten op de vervoerdocumenten worden omschreven op dezelfde wijze als op een verkoopfactuur, dat wil zeggen met nauwkeurige aanduiding van de aard, eventueel met vermelding van de afmetingen, en de hoeveelheid van de meubelen die worden verkregen na montage of na samenvoeging van de onderdelen of elementen.

Vermelding van de aard en de hoeveeLheid van de vervoerde goederen op de vrachtbrief.

78. De stipte naleving van de verplichting de goederen op het vervoerdocument te vermelden zoals dit gebruikelijk is op een verkoopfactuur, is nochtans zeer moeilijk wanneer een grote verscheidenheid van goederen naar een zelfde geadresseerde worden vervoerd, en het vervoerdocument een vrachtbrief is.

Daarom wordt door de administratie aanvaard dat aan de bepalingen van het koninklijk besluit nr. 28 voldaan is, wanneer de vrachtbrief het aantal vervoerde colli's vermeldt met aanduiding van hun gewicht en summier de aard van de vervoerde goederen en voor zover de volgende voorwaarden vervuld zijn :

1° de verscheidenheid van de vervoerde goederen moet zo groot zijn dat de aard en de hoeveelheid van elk van deze goederen praktisch onmogelijk op de vrachtbrief kunnen worden vermeld;

2° de aard van de vervoerde goederen moet zo precies mogelijk worden aangeduid door het volledig benutten van het daartoe bestemde vak van de vrachtbrief;

3° op de factuur of op het handelsstuk in het algemeen, moeten de vermeldingen van de vrachtbrief derwijze worden overgenomen dat beide stukken gemakkelijk onderling kunnen worden vergeleken.

Wat voorafgaat is enkel toepasselijk op het vervoer voor rekening van anderen.

De nummering van de vervoerdocumenten en etiketten.

79. Deze nummering bestaat uit zes cijfers gevolgd door een of meer letters van het alfabet.

Voorbeeld : 0 0 5 7 6 0 A D

Codering van bepaalde vermeldingen.

80. De administratie aanvaardt dat de goederen worden aangeduid door middel van een code, op voorwaarde dat de sleutel van die code steeds het vervoer vergezelt en dat de ambtenaren die met de controle van het vervoer over de weg belast zijn, er steeds kunnen over beschikken. Onder dezelfde voorwaarden mag de identiteit van de geadresseerde door middel van een code aangegeven worden.

Invullen van de vervoerdocumenten door middel van een computer.

81. Ten einde de ondernemingen de mogelijkheid te bieden de vervoerdocumenten in te vullen door middel van een computer, en gelet op de grotere waarborg die een dergelijke handelwijze biedt, aanvaardt de administratie dat de vormvoorschriften opgenomen in de nrs. 66. 67 en 71 inzake vermelding van de datum en van het uur van aanvang van het vervoer, en onderverdeling van de kolom voor de vermelding van de hoeveelheid of het gewicht, niet worden nageleefd, wanneer de documenten op een zodanige wijze worden gedrukt dat ze door middel van een computer kunnen worden ingevuld.

Die tolerantie mag slechts worden ingeroepen wanneer voldaan is aan de nagenoemde voorwaarden :

1° wanneer de dag, de maand of het uur door één cijfer kan worden aangeduid moet voor dat cijfer steeds een nul worden geplaatst;

2° wanneer het getal waardoor de hoeveelheid of het gewicht van de vervoerde goederen wordt aangeduid, een fractie van een eenheid bevat, moeten de eenheden duidelijk worden gescheiden van de decimalen, bijvoorbeeld door een komma;

3° benevens het getal dat de hoeveelheid of het gewicht aanduidt, moet ook de eenheid of het symbool worden vermeld (m, kg, stuks, dozijn, enz.) :

4° alle gegevens moeten worden ingevuld door middel van de computer; geen wijzigingen met de hand mogen worden aangebracht.

Wijziging of doorhaling van vermeldingen.

82. Wijziging of doorhaling van een op het vervoerdocument of etiket aangebrachte vermelding is niet toegelaten.

83. De vervoerde goederen die bij de verkoper worden afgehaald door de koper of door een vervoerder die voor rekening van de koper handelt, moeten vergezeld gaan respectievelijk van een vervoerdocument gedrukt op naam van de koper of van een vrachtbrief waarop de etiketten van de koper zijn gekleefd.

Wanneer in deze gevallen de goederen rechtstreeks naar de klant van de koper worden vervoerd en om commerciële redenen de geadresseerde van de goederen onwetend moet gelaten worden over de plaats van aanvang van het vervoer, aanvaardt de administratie dat bij de afgifte van de goederen aan de geadresseerde en enkel op het voor hem bestemde exemplaar van het vervoerdocument of van de vrachtbrief deze vermelding wordt doorgehaald op een wijze dat ze onleesbaar wordt.

84. De administratie aanvaardt eveneens dat niet verplichte vermeldingen worden gewijzigd of geschrapt, op voorwaarde dat daardoor in geen geval aan de verplichte vermeldingen wordt geraakt.

HOOFDSTUK V BIJZONDERE TOEPASSINGEN

Vervoer per spoor.

85. De reglementering ingesteld bij het koninklijk besluit nr. 28 is slechts van toepassing op het vervoer over de weg door middel van een motorvoertuig of van een aanhangwagen voor een dergelijk voertuig. In nr. 5 wordt gepreciseerd dat de bepalingen van dit besluit niet van toepassing zijn op het vervoer per spoor.

86. Indien de verzendingsdiensten van de N.M.B.S. de goederen afhalen bij de afzender en afleveren bij de geadresseerde, moet het ganse vervoer gebeuren onder dekking van vrachtbrieven waarop de etiketten van de afzender zijn gekleefd. De reglementering is inderdaad van toepassing wegens het feit dat het vervoer gedeeltelijk over de weg wordt verricht met vrachtwagens van de N.M.B.S.

87. De toepassing van de reglementering op het vervoer dat wordt verricht door de verzendingsdiensten van de N.M.B.S., stuit op geen bijzondere moeilijkheid wanneer de gewone verzendingsbulletins gebruikt worden. De etiketten van de afzender kunnen inderdaad op die bulletins aangebracht worden, zonder dat de N.M.B.S. hierdoor wordt verhinderd de dienstvermeldingen aan te brengen. Wanneer daarentegen ponskaarten worden gebruikt die door het Brussels station « Thurn en Taxis » ter beschikking worden gesteld, zullen de zelfklevende etiketten steeds een gedeelte van de perforaties bedekken die op de kaarten aangebracht zijn om de handelingen mechanografisch te kunnen verwerken. Daarom aanvaardt de administratie dat tijdens de aanpassingsperiode van de mechanografische diensten van de N.M.B.S. aan de nieuwe reglementering van de controle van het vervoer over de weg, de etiketten die zouden moeten worden geplakt op ieder van de drie luiken van de ponskaart, vervangen worden door de overdruk op de keerzijde van ieder luik, van de bijzonderste vermeldingen die op de etiketten voorkomen. Die overdruk moet worden verricht door een erkende drukker. Degenen die dergelijke ponskaarten in voorraad hebben, moeten die kaarten aan een erkende drukker sturen om er de vereiste vermeldingen te laten op drukken.

