08.08.2013 - Omzendbrief D.I. 580.11 - D.D. 325.851

DOUANEPROCEDURES

INSTRUCTIE BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE 1994

D.I. 580.11

D.D. 325.851

Brussel, 8 augustus 2013.

WIJZIGING MET BETREKKING TOT DE INSTRUCTIE BTW

  1. In het Belgisch Staatsblad van 24 juni 2013 is het konink- lijk besluit van 13 juni 2013 gepubliceerd dat onder andere artikel 5 van het koninklijk besluit nr. 7 van 29 december 1992 wijzigt. Het koninklijk besluit treedt in werking op 4 juli 2013.

Bon O.S.D. nr. A/I 345/13


2

  1. De genoemde wijzigingen versoepelen de toepassing van de regeling inzake de verlegging van de heffing van de wegens invoer verschuldigde BTW naar de BTW-aangifte (ET 14.000 vergunning).
  1. Enerzijds kan de vergunning voortaan worden bekomen zonder vooruitbetaling van de invoer-BTW . Tot 2012 bedroeg die vooruitbetaling 1/24 ste van de wegens invoer verschuldigde BTW op jaarbasis en moest jaarlijks herzien worden.
  1. Een tweede wijziging betreft het feit dat de verleggings- regeling wordt opengesteld voor de titularissen van een globaal BTW-nummer met beginkenmerk BE 0796.5. Dit nummer kan gebruikt worden door personen die vooraf door de algemene admi- nistratie van de fiscaliteit (AAFisc) werden erkend om niet in België gevestigde personen fiscaal te vertegenwoordigen voor de goederen :

- die deze laatstgenoemde personen in België invoeren en

- vervolgens in dezelfde staat verkopen (in België of naar een andere lidstaat).

Voorheen waren deze personen expliciet uitgesloten van de verleggingsregeling.

  1. De circulaire AAFisc nr. 25/2013 van 27 juni 2013 becom- mentarieert de genoemde wijzigingen uitvoerig. Deze circulaire kan worden geraadpleegd op Fisconetplus.
  1. De wijzigingen aan de verleggingsregeling hebben geen enkele impact op de taken die de AADA vervult ten aanzien van de werking en controle op de verleggingsregeling.
  1. In dit verband wordt de aandacht gevestigd op het nieuwe artikel 5, § 3, derde lid van het koninklijk besluit nr. 7. Daarin is bepaald dat de titularis van de vergunning verplicht is de verschul- digde BTW te verleggen naar zijn BTW-aangifte en niet aan de douane mag voldoen. Dit geldt ook t.a.v. regularisatie-aangiften.

3

De tekst van de §§ 150-153 van de instructie BTW dient als volgt te worden gelezen zodat ze in overeenstemming zijn met de nieuwe voorwaarden van de BTW-verleggingsregeling.

“Verlegging van de betaling van de BTW Inleiding

  1. De verlegging van de betaling is een wijze van vol- doening van de BTW waarbij een belastingschuldige in de zin van

§ 18, die verplicht is tot het indienen van een periodieke BTW- aangifte (met uitzondering dus van de vrijgesteld belastingplichtigen en van de landbouwondernemers, die aan de forfaitaire regeling zijn onderworpen) en die bepaalde voorwaarden vervult, de verschul- digde BTW niet hoeft te betalen op het ogenblik van de aangifte ten verbruik maar ze mag vermelden in zijn periodieke aangifte.

In afwijking van de §§ 103 t/m 141 moet de betaling van de verschuldigde belasting bij invoer worden verlegd naar de periodieke BTW-aangifte binnen de perken en onder de voorwaarden die zijn bedoeld in de §§ 151 t/m 154. Die bijzondere wijze van betalen strekt ertoe de formaliteiten bij de invoer van goederen te vereen- voudigen, doordat de belastingplichtigen die de verlegging kunnen toepassen de belasting niet meer hoeven te voldoen op het ogenblik van de aangifte ten verbruik.

Personen die de verlegging van de betaling kunnen aan- vragen

  1. De verlegging van de betaling kan slechts worden aangevraagd door belastingplichtigen die de in § 153 bedoelde ver- gunning hebben bekomen en die de periodieke BTW-aangiften in- dienen.

Dit is het geval voor :


4

a) in België gevestigde belastingplichtigen;

b) in het buitenland gevestigde belastingplichtigen die in België over een individueel BTW-identificatienummer beschikken omdat ze hier een vaste inrichting hebben, een individueel aan- sprakelijk vertegenwoordiger hebben erkend of een rechtstreekse immatriculatie hebben aangevraagd;

c) vooraf erkende aansprakelijke vertegenwoordigers die be- schikken over een globaal BTW-identificatienummer met beginken- merk BE 0796.5 voor het vertegenwoordigen van belastingplichtigen die niet in België zijn gevestigd.

Beoogde invoer

  1. De verlegging van de betaling is van toepassing op de invoer van goederen die plaatsvindt in gevallen waarbij de betaling opeisbaar is bij het indienen van de aangifte ten verbruik.

Voorwaarden waaraan de verlegging van de betaling is onderworpen

  1. De verlegging van de betaling is onderworpen aan een vergunning uitgereikt door de Algemene administratie van de fisca- liteit – Administratie Kleine en Middelgrote Ondernemingen.

De belastingplichtige die in het bezit is van een vergunning, moet de wegens invoer verschuldigde BTW verleggen. Tijdens de geldigheidsduur van de vergunning heeft de belastingplichtige dus niet de keuze om de belasting aan de douane te voldoen. Dit principe geldt ook in geval van regularisaties.”.

De Instructie BTW zal met het volgende supplement worden aangepast.

Voor de Administrateur-generaal Douane en Accijnzen.

De Directeur,

S. KERKHOF