Circulaire nr. Ci.RH.241/467.677 (AOIF 25/2002) d.d. 13.05.2004

VRIJGESTELD INKOMEN
Doctoraatsbeurs
Vrijstellingsvoorwaarde


Vrijstelling van sommige doctoraatsbeurzen. - Vrijstellingsvoorwaarden.

ADDENDUM bij de circulaire Ci.RH.241/467.677 (AOIF Nr. 25/2002) van 08.10.2002

Aan alle ambtenaren van de niveaus 1, B en C

Punt 5 van de circulaire nr. Ci.RH.241/467.677 (AOIF Nr. 25/2002) van 8.10.2002 wordt vervangen door de volgende bepaling.

"5. De vrijstelling van belasting van bedoelde beurs wordt slechts voor maximum 48 volledige maanden aan de verkrijger verleend.

De maanden moeten niet noodzakelijk met kalendermaanden overeenstemmen. Eén maand wordt desgevallend gelijkgesteld met 30 dagen. Het is voor de toepassing van de vrijstelling zonder belang dat de maanden elkaar al dan niet zonder onderbreking opvolgen.

Er is geen beperking van de tijdspanne waarbinnen de vrijstelling mag worden verleend.

VOORBEELD
Een doctoraatsbeurs wordt aan een student toegekend voor de academiejaren 2001/2002 en 2002/2003. Hij verricht in het academiejaar 2001/2002 gedurende 12 maanden onderzoekswerkzaamheden en onderbreekt die werkzaamheden op het einde van de tweede maand van het academiejaar 2002/2003. Voor de academiejaren 2004/2005 en 2005/2006 wordt hem opnieuw een beurs toegekend. Gedurende die twee tijdperken van 12 maanden verricht hij onderzoekswerkzaamheden. Er wordt hem gedurende 8 maanden een bijkomende beurs toegekend voor het academiejaar 2006/2007.

De beurzen zijn toegekend voor 46 (12 + 2 + 12 + 12 + 8) maanden en kunnen bijgevolg worden vrijgesteld."

De nieuwe richtlijn is onmiddellijk van toepassing en dit in elk stadium van de procedure.

Voor de Administrateur-generaal
van de Belastingen en de Invordering :
De Directeur,

P. LEROY.