Alle op de ponskaarten gedrukte vermeldingen hebben een rode kleur met uitzondering van de cijfers en de letters die de reeks aangeven. Voor die vermeldingen wordt paarskleurige inkt gebruikt.

De erkende drukkers hebben ten aanzien van de overdrukte ponskaarten dezelfde verplichtingen als met betrekking tot de door hen geleverde etiketten of vervoerdocumenten.

Opeenvolgende verkopen van voedsel voor dieren.

88. In geval van opeenvolgende verkopen moet de koper naar wie de goederen worden vervoerd, in principe worden aangemerkt als geadresseerde in de zin van de reglementering (z. nr. 49).

Bij opeenvolgende verkopen van voedsel voor dieren gebeurt het vaak, op grond van een gevestigd handelsgebruik, dat de goederen door de verkoper of door een derde die handelt voor rekening van de verkoper, rechtstreeks worden vervoerd naar de klanten van de koper en dat ingevolge een onderlinge overeenkomst, de verkoper geen aantekening houdt van de naam en het adres van de klanten van zijn koper, die om commerciële redenen geen documenten ontvangen op naam van de verkoper.

Om geen afbreuk te moeten doen aan dat handelsgebruik en niettemin toch de toepassing van de reglementering inzake de controle van het vervoer over de weg mogelijk te maken, aanvaardt de administratie dat op de volgende wijze wordt gehandeld.

A. Vervoer verricht door of voor rekening van de verkoper.

1° De goederen worden door de leverancier rechtstreeks vervoerd naar de klanten van de koper.

De koper kent vooraf de hoeveelheden die zijn klanten gaan afnemen.

89. De verkoper maakt een vervoerdocument op voor de totale hoeveelheid die wordt afgenomen door de koper; als geadresseerde vermeldt hij de naam van de koper en als plaats van levering het adres van die koper. Dat document dekt het vervoer vanaf de plaats van aanvang tot bij de eerste klant van de koper.

Vanaf die plaats wordt het document van de verkoper vervangen door documenten die de koper vooraf heeft opgemaakt (voorlopig zonder vermelding van datum en uur van aanvang van het vervoer) en die hij ter beschikking heeft gesteld van de vervoerder. Op die documenten wordt het adres van de koper als plaats van aanvang van het vervoer vermeld. Alvorens het vervoer naar de andere klanten van de koper voort te zetten, vult de bestuurder van het voertuig de documenten aan met de datum en het uur van aanvang van het vervoer.

De koper kent de hoeveelheden niet die zijn klanten gaan af nemen.

90. De verkoper moet zijn vervoerdocument opmaken op de wijze vermeld onder nr. 89. De koper moet een vervoerdocument opmaken voor de totale hoeveelheid die hij heeft afgenomen. Bij de levering van de goederen aan zijn klanten moet hij handelen op de wijze vermeld in artikel 4 van het koninklijk besluit nr. 28 (z. nr. 27).

In de beide gevallen moet de koper op het exemplaar van het document van de verkoper dat hij bewaart, een verwijzing aanbrengen naar de documenten die hij zelf opmaakt. Op het exemplaar van deze documenten dat hij bewaart, moet hij een verwijzing aanbrengen naar het document van de verkoper.

2° Het vervoer verricht door de leverancier tot op de woonplaats van de koper wordt voortgezet tot bij de klanten van de koper.

91. Het probleem blijft hetzelfde in die zin dat de oorspronkelijke leverancier aan de klanten van zijn koper geen documenten mag overhandigen waardoor zijn identiteit zou gekend geraken. In het gestelde geval volstaat het evenwel het vervoer aan te merken als bestaande uit twee afzonderlijke verrichtingen. Het eerste vervoer wordt verricht door de verkoper voor eigen rekening, met bestemming de koper; het tweede vervoer wordt verricht voor rekening van de koper, met bestemming de klanten van de koper. Dit laatste vervoer gebeurt onder dekking van documenten die vooraf door de koper zijn opgemaakt en die worden aangevuld met de datum en het uur van aanvang van het vervoer op het tijdstip waarop ze worden overhandigd aan de bestuurder van het voertuig.

B. Vervoer verricht door of voor rekening van de koper.

92. Wanneer in geval van opeenvolgende verkopen, het vervoer wordt verricht door de koper of door een derde die handelt voor rekening van de koper, worden de gewone regels toegepast, dat wil zeggen dat de koper documenten opmaakt die het vervoer dekken vanaf de plaats van aanvang tot op de plaats van levering van de goederen. Indien daarenboven de verkoper een handelsdocument uitreikt dat eveneens geldt als vervoerdocument moet op dat document een verwijzing worden aangebracht naar de vervoerdocumenten opgemaakt door de koper.

Verzending van goederen naar een loonbewerker en levering van de bewerkte goederen.

93. Wanneer de opdrachtgever de te bewerken goederen vervoert naar de loonbewerker en hij de bewerkte goederen gaat afhalen bij de loonbewerker, moet dat vervoer gebeuren onder dekking van vervoerdocumenten van de opdrachtgever.

94. Anderdeels moet de loonbewerker die de goederen bij de opdrachtgever of bij diens leverancier afhaalt of die de bewerkte goederen levert, zijn eigen vervoerdocumenten gebruiken (z. nr. 23, 2°).

95. Er wordt nochtans aanvaard dat de vervoerdocumenten worden gebruikt van degene die de goederen afgeeft, op voorwaarde nochtans dat de loonbewerker en de opdrachtgever in hun wederzijdse betrekkingen steeds op dezelfde wijze handelen. In dat geval wordt het eerste exemplaar van het document voor ontvangst getekend door degene die de goederen ontvangt, en bewaard door degene die de goederen afgeeft; het exemplaar dat de goederen vergezelt, wordt aangevuld met de vermelding : « Vervoer verricht door ... (de loonbewerker of de eigenaar van de bewerkte goederen) ».

Vervoer verricht door zelfstandige vertegenwoordigers.

96. Zelfstandige handelsvertegenwoordigers die goederen bedoeld in artikel 15 van het koninklijk besluit nr. 28 vervoeren, moeten in principe hun eigen vervoerdocumenten gebruiken. Er wordt nochtans aanvaard dat ze de documenten gebruiken van de onderneming waarvoor ze werken, op voorwaarde nochtans dat de leveringen aan de klanten onmiddellijk door de onderneming gefactureerd worden en dat de vertegenwoordiger niet wordt aangemerkt als een verkoopcommissionair op grond van artikel 13, § 2, van het Wetboek.

Collecties van handelsreizigers.

97. Wanneer de vervoerde goederen klaarblijkend een collectie vormen die voor een relatief lange periode geldt en wanneer de betrokkene er geen goederen aan onttrekt om ze te leveren aan de klanten die hij bezoekt, aanvaardt de administratie dat het vervoerdocument niet iedere dag wordt vernieuwd.

In dat geval worden de vermeldingen met betrekking tot de afgifte van de goederen vervangen door de vermelding : « Vervoerde collectie--handelsreiziger ».

Het vervoerdocument moet evenmin worden hernieuwd wanneer slechts toevallig goederen aan de collectie worden onttrokken. Dat geldt eveneens wanneer goederen tijdelijk ter beschikking van klanten worden gesteld of aan klanten worden verkocht. De vervanging van deze goederen door identiek dezelfde artikelen wordt toegelaten. In dat geval moet iedere onttrekking of iedere vervanging van goederen voldoende duidelijk en precies op het document vermeld worden, opdat de overeenstemming tussen de lading van het voertuig en de vermeldingen op het vervoerdocument op ieder ogenblik zou kunnen worden geverifieerd .

Terugzending van goederen.

Bij de levering.

98. Wanneer goederen worden vervoerd door een leverancier of door een vervoerder die voor eigen rekening werkt en die goederen bij hun aankomst ter bestemming om een of andere reden niet kunnen besteld worden, mag de terugzending gebeuren onder dekking van de twee exemplaren van het vervoerdocument of van de vrachtbrief, die echter met een gepaste melding dienen te worden aangevuld.

Wanneer slechts een gedeelte van de goederen wordt geweigerd, kan de terugzending gebeuren onder dekking van een exemplaar van het oorspronkelijk document, mits dat exemplaar, evenals het exemplaar dat aan de geadresseerde wordt overhandigd, aangevuld wordt met een door de klant ondertekende vermelding betreffende de aard en de hoeveelheid van de ontvangen goederen.

Wordt het vervoer verricht door een vervoerder die voor rekening van de verkoper handelt, dan moet deze laatste, bij de terugkeer van de goederen, het in zijn bezit gebleven exemplaar van de vrachtbrief aanvullen met de gegevens die voorkomen op de exemplaren die respectievelijk voor de vervoerder en voor de geadresseerde bestemd zijn.

Na de levering.

99. Het vervoer van goederen die na de levering naar de verkoper teruggezonden worden, moet gebeuren onder dekking van een nieuw vervoerdocument. Dat document wordt door de verkoper of door de koper opgesteld, naargelang de ene of de andere van beiden het vervoer verricht of doet verrichten.

Rondritten.

100. Sommige belastingplichtigen organiseren rondritten om zich te bevoorraden, om aan hun klanten te leveren of voor beide verrichtingen tegelijk. De wijze waarop de documenten moeten worden opgemaakt die zulke vervoerverrichtingen moeten begeleiden, wordt hierna vermeld.

Rondrit bij klanten.

101. Ten aanzien van de leveringen die verricht worden ter gelegenheid van het bezoek aan de klanten, wordt de vervoerder door artikel 4 van het koninklijk besluit nr. 28 ontheven van de verplichting een nieuw vervoerdocument op te maken, op voorwaarde dat het oorspronkelijke document aangevuld wordt met de naam en het adres van iedere geadresseerde, de plaats van afgifte, de aard en de hoeveelheid van de geleverde goederen en de handtekening van de geadresseerde voor ontvangst van de goederen (z. nr. 27).

Rondrit bij leveranciers.

102. In dezelfde gedachtengang aanvaardt de administratie dat er slechts één document opgemaakt wordt (in 2 exemplaren), wanneer tijdens een rondrit goederen bij verschillende leveranciers worden afgehaald. In dat geval wordt het document, naarmate de goederen bij iedere leverancier afgehaald worden, aangevuld met de naam en het adres van die leverancier, de aard en de hoeveelheid van de afgehaalde goederen en het uur en de plaats van afhaling.

Rondrit bij leveranciers en bij klanten.

103. Die rondritten kunnen worden verricht onder dekking van twee documenten, het ene voor de inkopen en het andere voor de leveringen. De goederen die eventueel bij het vertrek worden geladen, moeten worden vermeld op het document dat voor de inschrijving van de inkopen dient.

Rondrit bij loonbewerkers.

104. De regels vermeld onder de nrs. 101 tot 103 gelden mutatis mutandis voor de rondritten tijdens dewelke een firma te bewerken goederen aflevert aan verschillende loonbewerkers en bij hen de afgewerkte of halfafgewerkte goederen afhaalt.

Indien goederen afgehaald bij een loonbewerker, tijdens dezelfde rit aan een andere loonbewerker worden overhandigd om verder te worden bewerkt, moet op het vervoerdocument dat dient voor het vervoer van de goederen die naar de firma teruggebracht worden, de naam en het adres van de tweede loonbewerker worden vermeld, evenals de aard en de hoeveelheid van de goederen die aan die loonbewerker worden overhandigd;

die vermeldingen worden aangevuld met de handtekening van de tweede loonbewerker voor ontvangst van de goederen.

Invoer.

105. De bepalingen van het koninklijk besluit nr. 28 zijn van toepassing zowel op het vervoer van goederen herkomstig uit het buitenland als op het vervoer dat volledig in België plaatsvindt (z. nr. 5).

Hierna wordt aangeduid welke documenten het vervoer van ingevoerde goederen moeten vergezellen.

a. Vervoer voor eigen rekening.

106. Indien degene die het vervoer verricht een in België gevestigde belastingplichtige is, die veelvuldig vervoer doet, gebruikt hij een vervoerdocument dat op zijn naam door een erkende drukker wordt gedrukt; in het tegenovergestelde geval gebruikt hij om het even welk document dat alle vermeldingen bevat, bedoeld in artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 28 (z. de nrs. 36 en 40).

b. Vervoer voor rekening van anderen.

107. Behoudens ingeval het vervoer volledig wordt verricht onder toezicht van de douane, moeten de ingevoerde goederen die door een vervoerder (derde) worden vervoerd, steeds vergezeld zijn van een vrachtbrief waarop alle vermeldingen voorkomen bedoeld in artikel 6 van het bovengenoemde koninklijk besluit. Het antwoord op de vraag of op de vrachtbrief het etiket, bedoeld in artikel 7 van dat besluit moet worden gekleefd, verschilt naargelang de hoedanigheid van degene die het contract heeft gesloten met de vervoerder ten einde de goederen bij de geadresseerde te doen toekomen.

108. Wanneer de opdrachtgever een niet-belastingplichtige is of een buitenlander die in België geen vaste inrichting of een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft, moet op de vrachtbrief geen etiket worden gekleefd (z. de nrs. 60 en 65).

Dat geldt ook ingeval de vrachtbrief, opgemaakt door de buitenlandse opdrachtgever, het vervoer niet volledig dekt en een commissionair-expediteur, die handelt als lasthebber van de opdrachtgever, een nieuwe vrachtbrief opmaakt voor het vervoer van de goederen tot bij de geadresseerde.

109. Wanneer daarentegen de medecontractant van de vervoerder een in België gevestigde belastingplichtige is, moet in principe op de vrachtbrief een etiket op naam van die opdrachtgever worden gekleefd, zonder onderscheid naargelang de opdracht om de goederen te vervoeren een uitdrukkelijke opdracht is of een opdracht die eenvoudig blijkt uit het verzenden van een factuur naar een douane-expediteur of een permanente opdracht gegeven aan een persoon die gewoonlijk ingevoerde goederen inklaart. Gelet echter op de praktische moeilijkheden die de douane-expediteur kan ondervinden om tijdig in het bezit te geraken van de documenten van zijn lastgever, aanvaardt de administratie dat in dat geval geen etiketten worden gebruikt, wanneer aan de vrachtbrieven een kopie is gehecht van de factuur of van een ander stuk waarop de goederen zijn omschreven, opgemaakt door de buitenlandse leverancier, en de goederen snel (zonder opslag) naar de geadresseerde worden vervoerd (z. nr. 20, 7°).

Uitvoer.

110. Wanneer goederen die naar verschillende geadresseerden in het buitenland verzonden worden, tegelijk worden vervoerd, moet er in principe een vervoerdocument of een brief per geadresseerde opgemaakt worden.

111. De administratie aanvaardt dat slechts een document opgemaakt wordt waarop als bestemming van de goederen het grenskantoor of de haven van inscheping aangegeven wordt, waar die goederen ten uitvoer aangegeven worden. In dat ge- val moet het vervoerdocument een verwijzing naar de verschillende aangiften ten uitvoer bevatten.

Vervoer van goederen voor eigen rekening met het oog op de afgifte ervan aan een vervoerder die de goederen naar bestemming zal brengen.

112. Er wordt aanvaard dat slechts een vervoerdocument opgemaakt wordt voor alle goederen die aan de vervoerder worden afgegeven. Dat document moet dan een verwijzing naar de verschillende vrachtbrieven bevatten.

Deze regeling is onder meer van toepassing op het vervoer voor eigen rekening tot aan het station van vertrek.

113. Indien de verkoper beroep doet op een vervoerder voor het vervoer van zijn goederen en hij de vergunning inroept bedoeld in artikel 11, laatste lid, van het koninklijk besluit nr. 28 (z. de nrs. 134 tot 136). mag het door de verkoper aangevangen vervoer dezelfde dag door die vervoerder worden voortgezet onder dekking van de vervoerdocumenten opgesteld door de verkoper, op voorwaarde dat :
-- de verkoper een vervoerdocument in twee exemplaren heeft opgemaakt per geadresseerde; --hij beide exemplaren van die documenten overhandigt aan de vervoerder;
-- op die documenten niets wordt gewijzigd aan de ver- meldingen ten aanzien van de aard en de hoeveelheid van de vervoerde goederen of de identiteit van de geadresseerde;
-- die documenten worden aangevuld met de vermelding : « Vergunning artikel 11 van het K.B. nr. 28.--Vervoer voortgezet door de vervoerder vanaf (plaats) ».

Goederen onderweg overgenomen door de koper.

114. Ingeval de klant de goederen onderweg overneemt van de leverancier, mag hij die goederen verder vervoeren onder dekking van het dubbel van het vervoerdocument dat hij van de leverancier ontvangt, op voorwaarde dat het wordt aangevuld met de vermelding : « Vervoer voortgezet door de koper vanaf. (plaats) » en dat het wordt ondertekend door degene die de goederen afgeeft.

Afhalen van goederen bij de verkoper door de koper of door een vervoerder die voor rekening van de koper handelt.

115. Wanneer de koper zelf de goederen afhaalt bij zijn verkoper of ze laat afhalen door een vervoerder waarop de koper beroep doet en de vergunning van artikel 11, laatste lid, van het koninklijk besluit nr. 28, wordt ingeroepen, aanvaardt de administratie dat gebruik wordt gemaakt van de vervoerdocumenten van de verkoper, eventueel gecombineerd met een handelsdocument. In dat geval wordt het eerste exemplaar van het document voor ontvangst getekend door de koper en bewaard door de verkoper; het tweede exemplaar van het document, bestemd voor de koper, draagt de vermelding : « Vervoer verricht door de koper » of « Vervoer verricht voor rekening van de koper », volgens het geval (verg. de nrs. 134 en 135).

116. Er wordt eveneens aanvaard dat, ingeval een vervoerder voor rekening van de koper de goederen bij de verkoper afhaalt, de vrachtbrief die het vervoer moet vergezellen, door de verkoper wordt opgemaakt en dat de etiketten van deze laatste worden gebruikt. In dat geval bewaart de verkoper een exemplaar van de vrachtbrief en moeten de twee exemplaren die aan de vervoerder worden overhandigd, de vermelding dragen : « Vervoer voor rekening van de koper ».

117. Het is duidelijk dat bovengenoemde toleranties in geen geval afbreuk doen aan de verantwoordelijkheid die door het besluit aan de koper wordt opgelegd, indien zou worden vastgesteld dat er geen overeenstemming bestaat tussen de lading van het voertuig en de hoeveelheden of gewicht aangeduid op het vervoerdocument of op de vrachtbrief. De verkoper wordt van alle verantwoordelijkheid ontheven, tenzij de administratie vaststelt dat hij bewust onjuiste gegevens op de documenten vermeld heeft.

Vervoer door vervoerder voor rekening van een belastingplichtige met vervoerdocumenten gedrukt op naam van deze belastingplichtige. Aantal exemplaren dat het vervoer moet vergezellen.

118. Wanneer toepassing wordt gemaakt van de vergunning bedoeld in artikel 11, laatste lid, van het koninklijk besluit nr. 28 (z. nr. 134), moeten in principe beide exemplaren van het vervoerdocument de goederen vergezellen.

Afzenders ondervinden moeilijkheden om in het bezit te komen van het voor hen bestemde exemplaar van het vervoerdocument dat door de geadresseerde van de goederen voor ontvangst wordt ondertekend.

Om dit euvel te verhelpen aanvaardt de administratie, bij wijze van proef, dat die afzenders, in dat geval, op volgende wijze handelen.

Het vervoer over de weg, dat wordt verricht voor rekening van derden, onder dekking van vervoerdocumenten die de vermelding bevatten : « Vergunning artikel 11 van het K.B. nr. 28 » (vroeger aanschr. 96/1972 (Z. Revue nr. 10, blz. 44.) ), gaat slechts vergezeld van één exemplaar van het vervoerdocument, namelijk het exemplaar dat aan de geadresseerde van de goederen zal worden afgegeven. Het exemplaar bestemd voor de afzender blijft bij hem, maar het wordt voor ontvangst van de goederen ondertekend door de vervoerder.

119. Wanneer een gedeelte van de goederen bij levering geweigerd wordt en nog dezelfde dag naar de afzender wordt teruggezonden, mag dit gebeuren onder dekking van het exemplaar van het vervoerdocument dat de goederen heeft vergezeld en bestemd is voor de geadresseerde, mits dat exemplaar wordt aangevuld met een door de geadresseerde ondertekende vermelding betreffende de aard en de hoeveelheid van de ontvangen goederen. Bij ontvangst van de geweigerde goederen brengt de afzender een passende vermelding aan op het in zijn bezit gebleven exemplaar van het vervoerdocument en zorgt er voor dat het andere exemplaar, zo vlug mogelijk, aan de geadresseerde wordt toegezonden.

Onderbroken vervoer.

Principe.

120. Wanneer het vervoer van goederen wordt onderbroken en op een latere datum wordt hernomen, aanvaardt de administratie dat geen nieuw vervoerdocument of vrachtbrief met etiket wordt opgemaakt, wanneer :

1° op het vervoerdocument of de vrachtbrief niets hoeft te worden gewijzigd aan de vermeldingen ten aanzien van de aard en de hoeveelheid van de vervoerde goederen of de identiteit van de geadresseerde;

2° maximum vier of veertien dagen zijn verstreken vanaf de datum van aanvang van het vervoer, naargelang het gaat om een vervoer voor eigen rekening of een vervoer voor rekening van anderen.

In dat geval mag het vervoer worden hernomen onder dekking van het oorspronkelijk vervoerdocument of de oorspronkelijke vrachtbrief. Op het vervoerdocument wordt de volgende vermelding aangebracht : « Vervoer onderbroken en hernomen te op ». Indien die vermelding met de hand wordt aangebracht moet de dag en de maand voluit in letters worden geschreven (b.v. : twintig december 1973).

Wordt daarentegen die vermelding aangebracht door middel van een stempel en kan de dag of de maand worden aangeduid door één cijfer, dan moet dat cijfer worden voorafgegaan door een nul.

Wanneer de vervoerde goederen vergezeld gaan van een vrachtbrief met etiket moet die vermelding worden aangebracht op het etiket. Eventueel mag over de gedrukte tekst van het etiket worden geschreven.

Toleranties.

121. De bij onderbreking van het vervoer aan te brengen vermelding op het vervoerdocument veroorzaakt administratieve moeilijkheden bij transportondernemingen.

De administratie aanvaardt dat door die ondernemingen op volgende wijze wordt gehandeld.

a. Vervoer verricht door messageries, door transportondernemingen met een gelijkaardige activteit, of door derden voor rekening van deze ondernemingen.

122. De messageries en de transportondernemingen die een gelijkaardige activiteit uitoefenen moeten geen melding van onderbreking van vervoer aanbrengen op de vervoerdocumenten die de goederen vergezellen, voor zover de onderbreking(en) plaatsheeft (hebben) in de loop van een termijn van tien werkdagen te rekenen vanaf de datum van het vervoerdocument.

Dit op voorwaarde dat iedere bestuurder die vervoer verricht waarvoor deze administratieve tolerantie wordt ingeroepen, in het bezit is van een fotokopie van het stuk waaruit blijkt dat de onderneming die vervoert of voor wiens rekening het vervoer wordt verricht, wordt erkend als messagerie of als transportonderneming met een gelijkaardige activiteit.

123. Deze erkenning moet schriftelijk worden aangevraagd aan de hoofdcontroleur van de BTW in wiens ambtsgebied de onderneming gevestigd is. Bijlage 11 van deze instructie geeft een model van dergelijke erkenning.

124. De bovengenoemde ontheffing kan worden ingeroepen door de ondernemingen van wie de hoofdactiviteit erin bestaat transporten te verrichten als bedoeld in artikel 23, § 4, van het ministerieel besluit van 11 september 1967, genomen ter uitvoering van het koninklijk besluit van 9 september 1967, houdende algemeen reglement betreffende het vervoer van zaken met motorvoertuigen tegen vergoeding (1) .

Er wordt gepreciseerd dat de activiteit van messageries erin bestaat goederen op te halen bij de afzenders en ze te groeperen in functie van de door hen verrichte bestellingsrondritten.

b. Vervoer door of voor rekening van transportondernemingen andere dan messageries.

125. Geen melding van onderbreking van vervoer hoeft te worden aangebracht op de vrachtbrief met etiket die de goederen vergezelt voor het vervoer gedaan de eerste werkdag volgend op de datum van de vrachtbrief.

Er wordt aangestipt dat, zo de goederen vergezeld gaan van een vervoerdocument bedoeld in artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 28 (vervoerdocument voor vervoer voor eigen rekening, z. nr. 134), de vermelding van onderbroken vervoer op dat document moet worden aangebracht overeenkomstig de gewone regels.

HOOFDSTUK VI ALGEMENE BEPALINGEN

Afdeling 1.--Vergunning met betrekking tot het drukken en het verspreiden van documenten

Erkenning van drukkers.

126. Drukkers die wensen te worden erkend voor het drukken van vervoerdocumenten of etiketten moeten een verzoek indienen bij de Centrale administratie van de belasting over de toegevoegde waarde, registratie en domeinen, 8ste dienst, 23ste directie, Madouplein 1, 1030 Brussel.

127. Ze moeten een borg stellen van 300.000 frank (2) en er zich onder meer toe verplichten iedere levering van etiketten of van vervoerdocumenten ter kennis te brengen van de hoofdcontroleur in wiens ambtsgebied de belastingplichtige gevestigd is, op wiens naam de etiketten of vervoerdocumenten werden gedrukt of de beroepsgroepering (z. de nrs. 131 tot 133) of de vervoerder (z. de nrs. 128 tot 130) die de vervoerdocumenten hebben besteld. Iedere mededeling vermeldt de naam en het adres van de betrokkene, zijn BTW-nummer en de volgnummers en het druknummer van de geleverde etiketten of documenten. Een specimen van het etiket of van het document wordt bij de mededeling gevoegd.

Vergunning om etiketten uit te reiken verleend aan de vervoerders.

128. In artikel 9 van het koninklijk besluit nr. 28 wordt in de mogelijkheid voorzien dat de belastingplichtigen die slechts toevallig goederen doen vervoeren, etiketten gebruiken die hun ter beschikking worden gesteld door de vervoerder welke die etiketten heeft laten drukken door een erkend drukker.

Krachtens artikel 12 van hetzelfde besluit moet de vervoerder die etiketten ter beschikking van zijn klanten wil stellen, een vergunning hebben. De aanvraag om vergunning moet worden gericht aan de hoofdcontroleur van de belasting over de toegevoegde waarde onder wie de vervoerder ressorteert.

129. De verleende vergunning schrijft het houden voor van een register waarin afzonderlijk de ontvangst van de etiketten (drukker, volgnummers, druknummer) en de uitreiking ervan (naam, adres en registratienummer van de persoon aan wie de etiketten werden overhandigd. de drukker, volgnummers en druknummer van die etiketten) worden vermeld.

130. De etiketten mogen niet gedrukt worden op naam van de vervoerder die de vergunning verkregen heeft. Ze moeten later aangevuld worden met de naam van de klant die het vervoer laat verrichten.

Vergunning om vervoerdocumenten te laten drukken verleend aan beroepsverenigingen.

131. Aan de beroepsverenigingen kan vergunning worden verleend om ten behoeve van hun leden door een erkende drukker vervoerdocumenten te laten drukken, waarop alle voorgeschreven vermeldingen voorkomen met uitzondering van de identiteitsgegevens van de vervoerder, daar die door de vervoerder zelf worden vermeld.

Die vergunning betreft ook het drukken van etiketten waarop bijgevolg de identiteitsgegevens van de afzender niet zullen voorkomen.

132. De vereniging die de in vorige leden bedoelde vergunning heeft verkregen, moet :

1° een register houden waarin afzonderlijk de ontvangen documenten (drukker, volgnummers en druknummer) en de uitgereikte documenten (naam en adres van de persoon aan wie de documenten worden overhandigd, drukker, volgnummers en druknummer) worden vermeld;

2° de inlichtingen met betrekking tot het uitreiken van de documenten ter kennis brengen van de hoofdcontroleur in wiens ambtsgebied het lid is gevestigd.

133. De aanvragen om vergunning moeten worden gericht aan de Centrale administratie van de BTW, registratie en domeinen, 12de directie, Madouplein 1. 1030 Brussel.

Afdeling 2.-- Vergunning om het vervoerdocument te gebruiken in plaats van de vrachtbrief

134. Luidens artikel 11, laatste lid, kan aan de belastingplichtige die een beroep doet op een vervoerder, vergunning worden verleend om het vervoerdocument dat dient voor het vervoer voor eigen rekening, te gebruiken in plaats van een vrachtbrief met etiket.

De vergunning kan worden verkregen ongeacht of de afzender handelt in de hoedanigheid van leverancier, van koper of eenvoudig als eigenaar van goederen die worden vervoerd zonder dat er enig verkoopcontract bestaat.

In het begin moesten dergelijke vergunningen schriftelijk worden aangevraagd aan de Centrale administratie van de BTW en ze werden slechts uitgereikt aan de belastingplichtigen die voor het vervoer van hun goederen geregeld een beroep deden op een zelfde vervoerder.

Er werd echter vastgesteld dat steeds meer belastingplichtigen gebruik maakten van de mogelijkheid om het vervoerdocument te combineren met een handelsdocument, inzonderheid een factuur of een verzendingsnota. Deze rationele aanpassing van het vervoerdocument aan de commerciële gebruiken en aan de organisatie van de ondernemingen, werd enigszins geremd door het feit dat het gecombineerde document, zoals het gewone vervoerdocument, niet zonder individuele vergunning mocht worden opgemaakt voor het vervoer dat de verkoper door een derde-vervoerder liet verrichten. Evenzo moet de koper die de goederen ging afhalen bij de verkoper door bemiddeling van een vervoerder en die gebruik maakt van het al of niet gecombineerde vervoerdocument van de verkoper, vaak op verzoek van deze laatste, in het bezit zijn van de vergunning afgeleverd op grond van artikel 11, laatste lid, van het koninklijk besluit nr. 28.

Ten einde die toestand te verhelpen, en om de belastingplichtigen te ontlasten van alle overbodig administratief werk, werd besloten de individuele vergunning te vervangen door een algemene vergunning, die bovendien mag worden ingeroepen ongeacht of de belastingplichtige al of niet geregeld een beroep doet op de betrokken vervoerder.

Dat houdt in dat een ieder die goederen laat vervoeren door een derde-vervoerder (ook al doet hij slechts toevallig een beroep op die vervoerder) de op zijn naam gedrukte vervoerdocumenten (al of niet gecombineerd met een handelsstuk) mag gebruiken in plaats van vrachtbrieven met etiketten, zonder dat hij in het bezit moet zijn van een vergunning uitgereikt op zijn naam. Om blijk te geven van de bedoeling, gebruik te maken van de algemene vergunning bedoeld in het vorige lid, volstaat het dat de vervoerdocumenten, zeer duidelijk, de vermelding « Vergunning artikel 11 van K.B. nr. 28 » (vroeger « Aanschr. nr. 96/1972 » (Z. Revue nr. 10, blz. 44.)) bevatten.

135. Dat geldt ook wanneer een vervoerder in opdracht van de koper de goederen afhaalt bij de verkoper en het vervoer gebeurt onder dekking van het al of niet gecombineerde vervoerdocument van de verkoper. In dat geval wordt de in vorig lid aangehaalde vermelding aangevuld door de volgende :

« Vervoer verricht voor rekening van de koper » (verg. nr. 115).

136. De belastingplichtigen aan wie een individuele vergunning werd afgeleverd op grond van artikel 11, laatste lid, van het koninklijk besluit nr. 28, en die de vermelding « Vervoerder gemachtigd de vervoerdocumenten van de verkoper te gebruiken. Ministeriële vergunning van .. nr .. .. » op hun vervoerdocumenten hebben laten drukken, mogen die documenten verder gebruiken, tot de voorraad is uitgeput.

Afdeling 3.--Bewaar- en overleggingsplicht--Vernietiging van niet gebruikte vervoerdocumenten of etiketten

Bewaar- en overleggingsplicht.

137. De vervoerders die vervoerdocumenten moeten gebruiken (z. nr. 31), de afzenders die etiketten moeten gebruiken (z. nr. 54) en de personen en de verenigingen aan wie vergunning werd verleend die documenten uit te reiken (z. de nrs. 128 en 131) moeten op ieder verzoek van de ambtenaren die belast zijn met de controle op de heffing van de BTW, de documenten en etiketten overleggen, die ze hebben laten drukken of die ze mogen uitreiken en die nog bij hen in voorraad zijn, ofwel het bewijs leveren van de bestemming die ze aan de documenten en etiketten hebben gegeven (kon. besl. nr. 28, art. 13).

138. Het leveren van het bewijs van de bestemming die aan de vervoerdocumenten en aan de etiketten werd gegeven impliceert de bewaring van die documenten en van de vrachtbrieven. De afzenders moeten die documenten rangschikken volgens de datum ervan en er een verwijzing op aanbrengen naar de overeenkomstige uitgaande factuur of een vermelding die de reden aanduidt waarom er geen factuur is (z. de nrs. 29 en 51).

139. Er moet geen verwijzing of vermelding worden aangebracht op het exemplaar van het vervoerdocument wanneer een periodieke (b.v. maandelijkse) opgave wordt opgemaakt :
-- eensdeels van de vervoerdocumenten volgens de ononderbroken nummering ervan met, per vervoerdocument, een verwijzing naar de uitgereikte factuur of met aanduiding van de reden waarom er geen factuur is (opgave van de vervoerdocumenten met verwijzing);
-- anderdeels van de uitgaande facturen met, per factuur, een verwijzing naar het vervoerdocument of, bij ontstentenis daarvan, vermelding van de reden waarom er geen vervoerdocument werd opgemaakt (opgave van de facturen met verwijzing).

140. De geadresseerde van de goederen moet zijn exemplaar van het vervoerdocument of van de vrachtbrief hechten aan de overeenkomstige inkomende factuur. Bij ontstentenis van een inkomende factuur worden die documenten aangevuld met een vermelding die de reden aanduidt waarom er geen factuur is (kon. besl. nr. 28, art. 14, § 2).

141. De ontvangen vervoerdocumenten die niet aan een factuur gehecht zijn, moeten bewaard worden volgens datum. Zij moeten worden gerangschikt afzonderlijk van de documenten die door de belanghebbende worden opgemaakt.

142. Hoewel artikel 14 van het koninklijk besluit nr. 28 geen melding maakt van de verplichting voor de vervoerder voor rekening van anderen om de vrachtbrieven te bewaren, lijdt het geen twijfel dat het bewaren van dat stuk hem wordt opgelegd bij artikel 60 van het Wetboek. Artikel 6, laatste lid, van het besluit zinspeelt trouwens op die verplichting.

Wanneer verscheidene vervoerders aan het vervoer hebben deelgenomen, wordt de door de geadresseerde voor ontvangst getekende vrachtbrief bewaard door de vervoerder die de goederen aan de geadresseerde heeft overhandigd (kon. besl. nr. 28, art. 6, vierde lid).

143. Op grond van bovengenoemd artikel 60 van het Wetboek heeft de verplichting om de vervoerdocumenten en de vrachtbrieven te bewaren betrekking op een periode van vijf jaar te rekenen vanaf de eerste januari volgend op hun datum.

144. De vervoerdocumenten moeten worden bewaard, zelfs indien ze tijdens het vervoer werden geverifieerd.

Bijzondere gevallen.

Hierna wordt aangeduid op welke wijze er aan die verplichtingen voldaan wordt in bepaalde bijzondere gevallen.

Ter uitvoering van een verkoopcontract worden goederen verzonden naar een persoon die als derde bij de verrichting betrokken is.

145. Indien die persoon in eigen naam mag ondertekenen voor ontvangst van de goederen, hecht hij aan zijn inkomende factuur het voor de geadresseerde bestemde exemplaar van het vervoerdocument. Indien daarentegen voor ontvangst wordt ondertekend door een lasthebber (ontvangst door een loonbewerker voor rekening van de opdrachtgever van het werk) moet de lasthebber aan zijn lastgever het voor de geadresseerde bestemde exemplaar van het vervoerdocument toezenden.

Bij een werkaanneming aansluitend vervoer.

146. Ofschoon artikel 14 van het koninklijk besluit nr. 28 het niet uitdrukkelijk voorschrijft, is het aangewezen dat de loonbewerker op het vervoerdocument een verwijzing naar zijn factuur aanbrengt en dat de opdrachtgever van het werk dat document aan de factuur van de loonbewerker hecht.

De afzender is tegelijk geadresseerde.

147. De afzender is tegelijk geadresseerde onder meer in nagenoemde gevallen :
-- intern vervoer van een onderneming;
-- afhalen van goederen door de koper bij de verkoper of door een vervoerder die voor rekening van de koper handelt, zo de vervoerdocumenten door de koper worden opgesteld;
-- vervoer voor eigen rekening, verricht met het oog op de afgifte van de goederen aan een vervoerder die de goederen naar hun bestemming zal brengen (z. de nrs. 112 en 113).

In de regel heeft de belanghebbende twee exemplaren van het vervoerdocument in zijn bezit. die hij samen volgens datum rangschikt. De koper die de goederen bij de verkoper heeft afgehaald of heeft laten afhalen en daarbij de documenten van de verkoper heeft gebruikt, heeft één exemplaar in zijn bezit dat hij hecht aan de inkomende factuur. Indien de koper daarentegen zijn eigen vervoerdocumenten gebruikt heeft rangschikt hij een exemplaar van de documenten volgens datum en hecht het andere aan de inkomende factuur.

Vernietiging van niet gebruikte vervoerdocumenten of etiketten.

148. De vernietiging van niet gebruikte vervoerdocumenten of etiketten mag slechts geschieden in aanwezigheid van de hoofdcontroleur van de BTW of van een van zijn medewerkers van het controlekantoor waaronder de onderneming, die de documenten vernietigt, ressorteert.

149. De vernietiging wordt vastgesteld in een door deze ambtenaar opgesteld proces-verbaal waarin worden vermeld : soort (vervoerdocument of etiket), hoeveelheid met de eraan toegekende nummerreeks en kenletters, alsmede naam, adres en BTW-nummer van de onderneming op wiens naam de documenten werden gedrukt. In het proces-verbaal wordt de reden van vernietiging van deze documenten vermeld.

Een afschrift van het proces-verbaal moet door de onderneming worden bewaard.

150. Indien de vernietiging wordt gedaan door een erkende drukker die aan het BTW-controlekantoor, waaronder zijn klant ressorteert, mededeling heeft gedaan dat op naam van die klant vervoerdocumenten of etiketten werden gedrukt die achteraf op de hierboven vermelde wijze worden vernietigd, moet de drukker aan datzelfde controlekantoor mededeling geven van de vernietiging.

Deze mededeling vermeldt de naam en het adres van de betrokkene, zijn BTW-nummer en de volgnummers en het druknummer van de vernietigde documenten of etiketten, alsmede de datum van het proces-verbaal en de naam van de ambtenaar die het heeft opgesteld.

HOOFDSTUK VII CONTROLE -- SANCTIES

Ambtenaren die bevoegd zijn om het vervoer over de weg te controleren.

151. Op grond van artikel 17 van het koninklijk besluit nr. 28 zijn de hierna genoemde personen gerechtigd de tot vervoer over de weg dienende motorvoertuigen tegen te houden en te onderzoeken of de vervoerde goederen aan de reglementering zijn onderworpen en of ze vergezeld zijn van de voorgeschreven documenten :

1° de ambtenaren en beambten van het Ministerie van Financiën;

2° het personeel van de Rijkswacht;

3° de inspecteurs van de vleeshandel;

4° de ambtenaren en beambten van het Hoog Comité van Toezicht bekleed met een mandaat van gerechtelijke politie;

5° de ambtenaren en beambten van de administratie van het vervoer bekleed met een mandaat van gerechtelijke politie.

Visum van de vervoerdocumenten.

152. Op de vervoerdocumenten die naar aanleiding van de controle op de weg werden voorgelegd plaatsen de controlerende ambtenaren de volgende ondertekende vermelding : « Gezien te (plaats), op 197, om uur. Duur ». Het visum vermeldt tevens de dienst waaraan de controlerende ambtenaren verbonden zijn.

Vaststelling van de overtredingen en mededeling ervan door de controlerende ambtena(a)r(en) op de weg.

153. De ambtenaren die het visum plaatsen op het (of de) gecontroleerde vervoerdocument(en), delen, bij vaststelling van eventuele overtreding, mondeling de aard ervan mede aan degene die hen de vervoerdocumenten heeft voorgelegd. Ze beperken er zich toe de vastgestelde fout te signaleren.

Mededeling van de begane overtredingen aan de belastingplichtigen.

154. De mededeling van de overtreding wordt zo spoedig mogelijk na de vaststelling, aan de betrokkene toegestuurd.

Beslag op de voorgelegde vervoerdocumenten.

155. Wanneer er ernstige twijfel bestaat over de echtheid van de voorgelegde vervoerdocumenten (bijvoorbeeld, wanneer de voorgelegde documenten de naam van een aangenomen drukker niet vermelden, wanneer de documenten een klaarblijkelijk vervalst waarmerk dragen of wanneer andere gegevens wijzen op een namaak van de vervoerdocumenten) of nog wanneer de vervoerdocumenten sporen dragen van achteraf aangebrachte en niet gemotiveerde wijzigingen die een herhaald gebruik van de vervoerdocumenten laten veronderstellen (wijzigingen van de datum, van het uur van vertrek, van de aard of de hoeveelheid van de goederen, van de plaats van bestemming, enz.), kunnen de vervoerdocumenten door de controlerende ambtenaren tegen afgifte van een ontvangstbewijs in beslag worden genomen (Wetboek, art. 61, § 5).

Sancties.

156. Iedere overtreding van de bepalingen van het koninklijk besluit nr. 28 wordt bestraft met een geldboete van 1.000 tot 10.000 frank per overtreding (Wetboek, art. 70, § 4).

Wanneer de overtredingen werden begaan met bedrieglijk opzet, kunnen strafrechtelijke sancties worden opgelegd, bij toepassing van artikel 73 van het Wetboek.

BIJLAGE I

Model Vergunning « Thuiswerkers »

Stempel van de dienst

Thuiswerkers

...................................
....................................
....................................

M

Naar aanleiding van uw brief van ......... referte ........., laat ik U weten dat ontheffing wordt verleend van de verplichtingen opgelegd door het koninklijk besluit nr. 28, van 23 december 1970, met betrekking tot de controle van het vervoer over de weg, voor het vervoer van nog niet afgewerkte produkten, tussen uw onderneming en de woonplaats van de hiernagenoemde thuiswerkers of tussen de woonplaatsen van deze laatsten :

.............................(Lijst per gemeente.)

.............................

.............................

.............................

Deze vergunning is afhankelijk gesteld van de volgende voorwaarden :

1° iedere bestuurder die vervoer verricht waarvoor de ontheffing wordt ingeroepen, moet in het bezit zijn van een fotokopie van deze vergunning en deze fotokopie spontaan voorleggen bij elke controle van het vervoer over de weg;

2° U moet het door de sociale wetgeving voorgeschreven speciaal register voor thuiswerkers houden waarin dezelfde vermeldingen moeten voorkomen als in het door de genoemde wetgeving opgelegde loonboekje;

3° U moet een adressenlijst van al uw thuiswerkers houden.

De administratie behoudt zich uitdrukkelijk het recht voor de vergunning in te trekken wanneer misbruik wordt vastgesteld of wanneer de controleopdracht van de ambtenaren, belast met de controle van het vervoer over de weg op om het even welke wijze wordt gehinderd. De vergunning wordt onmiddellijk ingetrokken wanneer wordt vastgesteld dat ze wordt ingeroepen voor andere vervoeren dan degene waarvoor ze wordt verleend, onder meer voor leveringen aan klanten.

Hoogachtend.

BIJLAGE II

Model van erkenning als messagerie

Messagerie

...............................
...............................
...............................
...............................

M

Naar aanleiding van uw brief van .............., referte, laat ik U weten dat uw onderneming voor de toepassing van het koninklijk besluit nr. 28, van 23 december 1970, met betrekking tot de controle van het vervoer over de weg wordt erkend :

-- als messagerie (*);

-- als transportonderneming met een activiteit gelijkaardig aan deze van een messagerie (*).

(*) Het onnodige schrappen.

Deze erkenning heeft voor gevolg dat de bijzondere vermelding, in principe, vereist bij onderbreking van vervoer, niet hoeft te worden aangebracht op het vervoerdocument dat de vervoerde goederen vergezelt voor zover deze onderbreking plaatsheeft in de loop van een termijn van tien (10) dagen, te rekenen vanaf de datum van het vervoerdocument.

Deze erkenning is afhankelijk gesteld van de voorwaarde dat iedere bestuurder die vervoer verricht waarvoor deze erkenning wordt ingeroepen, in het bezit is van een fotokopie van deze vergunning, die spontaan wordt overgelegd bij elke controle van het vervoer over de weg.

De administratie behoudt zich het recht voor de vergunning in te trekken. Dit zal gebeuren onder meer wanneer misbruik wordt vastgesteld of wanneer de ambtenaren, belast met de controle van het vervoer over de weg, op om het even welke wijze in hun controleopdracht worden gehinderd.

Hoogachtend.

De Hoofdcontroleur,

NOTEN
(1) De transporten bedoeld in artikel 23, § 4, van het ministerieel besluit van 11 september 1967, zijn de volgende :
1° vervoer voor de afhaling en bestelling aan huis verricht met het oog op of aansluitend op spoorwegvervoer;
2° vervoer over korte afstand (50 km en minder) verricht met voertuigen voorzien van een taximeter;
3° vervoer van bestelgoederen met uitzondering van de zendingen met een totaal gewicht van 5.000 kg of meer;
4° vervoer voor de ophaling en distributie van zaken of dieren.
(2) Deze borgtocht mag worden vervangen door de persoonlijke borgstelling van een bank die haar bedrijvigheid in België uitoefent.